Skip to main content

STORIA HD GO! 1 - Inhoudsopgave

Page 1

INHOUD Les 1 Inleiding

4

D Het oude nabije oosten (ca. 3500-800 v.C.)

83

A Vaardig in geschiedenis

8

Les 13 Het ontstaan van de stroomculturen Les 14* Egypte: het land van de Nijl Ontdekplaat –Egypte en de Nijl Les 15 Farao en co. Les 16 Egypte onder de farao’s Ontdekplaat –Bloei en verval van Egypte Les 17 De Egyptische godsdienst Ontdekplaat –Egyptische goden Les 18 Leven na de dood Les 19* De Egyptische kunst

84 90

Les 2 De tijdrekening 9 Les 3 Domeinen in de geschiedenis 15 Les 4 Plaatsen en ruimten 18 Ontdekplaat –Vaardig in geschiedenis Overzicht A 22 B Prehistorie

23

Les 5 De evolutie van de mens 24 Ontdekplaat –De evolutie van de mens Les 6 Jagers en voedselverzamelaars in de oude steentijd 34 Les 7* De nieuwe steentijd of het ‘neolithicum’ 43 Les 8 De werktuigen van de 51 prehistorische mens Ontdekplaat –De werktuigen van de prehistorische mens Les 9 De bronnen van de geschiedenis 58 Les 10 Redeneren over bronnen 62 Les 11* Onderzoek 66 Overzicht B 73 C De prehistorie in Noordwest-Europa

74

Les 12 Raadsels in steen 75 Ontdekplaat –Raadsels in steen Herhalingsoefeningen 82

99 103 107 117 124

Ontdekplaat –Kunst in dienst van de farao en de goden Les 20 Egypte: wetenschap en techniek 132 Les 21* Het dagelijkse leven in het 137 Oude Egypte Les 22 Mesopotamië en Egypte: een vergelijkend onderzoek 140 Les 23 De evolutie van het schrift 146 Overzicht D 152 E Je weg vinden in het verleden

153

Les 24 Herhalingsoefeningen 154 Les 25* Onderzoek 157 Ontdekplaat –De graftombe van Toetanchamon Les 26 Herhalingsles 162 Woordenlijst 164 Mijn persoonlijk woordenboek 168 * Deze les kan georganiseerd worden als BZW-les (Begeleid Zelfstandig Werken)

INHOUD

3


1

INLEIDING

1

Op verkenning in STORIA HD GO! Je vindt de inhoudsopgave van dit leerwerkboek op blz. 3. Kijk eens hoeveel lessen er zijn gepland. In hoeveel groepen of onderdelen kun je ze onderverdelen? Elk onderdeel heeft een titel. Als je die leest, weet je welke onderwerpen je dit schooljaar bestudeert.

Het leerwerkboek De lessen hebben steeds dezelfde structuur, maar de leerstof wordt op verschillende manieren aangebracht. Tijdens sommige lessen zal je leraar veel vertellen; andere lessen worden grotendeels of volledig opgebouwd aan de hand van verschillende soorten opdrachten. Die opdrachten kun je klassikaal, in groepjes of individueel oplossen. De onderstaande illustraties maken de structuur van elke les duidelijk.

2 Duidelijke lestitels

4 Het kaartje vertelt over welk gebied de les gaat. In het vakje onder de kaart kun je verwijzen naar kaarten uit je historische atlas.

3 Een krachtige inleiding met de onderzoeksvragen van de les

OPDRACHT 2

Raadsels in steen

Megalithische monumenten in België In ons land kun je vandaag op een tiental plaatsen megalieten terugvinden. Ze bevinden zich bijna allemaal in Wallonië. Bron 1

Bron 2

In de omgeving van het Waalse dorpje Wéris staan megalieten. Het hunebed dat je hier

In Hollain bij Doornik staat de beroemdste Belgische menhir: de ‘Pierre Brunehaut’. Hij

ziet, is een van de best bewaarde in ons land. Het is 11 m lang, 5 m breed en 2 m hoog. Het wordt gedateerd tussen 3500 v.C. en 2500 v.C.

is 5,9 m hoog (waarvan 1,9 m in de grond), 3,3 m breed, 0,5 m dik en is waarschijnlijk ca. 2500 v.C. opgericht. Men gelooft in de streek

Op het einde van de 19e eeuw heeft men het hunebed opgegraven en gerestaureerd. Er

dat het einde van de wereld aanbreekt als de steen omvalt.

