Skip to main content

HO_Praktisch economisch recht 2026_inhoudstafel

Page 1


3.1 De toegang tot ondernemingsactiviteiten

3.1.1 De vrijheid van ondernemen

De juridische bevoegdheid

3.1.2.1 Handelingsbekwaamheid

3.1.2.2 Onverenigbaarheden

3.1.2.3 Verbodsbepalingen

3.2 De formele verplichtingen van de onderneming

3.2.1 Inschrijven bij de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO)

3.2.2 Openen van een zakelijke betaalrekening

3.2.3 Bekendmaken van het huwelijksovereenkomst 60

3.2.4 Een boekhouding voeren (art. III.82, § 1-III.95 WER) 60

3.2.5 Voldoen aan de vestigingswet 61

3.2.5.1 De vestigingswet en de bevoegdheden van de gewesten

3.2.5.2 De afschaffing van de vestigingswet voor gereglementeerde beroepen in Vlaanderen

3.2.5.3 De vestigingswet in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en Wallonië

3.2.6 Vergunningen en toelatingen aanvragen en specifieke regels

3.2.7 Een btw-nummer aanvragen

3.2.8 Aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds

3.2.9 Registreren in het UBO-register (Ultimate Beneficial Owner)

3.2.10 Afsluiten van verzekeringen

3.3 Enkele algemene verplichtingen van ondernemingen

3.4 De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) of General Data Protection Regulation (GDPR)

3.4.1 Wettelijke basis

3.4.2 Wat is GDPR of AVG?

3.4.3 Een aantal belangrijke regels en rechten van de betrokkene

3.4.4 Op welke ondernemingen is GDPR van toepassing?

3.4.5 Wie houdt toezicht op GDPR?

61

61

62

62

63

64

64

65

65

66

66

66

67

69

69

3.4.6 De functionaris voor gegevensbescherming of Data Protection Officer (DPO) (art. 37-39 AVG)

3.4.7 Het verwerkingsregister (art. 30 AVG)

3.4.8 Wat als bedrijven niet in orde zijn, welke sancties kunnen zij krijgen?

Hoofdstuk 2 Ondernemen en intellectuele eigendom

3 Waarom zijn intellectuele eigendomsrechten belangrijk?

4 Hoe ontstaan de intellectuele eigendomsrechten en wat wordt beschermd?

4.1 Hoe ontstaan intellectuele eigendomsrechten?

4.1.1

7 Ideescan – intellectuele rechten bij het

3 De handelszaak

2.2 Het huurcontract op basis van de handelshuurwet van 30 april 1951

2.2.1 Toepassingsgebied (art. 1 en 2)

2.2.2 Duurtijd en opzegging (art. 3-5)

2.2.3 Huurprijs, indexering en herziening (art. 6)

2.2.4 Verbouwingswerken (art. 7-9)

2.2.5

2.2.6

huur (art. 10 e.v.)

(art. 13–24)

