Inhoudsopgave 3
1 EPIDEMIOLOGIE
15
1 Belangrijke cijfers
16
2 Overlevingscijfers
16
3 Beïnvloedende factoren in het ontstaan van kanker
17
3.1 Algemene gegevens 3.2 Leeftijd 3.3 Roken 3.4 Alcohol 3.5 Voeding 3.5.1 Groenten en fruit 3.5.2 Vetten 3.5.3 Rood vlees en bereide vleeswaren 3.6 Overgewicht 3.7 Lichaamsbeweging 3.8 Biologische factoren 3.9 Blootstelling aan UV-straling 3.10 Hormonen 3.11 Leefmilieu en chemische stoffen 3.12 Ioniserende stralen 3.13 Combinaties van risicofactoren
17 18 18 19 19 19 20 20 20 20 21 21 22 22 23 23
2 PREVENTIE
25
1 Soorten preventie
26
2 Screening
26
Inhoudsopgave
Woord vooraf
5
6
3 FUNDAMENTELE ASPECTEN VAN KANKER
29
1 Cel en tumorbiologie
30
1.1 Inleiding 1.2 Celcyclus en apoptose 1.3 Het ontstaan van kanker of carcinogenese 1.3.1 Meerstappenproces 1.3.2 Betrokkenheid van de genen 1.3.3 Angiogenese
30 30 31 31 32 32
2 Goedaardige versus kwaadaardige tumoren
33
3 Classificatie van tumoren
34
3.1 Classificatie op basis van architectuur, morfologie en lokalisatie 3.2 Onderverdeling in stadia 3.3 TNM-classificatie
34 35 35
4 Metastasering
36
5 Remissie, recidief en progressie
36
5.1 Remissie 5.2 Recidief 5.3 Progressieve ziekte
36 36 37
6 Erfelijkheid
37
6.1 Basisbegrippen 6.2 Erfelijke vormen van kanker 6.3 Voorbeeld: erfelijk en familiaal borstcarcinoom 6.3.1 Erfelijk borstcarcinoom 6.3.2 Familiaal borstcarcinoom
37 37 38 38 39
4 ONCOLOGISCHE DIAGNOSTIEK
41
1 Diagnostische onderzoeken
42
1.1 Anamnese en lichamelijk onderzoek 1.2 Bloed- en weefselanalyse 1.2.1 Algemeen bloedonderzoek 1.2.2 Tumormarkers 1.2.3 Cytopathologisch onderzoek 1.2.3.1 Cytologisch onderzoek 1.2.3.2 Histologisch onderzoek 1.2.3.3 Sentinelklierbiopsie
42 42 42 43 43 43 43 44
44 44 44 44 45 45 45 46 46 46 47
2 Stadiëring
47
2.1 TNM- classificatie 2.1.1 Tumor (T) 2.1.2 Nodule (regionale lymfekliermetastase) (N) 2.1.3 Metastase op afstand (M) 2.1.4 Andere parameters 2.1.5 Voorbeelden 2.1.6 Differentiatiegraad 2.2 Andere classificatiesystemen
48 48 48 48 48 49 49 49
5 BEHANDELINGSMODALITEITEN
51
1 Chirurgie
53
1.1 Inleiding 1.2 Chirurgische toepassingen 1.2.1 Diagnostische chirurgie 1.2.2 Preventieve chirurgie 1.2.3 Curatieve chirurgie 1.2.4 Adjuvante chirurgie 1.2.5 Palliatieve chirurgie 1.2.6 Reconstructieve chirurgie 1.2.7 Debulkingchirurgie 1.2.8 Metastasechirurgie 1.3 Verpleegkundige interventies 1.3.1 Preoperatieve interventies 1.3.2 Perioperatieve interventies 1.3.3 Postoperatieve interventies
53 53 53 53 54 54 54 54 55 55 55 55 55 56 Inhoudsopgave
1.3 Beeldvormende technieken 1.3.1 Diagnostische beeldvorming 1.3.1.1 ‘Klassieke’ radiologie 1.3.1.2 Computertomografie 1.3.1.3 Magnetische resonantie 1.3.1.4 Echografie 1.3.1.5 Botscintigrafie, PET-scan, PET/CT-scan 1.3.1.6 Het anatomopathologisch onderzoek 1.3.1.7 Interventionele diagnostiek/radiologie 1.4 Endoscopische technieken 1.5 Genetisch onderzoek
7
8
2 Radiotherapie
57
2.1 De rol van radiotherapie in de behandeling van kanker 2.1.1 Lokale radiotherapie 2.1.2 Radiotherapie in combinatie met andere behandelingen 2.1.3 Curatieve radiotherapie 2.1.4 Palliatieve radiotherapie 2.2 Fysica 2.2.1 Het atoom 2.2.2 Dosis 2.3 Radiobiologie 2.3.1 Stralingseffecten 2.3.2 Therapeutische werkingsbreedte van de radiotherapie 2.4 Bestralingsbehandeling 2.4.1 Inleiding 2.4.2 Consultatie bij de radiotherapeut 2.4.3 CT-simulatie 2.4.3 CT-simulator 2.4.4 Bestralingsplan (planning) 2.4.5 Bestraling 2.4.5.1 Uitwendige bestraling 2.4.5.2 Inwendige bestraling 2.5 Radioprotectie 2.5.1 Inleiding 2.5.2 Radioprotectie principes 2.5.3 Enkele veiligheidsaspecten 2.5.4 Monitoring 2.6 Therapie gerelateerd symptoommanagement – Radiotherapie 2.6.1 Acute reacties 2.6.2 Laattijdige reacties
