Hoofdstuk 4 De straffen
1
Afdeling 1. Algemeen
1.1 Straf of sanctie
1.2 De doelstellingen van de straf
1.2.1 Maatschappelijke afkeuring
1.2.2 Herstel van het maatschappelijk evenwicht en van de door het misdrijf veroorzaakte schade
1.2.3 Bevorderen van de maatschappelijke rehabilitatie en de re-integratie van de dader
1.2.4 Bescherming van de maatschappij
1.3 Verzwarende factoren en de discriminerende drijfveer
1.3.1 Onderscheid tussen verzwarende bestanddelen en verzwarende factoren
1.3.2 De discriminerende drijfveer
1.4 Verzachtende omstandigheden
1.5
1.6
2 Afdeling 2. Verschoningsgronden
2.1.1 Strafontheffende verschoningsgronden
2.1.2
2.2
3
3.1
4
6
5.1
5.2.1
5.2.2
5.2.3
5.2.4
5.2.5
5.2.7
6.1
6.2
7
6.3 Werkstraf (art. 45 Sw.)
6.4 Verlengde opvolging (art. 46 Sw.)
6.5 Ontzetting uit bepaalde burgerlijke en politieke rechten (art. 47 Sw.)
6.6 Beroepsverbod (art. 48 Sw.)
6.7 Verval van het recht te sturen (art. 49 Sw.)
6.8 Verblijfs-, plaats- of contactverbod (art. 50 Sw.)
8.2 Verbeurdverklaring
8.3 Verruimde verbeurdverklaring (art. 54 Sw.)
8.4 Geldstraf vastgesteld op basis van het verwachte of uit het
Verbod om een activiteit die deel
Hoofdstuk 6 Tenietgaan en verjaring van straffen en van burgerlijke veroordelingen
1 Dood van de veroordeelde
2 Verjaring van de straf
2.1 Stuiting van de verjaring
2.2 Schorsing van de verjaring
3 Verjaring van de burgerrechtelijke veroordelingen
1 Veroordelingen uitgesproken in een ander land van de Europese Unie
2 Toepassing van de bepalingen van dit boek op Boek II en op de bijzondere wetten 161
3 Omzetting en bepaling van de strafmaat in bijzondere wetten die geen strafniveau bepalen 161
4 Gedwongen verdwijning die geen misdaad tegen de menselijkheid vormt
1 Hoofdstuk 1. Misdrijven tegen het leven
1.1.2
1.1.3 Verzwaarde doodslag
1.1.4 Uitgelokte doodslag
1.1.5 Bijkomende straf
1.1.6 Verzwarende factoren
1.2 Afdeling 2. Doden door een ernstig gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid
1.3 Afdeling 3. Aanzetting tot zelfdoding
2 Hoofdstuk 2. Foltering, onmenselijke behandeling en onterende behandeling
2.1 Afdeling 1. Foltering
2.1.1 Definitie
2.1.2 Verzwarende bestanddelen en factoren
2.1.3 Uitsluiting van rechtvaardigingsgronden
2.2 Afdeling 2. Onmenselijke behandeling
2.3 Afdeling 3. Onterende behandeling
2.3.1
2.3.2. Verzwarende bestanddelen
3 Hoofdstuk 3. Misdrijven tegen de fysieke en psychische integriteit, het seksueel zelfbeschikkingsrecht en de goede zeden (art. 132-192 Sw.)
3.1 Afdeling 1. Aantasting van de seksuele integriteit, voyeurisme, niet-consensuele verspreiding van seksueel getinte inhoud en verkrachting
