n e m a S e l a s r e v s n a n tr e m r e t d n ei n e k k a p n a a
1
Transversale eindtermen? De hervorming van het secundair onderwijs is een ambitieus project dat vanaf september 2019 werkelijkheid moet worden in de Vlaamse scholen. Bijzondere aandacht gaat daarbij naar het creëren van een stimulerende leeromgeving, de ontwikkeling van leerprocessen op maat van de leerling en het doorbreken van grenzen tussen vakken. Dat laatste komt onder meer tot uiting in de zogenaamde transversale eindtermen. Waar voorheen sprake was van vakgebonden en vakoverschrijdende eindtermen, formuleert de overheid nu eindtermen in functie van 16 sleutelcompetenties. Die sleutelcompetenties kunnen inhoudelijk of transversaal zijn. Leercompetenties – en daartoe rekenen we onder meer onderzoekscompetenties, innovatiedenken en probleemoplossend denken – zijn voorbeelden van transversale competenties. Competenties in het Nederlands of andere talen of competenties inzake wiskunde, exacte wetenschappen en technologie zijn dan weer vakgebonden. De onderwijsnetten moeten die transversale eindtermen een plaats geven in hun leerplannen. In het katholiek onderwijs vind je ze terug in de vakleerplannen, het funderend leerplan en het ICT-leerplan. In het gemeenschapsonderwijs duiken ze op in de didactische cahiers en fiches.
2
Hoe helpt VAN IN je om de transversale eindtermen te bereiken? VAN IN wil samen met jou de brug slaan naar het onderwijs van morgen. Op basis van gesprekken met leerkrachten en directies zochten we daarom naar een manier om de transversale eindtermen haalbaar te maken. Die eindtermen zijn immers niet vrijblijvend, ze moeten daadwerkelijk gerealiseerd en geëvalueerd worden. De transversale eindtermen in het funderend leerplan van het katholiek onderwijs kun je indelen in verschillende categorieën. Voor elk van die categorieën reiken we lesmateriaal aan. Ook leerkrachten uit het gemeenschapsonderwijs kunnen perfect gebruikmaken van deze leermiddelen, aangezien we telkens de relevante eindterm vermelden.
Type eindterm
Beschikbaar materiaal bij VAN IN
Transversale eindterm die gekoppeld is aan een vak
Specifieke opdrachten in onze reeksen voor de eerste graad behandelen deze eindtermen. In de handleiding wordt telkens vermeld om welke eindtermen en leerplandoelen het gaat.
Transversale eindtermen die gesuggereerd worden bij een vak
Ook hier voorzien we specifieke opdrachten in onze reeksen voor de eerste graad. In de handleiding wordt telkens vermeld om welke eindtermen en leerplandoelen het gaat.
Transversale eindtermen die niet gekoppeld zijn aan een vak
Op ons online leerplatform diddit bieden we 13 transversale oplossingen aan die je helpen om deze eindtermen op een gestructureerde, eenvoudige en concrete manier te verwezenlijken. In deze paper vind je een voorbeeld van zo’n transversale oplossing.
2
3
Hoe ziet een transversale oplossing op diddit eruit? Op ons onlineleerplatform diddit vind je 13 transversale oplossingen. Die bestaan uit verschillende elementen en zijn beschikbaar bij onze reeksen voor de eerste graad. Met deze oplossingen kun je als leerkracht, vakgroep of leerkrachtenteam in de eerste graad de eindtermen aanpakken die niet gekoppeld zijn aan een vak. De basis van elke transversale oplossing is een fiche. Het voorbeeld in deze paper behandelt de fiche rond school- en vaktaal.
Funderend leerplandoel Concordanti e eindterm
Op de eerste pagina van de fiche vind je een soort identiteitskaart die belangrijke informatie bevat: - - - - - -
Omschrijving
de eindterm(en) die de fiche behandelt; het funderend leerplandoel (Kath. Ond. Vla.); een korte verklaring van de relevante begrippen; het beheersingsniveau van Bloom dat de fiche helpt bereiken; waarom de eindterm belangrijk is; de methode die de transversale oplossing aanreikt.
Niveau van Bloom Waarom?
