Skip to main content

MacroScoop 2 GO! - voorbeeldhoofdstuk

Page 1

macro scoop

Marleen Chalmet Rudi Goossens Bart VanoprĂŠ Catherine Van Nevel Christina Wauters

macro scoop 2

2

GO!

Leer zoals je bent Ontdek het onlineleerplatform: diddit. Vooraan in dit boek vind je de toegangscode, zodat je volop kunt oefenen op je tablet of computer. Activeer snel je account op www.diddit.be en maak er een geweldig schooljaar van!

ISBN 978-90-306-9734-3 595911

vanin.be

GO!


macro scoop GO!

IN

2

Marleen Chalmet Rudi Goossens Bart VanoprĂŠ

Catherine Van Nevel

Š

VA

N

Christina Wauters


Via www.diddit.be heb je toegang tot het onlineleerplatform bij MacroScoop GO!. Activeer je account aan de hand van de onderstaande code en accepteer de gebruiksvoorwaarden.

macro scoop GO!

Let op: activeer deze licentie pas vanaf 1 september; de licentieperiode start vanaf activatie en is 365 dagen geldig.

!

N

IN

2

VA

Fotokopieerapparaten zijn algemeen verspreid en vele mensen maken er haast onnadenkend gebruik van voor allerlei doeleinden. Jammer genoeg ontstaan boeken niet met hetzelfde gemak als kopieën. Boeken samenstellen kost veel inzet, tijd en geld. De vergoeding van de auteurs en van iedereen die bij het maken en verhandelen van boeken betrokken is, komt voort uit de verkoop van die boeken. In België beschermt de auteurswet de rechten van deze mensen. Wanneer u van boeken of van gedeelten eruit zonder toestemming kopieën maakt, buiten de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen, ontneemt u hen dus een stuk van die vergoeding. Daarom vragen auteurs en uitgevers u beschermde teksten niet zonder schriftelijke toestemming te kopiëren buiten de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen. Verdere informatie over kopieerrechten en de wetgeving met betrekking tot reproductie vindt u op www.reprobel.be. Ook voor het onlinelesmateriaal gelden deze voorwaarden. De licentie die toegang verleent tot dat materiaal is persoonlijk. Bij vermoeden van misbruik kan die gedeactiveerd worden. Meer informatie over de gebruiksvoorwaarden leest u op www.diddit.be.

©

© Uitgeverij VAN IN, Wommelgem, 2020

De uitgever heeft ernaar gestreefd de relevante auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Wie desondanks meent zekere rechten te kunnen doen gelden, wordt verzocht zich tot de uitgever te wenden.

Eerste druk, 2020 ISBN 978-90-306-9734-3 D/2020/0078/193 Art. 595911/01 NUR 120

Video p. 57: © Rode Kruis-Vlaanderen Coverontwerp: B.AD Ontwerp en opmaak binnenwerk: B.AD Tekeningen: Geert Verlinde


©

VA

N

IN

Krachten

1 KRACHTIGE GROOTHEID 2 KRACHTEN EN HUN UITWERKING 3 KRACHTEN ALS VECTOREN 4 SOORTEN KRACHTEN


1

IN

2

©

VA

N

3

(FOTO: BELGA)

Credit: BRIDGEMAN

Wat wil ik te weten komen over dit thema?

Ontdek deze en nog andere opties via het onlinelesmateriaal.

10

Krachten


1 KRACHTIGE GROOTHEID Is de olifant het sterkste dier op aarde? Krachten zijn overal aanwezig. a

Waar komt de kracht vandaan in de volgende situaties?

IN

1

Fig. 1.1

Fig. 1.2

Fig. 1.3

b

VA

N

Fig. 1.4

Noteer een viertal voorbeelden waarbij je spierkracht gebruikt.