3.1.1 Toestemming met betrekking tot het seksueel zelfbeschikkingsrecht (art. 136 Sw.)
3.1.2 Aantasting van de seksuele integriteit (art. 134 Sw.)
3.1.3 Voyeurisme (art. 135 Sw.)
3.1.4 Niet-consensuele verspreiding van seksueel getinte inhoud (art. 136 Sw.)
3.1.5 Case: voyeurisme en sexting
3.1.6 Niet-consensuele verspreiding, met kwaadwillig opzet of uit winstbejag, van seksueel getinte inhoud (art. 138 Sw.)
3.1.7 Verkrachting (art. 138 Sw.)
3.1.8 De verzwaarde misdrijven (art. 139-149 Sw.)
3.1.9 De verzwarende factoren (art. 150 Sw.)
3.1.10 Cases: aantasting van de seksuele integriteit en verkrachting
3.1.10.1 Case 1
190
190
190
191
191
192
192
193
194
195
196
196
196
3.1.10.2 Case 2 197
3.1.10.3 Case 3
3.2 Afdeling 2. Seksuele uitbuiting van minderjarigen (art. 151-180 Sw.)
3.2.1 Benaderen van een minderjarige voor seksuele doeleinden (art. 151 Sw.)
3.2.2 Seksuele uitbuiting van minderjarigen met het oog op prostitutie (art. 152-169 Sw.)
3.2.3 Beelden van seksueel misbruik van minderjarigen (art. 170-176 Sw.)
3.2.4 Inhoud die bedoeld is om het plegen van seksueel misbruik of seksuele uitbuiting ten nadele van een minderjarige te bevorderen (art. 177-180 Sw.)
3.2.5 Verzwarende factoren (art. 181 Sw.)
197
197
197
198
199
200
200
4
3.3 Afdeling 3. Openbare zedenschennis
3.3.1 Openbare zedenschennis (art. 182-186 Sw.)
3.3.2 De verzwarende factoren (art. 186 Sw.)
3.4 Afdeling 4. Gemeenschappelijke bepalingen
Hoofdstuk 4. Misdrijven tegen de fysieke of psychische integriteit
4.1 Afdeling 1. Opzettelijke misdrijven tegen de fysieke of psychische integriteit
4.1.1 Onderafdeling 1. Gewelddaden
4.1.1.1 Definitie
4.1.1.2 Gevolgen van de gewelddaden (art. 194-197)
4.1.1.3 Verzwarende bestanddelen
4.1.1.4 Uitgelokte gewelddaden
4.1.1.5
4.1.2 Onderafdeling 2. Vrouwelijke genitale verminking
4.1.3 Onderafdeling 3. Zwangerschapsverlies zonder toestemming
4.2 Afdeling 2. Aantasting van de fysieke of psychische integriteit door een ernstig gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid
4.3
5 Hoofdstuk 5. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
5.1
5.2
5.3 Afdeling 3. Gijzeling
5.4 Afdeling 4. Gemeenschappelijke bepalingen
6 Hoofdstuk 6. Misdrijven tegen de persoonlijke rust en de morele integriteit
6.1 Afdeling 1. Bedreiging
6.1.1 Bedreiging met een aanslag op personen of op eigendommen (art. 231 Sw.)
6.1.2 Verzwaarde bedreiging met een aanslag op personen of op eigendommen (art. 232 Sw.)
6.1.3 Bedreiging met behulp van radioactief materiaal, kernmateriaal en biologische of chemische wapens (art. 233 Sw.)
6.1.4 Het geven van een vals bericht (art. 234 Sw.)
6.1.5 Het verspreiden van ogenschijnlijk gevaarlijke stoffen (art. 235 Sw.)
6.1.6 Verzwarende factor (art. 236 Sw.)
6.2 Afdeling 2. Belaging
6.2.1 Belaging (art. 237 Sw.)
6.2.2 Verzwaarde belaging (art. 238 Sw.)
6.2.3 Verzwarende factoren (art. 239 Sw.)
6.3 Afdeling 3. Laster en belediging
6.3.1
6.3.2 Schorsing vervolging wegens laster (art. 241 Sw.)
6.3.3 Lasterlijke aangifte (art. 242 Sw.)
6.3.4 Lasterlijke aantijging tegen een ondergeschikte (art. 243 Sw.)
6.3.5 Belediging (art. 244 Sw.)
6.3.6 Verzwarende factor (art. 245 Sw.)
6.3.7 Bijzondere grond van onschendbaarheid (art. 246 Sw.)
6.4 Afdeling 4. Smaad
6.4.1 Verzwarende factor (art. 248 Sw.)
7 Hoofdstuk 7. Schendingen van de persoonlijke waardigheid en misbruik van de kwetsbare positie van het slachtoffer
7.1 Afdeling 1. Misdrijven inzake de bestraffing van de discriminatie, de aanzetting tot haat en het negationisme
7.1.1
7.1.2 Aanzetting tot discriminatie of rassenhaat (art. 250 Sw.)
221
7.1.3 Verspreiding van raciale denkbeelden (art. 251 Sw.) 224
7.1.4 Deelneming aan een groepering die discriminatie of segregatie verkondigt (art. 252 Sw.)
7.1.5 Discriminatie gepleegd door een persoon die een openbare functie uitoefent of in zijn naam gepleegd door middel van een valse handtekening (art. 253 Sw.) 225
7.1.6 Discriminatie bij de toegang tot goederen of diensten (art. 254 Sw.)
225
7.1.7 Discriminatie binnen de arbeidsrelaties (art. 255 Sw.) 225
7.1.8 Negationisme (art. 256 Sw.)
7.1.9 Seksisme (art. 257 Sw.) 226
7.2 Afdeling 2. Mensenhandel en mensensmokkel 226
7.2.1 Mensenhandel (art. 258 Sw.)
7.2.2 Mensensmokkel (art. 259 Sw.) 226
7.2.3 Verzwarende bestanddelen (art. 260 Sw.)
7.2.4 Verzwarende factoren (art. 261 Sw.)
7.2.5 Verbeurdverklaring van het instrument van het misdrijf (art. 262 Sw.)
7.2.6 Specifieke verboden in geval van veroordeling wegens mensenhandel (art. 263 Sw.)
228
228
7.2.7 Verschoningsgrond ten gunste van het slachtoffer van mensenhandel (art. 264 Sw.) 228
7.3 Afdeling 3. Misbruik van prostitutie
7.3.1 Het pooierschap (art. 265 Sw.)
7.3.2 Reclame maken voor prostitutie (art. 266 Sw.) 229
7.3.3 Het openbaar aanzetten tot prostitutie (art. 267 Sw.) 230
7.3.4 Verzwaard misbruik van prostitutie (art. 268 Sw.) 230
7.3.5 Sluiting van de inrichting (art. 269 Sw.)
7.3.6 Specifieke verboden (art. 270 Sw.)
7.3.7 Multidisciplinaire evaluatie (art. 272 Sw.)
7.4 Afdeling 4. Verkoop van kinderen 231
7.4.1 Definitie (art. 273 Sw.) 231
7.4.2 Verzwaarde verkoop van kinderen (art. 274 Sw.) 232
7.4.3 Verzwarende factoren inzake verkoop van kinderen (art. 275 Sw.)
232
7.5 Afdeling 5. Handel in menselijke organen (art. 276-287 Sw.)
7.6 Afdeling 6. Uitbuiting van bedelarij
7.7 Afdeling 7. Wanpraktijken van huisjesmelkers (art. 290-292 Sw.) 234
7.8 Afdeling 8. Gedwongen huwelijk en gedwongen wettelijke samenwoning (art. 293-296 sw.)
7.9 Afdeling 9. Gemeenschappelijke bepalingen
7.9.1 Sluiting van de inrichting (art. 297 Sw.)
7.9.2 Specifieke verboden en ontzettingen (art. 298 Sw.)
8 Hoofdstuk 8. Misdrijven met betrekking tot het in gevaar brengen van personen
8.1 Afdeling 1. Hulpverzuim (art.299 Sw.)
8.1.1 Niet-naleving van een bevel tot hulpverlening
8.1.2 Verzwarend bestanddeel (art. 301 Sw.)
8.1.3 Verzwarende factor (art. 304 Sw.) 238
8.1.4 Rechtvaardigingsgrond (art. 302 Sw.) 238
8.1.5 Strafuitsluitende verschoningsgrond (art. 303 Sw.) 238
8.2 Afdeling 2. Misbruik van de zwakke toestand van personen
8.2.1
8.2.2 Verzwaard misbruik van de zwakke toestand van personen (art. 307 Sw.)
8.2.3 Misbruik van de zwakke toestand van personen met de dood tot gevolg (art. 308 Sw.)
8.2.4 Bijkomende straf (art. 309 Sw.)
8.3 Afdeling 3. Conversiepraktijken
8.3.1
8.3.2
(art. 310 Sw.)
8.3.3 Twee uitzonderingen (art. 310, tweede en derde lid Sw.)
8.3.4 Het uitvoeren van conversiepraktijken (art. 311 Sw.)
8.3.5 Verzwarende factoren (art. 312 Sw.)
8.3.6 Het aanbieden van conversiepraktijken (art. 313 Sw.)
8.3.7 Het aanzetten om conversiepraktijken te ondergaan, het aanzetten van personen om andere personen conversiepraktijken te doen ondergaan of het maken van reclame voor conversiepraktijken (art. 314 Sw.)
