Skip to main content

HO_Factchecken 2026_Voorbeeldhoofdstuk

Page 1


01 FEITEN, MENINGEN EN DESINFORMATIE

Wil de Europese Unie (EU) mensen verplichten om hun spaargeld in defensie te investeren? Neen. Wil Duitsland Kerstmis verbieden? Ook neen. Willen de EU en de Verenigde Naties (VN) pedofilie legaliseren? Helemaal niet. Toch zijn dit verhalen die op sociale media circuleren. Ze worden geproduceerd of minstens mee verspreid door pro-Russische accounts, toonde VRT NWS aan.

Of nog: is het een goed idee om de zon kunstwerkjes op je lichaam te laten branden? Neen. Kan het je gezondheid schaden als je enkele hete pepertjes verorbert? Ja.

Ben jij zeker dat wat je leest, ziet of hoort in de media – alle media – waar is dan wel verzonnen? Is het uit de context gerukt of klopt het maar half? Er circuleert zo veel vreemd nieuws dat je er je hoofd bij verliest, er bang van wordt of simpelweg afhaakt. En daardoor raak je de draad pas helemaal kwijt. Wie of wat kan je geloven? Welke nieuwsbronnen zijn geloofwaardig en te vertrouwen? En slaan die soms ook niet de bal mis?

Nochtans kan je je maar een idee vormen van de samenleving en hoe die werkt als je op de hoogte bent van wat er in de wereld om je heen en verder weg gebeurt. En je moet een onderscheid kunnen maken tussen betrouwbare en foute informatie.

Kaderstuk ‘Fake news, false news, alternative facts en post-truth’

Die foute informatie komt onder meerdere namen: fake news, false news, alternative facts en post-truth. Wereldleiders stellen de ene dag een uitspraak als waar voor die ze een dag later als onzinnig afdoen. Het gerucht doet de ronde dat een bekende acteur zich op de filmset schuldig maakt aan grensoverschrijdend gedrag. Influencers vertellen wat je moet doen om in een vingerknip je lichaam in een beachbody te shapen, je in no time voor te bereiden op een marathon, of op een veilige en gezonde manier je tanden voor eeuwig en een dag te laten shinen.

Wetenschappers waarschuwen er met de regelmaat van een klok voor dat influencers vaak niet weten waar de klepel hangt. Maar die waarschuwingen verdwijnen tussen de hypes en rages waarop veel mensen zich storten, of ze gaan kopje onder in de dagelijkse stroom verhalen die ons overspoelt en naar adem doet happen.

Wat moet je dan geloven? Dat Pommelien Thijs drugs gebruikt? En welke adviezen kan je nog volgen? Dat je alleen eiwitten moet eten om gezond te blijven? Hoe kan je jezelf zo wapenen dat je niet in de val van die verhalen trapt? En hoe ontmasker je foute informatie? Daarover gaat dit boek.

In 2017 riep het bekende Collins-woordenboek het begrip fake news uit tot woord van het jaar. Fake news werd oorspronkelijk gebruikt om verzonnen verhalen aan te duiden die als echt nieuws via het internet en sociale media verspreid worden. De Amerikaanse president Donald Trump gebruikte het begrip om media aan te duiden die kritisch over zijn beleid schreven of lastige vragen stelden: ‘ You are fake news!’

Intussen was het besef gerezen dat een beter begrip false news zou zijn, ‘fout’ nieuws dus. Niet alle verkeerde informatie is namelijk verzonnen. Informatie kan ook uit de context gerukt worden, halve waarheden bevatten …

Na zijn eerste inauguratie als president, in 2017, beweerde Donald Trump dat een recordaantal toeschouwers aanwezig was. Nochtans bleek het tegendeel uit beelden van de ceremonie. Toen de woordvoerster van Trump, Kellyanne Conway, op 22 januari 2017 dat aangedikte aantal verdedigde, beweerde ze dat het ging over ‘alternative facts ’, een andere manier om naar de werkelijkheid te kijken dus. De journalist die de vraag gesteld had, Chuck Todd, antwoordde: ‘Alternatieve feiten zijn geen feiten, dat zijn onwaarheden.’

Toch ging het begrip een eigen leven leiden, meestal grappend bedoeld. Een feit is namelijk iets dat vaststaat: ‘elke dag komt de zon op’ of ‘er waren 1 548 personen aanwezig’. Een feit kan je dus controleren. Een ‘alternatief feit’ is dan iets anders dan een echt feit, met andere woorden iets dat verzonnen is: de zon komt niet elke dag op; er waren 7 421 mensen aanwezig.