Š

2 Er zijn veel krachtpatsers in het dagelijks leven. a Bij welke toepassingen zijn grote krachten aanwezig? Kruis ze allemaal aan. Een raket lanceren Een spijker in de muur kloppen Een cruiseschip dat vaart Papier perforeren Een auto samenpersen Nagellak aanbrengen op een vingernagel

1 Krachtige grootheid 

11


b

Noteer zelf nog een paar toepassingen waarbij je een grote kracht nodig hebt.

c

In de dierenwereld zijn er sterke en minder sterke soorten. Van de olifant wordt gezegd dat hij het sterkste dier ter wereld is. Een volwassen olifant kan immers tot 9 000 kg massa dragen. Een mestkever lijkt daarbij een nietig diertje, maar … mestkevers kunnen ongeveer 1 140 keer hun eigen lichaamsmassa tillen. Zoek nog een voorbeeld van een uitzonderlijk sterk dier dat voor zijn grootte een grote kracht kan ontwikkelen.

Fig. 1.5

d

Waarom kunnen deze kleine dieren zo’n grote kracht ontwikkelen in verhouding met hun grootte?

IN

3 Je kunt een kracht meten.

N

Kracht (F) is een grootheid die gedefinieerd werd door de Engelse natuurkundige Isaac Newton. Hij gaf daarom zijn naam aan de eenheid van kracht: newton (N). Een kracht kan dus gemeten worden. Daarvoor gebruik je een dynamometer, ook krachtmeter of newtonmeter genoemd.

VA

Hoe je een kracht meet, zoek je in onderzoek 1.

Onderzoek 1

Fig. 1.6

©

1 Onderzoeksvraag Stel de onderzoeksvraag op. 2 Hypothese 3 Benodigdheden dynamometer tot 10 N statief 4 Werkwijze 1 Trek heel lichtjes aan de dynamometer en lees de waarde af. 2 Trek met een flinke kracht aan de dynamometer en lees de waarde opnieuw af.

12

Krachten

Fig. 1.7


5 Waarneming

Hoe groot is de kracht bij stap 1?

Hoe groot is de kracht bij stap 2?

6 Besluit Hoe harder je aan de veer trekt, hoe groter / kleiner de kracht. De uitrekking van een veer is dus een maat voor de grootte van de kracht. Hierdoor is de dynamometer geschikt om krachten te meten.

Komt je hypothese overeen met het besluit? Verklaar.

IN

7 Reflectie Aan de bovenzijde van de dynamometer bevindt zich een schroefje waaraan je kunt draaien. Je gebruikt dit om te ijken. Wat betekent ijken?

We hebben een reeks van meetresultaten genoteerd van een dynamometer met een bepaalde nauwkeurigheid: 1,001 N – 2,412 N – 3,100 N – 4,824 N

Wat is de kleinste kracht die de dynamometer kan meten?

VA

N

Interessant om weten

Als je in het dagelijks leven over gewicht spreekt, dan bedoel je eigenlijk massa. Een wetenschapper maakt hier een duidelijk onderscheid in.

©

Massa is een maat die de hoeveelheid stof bepaalt waaruit een voorwerp of een organisme bestaat. Jouw gewicht of de aantrekkingskracht van de aarde als je ondersteund wordt, kan wel veranderen. In de ruimte word je door niets aangetrokken en ben je dus gewichtloos; je hebt wel nog jouw massa.

Fig. 1.8

Een kracht (F) is een grootheid. De eenheid voor kracht is newton (N). Het meettoestel voor krachten is een dynamometer of krachtmeter. Een olifant is een heel sterk dier, maar eigenlijk is een kleine mestkever sterker. Test jezelf: oefeningen 1, 2 en 3

1 Krachtige grootheid

13


2 KRACHTEN EN HUN UITWERKING Waarom is het dragen van een helm verplicht als je met een speed pedelec rijdt? 1

Krachten kunnen voorwerpen in beweging brengen. Met het volgende onderzoek kun je nagaan wat het effect is van een kracht die uitgeoefend wordt op een bal.

