1 Proefbundel
B1 | les 1-3-9 B2 | les 1-3-9 B3 | les 1-3 B5 | les 1-3
LES
B1 • GETALFAMILIES TOT 8
1
ik kan alle getalfamilies van 6 vinden.
1 verdeel 6. doe het elke keer anders. doe het zo!
6 4
6
6
6
2
6
2 vul aan tot 6.
2
6
B1 • Getalfamilies tot 8
Les 1 van 10
3 vul in. 6
.
6
. en
.
.
is 6.
en
6
.
6
. en
.
is 6.
. en
6
is 6. 6
. en
is 6.
. is 6.
. en
is 6.
4 splits 6. doe het elke keer anders. kleur elke getalfamilie in een andere kleur.
doe het zo! 6 1
5
B1 • Getalfamilies tot 8
3
LES
3
ik kan alle getalfamilies van 7 vinden.
1 verdeel 7. doe het elke keer anders. doe het zo!
7 4
7
7
7
3
7
2 vul aan tot 7.
6
7
B1 • Getalfamilies tot 8
Les 3 van 10
3 vul in. 7
.
7
. en
.
.
is 7.
en
7
.
7
. en
.
is 7.
. en
7
is 7. 7
.
. en
is 7.
is 7.
. en
. is 7.
4 splits 7. doe het elke keer anders. kleur elke getalfamilie in een andere kleur.
doe het zo! 7 4
3
B1 • Getalfamilies tot 8
7
LES
9
ik kan de getalfamilies van 6, 7 en 8 opnoemen.
1 welke 2 getallen houden de rekenbalans in evenwicht? kleur de cirkels. doe het zo! 10
9
8
7
6
5
4
3
2
4 10
9
8
7
6
5
1
1
6 4
6
3
2
2
3
4
3
1
1
4
5
6
7
8
9 10
10
9
8
7
6
5 2
3
4
2
5
5
4
3
2
1 6
7
8
9 10
10
9
3
8
7
6
5
1
1
4 4
3
5
2
2
3
4
7
1
1
3
5
6
7
8
9 10
6
7
8
9 10
3 2
3
4
3
5
7
2 samen 7. geef de noten die bij elkaar horen dezelfde kleur.
0
3
6
4 2
1
5
7
3 vul in. 6
8 2
18
B1 • Getalfamilies tot 8
5
7 3
6 1
8 2
Les 9 van 10
4 hoeveel zijn er onder de tweede beker? maak 7
maak 7 7
7
?
? 5
4
maak 8
maak 8 8
8
?
? 3
6
5 vul aan. geheel
deel
8
4
7
1
3
8
deel
splitsing
5
2
3
4
B1 • Getalfamilies tot 8
19
LES
B2 • OPTELLEN EN AFTREKKEN TOT 8
1
ik kan optellen tot 8 door erbij te doen.
1 kleur en los op. gebruik 2 kleuren. doe het zo!
4+4= 8
4+2=
1+5=
3+0=
6+2=
3+5=
3+3=
4+4=
2 kijk en vul aan. doe het zo!
6 + 2 = 8
+
22
B2 • Optellen en aftrekken tot 8
=
+
=
+
=
Les 1 van 10
3 reken uit. doe het zo! ?
?
2
5
3
2 + 5 = 7
4 +
?
?
4
4 +
2
6
=
+
?
1
3 =
5 +
?
= ?
3
3 +
= ?
6 +
=
1
=
5 +
=
omkring wat past bij jou. deze oefeningen ...
... kon ik vlot zelf.
... kon ik met een beetje hulp.
... vond ik moeilijk.
B2 • Optellen en aftrekken tot 8
23
LES
3
ik kan optellen tot 8.
1 vul aan en los op. doe het zo! 8 2
. 6
.
3
4
.
. .
.
.
8 2
6
3
2+6= 8
4
3+4=
1+5=
4+4=
2 los de stipsom op. doe het zo! 8
. 3
5
2
1
.
8
. 1
.
.
6 3
5
.
2
5+ 3 =8
2+
=6
1+
=7
1+
=8
3 bedenk een rekenverhaal. vul aan en los op.
+
26
=
B2 • Optellen en aftrekken tot 8
+
=
+
=
Les 3 van 10
4 reken uit. gebruik je splitsschema. 6+1=
8+0=
2+6=
4+3=
0+3=
3+3=
6+0=
5+2=
3+4=
5+1=
5+3=
0+8=
4+4=
1+7=
1+5=
welke som was nog moeilijk? kleur rood.