Een ander begrip dat opdook, is post-truth. Dat betekent zoveel als ‘de waarheid voorbij’. De ‘post-truth period’ verwijst naar de evolutie waarbij objectieve feiten minder invloed op de publieke opinie hebben dan emoties en persoonlijke overtuigingen. Denk bijvoorbeeld aan een politicus die nieuw beleid verdedigt door te verwijzen naar eigen ervaringen: ‘Ik ben daar zelf niet slechter van geworden.’

Maar waarom geloven mensen nepnieuws? Omdat het dikwijls de zaken simpel voorstelt en dus makkelijk te begrijpen of te onthouden is. Bovendien speelt het in op emoties. Mensen worden er kwaad of angstig door. Of het nepnieuws geeft een verklaring voor bepaalde moeilijke situaties door een zondebok te zoeken. Een bepaalde bevolkingsgroep krijgt de schuld voor problemen in de schoenen geschoven zonder dat daar bewijs voor geleverd wordt. Bijvoorbeeld: ‘Rokers hollen de sociale zekerheid uit.’

Nog een andere belangrijke reden waarom mensen nepnieuws geloven, is de confirmation bias. Mensen lezen of bekijken alleen verhalen die hun vooroordeel bevestigen. Bewonderen ze een bepaalde minister om haar aanpak, dan negeren ze kritische stukken over haar. confirmation bias

2

Over algoritmes, filterbubbels, echokamers en

konijnenholen

Hoe blijf jij op de hoogte van de actualiteit? Misschien volg je enkele nieuws-apps op je smartphone. Of je bezoekt regelmatig de websites van een of meerdere journalistieke media. Wie weet, lees je trouw een papieren krant of tijdschrift. Of vertrouw je op wat je op sociale media tegenkomt?

Kaderstuk ‘Jij bent het product van sociale media’

Bronnen van nieuws

Dat zou best kunnen want sociale media zijn met voorsprong de belangrijkste bron van nieuws voor jongeren. Televisie of streaming en radio vervolledigen de top drie. Dat blijkt uit de Nieuwsbarometer 2025 van de Arteveldehogeschool in Gent. De Nieuwsbarometer is een tweejaarlijkse, breed opgezette bevraging van jongeren over de manier waarop ze nieuws vinden, hoe ze het ervaren, welke media ze betrouwbaar vinden ...

Jongeren consumeren het meeste nieuws op de tijdlijn van hun sociale media. De nieuwsverstrekkers die ze daar te zien krijgen, zijn uiteenlopend: 'traditionele' media, influencers, individuele accounts die ze volgen ...

Dat leidt tot verwarring over wie als bron te vertrouwen is. Hoewel jongeren kritisch staan tegenover informatie op sociale media, vinden ze het moeilijk om betrouwbare van onbetrouwbare informatie te onderscheiden. Ze twijfelen zelfs aan betrouwbare bronnen, dus ook aan de traditionele media. Meer dan de helft van de jongeren beschouwt nieuws niet meer als het monopolie van de journalistiek. Die twijfel bleek ook uit een eerder onderzoek van de VRT-studiedienst (Coppens, 2022). Volwassenen twijfelen trouwens evengoed.

Verwarring

En België of Vlaanderen is geen uitzondering. Studiecentrum voor de journalistiek Reuters Institute, dat samenwerkt met de gerenommeerde universiteit van Oxford in het Verenigd Koninkrijk, publiceerde een uitgebreid onderzoek (Nielsen, 2025) over de mate waarin het publiek online nieuws vertrouwt. Het onderzoek werd onder andere gevoerd in Duitsland, Nederland en Denemarken, en gaf gelijkaardige

resultaten: zo’n 40 procent van de mensen maakt zich zorgen en weet het ook niet meer zo goed.

Jongeren hebben dus een heel andere kijk op nieuws dan oudere generaties. Intussen publiceren de traditionele media ook hun verhalen op de socials. Denk aan nws.nws.nws, HLN, Radio 2 of De Standaard. Misschien draagt dat bij tot de verwarring die we zonet schetsten? De verhalen van die media staan er namelijk tussen die van influencers, persoonlijke accounts …

Kaderstuk ‘Deontologie en ethiek’

Echt nieuws vs. hacks

Toch is er een groot verschil. Journalisten hanteren een deontologische en ethische code, een aantal regels en afspraken waaraan ze zich moeten houden. De traditionele media brengen nieuws dat hun journalisten hebben geselecteerd en geverifieerd of gecheckt. Ze hebben met andere woorden gecontroleerd of hun nieuwsstukken inhoudelijk juist en betrouwbaar zijn. Denk bijvoorbeeld aan foto’s van een moordverdachte. Zolang niet bewezen is dat de persoon schuldig is, wordt die op foto’s onherkenbaar gemaakt.