Omstreeks het begin van het 5e millennium v.C. beginnen mensen in West-Europa met grote stenen monumenten te bouwen. Vandaag worden die monumenten ‘megalieten’ genoemd. Dat woord komt uit het Grieks en betekent letterlijk: ‘grote stenen’.

1 Lesnummer

Wie heeft die megalieten gebouwd? Welke ‘soorten’ megalieten onderscheiden we? Welk doel hadden die monumenten? Hoe werden ze gebouwd? Wat is het meest bekende megalithische monument?

5 Deze icoontjes geven aan welke domeinen in de les aan bod komen. ±6 00 0

v.C

.

±2 50 020 00 v.C .

Kaartnr(s).

werden beenderresten, potscherven en stenen pijlpunten gevonden.

NEOLITHICUM IN EUROPA

- Welke soort bron zijn de megalieten? Omcirkel.

6 De tijdlijn situeert de les in de tijd.

Historische bron / historisch werk

1

Primaire bron / secundaire bron

Neolithische samenlevingen in Europa bouwen grote monumenten

Geschreven bron / ongeschreven bron

Tussen ongeveer 4800 v.C. en ca. 1500 v.C. worden in West-Europa veel megalithische constructies gebouwd. Ook in (delen van) Afrika, Azië en Oceanië vinden we gelijkaardige constructies terug. Over wie die megalieten in Europa heeft gebouwd, bestaat veel onduidelijkheid. Er zijn namelijk

- Beschrijf een van deze twee megalieten. Uiterlijk:

geen geschreven bronnen van die megalietenbouwers. Meer dan waarschijnlijk gaat het niet om één aparte beschaving, maar om verschillende afzonderlijke samenlevingen. Er bestaan

Ouderdom:

verschillende soorten van megalieten. De bekendste ‘types’ zijn de menhirs en de hunebedden. Een menhir is een grote, rechtopstaande steen. Menhirs werden dikwijls in rijen of cirkels bij

Weetje:

elkaar gezet. Op die manier dienden ze misschien als tempel voor godsdienstige plechtigheden of als observatorium om aan de hand van de beweging van de hemellichamen een kalender op te stellen. Een hunebed of dolmen lijkt op een reusachtige stenen tafel. Archeologen denken

- In de loop der tijd zijn er heel wat megalieten verloren gegaan. Bedenk hiervoor enkele oorzaken.

dat dolmens als grafkamer gediend hebben. Die kamer werd dan met aarde of losse stenen bedekt. In sommige dolmens heeft men nog menselijke beenderen teruggevonden. De bekendste megalithische monumenten bevinden zich in Bretagne (Frankrijk) en Zuid-Engeland. OPDRACHT 1

Duid in de tekst aan waarom onze kennis over de megalietenbouwers beperkt is. - Uit welk millennium v.C. dateert de ‘Pierre Brunehaut’?

C

7 Ondertitels leiden de verschillende delen van de les in.

4

INLEIDING

LES

DE PREHISTORIE IN NOORDWEST-EUROPA

75

76

LES 12

RAADSELS IN STEEN

8 Moeilijke woorden krijgen een ander kleurtje. Ze worden verklaard vanaf blz. 164. Als er nog woorden zijn die je niet begrijpt, schrijf je ze op in je ‘persoonlijk woordenboek’ op blz. 168 in dit leerwerkboek. De verklaring zoek je op in een woordenboek. Je kunt ook uitleg vragen aan je leraar.


9 In de rubriek ‘OnWAARschijnlijk’ vind je extra informatie over de les: boeiende verhalen die je normaal niet in schoolboeken terugvindt.

10 Een schema van de lesinhoud op het einde van de les helpt je de les te studeren.

LES 5

ONWAARSCHIJNLIJK!

SCHEMA

Al sinds de middeleeuwen doen de meest fantastische verhalen de ronde over de megalithische monumenten.

De evolutie van de mens

Dat komt vooral omdat men er weinig over wist en eigenlijk nog steeds weinig over weet. Een voorbeeld. In het dorpje Mousny in de Ardennen bevinden zich een hoop grote keien die min of meer een cirkel vormen. Een legende beweert dat de keien eigenlijk een herder en zijn schapen zijn. Zij werden door Jezus Christus in stenen veranderd omdat de herder Christus weigerde te helpen! Andere verhalen brengen megalieten in verband met de duivel, bovennatuurlijke krachten en zelfs buitenaardse wezens. Nog altijd zijn er mensen die dergelijke zaken geloven.

