Skip to main content

Ntc 2aso werkboek inhoudsopgave

Page 1

INHOUDSOPGAVE Thema 1

56900_NTC_2ASO_WB.indb 2

Benieuwd?

p. 7

Les 1 Benieuwd? Les 2 Een vreemd bericht Les 3 Nog nieuws? Les 4 Moeilijkewoordenwijzer Les 5 Navigeren in inhoudsopgaves … niet voor dummy’s Les 6 Welke schrijver ben jij? Les 7 Luisteren naar boeken Zelftoets Lettergetetter en spelbrekers

p. 8 p. 10 p. 13 p. 23 p. 29 p. 32 p. 40 p. 53 p. 69

Thema 2

In beeld

p. 75

Les 1 Les 2 Les 3 Les 4 Les 5 Les 6 Les 7 Les 8 Zelftoets Lettergetetter

Jeugdprogramma’s Lichaamstaal Over soorten zinnen: heb je er ook zin in? Ondertiteld Beeld en opmaak ‘De naakte taak’ De verleden en de toekomende tijd - Weggaan Beeldtaal / beeldspraak Strips: doe het zelf

p. 76 p. 80 p. 82 p. 92 p. 96 p. 99 p. 108 p. 116 p. 121 p. 146

Thema 3

Overtuigd?

p. 151

Les 1 Leerstof in een kader Les 2 Het werkwoord zei: ‘Kom erbij!’ Les 3 Over feiten en meningen Les 4 Reclameboodschap in de media Les 5 Reclameboodschap Eureka! Les 6 Over hypes en helden, reclame voor boeken Les 7 Schooltaalwoorden - Gesnapt! Les 8 Taalonderzoeker Zelftoets Spelbrekers – Hulptekens Lettergetetter

p. 152 p. 154 p. 164 p. 170 p. 174 p. 178 p. 184 p. 189 p. 198 p. 221 p. 235

Project 1

Vriendschapsboom

p. 237

Les 1 Les 2 Les 3 Les 4 Les 5

Wie ben je? Discussier je mee? Het fenomeen Grondig verpest Plant een vriendschapsboom

p. 238 p. 241 p. 243 p. 251 p. 258

3/02/12 13:39


Thema 5

Klikt het?

Les 1 In gesprek Les 2 Een briefje voor de stripheld Les 3 Variatie in zinnen Les 4 Het lidwoord Les 5 Digitaal lezen: beam je leraar, zip je les Les 6 Het voornaamwoord Les 7 Semantiek: synoniem, antoniem, homoniem Les 8 Poëzie: domino je mee? Zelftoets Lettergetetter Spelbrekers – Leestekens

p. 262 p. 266 p. 268 p. 273 p. 282 p. 289 p. 299 p. 306 p. 307 p. 329 p. 330

Thema 6

p. 339

Energie(k) en gezond

Les 1 Literaire wandeling Les 2 Word jij een seriewoordenaar? Les 3 Hoe verpakt? Les 4 Structuuraanduiders? Les 5 Woorden en beelden Les 6 Het voorzetsel Les 7 Mmmm, lekker gezond … Zelftoets Lettergetetter Spelbrekers – Tussenletter/tussenklank

p. 340 p. 350 p. 358 p. 361 p. 371 p. 380 p. 383 p. 390 p. 409 p. 410

Project 2

Aparte mensen

p. 423

Les 1 Les 2 Les 3 Les 4 Les 5

Talenten troef? Op niveau? Job is top? Zoek je plaats Een klas(boek) vol talenten

p. 424 p. 426 p. 429 p. 431 p. 432

Thema 8

Vreemd

p. 435

Les 1 Les 2 Les 3 Les 4 Les 5 Les 6 Les 7 Les 8 Les 9 Zelftoets Lettergetetter

Vragen staat vrij … Ben jij erin getuind? Ik weet wat jij niet weet Hoe goed ben jij met actualiteit? Hoe voer je een spreekopdracht uit? Scenarioramp! Schrijver gezocht Uit het slop Op boekbezoek en filmvisite Op zoek naar een betekenis: meer dan een grondwoord

p. 436 p. 440 p. 441 p. 445 p. 448 p. 452 p. 454 p. 458 p. 461 p. 472 p. 485

Project 3

Mangaspel

p. 487

Les 1 Les 2 Les 3 Les 4 Les 5

Studiewijzer Creatie van je eigen mangafiguur Groepswerk / de opdrachten Groepswerk / de opdrachtenfiche Spelen maar!

p. 488 p. 499 p. 502 p. 502 p. 505

Placemat Opdrachtenfiches bij project 3 Vorderingsfiche

56900_NTC_2ASO_WB.indb 3

p. 261

p. 507 p. 511 p. 513

3/02/12 13:39


Aan de slag met Hoe doe je dat? Met zes tintelende thema’s en drie prikkelende projecten in je bronnenboek en je werkboek Thema 1

Benieuwd?

Thema 2

In beeld

Thema 3

Overtuigd?

Project 1

Vriendschapsboom

Thema 5

Klikt het?

Thema 6

Energie(k) en gezond

Project 2

Aparte mensen

Thema 8

Vreemd

Project 3

Mangaspel

Met gemak In teksten vind je feiten of meningen. Vaak krijg je een combinatie van beide. Afhankelijk van het tekstdoel is een tekst objectief of subjectief. Er bestaan ook ‘mengvormen’. Objectieve tekst Subjectieve tekst - tekstdoel: informeren - tekstdoel: overtuigen - hoofdzakelijk controleerbare feiten - hoofdzakelijk meningen (weergave van de realiteit, soms gebaseerd op (persoonlijke weergave/ wetenschappelijk onderzoek) interpretatie van een feit) - de mening van de schrijver komt niet echt - de mening van de schrijver naar voren komt nadrukkelijk naar voren

Wat je moet leren, vind je in de paarse kaders, de Vastgespijkerd-kaders.