Een ander voorbeeld is het verhaal over de vermeende aanval op een buitenverblijf van Poetin. Die beschuldigde Oekraïne ervan eind december 2025 zijn landgoed in Valdai met tientallen drones te hebben bestookt. De media berichtten uiteraard over die beschuldiging en gingen ook op zoek naar bewijs voor die aanval. Dat leverde Rusland nooit, tenzij enkele algemene beelden van een wrak van een drone.

Bovendien brengen de traditionele media alleen nieuws dat ze ‘nieuwswaardig’ achten, interessant en relevant voor hun lezers, kijkers, luisteraars, kortom, voor hun doelgroep. Een lezer van Het Laatste Nieuws zoekt andere informatie dan een lezer van De Tijd, en dat merk je aan de nieuwsselectie van beide media.

Ook belangrijk is dat de traditionele media diverse stemmen aan bod laten komen. Ze proberen een genuanceerd beeld te schetsen van gebeurtenissen, van de werkelijkheid. Daarom komen bijvoorbeeld politieke partijen van zowel links, rechts als het centrum aan het woord in debatprogramma’s. En bij gezondheidsclaims biedt een journalist context. ‘Met vier koppen koffie per dag vermijd je mentale problemen’, schreef De Morgen (19.11.2025), en gaf meteen context bij die uitspraak: hoeveel koppen per dag, wat voor koffie ... De lezer kreeg dus uitgebreide achtergrondinformatie.

Wetenschappelijke influencers

Op sociale media gelden al die regels niet, er zijn althans geen harde afspraken over gemaakt. Wie nieuws op sociale media plaatst, moet zich dus aan veel minder regels houden. Denk aan de hype in de zomer van 2025 waarbij mensen zonder zonnebrandolie in de zon gingen liggen en tekeningetjes op hun huid lieten branden. Dat je daardoor huidkanker kan krijgen, verzwegen de influencers die de oproep ondersteunden. Of ze wisten het niet, ondanks waarschuwingen van talloze wetenschappers.

Dat betekent dat influencers kunnen vertellen wat ze willen, zelfs als het over zaken gaat die de gezondheid kunnen schaden. Ze worden vaak betaald door bedrijven om hun producten te gebruiken en aan te prijzen. Volgers kijken met andere woorden naar reclamevideo’s die als echt nieuws of correcte informatie gebracht worden. Het gevaar is dan dat volgers de tips en hacks over diëten, zonnebrandolie, sporten ... blindelings opvolgen en daarbij hun gezondheid schade toebrengen. En als je weet dat volgens de Nieuwsbarometer een op de vijf jongeren influencers als een belangrijke bron van nieuws beschouwt …

Een belangrijke disclaimer: er zijn uiteraard influencers die wel op een verantwoorde wijze hun verhalen de wereld in sturen. Zij baseren zich op wetenschappelijke bronnen en een stevige achtergrond.

Tunnelzicht

Sociale media werken bovendien met algoritmes. Een algoritme is – simpel gezegd – een programma dat bepaalt wat jij te zien krijgt. Dat hangt af van andere posts die je bekeken, geliket of geshared hebt. Als je wat te lang naar een video over pakweg leeuwen in de savanne gekeken hebt, krijg je een tijdlang veel leeuwenfilmpjes te zien. Herkenbaar, toch?

Een algoritme filtert dus alle mogelijke posts weg behalve de zaken die jij graag bekijkt, bijvoorbeeld make-uptutorials en accounts die tweedehandskleding aanbieden. Omdat je steeds meer van hetzelfde te zien krijgt, kom je in een ‘filterbubbel ’ terecht. Als het over make-up en tweedehandskleding gaat, is dat misschien niet zo erg, het zijn onschuldige zaken.

Maar wat als je alleen posts voorgeschoteld krijgt die de actualiteit maar vanuit één perspectief bekijken? Je krijgt dan nooit meer een ‘wederwoord’ te horen. Er wordt je met andere woorden een erg eenzijdig beeld van de realiteit opgedrongen, algoritme

waardoor je dat na verloop van tijd misschien als het enige juiste beschouwt. Of je krijgt steeds extremere video’s te zien over pakweg afslanken of fitnessen.