8.3.8 Het verzwaard aanzetten om conversiepraktijken te ondergaan of om andere personen conversiepraktijken te doen ondergaan of het verzwaard maken van reclame voor conversiepraktijken
8.3.9 Specifiek verbod (art. 316 Sw.)
8.4 Afdeling 4. Verkeersbelemmering (art. 317 Sw.)
8.4.1 Verkeersbelemmering
8.4.2 Gevaarlijke verkeersbelemmering (art. 318 Sw.)
8.4.3 Verkeersbelemmering met een integriteitsaantasting van de tweede graad, de derde graad of de dood tot gevolg (art. 319-321 Sw.)
8.5 Afdeling 5. Het in gevaar brengen van de volksgezondheid
8.5.1 Aantasting van voedingsmiddelen (art. 322 Sw.)
8.5.2 Verkoop van aangetaste voedingsmiddelen of van stoffen (art. 323 Sw.)
8.5.3 Opslag van aangetaste voedingsmiddelen (art. 324 Sw.)
8.5.4 Bijkomende straffen (art. 325 Sw.)
244
244
245
245
245
246
247
247
247
247
249
249
249
250
250
8.5.5 Kwaadwillige verspreiding van ziekteverwekkers (art. 326 Sw.)
8.5.6 Verzwarende factor (art. 327 Sw.)
8.6 Afdeling 6. Het in gevaar brengen van minderjarigen of personen in een kwetsbare toestand
8.6.1 Onderafdeling 1. Verlaten of in behoeftige toestand achterlaten
8.6.1.1 Verlating van personen (art. 328 Sw.)
8.6.1.2 In behoeftige toestand achterlaten van personen (art. 332 Sw.)
8.6.1.3 Verlating van personen met een integriteitsaantasting van de derde graad tot gevolg (art. 329 Sw.)
8.6.1.4 Verlating van personen met de dood tot gevolg (art. 330 Sw.)
8.6.1.5 Verzwarende factoren (art. 331 Sw.)
8.6.2 Onderafdeling 2. Gebrek aan voeding of verzorging
8.6.2.1 Onthouding van voedsel of verzorging (art. 333 Sw.)
8.6.2.2 Nalaten van onderhoud (art. 336 Sw.)
8.6.2.3 Verzwarende factoren (art. 338 Sw.)
8.6.3 Onderafdeling 3. Gebruik of lokken met het oog op het plegen van een misdrijf
8.6.3.1 Gebruik van personen met het oog op het plegen van een misdrijf (art. 339 Sw.)
8.6.3.2 Technologisch lokken van personen met het oog op het plegen van een misdrijf (art. 340 Sw.)
8.6.3.3 Verzwarende factoren (art. 341 Sw.)
9 Hoofdstuk 9. Misdrijven tegen het privéleven
9.1 Afdeling 1. Misdrijven betreffende het geheim van communicatie, privégegevens van een informaticasysteem en brieven
9.1.1 Schending van het geheim van privécommunicatie of privégegevens van een informaticasysteem (art. 342 Sw.)
9.1.2 Bedrieglijk gebruik van wettig gemaakte opnamen van privécommunicatie of privégegevens van een informaticasysteem (art. 344 Sw.)
