Skip to main content

Lift Explore - Leerwerkboek

Page 1

1e graad A

IN

T

VA

N

F

I

©

L

EXPLORE Een verkenning in de economie


N

VA

© IN


IN

LIFT EXPLORE

©

VA

N

1e graad


De overheid

N

4

IN

THEMA

THEMA

©

VA

3

Ondernemingen en organisaties

THEMA

2

THEMA

1

p. 133

p. 61

De consument

p. 17

De economische kringloop

p. 5

Het onlineleerplatform bij Lift Explore Starten met Lift Explore


Starten met Lift Explore Welkom bij Lift Explore. We leggen graag even uit hoe je met dit leerpakket aan de slag gaat.

1 OP WEG MET LIFT EXPLORE

2

T F I L

IN

Het leerwerkboek bestaat uit vier thema’s en ICT-fiches. Elk thema is op dezelfde manier opgebouwd.

In totaal zul je vier thema’s doorlopen: de economische kringloop, de consument, ondernemingen en organisaties en de overheid. Elk thema start met een Themapagina.

N

De consument

04/06/2020 07:23

VA

Je doorloopt per thema verschillende Levels, waarbij je telkens een centrale onderzoeksvraag beantwoordt. Je verkent de onderzoeksvraag aan de hand van verschillende opdrachten, onder de noemer Explore.

Explore 1— Welke producten komen uit België? 1

naar de producten die in België geproduceerd worden. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je wat ondersteuning wilt. Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt.

Bij verschillende opdrachten kun je kiezen uit twee of meerdere Opties. De opties geven je de keuze of je graag een uitdaging wilt aangaan of liever meer ondersteuning wenst. Het kan ook zijn dat je kunt kiezen volgens je interesse.

Optie 2 a

Internet

Zoek op internet welke producten in België geproduceerd worden. Je kunt ook de hyper-

duceerd worden.

links in het onlinelesmateriaal gebruiken.

Maak van die producten een schematische

b

Maak van die producten een schematische

voorstelling met een tekstverwerker. Gebruik

voorstelling met een tekstverwerker.

indien nodig de ICT-fiches van tekstverwerker.

Gebruik indien nodig de ICT-fiches van tekstverwerker.

2

Bewaar het schema in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

3

Noteer nogmaals de productcategorieën die in België geproduceerd worden.

4

Daarnaast worden er ook heel wat voedingswaren in België geproduceerd. Welke?

LEVEL 2

29/01/2020 14:17

Buitenland Betalen voor export

Betalen voor import

THEMA 1

LEVEL 1

Poster economische kringloop/business model A1 - v2.indd 2

L I F T

Exporteren van goederen en diensten

Bedrijven Betalen van lonen

Leveren van arbeid aan bedrijven

Leveren van goederen aan consumenten

b

Powerpoint

Ga naar het onlinelesmateriaal. Ontdek in de powerpoint welke producten in België gepro-

38

Betalen voor aankoop goederen en diensten

Gezinnen

Leveren van goederen en diensten

Betalen voor goederen en diensten

Betalen van belastingen

Overheid Belastingen

Betalen van lonen

Leveren van arbeid

Leveren van goederen en diensten

Importeren van goederen en diensten

© Goederen- en dienstenstroom / Geldstroom

a

LIFT_T2_L2.indd 38

13

LIFT_T1_L1.indd 13

Optie 1

THEMA 2

De verworven leerstof is gebundeld in To the point. Daarin staat wat je moet onthouden uit het level in de vorm van een mindmap.

TO THE POINT

Niet alle producten die we consumeren, worden in België gekweekt, geteeld of geproduceerd. Ga op zoek

11/06/2020 16:08

17/06/2020 15:45

STARTEN MET LIFT EXPLORE

LIFT_T2_L1A.indd 1

1


Nu is het tijd om je opgedane kennis in te oefenen aan de hand van verschillende Actions.

Action 4— Kun je dit vraagstuk oplossen? Lees aandachtig het vraagstuk en bereken het resultaat van onderneming Campeerservice. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt.

Campeerservice verkoopt tenten en in het bijzonder tenten voor bergbeklimmers. De onderneming koopt de tenten aan voor 250,00 euro en verkoopt de tenten voor 385,00 euro. Jaarlijks verkopen ze 1 500 tenten. De andere kosten bedragen 120 000,00 euro.

Optie 1 a b

In een rechte lijn

Optie2

Met tussenstappen

Bereken het resultaat van de

a

Bereken de omzet van Campeerservice.

onderneming.

b

Bereken de jaarlijkse aankoopkosten.

Maakt ze winst of verlies? Waaruit leid je

c

dat af?

Bereken de totale kosten voor Campeerservice.

d

Bereken het resultaat van de onderneming.

e

Maakt ze winst of verlies? Waaruit leid je dat

98

LIFT_T3_L4.indd 98

17/06/2020 15:47

IN

THEMA 3

LEVEL 4

af?

Aan het einde van elk level sta je stil bij de actualiteit omtrent de inhoud van dat level in de rubriek Breaking news. Bij het onlinelesmateriaal vind je de bijhorende artikels of filmpjes om de opdracht uit te voeren.

BREAKING NEWS

F

STARTEN MET LIFT EXPLORE

I

2

L

ICT-fiches

Welke maatregel van de EU heeft invloed gehad op jongeren en hun leefwereld?

CHECKLIST

N

JA 1

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan uitleggen aan de hand van een voorbeeld dat de EU beslissingen neemt die invloed hebben op de leefwereld van jongeren.

2

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

C H A L N G E L E

3

Ik kan wisselkoersen berekenen aan de hand van een aangereikte website.

C H A L N G E L E

4

Ik kan aan de hand van een voorbeeld illustre-

LEVEL 2

ren dat een eenheidsmunt voordelen biedt.

THEMA 4

VA

©

T

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

Elk level eindigt met een Checklist. Het is een hulpmiddel om te beoordelen of je de doelen van dat level onder de knie hebt.

2

1

159

LIFT_T4_L2.indd 159

De ICT-fiches helpen je om zelfstandig met een tekstverwerker, een rekenblad of een presentatiepakket aan de slag te gaan; infographics te creëren, foto’s en video’s te monteren en online samen te werken. Ga naar het onlinelesmateriaal om de ICT-fiches te raadplegen.

17/06/2020 15:49


2 HANDIG VOOR ONDERWEG

Explore 4— Wat is de ideale verkoopprijs?

In elk thema vind je dezelfde hulpmiddelen.

1

PRIJS

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Prijs. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

Stap 6:

Bereken de omzet per seizoen door een formule te gebruiken. Gebruik daarvoor

ICT-fiche_R_24. Doorheen het thema vind je de belangrijkste Bereken de totale omzet per seizoen door een formule te gebruiken. Gebruik daarvoor zaken op een rijtje in de rode kenniskaders. ICT-fiche_R_24.

PRIJSSTRATEGIE

Stap 7: Stap 8:

Elke onderneming hanteert een eigen prijsstrategie. Sommige profileren zich als de goedkoopste, andere hanteren hoge prijzen omdat ze dat willen linken aan een hoge kwaliteit.

Bereken de totale omzet per jaar door een functie te gebruiken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24. 2

Explore 3— Welke kosten moet je in rekening brengen?

Vergelijk de prijzen van deze producten. a

Voeg in de laatste kolom een supermarkt naar keuze toe.

b

Surf naar de websites van Aldi, Colruyt, Delhaize, Albert Heyn en van de gekozen supermarkt.

c

Noteer de prijzen per kilo / liter van de producten uit de eerste kolom. Wanneer er meerdere merken

zijn opgenomen in het assortiment, noteer je de prijs van het goedkoopste merk. Moeilijke woorden worden uitgelegd ALDI COLRUYT DELHAIZE ALBERT HEYN in een begrippenkader. Die woorden vallen extra op door de stippellijn. 1 liter halfvolle melk

IN

HANDELSGOED

In de eerste plaats zijn er de kosten die je maakt als je de goederen aankoopt, ook wel handelsgoederen genoemd.

(brik)

1

Bereken de aankoopkosten met een rekenblad door het stappenplan te volgen. Ga naar het online-

lesmateriaal. Je vindt er het basisbestand. Gebruik indien nodig de ICT-fiches voor rekenblad. Denk eraan

200 g melkchocolade

dat Fleur en Dries zowel voor de scheuten als voor de planten in kuip, stekken moeten aankopen.

Begrippenlijst Thema 1

STAPPENPLAN

ICT-fiche_R_14. 1

buitenland

België.

1 consument Een consument A1 is de koper een goed of Geef deze cellen de juiste opvulkleur: totvanen met H2; B7 tot en met C7; E7 tot en met F7. een dienst.

Gebruik daarvoor 1ICT-fi che_R_13. consumeren Consumeren betekent goederen en diensten kopen om je behoeften te bevredigen.

Geef alle cellen van deeconomische tabel een blauwe celrand. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_13. 1 De economische kringloop is de schematische weergave van de relaties tussen de gezinnen, de bedrijven, de overheid en het

STEKKEN1

buitenland. geldstroom

De geldstroom houdt in dat de bedrijven en

KUIPEN

middel (gekleurde

ven, de overheid en het buitenland betalen AANKOOPAANKOOPop hun beurt voor de geleverde goederen en

AANTAL

KOSTENdiensten.

PRIJS

1

goederen- en dienstenstroom

uit de gezinnen die arbeid leveren, en uit de

1

overheid

De overheid is de instantie die het meeste

Winter

AANKOOP-

AANTAL

AANKOOP-

KOSTEN

KOSTEN

De goederen- en dienstenstroom bestaat

Forum 1 Vat het artikel samen (in tien tot twintig regels) in een tekstverwerker. Lees je graag, kies dan het artikel

bedrijven, de overheid en het buitenland die goederen en diensten leveren.

‘Je weet zelf ook wel dat er iets niet pluis is met een T-shirt van 3 euro’. Lees je minder graag, kies dan het Een hoge prijs betekent ook een hoge kwaliteit. Hoe denk jij daarover? artikel ‘Chinese fabrieksarbeider vangt leed van zware werk in poëzie’.

gezag heeft over een grondgebied, hier

Lente

België. 1

producent

1

produceren

De producent is een persoon of een onderneming die een goed produceert en / of

Zomer

2

verkoopt of een dienst levert.

Produceren betekent goederen maken of

gemaakt heeft. Dat is 0,60 procent. De verdeling is dus onrechtvaardig.

Infographic 2: Uitsplitsing van de kosten van een T-shirt van drie euro

107

Explore 1— Studeren in het buitenland?

VA

BEGRIPPENLIJST

Totaal

Wat kun je uit deze grafiek afleiden over de kosten van een T-shirt dat in Afrika geproduceerd wordt?

Van een T-shirt van drie euro gaat er slechts 0,018 euro naar de arbeider die dat

vervaardigen.

Herfst

buitenland doen?

N

PRIJS

geleverde arbeid. De gezinnen, de bedrij-

Action 1— Samengevat: Is het ethisch wat bedrijven in het was)

TOTALE

de overheid de gezinnen betalen voor de

AANKOOP-

THEMA 1

(jaar)

Tip:

In de Good to know-kaders staan handige tips of weetjes bij de nodig ICT-fiche_R_07. uitvoering van de opdrachten.

Good to know

Noteer de getallen volgens de NBN-normen: Gebruik een spatie als scheidingsteken na de LIFT_T3_L5.indd 107 16

duizendtallen, noteer het euroteken voor het getal en schrijf twee decimalen. Gebruik indien LIFT_T1_lijst.indd 16

LEVEL 5

kringloop

THEMA 3

Stap 3:

Je vindt die woorden ook achteraan in de Begrippenlijst. Bij het onlinelesmateriaal 1 liter bruiswater vind je dezelfde begrippen terug in een beeldwoordenboek. 1 liter vloeibaar wasbloem

Alle landen buiten de landsgrenzen van

17/06/2020 16:11

17/06/2020 15:52

LEVEL 4

Stap 2:

1 kg zelfrijzende

Voeg deze cellen samen: B1 tot en metVERKLARING D1 en E1 tot en met G1. Gebruik daarvoor LEVEL BEGRIP IN JE EIGEN WOORDEN

Erasmus is het EU-programma voor onderwijs, opleiding, jeugd en sport in Europa. De EU heeft een budget van 14,7 miljard euro om meer dan 4 miljoen Europeanen de mogelijkheid te geven om in het buitenland te studeren, een opleiding te volgen of ervaring op te THEMA 3

Stap 1:

doen.

89

Bekijk aandachtig de volgende infographics en beantwoord de vragen. a

LIFT_T3_L4.indd 89

Bron: Mo* & Fair Wear Foundation, 2015-04-21

Naar welk land gaan de meeste Erasmusstudenten?

17/06/2020 15:54

Forum b

Op welke plaats staat België bij de buitenlandse Erasmusstudenten? Hoe kun jij rekening houden met de slechte werkomstandigheden van de

c

Gaan er meer jongens of meisjes studeren in het buitenland?

arbeiders uit de teksten.

Action d2—Hoelang Grafi eken van import en export van België verblijven de studenten gemiddeld in het buitenland? 1

Je weet intussen wie de top tien klanten en leveranciers zijn van België en welke producten het meest Infographic 1:en Degeïmporteerd populairste Erasumusbestemmingen geëxporteerd worden. Die informatie zet je in een grafiek met behulp van een rekenblad. Bepaal zelf hoeveel ondersteuning je voor de opdracht wilt door een van de vier opties te kiezen.

De volgende iconen helpen je ook nog een eind op weg:

Maak een staafdiagram met de top tien klanten van België en hun exportwaarde.

LEVEL 2

Het beeldfragment dat hierbij hoort, invoer ervan.vind je online. d

Maak een kolomgrafiek met de top vijf van meest geïmporteerde producten en de waarde van de

Het luisterfragment dat hierbij hoort, vind je online. Je vindt online een52ontdekplaat.

Bron: Europese Commissie

17/06/2020 16:15

LEVEL 2

LIFT_T2_L2.indd 52

Je oefent je ICT-vaardigheden.

THEMA 4

Je moet iets bewaren in je portfolio.

STARTEN MET LIFT EXPLORE

a

b Maak een staafdiagram met de top tien leveranciers van België en hun importwaarde. Je vindt online extra (ondersteunend) materiaal. c Maak een kolomgrafiek met de top vijf van Belgische exportproducten en de waarde van de uitvoer. THEMA 2

©

In een Forum voer je in groepjes of met de hele klas een gesprek over een bepaalde stelling. Het is de bedoeling dat je luistert naar elkaars mening en leert hoe anderen denken, maar ook dat je je eigen mening leert onderbouwen met argumenten.

151

3


HET ONLINELEERPLATFORM BIJ LIFT EXPLORE

Leerstof kun je inoefenen op jouw niveau.

IN

Je kunt vrij oefenen of de leraar kan opdrachten voor jou klaarzetten.

Hier vind je de opdrachten die de leraar voor jou heeft klaargezet.

N

Hier kan de leraar toetsen en taken voor jou klaarzetten.

VA

Benieuwd hoe ver je al staat met je oefeningen en opdrachten? Hier vind je een helder overzicht van je resultaten.

Hier vind je het lesmateriaal per hoofdstuk (onder andere videobestanden, instructiefiches en instructiefilmpjes).

STARTEN MET LIFT EXPLORE

©

Ga ook hier aan de slag met ontdekplaten en de bijhorende werkblaadjes.

4


2

IN

T

VA

N

F

I

©

L

De economische kringloop


THEMA

IN

1

©

VA

N

De economische kringloop


IN N LEVEL

Wat is de economische kringloop?

©

VA

1

p. 8


LEVEL 1 Wat is de economische kringloop? INTRO Werk in vier groepen. Duid per groep een verantwoordelijke aan. Bekijk samen met je groep deze

IN

1

collage van het gezin Van Vooren dat een tv-toestel wil kopen. Wat stelt de collage volgens jullie voor? a

De verantwoordelijke noteert de informatie die de groep uit de collage haalt.

b

Die verantwoordelijke vertelt vervolgens aan de klas wat de groep aan informatie gevonden

©

VA

N

heeft.

THEMA 1

LEVEL 1

2

8

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat is de economische kringloop?

© Rose Carson / Shutterstock.com


Explore 1— Wat is een economische kringloop en

welke partijen maken er deel van uit?

Economische kringloop De economie gaat over de mensen die zaken produceren, aanschaffen of consumeren. We moeten produceren omdat we zaken nodig hebben om te overleven. De werking van de economie kun je voorstellen in een economische kringloop. In die kringloop zijn er vier

IN

partijen die onderling met elkaar verbonden zijn: de consument, de producent, de overheid en het buitenland.

1

Noteer de vier partijen in de onderstaande vereenvoudigde afbeelding van de economische kringloop. Kies uit:

VA

N

buitenland – overheid – gezinnen – bedrijven

Lees de tekst over Jules. Noteer de onderstreepte woorden onder de juiste partij van de economische kringloop.

Jules zit in het tweede jaar van het secundair onderwijs. Hij neemt dagelijks de bus van De Lijn naar het Koninklijk Atheneum. Peter Van Damme is zijn leraar van economie. De vader van Jules werkt bij een bank en zijn moeder werkt deeltijds in een grootwarenhuis. Jules en zijn ouders zijn vegetariërs. Ze eten vaak speciale fruitsoorten en groenten die gekweekt worden door landbouwers in verre landen.

OVERHEID

BEDRIJVEN

BUITENLAND LEVEL 1

GEZINNEN

THEMA 1

©

2

9


Explore 2— Goederenstroom versus geldstroom GELDSTROMEN EN GOEDEREN­ EN DIENSTENSTROMEN

In de economische kringloop zijn er twee stromen. 1

De goederen­ en dienstenstroom bestaat uit de gezinnen die arbeid leveren, en uit de bedrijven, de overheid en het buitenland die goederen

2

IN

en diensten leveren. De geldstroom houdt in dat de bedrijven en de overheid de gezinnen

betalen voor de geleverde arbeid. De gezinnen, de bedrijven, de overheid en het buitenland betalen op hun beurt voor de geleverde goederen en diensten.

Vul de goederen- en dienstenstroom aan door de letter bij de juiste pijl te noteren. De vader van Jules werkt bij een bank.

B

De moeder van Jules werkt bij een grootwarenhuis.

C

Peter Van Damme is de leraar economie van Jules.

D

Jules gebruikt dagelijks De Lijn om naar school te gaan.

E

De Belgische supermarkten kopen fruit en groente aan bij buitenlandse landbouwers.

F

De ouders van Jules kopen fruit en groente bij de supermarkt.

N

A

VA

1

©

Overheid

Gezinnen

Bedrijven

THEMA 1

LEVEL 1

Buitenland

10


2

Vul de geldstroom aan door de letter bij de juiste pijl te noteren. A

De vader van Jules ontvangt zijn salaris van de bank.

B

De moeder van Jules ontvangt haar salaris van het grootwarenhuis.

C

Peter Van Damme ontvangt zijn salaris van het ministerie van Onderwijs.

D

De ouders van Jules betalen het abonnement van De Lijn.

E

De ouders van Jules betalen personenbelasting waarmee de overheid onder andere het onderwijs kan financieren.

F

De Belgische supermarkten betalen buitenlandse landbouwers voor de geleverde groenten en fruitsoorten. De ouders van Jules betalen de supermarkt voor hun aankopen.

IN

G

N

Overheid

Bedrijven

Buitenland

THEMA 1

LEVEL 1

©

VA

Gezinnen

11


THEMA 1

LEVEL 1

12

Poster economische kringloop/business model A1 - v2.indd 2

L I F T

Gezinnen

Belastingen

Betalen van lonen

Leveren van arbeid

Leveren van goederen en diensten

N

Betalen voor aankoop goederen en diensten

Betalen van lonen

Leveren van goederen aan consumenten

Leveren van arbeid aan bedrijven

Overheid

Exporteren van goederen en diensten

Betalen voor import

Betalen voor export

Buitenland

Bedrijven

Importeren van goederen en diensten

IN

Betalen van belastingen

Betalen voor goederen en diensten

Leveren van goederen en diensten

Goederen- en dienstenstroom / Geldstroom

VA

© 29/01/2020 14:17

TO THE POINT


Action 1— Goederenstroom versus geldstroom Bekijk de onderstaande infographic over het maken van een chocoladereep. Noteer de begrippen bij de juiste pijl. Kies uit:

IN

geldstroom – goederen- en dienstenstroom

© Jarretera / Shutterstock.com

CONSUMENTEN

m utterstock.co

R Xavier / Sh

© BOULENGE

© Joa Souza

.com / Shutterstock

THEMA 1

LEVEL 1

©

VA

BOEREN

N

VALUE CHAIN

13


Action 2— Economische kringloop 1

Vervolledig de economische kringloop door de onderstaande activiteiten met pijlen aan te duiden.

2

Noteer: a

de letter van de goederenstroom in het groen,

b

de letter van de geldstroom in het rood. Ferre Verplanken werkt als postbode.

B

Koffiebranderij Fascino koopt een partij koffiebonen bij een landbouwer in Peru.

IN

A C

Tijdens de middagpauze betaalt Amani Panos voor het broodje.

D

Cleandienst poetst dagelijks de gebouwen van het gemeentehuis van Ravels.

De Duitse hotelketen betaalt chocolaterie Boonen uit Genk voor de geleverde pralines.