Als je dan online in gesprek zou gaan met mensen die in dezelfde filterbubbel zitten, zou dat nauwe perspectief op gebeurtenissen of feiten nog meer bevestigd worden; iedereen denkt namelijk hetzelfde als jij. Er is nooit ruimte voor een tegenargument of een geluid van buitenaf, de kreten van je geestesgenoten en jezelf galmen in het rond: je zit in een ‘echokamer ’.

Als die filterbubbel op de duur het enige is waar je nog intensief mee bezig bent, dan zit je in een ‘rabbit hole’, een smal konijnenhol. Je bent zodanig gefocust op dat ene perspectief dat je de rest helemaal vergeet. Extreem ‘tunnelzicht’ zou je het kunnen noemen. En als je in zo’n tunnel vast komt te zitten, loop je het risico complottheorieën te gaan geloven: de aarde is plat, de wereld wordt geregeerd door reptielen, in vaccins zitten microchips ... Dat is mogelijk een problematische situatie.

Hoe je die kan vermijden? Een eerste belangrijke stap is dat je het verschil tussen een feit, een mening en een voorspelling kent.

echokamer
rabbit hole

Jij bent het product van sociale media

Ben je fan van de Red Flames, de nationale vrouwenvoetbalploeg, en volg je op sociale media meerdere accounts die over hen berichten plaatsen, dan heb je wellicht al advertenties gekregen die je ervan proberen te overtuigen truitjes van de Red Flames te kopen of tickets voor de volgende wedstrijd. Vervang Red Flames door datgene waarvoor jij je interesseert en je herkent het voorbeeld.

Zowat alle populaire en veelgebruikte sociale media zijn in handen van reusachtige bedrijven: Meta (Facebook, WhatsApp, Instagram), Alphabet (YouTube, maar ook Google), ByteDance (TikTok). Ze verdienen geld door gegevens van hun gebruikers te verkopen aan adverteerders. Die kunnen op hun beurt gericht advertenties sturen. Als je veel accounts over een bepaald thema volgt, krijg je advertenties te zien die met dat thema te maken hebben.

Samengevat: jij maakt – gratis, dat wel – gebruik van de diensten van sociale media, zij verdienen aan jouw gegevens. Jij bent met andere woorden het product van de sociale media die je gebruikt.

In juni 2025 ontdekten Europese onderzoekers uit België, Nederland en Spanje dat Facebook en Instagram (en Yandex, een populaire Russische zoekmachine) het surfgedrag van hun gebruikers volgden (Vlummens et al., 2025). Ze wisten dus welke sites gebruikers bezochten. Een uur nadat de onderzoekers hun bevindingen hadden gepubliceerd, reageerden Google en Meta (van Facebook en Instagram) dat het om een vergissing ging. Waarom het surfgedrag van gebruikers gevolgd werd, daarover gaven ze niets prijs.

Scams

Eind 2025 claimde een rapport van de internationale nieuwsdienst Reuters dat Meta, het bedrijf achter Facebook en Instagram, een fortuin verdiende met frauduleuze reclame (Horwitz, 2025). Het rapport verwees naar interne documenten van Meta waaruit bleek dat in 2022 zeventig procent van de nieuwe adverteerders een scam promootte, een verboden product of een product van bedenkelijke kwaliteit. Denk bijvoorbeeld aan illegale goksites. Meta doet nauwelijks iets aan die advertenties omdat het hier jaarlijks zowat zeven miljard dollar aan verdient. Advertenties worden dus zonder echte check gepubliceerd. Dat is in de traditionele media verboden.

Cookies

In een bredere context kan je hier cookies zien. Sociale media maken net als websites gebruik van cookies (en andere technologieën) om gegevens van bezoekers op te slaan.

Als je een website voor de eerste keer bezoekt, vraagt die je om al dan niet cookies te aanvaarden. Een cookie is een klein bestand dat die website op de harde schijf van je computer zet op het moment dat je de site bezoekt. Cookies maken het technisch mogelijk om individuele bezoekers van elkaar te onderscheiden.

Als je de cookies accepteert, geef je de organisatie of het bedrijf achter de website de toestemming om je gegevens te gebruiken en je surfgedrag te volgen. Op die manier kan je op websites gepersonaliseerde reclame te zien krijgen. En die reclame kan de website geld opbrengen. Je wordt met andere woorden ook hier prompt een product waarmee de website geld verdient.

Bekijk dus goed wat er met je gegevens gebeurt als je cookies aanvaardt. Maar meestal weet je niet exact waarvoor een cookie dient; je kan dat ook moeilijk of helemaal niet achterhalen.