57 57 57 57 58 58 58 61 61 61 63 64 64 64 64 66 68 69 69 75 79 79 79 80 81 82 82 87
3  Antitumorale middelen
90
3.1 Anti-hormonale behandeling 3.1.1 Hormonen 3.1.2 Geslachtshormonen 3.1.3 Hormonen en kanker 3.1.4 Anti-Hormonale therapie 3.1.5 Toepassing van anti-hormoontherapie 3.1.5.1 Adjuvante behandeling 3.1.5.2 Neo-adjuvante behandeling 3.1.5.3 Palliatieve behandeling 3.1.6 Soorten anti-hormonale therapie 3.1.6.1 Anti-hormonen 3.1.6.2 Aromatase-inhibitoren
90 90 90 91 92 92 92 93 93 93 93 94
95 95 96 96 97 97 97 98 99 99 100 101 101 103 106 108 109 110 111 111 113 116 119 123 124 124 126 126 127 128 129 129 129 130 130 132 133 134 134 136 137 138
Inhoudsopgave
3.1.6.3 Hormonen die de hypofyse beïnvloeden (LHRH preparaten) 3.1.6.4 Progestativa 3.1.7 Bijwerkingen van de anti-hormoontherapie 3.1.7.1 De impact van de anti-hormonale therapie op intimiteit en seksualiteit 3.1.8 Hormonale behandeling bij borstkanker 3.1.8.1 Verwijdering van de organen die vrouwelijke geslachtshormonen produceren 3.1.8.2 Toediening van medicatie 3.1.9 Anti-hormonale behandeling bij prostaatkanker 3.1.10 Therapie (on-)trouw bij anti-hormonale therapie 3.1.11 De rol van de oncologieverpleegkundige bij anti-hormonale therapie 3.2 Cytostatica (chemotherapie) 3.2.1 Indeling en werking van cytostatica 3.2.1.1 Alkylerende middelen 3.2.1.2 Antimetabolieten 3.2.1.3 Antitumorale antibiotica 3.2.1.4 Topo-isomerase-inhibitoren 3.2.1.5 Microtubulaire inhibitoren 3.2.2 Interacties 3.2.3 Acute bijwerkingen ten gevolge van een behandeling met cytostatica 3.2.3.1 Aantasting van het beenmerg (hematologische toxiciteiten) 3.2.3.2 Vermoeidheid 3.2.3.3 Digestieve tractus 3.2.3.4 Misselijkheid en braken 3.2.3.5 Verstoord stoelgangpatroon 3.2.3.6 Voedingsproblemen 3.2.3.7 Anorexie 3.2.3.8 Kauw- en slikstoornissen 3.2.3.9 Smaak- en geurafwijkingen 3.2.3.10 Huidreacties 3.2.3.11 Urinair stelsel 3.2.3.12 Hart 3.2.3.13 Longen 3.2.3.14 Neurologisch stelsel 3.2.3.15 Voortplantingsorganen 3.2.3.16 Overgevoeligheidsreacties 3.3 Targeted therapy of doelgerichte behandeling 3.3.1 Monoklonale antilichamen (MAB’s) 3.3.1.1 Therapeutisch gebruik 3.3.1.2 Bijwerkingen 3.3.1.3 Verpleegkundige aandachtspunten 3.3.2 Angiogeneseremmers 3.3.2.1 Therapeutisch gebruik
9
3.3.2.2 Toedieningswijze 3.3.2.3 Bijwerkingen 3.3.3 Tyrosinekinase-inhibitoren of TKI’s 3.3.3.1 Toedieningswijze 3.3.3.2 Verpleegkundige aandachtspunten 3.3.3.3 Belangrijkste bijwerkingen 3.3.4 PARP-inhibitoren 3.4 Immunotherapie 3.4.1 Cytokinen (o.a. groeifactoren) 3.4.1.1 Toedieningswijze 3.4.1.2 Belangrijkste ongewenste effecten 3.4.2 Blokkade van ‘immuno checkpoints’ 3.4.2.1 Toedieningswijze 3.4.2.2 Bijwerkingen 3.4.3 Vaccintherapie bij kanker 3.4.4 Gentherapie
138 138 138 139 139 140 140 140 141 141 141 141 142 142 142 143
4 Toedieningsmodaliteiten
145
4.1 Antitumorale medicatie 145 4.1.1 Therapiekeuze 145 4.1.2 Soorten toedieningsvormen 145 4.1.2.1 Intraveneus 145 4.1.2.2 Oraal 147 4.1.2.3 Dermaal 147 4.1.2.4 Intramusculair en subcutaan 147 4.1.2.5 Intra-arterieel 147 4.1.2.6 Intrathecaal 148 4.1.2.7 Intraperitoneaal 148 4.1.2.8 Intrapleuraal 148 4.1.2.9 Intravesicaal 148 4.1.3 Veilig werken met cytostatica 148 4.1.3.1 Risico’s 148 4.1.3.2 Beroepsmatige blootstelling 149 4.1.3.3 Verpleegkundigen kunnen besmet worden met cytostatica via 150 4.1.3.4 Algemene voorzorgsmaatregelen 150 4.1.3.5 Afvalverwerking 150 4.1.3.6 Calamiteiten 151
10
5 Complementaire geneeskunde
152
5.1 Situering conventionele en complementaire geneeskunde 5.2 Soorten complementaire behandelingen 5.2.1 Beschrijving van enkele niet-reguliere behandelingen 5.3 Rol van de oncologieverpleegkundige 5.3.1 Sta open voor communicatie over complementaire behandelingen