Onderzoek 2 1 Onderzoeksvraag Wat gebeurt er als je een kracht uitoefent op een bal? 2 Hypothese

IN

3 Benodigdheden tennisbal of pingpongbal chronometer/smartphone ingesteld als chronometer twee plooimeters (2 m)

N

Fig. 2.1

VA

4 Werkwijze 1 Ontplooi de twee plooimeters en leg ze evenwijdig naast elkaar zodat je een traject creĂŤert van 2 m waarin de bal kan rollen. 2 Duid een begin- en een eindstreep aan. 3 Leg de bal op de beginstreep en geef er een lichte tik tegen. De tik moet voldoende hard zijn zodat de bal het volledige traject kan afleggen. Start tegelijkertijd de chronometer. 4 Stop de chronometer op het moment dat de bal aan de eindstreep komt. 5 Herhaal stappen 3 en 4, maar geef nu een iets hardere tik tegen de bal. 6 Herhaal opnieuw stappen 3 en 4, maar geef nu een stevige tik tegen de bal. 5 Waarneming

Wat gebeurt er als je een tik geeft tegen de bal?

Welke afstand (het symbool voor afstand is d) heeft de bal in de drie gevallen afgelegd?

Vul de tabel hieronder verder in.

Š

Kracht (F)

afstand (d) in m

zachte tik

hardere tik

stevige tik

d (m) t (s)

tijd (t) in s

6 Besluit Een zachte tik komt overeen met een kleine / grote kracht en een stevige tik komt overeen met een kleine / grote kracht.

14

Krachten


Als je een kracht uitoefent op een bal, komt die in beweging.

Waarvoor staat de verhouding d ? (Kijk vooral naar de eenheid.) t Wat is het symbool voor die grootheid? Zoek dat eventueel op.

In welke eenheid drukken we de grootheid uit in het dagelijks leven? Wanneer is de grootheid het grootst bij het experiment en hoe groot is ze dan?

De bal beweegt sneller als er een kleine / grote kracht op uitgeoefend wordt.

Komt je hypothese overeen met het besluit? Verklaar.

IN

7 Reflectie − Als je de bal wilt opvangen aan de eindstreep, dan moet je ook een kracht uitoefenen. Hierbij moet je een grotere / kleinere kracht gebruiken als de bal met een harde tik in beweging gebracht is. Een kracht kan dus een voorwerp in beweging brengen of doen stoppen.

− Welk verband is er tussen m/s en km/h?

− Veronderstel dat de bal een afstand van 6 m zou afleggen aan een constante snelheid van 2 m/s. Hoeveel tijd heeft de bal nodig om de eindstreep te bereiken?

N

VA

Algemeen zeggen we dat een kracht de bewegingstoestand van een voorwerp kan veranderen.

2 Tijdens een fietstocht kun je op elk tijdstip je snelheid aflezen op een fietscomputer. We volgen je op zo’n fietstocht waarbij je met een constante snelheid rijdt. − Na 1 s heb je een afstand van 6 m afgelegd. − Na 2 s heb je een afstand van 12 m afgelegd. − … − Na 5 s heb je een afstand van 30 m afgelegd.

Teken met die gegevens de afstand-tijd-grafiek. Hoe groot is je snelheid?

©

d (m) 30 24 18 12 6 0

1

2

3

4

5

t (s)

2 Krachten en hun uitwerking

15


3 Met de wind in de rug gaat het vooruit!

Storm Ciara heeft heel wat schade aangericht, maar bij trans-Atlantische vluchten had hij een positief effect. Normaal vliegt een lijnvliegtuig aan een snelheid van 900 km/h. Met de storm in de rug vloog het vliegtuig aan een snelheid van 1 300 km/h; de aankomsttijd was anderhalf uur vroeger dan gepland. Via het onlinelesmateriaal maak je kennis met de grootheid snelheid.