Deontologie en ethiek

deontologische code

ethiek

Journalisten hebben een deontologische code. Die schrijft 27 regels voor waaraan een journalist zich moet houden. Enkele voorbeelden:

• Een journalist moet elke persoon de gelegenheid geven om te reageren op uitspraken die over haar of hem gedaan werden, het zogenaamde recht op wederhoor.

• Een journalist geeft in een interviewartikel waarheidsgetrouw weer wat er gezegd is tijdens het gesprek.

• Een journalist neemt geen geld aan om verhalen te maken (tenzij van zijn werkgever, uiteraard).

• Een journalist houdt zich aan een aantal regels bij berichtgeving over zelfdoding, over minderjarigen ...

• Een journalist maakt zich altijd bekend als journalist, tenzij in enkele specifieke gevallen.

• Een journalist springt voorzichtig om met de publicatie van namen en foto’s. Zolang een persoon niet veroordeeld is voor een bepaald misdrijf, mag die bijvoorbeeld niet herkenbaar worden afgebeeld. In zo’n context ontstaat soms heisa omdat het ene medium alleen de initialen geeft, een ander de voornaam en de eerste letter van de familienaam en nog een ander de voornaam, de eerste letter van de familienaam en enkele opvallende details uit het privéleven van de beschuldigde waardoor die voor veel mensen herkenbaar wordt.

De regels zijn opgenomen in de Code van de Raad voor de Journalistiek (Raad voor de Journalistiek, 2010), die journalisten een leidraad voor hun dagelijkse praktijk biedt. Ze werd in 2010 goedgekeurd en is in de daaropvolgende jaren verschillende keren aangevuld en geactualiseerd.

De Raad voor de Journalistiek gebruikt de code bij de behandeling van vragen en klachten. Stel dat een bouwondernemer in een artikel of uitzending beschuldigd wordt van fraude. Dan kan die bij de Raad voor de Journalistiek een klacht tegen de maker van het stuk neerleggen.

Daarnaast hebben veel redacties een zogeheten redactiestatuut, dat beschrijft hoe hun journalisten zich moeten gedragen.

Ethiek overstijgt al die concrete regels. Het gaat om kritisch nadenken over wat het juiste is om te doen en de gevolgen daarvan voor personen of de maatschappij. Moet je de ouders van een verongelukt kind per se voor de camera halen? Als dat ingaat tegen het aanvoelen van een journalist, kan die niet verplicht worden om dat te doen.

Feit, mening, voorspelling

‘Mijn moeder is geboren in 1975 en ze heeft drie kinderen. Ze is erg lief. Ik ben er zeker van dat ze heel oud wordt.’

In bovenstaand voorbeeld staan een feit, een mening en een voorspelling bij elkaar.

• Feit: ‘Mijn moeder is geboren in 1975 en ze heeft drie kinderen.’ Je kan met haar identiteitskaart bewijzen dat je moeder inderdaad in 1975 is geboren. En dat ze drie kinderen heeft, kan je ook vaststellen. Er zijn officiële bronnen die dat bevestigen.

• Mening: ‘Ze is erg lief.’ Jij vindt je moeder erg lief, maar iemand anders kan haar karakter anders inschatten.

• Voorspelling: ‘Ik ben er zeker van dat ze heel oud wordt.’ Je doet een uitspraak over de toekomst.

Feit Een gebeurtenis of situatie die je kan vaststellen of controleren.

Mening De manier waarop je over iets denkt.

Voorspelling Een uitspraak over een situatie of gebeurtenis in de toekomst.

Toch zijn feiten, meningen en voorspellingen niet altijd even gemakkelijk van elkaar te onderscheiden.

Een mening kan feitelijk lijken, bijvoorbeeld: ‘De oorzaak van armoede ligt bij de mensen in armoede zelf.’ Je bent dan misschien geneigd de bewering voor waar aan te nemen omdat ze sterk of overtuigend overkomt. Hetzelfde kan gebeuren bij een voorspelling. Als de Verenigde Naties (VN) beweren dat er in 2050 9,7 miljard mensen op aarde zullen zijn, dan klinkt dat best overtuigend en feitelijk. Er valt schijnbaar niets op af te dingen. De VN zijn niet de eerste de beste, toch? Nochtans is het een glasheldere voorspelling: de VN doen een uitspraak over een situatie in de toekomst.