9.1.3 Onwettig bezit of onwettige terbeschikkingstelling van afluistermateriaal (art. 346 Sw.)
9.1.4 Schending van het briefgeheim (art. 347 Sw.)
9.2 Afdeling 2. Schending van plaatsen die tot woning dienen
9.2.1 Huisvredebreuk of schending van een bewoonde plaats (art. 348 Sw.)
9.2.2 Verzwarend bestanddeel (art. 349 Sw.)
9.2.3 Onwettige bezetting van een niet-bewoonde plaats (art. 350 Sw.)
9.2.4 Weigering om gevolg te geven aan een beslissing tot ontruiming of tot uithuiszetting (art. 351 Sw.)
9.3 Afdeling 3. Bescherming van het beroepsgeheim
9.3.1 Schending van het beroepsgeheim (art. 352 Sw.)
9.3.2 Afwijkingen van het beroepsgeheim (art. 353 Sw.)
9.4 Afdeling 4. Misdrijven betreffende de vrije uitoefening van de erediensten
9.4.1 Aantasting van de vrije uitoefening van een eredienst (art. 354 Sw.)
9.4.2 Verzwarende factor bij de aantasting van de vrije uitoefening van een eredienst (art. 355 Sw.)
9.5 Afdeling 5. Bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de minderjarigen in het kader van de gerechtelijke procedures