Fig. 2.2

4 Krachten kunnen niet alleen de bewegingstoestand van een voorwerp veranderen.

Dat kun je nagaan met het volgende onderzoek, waarbij we een kracht uitoefenen op een spons.

IN

Onderzoek 3 1 Onderzoeksvraag Wat gebeurt er met de vorm van een spons als je er een kracht op uitoefent? 2 Hypothese

3 Benodigdheden spons

N

VA

4 Werkwijze 1 Knijp voorzichtig in de spons. 2 Knijp de spons stevig samen. 5 Waarneming

Wat gebeurt er als je zacht in de spons knijpt?

Hoe is dat als je de spons stevig samen duwt?

Š

6 Besluit Als je een kracht uitoefent op een voorwerp (bv. een spons), kan dat vervormen. Hoe groter de kracht op het voorwerp, hoe meer / minder dat voorwerp vervormd wordt. Die vormverandering wordt ook het effect van een kracht genoemd. Komt je hypothese overeen met het besluit? Verklaar.

7 Reflectie Hoe komt het dat je een spons zo gemakkelijk kunt vervormen?

16

Krachten

Fig. 2.3


5 Bij sommige voorwerpen wordt ervoor gezorgd dat ze slechts minimaal kunnen vervormen. a

Een fietshelm is nog niet verplicht voor een gewone fiets, maar is zeker geen overbodige luxe. Wat is het nut van een fietshelm?

b Waarom moet een fietshelm altijd vervangen worden na een val? Kruis het juiste antwoord aan. Na een val is de helm niet helemaal rond meer en past hij niet goed. De krassen aan de buitenkant kun je niet meer herstellen. Het materiaal is samengedrukt waardoor de veerkracht van de helm verdwijnt. Na een val zijn er kleine scheurtjes in het materiaal waardoor de helm niet meer veilig is.

Interessant om weten

VA

N

IN

In een auto zitten er tal van veiligheidsvoorzieningen, waaronder airbags. Als de sensoren van een airbag een ongeval registreren, grijpt er een bijna explosieve chemische reactie plaats. Daarbij blaast de airbag zich op in 0,03 s. Die luchtzak vangt daarna de schok op, zodat de bestuurder minder zware kwetsuren oploopt. De eerste airbags bevonden zich in het stuur. Tegenwoordig zijn er ook airbags geĂŻnstalleerd voor de passagiers zowel vooraan als achteraan. In de toekomst wil men zelfs motorrijders Fig. 2.4 Credit: WENN uitrusten met airbags in hun motorpak. Als ze vallen tijdens een ongeval, blazen de airbags zich op en wordt de motorrijder omringd met luchtzakken tijdens zijn val. Dat zou het aantal zware verwondingen kunnen verminderen. Via het onlinelesmateriaal kun je nog meer te weten komen over de werking van een airbag.

Krachten hebben een bepaald effect: - Krachten kunnen de bewegingstoestand van een voorwerp of organisme veranderen. - Krachten kunnen voorwerpen of organismen vervormen.

Š

De verandering in bewegingstoestand binnen een bepaalde tijdseenheid kan uitgedrukt worden met de grootheid snelheid (v). De hoofdeenheid is meter per seconde (m/s). Een andere veelgebruikte eenheid voor snelheid is kilometer per uur (km/h). De snelheid is de verhouding tussen de afstand (d) van het afgelegde traject en de tijd (t) die nodig is om het traject af te leggen. De formule hiervoor is: v = afstand = d t tijd Met een speed pedelec kun je heel snel fietsen. Daardoor kun je ook zwaar vallen. Het dragen van een fietshelm is dus zeker geen overbodige luxe. Test jezelf: oefeningen 4, 5, 6 en 7

2 Krachten en hun uitwerking 

17


3 KRACHTEN ALS VECTOREN Niet alleen Cupido gebruikt een pijl 1

Een goede biljartspeler speelt met de krachten op de bal.