1 De mens is vrij jong in vergelijking met de leeftijd van de aarde Miljoen jaar geleden 4 540 63

Ontstaan van de aarde Uitsterven van de reuzenreptielen

7à6

De eerste mensachtigen

2,5

De eerste homo-soorten

2 Wetenschappers zoeken naar sporen van de oudste mensen en mensachtigen De evolutieleer (Charles Darwin): alle levende wezens op aarde evolueren. We beschikken over twee informatiebronnen over de eerste mensen:

Bron: www.megalitica.be

• •

overblijfselen van mensen (bv. beenderen), sporen van menselijke handelingen (bv. werktuigen).

3 De stamboom van de mens is eerder een warrige struik Een mens onderscheidt zich door drie kenmerken: • voldoende hersenen, • rechtop lopen,

Wat je na deze les moet kennen en kunnen:

•

KENNEN 1 het begrip ‘millennium’ uitleggen 2 de begrippen ‘megaliet’, ‘hunebed’, ‘menhir’ en ‘observatorium’ uitleggen 3 de samenlevingen van de megalietenbouwers in de tijd situeren 4 twee theorieën over de betekenis en de bouw van megalithische monumenten geven 5 de mysterieuze reputatie van Stonehenge verklaren

80

LES 12

werktuigen vervaardigen.

KUNNEN Verschillende mensensoorten kwamen tegelijkertijd voor, heel wat soorten stierven uit.

1 informatie uit teksten, kaarten en afbeeldingen halen 2 megalieten observeren en beschrijven

De ontwikkelingsfasen van de mens: •

Mensachtigen

Australopithecus (= zuidelijke mensachtige)

•

Mensen

Homo habilis (= handige mens) Homo erectus (= rechtopstaande mens) Homo neanderthaler Homo sapiens (= wetende mens)

Een aantal onderdeeltjes van ‘kennen’ en ‘kunnen’ kun je op diddit verder inoefenen. Als je denkt dat je een onderdeeltje kent of kunt, zet je daar een kruisje voor.

B

RAADSELS IN STEEN

11 Nadat je de les hebt geleerd, moet je deze zaken KENNEN en KUNNEN. Het icoontje verwijst naar de oefeningen op diddit. De begrippen die je moet kennen, staan altijd bovenaan.

Rama en Austra

DIRK BRACKE

Over de evolutie en levenswijze van mensachtigen in Oost-Afrika

5

10

13 Op drie plaatsen in het leerwerkboek vind je een origineel en spannend verhaal van jeugdauteur Dirk Bracke. Daarmee zul je de geschiedenis op een net iets andere manier (her)beleven. Je kunt de verhalen ook beluisteren bij het onlinelesmateriaal.

33

VERHAAL

1

12 Na elk onderdeel vind je een handig overzicht van de geziene leerstof.

PREHISTORIE

15

20

25

30

35

40

Die ochtend ontdekte Rama iets vreemds. Het oerwoud leek op te houden; hij had de rand van zijn wereld bereikt. Het oerwoud ging langzaam over in een vlakte met hoog gras en struiken. Eigenlijk had hij schrik om verder te gaan en hij merkte dat Bosei ook onrustig was. Enkele dagen geleden had hij het wijfje uit een vreemde groep kunnen meelokken, maar hij was bang dat een mannetje hen zou volgen om haar terug naar de groep te slepen. ‘Laat ons teruggaan.’ Bosei jankte en liep soms een eindje terug. Met een primitieve taal konden ze elkaar iets vertellen. ‘We gaan verder.’ Ze protesteerde snauwend, maar toch volgde ze hem. Na een tijdje zag Rama een waterpoel. Hoe lang was het al niet geleden dat hij nog eens de scheuten en de malse, jonge stengels van waterplanten had geproefd. Hij liep naar het water en keek met enige trots naar zijn spiegelbeeld. Aan de overkant van de poel lesten enkele gazellen hun dorst. Rama kende die dieren niet. Ze leefden vast niet in het oerwoud. Maar omdat er zoveel water tussen hen lag, voelde hij zich niet bang. Ook Bosei staarde als versteend naar de vreemde wezens. De gazellen keken op. Ze vluchtten een eindje weg en wachtten argwanend af. Enkel een kalfje waagde zich wat dichter naar het water. Rama voelde dat er gevaar dreigde. Hij speurde scherp rond. De poel lag vol takken, bladeren en halfrotte boomstammen. Een kleine rimpeling dreef langzaam over het water. Meteen wist Rama wat er ging gebeuren. Ook in het oerwoud kenden ze krokodillen. Hij brak een lange, dunne tak af en zwaaide hem gillend boven zijn hoofd. Terwijl hij op en neer sprong, meende hij dat die tak hem groter maakte. De krokodil zou misschien schrik krijgen. De valse boomstam dobberde schijnbaar toevallig