2.3 Het kortetermijnhandelshuurcontract in Vlaanderen (Decreet van  17 juni 2016)

2.3.1 Toepassingsgebied (art. 2)

2.3.2 Duurtijd en beëindiging (art. 3-7)

2.3.3 Huurprijs (art. 8)

2.3.4 Verbouwingen (art. 9-12)

2.3.5 Overdracht van huur en onderverhuring (art. 13)

2.3.6 Vervreemding van het verhuurde goed (art. 14)

2.4 Het kortetermijnhandelshuurcontract in het Brussels Gewest en in Wallonië

2.4.1 Het Waalse decreet

2.4.2 De Brusselse ordonnantie

1.1

2.2.2

2.2.1.2 Permanente

2.2.1.3

2.2.1.4 Handelen in naam en voor rekening van

2.2.1.5 Bemiddelen

2.2.2.1

2.2.2.2 Contractuele vrijheid (art. X.13 §1-2

2.2.2.3 Ontstaan

2.2.2.4

2.2.3

2.2.3.1 Bepaalde duur/onbepaalde duur (art. X.2 WER)

2.2.3.2 Beëindiging (art. X.16 en X.17 WER)

2.2.4 Het concurrentiebeding (art. X.22 WER)

3 De commissieovereenkomst

3.2 Toepasselijke bepalingen

3.2.1 Kenmerken

3.2.1.1 In eigen naam

3.2.1.2 Voor rekening van

3.2.1.3 Commercieel karakter

3.2.1.4 Tegen vergoeding

3.2.2 Verplichtingen van de commissionair

3.2.2.1 Uitvoeren van een opdracht

3.2.2.2 Geheimhoudingsplicht

3.2.2.3 Verantwoordingsplicht

3.2.2.4 Informatieplicht

5

3.2.3

3.2.3.3

4.1

4.2

4.2.1

4.2.1.1

4.2.2.2 Bepaalde

4.2.2.3

4.2.3

5.1

5.2.3

5.2.4

6 De makelaarsovereenkomst

6.1

6.2 Toepasselijke bepalingen

6.2.1

6.2.1.1

6.2.1.2 Informatieplicht

6.2.2 Verplichtingen van de opdrachtgever

6.2.2.1 Makelaarsloon betalen

6.2.2.2 Terugbetalen van de kosten

7 Precontractuele informatieverplichting bij commerciële samenwerkingsovereenkomsten

9 Overeenkomsten met handelstussenpersonen:

2.1 Definitie en kenmerken

2.1.2

2.1.3

2.1.4

2.1.5

2.1.6

2.1.7

2.2 Functies van de wisselbrief

2.2.1 De kredietfunctie

2.2.2 De wisselbrief als drukkingsmiddel

2.3 Toepasselijke bepalingen

2.3.1

2.3.2

2.3.1.1

2.3.1.2 De onvoorwaardelijke aanwijzing tot betaling van een bepaalde geldsom

2.3.1.3 De naam van diegene die

2.3.1.4

2.3.1.5

2.3.1.6 Handtekening van de trekker

2.3.1.7

2.3.1.8

2.3.2.1 De zichtwissel: de wisselbrief die betaalbaar is bij aanbieding

2.3.2.2 De nazichtwissel

2.3.2.3 De datowissel

2.3.2.4 De dagwissel

2.3.3 Acceptatie van de wissel

2.3.4

2.3.5 Aval van de wisselbrief

2.3.6

2.3.7 Hoofdelijke aansprakelijkheid

3 De cheque (art. VII.216/101-216/169 WER)

3.1 Definitie en situering

3.2 Toepasselijke bepalingen

3.2.1 Vormvoorwaarden – Vermeldingen op de cheque

3.2.1.1 De benaming ‘cheque’

4

3.3

3.2.1.2 De onvoorwaardelijke opdracht tot betaling

3.2.1.3 De naam van diegene die moet betalen

3.2.1.4 De plaats van de betaling

3.2.1.5 Dagtekening en vermelding van de plaats waar de cheque is getrokken

3.2.1.6 De handtekening van de trekker van de cheque

3.2.2 Aard van het

3.3.1

3.3.2

3.3.3 Geen acceptatie

3.3.4 Certificeren

3.3.5 Aan toonder/aan order

3.3.6 Kruisen

3.3.7 In rekening brengen van een cheque

3.4 Overdracht van de cheque

3.5 Strafbepalingen

4.1

5.1

4.2.2 Elektronische behandeling van een overschrijving, meer bepaald door telebankieren (Phone Banking), overschrijving via computer (Isabel, home banking …)