Als je wilt biljarten, kun je het best iets van fysica kennen. Als je een bal immers in een bepaalde richting wilt sturen, moet je de kracht op de bal op de juiste plaats laten aangrijpen. Je onderzoekt het effect op een bal als je hem met een keu aanstoot. Fig. 3.1

Onderzoek 4

IN

1 Onderzoeksvraag De onderstaande onderzoeksvraag is nog niet klaar. Vul ze aan zodat je het onderzoek kunt uitvoeren. Welk

als je met de keu de bal raakt?

2 Hypothese

N

VA

3 Benodigdheden een ronde stok (bijvoorbeeld een borstelsteel) van ongeveer 1,25 m (of een keu) biljartbal (of een bal van dezelfde grootte)

Š

4 Werkwijze 1 Leg de bal aan een kant van de tafel. 2 Neem de borstelsteel vast zoals een keu en tik met een kleine kracht in het midden tegen de bal. 3 Tik nu in het midden aan de linkerkant van de bal met dezelfde kracht als de vorige stoot. 4 Tik in het midden aan de rechterkant van de bal met dezelfde kracht. 5 Tik ten slotte in het midden aan de rechterkant van de bal met een veel grotere kracht. 5 Waarneming

Hoe beweegt de bal bij stap 2?

Hoe beweegt de bal bij stap 3?

Hoe beweegt de bal bij stap 4?

Wat is er veranderd bij stap 5?

6 Besluit Door de bal op een bepaalde plaats aan te stoten, krijgt de bal een effect. Daardoor beweegt de bal in een bepaalde richting. Waarvan is het effect op de bal afhankelijk?

18

Krachten


Komt je hypothese overeen met het besluit? Verklaar.

7 Reflectie Wat zou er gebeuren als je de bal aan de onderzijde zou aanstoten met de stok? Probeer dat maar eens uit.

2 Gebruik al je kennis om een biljartbal met de perfecte kracht aan te stoten.

g in ht ric tte

zin

Fig. 3.2

Teken de kracht met aangrijpingspunt voor de situatie waarbij je de bal raakt met een kracht van 3 N, in het midden van de bal (1 cm = 1 N).

©

VA

N

Op een vector kun je de eigenschappen van een kracht aanduiden. • richting (rechte waarop de pijl is getekend of in ons voorbeeld de richting van de keu); • grootte (de lengte van de pijl); • zin (pijlpunt of in ons voorbeeld rechts naar boven). Het aangrijpingspunt maakt geen deel uit van de kracht, (aangrijpingspunt) maar wel van het voorwerp. Zo heb je in onderzoek 4 gemerkt dat de positie van de keu bepalend is voor een ander effect van de kracht op de bal.

gr oo

IN

Uit onderzoek 4 kun je afleiden dat een kracht bepaalde eigenschappen heeft. Zo heeft een kracht een bepaalde grootte, hij begint op een welbepaalde plaats, hij beweegt volgens een bepaalde richting en de kracht ‘wijst’ ergens naar toe (vooruit/achteruit – links/rechts). Als je zo’n kracht op een bal zichtbaar wilt maken, moet je de kracht voorstellen. Je maakt dan gebruik van een vectormodel.

Een kracht heeft een aantal eigenschappen die je kunt voorstellen met een vectormodel: − richting (rechte waarop de pijl is getekend); − grootte (de lengte van de pijl); − zin (pijlpunt). Het aangrijpingspunt maakt geen deel uit van de kracht, maar wel van het voorwerp. Het aangrijpingspunt heeft wel invloed op het effect van een kracht. Ingenieurs gebruiken het vectormodel om te verwerken in hun schetsen van constructies. Cupido schiet pijlen af, terwijl ingenieurs ze tekenen. Test jezelf: oefeningen 8, 9 en 10

3 Krachten als vectoren

19


4 SOORTEN KRACHTEN In het ISS is er GEEN zwaartekracht 1

Er wordt heel wat geduwd en getrokken op een dag!