Methode
FICHE 1: Scho 35 De leerlinge
n gebruiken scho
ol- en vaktaa
l
ol- en vaktaal
in functie van het leerproces. 1.18 De leerlinge n gebruiken scho oltaal en dom leerproces (tran einspecifieke sversaal). taal in functie van het Met inbegrip van deze kennis: - feitenkennis (domeinspecifi eke terminolo - conceptuele gie, symbolen kennis (register: en voorstellinge school- en dom - procedurele n) einspecifieke kennis (register: taal) school- en dom einspecifieke taal) Schooltaal is de taal die je nod ig hebt om de Schooltaal geb leerkracht of een ruiken we op school vakovers les te kunnen we een alfabetisc begrijpen. chrijdend. Als he lijst van mog bijlage bij deze elijke begrippen. voor je persoon fiche geven Die lijst is opg lijke en schoolse emaakt in Exce situatie woorden l. Je kunt toevoegen of weglaten. Vaktaal is de taal die binnen een bepaald vak abstracte beg of beroep word rippen, functiew t gebruikt. Het oorden en instr we ook instructie betreft uctiewoorden taal. Voor de vakt . Die laatste soor aal verwijzen we de verschillende t noemen uitdrukkelijk naar vakken. de leerplannen van onthouden
begrijpen
toepassen
analyseren
evalueren
creë
ren Leerlingen pres teren beter op school als ze beheersen. We de specifieke tillen de leerlinge school- en vakt n zo naar een leerproces zoal aal goed hoger niveau. s in het leerpland De leerlingen oel beschreven groeien in hun staat. Van dagelijks algemeen taalg ebruik gaan de taalgebruik hant leerlingen mee eren. Dat past r cognitief abst in het taalgerich om de leerlinge ract t vakonderwijs n ook duidelijk (TVO). Het is aan over dit leerpland laten inzien van te raden oel te informer school- en vakt en en hen het aal. Hoe bete hebben, hoe gem belang te r ze de schoolakkelijker het en vaktaal ond leren verloopt. er de knie - overzicht scho oltaalwoorden in Excel (zie Exce - poster (zie pdf-bestand op lbestand op didd diddit) it) - rubric voor de leerkracht (zie bijlage bij - rubric voor deze fiche) de leerling (zie Wordbestand op diddit)
Elk van onze transversale oplossingen is opgebouwd volgens de PDCA-cyclus. Plan De initiatiefase: wat is je doelgroep, wanneer moet je deze transversale eindterm aanpakken en hoe ga je dat doen? We bieden telkens de keuze uit verschillende opties, zodat je de oplossing kunt aanpassen aan je vak, klasgroep of de werking van je school. Fiche01_funde
1
rend_leerplan_
SK_v3.indd 1
4/03/19 10:01
Do De uitvoeringsfase: we zorgen voor ondersteunend lesmateriaal, zoals posters, strategiekaarten en woordenlijsten. Dat kun je inzetten om de transversale eindterm op een eenvoudige manier te realiseren. Check De controlefase: hebben je leerlingen het doel bereikt? Aan de hand van rubrics die we op diddit aanbieden kun je hun vooruitgang bijhouden. Op deze manier kun je ook bewijzen dat je de transversale eindtermen hebt behandeld in je lessen. Wil je nog beter het overzicht behouden? Maak dan een gratis account aan op forallrubrics.com. Act De borg- en bijsturingsfase: welke elementen van de oplossing behoud je en welke stuur je bij? 4
Vragen? Wil je meer weten over onze reeksen? De vertegenwoordiger van je regio staat steeds voor je klaar: www.vanin.be/nl/secundair-onderwijs/contact