45

50

55

60

65

70

75

80

in de richting van het jong. Plotseling schoot de monsterachtig lange muil uit het water. Twee rijen vlijmscherpe tanden klapten in de nek van het jong. Een scherpe kreet klonk over het water. De andere gazellen vluchtten weg. Rama zag hoe het water opspatte. Nog even merkte hij de spartelende poten van de prooi boven het water. Enkele ogenblikken later was de poel weer kalm. De kringen op de oppervlakte verkleinden. Het werd weer stil. De krokodil zou haar prooi onder water verdrinken, ze naar een rustige plaats slepen en daarna opeten. Rama besloot de grasvlakte te verkennen op zoek naar voedsel. Bosei was in de boom achtergebleven. Austra hing aan haar borst en dan kon ze niet snel genoeg vluchten als er gevaar dreigde. Tenslotte waren ze niet sterk, niet eens snel. Rama moest het voedsel maar halen. Nog voor hij het oerwoud helemaal had verlaten, ontdekte hij een bessenstruik. Hij kon het niet laten om enkele bessen op te eten. Een trosje bessen hing hoog in de struik en Rama richtte zich op zijn achterpoten om ze te plukken. Hij bleef rechtop lopen om zich een weg te banen door de hoge grassen van de savanne. Een brede strook met lang gras scheidde hem nu van het oerwoud. Hij voelde zich erg onveilig. Maar hij vergat zijn angst onmiddellijk toen hij tussen het gras vijf struisvogeleieren ontdekte. Meteen liet hij de bessen vallen, nam twee eieren op en liep snel terug. Ook tussen de bomen in het oerwoud bleef hij nu rechtop lopen. Bosei zag hem aankomen. Hij kon de blijdschap van haar gezicht aflezen. ‘Kijk, ik heb een ei meegebracht’, toonde Rama aan Austra. ‘Ei’, zei Bosei nadrukkelijk tegen de baby. Rama reikte haar de eieren aan en liet zich vliegensvlug weer uit de boom zakken. Op vier poten holde hij weg. In het grasland RAMA EN AUSTRA — DIRK BRACKE

41

INLEIDING

5


het onlineleerplatform bij STORIA HD GO!

Leerstof kun je inoefenen op jouw niveau.

Je kunt vrij oefenen en de leerkracht kan ook voor jou oefeningen klaarzetten. Je kunt kiezen uit: - oefeningen per les - oefeningen op ‘tijd, ruimte, domein’ - oefeningen op ‘werken met bronnen (HD)’ - oefeningen op ‘kennis’ - oefeningen op ‘begrippen’

Hier vind je de opdrachten terug die de leerkracht voor jou heeft klaargezet.

Hier kan de leerkracht toetsen en taken voor jou klaarzetten.

Benieuwd hoe ver je al staat met oefenen en opdrachten? Hier vind je een helder overzicht van je resultaten.

Hier vind je het lesmateriaal per les of per leerstofonderdeel (o.a. de videobestanden en audiobestanden). Je merkt ook dat je kunt kiezen tussen verschillende oefeningen. Daarnaast zijn er de ontdekplaten waarmee je zelf aan de slag kunt. Je vindt er allerlei soorten bronnen, filmmateriaal enz. rond een bepaald thema. Ga op ontdekkingstocht en voer de opdrachten uit. Veel plezier!

STORIA Ontdekplaat

Naam:

Egypte en de Nijl

Klas:

Nr.

Datum:

1 Welke historische vraag wordt er in deze ontdekplaat beantwoord? Onderlijn.

/1

-

Welk verband is er tussen de Nijl en het ontstaan van de Egyptische samenleving?

-

Hoe regelen de Egyptenaren vandaag de overstroming van de Nijl?

2 Bekijk het filmpje en beantwoord de vragen.

/3

Het leven van de Egyptenaren is ingedeeld in 3 seizoenen. Welke? 1= 2= 3= In welk seizoen worden er dijken aangelegd om het water vast te houden? In welk seizoen werken de Egyptenaren aan grote bouwwerken? In welk seizoen wordt er geploegd, gezaaid en gewerkt aan de irrigatie? 3 Juist of onjuist? Omcirkel en verbeter de fouten.

6

HET ONLINELEERPLATFORM BIJ STORIA HD GO!

/4

Nijlkrokodillen worden in het Oude Egypte ook als huisdier gehouden.