Er zijn bepaalde woorden/woordgroepen die van een feit een mening maken en omgekeerd.

Wat moet je kunnen? - de gepaste link kiezen in een elektronische leeromgeving; - een wiki schrijven naar aanleiding van een vraag; - ervaringen uitwisselen over een boek.

Woordverklaring , gebeurtenis van de actualiteit = onderwerp de dag, van het ogenblik of bepaling geven definiëren = een definitie rijven sch om ijk del van iets, iets dui

56900_NTC_2ASO_WB.indb 4

Wat je moet kennen en kunnen, vind je in de blauwe kaders.

In de woordverklaring vind je uitleg bij allerlei moeilijke woorden.

3/02/12 13:40


Met een beetje hulp Hoe doe je dat? Zoek de woordbetekenis. - Noteer op aparte blaadjes de woorden die je niet begrijpt. - Leg de blaadjes na het beluisteren in het midden van de groep. - Kies het woord dat je wel begrijpt vanuit de context. - Vorm met dat woord een zin zodat de anderen het woord kunnen begrijpen. - Schrijf de zinnen op die voor jou belangrijk zijn voor het juiste woordbegrip. Lees de taalopdrachten.

Probeer je een beeld te vormen bij wat de leraar in de klas vertelt, dan heb je al veel geleerd en onthoud je gemakkelijker de leerstof.

tip

Volg de stappen en ontdek hoe je het doet. Oriënteren, voorbereiden, uitvoeren en reflecteren. De OVUR’s maken je vaardig. Talloze tips helpen je op weg. Zet een stapje terug en fris op wat je al leerde.

WB p. 452

Meer info over taalbeschouwing, vaardigheden en leren leren, zoek je op in het vademecum achteraan in je bronnenboek.

BB p. 259

Met gevoel voor (taal)humor Droedelen, ook dat is taal.

Lettergetetter

E

I

J

F

G

H

Vul het kruiswoordraadsel in (i en j zijn twee aparte hokjes)

C A D

1

2

3 4 5

6

7

Spelen met woorden.

8 9

10

11

12 13

14

Thema 6 - Lettergetetter

Thema 6 - Lettergetetter

56900_NTC_2ASO_WB.indb 5

409

3/02/12 13:40


Met kennis van zaken Evalueer jezelf en de anderen.

Hoe ging het? Heb je over iedereen iets kunnen vertellen? Hoe kon jij de informatie onthouden? Zou je dat de volgende keer op een andere manier aanpakken? Waarom wel of niet? Durfde je het woord te nemen? Heb jij je klasgenoten beter leren kennen?

Hoe vaardig ben je al? Bekijk je vooruitgang op de vorderingsfiches.

Op het einde van een thema toets je jezelf: wat ken en kun je al? Na de toets vind je extra oefenmateriaal, zowel basis- als verdiepingsoefeningen.

Stap 1 De leraar vertelt je welke toetsopdrachten of welke delen van een toetsopdracht jij zult maken. Je markeert ze in de eerste kolom van het overzicht op p. 54. Stap 2 Je maakt de toets. Je vindt de toetsen vanaf p. 55.

Wat zul je hier aan doen?

Je let extra op

……/……/…… Toelichtingen en tips:

2

Wat zul je hier aan doen?

Je let extra op

……/……/…… Toelichtingen en tips:

1

Titel oefening

Netheid

4 = goed

Crea Attitudes

…

Hoe gebruik je de zelftoets?

Aandacht voor spelling

Nummer:

Taalbeschouwing Inhoud Structuur

Gepaste titel

Klas:

Product

1 = zwak

Opbouw: I-M-S

2 = onvoldoende

Lay-out

0 = geen moeite

Opdracht volbracht Verbanden / alinea's

3 = voldoende

… Voorbereiding Gepast: doel, ontvanger ...

Beoordelingsschaal:

Zinnen Gepast taalgebruik

Vorderingsfiche Nederlands: schrijven

…

Naam:

Creativiteit Woordkeuze

5 = uitstekend

Cijfer …

Zelftoets In Thema 1 heb je al heel wat geleerd: je kent en kunt al een en ander! Tijd dus voor een toetsmoment.

Stap 3 Na de toets controleer je met de correctiesleutel. Je duidt op het schuifbalkje in kolom 4 aan hoe je scoorde. Hoe ging het? het lukte heel goed = meer dan 70 % = goed (3) het ging behoorlijk = 70% - 51% = voldoende (2)

Vorderingsfiche Nederlands: schrijven

507

het moet beter = de helft of minder = onvoldoende (1) Stap 4 Op basis van je resultaat bepaal je aan welke extra opdrachten jij zelfstandig werkt. Je spreekt met de leraar af of je oefent op basis (B) of verdieping (V). Als je niet alle opdrachten maakt in de klas, kun je ze gebruiken om thuis verder te oefenen. Extra opdrachten vind je vanaf p. 61.

Thema 1 Thema - Benieuwd? 1 - Zelftoets - Les 1

Met enthousiasme

53

Met elkaar

Voor fans van contractwerk.

X-tra

Met twee kun je meer dan alleen.

Voor wie houdt van een extraatje. Voor wie graag oefent met het scherm.

Maak samen werk van Netwerk TaalCentraal!

Hoe ging het? Ik spreek, schrijf, lees, bekijk, beluister …. NEDERLANDS!

56900_NTC_2ASO_WB.indb 6

3/02/12 13:40


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Ntc 2aso werkboek inhoudsopgave by VAN IN - Issuu