Bij de uitspraak over de oorzaak van armoede kan je weliswaar uitzoeken of iemand de uitspraak echt gedaan heeft, maar de mening zelf kan je niet controleren of factchecken. Je kan geen ‘definitieve beoordeling’ geven over de juistheid en betrouwbaarheid van iemands mening. Uiteraard kan je het ermee eens zijn of oneens, of je kan er twijfels bij hebben, maar daar blijft het bij.

feit mening voorspelling

De voorspelling van de Verenigde Naties kan je evenmin factchecken. We kunnen pas in 2050 weten of we dan met 9,7 miljard mensen op aarde zijn. Trouwens, als je aan een zoekmachine vraagt hoeveel mensen in 2050 de aarde zullen bevolken, krijg je meerdere antwoorden …

Hoe hou je dan een mening, een voorspelling en een feit uit elkaar? Stel jezelf de volgende vragen. Let op: het zijn hulpvragen, ze geven niet altijd uitsluitsel.

Feit ✓ Kan je de bewering bewijzen of toetsen? Kan je cijfers, bronnen, getuigen ... vinden?

Mening ✓ Staat er in de bewering een woord dat een waardeoordeel bevat (bv. mooi, interessant, beste ...) of een formulering die daarop wijst (bv. ik vind …, ik denk …, naar mijn mening ...)?

✓ Staat er in de bewering een nuancering (bv. zou, misschien, mogelijk ...)?

Voorspelling ✓ Staat er in de bewering een woord dat naar de toekomst verwijst (bv. zal, in 2070, later ...)?

EEN OEFENING

Wat is een feit, wat een mening en wat een voorspelling?

• ‘Donald Trump begrijpt niet waarover deze oorlog gaat’ (voormalig journalist Jan Balliauw op VRT NWS, 24.08.2025).

• ‘Netbeheerder Elia waarschuwt voor fors oplopend stroomtekort na 2028 ’ (VRT NWS, 27.06.2025).

• ‘Oekraïne viert Onafhankelijkheidsdag’ (VRT NWS, 24.08.2025).

De eerste claim is een mening. Oud-journalist Jan Balliauw is een Ruslandkenner. Als hij over de geopolitieke spanningen tussen Rusland en de Verenigde Staten spreekt, weet hij zeer goed waarover het gaat. Toch geeft hij hier een mening.

Hij baseert zich op uitspraken van president Trump om tot zijn besluit te komen, maar zijn uitspraak is een persoonlijke inschatting van de kennis van Donald Trump. Zo’n standpunt of overtuiging kan je niet controleren. We kunnen niet in Trumps hoofd kijken, toch?

De claim van Elia is een voorspelling. De netbeheerder doet een uitspraak over de situatie na 2028. Uiteraard baseert Elia zich hiervoor op berekeningen en data die correct zijn. Het gaat ervan uit dat die data en berekeningen ook van toepassing zullen blijven, dat er niets verandert. Toch kunnen we nu niet weten hoe de situatie na 2028 zal evolueren. Misschien investeert de regering in mogelijke oplossingen, misschien gaan de Belgen de komende jaren veel minder stroom verbruiken omdat ze ervan overtuigd raken dat ze dat moeten doen …

Met andere woorden, een voorspelling kan je niet controleren, tenzij je wacht tot na 2028.

Traditionele media publiceren zulke voorspellingen omdat ze die maatschappelijk relevant vinden en de gebruiker die informatie nodig heeft om zich een beeld te vormen van een problematiek of een gebeurtenis. Je kan ze niet meteen controleren, maar op de dag dat ze gepubliceerd worden, zijn ze relevant. Denk ook aan het weerbericht. Dat is een voorspelling waar veel mensen dagelijks naar uitkijken, maar ze weten pas de volgende dag of het KMI het bij het rechte eind had.

Op 24 augustus 2025 verscheen een kort artikel op VRT NWS dat meldde dat Oekraïne die dag zijn onafhankelijkheid vierde. Dat is een feitelijke uitspraak die je kan controleren. Op internet vind je talrijke bronnen die het feit bevestigen, onder andere de officiële website van president Zelensky. Daarop staat een video waarin de president de bevolking toespreekt naar aanleiding van Onafhankelijkheidsdag. De tekst van de speech staat ook op de website.

De claim van Elia in de oefening is gebaseerd op berekeningen en data, die correct zijn. Is dat zo? Kan je bronnen zomaar vertrouwen?

Je kan alleen feitelijke claims factchecken, meningen en voorspellingen niet. Wat je wel kan uitzoeken, en soms is dat relevant: heeft persoon X echt die mening geuit? Als politicus A van partij X over een partijgenoot en minister zegt dat die onbekwaam is, is het zeker relevant om uit te zoeken of politicus A dat gezegd heeft. Daarmee onderzoek je echter niet de mening zelf.

Wat vind jij van de formuleringen en de toon die politici in debatten hanteren?