Juist

Onjuist

De Egyptische moedergodin Tawaret wordt afgebeeld als een krokodil.

Juist

Onjuist

De terugkeer van de ibissen valt samen met de oogsttijd.

Juist

Onjuist

Papyrusriet is een zeldzame plant langs de Nijl.

Juist

Onjuist


2

Geschiedenis studeren: in de klas en thuis Welkom in de geschiedenislessen van het eerste jaar van het secundair onderwijs. Geschiedenis is heus niet zo moeilijk als sommigen beweren. Het komt eropaan de lessen op de juiste manier aan te pakken. Luister daarom naar de raadgevingen van je leraar. Goed opletten tijdens de lessen brengt je al een hele stap vooruit. Je leraar zal je ook uitleggen hoe je de leerstof thuis kunt herhalen en instuderen. In de loop van het schooljaar zul je merken dat geschiedenis veel meer is dan feiten en datums uit het hoofd leren.

In de klas Als je aandachtig luistert en actief meewerkt in de klas, zul je thuis gemakkelijker de leerstof kunnen instuderen. In de klas doe je het volgende: - prent de titel van de les onmiddellijk in je hoofd; - let op de ondertitels; ze vatten de hoofdlijnen van de les samen; - het is belangrijk dat je alles begrijpt; woorden of onderdelen die je niet begrijpt, kun je immers moeilijk onthouden; - probeer te antwoorden op vragen die je leraar stelt; - bestudeer de bronnen en de opdrachten aandachtig; - zorg ervoor dat je notities ordelijk, volledig en foutloos zijn.

Thuis Voorbereiden Neem wat je nodig hebt om je les in te studeren: je agenda, je leerwerkboek, notities, een te verbeteren test enz. Studeer op een rustige en ordelijke plaats, zodat je geconcentreerd kunt werken. Verkennen Bestudeer eerst de opbouw van de les. Lees de inleiding en bekijk het kaartje, de domeinen en de tijdlijn. Daarna noteer je de titels en de ondertitels. Zo ken je de hoofdlijnen al. Lezen en begrijpen Neem de hele les grondig door en controleer of je alles echt begrijpt. De teksten en de bronnen brengen het verhaal van de les. Om het verhaal te begrijpen, moet je ook alle woorden die aan bod komen begrijpen. Bij het vak geschiedenis horen heel wat specifieke begrippen. We onderscheiden historische begrippen en structuurbegrippen. Deze laatste gaan over het vak geschiedenis. Je vindt ze in een kleurtje in de woordenlijst.

Lesteksten kun je samenvatten met een schema of een mindmap. Dat zijn goede geheugensteunen. Bekijk vervolgens het schema. Dat bevat de hoofdzaken en de kernwoorden. Probeer nu aan de hand van het schema de inhoud van de les op te zeggen. Als je op deze manier de les verkent, wordt er heel wat informatie in je geheugen opgeslagen. Je zult dus heel wat tijd besparen bij het instuderen. Oefenen Tijdens de geschiedenislessen leer je ook historische vaardigheden. Je leert hoe je historische informatie ontdekt, onderzoekt en structureert. Je zult zo bijvoorbeeld leren om informatie te halen uit bronnen, tijdlijnen en kaarten. Vaardigheden verwerf je door te oefenen. Maak de opdrachten opnieuw en kijk na of je antwoorden juist zijn. De vaardigheden zijn minstens even belangrijk als de inhoud van de les. Studeren De avond voor een test of examen moet je de les instuderen. Studeer de definities van de begrippen die je moet kennen. Leer het schema uit het hoofd en overloop nog eens alle opdrachten. Controleren Controleer of je het schema zelf opnieuw kunt samenstellen. Vergelijk met het schema in je leerwerkboek. Ga na of je elk woord en elk verband tussen de woorden in het schema kunt uitleggen. Raadpleeg de lijst KENNEN en KUNNEN. KENNEN geeft weer wat je van de leerstof moet onthouden en uitleggen. KUNNEN somt op welke vaardigheden in de les aan bod zijn gekomen. De lijst KENNEN en KUNNEN is een prima controlemiddel om na te gaan of je de leerstof beheerst. De puntjes die je onder de knie hebt, vink je aan in het voorziene vakje. Zo heb je altijd een goed overzicht. Op diddit vind je interactieve opdrachten om KENNEN en KUNNEN verder in te oefenen.

ďťż

INLEIDINGďťż

7


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
STORIA HD GO! 1 - Inhoudsopgave by VAN IN - Issuu