F

Treinbestuurder Gomez ontvangt zijn maandelijkse salaris van de NMBS.

G

Het gezin Neirens betaalt 4 358 euro personenbelasting aan de fiscus.

H

De firma Gabriels vult de brandstoftank van het gezin Yilmaz.

N

E

VA

Overheid

THEMA 1

LEVEL 1

©

Gezinnen

14

Bedrijven

Buitenland


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Haal uit het artikel een voorbeeld van de economische kringloop. Stel dat voorbeeld schematisch voor zoals in de kringloop.

IN

N

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

VA

JA

1

Ik kan de economische relaties tussen de

begrippen consument, producent, overheid

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

en buitenland omschrijven.

2

Ik kan de goederenstroom in de eco-

nomische kringloop illustreren met een

voorbeeld.

3

Ik kan de geldstroom in de economische

©

kringloop illustreren met een voorbeeld.

4

Ik kan de economische kringloop voorstellen aan de hand van een aangereikt

schema.

LEVEL 1

Ik kan een infographic maken.

THEMA 1

5

15


Begrippenlijst Thema 1 LEVEL 1

BEGRIP

VERKLARING

buitenland

Alle landen buiten de landsgrenzen van België.

1

consument

Een consument is de koper van een goed of

1

consumeren

Consumeren betekent goederen en dien-

sten kopen om je behoeften te bevredigen. 1

economische

De economische kringloop is de schema-

kringloop

tische weergave van de relaties tussen de

gezinnen, de bedrijven, de overheid en het buitenland. 1

geldstroom

IN

een dienst.

IN JE EIGEN WOORDEN

De geldstroom houdt in dat de bedrijven en de overheid de gezinnen betalen voor de

ven, de overheid en het buitenland betalen

N

geleverde arbeid. De gezinnen, de bedrijop hun beurt voor de geleverde goederen en diensten.

1

goederen- en

uit de gezinnen die arbeid leveren, en uit de

1

overheid

goederen en diensten leveren.

De overheid is de instantie die het meeste

gezag heeft over een grondgebied, hier

1

producent

België.

De producent is een persoon of een onder-

neming die een goed produceert en / of

produceren

THEMA 1

BEGRIPPENLIJST

©

1

16

bedrijven, de overheid en het buitenland die

VA

dienstenstroom

De goederen- en dienstenstroom bestaat

verkoopt of een dienst levert.

Produceren betekent goederen maken of

vervaardigen.


2

IN

T

VA

N

F

I

©

L

De consument


THEMA

2

IN

-

©

VA

N

De consument


IN N LEVEL

©

VA

2

Waarom voor binnenlandse of buitenlandse producten kiezen?

LEVEL

1

Welke maatschappelijke trends beïnvloeden de consument?

p. 37

p. 20


LEVEL 1 Welke maatschappelijke trends beïnvloeden de consument?

1

Lees de inleidende tekst.

IN

INTRO

Je hoort en leest vaak op sociale media, in kranten en tijdschriften dat jij tot generatie Z behoort. Behoor jij dan tot de laatste generatie? En wat is dat precies generatie Z?

VA

N

Een generatie bestaat uit mensen die in eenzelfde periode geboren zijn en gemeenschappelijke kenmerken hebben. De meest recente generaties zijn generatie X, generatie Y en generatie Z. Tot generatie X behoort al wie geboren is tussen 1956 en 1970. Mensen geboren tussen 1982 en 1996 vormen generatie Y. Zij worden ook de millennials genoemd. Wie geboren is tussen 1996 en 2015 maakt deel uit van generatie Z. Op dit moment wordt generatie alfa geboren. Hun geboortejaar ligt tussen 2016 en 2030. Uiteraard zijn die generaties niet perfect afgebakend en is er een kleine overlap.

Good to know

Een generatie die minder snel ter sprake komt, is de pragmatische generatie, geboren tussen

©

1971 en 1985.

2

Je kunt je wel inbeelden dat er heel wat verschillen zijn tussen de generaties. Welke verschillen op het vlak van comfort zijn er tussen generatie Z en generatie X? Denk bijvoorbeeld aan het wooncomfort van je grootouders. Bespreek klassikaal.

THEMA 2

LEVEL 1

3

20

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Hoe beïnvloeden trends in de samenleving ons aankoopgedrag?


Explore 1— Welke demografische trends zijn er in onze samenleving?

2

Gebruik het internet om de volgende begrippen te verklaren. a

Demografie

b

Demografische trend

IN

1

Werk in vier groepen. Elke groep gaat op zoek naar trends in de bevolking van onze samenleving en geeft

a

N

daarvan een presentatie. Werk in je groep aan het toegewezen thema. THEMA

Bevolkingsomvang, levens­

verwachting en vergrijzing

VA

Groep 1

Groep 2

Groep 3

b

Hoe ziet onze levensverwachting eruit? Sterven mensen nog altijd gemiddeld op

60 jaar of worden ze ouder?

Huishoudens en singles

Daalt of stijgt de totale bevolking?

Uit hoeveel personen bestaat een gezin?

Neemt het aantal eenpersoonshuis­ houdens toe of af?

Migratie

Urbanisatie of verstedelijking

Is er veel migratie?

Hoe is die evolutie?

Zullen er in de toekomst meer of minder mensen in een stad wonen?

©

Groep 4

HULPVRAGEN

Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt.

Zoek op internet cijfergegevens over jouw

Optie 2 

Onlinelesmateriaal

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er

onderwerp. Die kunnen in de vorm van een

over jouw onderwerp een pdf-document met

tabel of een grafiek zijn.

cijfergegevens in de vorm van tabellen en

Zorg ervoor dat de cijfers zo recent mogelijk

grafieken.

zijn.

Kopieer de tabellen en grafieken naar een presentatie of een tekstverwerker. Vermeld de bron. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van powerpoint.

LEVEL 1

Internet

THEMA 2

Optie 1

21


Kopieer de tabellen en / of grafieken in een

presentatie of een tekstverwerker. Vermeld de

de fiche ‘Welke bronnen zijn betrouwbaar?’

bron. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van

om de betrouwbaarheid te controleren.

powerpoint. 

Zoek op internet naar recente artikels of

Raadpleeg een aantal van de artikels of nieuwsfragmenten over jouw onderwerp.

nieuwsfragmenten over jouw onderwerp.

Vermeld de bron. 

Ga naar het onlinelesmateriaal en raadpleeg

Los de vragen bij de grafiek, tabel of tekst op. Voeg die toe aan jouw presentatie.

Ga naar het onlinelesmateriaal en raadpleeg de fiche ‘Welke bronnen zijn betrouwbaar?’

Formuleer per grafiek of tabel een besluit. Vermeld dat ook in de presentatie of de tekstverwerker.

IN

om de betrouwbaarheid te controleren.

Voeg aan je presentatie ook een korte samenvatting van het artikel toe. c

Bewaar de presentatie online zodat alle leerlingen er toegang toe hebben.

d

Presenteer de vaststellingen van jouw groep aan de klas en vat de demografische trends van klasge-

N

noten hieronder samen.

VA

HUISHOUDENS EN SINGLES

THEMA 2

LEVEL 1

©

VERGRIJZING

22


IN

VERSTEDELIJKING

N

MIGRATIE

VA

© Janossy Gergely / Shutterstock.com

Heterogeen

THEMA 2

LEVEL 1

©

Conclusie: Onze samenleving is heel heterogeen en divers.

23


Explore 2— Welke invloed heeft die heterogene samenleving op het aankoopgedrag?

1

Evolutie in de demografische samenstelling betekent een verandering in het aankoopgedrag binnen de samenleving. Werk in groepen rond de invloed van een bepaalde demografische trend op het aankoopgedrag. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt en zelfstandig wilt uitzoeken hoe die trends

THEMA

IN

het aankoopgedrag beïnvloeden. Kies optie 2 als je daarbij wat ondersteuning wilt.

Levensverwachting en vergrijzing

Groep 2

Huishoudens en singles

Groep 3

Migratie

Groep 4

Urbanisatie

Optie 1

N

Groep 1

Brainstormmethode

a

Werk in groepjes van vier tot zes personen.

b

Neem de toegewezen trend grondig door.

c

Bespreek aan de hand van de brainstormmethode, hoe de trend het aankoopgedrag beïnvloedt. Gebruik

VA

indien nodig het internet.

d

Vul de powerpoint aan met jullie bevindingen. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van powerpoint.

e

Presenteer de vaststellingen van je groep aan de klas.

Optie 2

Ondersteunende vragen

a

Werk per twee.

b

Neem de toegewezen trend nog eens grondig door.

c

Denk na over hoe de trend het aankoopgedrag beïnvloedt. Gebruik daartoe de vragen en het kader onder deze optie.

Vul de powerpoint aan met jullie vaststellingen. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van powerpoint.

e

Presenteer de vaststellingen van je groep aan de klas.

THEMA 2

LEVEL 1

©

d

24


LEVENSVERWACHTING EN VERGRIJZING 

Wat hebben oudere mensen meer nodig dan

URBANISATIE 

jongeren? Naar welke goederen en diensten zal

dan groter of kleiner wonen? Tot welke behoefte

hun vraag dus stijgen?

leidt dat?

Worden ouderen meer afhankelijk of meer

zelfstandig naarmate ze ouder worden? Nu zijn 65- tot 70-jarigen fitter en gezonder

Hebben ze een eigen auto nodig? Hoe verplaatsen

dan vroeger. Welke invloed heeft dat op hun

ze zich? Kopen ze meteen een eigen auto of zijn er

consumptie?

andere oplossingen? MIGRATIE

Hoe kunnen stedelingen ontsnappen aan de drukte van de stad? Waar doen ze zuurstof op?

Is er een wijziging in de aankoop van voeding? Veronderstel dat er de afgelopen 70 jaar geen migratie geweest zou zijn in ons land, wat zou er dan nu anders zijn wat betreft

1

SINGLES OF EENPERSOONSHUISHOUDEN

Kopen eenpersoonshuishoudens ook een family

pack cornflakes?

Hoe ziet hun woning eruit in vergelijking met een

gezinswoning?

N

voedingsgewoonten?

IN

Wanneer mensen naar de stad trekken, gaan ze

Ruim de helft van de Vlaamse alleenstaanden heeft moeite om rond te komen. Dat blijkt uit een onderzoek van VRT Nieuws. Ook nieuwsamengestelde gezinnen hebben het financieel niet gemakkelijk. In het totaal heeft vier op de tien Vlamingen in bepaalde mate moeite om op het einde van de maand de eindjes aan elkaar te knopen.

VA

Traditionele gezinnen lijken het volgens het onderzoek financieel beter te hebben dan de meeste andere samenlevingsvormen. Vooral alleenstaanden hebben het moeilijk: Zo heeft 55 procent – ruim de helft dus – van die groep het financieel niet gemakkelijk. In volgorde gaat het vooral nieuwsamengestelde gezinnen, alleenstaanden waarbij de kinderen het ouderlijke nest verlaten hebben en eenoudergezinnen het financieel niet voor de wind. Amper een derde van de eenoudergezinnen komt gemakkelijk rond. De meeste eenoudergezinnen komen eerder moeilijk rond, een derde haalt zelfs moeilijk tot zeer moeilijk het einde van de maand.

2

THEMA 2

LEVEL 1

©

Bron: vrt.be, 2016-06-09

25


Infographic 1: Inkomen

Bron: vrt.be, 2016-06-09

Vat hier de invloed van demografische trends op het aankoopgedrag samen.

VA

2

N

IN

3

Vergrijzing

THEMA 2

LEVEL 1

©

a

26

b

Migratie

c

Eenpersoonshuishoudens


Urbanisatie

IN

d

Explore 3— Met welke uitdagingen in de natuur heeft de aarde te kampen?

Werk in vier groepen. Elke groep werkt rond een uitdaging waarmee onze natuur geconfronteerd wordt. Je kunt

kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt.

N

UITDAGING

Waterschaarste

Groep 2

Opwarming van de aarde

Groep 3

Grondstoffentekort

Groep 4

Plastic afval

VA

Groep 1

Optie 1

Ontdekplaat

a

Ga naar het onlinelesmateriaal en bestudeer de ontdekplaat per onderwerp.

b

Beantwoord de onderstaande vragen over de ontdekplaten in een online gemeenschappelijk bestand. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van online samenwerken. Wil je een document online delen,

Groep 2:

Is er een stijging van het aantal droge periodes? Zo ja, toon aan.

Waar heerst er momenteel zoal watertekort?

Hoe verwacht men dat de waterschaarste zal evolueren?

Welke oorzaken worden aangehaald voor de opwarming van de aarde?

Hoeveel graden is de temperatuur gestegen? In welke periode is die stijging begonnen?

Is er een stijging van het zeeniveau? Zo ja, waarom en hoeveel is dat niveau gestegen tussen 1900 en 2010?

Groep 3:

Groep 4:

Welke grondstoffen zullen het snelst uitgeput zijn?

Hoelang is er nog voorraad van olie, goud, koper en lood?

Welke problemen veroorzaakt plastic afval?

LEVEL 1

Groep 1:

THEMA 2

©

gebruik dan ICT-fiche_OSGD_06 of fiche_OSOD_05.

27


Optie 2

Infographic

a

Bestudeer de onderstaande infographic en grafieken.

b

Beantwoord de volgende vragen in een online gemeenschappelijk bestand. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van online samenwerken. Wil je een document online delen, gebruik dan ICT-fiche_OSGD_06 of fiche_OSOD_05.

Groep 1: Noteer vier landen waar de waterschaarste het ergst zal zijn.

Is er in België een hoog of laag risico wat waterschaarste betreft? Hoe weet je dat?

IN

VA

N

Infographic 2: Landen met het grootste watertekort in 2040

NOTE: Projections are based on a business-as-usual scenario using SSP2 and RCP8.5.

Bron: rtlnieuws.nl, 2016-08-25 – © World Resources Institute

Groep 2: 

Markeer. In vergelijking met 1940-1980 is de temperatuur van het water tussen 1990 en 2020

©

sneller / minder snel / bijna niet gestegen.

Hoe zie je dat op de grafiek?

Infographic 3: Wereldwijde land-oceaan

THEMA 2

LEVEL 1

temperatuurindex

28


Hoe is de temperatuur de afgelopen 100 jaar geëvolueerd?

In welke periode was de felste temperatuurstijging?

IN

Infographic 4: Jaarlijkse gemiddelde temperatuur in Brussel-Ukkel van 1833 tot 2018.

Groep 3: 

N

Bron: meteo.be

Hoelang is er nog voorraad van lood, uranium, gas, antimodium en zink?

Bron: vlaanderen-circulair.be

THEMA 2

LEVEL 1

©

VA

Infographic 5: Geboren in 2010: Hoeveel is er over voor mij?

29


Groep 4: 

Welke problemen veroorzaakt plastic afval?

©

VA

N

IN

Infographic 6: Plastic voor eenmalig gebruik

Bron: www.europarl.europa.eu, 2018-10-12

THEMA 2

LEVEL 1

Good to know

30

Nieuwe ICT­toepassingen zorgen voor efficiëntere en milieuvriendelijkere processen, maar ICT vergt wereldwijd 20 % van het energieverbruik. Bovendien verhoogt ze ook de vraag naar zeldzame aardmetalen en materialen.


Explore 4— Hoe kunnen we de uitdagingen voor de natuur aanpakken?

Bestudeer de ontdekplaat en beantwoord deze vragen. a

Hoe kunnen we het probleem van waterschaarste, opwarming van de aarde en grondstoffentekort

Welke aankopen helpen om rekening te houden met ecologie en duurzaamheid?

THEMA 2

LEVEL 1

©

VA

b

N

IN

aanpakken?

31


THEMA 2

32

Veranderende

Toename

naar hogere-inkomenslanden

Van lagere-inkomenslanden

Migratie

Maatschappelijke trends

eenpersoonshuishoudens

Meer scheidingen

Mensen trouwen later

samenlevingsvormen

Veiligheid

Infrastructuur

Smart cities

Opwarming van de aarde

Plastic afval

Waterschaarste

Grondstoffentekort

IN

Klimaat

Meer groen en ontspanning nodig

Problemen voor de aarde

Urbanisatie

Uitdagingen

Babyboomgeneratie

Betere geneeskunde

Nieuwe consumptiepatronen

Toename 67-plussers

N

en vergrijzing

Levensverwachting

VA

©

dan 80

Meer vrouwen ouder

LEVEL 1

TO THE POINT


Action 1— Project 1

Maak een affiche of een video. Daarin breng je de leerlingen van de school op de hoogte van de wateren grondstoffenschaarste en je zet hen aan tot actie. Gebruik ICT-fiche_C_01 en fiche_M_01.

2

Gebruik cijfermateriaal om je boodschap wetenschappelijk te ondersteunen. Geef tips wat je medeleerlingen kunnen doen.

3

Kies of je een affiche of een video wilt maken. Wil je een affiche maken, vorm dan een duo. Wil je een

EVALUATIEFICHE

IN

video maken, vorm dan een groepje van drie.

BEWUSTMAKING WATER­ EN GRONDSTOFFENSCHAARSTE Affiche —

Score

Noodzakelijke vermeldingen aanwezig Juiste keuze sjabloon of vorm affiche

—

Opmerkingen

N

—

Max

Ordelijke weergave van de

gegevens (lay-out, afbeeldingen, schikking)

Gebruik cijfermateriaal

VA

— —

Algemene indruk (professioneel, duidelijk, mooi)

—

Niet te druk

Video —

Duidelijke beelden en foto’s

—

Duidelijke weergave van de boodschap

Originaliteit en creativiteit

©

— —

Gebruik cijfermateriaal

—

Algemene indruk (professioneel, duidelijk, mooi)

THEMA 2

LEVEL 1

TOTAAL

33


Action 2— Interpretatie van grafieken Interpreteer de onderstaande grafieken. Wat leid je uit de grafieken af?

Bron: VN

IN

Infographic 7: Afnemend groeitempo van de wereldbevolking

LEVEL 1

©

VA

N

Infographic 8: Hoelang gaan de grondstoffen nog mee?

THEMA 2

Bron: New Scientist

34


IN

Infographic 9: Urbanisatie in de voorbije 500 jaar

Bron: ourworldindata.org

1

N

Action 3— Generatie X, Y, Z of alfa

In de Intro werden generatie X, Y en Z al kort toegelicht. Zoek op internet meer informatie over die

VA

generaties.

Op welke generatie zijn deze uitspraken van toepassing? GENERATIE

Ze vervelen zich snel.

Ze hebben een korte aandachtsboog. Het is een digitale generatie.

Deze generatie groeide op in een periode met sterke economische groei en

©

2

technologische vooruitgang. Ze kunnen snel informatie vinden en filteren. Ze kregen te maken met economische crisis en jeugdwerkloosheid.

Fortnite spelen. Ze zijn beter opgeleid dan ooit. Ze zijn materialistisch ingesteld.

THEMA 2

Ze kunnen gemakkelijk multitasken: netflixen, whatsappen, huiswerk maken en

LEVEL 1

Het zijn ‘digital natives’.

35


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Beantwoord deze vragen. Welke trends in de samenleving worden er vermeld?

b

Op welke manier beïnvloeden die de consumptie?

IN

a

N

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

Ik kan demografische trends in de samenleving

VA

1

toelichten.

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

2

Ik kan de problemen in de natuur toelichten.

3

Ik kan beoordelen hoe de behoefte van de

consument beïnvloed wordt door toenemende heterogeniteit in de samenleving.

4

Ik kan beoordelen hoe de behoefte van de

consument beïnvloed wordt door sociaal-maat-

©

schappelijke ontwikkelingen.

5

Ik kan beoordelen hoe de behoefte van de consument beïnvloed wordt door bewustwor-

ding van ecologie en duurzaamheid.

THEMA 2

LEVEL 1

6

36

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.


LEVEL 2 Waarom voor binnenlandse of buitenlandse producten kiezen?

Je bent in de winkel om fruit voor je gezin te kopen. Bekijk het uitgestalde fruit.

Welk fruit komt uit ons land?

VA

a

N

1

IN

INTRO

b

2

Welk fruit komt uit andere landen?

Ga ervan uit dat jouw gezin alle fruitsoorten lust. Wat beïnvloedt er dan jouw keuze? Zou je eerder Belgische of toch liever exotische vruchten,

©

zoals mango en passievrucht, kopen? Bespreek klassikaal.

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Welke impact heeft onze keuze voor binnenlandse of buitenlandse producten op de

In welke deelvragen kun je die onderzoeksvraag opsplitsen?

THEMA 2

4

LEVEL 2

economie en de maatschappij?

37


Explore 1— Welke producten komen uit België? 1

Niet alle producten die we consumeren, worden in België gekweekt, geteeld of geproduceerd. Ga op zoek naar de producten die in België geproduceerd worden. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je wat ondersteuning wilt. Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt.

a

b

Powerpoint

Ga naar het onlinelesmateriaal. Ontdek in de

Optie 2 a

Internet

Zoek op internet welke producten in België

IN

Optie 1

powerpoint welke producten in België gepro-

geproduceerd worden. Je kunt ook de hyper-

duceerd worden.

links in het onlinelesmateriaal gebruiken.

Maak van die producten een schematische

b

Maak van die producten een schematische

voorstelling met een tekstverwerker. Gebruik

voorstelling met een tekstverwerker.

indien nodig de ICT-fiches van tekstverwerker.