5.2.2 Toepassingsgevallen

5.3 Verlies of diefstal van de debet- of kredietkaart

5.4 Mobiele betaalmiddelen

5.4.1

5.4.2

5.4.3

5.4.4

6 Betalingsdiensten

6.1 Transparantie

6.2 Rechten en plichten

6.3 Betaalrekeningen en basisbankdienst

6.3.1 Vergelijkbaarheid van de vergoedingen voor betaalrekeningen (boek VII, titel 3, hoofdstuk 1/1)

6.3.2 De overstap naar een andere betaalrekening (bankrekening) (art. VII.62/2 WER)

6.3.3 De toegang tot betaalrekeningen met basisfuncties (boek VII, titel 3, hoofdstuk 8)

6.3.4 Verschil tussen basisbankdienst en de universele bankdienst

1.1 Toepassingsgebied

1.3

2.1

3.1

4.1

4.6.2.1

4.6.2.2

4.6.2.3 Bevoegdheden 157

4.6.2.4 Verrichtingen van de vereffening 158

4.6.2.5 De sluiting van de vereffening 158

4.6.2.6 Aansprakelijkheid van de vereffenaars – strafsancties 159

4.7 Rechtsvorderingen – verjaring 160

4.8 Op welke vennootschappen is het Belgisch recht van toepassing? 160

5 Jaarrekening – controle – inzagerecht vennoten

5.1 Jaarrekening

5.2 Commissariaat

5.2.1 Beginselen

5.2.2 Benoeming – duur van het mandaat 161

5.2.3 Onafhankelijkheid en bezoldiging 162

5.2.4 Bevoegdheden 162

5.2.5 Aansprakelijkheid 163

5.3 Individuele onderzoeks- en controlebevoegdheden van vennoten en aandeelhouders 163

6 De maatschap – de vennootschap onder firma – de commanditaire vennootschap 163

6.1 Inleiding

6.2 Definitie – kenmerken

6.3 Het aandeel van de vennoten

6.4 Bestuur van de vennootschap – vergadering van vennoten 165

6.5 Het vennootschapsvermogen en de rechten van de schuldeisers

6.6 Ontbinding van de vennootschap, terugtrekking en uitsluiting van een vennoot

6.7 Bepalingen die bijkomend specifiek gelden voor de vennootschap onder firma en de commanditaire vennootschap

7.2.1 Aanvangsvermogen

7.2.2 Plaatsing van de aandelen

7.2.3 Storting van de inbrengen

7.2.4 Oprichtingsformaliteiten

7.2.5 Nietigheid

7.3 Effecten en hun overdracht

7.3.1 Algemeen

7.3.2

7.3.2.1 Aandelen

7.3.2.2 Obligaties

7.3.2.3 Inschrijvingsrechten

7.3.3 Overdracht en overgang van effecten

7.4 Vennootschapsorganen en algemene vergadering van aandeelhouders en obligatiehouders

7.4.1 Het bestuur

7.4.1.1 Samenstelling 175

7.4.1.2 Bezoldiging 176

7.4.1.3 Bevoegdheid en werkwijze 177

7.4.1.4 Dagelijks bestuur 178

7.4.2 Algemene vergadering van aandeelhouders 179

7.4.2.1 Bepalingen die gelden voor alle algemene vergaderingen van aandeelhouders 179

7.4.2.2 Gelijke behandeling 179

7.4.2.3 Bevoegdheden 179

7.4.2.4 Bijeenroeping van de algemene vergadering 179

7.4.2.5 Schriftelijke algemene vergadering 179

7.4.2.6 Deelneming aan de algemene vergadering 179

7.4.2.7 Verloop van de algemene vergadering – uitoefening van het stemrecht 180

7.4.2.8 Gewone algemene vergadering 181

7.4.2.9 Buitengewone algemene vergadering 181

7.4.3 Vennootschapsvordering en minderheidsvordering 182

7.4.4 Algemene vergadering van obligatiehouders 182

7.5 Het vermogen van de besloten vennootschap 183

7.5.1 Bijkomende inbrengen – uitgifte van nieuwe aandelen, van converteerbare obligaties en van inschrijvingsrechten 183