3
FICHE 1: School- en vaktaal Funderend leerplandoel
35 De leerlingen gebruiken school- en vaktaal in functie van het leerproces.
Concordantie eindterm
1.18 De leerlingen gebruiken schooltaal en domeinspecifieke taal in functie van het leerproces (transversaal). Met inbegrip van deze kennis: - feitenkennis (domeinspecifieke terminologie, symbolen en voorstellingen) - conceptuele kennis (register: school- en domeinspecifieke taal) - procedurele kennis (register: school- en domeinspecifieke taal)
Omschrijving
Schooltaal is de taal die je nodig hebt om de leerkracht of een les te kunnen begrijpen. Schooltaal gebruiken we op school vakoverschrijdend. Als bijlage bij deze fiche geven we een alfabetische lijst van mogelijke begrippen. Die lijst is opgemaakt in Excel. Je kunt voor je persoonlijke en schoolse situatie woorden toevoegen of weglaten. Vaktaal is de taal die binnen een bepaald vak of beroep wordt gebruikt. Het betreft abstracte begrippen, functiewoorden en instructiewoorden. Die laatste soort noemen we ook instructietaal. Voor de vaktaal verwijzen we uitdrukkelijk naar de leerplannen van de verschillende vakken.
Niveau van Bloom Waarom?
onthouden
begrijpen
toepassen
analyseren
evalueren
creĂŤren
Leerlingen presteren beter op school als ze de specifieke school- en vaktaal goed beheersen. We tillen de leerlingen zo naar een hoger niveau. De leerlingen groeien in hun leerproces zoals in het leerplandoel beschreven staat. Van dagelijks algemeen taalgebruik gaan de leerlingen meer cognitief abstract taalgebruik hanteren. Dat past in het taalgericht vakonderwijs (TVO). Het is aan te raden om de leerlingen ook duidelijk over dit leerplandoel te informeren en hen het belang te laten inzien van school- en vaktaal. Hoe beter ze de school- en vaktaal onder de knie hebben, hoe gemakkelijker het leren verloopt.
Methode
- overzicht schooltaalwoorden in Excel (zie Excelbestand op diddit) - poster (zie pdf-bestand op diddit) - rubric voor de leerkracht (zie bijlage bij deze fiche) - rubric voor de leerling (zie Wordbestand op diddit)
5
1
PLAN: Initiatiefase
Wie? (doelgroep) Leerlingen eerste graad A- en B-stroom. Aandachtspunt: leerlingen komen uit verschillende onderwijsnetten: Katholiek Onderwijs Vlaanderen (KOV), het Gemeenschapsonderwijs (GO!), de Onderwijsvereniging van Steden en Gemeenten (OVSG), het Provinciaal Onderwijs Vlaanderen (POV) of het Overleg Kleine Onderwijsverstrekkers (OKO, met bv. de methodescholen zoals Steiner). De leerplannen in de lagere scholen kunnen verschillen. Daarmee hou je als leerkracht van het secundair onderwijs het best rekening.
Wanneer? - Als goede leerkracht ben je er continu mee bezig. - Voor de leerlingen is het zinvol dat je er af en toe expliciet bij stilstaat: p Welke woorden breng je aan tijdens het eerste, het tweede en het derde trimester? p Zijn er woorden die je tijdens bepaalde lessen in het schooljaar echt nodig hebt? - Overleg met het lerarenteam welke woorden je in jaar 1 en jaar 2 van de eerste graad aanbrengt. - Spreek met je collega’s van de verschillende vakgroepen af welke woorden prioritair aan bod moeten komen.
Hoe? Om de vak- en schooltaal onder de aandacht te brengen, bieden we twee blanco posters aan. Je kunt die samenvoegen tot één grote poster. Als leerkracht kun je op verschillende manieren met de posters aan de slag. Je vindt de verschillende opties op de volgende bladzijden.
Poster 1
Poster 2
6
Optie 1: In de tekstballon verklaar je dat je rond vaktaal werkt. Onderaan het bureau is ruimte om zelf vakbegrippen te noteren of toe te voegen met post-its.
Hieronder vind je de VAKBEGRIPPEN voor deze periode.
Frans
Nederla
Wiskunde
nds
Gesch
ieden
Engels
is
Lichamelijke opvoeding
Ken jij deze VAKBEGRIPPEN of deze VAKTAAL al?
Aardrijkskun de Mens en samen leving
nst Godsdie Natuur n wetenschappe
Techniek
Beeld en muziek
7
Optie 2: Heb je een eigen vaklokaal? Maak dan een poster specifiek voor jouw lokaal. Onderaan het bureau is ruimte om zelf vakbegrippen te noteren of toe te voegen met post-its.
Welkom in het VAKLOKAAL van ‌ !