Gebruik indien nodig de ICT-fiches van tekstverwerker.

Bewaar het schema in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

3

Noteer nogmaals de productcategorieën die in België geproduceerd worden.

VA

N

2

Daarnaast worden er ook heel wat voedingswaren in België geproduceerd. Welke?

THEMA 2

LEVEL 2

©

4

38


Good to know

© Lynch Shannon / Shutterstock.com

IN

Ook dit is van Belgische makelij:

De Burj Khalifa is ontworpen en gebouwd

Speculoospasta van Lotus Bakeries

VA

N

door Besix, een Belgische onderneming.

© Charles01 - Eigen werk, CC BY-SA 3.0, commons.wikimedia.org

Belgische blauwe hardsteen

Bioscoopprojectoren van Barco

Explore 2— Welke nadelen zijn er wanneer we producten uit

©

het buitenland aankopen?

Om na te gaan wat de nadelen zijn bij het aankopen van producten uit het buitenland, wordt de klas verdeeld in vier groepen. Groep 1: Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Wat wordt er in het filmpje aangehaald over

LEVEL 2

de scheepvaart?

THEMA 2

1

39


Groep 2: Ga naar het onlinelesmateriaal. Bestudeer de afbeeldingen en beantwoord de vragen. Wat wordt er op de grafieken en kaarten voorgesteld? Geef een concreet voorbeeld.

b

Welke nadelen heeft die export volgens jou?

IN

a

Groep 3: Lees de teksten over Van Hool en Bekaert, twee Belgische ondernemingen. Beantwoord de

N

vragen. a

Zoek op internet op wat Van Hool en Bekaert produceren.

b

Beide bedrijven hebben een deel van hun productie naar het buitenland verlegd. Waarom is dat voor

VA

België nadelig?

Van Hool bouwt meer bussen in Macedonië dan in België

THEMA 2

LEVEL 2

©

De hoofdzetel van het Belgische busbedrijf Van Hool bevindt zich in Lier. In 2014 opende Van Hool een productievestiging in Macedonië. In Skopje, de hoofdstad van Macedonië, werken er inmiddels 1 350 mensen en rolden er 725 voertuigen van de band. Dat is bijna dubbel zoveel als in Lier waar in 2017 nog 200 banen verdwenen.

40

Naar: tijd.be.

© Bjorn Keith / Shutterstock.com


281 banen op de tocht bij Bekaert In maart 2019 besloot Bekaert enkele van zijn activiteiten te verhuizen naar Tsjechië en Slovakije omwille van de lagere loonkosten. Daardoor zullen er in België 281 jobs verdwijnen.

IN

Naar: debouwkroniek.be, 2019-03-28

Groep 4: Lees de tekst en bestudeer de grafiek. In tegenstelling tot de andere groepen werken jullie rond de voordelen. Welk voordeel hebben de landen die naar België exporteren?

VA

N

Infographic 1: Extreme armoede van 1800 tot vandaag

Bevolkingsaandeel dat van minder dan

twee US­dollar per dag leeft

©

Bron: Gapminder, based on Bourguignon and Morrisson World Bank & our World In Data

In de afgelopen 20 jaar is het deel van de wereldbevolking dat in extreme armoede leeft, bijna gehalveerd. In 1997 leefde zowel in India als in China 42 procent van de bevolking in extreme armoede. In India daalde dat percentage tot 12 % en in China tot 0,7 %. Miljarden mensen zijn consumenten op en producenten voor de wereldmarkt geworden. Door zijn lage lonen kon China veel buitenlandse bedrijven aantrekken. Daardoor werd China het grootste

THEMA 2

LEVEL 2

productieland van de wereld en steeg de welvaart van de inwoners.

41


Vorm nu nieuwe groepen met deelnemers uit elke groep van opdracht 1. a

Schets het schema met de voor- en nadelen van import en export.

b

Maak dat schema nu met een onlinetoepassing zodat jullie er tegelijk aan kunnen werken.

IN

2

Explore 3— Welke voordelen biedt lokaal aankopen voor het Wat betekent lokaal aankopen?

VA

1

N

milieu?

Noteer enkele voordelen van lokaal aankopen.

©

2

THEMA 2

LEVEL 2

3

42

Geef enkele concrete voorbeelden van lokaal aankopen.


Explore 4— Hebben de ontwikkelingslanden voordeel van de productie van de internationale bedrijven?

1

De afgelopen decennia hebben veel bedrijven uit de Verenigde Staten en West-Europa hun productie naar lageloonlanden zoals China, India, Bangladesh, Vietnam of Indonesië verhuisd. Dat deden ze om kosten te besparen en zo meer winst te maken. De Westerse bedrijven zorgden er weliswaar voor werkgelegenheid maar toch had het ook zijn schaduwzijde. Je onderzoekt in zes groepen een bepaalde schaduwzijde van de productie voor de ontwikkelingslanden.

IN

2

a

Bekijk met je groep het toegewezen filmpje.

b

Bespreek de inhoud klassikaal.

c

Vat elk thema hieronder samen.

THEMA

Waarom blijven we T-shirts van 2 euro kopen?

Groep 2

De Sumangali-scheme in India: tienermeisjes in de kledingindustrie

Groep 3

Inside Foxconn: interviews with factory workers making iPhones and other Apple

N

Groep 1

products

This man worked undercover in a Chinese iPhone factory

Groep 5

Nigerianen gaan nog steeds dood door olievervuiling Shell

Groep 6

From Dinah with love

VA

Groep 4

Groep 1:

©

Groep 2:

THEMA 2

LEVEL 2

Groep 3:

43


Groep 4:

Groep 6:

Organisaties zoals de Schone kleren Campagne en Oxfam proberen aan die problemen iets te doen. Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Wat doet Oxfam?

VA

a

N

3

IN

Groep 5:

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Wat doet de Schone Kleren Campagne (SKC)?

c

Oxfam en SKC zijn ngo’s. Wat is een ngo?

THEMA 2

LEVEL 2

©

b

44

4

Een andere ngo is China Labor Watch. Zoek op internet wat zij doet.


Geef enkele voorbeelden van ngo’s.

6

Ga naar het onlinelesmateriaal en zoek in het pdf-document wat jij kunt doen.

IN

5

© ricochet64 / Shutterstock.com

Je hebt wellicht al van de duurzame ontwikkelingsdoelen of de Sustainable Development Goals gehoord.

N

7

Controleer of verstevig je kennis op de website sdgs.be. Welke duurzame ontwikkelingsdoelen zijn van

VA

toepassing op de wantoestanden in de filmpjes?

Explore 5— Zijn identieke producten overal even duur? Welke munteenheid of valuta gebruiken ze in de volgende landen?

2

MUNTEENHEID

LAND

MUNTEENHEID

Duitsland

Spanje

Verenigde Staten

Denemarken

Zwitserland

Japan

China

Brazilië

Vergelijk de prijzen van de volgende producten. Wat valt je op?

LEVEL 2

©

LAND

THEMA 2

1

45


ZWITSERLAND

BELGIË

N

VERENIGDE STATEN

IN

NEDERLAND

THEMA 2

LEVEL 2

©

VA

VERENIGDE STATEN

46

BELGIË


WISSELKOERS

Het prijsverschil heeft onder andere te maken met de wisselkoers van de munteenheden. De wisselkoers drukt uit hoeveel een munt in een andere munt waard is.

3

Stel dat de wisselkoers van de euro ten opzichte van de US-dollar de volgende is:

Reken de prijzen van de bovenstaande make-uptafel om van Zwitserse frank en US-dollar naar euro. a

Wat is de wisselkoers van de euro ten opzichte van de Zwitserse frank en de US-dollar? 1,00 euro =

Zwitserse frank (CHF)

1,00 Zwitserse frank (CHF) =

1,00 euro =

US-dollar

1,00 US-dollar =

b

Pas de regel van drie toe om de prijs van USD in euro om te zetten.

c

Voeg die formule in het rekenblad in. Gebruik ICT-fiche_R_24 voor de correcte werkwijze. USA = België =

euro

euro

euro

euro

N

4

IN

1 euro = 1,20 US-dollar. Wat betekent dat?

Nederland =

euro

Zwitserland =

euro

Op het ticket van H&M staan er twee prijzen. In welke munteenheid staat de bovenste prijs?

6

Voor welke landen staan er prijzen op het laatste etiket?

7

Zelfs in dezelfde munteenheid verschillen de prijzen van een bepaald product tussen de landen. Wat is

VA

5

©

daarvan de oorzaak?

8

Er bestaan onlinetools en apps om de wisselkoers te berekenen. Welk zoekbegrip tik je in om zo een online-

Lees deze artikels en noteer waarom de Belgen hun producten in het buitenland aankopen.

THEMA 2

9

LEVEL 2

tool te vinden? Controleer daarna met behulp van zo een tool of jouw berekeningen bij benadering kloppen.

47


het kon even in België gingen tanken

IN

Daar waar Nederlanders vroeger als omdat de brandstofprijzen daar

N

een stuk lager waren, gaan Belgen

Belgen trekken meer en meer naar het buitenland om wijn en sterke drank in te slaan. Dat blijkt uit een bevraging bij duizend Belgen.

nu juist in Nederland tanken omdat de prijzen in ons land lager zijn. In

België is de diesel sinds kort net zo

duur als benzine, en soms zelfs nog

VA

wat duurder dan in Nederland. Zo betaal je in het Zeeuwse

Kapellebrug, net op de grens met Vlaanderen, aan de pomp 1,19

Een recente studie van het onderzoeksbureau GfK wees al uit dat Belgische gezinnen in 2018 bijna de helft meer wijn en tot bijna driemaal zoveel sterkedrank in de buurlanden kochten dan in 2014. Frankrijk (47 procent) en Luxemburg (51 procent) zijn de populairste bestemmingen.

euro voor een liter diesel. Aan de

Belgische kant van de grens betaal je zeker zes cent meer, aldus Het Laatste Nieuws.

THEMA 2

LEVEL 2

©

Bron: telegraaf.nl, 2018-03-27

48

Het zijn bovendien niet alleen de Belgen die dicht bij de grens wonen die in het buitenland hun wijnen en sterkedrank kopen. Een kwart van alle inwoners van Antwerpen, Brussel en Vlaams-Brabant gaat geregeld alcohol kopen in het buitenland. Bron: standaard.be, 2019-03-11


Explore 6— Kies je voor binnenlands of buitenlands? Werk in groepjes van maximum zeven personen. Kies een voorzitter die de discussie in goede banen leidt en ervoor zorgt dat iedereen voldoende aan het woord komt. a

Bespreek in je groep waarom je binnenlandse producten in plaats van buitenlandse producten zou kopen. Denk daarbij aan de voordelen.

b

Bespreek in je groep waarom je buitenlandse producten zou kopen in plaats van binnenlandse producten.

C H A L N G E L E

IN

Denk daarbij aan de voordelen van het kopen van buitenlandse producten.

1

N

Import en export van België

Werk per twee en onderzoek de import en export van België. Ga naar het onlinelesmateriaal en gebruik de aangeboden links.

Beantwoord de volgende onderzoeksvragen.

VA

2

a

Welke producten exporteert België het meest naar het buitenland?

b

Welke producten importeert België het meest vanuit het buitenland?

c

Welke tien landen zijn de grootste klanten van België?

d

Welke tien landen zijn de grootste leveranciers van België?

3

Neem die gegevens over in tabellen in een rekenblad.

4

Maak met die gegevens een presentatie of een infographic. Gebruik daarvoor de ICT-fiches

THEMA 2

LEVEL 2

©

van powerpoint of Canva.

49


EVALUATIEFICHE VOORSTELLING BELGISCHE IMPORT EN EXPORT Score —

Max

Opmerkingen

Juiste cijfers over import en export Juiste klanten en leveranciers van België

—

Juiste vermelding van gegevens in de tabel (titels van kolommen)

—

Gebruik van afbeeldingen in de infographic

—

Schikking van gegevens in de powerpoint of infographic

IN

—

THEMA 2

LEVEL 2

©

VA

N

TOTAAL

50


THEMA 2

LEVEL 2

Binnenland

producten?

binnenlandse of buitenlandse

Waarom kiezen voor

Buitenland

minder transport vanuit het buitenland

Voordeel voor het binnenland:

werkgelegenheid in eigen land

Voordeel voor het binnenland:

N

Oorzaak: lagere prijs

werkgelegenheid

Voordeel voor het buitenland:

VA

© het buitenland

milieuvervuiling

Gevolg: minder

Gevolg: minder files

IN

munteenheid

Zwakkere

Reden: lagere btw

Gevaar: soms slechte werkomstandigheden

Reden: lagere lonen in

TO THE POINT

51


Action 1— Samengevat: Is het ethisch wat bedrijven in het buitenland doen?

1

Vat het artikel samen (in tien tot twintig regels) in een tekstverwerker. Lees je graag, kies dan het artikel ‘Je weet zelf ook wel dat er iets niet pluis is met een T-shirt van 3 euro’. Lees je minder graag, kies dan het artikel ‘Chinese fabrieksarbeider vangt leed van zware werk in poëzie’. Wat kun je uit deze grafiek afleiden over de kosten van een T-shirt dat in Afrika geproduceerd wordt?

IN

2

N

Infographic 2: Uitsplitsing van de kosten van een T-shirt van drie euro

VA

Bron: Mo* & Fair Wear Foundation, 2015-04-21

Forum

Hoe kun jij rekening houden met de slechte werkomstandigheden van de arbeiders uit de teksten.

©

Action 2— Grafieken van import en export van België 1

Je weet intussen wie de top tien klanten en leveranciers zijn van België en welke producten het meest geëxporteerd en geïmporteerd worden. Die informatie zet je in een grafiek met behulp van een rekenblad.

THEMA 2

LEVEL 2

Bepaal zelf hoeveel ondersteuning je voor de opdracht wilt door een van de vier opties te kiezen.

52

a

Maak een staafdiagram met de top tien klanten van België en hun exportwaarde.

b

Maak een staafdiagram met de top tien leveranciers van België en hun importwaarde.

c

Maak een kolomgrafiek met de top vijf van Belgische exportproducten en de waarde van de uitvoer.

d

Maak een kolomgrafiek met de top vijf van meest geïmporteerde producten en de waarde van de invoer ervan.


Optie 1a Kies optie 1a als je een uitdaging wilt voor zowel het zoeken naar de gegevens als voor het maken van de grafieken in een rekenblad. 

Zoek de waarde van de invoer van de top tien leveranciers en de waarde van de uitvoer van de top tien klanten van België. Gebruik het internet.

Zoek de waarde van de top vijf meest ingevoerde en de top vijf meest uitgevoerde producten van België. Gebruik het internet. Maak zelfstandig de grafieken. Als je niet weet hoe, gebruik dan het internet.

Optie 1b

IN

Kies optie 1b als je een uitdaging wilt voor het zoeken naar de gegevens maar graag ondersteuning wilt voor het maken van grafieken in een rekenblad met behulp van een ICT-fiche en een filmpje. 

Zoek de waarde van de invoer van de top tien leveranciers en de waarde van de uitvoer van de top tien klanten van België op internet.

Zoek de waarde van de top vijf meest ingevoerde en de top vijf meest uitgevoerde producten van België op internet. Maak de grafieken. Gebruik indien nodig ICT-fiche_R_30 en het onlinefilmpje.

Optie 2a

N

Kies voor optie 2a als je extra ondersteuning wilt voor het zoeken naar die bovenstaande gegevens maar

VA

als je een uitdaging wilt voor het maken van grafieken in een rekenblad. 

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er de waarde van de invoer van de top tien leveranciers en de waarde van de uitvoer van de top tien klanten van België.

Je vindt er ook waarde van de top vijf meest ingevoerde en top vijf meest uitgevoerde producten van België.

Maak zelfstandig de grafieken. Als je niet weet hoe, dan kun je dat zelf uitzoeken op internet.

Optie 2b

Kies voor optie 2b als je extra ondersteuning wilt voor het zoeken naar die bovenstaande gegevens alsook

©

meer ondersteuning wilt voor het maken van grafieken in een rekenblad met behulp van een ICT-fiche en een filmpje. 

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er de waarde van de invoer van de top tien leveranciers en de waarde van de uitvoer van de top tien klanten van België.

Je vindt er ook waarde van de top vijf meest ingevoerde en top vijf meest uitgevoerde producten van België.

LEVEL 2

Maak de grafieken. Gebruik ICT-fiche_R_30 en het onlinefilmpje.

THEMA 2

53


Action 3— De Big Mac-index 1

Infographic 3: Prijzen in US-dollar voor een Big Mac in

De Big Mac­index vergelijkt de prijs van de

januari 2019

Big Mac in verschillende landen. Op die manier kan men zien hoeveel de Big Mac kost in verschillende landen in US-dollar.

Zwitserland

6,62 5,58

VS

Beantwoord de vragen over de grafiek.

4,64

eurozone

In welk land was de Big Mac in 2019 het duurst?

b

4,07

VK 3,46

Koeweit

IN

a

In welk land was de Big Mac in 2019 het goedkoopst?

Peru

3,14

China

3,05

2,24

Zuid-Afrika

2,00

Turkije

Rusland

1,65

0

1

2

3

4

5

6

Naar: IMF, McDonald's, Thomson Reuters, The Economist © Statista 2019

2

De prijzen vermeld in de grafiek zijn in US-dollar. Noteer een aantal landen uit de grafiek in een rekenblad

N

maar zet de prijs eerst om in euro.

Noteer hier de actuele wisselkoers.

b

Pas de regel van drie toe om de prijzen van US-dollar om te zetten in euro.

c

Gebruik die formule in het rekenblad. Gebruik indien nodig ICT-fiche_R_24 en fiche_R_27.

d

Bereken de wisselkoersen met een onlinetool of een smartphone app en vergelijk met jouw

VA

a

THEMA 2

LEVEL 2

©

berekening.

54

7


Action 4— Project: Exportgoederen van verschillende landen

1

Je weet intussen welke landen naar België exporteren. Zoek de top vijf exportproducten van een land naar keuze.

2

Werk per twee. Kies een land uit deze lijst en zoek zijn typische en bekende exportproducten. Nederland – Groot-Brittannië – Frankrijk – Marokko – Turkije – Griekenland – Italië –

IN

de Verenigde Staten – Duitsland – Polen – Zweden – Spanje – Irak – Iran – Denemarken – Rusland – China – India – Vietnam – Brazilië a

Maak met die gegevens een infographic met Canva. Gebruik indien nodig ICT-fiche_C_01.

b

Je mag trots zijn op je werk. Bewaar je werk in je portfolio.

EVALUATIEFICHE

N

INFOGRAPHIC EXPORTPRODUCTEN Score

Vermelding exportproducten

—

Vermelding bron

—

Vermelding land

—

Gebruik van afbeeldingen en toe-

Opmerkingen

VA

—

Max

passelijke kleur in de infographic

—

Schikking van gegevens infographic

THEMA 2

LEVEL 2

©

TOTAAL

55


Action 5— Waar economie en aardrijkskunde elkaar kruisen 1

Zoek op welke landen de euro als munteenheid gebruiken. Die landen vormen de eurozone of in het Engels Euro area.

2

In dit level zijn verschillende landen aan bod gekomen waaronder China, Vietnam en nog veel meer. Duid de landen die aan bod gekomen zijn aan op een wereldkaart. Zoek een afbeelding van een lege wereldkaart.

b

Importeer die afbeelding in een tekstverwerker. Kies A3-formaat.

c

Duid de landen aan.

IN

a

Action 6— Grafieken interpreteren

N

Werk per twee. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er grafieken over de wereldwijde transportroutes van fruit, groente en vis. Werk met de kaarten of grafieken die je toegewezen worden. Open een lege presentatie.

b

Knip of kopieer jouw grafiek uit het document en voeg die in de presentatie.

c

Bestudeer die grafiek(en) en licht die daarna toe aan de klas.

d

Voeg eventueel een extra dia aan je powerpoint toe met uitleg over de grafiek.

THEMA 2

LEVEL 2

©

VA

a

56


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsthema over dit onderwerp.

2

Beantwoord deze vragen. Over welke producten gaat het?

b

Gaat het over import van België of over export naar België?

CHECKLIST

IN

a

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

1

Ik kan Belgische producten opnoemen.

2

Ik kan de nadelen van het kopen van producten

Ik kan voordelen toelichten van het lokaal

VA

3

aankopen van producten.

4

Ik kan reflecteren over de aankoop van binnenlandse en buitenlandse producten.

5

Ik kan de impact van de aankoop van producten in het buitenland op de economie toelichten.

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

7

Ik kan een infographic ontwerpen.

©

6

8

Ik kan een presentatie maken.

LEVEL 2

in het buitenland toelichten.

THEMA 2

N

JA

57


Begrippenlijst Thema 2 LEVEL 1

BEGRIP

VERKLARING

demografie

Demografie is een wetenschap die kijkt naar de samenstelling van de bevolking,

bevolkingsgroepen, zoals jongeren, ouderen

De demografische trend verwijst naar de

trend

evolutie van de totale bevolking of een

bevolkingsgroep, zoals de stijging van het

aantal mensen in een land of een daling van

eenpersoons-

Het eenpersoonshuishouden bestaat uit

huishouden

één persoon.

grondstoffen-

Het grondstoffentekort is het tekort aan

tekort

grondstoffen doordat we reeds veel grond-

heterogene

en onze consumptie van grondstoffen de

De heterogene samenleving bestaat uit veel verschillende groepen, zoals ouderen en

1

gezinnen, nieuw samengestelde gezinnen of

levensver-

De levensverwachting geeft aan hoelang

wachting

een persoon uit een bepaalde categorie

migratie

©

urbanisatie

THEMA 2

BEGRIPPENLIJST

1

58

1

vergrijzing

waterschaarste

gemiddeld leeft.