7.5.1.1 Algemene regels 183

7.5.1.2 Inbreng in geld 184

7.5.1.3 Inbreng in natura

7.5.1.4 Bevoegdheidsdelegatie aan het bestuursorgaan

7.5.2 De instandhouding van het vermogen van de vennootschap 185

7.5.2.1 Uitkeringen aan aandeelhouders – tantièmes 185

7.5.2.2 Verkrijging van eigen aandelen of certificaten 186

7.6 Uittreding en uitsluiting lastens het vennootschapsvermogen 187

7.7 Duur en ontbinding 188

8 Coöperatieve vennootschap (cv) 188

8.1 Algemeen 188

8.2 Oprichting 189

8.3 Effecten en hun overdracht en overgang 189

8.4 Vennootschapsorganen en algemene vergadering van obligatiehouders 190

8.5 Het vermogen van de vennootschap 191

9 Naamloze vennootschap (nv) 191

9.1 Algemeen 191

9.2 Oprichting 192

9.2.1 Bedrag van het kapitaal 192

9.2.2 Plaatsing van het kapitaal 192

9.2.3 Storting van het kapitaal 193

9.2.4 Oprichtingsformaliteiten 193

9.2.5 Nietigheid

9.3 Effecten en hun overdracht en overgang

9.3.1 Algemeen

9.3.2 De verschillende soorten effecten

9.3.2.1 Aandelen

9.3.2.2 Winstbewijzen

9.3.2.3 Obligaties 195

9.3.2.4 Inschrijvingsrechten 196

9.3.3 Overdracht en overgang van effecten

9.4 Vennootschapsorganen en algemene vergadering van obligatiehouders

9.4.1 Het bestuur

9.4.1.1 Het monistisch bestuur

9.4.1.2 De enige bestuurder

9.4.1.3 Duaal bestuur

9.4.1.4 Dagelijks bestuur 202

9.4.2 Algemene vergadering van aandeelhouders

9.4.2.1 Gemeenschappelijke bepalingen

9.4.2.2 Bevoegdheden

9.4.2.3 Bijeenroeping

9.4.2.4 Schriftelijke algemene vergadering 203

9.4.2.5 Deelneming aan de algemene vergadering 204

9.4.2.6 Verloop van de algemene vergadering – uitoefening van het stemrecht 204

9.4.2.7 Gewone algemene vergadering 205

9.4.2.8 Buitengewone algemene vergadering 205

9.4.3 Vennootschapsvordering – minderheidsvordering – deskundige 206

9.4.4 Algemene vergadering van obligatiehouders

9.4.4.1 Bevoegdheid 206

9.4.4.2 Bijeenroeping van de algemene vergadering van obligatiehouders 207

9.4.4.3 Deelneming aan de algemene vergadering van obligatiehouders 207

9.4.4.4 Verloop van de algemene vergadering van obligatiehouders 207

9.4.4.5 Wijze van uitoefening van het stemrecht 208

9.5 Kapitaal 208

9.5.1 Kapitaalsverhoging 208

9.5.1.1 Algemeen 208

9.5.1.2 Kapitaalverhoging bij wijze van inbreng in geld 210

9.5.1.3 Kapitaalverhoging bij wijze van inbreng in natura 210

9.5.1.4 Het toegestane kapitaal 210

9.5.1.5 Kapitaalverhoging ten gunste van het personeel 211

9.5.1.6 Garantie en aansprakelijkheid 211

9.5.2 Kapitaalvermindering 211

9.5.3 Instandhouding van het kapitaal 212

Hoofdstuk

9.5.3.1

9.5.3.2 Verkrijging van eigen aandelen, winstbewijzen of certificaten.

5 Vroegtijdige waarschuwing, kamers voor ondernemingen in moeilijkheden en ondernemingsbemiddeling (art. XX.21 e.v. WER)

6 Minnelijk akkoord buiten gerechtelijke reorganisatie (art. XX.37 e.v. WER)

7 Gerechtelijke reorganisatie

7.1 Dossier van gerechtelijke reorganisatie

7.2 Openbare gerechtelijke reorganisatie en overdracht van onderneming onder gerechtelijk gezag (art. XX.41 tot en met XX.63 WER)