9.5.1 Schending van de persoonlijke levenssfeer van de minderjarigen (art. 356 Sw.)
250
250
251
251
251
251
252
252
252
253
253
253
254
254
254
255
255
256
256
256
256
257
257
258
258
258
259
259
259
259
260
261
261
262
262
262
10
9.6 Afdeling 6. Gemeenschappelijke bepaling
9.6.1 Strafuitsluitende verschoningsgrond (art. 357 Sw.): bevel van een meerdere
Hoofdstuk 10. Misdrijven tegen de burgerlijke staat van personen 263
10.1 Afdeling 1. Misdrijven met betrekking tot het bewijs van de burgerlijke staat van kinderen 263
10.1.1 Niet-aangifte van de geboorte van een kind (art. 358 Sw.)
10.1.2 Niet-kennisgeving van een bevalling (art. 359 Sw.)
10.1.3 Niet-kennisgeving van een vondeling (art. 360 Sw.) 264
10.1.4 Strafuitsluitende verschoningsgrond (art. 361 Sw.) 264
10.1.5 Onderschuiving van een kind (art. 362 Sw.) 264
10.1.6 Obstructie van het bewijs van de burgerlijke staat van een kind (art. 363 Sw.)
10.2 Afdeling 2. Misdrijven met betrekking tot de adoptie
10.2.1 Onwettige adoptie voor eigen rekening (art. 364 Sw.)
10.2.2 Onwettige adoptie door tussenkomst van derden (art. 365 Sw.) 264
10.3 Afdeling 3. Misdrijven met betrekking tot het huwelijk
10.3.1 Bigamie (art. 366 Sw.)
10.4 Afdeling 4. Gemeenschappelijke bepaling
10.4.1 Verzwarende factor (art. 367 Sw.)
11 Hoofdstuk 11. Misdrijven tegen het lijk en de lijkbezorging
11.1 Afdeling 1. Zonder voorafgaande toestemming een begraving of crematie verrichten (art. 368 Sw.) 265
11.2 Afdeling 2. Lijk- en grafschennis
11.2.1 Lijkschennis (art. 369 Sw.)
11.2.2 Grafschennis (art. 370 Sw.) 265
Titel IV Misdrijven tegen de openbare
1 Hoofdstuk 1. Terrorisme
1.1 Terroristisch misdrijf
1.2 Toepassingsgebied
2 Hoofdstuk 2. Aanslag op en samenspanning tegen de burgerlijke vrede (art. 389-392 Sw.)
3 Hoofdstuk 3. Vorming van gewapende groepen en deelneming aan dergelijke groepen (art. 393-402 Sw.)
272
4 Hoofdstuk 4. Vereniging met het oog op het plegen van een misdrijf en criminele organisatie 273
4.1 Afdeling 1. Vereniging met het oog op het plegen van een misdrijf (bendevorming)
4.1.1 Definitie van vereniging van misdadigers (art. 404 Sw.)
4.1.1.1 Deelneming aan een vereniging van misdadigers (art. 404 Sw.)
273
273
273
4.1.1.2 Deelneming aan een vereniging van misdadigers als leidend persoon (art. 405 Sw.)273
4.1.2 De bestanddelen 273
4.1.3 Onderscheid naargelang van de functie en het misdrijf 274
4.2 Afdeling 2. Criminele organisatie 274
4.2.1 Definitie van criminele organisatie (art. 406 Sw.)
4.2.2 Bestanddelen van het misdrijf
4.2.3 Deelneming aan het misdrijf
4.2.4 Verschoningsgrond
4.2.5 Verbeurdverklaring
5 Hoofdstuk 5. Externe beveiliging van kernmateriaal en ander radioactief materiaal
6 Hoofdstuk 6. Schending van havengebieden of binnendringen van een voertuig
7 Hoofdstuk 7. Verbod van gezichtsbedekking in de publieke ruimte
7.1 Verbod van gezichtsbedekking in de publieke ruimte (art. 423 Sw.)
7.2 Rechtvaardigingsgrond (art. 424 Sw.)
1 Hoofdstuk 1. Bescherming van de munt, van de effecten, van de veiligheidskenmerken en van de zegels, stempels, keurstempels en merken van de niet-contante betaalinstrumenten 283
1.1 Afdeling 1. Betekenis van enkele in dit hoofdstuk gebruikte termen 283
1.2 Afdeling 2. Bescherming van de munt, van de effecten, van het materiaal voor het vervaardigen van de munt of de effecten van de veiligheidskenmerken 284
1.2.1 Gemeenschappelijke bepalingen (art. 426 Sw.)
1.2.2 Namaking of vervalsing (art. 427 Sw.)