Migratie betekent dat een persoon van het

ene land naar het andere land verhuist.

1

jongeren, verschillende rassen, traditionele eenpersoonshuishoudens.

1

VA

samenleving

stoffen uit de aarde opgebruikt hebben

aanwezigheid ervan op aarde overschrijdt.

1

N

1

IN

demografische

het geboortecijfer. 1

de aantallen van de totale bevolking of van enz. 1

IN JE EIGEN WOORDEN

Urbanisatie is verstedelijking. Ze geeft de groei van stedelijke gebieden aan door de

trek van het platteland naar de stad.

De vergrijzing is een term die aangeeft dat

de bevolking steeds ouder wordt en dat de groep oudere mensen binnen de totale

bevolking groter wordt.

Waterschaarste is het tekort aan grond-

water in bepaalde gebieden of tijdens bepaalde droge periodes.


Big Mac-index

VERKLARING De Big Mac-index vergelijkt de prijs in US-dollar van de Big Mac in verschillende

2

eurozone

De eurozone bestaat uit de landen die de

De export of uitvoer verwijst naar de goe-

uitvoer

deren die van een land worden uitgevoerd

import / invoer

De import of invoer verwijst naar de

goederen die in een land worden ingevoerd vanuit andere landen. 2

lageloonlanden

De lageloonlanden zijn landen waar het loon van arbeiders zeer laag is.

2

lokaal

Lokaal aankopen doe je wanneer je

aankopen

producten aankoopt die in het eigen land

munteenheid

ngo

worden.

De ngo (niet-gouvernementele of non-gou-

VA

van de overheid. Ze richt zich op een

verondersteld maatschappelijk belang

©

mensenrechten.

De valuta is de geldeenheid of de munt

waarmee in een land kan betaald worden.

wisselkoers

ming, gezondheid, ontwikkelingswerk of

2

De munteenheid is de geldeenheid of de

zoals bevorderen van milieubescher-

valuta

vernementele organisatie) is onafhankelijk

2

geproduceerd of geteeld worden.

munt waarmee in een land kan betaald

2

N

2

IN

export /

naar andere landen. 2

landen.

euro als officiële munteenheid hebben. 2

IN JE EIGEN WOORDEN

De wisselkoers is de waarde van een munt

van een land uitgedrukt in de waarde van de munt van een ander land.

BEGRIPPENLIJST

2

BEGRIP

THEMA 2

LEVEL

59


N

VA

© IN


2

IN

T

VA

N

F

I

©

L

Ondernemingen en organisaties


THEMA

IN

3

©

VA

N

Ondernemingen en organisaties


5

Hoe probeert een onderneming succesvol te zijn?

p. 102

Wanneer maakt een onderneming winst of verlies?

p. 85

Welke verantwoordelijkheid heeft een onderneming ten opzichte van stakeholders?

p. 77

Welke bedrijfssectoren zijn er?

p. 71

Welke weg leggen goederen en diensten af voor ze bij de consument komen?

p. 64

N

LEVEL

IN

LEVEL

©

VA

4

LEVEL

3

LEVEL

2

LEVEL

1


LEVEL 1

INTRO 1

IN

Welke weg leggen goederen of diensten af voor ze bij de consument komen?

Saar gaat minstens twee keer per maand met haar beste vriendin Noor naar de bioscoop. Daar hoort een grote zak chips en een beker Coca-Cola bij, al vraagt ze zich wel af hoe de zakken chips in de

©

VA

N

winkel van de bioscoop terechtkomen. Heb jij enig idee?

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

THEMA 3

LEVEL 1

Welke weg leggen goederen of diensten af voor ze bij de consument komen?

64


Explore 1— Wat is een bedrijfskolom? 1

Bekijk aandachtig de onderstaande afbeelding. landbouwer opkoper van aardappelen

transportfirma

groothandel kleinhandel consument

2

IN

chipsfabrikant

Zoek op internet het verschil tussen een groothandel en een kleinhandel. Noteer het verschil hieronder in

VA

N

eigen woorden.

3

a

een groothandel:

b

een kleinhandel:

Noteer twee voorbeelden van groothandelaars en twee kleinhandelaars van chips. a

groothandelaars:

b

kleinhandelaars:

THEMA 3

LEVEL 1

©

4

Noteer een synoniem voor:

65


5

Lees de definitie van een bedrijfskolom. Omkader daarna bij vraag 1 de onderdelen die deel uitmaken van de bedrijfskolom van chips. BEDRIJFSKOLOM EN CONSUMENT

Een bedrijfskolom is een schematisch overzicht van alle stappen die een goed of dienst doorloopt. Het schema start bij de producent van grondstoffen en eindigt zodra het eindproduct of de dienst aan de consument wordt aangeboden. Bij iedere stap wordt er waarde aan het goed of aan de dienst toegevoegd. De consument

IN

wordt ook weergegeven in de bedrijfskolom, maar maakt er geen onderdeel van uit omdat de consument zelf geen waarde meer toevoegt aan het product.

Enkel de bedrijven die eigenaar worden van het product, maken deel uit van de bedrijfskolom. Logistieke bedrijven worden meestal geen eigenaar van het product maar verlenen enkel

een dienst aan een andere onderneming. Daardoor maken ook zij vaak geen deel uit van de bedrijfskolom.

N

Explore 2— Hoe proberen ondernemingen in te spelen op de wensen van de consument?

1

Door producten te personaliseren zorgen winkeliers voor een uniek product en een bijzondere beleving bij

VA

de klant. Winkeliers hopen dan ook dat de klanten omwille van die beleving terugkomen. Welke producten

THEMA 3

LEVEL 1

©

kun je personaliseren?

66

Personalisatie is geen optie.

Het is essentieel

.


2

Bij onder andere Adidas en Nike is het mogelijk om sportschoenen of sportkleding helemaal volgens je eigen voorkeur samen te stellen. Bij Oakley kan dat voor zonnebrillen. a

Kies een van die drie bedrijven en test het uit. Duid aan welk bedrijf je kiest.

© Rose Carson / Shutterstock.com

© Rose Carson / Shutterstock. com

IN

© ricochet64 / Shutterstock.com

b

Surf naar de website, stel een product volgens jouw eigen wensen samen.

c

Bewaar een schermafdruk van het eindresultaat in je portfolio.

N

C H A L N G E L E

VA

Kies je voor de korte of de lange keten?

1

Werk per twee. Zoek de voordelen van de korte keten voor de consument, de producent en de planeet. Gebruik indien nodig de ICT-fiches voor online samenwerken. Kies optie 1 als je graag wat ondersteuning wilt. Kies optie 2 als je een uitdaging wenst. Kies optie 3 als de uitdaging nog iets pittiger mag.

Bekijk het filmpje over

a

Verwerk de voordelen

Bekijk het filmpje

Optie 3 a

over de buurderij.

de korte keten.

b

Video

b

voordelen van de

onlinedocument.

korte keten in een onlinedocument.

Ga via het onlinelesmateriaal naar de websites. Verzamel er de

Verwerk de

van de korte keten in een

Internet

informatie. b

Verwerk de voordelen van de korte keten in een onlinedocument.

2

Surf naar rechtvanbijdeboer.be. Noteer twee verkooppunten uit jouw buurt.

LEVEL 1

a

Optie 2

THEMA 3

Video

©

Optie 1

67


THEMA 3

LEVEL 1

68

lange keten

Korte versus

consument komen?

en diensten af voor ze bij de

Welke weg leggen goederen

Bedrijfskolom Een schematisch overzicht van alle

IN

de consument terecht.

In de lange keten komen de landbouwproducten via tussenschakels bij

in de zelfpluktuin of bij het afhalen van het wekelijkse groentepakket.

Voor landbouwproducten kan dat in de hoevewinkel zijn, tijdens de boerenmarkt,

In de korte keten komt de consument rechtstreeks in contact met de producent.

N

van grondstof tot bij de consument.

stappen die een goed of dienst doorloopt

VA

© TO THE POINT


Action 1— Keuze tussen een bedrijfskolom van een tijdschrift en van sportschoenen

Kies, afhankelijk van je interesse, de oefening met het tijdschrift of met de sportschoenen. Optie 1

Optie2

Zet de schakels in de productieweg van

stripboek in de juiste volgorde. De grondstof

sportschoenen in de juiste volgorde. De

is hout.

grondstof is rubber.

dagbladhandel – klant – papierfabriek – drukkerij – boomkweker – boekengroothandel – houtzagerij

Omkader de bedrijfskolom.

klant – schoenzolenfabrikant – Decathlon – rubberfabrikant – schoenenfabrikant – Nike

b

Omkader de bedrijfskolom.

VA

N

b

a

Zet de schakels in de productieweg van een

Sportschoenen

IN

a

Tijdschrift

©

Action 2— Bedrijfskolom van 1

In deze action ga je aan de slag om een bedrijfskolom te ontwerpen van een zelf gekozen product. Vul de titel van de Action aan met de naam van het product.

complex zijn, bijvoorbeeld: een jeansbroek, kaas, brood, chocolade of appelsap.

Duid aan of je de bedrijfskolom wilt samenstellen op basis van: berichten of korte zinnen. Gebruik indien nodig ICT-fiche_P_10. afbeeldingen. Gebruik indien nodig ICT-fiche_P_08. beeldfragmenten. Gebruik indien nodig ICT-fiche_P_15.

3

Bewaar het resultaat in je portfolio.

LEVEL 1

2

Kies een eenvoudig product waarvan de verschillende stappen van de bedrijfskolom niet te

THEMA 3

Tip:

69


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Beantwoord de vragen. Over welk goed of welke dienst gaat het in deze rubriek?

b

Schets de bedrijfskolom zo volledig mogelijk.

CHECKLIST

IN

a

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

1

Ik kan de weg van een goed of een dienst tot bij de klant illustreren.

2

Ik kan een bedrijfskolom voor een goed of

VA

dienst samenstellen. 3

Ik kan het verschil tussen een groot- en kleinhandel toelichten.

4

Ik kan resultaten van een opdracht in een infographic weergeven.

5

Ik kan resultaten van een opdracht met een tekstverwerker verwerken.

6

Ik kan resultaten van een opdracht in afbeeldingen verwerken.

Ik kan resultaten van een opdracht in beeld­

©

7

fragmenten verwerken.

8

KAN

Ik kan online samenwerken aan een document.

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

N

JA

THEMA 3

LEVEL 1

C H A L N G E L E

70

9

Ik kan de voordelen van een korte keten ten opzichte van een lange keten toelichten.


LEVEL 2 Welke bedrijfssectoren zijn er? INTRO

E

H

J

K

©

G

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Welke bedrijfssectoren zijn er in België?

F

I

LEVEL 2

D

C

THEMA 3

B

N

A

IN

Welke ondernemingen uit deze collage horen volgens jou bij elkaar? Bespreek klassikaal.

VA

1

71


Explore 1— Hoe worden ondernemingen ingedeeld in sectoren?

De primaire sector:

b

De secundaire sector:

c

De tertiaire sector:

d

De quartaire sector:

IN

a

Plaats de ondernemingen uit de Intro in de juiste sector. PRIMAIRE

SECUNDAIRE

TERTIAIRE

QUARTAIRE

SECTOR

SECTOR

SECTOR

SECTOR

THEMA 3

LEVEL 2

©

VA

2

Zoek op internet een omschrijving van de sectoren en noteer ze in eigen woorden.

N

1

72


Explore 2— Tot welke bedrijfssectoren behoren de ondernemingen?

BEDRIJFSSECTOR

Naast de indeling van ondernemingen in de primaire, secundaire, tertiaire en quartaire sector kun je ondernemingen ook onderbrengen in bedrijfssectoren. Een bedrijfssector omvat een aantal verwante ondernemingen die hetzelfde soort goederen en / of diensten

IN

voortbrengen.

Om de verschillende bedrijfssectoren te leren kennen, speel je een dominospel. a

Werk in groepjes van drie of vier.

b

Ga naar het onlinelesmateriaal en lees de spelregels.

c

Zoek indien nodig de activiteit van een onderneming op internet op.

Explore 3— Hoe worden ondernemingen ingedeeld in

N

bedrijfssectoren?

Het is belangrijk dat je zelf voorbeelden van ondernemingen uit een bepaalde sector kunt geven. a

Werk per twee. Ga op zoek naar drie voorbeelden van ondernemingen die tot de sector behoren die jou

VA

toegewezen werd.

Vul voor elke onderneming een fiche in met de contactgegevens, de kernactiviteit en de sector. Het sjabloon van die fiche vind je bij het onlinelesmateriaal.

THEMA 3

LEVEL 2

©

b

73


THEMA 3

74

een zandgroeve

Bv. een landbouwer, een visser,

voedsel leveren.

Secundaire sector

Bv. een schoenenfabriek, een autofabriek

sector verwerken tot (half-)afgewerkte producten.

N

zijn er?

defensie

Bv. een woonzorgcentrum, onderwijs,

Quartaire sector

IN

Niet-commerciële dienstverleners

een reisbureau

Bv. een schoenenwinkel, een kapsalon,

goederen of diensten winst willen maken.

De bedrijven die met de verkoop van hun

Tertiaire sector

Welke bedrijfssectoren

Primaire sector

De ondernemingen die grondstoffen en

VA

©

Alle bedrijven die de grondstoffen van de primaire

LEVEL 2

TO THE POINT


Action 1— Tot welke sector behoren deze ondernemingen? Plaats de ondernemingen bij de juiste sector. Gebruik het internet als je de activiteit van de onderneming niet weet. verzekeringsmaatschappij Baloise – kinderdagverblijf De Pagadder – bosbouwbedrijf Van der Velden – kapsalon Carré – bouwonderneming Maes – transportbedrijf Essers – landbouwbedrijf Vandriessche – brandweer Londerzeel – fietsenfabriek Cycletech – rusthuis Avondrood –

SECUNDAIRE SECTOR

TERTIAIRE SECTOR

QUARTAIRE SECTOR

N

PRIMAIRE SECTOR

IN

schoenenproducent Ambiorix – visserij Desmit

Action 2— Kwartetspel

VA

Om dit thema verder te verkennen, speel je in groepjes een kwartetspel. Lees vooraf aandachtig de spelregels. SPELREGELS

1 De kaarten worden geschud en onder de spelers verdeeld. 2 De jongste speler begint door aan een willekeurige andere speler een andere kaart te vragen van hetzelfde kwartet. Als de gevraagde speler die kaart heeft, moet hij die geven en mag de vragende speler opnieuw vragen. Als de gevraagde speler de kaart niet heeft, mag hij op zijn beurt een kaart vragen.

©

3 Wie een kaart vraagt, moet zelf al minstens een kaart uit dat kwartet bezitten. 4 Als een speler de vier kaarten van een kwartet heeft, maakt hij dat bekend en legt het kwartet op tafel. Hij moet ook aangeven wat de ondernemingen van het kwartet gemeenschappelijk hebben. Wanneer dat fout is, moet hij het kwartet omgekeerd in het midden van de tafel leggen.

5 De speler die op het eind van het spel (als niemand nog losse kaarten heeft) de meeste kwartet-

THEMA 3

LEVEL 2

ten heeft, is de winnaar.

75


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Beantwoord de volgende vragen. a

Over welke onderneming gaat het in deze rubriek? Behoort deze onderneming tot de primaire, de secundaire, de tertiaire of de quartaire sector?

c

Tot welke bedrijfssector behoort deze onderneming?

d

IN

b

Welke evolutie wordt er omschreven?

N

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

VA

JA

1

Ik kan ondernemingen indelen in de primaire, secundaire, tertiaire en quartaire sector.

2

Ik kan ondernemingen indelen in bedrijfssectoren.

3

Ik kan voorbeelden geven van ondernemingen die tot een bepaalde bedrijfssector horen.

Ik kan online samenwerken aan een document.

THEMA 3

LEVEL 2

©

4

76

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER


3

LEVEL 3

INTRO 1

IN

Welke verantwoordelijkheid heeft een onderneming ten opzichte van stakeholders?

Het schoolleven speelt zich niet af op een eiland. a

Met wie moet een school rekening houden?

b

Geef jouw antwoorden weer in een mindmap. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een

©

VA

N

overzicht van gratis tools en de ICT-fiche_MM_01.

Welke verantwoordelijkheid heeft een onderneming ten opzichte van haar stakeholders?

LEVEL 3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

THEMA 3

2

77


Explore 1— Wie heeft er belang bij de gang van zaken in een onderneming?

Wat zijn stakeholders? Zoek de betekenis op internet. Noteer de definitie hier in eigen woorden.

2

Lees deze krantenkoppen. Van welke stakeholders is er sprake? Noteer ze bij de juiste letter van het spindiagram.

A

B

C

Nokia Bell schrapt 127 banen in Antwerpen

Meer dan 13 000 klanten ondervinden hinder bij hun terugreis door faillissement Thomas Cook

N

Worden de concurrenten van Proximus goedkoper?

D

IN

1

E

General Motors schrapt de helft van de toeleveranciers

VA

ING sluit 22 extra filialen, vakbonden overwegen acties

G

© LEVEL 3 THEMA 3

Greenpeace blokkeert schip met steenkool

H

I

Buurtbewoners verzetten zich tegen komst van 28 000 slachtkippen

78

F

Banken willen niet investeren in nieuw winkelcentrum nu er onzekerheid is over de bouwvergunning

E

A

F

B

Stakeholders G

C H D

I


Explore 2— Hoe belangrijk is het voor een onderneming om haar stakeholders in kaart te brengen?

De rol en de houding van sommige stakeholders kunnen beslissend zijn voor het slagen van een onderneming. Als de onderneming de stakeholders niet in kaart brengt, kan ze met hun belangen ook geen rekening houden. Werk samen met je buur.

b

Brainstorm over de mogelijke stakeholders van het pretpark Walibi in Waver.

c

Noteer bij elke stakeholder ook welk

VA

N

belang die stakeholder heeft.

IN

a

BELANG

THEMA 3

LEVEL 3

©

STAKEHOLDER

79


Explore 3— Hoe gaat een onderneming om met de

tegenstrijdige belangen van stakeholders?

Nadat een onderneming haar stakeholders in kaart heeft gebracht, moet ze ook weten welke kansen die stakeholders kunnen bieden of welke bedreiging ze kunnen vormen. Bekijk deze krantenkop en de foto. a

Hoe verdedigt Primark zich tegen die kritiek?

IN

Een T-shirt van 4 euro kan niet eerlijk zijn.

Werk in vijf groepen. Elke groep krijgt een bepaalde rol toegewezen.

VA

b

N

© chrisdorney / Shutterstock.com

ROL

Groep 1

Groep 2

Personeel

Groep 3

Mensenrechtenorganisatie

Groep 4

Klanten

Groep 5

Leveranciers

© c

Eigenaars kledingketen Primark

OPDRACHT

LEVEL 3 THEMA 3

VOORSTELLEN MET:

Beschrijf jullie

een pitch van 1

belang.

minuut.

Probeer een oplossing te bedenken die in redelijke mate tegemoetkomt aan de verschillende belangen van alle stakeholders van Primark en beargumenteer jullie oplossing.

80

RESULTAAT


THEMA 3

LEVEL 3

onderneming of organisatie.

van, of uitoefent op een

negatieve) invloed ondervindt

Iemand die (positieve of

Begrip opzichte van stakeholders?

heeft een onderneming ten

Welke verantwoordelijkheid een onderneming

stakeholders van

Typische

N

VA

© IN

bv. buurtbewoners

Omgeving

Overheid

Concurrenten

Vakbonden

Werknemers

Klanten

Leveranciers

Banken en andere investeerders

Eigenaars

TO THE POINT

81


Action 1— Om welke stakeholder gaat het? Vul de tabel aan. Bekijk elke situatie vanuit de invalshoek die vetjes gemarkeerd is. WELKE STAKEHOLDER(S)? Het personeel van drukkerij Govaert heeft zich akkoord verklaard met het sociaal plan waarbij veertien arbeiders en vijf bedienden het bedrijf moeten

IN

verlaten.

De gemeenteraad keurde een nieuw verkeersplan

goed dat zwaar verkeer in de centrumstraten en in

de ruime omgeving van de markt verbiedt. Dat heeft

gevolgen voor de ondernemingen in de buurt van de markt.

Wekenlange staking kost General Motors 2,9 miljard dollar. De staking begon half september, pas vorig en directie.

N

weekend werd een akkoord bereikt tussen vakbonden

Er komt dan toch geen Spar-winkel in het voormalige tuincenter langs de Ruisbroeksesteenweg in

Ruisbroek. Na protest van de buurtbewoners weigerde de provincie Vlaams-Brabant de bouwvergunning.

VA

Colruyt zou verder niet meer aandringen.

Jumbo opende in november 2019 een eerste vestiging in België. In Nederland eist de keten de trofee voor

de laagste prijzen op. In ons land zal Jumbo die eer voorlopig aan Colruyt laten.