Fig. 4.1

IN

Je kunt hierbij denken aan een gevechtssport, maar je kunt het ook ruimer bekijken. In de afbeeldingen hieronder zijn er tal van situaties getoond waarbij een duw- of trekkracht uitgeoefend wordt. Schrap het foutieve antwoord.

Fig. 4.2

duwkracht / trekkracht

duwkracht / trekkracht

Fig. 4.4

VA

N

duwkracht / trekkracht

Fig. 4.3

Fig. 4.5

duwkracht / trekkracht

duwkracht / trekkracht

Fig. 4.6

duwkracht / trekkracht

2 De aarde houdt je met de voetjes op de grond.

Š

Dat komt omdat de zwaartekracht op je werkt, waardoor je aangetrokken wordt naar de aarde. In het volgende onderzoek bepaal je de grootte van de zwaartekracht.

Onderzoek 5

1 Onderzoeksvraag 2 Hypothese 3 Benodigdheden dynamometer massa van 100 g (0,1 kg) massa van 500 g (0,5 kg)

20

Krachten


4 Werkwijze 1 Hang de massa van 100 g aan de dynamometer en lees de grootte van de kracht af. 2 Hang de massa van 500 g aan de dynamometer en lees de grootte van de kracht af. 3 Herhaal stap 1 en lees de grootte van de kracht af, terwijl je van een stoel springt. 4 Herhaal stap 2 en lees de grootte van de kracht af, terwijl je van een stoel springt.

Tip Zorg ervoor dat het haakje gesloten is, zodat het blokje niet loskomt van de dynamometer terwijl je springt. Fig. 4.7

IN

5 Waarneming

Hoe groot is de kracht bij stap 1 (voor het springen)?

Hoe groot is de kracht bij stap 2 (voor het springen)?

Hoe groot is de kracht bij stap 3 (tijdens het springen)?

Hoe groot is de kracht bij stap 4 (tijdens het springen)?

N

6 Besluit Voorwerpen worden aangetrokken door de aarde met een bepaalde kracht:

De grootte van de zwaartekracht bepaal je ook met een dynamometer.

Als een voorwerp ondersteund of opgehangen is, heeft het wel / geen gewicht. Als een voorwerp valt, heeft het wel / geen gewicht.

Komt je hypothese overeen met het besluit? Verklaar.

VA

©

7 Reflectie Het is helemaal niet eenvoudig om te vertellen wat één newton exact betekent. Maar het volgende voorbeeld maakt het wel duidelijk. Als je op je uitgestrekte hand een massa van 100 g legt, voel je een kracht van 1 N. Als je bijvoorbeeld een glas limonade met een massa van 350 g opheft, hoe groot is dan de kracht die je daarbij uitoefent?

4 Soorten krachten

21


3 Sommige krachten werken tegen.

Je hebt weleens meegemaakt dat de verharde weg waarop je fietst, overgaat naar een weg die bestaat uit los zand. Plots merk je dat het veel lastiger is om te fietsen. Of je hebt je misschien al afgevraagd waarom je zo snel glijdt van een waterglijbaan. Deze ervaringen uit het dagelijks leven kun je verklaren met het onderstaande onderzoek.

Onderzoek 6 1 Onderzoeksvraag Welke onderzoeksvraag kun je stellen voor dit onderzoek? Kies ze uit de volgende mogelijkheden. Welke invloed heeft de ondergrond op een horizontale beweging? Welke invloed heeft de kracht op een horizontale beweging? Welke invloed heeft snelheid op een horizontale beweging? Welke invloed heeft de lucht op de horizontale beweging?