1.2.3 Het in omloop brengen van vervalste munten of effecten (art. 428 Sw.)
1.2.4 Overdracht van valse munten of effecten (art. 429 Sw.)
1.2.5 Overdracht van het materiaal (art. 430 Sw.)
1.2.6 Het weer in omloop brengen (art. 431 Sw.)
1.3 Afdeling 3. Illegaal in omloop brengen van de munt en vervaardigen en in omloop brengen van de drukwerken of formulieren die een munt, effecten, plakpostzegels en andere zegels nabootsen
1.4 Afdeling 4. Bescherming van niet-contante betaalinstrumenten (art. 434-438 Sw.)
1.5 Afdeling 5. Bescherming van ’s Lands zegel, van de rijksstempels en van de keurstempels die dienen voor het merken van goud, zilver en platina (art. 439-442 Sw.)
1.6 Afdeling 6. Bescherming van de keurmerken van het waarborgkantoor (art. 443-444 Sw.)
1.7 Afdeling 7. Bescherming van de zegels, de stempels en de merken van de overheden en de particulieren (art. 445 Sw.)
1.8 Afdeling 8. Bescherming van plakpostzegels en andere zegels (art. 446-447 Sw.)
1.9 Afdeling 9. Bescherming van de naam van de fabrikant en van de handelsnaam van een fabriek (art. 448-449 Sw.)
1.10 Afdeling 10. Gemeenschappelijke bepaling (art. 450 Sw.)
2 Hoofdstuk 2. Valsheid in geschriften of op andere duurzame dragers en het gebruik van valse stukken (art. 451-454 Sw.)
2.1 Definitie van het begrip geschrift
2.1.1 Een geschrift
2.1.2 Het uitdrukken van een gedachte
284
284
285
285
285
285
286
286
286
287
287
287
287
287
288
288
288
288
3
2.1.3 De juridische draagwijdte
2.1.4 Zich opdringen aan het openbare vertrouwen
2.2 De beschermde geschriften
2.3 Het begrip ‘vervalsing’
2.4 Het bedrieglijk opzet of het oogmerk te schaden
Hoofdstuk 3. Aanmatiging van functies, titels of een naam (art. 455-462 Sw.)
Titel VI Misdrijven tegen
1 Hoofdstuk 1. Misdrijven met betrekking tot de onrechtmatige toe-eigening van goederen (art. 463-504 Sw.)
1.1 Afdeling 1. Diefstal en afpersing
1.1.1 Definities
1.1.2 Diefstal zonder geweld of bedreiging
1.1.2.1 Bestanddelen van het misdrijf
1.1.2.2 Bestraffing van het misdrijf
1.1.3 Diefstal met geweld of bedreiging en afpersing
1.1.4 Diefstal en afpersing van kernmateriaal
1.1.5 Gemeenschappelijke bepaling
1.2 Afdeling 2. Bedrog
1.2.1 Misbruik van vertrouwen of andermans kwetsbare toestand
1.2.1.1 Misbruik van vertrouwen
1.2.1.2 Misbruik van vennootschapsgoederen
1.2.1.3 Misbruik van andermans kwetsbare toestand om een nadelige akte te doen ondertekenen
1.2.1.4 Woeker
1.2.2 Oplichting en bedriegerij
1.2.2.1 Oplichting
1.2.2.2 Bedriegerij omtrent de waarde van de munt
1.2.2.3 Bedriegerij omtrent het verkochte goed
1.2.2.4 Bedriegerij omtrent de huur van werk 302
1.2.2.5 Vervalsing van voedingsmiddelen
1.2.2.6 Te koop aanbieden van vervalste voedingsmiddelen
1.2.2.7 Bedrieglijke aantasting van handelsgoederen 303
1.2.3 Private omkoping 303
1.2.4 Bedrog met behulp van een informaticasysteem
1.2.5 Misdrijven die verband houden met de insolventie van ondernemingen 306
1.2.5.1 Eenvoudige bankbreuk
1.2.5.2 Bedrieglijke bankbreuk
1.2.5.3 Bedrieglijke aantasting van de activa of passiva van een gefailleerde persoon
1.2.5.4 Ontrouw in het beheer van het faillissement 309
1.2.5.5 Schending van de procedure van gerechtelijke reorganisatie 309
2
1.2.6 Overige vormen van bedrog
1.2.6.1 Bedrieglijk bewerkstelligen van onvermogen
1.2.6.2 Bedrieglijke verberging
1.2.6.3 Afzetterij
1.2.6.4 Uitgifte van cheques zonder dekking
1.3 Afdeling 3. Heling en witwassen
Hoofdstuk 2. Misdrijven met betrekking tot de beschadiging en vernieling van goederen (art. 505-523 Sw.)