Aan de AD Delhaizewinkels gaan volop plastic attacks door. Klanten strippen hun boodschappen van al het overbodige verpakkingsplastic en dumpen de over-

THEMA 3

LEVEL 3

©

schot in een kartonnen doos aan de ingang.

82


Action 2— Hoe tegenstrijdig kunnen belangen zijn? Stakeholders kunnen tegenstrijdige belangen hebben. Dat is bijvoorbeeld gebleken bij de discussie over de Oosterweelverbinding of de overkapping van de Antwerpse ring. Lees het artikel en verwerk die gegevens in

a

Breng alle stakeholders in kaart.

b

Beschrijf hun respectievelijke belangen.

c

Kies een presentatiewijze. een infographic een storyboard een mindmap

d

Verwerk het resultaat.

e

Bewaar het resultaat in je portfolio.

IN

een infographic, storyboard of mindmap.

N

Vlaanderen en Antwerpen geven stand van zaken van ‘De Grote Verbinding’

Onder meer kersvers Vlaams minister voor Mobiliteit en Openbare Werken Lydia Peeters, Antwerps burgemeester Bart De Wever en overkappingsambtenaar Alexander D’Hooghe zullen maandag aanwezig zijn op wat de stad de lancering van ‘De Grote Verbinding’ noemt.

De bouw van de Oosterweelverbinding is intussen begonnen op Linkeroever. Wat de overkapping betreft, werkten zes ontwerpteams in 2017 en 2018 elk een deelgebied uit en zijn er 18 leefbaarheidsprojecten geselecteerd die prioriteit krijgen om te worden gerealiseerd. Voorziene kostprijs: 1,25 miljard euro. Het gaat onder meer om zeven ‘Ringparken’ en een fietsbrug over de Schelde. Bron: standaard.be, 2019-10-21

LEVEL 3

©

Terwijl de Oosterweelverbinding de Antwerpse mobiliteitsknoop moet helpen oplossen, heeft de overkapping van de ring tot doel de leefbaarheid in de omgeving sterk te verbeteren.

De Grote Verbinding Dat is niet alleen de naam van het Antwerpse bestuursakkoord, maar ook van het toekomstproject dat moet zorgen voor een betere mobiliteit voor stad en haven, meer groen en schone lucht en voor een verbinding tussen de wijken aan beide kanten van de Antwerpse ring. Het gaat om de realisatie van het Toekomstverbond dat Antwerpen, Vlaanderen en actiegroepen sloten om het Oosterweeldossier uit het slop te halen en te koppelen aan de overkapping van de Antwerpse ring.

THEMA 3

VA

In Antwerpen stellen het stadsbestuur en de Vlaamse regering maandagnamiddag een stand van zaken voor rond de plannen voor enerzijds de Oosterweelverbinding en anderzijds de overkapping van de Antwerpse ring.

83


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Beantwoord de vragen. a

Over welke onderneming gaat het actualiteitsitem? Van welke stakeholders is er sprake?

c

Welke kans of bedreiging wordt hier beschreven?

CHECKLIST

IN

b

N

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1

Ik kan het begrip stakeholders in eigen woorden

VA

omschrijven.

2

Ik kan de verschillende stakeholders opnoemen en hun belangen omschrijven.

3

Ik kan omschrijven waarom een onderneming met alle stakeholders rekening moet houden.

5

Ik kan het resultaat van een brainstorm weerge-

©

Ik kan het resultaat van een opdracht in een infographic weergeven.

7

Ik kan het resultaat van een opdracht in een storyboard weergeven.

LEVEL 3

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

6

THEMA 3

EXTRA OEFENMATERIAAL

4

ven in een mindmap.

84

KAN

BETER


LEVEL 4 Wanneer maakt een onderneming winst of verlies?

1

IN

INTRO Het kampeermateriaal van jouw jeugdvereniging heeft afgelopen zomer veel schade opgelopen door een storm. De leiding wil een actie opzetten om geld in te zamelen voor nieuw kampeermateriaal. Tijdens een brainstorm zijn deze twee acties uit de bus gekomen: een multiculturele avond of een

VA

N

sponsorloop.

Werk per twee. Welke actie zal het meeste geld opbrengen?

b

Waarom denk je dat? Noteer minstens drie argumenten.

©

a

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

LEVEL 4

Wanneer maakt een onderneming / organisatie winst of verlies?

THEMA 3

2

85


Explore 1— Wat zijn de kosten en opbrengsten van een plantenshop?

KOST EN OPBRENGST

Een opbrengst is het geld dat je ontvangt voor de verkoop van goederen of de levering van diensten. Een kost is het geld dat je moet betalen voor het gebruik van een

IN

goed of dienst om iets te produceren of te verkopen.

Lees de gevalstudie over Fleur en Dries en markeer: a

de kosten in het rood,

b

de opbrengsten in het groen.

THEMA 3

LEVEL 4

©

VA

N

Fleur en Dries, een jong en dynamisch paar hebben het aangedurfd, een plantenshop op te starten. Hun zaak is gespecialiseerd in het kweken van Japanse hulst, een alternatief voor de buxusplant die zwaar te lijden had onder de buxusrups. Omdat de verkoop van Japanse hulst seizoensafhankelijk is, kunnen Fleur en Dries niet in elk seizoen evenveel verkopen. Daarom verkopen ze enerzijds planten in kuipen (pot) en anderzijds scheuten. De planten in kuipen worden vrijwel het hele jaar door verkocht. De scheuten verkopen vooral in de lente en de herfst vlot. De verkoopprijs van een plant met kuip bedraagt 14,00 euro. De gemiddelde verkoopprijs van een scheut bedraagt 2,25 euro. De scheuten en de planten voor de kuipen worden door Fleur en Dries zelf gekweekt. De aankoopkost per stek bedraagt 1,00 euro. De pot waarin de plant wordt verkocht, kost 2,00 euro per stuk. Omdat Fleur en Dries nieuw zijn in de omgeving, willen ze zich graag bekendmaken. Ze voorzien daarvoor een reclamebudget van 9 500,00 euro. Daarvan investeren ze 6 000,00 euro in reclame bij het opstarten van de zaak (begin november). Het resterende bedrag besteden ze in de lente om de planten te promoten.

86


Het jaarlijkse onderhoud van de serres bedraagt 3 000,00 euro. De verzekeringspremie van de serres en de machines bedraagt jaarlijks 1 800,00 euro. Verder betalen ze jaarlijks voor: – telefoon: € 700,00 – kantoorbenodigdheden: € 300,00 – boekhouder: € 520,00 – drukwerk: € 1 550,00

IN

Ook aan de elektriciteit gaat er elk jaar een groot budget op: – verlichting: € 375,00 – drijfkracht: € 1 200,00

Tot slot is het waterverbruik voor de bevloeiing in de serres een grote uitgavenpost, jaarlijks 3 200,00 euro.

1

N

Explore 2— Hoe bereken je de omzet? Zoek in een woordenboek of op internet de betekenis van de begrippen afzet en omzet. Noteer de betekenis in je eigen woorden. de afzet

b

de omzet

VA

a

2

Hoe wordt de omzet berekend? Noteer hier de wiskundige formule.

3

Lees deze info over de afzet van Fleur en Dries.

Breng de afzet in kaart door de tabel aan te vullen.

Wat de afzet betreft weten Fleur en Dries dat ze tijdens de herfst ongeveer 2 500 scheuten kunnen verkopen. Ook tijdens de lente worden nog scheuten verkocht, maar dan zijn dat er nog maar een 660-tal. De planten in kuipen worden tijdens drie seizoenen verkocht: lente, zomer en herfst. De lente is het beste seizoen. Dan zouden Fleur en Dries 3 500 planten kunnen verkopen. In de zomer is de verkoop iets minder, dan zou het om 2 500 planten gaan. Tijdens de herfst zouden dat er nog 1 500 zijn. De plant wordt altijd in een pot verkocht.

THEMA 3

LEVEL 4

©

a

87


AANTAL SCHEUTEN

AANTAL PLANTEN IN KUIP

Winter Lente Zomer

b

IN

Herfst

Bereken de omzet per seizoen en per jaar met een rekenblad door het stappenplan te volgen. Ga

naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er het basisbestand. Gebruik indien nodig de ICT-fiches voor rekenblad. STAPPENPLAN Stap 1:

Voeg deze cellen samen: B1 tot en met D1; E1 tot en met G1. Gebruik daarvoor

Stap 2:

N

ICT-fiche_R_14. Geef deze cellen de juiste opvulkleur: A1 tot en met H2; B7 tot en met C7; E7 tot en met F7. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_13. Stap 3:

Geef alle cellen van de tabel een blauwe celrand. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_13. PLANTEN IN KUIP

VA

SCHEUTEN

VERKOOP­ PRIJS

AANTAL

OMZET

VERKOOP­ PRIJS

AANTAL

TOTALE OMZET

OMZET

Winter Lente

Zomer Herfst

©

Totaal (jaar)

Tip:

Noteer de getallen volgens de NBN-normen: Gebruik een spatie als scheidingsteken na de duizendtallen, noteer het euroteken voor het getal en schrijf twee decimalen. Gebruik indien

THEMA 3

LEVEL 4

nodig ICT-fiche_R_06.

88

Stap 4:

Vul de verkoopprijs van de scheuten en de planten in kuip in door gebruik te maken van de vulgreep. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_17.

Stap 5:

Vul de afzet in.


Stap 6:

Bereken de omzet per seizoen door een formule te gebruiken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

Stap 7:

Bereken de totale omzet per seizoen door een formule te gebruiken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

Stap 8:

Bereken de totale omzet per jaar door een functie te gebruiken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

IN

Explore 3— Welke kosten moet je in rekening brengen? HANDELSGOED

In de eerste plaats zijn er de kosten die je maakt als je de goederen aankoopt, ook wel handelsgoederen genoemd.

1

Bereken de aankoopkosten met een rekenblad door het stappenplan te volgen. Ga naar het online-

lesmateriaal. Je vindt er het basisbestand. Gebruik indien nodig de ICT-fiches voor rekenblad. Denk eraan

STAPPENPLAN Stap 1:

N

dat Fleur en Dries zowel voor de scheuten als voor de planten in kuip, stekken moeten aankopen.

Voeg deze cellen samen: B1 tot en met D1 en E1 tot en met G1. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_14.

Stap 2:

Geef deze cellen de juiste opvulkleur: A1 tot en met H2; B7 tot en met C7; E7 tot en met F7.

VA

Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_13. Stap 3:

Geef alle cellen van de tabel een blauwe celrand. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_13. STEKKEN

AANKOOP­ PRIJS

AANTAL

AANKOOP­

AANKOOP­

KOSTEN

PRIJS

KUIPEN AANTAL

TOTALE AANKOOP­ KOSTEN

AANKOOP­ KOSTEN

Winter Lente

©

Zomer Herfst Totaal (jaar)

duizendtallen, noteer het euroteken voor het getal en schrijf twee decimalen. Gebruik indien nodig ICT-fiche_R_07.

LEVEL 4

Noteer de getallen volgens de NBN-normen: Gebruik een spatie als scheidingsteken na de

THEMA 3

Tip:

89


Stap 4:

Vul de aankoopprijs van de stekken en de kuipen in door gebruik te maken van de vulgreep. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_10.

Stap 5:

Vul de aantallen in.

Stap 6:

Bereken de aankoopkosten per seizoen door een formule te gebruiken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

Stap 7:

Bereken de totale aankoopkosten per seizoen door een formule te gebruiken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

Stap 8:

Bereken de totale aankoopkosten per jaar door een functie te gebruiken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

Daarbovenop zijn er ook de kosten die van belang zijn voor de goede werking van de onderneming. Dat

IN

2

kunnen geleverde diensten zijn zoals het onderhoud van de serres of de levering van elektriciteit. a

Bereken de andere kosten door de onderstaande tabel in te vullen. RUBRIEK

BEDRAG

Elektriciteit

Verzekeringen

Onderhoud

Telefoonkosten

Bureelbenodigdheden

VA

N

Reclame

Drukwerk

Water

Totaal

Bereken de totale kosten voor de plantenshop.

THEMA 3

LEVEL 4

©

b

Boekhouder

90


Explore 4— Hoe bereken je het resultaat van een onderneming?

1

Welke formule gebruik je om het resultaat van een onderneming te berekenen?

2

Markeer het juiste antwoord. Er is sprake van winst wanneer de opbrengsten groter / kleiner zijn dan de kosten.

b

Een onderneming lijdt verlies wanneer de opbrengsten groter / kleiner zijn dan de kosten

IN

a

3

Bereken het resultaat van de plantenshop.

4

Maakt de plantenshop winst of verlies? Waaruit leid je dat af?

N

Explore 5— Hoe krijg je snel een beeld van de omzet van Gifts?

Gifts verkoopt geschenkartikelen. Bereken de omzet. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er het

VA

basisbestand en de filmpjes. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van rekenblad. STAPPENPLAN Stap 1: Stap 2:

Open het bestand Omzet_Gifts.xlsx met daarin de afzet en de eenheidsprijs van november. Bereken de omzet in kolom E door een gepaste formule te gebruiken. Gebruik daarvoor

ICT-fiche_R_24.

Tip:

Stap 3:

Een formule begint altijd met een =-teken.

Gebruik een gepaste formule om de totale omzet in cel E22 te berekenen. Gebruik daarvoor Bereken de minimumomzet in cel E23. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

Stap 5:

Bereken de maximale omzet in cel E24. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

Stap 6:

Bereken de gemiddelde omzet in cel E25. Gebruik daarvoor ICT-fiche_R_24.

THEMA 3

Stap 4:

LEVEL 4

©

ICT-fiche_R_24.

91


Explore 6— Hoe evolueert de afzet van Gift? Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er het bestand Afzet_Gifts.xlsx met de afzet per productcategorie voor 2018, 2019 en 2020. Welke soort grafiek gebruik je om de evolutie van de afzet per productcategorie voor te stellen?

b

Waarom kies je dat grafiektype?

c

Stel de afzet per productcategorie in een grafiek voor. Gebruik indien nodig de ICT-fiche_R_28 en volgende en het bijhorende filmpje.

IN

a

Plaats de grafiek op een nieuw blad.

Voeg de grafiektitel ‘Evolutie van de afzet per productcategorie’ toe.

THEMA 3

LEVEL 4

©

VA

N

92


THEMA 3

LEVEL 4

eenheid ) + andere kosten

(aantal gekochte eenheden × aankoopprijs per

Berekening: totale kost = aankoopkosten

produceren of te verkopen.

Kosten

Opbrengst

gebruik van een product of dienst om iets te

Het geld dat je moet betalen voor het

× verkoopprijs per eenheid

aantal verkochte eenheden (afzet)

Berekening: totale opbrengst (omzet) =

goederen of het leveren van diensten.

N

Wanneer maakt een

IN

Verlies: totale opbrengsten < totale kosten

Winst: totale opbrengsten > totale kosten

Berekening: resultaat = totale opbrengsten – totale kosten

Resultaat

verlies?

onderneming winst of

VA

©

Het geld dat je ontvangt voor de verkoop van

TO THE POINT

93


Action 1— Wat zijn de kosten en opbrengsten van een dierenhotel?

Thorben heeft enkele jaren in een dierenspeciaalzaak gewerkt. Hij vond dat het tijd was om een nieuwe uitdaging aan te gaan en wil een dierenhotel beginnen. Hij is een fervent dierenliefhebber en vond niet gemakkelijk onderdak voor zijn golden retriever wanneer

a

Werk per twee. Noteer vier voorbeelden van opbrengsten van het dierenhotel.

dierenhotels.

Noteer tien voorbeelden van kosten die het uitbaten van een dierenhotel met zich meebrengt.

THEMA 3

LEVEL 4

©

VA

b

Zoek inspiratie op websites van bestaande

N

Tip:

IN

hij zelf op reis wilde gaan.

94


Action 2— Kost of opbrengst? Zijn deze verrichtingen van Sportswear een kost of een opbrengst? Duid aan. SPORTSWEAR

KOST

OPBRENGST

… verkoopt trainingspakken aan voetbalclub F.C. Plein. … betaalt maandelijks interest op de autofinanciering van de

IN

firmawagen. … ontvangt de elektriciteitsfactuur voor de maand januari.

… plaatst een publiciteitsadvertentie in een regionale krant. … verkoopt vijf voetballen aan basisschool De Linde. ... betaalt de maandelijkse huur voor het magazijn. … koopt voetbalschoenen bij Reebok Europe.

N

… ontvangt interest op de zichtrekening.

… betaalt de jaarlijkse premie van de autoverzekering van de firmawagen.

… ontvangt een korting van leverancier Nike omdat de betaling van de

VA

factuur binnen vijf dagen gebeurde.

Action 3— Kun je van websites ontwerpen, je droomjob maken?

Lees de gevalstudie over Jasmien en Stijn. Markeer: a

de kosten in het rood,

b

de opbrengsten in het groen.

©

1

THEMA 3

LEVEL 4

Jasmien Degroot en haar vriend Stijn Martens zijn pas afgestudeerd als webdesigners. Zij willen van hun hobby hun beroep maken en hebben samen Design2Joy opgericht. De onderneming zal webapplicaties en websites ontwerpen.

95


THEMA 3

LEVEL 4

©

VA

N

IN

Om de kosten zo laag mogelijk te houden, blijven ze het eerste jaar in de studentenstudio die ze sowieso al huurden. De huurprijs van hun studio bedraagt 300,00 euro per maand. Voor het tweede jaar willen ze een bediende in dienst nemen waardoor zij gedwongen zijn een kleine woning met kantoorruimte te huren. De maandelijkse huurprijs ramen ze op 750,00 euro. De jaarlijkse loonkost van die bediende bedraagt 50 000,00 euro. Gedurende het eerste jaar blijft de omzet wellicht beperkt tot zo’n € 75 000,00 euro. Voor het tweede jaar rekenen ze op een omzet van 250 000,00 euro. Omdat dat hun enige inkomen is, zullen Jasmien en Stijn zich elk een bezoldiging uitkeren van 25 000,00 euro in het eerste jaar, en van 62 500,00 euro in het tweede jaar. Verder houden ze rekening met: — publiciteit bij de start van hun onderneming: € 1 500,00 — elektriciteit, gas, water: € 1 000,00 (jaar 1) € 3 000,00 (jaar 2) — huur van de informatica-uitrusting: € 2 500,00 (per jaar) — verzekeringen: € 1 350,00 (jaar 1) € 2 450,00 (jaar 2) — telefoon: € 2 500,00 (jaar 1) € 2 900,00 (jaar 2) — factuur van de boekhouder: € 2 000,00 (jaar 1) € 2 500,00 (jaar 2) — kantoormateriaal: € 2 750,00 (jaar 1) € 2 250,00 (jaar 2) — diversen: € 2 000,00 (jaar 1) € 2 500,00 (jaar 2) Om de oprichting te financieren hebben ze een lening aangegaan op drie jaar, waarvoor in het eerste jaar 750,00 euro interest betaald wordt, en in het tweede jaar 500,00 euro.

96


2

Bereken het resultaat van Design2Joy. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er het basisbestand en de bijhorende filmpjes. Gebruik indien nodig de ICT-fiches voor rekenblad. a

Pas het basisontwerp aan volgens het stappenplan zodat het er als volgt uitziet: STAPPENPLAN Pas de breedte van kolom A aan  35 (ICT-fiche_R_16).

Stap 2:

Pas de breedte van kolom B en C aan  12 (ICT-fiche_R_16).

Stap 3:

Pas de arcering van rij 1 – 4 – 6 – 20 – 22 en 23 aan (ICT-fiche_R_13).

Stap 4:

Zorg ervoor dat de tekst van rij 1 – 6 en 22 de juiste kleur krijgt (ICT-fiche_R_13).

Stap 5:

De tekst van rij 1 – 4 – 6 – 20 – 22 en 23 moet vetjes zijn (ICT-fiche_R_13).

Stap 6:

Breng de nodige randen aan (ICT-fiche_R_13). OPBRENGSTEN

JAAR 1

JAAR 2

N

Totaal

IN

Stap 1:

VA

KOSTEN

JAAR 1

JAAR 2

JAAR 1

JAAR2

Totaal

RESULTAAT

Totaal

b

Vul de tabel in.

©

STAPPENPLAN Stap 1:

In kolom A vul je de rubrieken van de opbrengsten en kosten in.

Stap 2:

Verwijder overbodige rijen.

Stap 3:

Stap 4:

Vul in kolom B en C de bedragen in. Zorg ervoor dat de het scheidingsteken voor de duizendtallen een spatie is. De bedragen moeten automatisch twee decimalen hebben (ICT-fiche_R_07). Bereken de totalen van de kosten en de opbrengsten aan de hand van een formule.

c

Bereken het resultaat in cel B21 en C21.

Bewaar het resultaat in je portfolio.

THEMA 3

Stap 5:

LEVEL 4

(ICT-fiche_R_24).

97


Action 4— Kun je dit vraagstuk oplossen? Lees aandachtig het vraagstuk en bereken het resultaat van onderneming Campeerservice. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt.

Optie 1

b

a

Bereken de omzet van Campeerservice.

onderneming.

b

Bereken de jaarlijkse aankoopkosten.

c

Bereken de totale kosten voor

Maakt ze winst of verlies? Waaruit leid je

VA

© LEVEL 4 THEMA 3

Met tussenstappen

Bereken het resultaat van de

dat af?