2 Hypothese

vertrek

N

3 Benodigdheden tafel biljartbal (of een bal van dezelfde grootte) grote badhanddoek ronde stok (zie onderzoek 4) twee plooimeters

IN

tafel

stilstand

VA

vertrek

stilstand

biljartbal

badhanddoek

Fig. 4.8

Š

4 Werkwijze 1 Ontplooi de twee plooimeters en leg ze evenwijdig naast elkaar zodat je een traject creĂŤert waarin de bal kan rollen. 2 Leg de bal aan het begin van het traject en stoot hem aan met de stok. 3 Lees de afstand die de bal heeft afgelegd af op een plooimeter. 4 Leg de badhanddoek onder hetzelfde traject op de tafel. 5 Herhaal stappen 2 en 3. 5 Waarneming

Hoe ver rolt de bal op de tafel?

Hoe ver rolt de bal op de badhanddoek?

6 Besluit Wat is het verschil tussen de tafel en de badhanddoek als ondergrond?

22

Krachten

De beweging van de bal op de handdoek wordt tegengewerkt door de ondergrond. De kracht die deze beweging tegenwerkt, noem je wrijvingskracht.

Komt je hypothese overeen met het besluit? Verklaar.


Interessant om weten

VA

N

IN

De wrijvingskracht is een vriend en een vijand binnen de autosport. Langs de ene kant worden racewagens zo gebouwd dat ze weinig wrijving ondervinden tijdens het rijden zodat ze hogere snelheden bereiken. De topsnelheid die ooit bereikt werd met een racewagen is 378 km/h door Valtteri Bottas. Langs de andere kant is wrijving ook nodig om te kunnen vertrekken en bochten te nemen. Zonder wrijving zou een wagen niet kunnen vertrekken of hij zou uit de bocht vliegen. Ook tijdens het remmen heb je de wrijvingskracht nodig.

Fig. 4.9

©

In het dagelijks leven kom je met heel wat krachten in aanraking. − Zwaartekracht is de kracht waarmee de aarde je aantrekt. − Trek- en duwkrachten hebben heel veel toepassingen. − Wrijvingskrachten remmen de beweging af. Als je in het internationaal ruimtestation vertoeft, draai je met een grote snelheid (27 700 km/h) om de aarde. De zwaartekracht van de aarde heeft weinig invloed op je waardoor je gewichtloos kunt bewegen. Test jezelf: oefeningen 11, 12 en 13

4 Soorten krachten

23


! a h A ! a h A

Schema

SOORTEN • Zwaartekracht • Trekkracht • Duwkracht • Wrijvingskracht • ...

©

VA

N

METEN • Dynamometer • Grootheid kracht (F) • Hoofdeenheid (N)

IN

KRACHTEN

UITWERKING • Verandering van bewegingstoestand: - Snelheid (v) met eenheid m/s en km/h v = afstand = d t tijd - versnellen, vertragen, stoppen • Vervorming

24

KRACHTEN

VOORSTELLING: VECTORMODEL • richting (rechte waarop de pijl is getekend); • grootte (de lengte van de pijl); • zin (pijlpunt)

aangrijpingspunt


Checklist helemaal begrepen

Wat ken/kan ik?

hier kan ik nog groeien

pg. 13

Ik kan een dynamometer correct gebruiken.

12

Ik kan het verband zien tussen het uitoefenen van een kracht op een voorwerp en de snelheidsverandering ervan.

14

Ik kan de snelheid berekenen met informatie over de afstand en de tijd.

15

Ik kan de grootheid snelheid met de gepaste eenheid gebruiken in toepassingen.

16, 26

Ik kan het verband zien tussen het uitoefenen van een kracht op een voorwerp en de vervorming ervan.

16

Ik kan een kracht toelichten met behulp van een vectormodel.

19

Ik kan voorbeelden van zwaartekracht illustreren.

20

IN

Ik kan de eenheid van kracht gebruiken in metingen.

Ik kan met voorbeelden trek- en duwkrachten onderscheiden.

20

Ik kan met voorbeelden het effect van wrijvingskracht concretiseren.

22

Š

VA

N

Denk je dat je alles begrepen hebt in dit thema? Ga dan naar diddit en oefen verder.

AHA!

25


TEST JEZELF 1

Geef twee voorbeelden waarbij het meten van krachten heel belangrijk is.