Hieronder vind je de VAKTAAL of de VAKBEGRIPPEN voor deze periode!
8
Optie 3: In de tekstballon verklaar je dat je rond schooltaal werkt. Onderaan het bureau is ruimte om zelf schooltaalwoorden te noteren of toe te voegen met post-its.
Hieronder vind je de SCHOOLTAALWOORDEN van de maand!
In welke vakken heb je de SCHOOLTAALWOORÂ DEN al gebruikt?
9
2
DO: Uitvoeringsfase - Wij bieden je een Excellijst aan met frequent voorkomende schooltaalwoorden. Daaruit kun je al een selectie maken. Je kunt de lijst ook aanvullen of wijzigen. - Ga nu met de posters aan de slag. Vul zelf de tekstballonnen en schooltaalwoorden/vakbegrippen in of doe dat samen met je leerlingen. - Druk de posters af op A3-formaat en hang ze op.
3
CHECK: Controlefase Hebben de leerlingen het leerplandoel bereikt? - Je merkt in de verschillende lessen of de leerlingen vertrouwd zijn met specifieke vakbegrippen of met schooltaal. Het frequent gebruik over de vakken heen zal het cognitief academisch taalgebruik stimuleren. - We bieden je twee rubrics in Word aan om het leerplandoel te evalueren. Je kunt de rubrics zelf nog aanpassen als je andere accenten wilt leggen. p een rubric voor evaluatie door de leerkracht p een rubric voor evaluatie door de leerling (= minder planlast voor de leerkracht)
4
ACT: Borg- en bijsturingsfase Tijdens deze fase ga je na of het rendement naar behoren is. - Welke positieve elementen van de actie rond school- en vaktaal behoud je? - Welke elementen stuur je bij? Waarom? p Pas je de woordenlijst aan? p Pas je de poster aan? ‧ Pas je de inhoud aan? ‧ Pas je het formaat aan? ‧ Pas je nog iets anders aan? p Pas je de rubric aan?
10
11
2 vaktaal
1 schooltaal
2
3
3
2
De leerling beheerst de belangrijkste aangeleerde vakbegrippen: - om lesteksten, bronnen en artikels te begrijpen; en/of - om problemen op te lossen; en/of - om met anderen correct over het vak te communiceren.
De leerling beheerst de belangrijkste aangeleerde begrippen om (schoolse) opdrachten te kunnen uitvoeren.
De leerling beheerst alle aangeleerde begrippen om (schoolse) opdrachten te kunnen uitvoeren.
De leerling beheerst alle aangeleerde vakbegrippen: - om lesteksten, bronnen en artikels te begrijpen; en - om problemen op te lossen; en - om met anderen correct over het vak te communiceren.
goed op weg
gedreven
1
De leerling beheerst enkele aangeleerde vakbegrippen om opdrachten uit te voeren, maar af en toe haalt de leerling nog begrippen door elkaar. Daardoor slaagt de leerling er niet altijd in: - om lesteksten, bronnen en artikels te begrijpen; en/of - om problemen op te lossen; en/of - om met anderen correct over het vak te communiceren.
1
De leerling beheerst enkele aangeleerde begrippen om (schoolse) opdrachten te kunnen uitvoeren, maar af en toe haalt de leerling nog begrippen door elkaar.
in ontwikkeling
De leerlingen gebruiken school- en vaktaal in functie van het leerproces (ET 1.18 / LPD 35)
Bijlage: de rubric ter evaluatie (eindterm 1.18 / funderend leerplandoel 35)
0
De leerling beheerst de aangeleerde vakbegrippen in beperkte mate of zelfs niet. Daardoor slaagt de leerling er niet in: - om lesteksten, bronnen en artikels te begrijpen; en - om problemen op te lossen; en - om met anderen correct over het vak te communiceren.
0
De leerling beheerst de aangeleerde begrippen in beperkte mate of zelfs niet. Daardoor kan de leerling een (school)opdracht niet correct uitvoeren.
onvoldoende
Niveau van Bloom: toepassen
e ? j e e n e m B l a a m e l e h
r g a n i a m n r f vo r r e u h S s j i w r e d on / e b . n i van