98

Optie2

N

a

In een rechte lijn

IN

Campeerservice verkoopt tenten en in het bijzonder tenten voor bergbeklimmers. De onderneming koopt de tenten aan voor 250,00 euro en verkoopt de tenten voor 385,00 euro. Jaarlijks verkopen ze 1 500 tenten. De andere kosten bedragen 120 000,00 euro.

Campeerservice.

d

Bereken het resultaat van de onderneming.

e

Maakt ze winst of verlies? Waaruit leid je dat af?


Action 5— Hoe krijg je zicht op de omzet van Sportswear? Bereken de omzetcijfers van Sportswear. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er het basisbestand. Gebruik indien nodig de ICT-fiches voor rekenblad. Gebruik de gepaste functie. Bereken: de totale omzet,

b

de grootste omzet,

c

de kleinste omzet,

d

de gemiddelde omzet per jaar.

IN

a

N

sportswear

Action 6— Hoe is de omzet van Sportswear over de

verschillende sportcategorieën verdeeld?

VA

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er het bestand Omzet per sportcategorie.xlsx. a

Welke soort grafiek gebruik je om de evolutie van de omzet per productcategorie voor te stellen?

b

Waarom kies je dat grafiektype?

c

Stel de verdeling van de omzet per productcategorie in een grafiek voor. Gebruik indien nodig ICT-fiche_R_31.

Plaats de grafiek op een nieuw blad.

Noteer de grafiektitel ‘Omzet per

©

sportcategorie’. Geef de percentages per categorie

sportswear

LEVEL 4

weer.

THEMA 3

99


Action 7— Hoe stel je de evolutie van de omzet van Sportswear grafisch voor?

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er het bestand ‘evolutie_omzet_sportswear.xlsx’. Welk soort grafiek gebruik je om de evolutie van de omzet per productcategorie voor te stellen?

b

Waarom kies je dat grafiektype?

c

Stel de evolutie van de omzet per productcategorie in een grafiek voor. Gebruik indien nodig ICT-fiche_R_30 en volgende.

Plaats de grafiek op een nieuw blad.

Noteer de grafiektitel ‘Evolutie omzet per sportcategorie’

IN

a

N

sportswear

BREAKING NEWS

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

VA

1

Beantwoord de volgende vragen. a

Over welke onderneming gaat deze rubriek?

b

Maakt deze onderneming winst of verlies?

c

Wat is de reden hiervoor?

THEMA 3

LEVEL 4

©

2

100


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA 1

KAN

Ik kan het begrip opbrengsten toepassen op een voorbeeld. Ik kan het verschil tussen afzet en omzet omschrijven.

3

Ik kan de omzet berekenen in een concreet voorbeeld.

4

Ik kan het begrip kosten toepassen op een voorbeeld.

5

Ik kan omschrijven hoe het resultaat wordt berekend.

Ik kan omschrijven wanneer een onderneming

N

6

winst of verlies maakt. 7

Ik kan de winst of het verlies in een concrete situatie berekenen.

Ik kan de vulgreep toepassen.

VA

8 9

Ik kan een tabel functioneel opmaken (randen, arceringen, uitlijnen, cellen samenvoegen).

10

IN

2

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

Ik kan de gegevens in een tabel de juiste getallennotaties geven (getal, percentage, valuta,

datum).

11

Ik kan data grafisch weergeven.

12

Ik kan het meest geschikte grafiektype kiezen

Ik kan de formules som, gemiddelde, minimum, maximum toepassen.

LEVEL 4

13

THEMA 3

©

voor een situatie.

101


LEVEL 5 Hoe probeert een onderneming succesvol te zijn?

1

IN

INTRO In het vorige level hebben jullie nagedacht over welke actie het meeste geld zou opbrengen voor

©

VA

N

nieuw kampeermateriaal voor de jeugdvereniging.

a

Werk per twee. Bedenk hoe jullie van die actie een groot succes kunnen maken.

b

Maak een digitale mindmap van jullie hersenspinsels. Gebruik daarvoor indien nodig

THEMA 3

LEVEL 5

ICT-fiche_MM_01.

102

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat zet een onderneming in om succesvol te zijn en om met anderen te kunnen concurreren?


Explore 1— Marketingmix — what?? 1

Lees de definitie en markeer de kernwoorden. MARKETING

Marketing is onderzoek doen naar de behoeften van mensen, het vertalen van die behoeften in goederen en diensten en het goederen en diensten te stimuleren.

2

IN

ontwikkelen van een geschikte strategie om de verkoop van die

Niet alleen ondernemingen maken gebruik van marketing om hun doelen te bereiken. Combineer de onderneming, de organisatie of de persoon met zijn of haar doel. ONDERNEMING, ORGANISATIE, PERSOON Rode Neuzen Dag

A

de verkiezingen winnen

2

een politieke partij

B

kijkers trekken

3

een deelnemer aan Belgium’s Got Talent

C

studenten aantrekken

4

een tv-zender

D

geld inzamelen voor een goed doel

5

een tennisclub

E

leden werven

VA

N

1

DOEL

6

de overheid

F

in de finale geraken

7

een hogeschool

G

winst maken

8

een bioscoop

H

mensen bewustmaken van het gevaar

2

3

4

5

6

7

8

THEMA 3

LEVEL 5

©

1

van vuurwerk

103


3

Een van je beste vrienden is volgende week jarig. Je bent uitgenodigd op zijn verjaardagsfeest. Daarom ben je dringend op zoek naar een geschikt cadeautje. Waarmee houd je rekening bij de keuze en de

IN

aankoop van het geschenk?

MARKETINGMIX

Om van de onderneming een succes te maken, moet ze rekening

N

houden met de factoren die het keuze­ / aankoopgedrag van consumenten beïnvloeden. Daarom zet ze een combinatie van verschillende instrumenten in, de marketingmix. Die bestaat traditioneel uit de 6 P’s: product, prijs, plaats, promotie, presentatie

VA

en personeel.

PRODUCT

PERSONEEL

PRIJS

6 P’s

PRESENTATIE

THEMA 3

LEVEL 5

©

PROMOTIE

104

PLAATS


Explore 2— Wat is het ideale product voor je doelgroep? 1

PRODUCT

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Product. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt. Bekijk de vakantieaanbiedingen (1-4) en de doelgroepen (A-D) Combineer de vakantie met de doelgroep.

b

VAKANTIE 2

VAKANTIE 3

VAKANTIE 4

IN

VAKANTIE 1

Waarom biedt een reisbureau verschillende vakantietypes aan, denk je?

A

2

VA

© Alliance Images / Shutterstock.com

N

1

©

3

4

B

C

D

LEVEL 5

a

THEMA 3

2

105


c

Noteer in kernwoorden enkele kenmerken van de doelgroep.

A

B

C

D

1

Bestudeer de ontdekplaat en omschrijf het begrip assortiment in eigen woorden. Lukt dat niet meteen, bestudeer dan de ontdekplaat opnieuw.

Surf naar de website van TUI. a

Vul de begrippen breedte en diepte in op de juiste plaats in de onderstaande tabel.

b

Vul de tabel aan met extra bestemmingen

N

2

IN

Explore 3— Hoe breed en diep moet het assortiment zijn?

VAN HET ASSORTIMENT

VLIEG-

WEEKENDJES

SKI-

VAKANTIES

WEG

VAKANTIES

Spanje

Turkije

Egypte

©

VAN HET ASSORTIMENT

VA

VAKANTIES

AUTO-

THEMA 3

LEVEL 5

Portugal

106

CITY­TRIPS

CRUISES Verenigde

Emiraten

Canarische

Arabische

eilanden

Egypte

Grieken­land


Explore 4— Wat is de ideale verkoopprijs? 1

PRIJS

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Prijs. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

PRIJSSTRATEGIE Elke onderneming hanteert een eigen prijsstrategie. Sommige profileren zich als de goed-

2

Vergelijk de prijzen van deze producten.

IN

koopste, andere hanteren hoge prijzen omdat ze dat willen linken aan een hoge kwaliteit.

a

Voeg in de laatste kolom een supermarkt naar keuze toe.

b

Surf naar de websites van Aldi, Colruyt, Delhaize, Albert Heyn en van de gekozen supermarkt.

c

Noteer de prijzen per kilo / liter van de producten uit de eerste kolom. Wanneer er meerdere merken zijn opgenomen in het assortiment, noteer je de prijs van het goedkoopste merk.

1 liter halfvolle melk

DELHAIZE

ALBERT HEYN

VA

(brik)

COLRUYT

N

ALDI

200 g melkchocolade

1 kg zelfrijzende bloem

1 liter bruiswater

©

1 liter vloeibaar wasmiddel (gekleurde was)

Forum

THEMA 3

LEVEL 5

Een hoge prijs betekent ook een hoge kwaliteit. Hoe denk jij daarover?

107


Explore 5— Wat is de ideale vestigingsplaats voor je onderneming?

1

PLAATS

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Plaats. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt. VESTIGINGSPLAATS

De plaats van een vestiging is een heel belangrijk instrument in doelgroep in?

2

IN

de marketingmix. De centrale vraag is, waar en hoe koopt mijn

Waar zou je de volgende ondernemingen vestigen en waarom?

VA

2

N

1

©

3

THEMA 3

LEVEL 5

4

108

© Lester Balajadia / Shutterstock.com


5

IN

6

1

N

Explore 6— Welke distributie kies je voor je onderneming? Bestudeer de ontdekplaat en omschrijf de begrippen directe en indirecte distributie in eigen woorden.

VA

Lukt dat niet meteen, bestudeer dan de ontdekplaat opnieuw.

Zet de volgende distributiekanalen in de juiste kolom. webwinkel – groothandelaar – postorderbedrijf – (auto)dealer – kleinhandel – invoerder van bananen – vertegenwoordiger in koffie – de automaat bij de fruitkweker

DIRECTE DISTRIBUTIE

INDIRECTE DISTRIBUTIE

THEMA 3

LEVEL 5

©

2

109


Vervolledig de tabel. a

Noteer in de tweede kolom waar je de producten kunt kopen.

b

Omschrijf de betekenis van deze woorden. Gebruik indien nodig een woordenboek.

c

intensief:

selectief:

exclusief:

Noteer in de derde kolom het juiste soort distributie. PRODUCT

IN

3

VERKOOPPUNT

SOORT DISTRIBUTIE

N

© Keith Homan

VA

© andersphoto / Shutterstock.com

THEMA 3

LEVEL 5

©

© Sorbis / Shutterstock.com

110

© Grzegorz Czapski / Shutterstock.com


Explore 7— Welke promotie voer je om van je

PROMOTIE

onderneming een succes te maken?

1

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Promotie. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

PROMOTIEVORMEN

IN

Promotie maken voor je onderneming is één ding. De juiste promotievormen kiezen is een andere zaak.

Bestudeer de onderstaande tabel met een overzicht van de verschillende promotievormen. Beantwoord de vragen.

Zoek op internet naar de betekenis van het begrip direct mail. Omschrijf het in eigen woorden.

b

Waarom is die promotievorm de laatste jaren zo populair geworden?

VA

N

a

Geef twee voorbeelden van promotievormen die je onder de categorie andere zou kunnen plaatsen.

%

Adverteren in huis-aan-huisbladen, huis-aan-huisfolders, verenigingsbladen

66

Adverteren in dagbladen

27

Promotiemateriaal in de winkel

25

Direct mail

23

Adverteren in telefoongids en handels- en beroepengids (meer dan naamsvermelding)

20

Adverteren op lokale radio, lokale televisie …

13

Opendeurdagen, demonstraties, deelnemen aan beurzen …

12

Sponsoring

11

Geen

10

Adverteren op internet

8

Andere

8

Bron: vizo

LEVEL 5

RECLAMEMIDDELEN GEBRUIKT DOOR SCHOENENWINKELS

©

c

THEMA 3

2

111


3

Niet alleen de juiste promotievorm, maar ook het medium voor de verspreiding van de reclameboodschap is belangrijk. a

Via welke media zou je in de volgende gevallen reclame maken? Zet een kruisje in de juiste kolom en / of vul de laatste kolom in.

VA

Snowboardvakantie

Boek over drones

Forum

THEMA 3

LEVEL 5

©

Vind jij reclame weggesmeten geld? Laat jij je erdoor beïnvloeden?

112

ANDERE

INTERNET

AFFICHE

BIOSCOOP

RADIO

TV

N

Adidas

IN

Het nieuwste model van BMW

TIJDSCHRIFT

Bedenk een goed argument voor jouw keuze.

KRANT

b

© Allen.G /Shutterstock.com


Explore 8— Hoe kan de inrichting van de winkel de

PRESENTATIE

verkoop stimuleren?

1

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Presentatie. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt. Bekijk het filmpje en noteer vijf trucjes van IKEA die mensen aanzetten om iets te kopen.

VA

N

IN

2

© Michael Go

rdon / Shutte

rstock.com

© thebigland / Shutterstock.com

©

Explore 9— Hoe zet je de juiste persoon op de juiste job? 1

PERSONEEL

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Personeel.

Goed personeel is het visitekaartje van je winkel.

THEMA 3

Good to know

LEVEL 5

Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

113


2

Je vindt hier drie jobadvertenties waarin de competenties staan die noodzakelijk zijn om de job goed te kunnen uitvoeren. a

Bestudeer de jobadvertenties

b

Noteer de jobtitel bij de juiste jobadvertentie. kassamedewerker – magazijnmedewerker Euro Shoe Group – verkoper Proximus

Wie zoeken we?

IN

“Ben jij de persoon die we zoeken?”

Dankzij je inlevingsvermogen win je

vlotjes het vertrouwen van klanten. Je

Iemand die:

∙ de bestellingen van de klanten

op een correcte manier klaarzet in het magazijn;

ontdekt snel hun behoeften en kunt hen de gepaste oplossing voorstellen.

Je loopt over van energie en maakt met plezier deel uit van een team waarin de collega’s elkaar helpen en bijdragen

∙ nauwkeurig werkt met aandacht

voor veiligheid, orde en netheid;

∙ ervoor zorgt dat de chauffeurs

tijdig kunnen vertrekken met de bestellingen;

aan een toffe sfeer.

∙ bereid is om in een wisselend

N

Samen met je collega’s zet je ideeën om in concrete acties die de shop en

het team beter doen draaien. Je hebt passie voor al wat nieuw is en werkt

dan ook graag met onze digitale tools die je ondersteunen met informatie over de klant, zijn bestellingen, nieu-

VA

wigheden en promoties ...

Je bent bereid om ook in het weekend

ploegensysteem (6.00 – 14.00 u.; 14.00 – 22.00 u.) te werken;

∙ houdt van afwisselende taken en zin heeft voor initiatief;

∙ niet terugdeinst voor fysieke arbeid;

∙ goed zelfstandig en in team kan

te werken.

werken.

THEMA 3

LEVEL 5

©

We zijn op zoek naar iemand op wie onze klant kan rekenen letterlijk en figuurlijk

114

–

Je bent uiterst betrouwbaar.

–

Je komt steeds met een glimlach voor de dag bij elke klant

–

Je hebt een sterk logisch redeneervermogen.

–

Je bent van het principe ‘klant is koning’.

–

Je bent een vlot, spontaan persoon.

–

Je houdt de inkom en kassazone netjes en opgeruimd.

–

Je zorgt ervoor dat de uitstallingen in de omgeving van de kassa

ook als het even wat minder meezit.

aantrekkelijk ogen doorheen de dag.


Explore 10— 1

Wat is het verschil tussen de 6 P’s en de 4 C’s?

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en ontdek wat de verschuiving van de 6 P’s naar de 4 C’s inhoudt. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

PRIJS

CUSTOMER SOLUTION

2

COSTS

PLAATS

PROMOTIE

IN

PRODUCT

CONVENIENCE

COMMUNICATION

Welke C zet een ondernemer in de kijker wanneer hij de volgende acties onderneemt? ACTIE

N

WELKE C?

De klant kan het parkeerticket aan de kassa valideren zodat hij de parking gratis kan verlaten.

De webshop is door verschillende personen getest op gebruiks-

Een hotelgast kan op de Facebookpagina van het hotel een review posten.

De doe-het-zelfzaak heeft een YouTubefilmpje gemaakt zodat de klant snel ziet hoe hij de aangekochte machine moet gebruiken. De klant die een bepaald product via de webshop heeft besteld, kan een leveringsadres dicht bij huis kiezen. Een producent van tablets heeft een enquête gedaan om precies te achterhalen wat de consument van een dergelijk toestel verwacht. De klantendienst is in het weekend bereikbaar zodat de consumenten er ook dan met hun vragen terechtkunnen. Een producent heeft voor een bepaalde klant een rolstoel ontworpen op maat van de behoeften van die klant.

LEVEL 5

De kapperszaak heeft haar openingsuren verlengd tot 20.00 uur.

THEMA 3

©

VA

vriendelijkheid zodat een bestelling heel snel geplaatst kan worden.

115


Explore 11—

Wat houdt het Business Model Canvas in?

Meer en meer ondernemingen maken gebruik van het Business Model Canvas om van hun onderneming een succesverhaal te maken. a

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en ontdek wat dat model inhoudt. Download het blanco BMC en het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

b

Bekijk de vragenlijst die je helpt om de negen bouwstenen voor een onderneming in te vullen. Vul de

BOUWSTEEN

IN

passende bouwsteen in de linkerkolom in. ONDERZOEKSVRAAG

Wat zijn de belangrijkste kenmerken van het doelpubliek?

Welke elementen maken de onderneming en / of producten voor de

Via welke kanalen verkoopt de onderneming haar goederen of

Welke goederen of diensten behoren tot het kernassortiment?

Hoe garandeert de onderneming de kwaliteit van haar producten? Waarom zou de klant de producten / diensten van de onderneming aankopen en niet die van de concurrenten? Wat zijn de belangrijkste investeringen die nodig zijn om de onderneming goed te laten draaien?

VA

diensten?

N

klant uniek?

Waar komen de klanten van de onderneming vandaan?

Welke problemen van de klant lossen de goederen of diensten van

Welke dienst na verkoop biedt de onderneming aan?

Wat zijn de belangrijkste inkomstenstromen?

Wie zijn de belangrijkste leveranciers?

THEMA 3

LEVEL 5

©

116

de onderneming op?

Hoe worden de klanten op de hoogte gehouden van het aanbod van

Wat zijn de belangrijkste kosten?

Wie neemt binnen de onderneming welke taken op?

Welke productgroepen leveren welke omzet?

Hoe meet de onderneming de tevredenheid van de klant?

Aan welke criteria moet de vestigingsplaats voldoen?

de onderneming?


THEMA 3

behoeften van mensen

Dat is een combinatie van

Marketingmix

Marketing

te stimuleren

van die goederen en diensten

ontwikkelen om de verkoop

Een geschikte strategie

goederen en diensten

Die behoeften vertalen in

IN

producten zich in de winkel bevinden …

aan de consument gepresenteerd wordt, waar de

LEVEL 5

bepaalde taak te vinden.

Het komt erop aan om de juiste persoon voor een

Personeel

Presentatie

Dat instrument beschrijft hoe het goed of de dienst

hoeveel kanalen er gebruikt worden.

klant terechtkomt. Het gaat om welke kanalen en

tigingsplaats en hoe het goed of de dienst bij de

Dat instrument beschrijft de keuze van de ves-

stimuleren.

bestaat traditioneel uit de 6 P’s.

PLAATS

Plaats

consumenten gebracht wordt om de verkoop te

het goed of de dienst onder de aandacht van

Daarbij gaat het over hoe en via welke media

kortingen.

een rol, maar bijvoorbeeld ook de aangeboden

gevraagd wordt. Niet alleen de verkoopprijs speelt

Dat is het bedrag dat voor het goed of de dienst

de merknaam en het ontwerp.

de verpakking, de kwaliteit, de service, de garantie,

niet alleen het product op zich een rol, maar ook

en de behoeften van de consument. Daarbij speelt

Het goed of de dienst moet voldoen aan de wensen

Niet iedereen is geschikt voor een bepaalde job.

PROMOTIE

PRESENTATIE

6 P’s

PRIJS

N Promotie

Prijs

Product

beïnvloeden. De marketingmix

aankoopgedrag van consumenten

de factoren die het keuze- /

wordt rekening gehouden met

inzet om succesvol te zijn. Daarbij

PERSONEEL

PRODUCT

te zijn?

onderneming succesvol

Hoe probeert een

6 P’s

VA

©

Onderzoek doen naar de

instrumenten die een onderneming

–

–

–

TO THE POINT

117


Action 1— Welk assortiment biedt

aan?

1

Je leraar geeft je een kaartje met de naam van een onderneming. Vul de naam aan in de titel van deze Action.

2

Surf naar de website van die onderneming.

3

Stel het assortiment van die onderneming in de breedte en diepte voor in een overzichtelijke tabel. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt en vertrek van een leeg document. Kies optie 2

IN

als je liever wat ondersteuning wilt. Ga naar het onlinelesmateriaal en gebruik het sjabloon dat je daar vindt. a

Noem twee concurrenten van jouw onderneming.

b

Loopt het assortiment van jouw firma gelijk met dat van beide concurrenten? Indien ja, geef een aantal voorbeelden.

Wijkt het assortiment van jouw firma af van dat van beide concurrenten? Indien ja, geef een aantal

N

c

voorbeelden.