2 Krachten worden gemeten met een dynamometer. Hieronder vind je een reeks van meetresultaten van verschillende dynamometers die dezelfde meting uitgevoerd hebben:

2,4 N – 2,41 N – 2,412 N – 2 N. Welke meting is het meest nauwkeurig?

3 In 2004 stootte de gewichtheffer H. Reza Zadeh 263,5 kg. Hij vestigde daarmee een nieuw wereldrecord, dat tot nu toe standhoudt. Hoeveel kracht oefende hij daarbij uit?

IN

4 Waarom is er een grote kracht nodig om autowrakken samen te persen?

0 200 400 600

v (m/s)

26

v (km/h)

0,0

/

/

166,7

333,4

500,0

666,7

©

800

t (s)

VA

d (m)

N

5 Iedere zondagochtend wandel je naar de bakker. Dat is een wandeling van 2 000 m. Dit zijn de meetgegevens over jouw wandeling.

1 000

833,5

1 200

1 000,2

1 400

1 167,0

1 600

1 333,6

1 800

1 500,3

2 000

1 667,0

a

Bereken in de derde kolom de snelheid waarmee je naar de bakker wandelt. Je mag afronden tot twee cijfers na de komma.

b

Zet de snelheid, uitgedrukt in m/s, om naar km/h. Noteer de getalwaarden in de vierde kolom. Je mag afronden tot twee cijfers na de komma.

Krachten


c Je kunt het volgende vaststellen over de snelheid tijdens het wandelen: Je vertraagt tijdens de wandeling. Je versnelt tijdens de wandeling. Je versnelt en vertraagt tijdens de wandeling. Je wandelt aan een constante snelheid tijdens de wandeling. 6 Tijdens het wegslaan van een tennisbal treedt er zowel een snelheidsverandering als een vervorming op als gevolg van de kracht op de bal. Is deze uitspraak correct? Leg uit.

7 Als je een beetje tandpasta op je tandenborstel duwt, is er een verandering in de bewegingstoestand en een vormverandering. Leg uit.

IN

8 Als je op de grond staat, werkt de zwaartekracht op je. Wat is de richting en de zin van die kracht? loodrecht naar boven naar boven naar onderen loodrecht naar onderen

VA

N

9 Als de spuitkoppen van een printer naar rechts en naar links bewegen tijdens het afdrukken, wat wordt er dan voortdurend gewijzigd in de kracht? aangrijpingspunt grootte richting zin

Š

10 Je stoot met een keu horizontaal tegen een biljartbal. Je oefent daarbij een kracht uit van 5 N. Teken die kracht en duid het aangrijpingspunt, de richting, de zin en de grootte aan. (0,5 cm = 1 N)

Test jezelf 

27


11 Hoe groot is jouw gewicht tijdens een vrije val bij een parachutesprong? a Kruis het juiste antwoord aan. hetzelfde als op de grond een beetje minder geen gewicht het dubbele van op de grond

b

Leg uit.

12 Waarom gebruiken wielrenners een speciale helm tijdens het tijdrijden?

Š

VA

N

IN

13 Welke krachten spelen een belangrijke rol tijdens het gewichtheffen? Kruis ze allemaal aan. zwaartekracht trekkracht duwkracht magnetische kracht elektrostatische kracht wrijvingskracht

28

Krachten


macro scoop

Marleen Chalmet Rudi Goossens Bart VanoprĂŠ Catherine Van Nevel Christina Wauters

macro scoop 2

2

GO!

Leer zoals je bent Ontdek het onlineleerplatform: diddit. Vooraan in dit boek vind je de toegangscode, zodat je volop kunt oefenen op je tablet of computer. Activeer snel je account op www.diddit.be en maak er een geweldig schooljaar van!

ISBN 978-90-306-9734-3 595911

vanin.be

GO!


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
MacroScoop 2 GO! - voorbeeldhoofdstuk by VAN IN - Issuu