2.1 Afdeling 1. Misdrijven die een maatschappelijk gevaar doen ontstaan
2.1.1 Brandstichting
2.1.2 Brandstichting met ernstige schade tot gevolg
2.1.3 Brandstichting van een goed met een bijzonder belang 315
2.1.4 Brandstichting indien de dader moest vermoeden dat zich daar op het ogenblik van de brand een of meer personen bevonden 316
2.1.5 Brandstichting met een integriteitsaantasting van de derde graad of de dood tot gevolg
2.1.6 Brandstichting bij nacht
2.1.7 Verzwarende factoren
2.1.8 Veroorzaken van brand door een ernstig gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid
2.1.9 Vernieling door ontploffing of overstroming 317
2.2 Afdeling 2. Vandalisme
2.2.1
2.2.2
met ernstige schade tot gevolg
2.2.3 Vandalisme aan een goed met een bijzonder belang
2.2.4 Vandalisme met geweld of bedreiging
2.2.5 Vernietiging van authentieke akten, overeenkomsten of overheidsdocumenten
2.2.6 Verzwarende factoren (art. 523 Sw.)
3 Hoofdstuk 3. Misdrijven betreffende informaticasystemen (art. 524-533 Sw.)
3.2 Aantasting van de integriteit van een informaticasysteem
VII
318
318
318
1 Hoofdstuk 1. Overtredingen van de wetten op de loterij en op de pandhuizen (art. 534-538 Sw.) 325
2 Hoofdstuk 2. Misdrijven betreffende nijverheid en koophandel (art. 539-541 Sw.) 325
Titel VIII Misdrijven tegen de staat en zijn functioneren
1 Hoofdstuk 1. Misdrijven tegen de staatsordening en de staatsmachten (art. 542563 Sw.)
1.1 Afdeling 1. Misdrijven tegen de staatsordening
329
1.1.1 Aanslag tegen de staatsordening 329
1.1.2 Het voorbereiden van een aanslag tegen de staatsordening
1.1.3 Samenspanning en voorstel tot samenspanning tegen de staatsordening
329
329
1.1.4 Aanvaarding van buitenlandse steun aan ondermijning van de essentiële nationale belangen 330
1.1.5 Kwaadwillige aantasting van het overheidsgezag 331
1.2 Afdeling 2. Misdrijven tegen een wetgevende vergadering 332
1.2.1 Verstoring van parlementaire werkzaamheden 332
1.2.2 Demonstratie in de buurt van een wetgevende vergadering 332
1.3 Afdeling 3. Misdrijven tegen de monarchie
333
1.3.1 Aanslagen op de Koning en de vermoedelijke troonopvolger 334
1.3.2 Samenspanning of voorstel tot samenspanning tegen de monarchie 334
1.3.3 Voorbereiding van een aanslag tegen de monarchie
1.3.4 Majesteitsschennis
1.4 Afdeling 4. Gemeenschappelijke bepalingen
1.4.1 Onderdak verschaffen
1.4.2 Strafuitsluitende verschoningsgrond
2 Hoofdstuk 2. Misdrijven tegen de landsverdediging en de essentiële belangen van België (art. 564-613 Sw.)
2.1 Afdeling 1. Definities
2.2 Afdeling 2. Uitlokking of veroorzaken van oorlog
2.3 Afdeling 3. Militaire collaboratie
2.4 Afdeling 4. Economische collaboratie
2.5 Afdeling 5. Politieke en intellectuele collaboratie
2.6 Afdeling 6. Misdrijven met betrekking tot staatsgeheimen 339
2.7 Afdeling 7. Aangifte aan de vijand
2.8 Afdeling 8. Verberging van vijanden of plegers van misdrijven tegen de landsverdediging
2.9 Afdeling 9. Vernieling of brandstichting in strijd met de landsverdediging
2.10 Afdeling 10. Samenspanning tegen de landsverdediging
2.11 Afdeling 11. Aanzetten tot misdrijven tegen de landsverdediging
3 Hoofdstuk 3. Misdrijven tegen de internationale betrekkingen (art. 614-624 Sw.)
3.1 Afdeling 1. Aanslagen tegen een vreemde staat of een buitenlands staatshoofd 344
3.2 Afdeling 2. Misdrijven tegen diplomatieke en consulaire vertegenwoordigers van vreemde staten 344
3.3 Afdeling 3. Huurlingschap 345
4 Hoofdstuk 4. Ambtsmisdrijven (art. 625-643 Sw.) 346
4.1 Afdeling 1. Schending van fundamentele rechten van de burgers (art. 625-626 Sw.)
346
4.2 Afdeling 2. Gedragingen met het oog op het ontwrichten van de openbare dienst (art. 627-628 Sw.) 347
4.3 Afdeling 3. Aanmatiging van macht (art. 629-630 Sw.)
4.4 Afdeling 4. Misbruik van gezag (art. 631-632 Sw.)
4.5 Afdeling 5. Rechtsweigering (art. 633 Sw.)
4.6 Afdeling 6. Verduistering, knevelarij en belangenneming (art. 634-637 Sw.)
4.7 Afdeling 7. Publieke omkoping (art. 638-639 Sw.)
4.8 Afdeling 8. Misdrijven met betrekking tot het houden van de akten van de burgerlijke stand
347
348
348
349
349
(art. 640-642 Sw.)
4.9 Afdeling 9. Algemene bepaling (art. 643 Sw.): Strafuitsluitende verschoningsgrond
5 Hoofdstuk 5. Misdrijven tegen de rechtsbedeling (art. 644-688 Sw.)
5.1 Afdeling 1. Belemmering van de onderzoeksdaden en beveiligings- of bewaringsmaatregelen 351
5.1.1 Weerspannigheid
5.1.2 Valse getuigenis, valse verklaring en meineed
5.1.3 Weigeren van medewerking aan het onderzoek
5.1.4 Verberging van een vervolgde persoon, een lijk of bewijs
5.1.5 De verborgen ruimte
5.1.6 Misdrijven tegen procedurestukken of goederen waarop een maatregel rust
5.1.7 Zegelverbreking
5.1.8 Inbreuken op het geheime karakter van het strafrechtelijk onderzoek
5.1.9 Uitgeven of verspreiden van geschriften zonder vermelding van de oorsprong
5.2 Afdeling 2. Belemmering van de rechterlijke uitspraak
5.3 Afdeling 3. Belemmering van de uitvoering of de niet-naleving van een rechterlijke beslissing 359
5.3.1 Familieverlating (art. 676 Sw.) 359
5.3.2 Niet afgeven van kinderen (art. 677-682 Sw.) 364
5.3.3 Niet-naleving van de voorwaarden bij de opheffing van een opsporings- of onderzoeksmaatregel (art. 683 Sw.)
5.3.4 Belemmering van de uitvoering of niet-naleving van een straf of een vrijheidsbenemende maatregel (art. 684-686 Sw.)
5.3.5 Het overgooien van voorwerpen over de muren of afsluitingen van een gevangenis, een afdeling of een inrichting tot bescherming van de maatschappij (art. 687 Sw.)
5.3.6 Niet-naleving van een beslissing tot overlegging van een stuk (art. 688 Sw.)
6
7
Hoofdstuk 6. Belemmering van openbare werken (art. 689-690 Sw.)
Hoofdstuk 7. Subsidiefraude (art. 691 Sw.)
366
366
367
367
367
368