Noem twee voordelen en twee nadelen van een breed en diep assortiment.

VA

d

Sla je bestand op in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

THEMA 3

LEVEL 5

©

e

118


Action 2— Gaan de supermarkten elkaar te lijf met scherpe prijzen?

Lees het artikel over de komst van supermarktketen Jumbo en beantwoord de vragen. a

Welke supermarkt in Pelt heeft de meeste last van de komst van Jumbo in Pelt?

b

Mag Jumbo zich de supermarkt met gegarandeerd de laagste prijzen noemen?

IN

1

Colruyt moet slechts ‘paar tientallen’ prijzen aanpassen na opening Jumbo in Pelt ‘Gegarandeerd de laagste prijzen’,

stelt de Nederlandse supermarktketen Jumbo. Wie een product elders

N

goedkoper vindt – en het is geen

tijdelijke promotie – krijgt het product als dank gratis mee naar huis. Maar Belgische koopjesjagers hoeven nog niet te juichen.

VA

Colruyt stuurde een dag na de opening tien prijzenopnemers naar Jumbo,

© emka74 / Shutterstock.com

en nog eens tien naar de omliggende supermarkten. Uit de eerste vaststellingen blijkt dat Jumbo maar voor een ‘paar tientallen artikelen’ goedkoper was. Colruyt paste prompt zijn prijzen aan in de vestigingen in Pelt en Lommel. Het gaat onder meer om speculoospasta, Coca-Cola light en Côte d’Or. Maar net zo goed zijn er producten waar Jumbo duurder is, stipt Colruyt aan. Dreft-vaatwastabletten zijn twintig procent duurder bij Jumbo, net als een halfliterflesje Lipton Ice Tea. Het Nieuwsblad deed diezelfde dag ook een test en kocht 35 producten bij Jumbo en vier omliggende supermarkten. Jumbo bleek op het moment van de aankoop respectievelijk 3,5 en 5 procent goedkoper dan Colruyt en Albert Heijn. Delhaize

©

en Carrefour waren voor de aangekochte producten ruim 20 procent duurder dan Jumbo. Naar: standaard.be, november 2019

Behalve Colruyt, Albert Heijn, Delhaize en Carrefour, welke supermarkten hebben nog een vestiging in LEVEL 5

Pelt? Gebruik het internet.

THEMA 3

2

119


Action 3— Hoe promoot je een nieuwe frisdrank? Bestudeer deze cartoon. Wat zou de cartoonist ermee willen zeggen?

2

Werk in groepjes. Elke groep moet een nieuw product promoten. Beschrijf om welk nieuw product het gaat.

VA

a

N

IN

1

b

Beschrijf bondig jullie doelpubliek.

c

Maak per groep een reclamefilmpje van maximum een minuut om het nieuwe product in de kijker te plaatsen. Wees creatief, maar zorg er ook voor dat het aanslaat bij je doelpubliek! Gebruik ICT-fiche_M_01 als ondersteuning bij het maken van het filmpje. Maak ook een bijhorende affiche om het product te promoten. Gebruik ICT-fiche_C_01 als je hulp

©

d

nodig hebt om de reclameaffiche te ontwerpen.

THEMA 3

LEVEL 5

e

120

Sla je bestanden op in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.


Action 4— Welke elementen van de marketingmix werden niet (correct) gebruikt?

Lees de situaties. Noteer telkens welke elementen van de marketingmix niet of niet correct worden gebruikt.

A

B

IN

Een onderneming lanceert een nieu we frisdrank met een groots opgezette publiciteitscampagne. Elk gezin ontvangt kortingsbonnen. De frisdrank is slechts te koo p in een enkele warenhuisketen .

Een nieuw type gsm wordt gelanceerd. De gsm heeft een heel mooie lijn en de prijs is concurrentieel. Technisch staat het mobieltje nog niet op punt. Het regent klachten in de eerste

VA

N

maanden na de lancering.

D

-

vestiging in de industrieEen fitnesszaak opent een nieuwe n. zone in de buurt van een zeehave

LEVEL 5

©

Een onderneming brengt een nieuw jacht op de markt. De verkoop r prijs bedraagt 163 000,00 euro. De onderneming maakt daarvoo reclame in Klasse, een tijdschrift voor leraars.

THEMA 3

C

121


Action 5— Welke marketingmix hoort bij welke onderneming?

Een onderneming moet aandacht besteden aan elk van de 6 P’s, maar sommige ondernemingen hebben meer aandacht voor een of meerdere P’s. a

Lees de marketingmix van een aantal ondernemingen.

b

Welke marketingmix hoort bij welke onderneming?

c

IN

Gucci – Colruyt – Porsche-garage – Center Parcs – IKEA – Apple – Coca-Cola Noteer telkens waarom je die onderneming aan de marketingmix toewijst. MARKETINGMIXINSTRUMENT

PRODUCT

PRIJS

PERSONEEL

ONDERNEMING

6 P’s PLAATS

N

PRESENTATIE

PROMOTIE

VA

PRODUCT

PERSONEEL

PRIJS

6 P’s

PLAATS

PRESENTATIE

PROMOTIE

©

PRODUCT

PERSONEEL

PRIJS

6 P’s

PRESENTATIE

THEMA 3

LEVEL 5

PROMOTIE

122

PLAATS

ARGUMENT


MARKETINGMIXINSTRUMENT

ONDERNEMING

ARGUMENT

PRODUCT PERSONEEL

PRIJS 6 P’s

PRESENTATIE

PLAATS

PRODUCT

PERSONEEL

PRIJS 6 P’s

PRESENTATIE

IN

PROMOTIE

PLAATS

PRODUCT PERSONEEL

N

PROMOTIE

PRIJS

VA

6 P’s PRESENTATIE

PLAATS

PROMOTIE

PRODUCT

©

PERSONEEL

PRIJS

6 P’s

PLAATS

LEVEL 5

PROMOTIE

THEMA 3

PRESENTATIE

123


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Beantwoord de volgende vragen. Over welke onderneming gaat het?

b

Waarop heeft deze onderneming ingezet om succesvol te zijn?

CHECKLIST

IN

a

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

Ik kan het resultaat van een brainstorm in een

N

1

mindmap weergeven. 2

Ik kan het begrip marketing en marketingmix toelichten.

3

Ik kan het begrip doelgroep met een voorbeeld

VA

illustreren.

4

Ik kan het begrip assortiment in eigen woorden omschrijven.

5

KAN

Ik kan de begrippen diepte en breedte van het assortiment met een voorbeeld toelichten.

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

Ik kan gericht zoeken in onlinedatabanken.

7

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

8

Ik kan de marketingtool prijs toelichten aan de

©

6

hand van een voorbeeld.

9

Ik kan toelichten welke criteria een onderneming het best gebruikt bij de keuze van de

vestigingsplaats.

10

Ik kan de begrippen directe en indirecte distri-

THEMA 3

LEVEL 5

butie toelichten aan de hand van voorbeelden.

124

11

Ik kan toelichten welke distributiekanalen een onderneming gebruikt.


JA 12

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

Ik kan toelichten of een onderneming voor een intensieve, een selectieve of een exclusieve

distributie gaat. 13

Ik kan het belang van de presentatie van producten duiden aan de hand van voorbeelden. Ik kan het belang van de juiste persoon voor de juiste job toelichten aan de hand van voorbeelden.

15

Ik kan de 4 C’s toelichten aan de hand van voorbeelden.

16

Ik kan de negen bouwstenen van het BMC toelichten. Ik kan een reclamefilmpje maken.

18

Ik kan een affiche maken om een product te promoten.

N

17

IN

14

19

Ik kan online samenwerken aan een document.

20

Ik kan een tabel aanmaken met een

THEMA 3

LEVEL 5

©

VA

tekstverwerker.

125


Begrippenlijst Thema 3 LEVEL 1

BEGRIP bedrijfskolom

VERKLARING De bedrijfskolom is een schematisch overzicht van alle stappen die een product

de producent van grondstoffen en eindigt

Een consument koopt goederen of diensten maar heeft niet de bedoeling die te ver­

1

detailhandel

groothandel

De detailhandel verkoopt goederen aan

Een groothandel is een onderneming die

grote partijen inkoopt bij een of meerdere

heden aan andere ondernemingen door te

N

grossier

Een grossier koopt grote partijen in bij een of meerdere producenten en verkoopt die

VA

in kleinere hoeveelheden door aan andere

1

kleinhandel

korte keten

©

lange keten

THEMA 3

BEGRIPPENLIJST

1

126

1

Een kleinhandel is een onderneming die

verkoopt.

De korte keten is de kortste weg tussen

producent en consument.

1

ondernemingen.

goederen aan consumenten (particulieren)

1

producenten om die in kleinere hoeveelverkopen.

1

kopen of te verwerken voor de verkoop.

consumenten (particulieren). 1

IN

consument wordt aangeboden. consument

of dienst doorloopt. Het schema start bij zodra het eindproduct of de dienst aan de

1

IN JE EIGEN WOORDEN

Bv. Een fruitkweker die appels aanbiedt in

zijn eigen winkel of automaat.

Bij een lange keten worden de producten

niet rechtstreeks aan de consument verkocht maar zijn er tussenschakels zoals

een groothandel, een kleinhandel …

online­

Een onlineplatform of webwinkel is een

platformen

website waarop producten of diensten

retailer

verkocht worden.

Een retailer is een onderneming die

goederen aan consumenten (particulieren) verkoopt.


bedrijfssector

VERKLARING Een bedrijfssector omvat een aantal verwante ondernemingen die hetzelfde soort

2

2

producten en / of diensten voortbrengen.

primaire

De primaire sector bevat de ondernemingen

sector

die grondstoffen en voedsel leveren. Bv. een

landbouwer, een visser, een zandgroeve …

quartaire

De quartaire sector bevat de niet-commer-

sector

ciële dienstverlening.

Bv. defensie, onderwijs, zorgsector, open-

bare orde (politie) …

secundaire

De secundaire sector bevat de bedrijven

sector

die de grondstoffen van de primaire sector verwerken.

2

tertiaire sector

De tertiaire sector bevat bedrijven die met

winst willen maken.

Bv. een schoenenwinkel, een kapsalon …

Dat is een bedrijf dat hetzelfde wil bereiken

als een ander bedrijf. Bv. Colruyt is een

VA

concurrent van Jumbo.

3

leveranciers

Een leverancier levert goederen of diensten in ruil voor geld.

3

stakeholder

Een stakeholder of belanghebbende is iemand die invloed ondervindt (positief of

3

vakbonden

© 4

4

afzet

een onderneming of een organisatie.

Dat is een organisatie die de individuele

werknemers behartigt.

Dat is het aantal verkochte hoeveelheden in

een periode.

handels­

Dat zijn de goederen die een ondernemer

goederen

aankoopt en met winst doorverkoopt zon-

kost

negatief) of zelf invloed kan uitoefenen op

en collectieve belangen van aangesloten

4

N

concurrent

Bv. een autofabriek, een kaasfabriek ….

de verkoop van hun goederen of diensten

3

IN

2

IN JE EIGEN WOORDEN

der daar iets wezenlijks aan toe te voegen.

Een kost is het geld dat je moet betalen

voor het gebruik van een product of dienst om iets te produceren of te verkopen.

BEGRIPPENLIJST

2

BEGRIP

THEMA 3

LEVEL

127


LEVEL 4

BEGRIP

VERKLARING

omzet

Dat is het totaalbedrag van de verkopen van een onderneming.

4

opbrengst

Een opbrengst is het geld dat je ontvangt voor de verkoop van goederen of de levering

4

resultaat

Dat is de winst of het verlies dat in een

IN

verlies

Er is sprake van verlies wanneer de

winst

Er is sprake van winst wanneer de opbrengsten groter zijn dan de kosten.

5

assortiment

Het assortiment is de verzameling van

producten of diensten die een onderneming

breedte van het assortiment

5

Business

De breedte van het assortiment geeft het

aantal verschillende productgroepen aan.

Het Business Model Canvas is een methode om de negen belangrijkste aspecten van

bekeken kan worden waar de kracht van

In de nieuwe marketingmix gaat het niet

nication

alleen om het promoten van het product of

(communicatie)

de dienst. De klant wil inspraak. Klanten

moeten genoeg informatie (het liefst online)

wijze contact kunnen zoeken.

convenience

De moderne consument wil vooral gemak.

(gemak)

Het aanbod is groot en de tijd van de consu-

© BEGRIPPENLIJST

commu-

kunnen indienen en op een laagdrempelige

THEMA 3

kunnen vinden, gemakkelijk klachten

128

een bedrijf in kaart te brengen, zodat

geïnnoveerd kan worden.

5

een bedrijf ligt, wat anders kan en waar

5

aanbiedt voor de verkoop.

VA

Model Canvas

N

5

opbrengsten kleiner zijn dan de kosten. 4

van diensten.

bepaalde periode is behaald. 4

IN JE EIGEN WOORDEN

ment is kostbaar. Als een klant veel moeite

moet doen om aan een goed of dienst te

komen, haakt hij snel af.


LEVEL 5

BEGRIP cost (kosten)

VERKLARING Bij cost gaat het niet alleen om de prijs van het product of de dienst, maar ook om

IN JE EIGEN WOORDEN

alles wat het de consument verder kost:

Is de grondstof duurzaam verbouwd? Wat

kost het de consument om bij de winkel te komen? Heeft het product of de dienst vervelende gevolgen voor het dagelijks

leven.

(consument)

ment: waarom is dit product of deze dienst een oplossing voor de consument?

diepte van het

De diepte van het assortiment is het gemid-

assortiment

deld aantal producten en productvarianten

binnen een bepaalde productgroep.

directe

Directe distributie betekent dat de pro-

distributie

ducent het product rechtstreeks aan de

doelgroep

De doelgroep is een specifieke groep

mensen die een organisatie of instelling wil

5

exclusieve

5

5

Exclusieve distributie betekent dat de

ondernemer zijn producten of diensten

slechts op een beperkt aantal plaatsen wil

aanbieden.

indirecte

Indirecte distributie betekent dat de

distributie

producent het product niet rechtstreeks

aan de consument verkoopt.

inkomsten-

De inkomstenstromen beschrijven welke

stromen

afzet / omzet de onderneming heeft.

intensieve

Intensieve distributie betekent dat de

distributie

ondernemer zijn producten of diensten op

©

5

5

bereiken met een bepaald aanbod.

VA

distributie

N

consument verkoopt. 5

kanalen

zoveel mogelijk plaatsen aanbiedt.

In de bouwsteen kanalen wordt aange-

geven via welke kanalen de ondernemer het goed of de dienst wil aanbieden, aan

welke criteria de vestigingsplaats moet

voldoen, hoe hij zijn goederen of diensten wil presenteren …

BEGRIPPENLIJST

5

Daarbij wordt er gedacht vanuit de consu-

THEMA 3

5

customer

IN

5

129


LEVEL 5

BEGRIP

VERKLARING

kernactivitei-

De kernactiviteiten zijn de belangrijkste

ten

activiteiten van een onderneming die ervoor

klantenrelaties

behoeften van de doelgroep en waardoor de

De bouwsteen klantenrelaties geeft aan hoe een ondernemer zich wil bekendmaken bij website, op beurzen, via mailings, flyers,

IN

klantenseg-

In het klantensegment beschrijft de onder-

ment

nemer welke klantengroep hij wil bedienen

die doelgroep (behoeften, factoren die hun

kostenstruc-

De kostenstructuur geeft alle kosten weer

tuur

die nodig zijn voor de werking van de

marketing

onderneming.

Marketing doet onderzoek naar de behoefte

van mensen, vertaalt die behoeften in

producten en diensten en ontwikkelt een

geschikte strategie met als doel om de

VA

verkoop van die producten en diensten te stimuleren.

5

marketingmix

De marketingmix is een combinatie van instrumenten die een onderneming inzet het keuze- en aankoopgedrag van consu-

Traditioneel worden vaak de 6 P’s gebruikt:

©

product, prijs, plaats, promotie, presentatie

BEGRIPPENLIJST THEMA 3

succesvol te zijn.

130

om rekening te houden en in te spelen op menten. Het helpt een onderneming om

5

N

5

en wat de belangrijkste kenmerken van aankoopgedrag beïnvloeden …) zijn. 5

de klanten (via het internet, met een eigen advertenties, partners, sociale media ...). 5

zorgen dat die tegemoetkomen aan de onderneming de concurrentie voorblijft. 5

IN JE EIGEN WOORDEN

en personeel.

mensen en

De mensen en middelen zijn het geheel van

middelen

(financiële) middelen en mensen die de

onderneming nodig heeft om de kernactivi-

teiten uit te voeren.


LEVEL 5

BEGRIP plaats

VERKLARING Dat instrument beschrijft niet alleen de criteria om een vestigingsplaats te kiezen

klant terechtkomt. Het gaat daarbij op

kanalen. presentatie

Dat instrument beschrijft hoe het goed of de dienst aan de consument gepresenteerd

prijs

bevinden …

Dat gaat over het bedrag dat voor het goed

bijvoorbeeld ook de kortingen die aangebo-

Elke onderneming hanteert een eigen prijsstrategie. Sommige willen zich profile-

hoge prijzen omdat ze dat willen linken aan

N

product

ren als de goedkoopste, anderen hanteren een hoge kwaliteit.

5

niet alleen de verkoopprijs een rol maar den worden. prijsstrategie

wordt, waar de producten zich in de winkel

of de dienst gevraagd wordt. Daarbij speelt

5

IN

5

maar ook hoe het goed of de dienst bij de het type kanaal een het aantal gebruikte

5

IN JE EIGEN WOORDEN

Dat zijn de goederen of diensten die een onderneming aanbiedt. Het goed of de

behoeften van de consument. Niet alleen

VA

dienst moet voldoen aan de wensen en de

het product op zich speelt een rol maar ook bijvoorbeeld de verpakking, de kwaliteit, de service, de garantie, merknaam en het

ontwerp.

Promotie gaat over hoe het goed of de

©

dienst onder de aandacht van consumenten

5

5

gebracht wordt om de verkoop te stimule-

ren en over de media die daartoe gebruikt

worden.

promotie­

Dat zijn de tools om het goed of de dienst

vormen

onder de aandacht van consumenten te

brengen om zo de verkoop te stimuleren.

Bv. tv-reclame, radiospot, tijdschriften,

affiches ….

selectieve

Selectieve distributie betekent dat de

distributie

ondernemer kiest waar hij zijn producten of diensten aanbiedt. bv. enkel in boetieks

BEGRIPPENLIJST

promotie

THEMA 3

5

131


LEVEL 5

BEGRIP

VERKLARING

strategische

De bouwsteen strategische partners

partners

beschrijft het netwerk van leveranciers en partners die impact hebben op het succes

IN JE EIGEN WOORDEN

van de onderneming. waardepropo-

De waardeproposities beschrijven de

sities

waarde die het goed of de dienst levert

aan de klant. Het is de reden waarom

klanten een onderneming boven een andere

THEMA 3

BEGRIPPENLIJST

©

VA

N

verkiezen.

IN

5

132


2

IN

T

VA

N

F

I

©

L

De overheid


THEMA

IN

4

©

VA

N

De overheid


IN N LEVEL

©

VA

2

Wat is de impact van de EU op de leefwereld van jongeren?

LEVEL

1

Wat is de impact van overheidsbeslissingen op de prijs van goederen en diensten?

p. 150

p. 136


LEVEL 1 Wat is de impact van overheidsbeslissingen op de prijs van goederen en diensten?

1

IN

INTRO

Vraag eens aan je ouders of grootouders waaraan het begrip belastingen hen doet denken.

2

N

Noteer hun antwoorden in kernwoorden.

Bekijk de onderstaande infographic. Welke informatie kun je eruit afleiden? Bespreek klassikaal en breng jouw mening onder woorden.

©

VA

Infographic 1: De totale belastingdruk op arbeid

THEMA 4

LEVEL 1

Bron: standaard.be, 218-04-27 en Oeso

136

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat is de impact van overheidsbeslissingen op de prijs van goederen en diensten?


Explore 1— Hoe komt de overheid aan haar inkomsten? OVERHEIDSBEGROTING Een overheidsbegroting is een schatting van de inkomsten en de uitgaven die de overheid verwacht in het volgende jaar. Een belangrijke inkomstenbron van de overheid zijn belastingen.

Combineer de belasting met de omschrijving. BELASTING 1

IN

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. De overheid int verschillende soorten belastingen.

OMSCHRIJVING

btw

A

Een belasting om het gebruik van bepaalde goederen (bv. sigaretten, benzine en alcohol) af te remmen, omdat ze schadelijk zijn voor de gezondheid of voor het milieu.

2

personenbelasting

B

Belasting die de overheid heft op de verkoop van goederen en diensten.

3

accijnzen

C

Een belasting die een bestuurder van een gemotoriseerd

N

voertuig (auto, moto …) betaalt, wanneer hij de openbare weg gebruikt.

verkeersbelasting

1

2

D

3

Een belasting die geheven wordt op de inkomens van gezinnen.

4

LEVEL 1 THEMA 4

12 % btw

6%b tw

21 % b tw

©

VA

4

137


Explore 2— Welke belastingen betalen gezinnen? Werk in vijf groepen. Elke groep werkt met het toegewezen gezin. a

Bestudeer de uitgaven van jouw gezin.

b

Noteer de belastingen die jouw gezin moet betalen.