7.3 Openbare gerechtelijke reorganisatie door minnelijk akkoord

7.4 Openbare gerechtelijke reorganisatie door een collectief akkoord

7.5 Besloten gerechtelijke reorganisatieprocedure

7.6 Overdracht onder gerechtelijk gezag

8.1 Inleiding

8.2 Voorwaarden voor faillietverklaring

8.3 Inleiding van de procedure – faillietverklaring

8.3.1.1

8.3.1.3

8.3.1.4 De voorlopige bewindvoerder

8.3.2.1 Beoordeling van de faillissementsvoorwaarden

8.3.2.2 Aanduiding van het personeel van het faillissement

229

8.3.2.3 Vaststelling van de datum van het ophouden van betalen (art. XX.105 WER) 229

8.3.2.4 Bij voorraad uitvoerbaarheid van het vonnis (art. XX.108 WER) 230

8.4 Gevolgen van het faillissement 230

8.4.1 Buitenbezitstelling en niet-tegenstelbaarheid van bepaalde handelingen 230

8.4.1.1 Verlies van het beheer (art. XX.110 WER) 230

8.4.1.2 Beschikkingsonbevoegdheid (art. XX.110 § 2 WER) 230

8.4.1.3 Verdachte periode 230

8.4.1.4 Niet-tegenwerpelijke handelingen tijdens de verdachte periode (art. XX.111 WER) 231

8.4.2 Opschorting van de tenuitvoerlegging (art. XX.118 WER)

8.4.3 Opeisbaarheid van de schulden (art. XX.116 WER)

8.4.4 Stuiting van de interesten (art. XX.117 WER)

8.5 Beheer en vereffening van het faillissement

8.5.1 Rol van de curator

8.5.2 Lopende contracten (art. XX.139 WER)

8.5.3 Aangifte en verificatie van de schuldvorderingen (art. XX.155 e.v. WER)

8.5.4 Eigendomsvoorbehoud en terugvordering

8.5.4.1 Begripsbepaling

8.5.4.2 Tegenstelbaarheid

8.5.4.3 Terugvordering

8.5.5 Vereffening van het faillissement

8.5.5.1 Vooraf: summiere rechtspleging tot sluiting van het faillissement (art. XX.135 WER)

8.5.5.2 Vereffening van het

8.6

8.6.1

8.7 Kwijtschelding (art. XX.173 WER)

8.8 Aansprakelijkheid van bestuurders

1.1

2.1.1 Inbreuken op het mededingingsrecht (art. IV.1-IV.2, IV.2/1, IV.3-IV.5 WER)

2.1.1.1 Kartels en afspraken (art. I. 6. 18°, 19° WER en art. IV.1 WER) 245

2.1.1.2 Misbruik van machtspositie (art. I. 6. 16° WER en art. IV.2 WER en art. 102 VWEU)

2.1.1.3 Misbruik van economische afhankelijkheid (art. I. 6. 17° WER en art. IV.2/1 WER)

2.1.2 Concentraties (art. IV.6-11 WER)

2.2 Handhaving van het mededingingsrecht – bevoegde instellingen (art. IV.16-95 WER)

2.2.1 De Belgische Mededingingsautoriteit

2.2.1.1

3 De mededinging en de prijsevoluties Boek V WER

3.1 Algemene bepalingen en bevoegde instellingen (art. V. 1 – 8 WER)

3.2 Prijsvaststelling van geneesmiddelen en gelijkgestelden (art. V. 9-14 WER)

3.2.1 Toepassingsgebied

3.2.2

3.2.3

voor de farmaceutische

3.3 Prijscontrole door de regionale overheden

Casussen

Hoofdstuk 2 Boek VI WER

2.1 Definities (boek I WER)

(art. V. 15-17 WER)