5 vul aan. gebruik elk getal 1 keer. kies uit: 4+
5 =
8
1 +5=
3
7
6 +8=
0
4 1+
=
B2 • Optellen en aftrekken tot 8
27
Les 9 van 10
LES
9
ik kan rekenraadsels oplossen.
1 schrijf bij elk dier het juiste getal. de vakjes onderaan helpen je.
−
=
5
–
= 5
−
=
6
–
= 6
+
=
4
+
= 4
=
=
=
2 schrijf bij elke taart het juiste getal.
=
+
+
–
=
–
+
= 8
+
+
1
–
= 1
=
4
–
= 4
=
2
+
= 2
=
= 8
=
B2 • Optellen en aftrekken tot 8
39
3 los op. je mag elk getal meer dan 1 keer gebruiken. kies uit:
1
2
3
4
6
7
<
>
+
=
+
=
+
=
4 vul de getallen in. gebruik elk getal maar 1 keer. kies uit: 3, 3, 1, 2, 5, 7, 2
+
B2 • Optellen en aftrekken tot 8
6
+
+
=
=
+
40
=
=
LES
B3 • GETALFAMILIES TOT 10
1
ik kan alle getalfamilies van 9 vinden.
1 vul in. doe het zo!
9 5
9 4
5 en 4 is 9.
en
9
en
is 9.
9
is 9.
en
is 9.
2 vul de tweede taart aan. schrijf de splitsing op.
9
9
3
2 en
is 9.
en
is 9.
B3 • Getalfamilies tot 10
41
3 vul aan. doe het zo! 9
2
7
3
2 en 7 is 9 .
1
4
en
9
is
.
. en
9
4
. en
9
.
is
2
en
.
is
.
.
. .
is
is
.
.
en
4 kleur in 2 kleuren en vul in. doe het zo!
9 4
5
4 en 5 is 9.
7 en
is 9.
1 en
is 9.
5 splits 9 elke keer anders. 9
42
B3 • Getalfamilies tot 10
9
9
9
9
Les 3 van 7
LES
3
ik kan alle getalfamilies van 10 vinden.
1 verdeel de rozijnen. vul aan.
10
10
6
4
6 en
is 10.
en
is
.
2 vul in. doe het zo! 10
10
8.
2
3
2 en 8 is 10 .
. en
10
1
4 is
.
. en
10
is
.
is
.
10
5
10
. en
.
10
. en
is
is
.
en
B3 • Getalfamilies tot 10
45
3 kleur en vul in. gebruik 2 kleuren. doe het zo!
10 6
4
6 en 4 is 10.
en 7 is 10.
en 1 is 10.
4 splits de blokjes. doe het elke keer anders.
doe het zo! 10 5
5
omkring wat past bij jou. deze oefeningen ...
... kon ik vlot zelf.
46
B3 • Getalfamilies tot 10
... kon ik met een beetje hulp.
... vond ik moeilijk.
LES
B5 • OMGAAN MET GELD TOT 10
1
ik kan munten en biljetten tot 10 herkennen.
1 schrijf de waarde in het geld.
2 waarmee betaal je? trek lijnen. • kleur rood wat het duurst is. • kleur groen wat het goedkoopst is.
€ 2,-
€ 1,€ 10,-
€ 5,-
3 oefen het euroteken.
€ € €
58
€
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
B5 • Omgaan met geld tot 10
Les 1 van 6
4 waarmee betaal je? teken de munt of het biljet.
€ 5,-
€ 1,-
ik betaal met:
ik betaal met:
€ 10,-
€ 2,-
ik betaal met:
ik betaal met:
5 teken de ontbrekende munten of biljetten.
+
=
=
+
B5 • Omgaan met geld tot 10
59
LES
3
ik kan een geldbedrag tot 10 samenstellen.
1 kleur hoe je betaalt.
€ 4,-
€ 6,-
€ 9,-
€ 10,-
62
B5 • Omgaan met geld tot 10
Les 3 van 6
2 teken hoe je betaalt. kies uit: a
€ 8,-
jij:
je buur:
€ 10,-
jij:
je buur:
jij:
je buur:
b
c
€ 4,-
3 klaar? wissel van schrift met je buur. kijk hoe hij of zij betaalt. betaal in het tweede vak op een andere manier.
omkring wat past bij jou. deze oefeningen ...
... kon ik vlot zelf.
... kon ik met een beetje hulp.
... vond ik moeilijk.
B5 • Omgaan met geld tot 10
63