4 Hoe feiten verdraaid worden, of erger: mis-, des- en malinformatie

Je wordt de hele dag door geconfronteerd met allerlei ‘nieuws’. Politici doen uitspraken over de beslissingen of uitlatingen van hun opponenten, wetenschappers delen inzichten over hun specialiteit, opiniemakers schrijven stukken of nemen het woord op tv … Vaak doen ze dat uit overtuiging, om de publieke opinie op hun hand te krijgen of om het politieke debat te beïnvloeden. Dat zijn legitieme en begrijpelijke redenen. Iedereen mag bijdragen aan kwesties die de samenleving aanbelangen, en politici mogen burgers proberen te overtuigen van hun standpunten.

Evengoed gebruiken – of misbruiken – allerlei actoren (individuen, regeringen en organisaties) de media om verhalen de wereld in te sturen die niet of maar gedeeltelijk kloppen. Ze verzinnen ‘feiten’ en verspreiden die. Op die manier willen ze de lezer, luisteraar of kijker beïnvloeden om hun doel te bereiken.

De Duitse AfD-politicus Miguel Klauß bijvoorbeeld beweerde in mei 2025 dat het zeeniveau in Venetië al 1 500 jaar ongewijzigd was. EU-factcheckers (zie het onderdeel ‘Waar vind je factchecks?’ in het hoofdstuk ‘Zo zien factchecks eruit’) konden aantonen dat de claim verkeerd is. Klauß gebruikte hem om de impact of het bestaan van de klimaatverandering te ontkennen.

Dergelijke foute informatie kan drie vormen aannemen: misinformatie, desinformatie of malinformatie.

Misinformatie

Malinformatie

Desinformatie

Figuur 1 Soorten fouten informatie (naar: Wardle et al., 2017)

Kaderstuk ‘FIMI. Buitenlandse inmenging’ misinformatie desinformatie malinformatie

• Misinformatie is informatie die niet juist is, maar die niet wordt verspreid met de bedoeling iemand schade te berokkenen.

Bijvoorbeeld: iemand verspreidt een bericht met foute informatie zonder te weten dat die fout is. Of: een politicus die niet voldoende geïnformeerd is, verspreidt een bericht omdat hij denkt dat het politiek bruikbaar is.

• Desinformatie is foute informatie die verzonnen is of met opzet verspreid wordt om iemand schade te berokkenen.

Bijvoorbeeld: ‘De eerste minister heeft een liefdesrelatie met iemand uit de oppositie.’ Of: ‘Bedrijfsleider X fraudeert al jarenlang.’ Vaak zijn de verspreiders van zo'n informatie personen of organisaties die een politiek, financieel of sociaal doel hebben: mensen aan het twijfelen brengen, mensen boos maken …

• Malinformatie is echte, juiste informatie die gedeeld wordt om iemand schade te berokkenen.

Bijvoorbeeld: bestaande mails naar buiten brengen waarvan de inhoud de persoon in kwestie in een slecht daglicht stelt.

FIMI. Buitenlandse inmenging

Foreign Information Manipulation and Interference (FIMI) is een specifiek aandachtsgebied binnen desinformatie. De term wordt gebruikt voor de inmenging via informatieoperaties van buitenlandse actoren, al dan niet overheden. Die verspreiden op gecoördineerde wijze desinformatie om mensen te beïnvloeden of te manipuleren. Een FIMI-campagne wordt vaak uitgevoerd als onderdeel van een bredere hybride campagneoperatie, die bestaat uit zowel fysieke als digitale acties, bijvoorbeeld hacken.

Bots en trollen

Vaak maken de betrokken actoren gebruik van bots, programma’s die zelfstandig repetitieve taken uitvoeren, denk aan het verzorgen van klantenservice via een chatbot (zie ook het kaderstuk 'Chatbot, AI-assistent, AI-agent' in het hoofdstuk 'En natuurlijk ... AI'). Maar bots kunnen ook met slechte intenties gemaakt worden: om te hacken, te spammen, websites plat te leggen ...

Veel desinformatie wordt verspreid door trollen. Dat zijn personen of organisaties die bewust desinformatie verspreiden, meestal via nepaccounts.

FIMI bots
trollen

5

Zeven vormen van foute informatie

Foute informatie kan in allerlei vormen komen. Het is belangrijk dat je die kan onderscheiden om de vermeende feiten goed in te schatten en je niet te laten misleiden.