3 Informatie van de markt

3.1 Prijsaanduiding

3.1.1 Goederen (art. VI.3, § 1 WER)

3.1.2 Diensten (art. VI.3, § 2 WER)

3.1.2.1 Homogene diensten

3.1.2.2 Niet-homogene diensten

3.1.3 Aanduiding prijs per meeteenheid

3.1.4 Afronding van het totaalbedrag (art. VI.7/1)

3.1.5 Aanvaarding van betaalmiddelen (art. VI.7/4-5 WER)

3.2 Benaming, samenstelling en etikettering van producten (art. VI.8-10 WER)

3.3 Aanduiding van de hoeveelheid (art. VI.11-16 WER)

3.4 Geregistreerde benamingen (art. I.8, 4° WER en art. VI.124-127 WER)

3.5 Vergelijkende reclame (art. VI.17 WER)

3.6 Promoties inzake prijzen

3.6.1 Uitverkopen (art. VI.22-24 WER)

3.6.2 Opruiming of solden (art. VI.25-30 WER)

3.6.3 Titels die recht geven op terugbetaling of prijsvermindering (art. VI.31-33 WER)

3.7 Uitgeputte voorraad (art. VI.34 WER)

4.2 Overeenkomsten op afstand

4.2.1 Inleiding

4.2.2 Overeenkomsten op afstand met betrekking tot niet-financiële diensten (art. VI.45-53 WER)

4.2.2.1 Precontractuele informatie

4.2.2.2 Leveringswijzen (art. VI.45/2 WER)

4.2.2.3

4.2.2.4 Het herroepingsrecht

4.2.3 Overeenkomsten op afstand met betrekking tot financiële diensten (art. VI.54-63 WER)

4.3 Buiten verkoopruimten gesloten overeenkomsten (art. VI.64-74 WER)

4.3.1 Uitzonderingen

4.3.2

4.3.3.1 Uitoefening van het herroepingsrecht

4.3.3.2 Uitzonderingen op het herroepingsrecht (art. VI. 73 WER)

4.4 Openbare verkoop (art. VI.75-79 WER)

4.5 Gezamenlijk aanbod (art. VI.80-81 WER)

4.6 Onrechtmatige bedingen

4.6.1 Onrechtmatige bedingen tussen ondernemingen en consumenten (art. VI.82-87 WER)

4.6.2 Onrechtmatige bedingen tussen ondernemingen (art. VI.91/2-91/6 WER)

4.7 Bestelbon (art. VI.88 WER)

4.8 Bewijsstukken (art. VI.89-90 WER)

4.9 Verlenging van dienstenovereenkomsten (art. VI.91 WER)

5.2 Oneerlijke handelspraktijken t.a.v. consumenten (art. VI.92-103 WER)

5.2.1 Oneerlijke handelspraktijken

5.2.2 Misleidende handelspraktijken

5.2.2.1 Misleidende handelingen

5.2.2.2 Misleidende omissie

5.2.2.3 Zwarte lijst van misleidende handelspraktijken

5.2.3 Agressieve handelspraktijken 316

5.3 Oneerlijke marktpraktijken tussen ondernemingen (art. VI.103/1-109/3 WER)

5.3.1 Oneerlijke marktpraktijken (art. VI.104-104/1 WER)

5.3.2 Misleidende marktpraktijken (art. VI.105-109 WER)

5.3.3 Agressieve marktpraktijken (art. VI.109/1-109/3 WER)

5.4 Ongewenste communicaties (art. VI.110-115 WER)

5.5 Verkoop met verlies (art. VI.116-117 WER)

6 Vordering tot staking

7 Handhaving (art. boek XV WER)

8 Marktpraktijken en consumentenbescherming: casussen

Hoofdstuk

1 Inleiding

2 De algemene regeling voor de wettelijke garantie

2.1 Toepassingsgebied en definities

2.1.1 Algemene definities

2.1.1.1 Consument (art. 1649bis, §1, 1° Oud BW) 328