N

IN

Soorten belastingen:

VA

Explore 3— Wat doet de overheid met de inkomsten van de belastingen?

Lees het artikel en beantwoord de vragen.

Markeer de antwoorden in het artikel. Wees volledig! Blauw

Waar gaat de helft van het belastinggeld naartoe?

Geel

Hoeveel belastinggeld geeft de overheid uit aan onderwijs?

THEMA 4

LEVEL 1

©

a

138

Rood

Hoe komt dat?

Groen

Voor welke uitgave(n) scoren we minder dan de buurlanden?

b

Naar welke post gaat het meeste geld? En hoeveel?

c

Hoe komt dat volgens jou?


Wat gebeurt er met uw 100 euro belastinggeld? Andere slokop is de staat zelf: 10 euro gaat naar

regering, onderzocht De Tijd wat er nu eigenlijk

de talrijke parlementen, het koningshuis, de

gebeurt met ons belastinggeld. De krant kwam

kabinetten, de consultants die voor de kabinetten

tot de conclusie dat zowat de helft naar sociale

werken, de ambassades in het buitenland, de

bescherming gaat.

overheidsdiensten, de regio’s en de gemeenten.

Van elke 100 euro die de overheden aan

IN

Naar aanleiding van de begrotingscontrole van de

Ook de administratie is duur. Zo kost de inning

belastingen innen, vloeit meer dan de helft naar

van de belasting maar liefst 1,15 procent van de

pensioenen, gezondheidszorg, kinderbijslag,

opbrengsten. Ook de lonen van de ambtenaren

werkloosheids- en ziekte-uitkeringen en andere

kosten flink wat centen, evenals de subsidies

vormen van sociale bescherming. België besteedt

aan ondernemingen, de lastenverlagingen en

jaarlijks 19 540 euro per inwoner.

dienstencheques.

De rentelasten wegen ook op de belastingfactuur.

Een vijfde gaat naar pensioenen, in 2015 waren

Ondanks de historisch lage rente, vloeit nu al

die goed voor bijna 47 miljard euro. Andere

meer naar de afbetaling van de staatsschuld dan

belangrijke uitgavenposten zijn gezondheidszorg,

naar mobiliteit. De Lijn, de NMBS, de MIVB

uitkeringen bij ziekte en arbeidsongeschikt-

en de TEC kosten elke Belg 5 procent van zijn

heid, werkloosheid, kinderbijslag en allerlei

belastinggeld. Dat is meer dan de 3,3 procent die

rampenfondsen.

naar veiligheid vloeit.

N

Waar gaat al dat geld dan precies naartoe?

VA

De oorzaak van het hoge overheidsbeslag moet

echter elders gezocht worden. Zo trekken we als

Wat defensie betreft, besteden we minder dan

gemeenschap veel uit voor onderwijs, 12 van de

onze buurlanden (1,60 euro) en cultuur, sport en

100 euro om precies te zijn. Verklaring is het hoge

religie stellen het samen met minder dan 2 euro.

LEVEL 1

Naar: hln.be, 2017-03-19

pensioenen: € 20,10 gezondheidszorg: € 14,20 onderwijs: € 11,90 administratie: € 9,30 ziekte en arbeidsongeschiktheid, vervangingsinkomen: € 6,50 subsidies aan bedrijven: € 6,20 rentelasten: € 5,60 mobiliteit: € 4,80 kinderbijslag: € 4,40 werkloosheid: € 3,70 veiligheid: € 3,30 andere sociale bescherming: € 1,90 milieubescherming: € 1,60 defensie: € 1,60 cultuur: € 0,90 sport: € 0,60 sociale woningbouw en gemeenschapsvoorzieningen: € 0,60 religie: € 0,20 andere: € 2,60

THEMA 4

©

aantal leerkrachten per scholier.

139


Explore 4— Hoe beïnvloeden subsidies, btw en accijnzen de prijs?

1

De prijs van goederen of diensten kan sterk beïnvloed worden, positief en negatief. Bekijk de onderstaande voorbeelden.

IN

POSITIEF

Voorbeeld van een subsidie op de prijs:

N

Misschien hebben je ouders een poetshulp. Ze kunnen die poetshulp betalen met dienstencheques. Een dienstencheque kost 9 euro. Door de aftrekbaarheid bij de belastingaangifte kost de poetshulp 7,20 euro per uur aan je ouders.

NEGATIEF

VA

Voorbeeld van btw op de prijs:

Infographic 2: Indeling van de belastingen

CONSUMENT

WINKELIER

THEMA 4

LEVEL 1

©

Artikelprijs (incl. belasting)

140

Inkomstenbelasting

Accijns, btw

OVERHEID


2

Bereken hoeveel btw je moet betalen, als je weet dat de btw 21 % bedraagt.

PRODUCT

VERKOOPPRIJS EXCLUSIEF BTW

BTW

VERKOOPPRIJS INCLUSIEF BTW

€ 315,21

€ 77,42 © gcafotografia / Shutterstock.com

Verkoopprijs

IN

© julie deshaies / Shutterstock.com

Als consument betaal je altijd de volledige verkoopprijs, dus inclusief btw, aan de winkelier.

3

N

De winkelier stort op zijn beurt de btw door naar de overheid.

Bekijk aandachtig de onderstaande infographic over accijnzen en btw bij een tankbeurt. Bespreek

VA

klassikaal.

THEMA 4

© MEDIAFIN, Bron: Brafco

LEVEL 1

©

Infographic 3: Hoeveel belastingen betaal je aan de pomp?

141


Explore 5— Kan mijn jeugdvereniging (of jeugdwerk) ook rekenen op steun van de overheid?

1

Lees de onderstaande krantenkoppen en bespreek met je klasgenoten jouw persoonlijke mening hierover.

IN

Europese subsidie voor een jongerenplek in Landen

VA

N

Chiro Itegem krijgt subsidie voor nieuwe verlichting in lokaal

©

Meer subsidies voor Zultse jeugdlokalen

Jeugdbewegingen krijgen 62 500 euro extra subsidie voor nieuwe lokalen

SUBSIDIES

LEVEL 1

Dat is een betaling van de overheid aan ondernemingen of organisaties

THEMA 4

Jeugdverenigingen krijgen steun van de overheid in de vorm van subsidies.

worden.

142

zonder dat die een tegenprestatie moeten leveren. Het is uiteraard logisch dat die beperkt zijn en dat er aan bepaalde voorwaarden voldaan moet


2

Werk in drie groepen. Elke groep surft via het onlinelesmateriaal naar de website van de stad Gent. a

Beantwoord de vragen over het toegewezen thema.

b

Duid een verantwoordelijke aan om de gevonden informatie aan

THEMA Groep 1

Vorming

IN

de klas voor te stellen.

VRAGEN

Wat is een jeugdwerker?

Tot welke leeftijd krijg je een terugbetaling (subsidie) voor

jeugdwerkers

Groep 2

N

de vorming van jeugdwerkers?

Subsidies voor

Tot welk bedrag wordt er terugbetaald?

Hoeveel subsidies krijg je om het lokaal of het terrein van je jeugdvereniging duurzamer of veiliger te maken?

VA

jeugdverenigingen

Hoeveel subsidies krijg je voor een nieuw lokaal?

Wat kun je doen als er kleine herstellingen moeten gebeuren?

Op kamp met je

Wat weet je over de uitleendienst voor tenten?

Wat weet je over het vervoer van kampmateriaal?

Moet je betalen als je in Gent bij een van de jeugdverenigingen wilt overnachten?

LEVEL 1

jeugdvereniging

THEMA 4

©

Groep 3

143


THEMA 4

144

heidsbeslissingen op de prijs van goederen en diensten?

bedrijven en jeugd-

verenigingen …

en nog veel meer

Wat is de impact van de over­

subsidies aan

defensie

gezondheidszorg

met haar inkomsten?

Wat doet de overheid

diensten?

accijnzen

btw

IN overheid

uitgaven van de

overheid

inkomsten van de

prijs van goederen en

Wat beïnvloedt de

begroting opstellen

een overheids-

N

VA

©

onderwijs

pensioenen

LEVEL 1

accijnzen

verkeersbelasting

personenbelasting

btw

TO THE POINT


Action 1— Hoe beheert de overheid haar budget? Net zoals jongeren en gezinnen moet ook de overheid haar budget beheren. Leg de volgende begrippen op de juiste plaats in de weegschaal. btw – groeipakket – personenbelasting – accijnzen – terugbetaling medicijnen –

N

IN

lonen politieagenten – verkeersbelasting – wegenwerken

UITGAVEN

THEMA 4

LEVEL 1

©

VA

INKOMSTEN

145


Action 2— Niet iedereen is blij met belastingen Ontleed de onderstaande cartoon met behulp van de KIAM-methode: kijken, interpreteren, actualiseren en mening. Stap 1: –

Kijken Welke personen zie je op de cartoon?

–

Hoe kijken de personages?

–

Welke tekst zie je?

Interpreteren

N

Stap 2:

IN

Waarover gaat die cartoon volgens jou? Wat wil de cartoonist zeggen?

Actualiseren

VA

Stap 3:

Kwam het onderwerp onlangs nog in het nieuws? Leg kort uit.

Tip:

Stap 4:

Neem eerst de rubriek Breaking news door.

Mening

THEMA 4

LEVEL 1

©

Wat is jouw mening? Ga je akkoord met de boodschap van de cartoonist?

146


IN

N

Action 3— De economische kringloop en de overheid Zet bij de afbeelding van de economische kringloop onderstaande bewegingen op de juiste pijl. De gezinnen betalen belastingen aan de overheid.

De overheid levert goederen en diensten aan de gezinnen. De bedrijven betalen belastingen aan de overheid.

De overheid levert goederen en diensten aan de bedrijven.

VA

A B C D

Bedrijven

Buitenland

LEVEL 1

Gezinnen

THEMA 4

©

Overheid

147


Action 4— Accijnzen en btw bij ons en in de buurlanden Bekijk de onderstaande infographic en beantwoord de vragen. a

Hoeveel accijnzen en btw betaal je voor diesel en benzine bij ons? DIESEL

BENZINE

Btw

b

IN

Accijnzen

In welk land betaal je het minst voor de brandstofprijzen?

THEMA 4

LEVEL 1

©

VA

N

Infographic 4: Samenstelling brandstofprijzen

148

Bron: Petrolfed


BREAKING NEWS Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Beantwoord de volgende vragen. a

Over welke soort belasting gaat het?

b

Wie is de betaler van deze belasting?

CHECKLIST

IN

1

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

1

KAN

Ik kan aan de hand van voorbeelden de impact van overheidsbeslissingen op de prijs van

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

N

JA

goederen en diensten illustreren. 2

Ik kan de begrippen btw, accijnzen en subsidies

VA

omschrijven.

3

Ik kan voorbeelden geven van belastingen.

4

Ik kan aan de hand van een voorbeeld illus-

treren dat de prijs beïnvloed wordt door btw, accijnzen en subsidies.

Ik kan informatie uit teksten, grafieken … halen.

THEMA 4

LEVEL 1

©

5

149


Level 2 Wat is de impact van de EU op de leefwereld van jongeren?

Bekijk het filmpje over de EU-jongeren en beantwoord onderstaande vragen. Wat gebeurt er als er geen afspraken zijn?

b

Waarin hebben vele Europese landen zich verenigd?

c

Wie bepaalt de regels in de Europese Unie?

N

a

THEMA 4

LEVEL 2

©

VA

1

IN

INTRO

150

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat is de impact van de EU op de leefwereld van jongeren?


Explore 1— Studeren in het buitenland? Good to know Erasmus is het EU­programma voor onderwijs, opleiding, jeugd en sport in Europa. De EU heeft een budget van 14,7 miljard euro om meer dan 4 miljoen Europeanen de mogelijk­ heid te geven om in het buitenland te studeren, een opleiding te volgen of ervaring op te

IN

doen.

Bekijk aandachtig de volgende infographics en beantwoord de vragen. Naar welk land gaan de meeste Erasmusstudenten?

b

Op welke plaats staat België bij de buitenlandse Erasmusstudenten?

c

Gaan er meer jongens of meisjes studeren in het buitenland?

d

Hoelang verblijven de studenten gemiddeld in het buitenland?

VA

N

a

THEMA 4

Bron: Europese Commissie

LEVEL 2

©

Infographic 1: De populairste Erasumusbestemmingen

151


IN

Infographic 2: De doorsnee Erasmusstudent

Bron: Europese Commissie

Explore 2— Werken over de grenzen heen? Bekijk aandachtig de onderstaande infographic en beantwoord de vragen.

N

Infographic 3: Aantal grensarbeiders

VAN NEDERLAND

8 100

VA

NAAR NEDERLAND

34 550

84 900 UIT

46 600 IN

NAAR DUITSLAND 5 950

NAAR FRANKRIJK

6 700

TOTAAL

NAAR LUXEMBURG 1 300

37 700

VAN DUITSLAND

©

36 750

450 VAN FRANKRIJK

THEMA 4

LEVEL 2

Naar: standaard.be, 2014-12-11

152

a

Hoeveel Belgen gaan er in Nederland werken?

b

Hoeveel Belgen gaan er in Duitsland werken?

c

Hoeveel mensen komen er vanuit Frankrijk naar België werken?

VAN LUXEMBURG


Good to know Binnen de EU wordt er gewerkt aan een arbeidsmarkt over de grenzen heen. Dankzij de hoge kwaliteit van onderwijs van de Europese landen zorgt men voor een wederzijdse erkenning van de diploma’s. Dat maakt het mogelijk voor jongeren om bedrijfsstages over de grenzen heen te doen.

IN

Explore 3— Wat doet de EU om jongeren te beschermen tegen ongewenst datagebruik?

1

Bekijk aandachtig de afbeelding. Welke boodschap geeft ze mee?

2

Ga naar het onlinelesmateriaal en zoek op de

3

N

ontdekplaat waarvoor de afkorting GDPR staat.

Er zijn nieuwe wettelijke privacyregels van

toepassing. Ga naar het onlinelesmateriaal en

zoek de vijf voornaamste veranderingen inzake

VA

privacywetgeving.

Welke gegevens worden beschermd?

b

Hoe worden die gegevens beschermd?

c

Wie moet die strenge regels respecteren?

d

Welke rechten heb je?

e

Wat als de regels niet gerespecteerd worden?

THEMA 4

LEVEL 2

©

a

153


Good to know Deze poster illustreert dat jij beslist, welke gegevens je wilt delen.

THEMA 4

LEVEL 2

©

VA

N

IN

Infographic 4: De nieuwe privacywet van A tot Z

154


THEMA 4

LEVEL 2

GDPR

buitenland

Studeren in het

buitenland

Werken in het

N

jongeren?

Hoe beschermt de EU

de jongeren?

EU op de leefwereld van

Wat is de impact van de

jongeren?

EU mogelijk voor

Wat maakt de

VA

© Parlement

het Europees

de Raad van Ministers

IN

in de EU?

Wie bepaalt de regels

Commissie

de Europese

de Europese Raad

TO THE POINT

155


Action 1— Hoeveel jongeren gingen er al studeren in het buitenland?

Lees het artikel over Erasmus. Markeer de antwoorden in het artikel. Hoeveel mensen hebben de voorbije dertig jaar in het buitenland gestudeerd?

Geel

Hoeveel studenten vertrokken er uit België?

Rood

Hoeveel studenten kwamen er in België studeren?

Groen

Op welke doelgroepen wil het nieuwe uitwisselingsprogramma zich richten?

IN

Blauw

N

Al meer dan tien miljoen mensen gingen op Erasmus

De voorbije dertig jaar hebben meer dan tien miljoen mensen deelgenomen aan Erasmus. In het academiejaar 2017-2018 hebben ruim 470 000 studenten, stagiairs en docenten uit het hoger onderwijs een beurs ontvangen om een tijdje in een ander Europees land te studeren of te werken. uitwisselingsprogramma’s voor jongeren en jeugdwerkers, sportprojecten ...

VA

Vanuit België vertrokken 9 578 studenten en stagiairs en 2080 docenten naar het buitenland. Spanje, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk bleken de favoriete bestemmingen, al zal die laatste na dit jaar als gevolg van de brexit waarschijnlijk niet meer in het Erasmusprogramma beschikbaar zijn. Onze onderwijsinstellingen ontvingen dan weer 12 008 studenten en stagiairs en 2 100 docenten.

THEMA 4

LEVEL 2

©

Erasmus+

156

Maar vandaag is Erasmus veel meer dan het uitwisselingsprogramma voor studenten dat in 1987 werd opgericht. Het huidige Erasmus+ heeft een grotere geografische reikwijdte, biedt een bredere waaier aan projecten en richt zich op meer doelgroepen. Er zijn subsidies beschikbaar voor onderwijzers, leerlingen uit het beroepsonderwijs, vrijwilligerswerk,

In totaal bereikte het programma zo 850 000 mensen in 2018. Ook het budget steeg opnieuw, met 10 procent tot 2,8 miljard euro. De Europese Commissie wil de totale begroting voor de periode van 2021 tot en met 2027 nog eens verdubbelen in vergelijking met de lopende meerjarenbegroting: van 14,7 tot 30 miljard euro.

Naar: hln.be, 2020-01-28


IN

Action 2— Hoe gaat de overheid om met onze privacy?

Bron: dewereldmorgen.be

Ga naar de website van de wereld van morgen en beantwoord de vragen. Wat vind je ervan dat De lijn die gegevens uitwisselt?

b

Waarom kan die uitwisseling van big data voor jou gevaarlijk zijn?

c

Wat is de kerntaak van de overheid volgens Gerry Van de Moortel?

VA

N

a

C H A L N G E L E

©

Wat als … er geen EU was?

Surf via het onlinelesmateriaal naar de officiële website van de EU en voer de volgende

a

Markeer alle landen van de EU op de blinde kaart.

b

Zet een kruisje in de landen waar men betaalt met de euro.

c

Welke voordelen biedt het dat men betaalt met dezelfde munt in deze landen?

d

Bekijk de infographic met de prijzen van appels en bananen in verschillende landen. De prijs is uitgedrukt in euro. Bereken voor alle landen de prijs in US-dollar. Tip:

Gebruik een onlinetool voor je berekening.

LEVEL 2

onderstaande opdrachten uit.

THEMA 4

1

157


Infographic 5: Prijzen in euro voor 1 kilogram appels en 1 kilogram bananen

PRIJS 1 KG BANANEN

IN EURO

IN EURO

België

2,24

1,79

Duitsland

2,18

1,57

Griekenland

1,37

1,44

Italië

1,83

1,71

Polen

0,70

0,97

Spanje

1,65

1,45

Turkije

0,59

1,21

Verenigd Koninkrijk

2,05

1,18

Zweden

2,28

1,94

3,40

2,63

IN

PRIJS 1 KG APPELS

N

LAND

VA

Zwitserland

LAND

België

Duitsland

Griekenland Italië

©

Polen

Spanje Turkije

Verenigd Koninkrijk

THEMA 4

LEVEL 2

Zweden

158

Zwitserland

PRIJS 1 KG APPELS

PRIJS 1 KG BANANEN

US­DOLLAR

US­DOLLAR


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Welke maatregel van de EU heeft invloed gehad op jongeren en hun leefwereld?

CHECKLIST

IN

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1

KAN

Ik kan uitleggen aan de hand van een voorbeeld

N

dat de EU beslissingen neemt die invloed

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

hebben op de leefwereld van jongeren. 2

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

VA

C H A L N G E L E

3

Ik kan wisselkoersen berekenen aan de hand van een aangereikte website.

C H A L N G E L E

Ik kan aan de hand van een voorbeeld illustreren dat een eenheidsmunt voordelen biedt.

THEMA 4

LEVEL 2

©

4

159


Begrippenlijst Thema 4 LEVEL 1

BEGRIP accijnzen

VERKLARING Dat zijn belastingen om het gebruik van bepaalde consumptiegoederen af te

btw

remmen, omdat ze schadelijk zijn voor de

gezondheid of voor het milieu.

Btw is de afkorting voor belasting over de

toegevoegde waarde.

1

Het is een belasting die de overheid heft op

de verkoop van goederen en diensten.

overheids-

Dat is een schatting van de inkomsten en

begroting

de uitgaven die de overheid verwacht in het

volgende jaar.

1

overheids-

Dat zijn alle tegoeden die de overheid heeft

inkomsten

zoals belastingen, accijnzen, boetes.

personen-

Dat is een belasting die geheven wordt op

belasting 1

subsidie

de inkomens van gezinnen.

Een subsidie is een betaling van de overheid aan ondernemingen zonder dat die een

Een belasting die je moet betalen, wanneer

belasting

je als bestuurder van een gemotoriseerd

© BEGRIPPENLIJST THEMA 4

voertuig (auto, moto …) gebruikmaakt van

de openbare weg.

GDPR is de afkorting voor General Data

Protection Regulation.

160

wel aan een aantal vooropgestelde criteria

verkeers-

GDPR

VA 2

tegenprestatie moeten leveren. Ze moeten voldoen.

1

N

1

IN

1

IN JE EIGEN WOORDEN

Dat is een wetgeving over het beheer en de

beveiliging van persoonlijke gegevens van

alle Europese burgers


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Lift Explore - Leerwerkboek by VAN IN - Issuu