152 153 153 156 156
157 157 157
6 KLINISCHE STUDIES
159
1 Inleiding
160
2 Belang van klinisch onderzoek
160
3 Wat is een klinische studie?
160
4 Vier fasen bij klinische studies over nieuwe geneesmiddelen
161
4.1 4.2 4.3 4.4
161 161 161 162
Fase Fase Fase Fase
I-studies II-studies III-studies IV-studies
5 ‘Good Clinical Practice’ in klinische studies
162
5.1 5.2 5.3 5.4
162 162 163
Wat is Good Clinical Practice (GCP)? De belangrijkste pijlers van GCP Informed consent (geïnformeerde toestemming) Mogelijke voor- en nadelen voor een patiënt door een deelname aan een klinische studie
164
7 VOEDING EN KANKER
165
1 Voeding en ondervoeding bij kankerpatiënten
166
1.1 Optimale voeding als ondersteuning bij de behandeling van kanker 1.2 Interactie tussen voeding en behandelingsvormen bij kanker 1.3 Bijvoeding 1.4 Wat met alcohol? 1.5 Hoe eet ik gezond? 1.6 Ondervoeding bij kanker 1.6.1 Wanneer is iemand (met kanker) ondervoed?
166 167 167 168 168 168 169
8 ONCOLOGISCHE REVALIDATIE
171
1 Doel
172
2 Doelgroep
173
3 Programma’s
173
Inhoudsopgave
5.3.2 Bespreek de voordelen en de risico’s met patiënt en familie 5.3.3 Bespreek het gebruik van complementaire behandelingen met het multidisciplinair team 5.4 Slotbeschouwing
11
9 WETGEVING
175
1 Oncologisch zorgprogramma
176
1.1 Definitie 1.2 Criteria in verband met medische en paramedische expertise 1.2.1 Erkenningscriteria voor de verpleegkundige omkadering 1.2.2 Erkenningscriteria voor de medische omkadering 1.2.3 Erkenningscriteria voor de psychosociale omkadering 1.2.4 Andere erkenningscritria 1.2.5 Criteria i.v.m. infrastructuur (geldig voor het zorgprogramma voor oncologie) 1.3 Zorgprogramma versus klinisch pad
176 177 177 178 178 178
2 Bijzondere beroepstitel verpleegkundige gespecialiseerd in de oncologie
179
10 DE ROL VAN DE ONCOLOGIEVERPLEEGKUNDIGE
181
1 De oncologieverpleegkundige
182
2 Functiedifferentiatie in de oncologieverpleegkunde
184
2.1 Begrippen 2.2 Verpleegklinische functies in de oncologieverpleegkunde
12
179 179
184 185
3 Het oncologisch verpleegkundig spreekuur (OVS)
187
3.1 Inhoud van het oncologisch verpleegkundig spreekuur 3.1.1 Een patiëntgericht verpleegkundig spreekuur 3.1.2 Evidence based nursing als basis 3.1.3 Het OVS is doelgericht, gepland en systematisch 3.1.4 Praktische organisatie van het spreekuur 3.1.5 Meerwaarde van het verpleegkundig spreekuur
188 188 188 188 189 190
4 De oncologieverpleegkundige op de afdeling radiotherapie
191
11 DE PALLIATIEVE PATIËNT
193
1 Inleiding
194
2 Palliatieve fase/ Palliatieve behandeling
194
2.1 Levensverlengend handelen 2.2 Symptoomcontrole
194 195
196
3.1 Palliatieve sedatie 3.2 Actieve levensbeëindiging 3.3.1 Euthanasie 3.3.1.1 Wilsverklaring 3.3.1.2 Uitdrukkelijk verzoek om euthanasie 3.3.1.3 Hulp bij zelfdoding
196 196 196 196 197 198
4 Palliatieve zorg in Vlaanderen
198
BIBLIOGRAFIE
200
WOORDENLIJST
205
FOTOKATERN
217
Inhoudsopgave
3 Terminale fase
13