2.1.1.2 Verkoper (art. 1649bis, §1, 2° Oud BW) 328

2.1.1.3 Producent (art. 1649bis, §1, 3° Oud BW) 328

2.1.1.4 Consumptiegoederen (art. 1649bis, §1, 4° Oud BW)

2.1.1.5 Commerciële garantie (art. 1649bis, §1, 11° Oud BW)

2.1.1.6 Functionaliteit (art. 1649bis, §1, 8° Oud BW)

328

329

329

2.1.2 Definities specifiek “digitaal” 329

2.1.2.1 Digitale inhoud (art. 1649bis, §1, 5° Oud BW)

2.1.2.2 Digitale diensten (art. 1649bis, §1, 6° Oud BW)

2.1.2.3 Compatibiliteit (art. 1649bis, §1, 7° Oud BW)

2.1.2.4 Interoperabiliteit (art. 1649bis, §1, 9° Oud BW)

2.1.2.5 Duurzame gegevensdrager (art. 1649bis, §1, 10° Oud BW)

2.2 Conformiteit van consumptiegoederen (art.1649 ter Oud BW)

2.2.1 Subjectieve conformiteitsvereisten (art. 1649 §2 Oud BW)

2.2.2 Objectieve conformiteitsvereisten (art. 1649 §3 Oud BW)

329

329

330

330

330

330

331

331

2.2.3 Bijzondere gevallen 332

2.3 Digitale producten en elementen 332

2.4 Termijnen van de wettelijke garantie (art. 1649 quater Oud BW)

333

2.4.1 Termijn van de wettelijke garantie 333

2.4.2 Meldingstermijn van conformiteitsgebrek 333

2.4.3 Verstrijking van de termijn en bewijslast 333

2.5 Rechten van de consument (art. 1649 quinquies Oud BW)

2.6 De commerciële garantie (art. 1649septies Oud BW)

3 De handhaving en sancties

4 Bescherming van de consument bij verkoop van consumptiegoederen: casussen 335

Hoofdstuk 4 Consumentenkrediet

2

en toepassingsgebied

2.1 Definities (art. I.9 WER)

2.2 Toepassingsgebied (art. VII.2 WER)

3 De regels inzake kredietpromotie

3.1 De reglementering inzake reclame (art. VII.64 WER)

3.2 De regelgeving omtrent leuren, mailings en promotieaanbiedingen (art. VII.67 en VII.68 WER)

4 De kredietovereenkomst

4.1 Verplichting tot informatie en raadgevingsplicht (art. VII.69-75 WER)

4.2 De onderzoekverplichtingen (art. VII.76 en VII.77 WER)

4.3 De kredietovereenkomst (art. VII.78 WER)

4.4 De mogelijkheid van de consument om af te zien van de overeenkomst (art. VII.83 WER)

4.5 Uitvoering van de kredietovereenkomst

4.5.1 Terbeschikkingstelling van het kredietbedrag (art. VII.90 WER)

4.5.2 Financiering van goederen en diensten (art. VII.91-93 WER)

4.5.3 Max jaarlijks kostenpercentage (art. VII.94 WER)

4.5.4 Terugbetalingstermijn en vervroegde terugbetaling (art. VII.95 WER)

4.5.5 Overdracht van de overeenkomst en van de vorderingen uit de kredietovereenkomst (art. VII.102-104 WER)

4.5.6 Respijtmaatregelen en gevolgen van de niet-uitvoering van de kredietovereenkomst door de consument (art. VII.105-108 WER)

(art. VII.84-85

9 Verwerking van persoonsgegevens betreffende het consumentenkrediet (art. VI.116-119 WER)

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
HO_Praktisch economisch recht 2026_inhoudstafel by VAN IN - Issuu