1 Satire of parodie: actoren lachen met actuele gebeurtenissen.

In november 2025 werden in het Belgische luchtruim tientallen drones opgemerkt. Er waren sterke vermoedens, maar geen bewijzen, dat Rusland die drones op ons land had afgestuurd. De Nederlandse satirische website De Speld publiceerde een artikel over de Russische president Poetin. Die zou op een persconferentie uitgelegd hebben dat Rusland de drones naar België had gestuurd ‘vanwege het slechte wegdek’. De wegen in België zouden in zo’n slechte staat zijn dat je het, volgens Poetin in het artikel (De Speld, 10.11.2025), soldaten niet kan aandoen daarover te moeten rijden. Tanks ook niet, trouwens.

Ook De Ideale Wereld op Canvas maakt vaak parodieën, op woordvoerders of op maatregelen die politici nemen. Het is duidelijk dat die filmpjes gemaakt worden om ermee te lachen.

Maar stel dat iemand niet begrijpt dat het om een grap gaat en de informatie of het verhaal als ‘echt gebeurd’ verspreidt. Dat kan uiteraard tot verwarring en problemen leiden …

2 Misleidende inhoud: actoren croppen foto’s (ze snijden ze bij), waardoor een bepaald aspect meer aandacht krijgt en de foto een heel ander verhaal lijkt te vertellen, of ze halen een citaat uit zijn context, waardoor het een andere lading krijgt.

Op www.mijnstudiemateriaal.be vind je een link naar enkele voorbeelden.

Ook advertorials of native advertising kan je tot deze categorie rekenen. Dat zijn advertenties die erg lijken op de andere, journalistieke artikels van het medium dat ze verspreidt. Ze hebben bijna dezelfde vormgeving en aanpak, maar het zijn stukken waarvoor een adverteerder betaald heeft. Bij de tekst moet ergens een vermelding ‘advertentie’ of ‘reclame’ opgenomen worden, maar die staat vaak erg klein, zodat ze nauwelijks opvalt.

Verkeerde context: actoren gebruiken een oude foto en plaatsen die in een nieuwe context.

Nadat de VS Venezuela binnengevallen waren, circuleerden online beelden uit Israël en zelfs uit … games die zogezegd in Venezuela gefilmd waren. Een ander voorbeeld is een foto van de oorlog in Afghanistan uit 2015 gebruiken en beweren dat die in 2025 in Gaza gemaakt werd.

4 Geen verband: actoren gebruiken koppen die iets anders suggereren dan wat er in de bijbehorende tekst of video gezegd wordt. Dat kan evengoed gebeuren bij foto’s en bijschriften. Mensen lezen vaak alleen de bijschriften bij een foto en klikken niet door naar de tekst of video onder de link. Zulke koppen noemt men clickbait

‘Zo zag je acteur/actrice X nog nooit!’ Als je op de kop klikt, zie je de acteur of actrice met zware make-up voor een rol in een film. De kop belooft een spectaculaire onthulling, maar dat valt dus tegen.

De koppen moeten de lezers verrassen, kwaad maken of naar het artikel lokken, maar de vlag dekt dus niet de lading. Wat telt, is dat mensen klikken, want dat levert geld op.

5 Bedrog actoren doen alsof hun bericht of verhaal van een bekende en vertrouwde instantie of organisatie komt, bv. de Verenigde Naties, VRT … Ze gebruiken het logo van de organisatie om het verhaal betrouwbaar te laten overkomen.

Denk aan mails van ‘echte’ bedrijven zoals banken of koerierdiensten waarin je gevraagd wordt een link aan te klikken om een bedrag over te schrijven.

6 Manipulatie: actoren vervalsen vaak foto’s. Met fotobewerkingsprogramma’s voegen ze bijvoorbeeld mensen op de foto toe of halen ze iemand weg.

In 2020 plaatste een Kamerlid van Vlaams Belang een foto van een groep asielzoekers voor de kazerne in Koksijde op sociale media. Na een factcheck door VRT NWS bleek het om een montage van twee foto’s te gaan: een van de ingang van de kazerne en een andere van een groep asielzoekers. Het Kamerlid bevestigde de manipulatie van de beelden en haalde de foto offline.

Op www.mijnstudiemateriaal.be vind je een link naar de betreffende foto’s.

In november 2025 brak een schandaal uit rond de Britse openbare omroep BBC. Een journalist had in het onderzoeksprogramma Panorama fragmenten uit twee speeches van de Amerikaanse president Trump achter elkaar gemonteerd. Daardoor leek Trump rechtstreeks tot geweld op te roepen.

7 Verzinsel: actoren gebruiken volledig verzonnen inhoud.

Herinner je de voorbeelden aan het begin van dit hoofdstuk: Duitsland zou Kerstmis willen verbieden, de VN en de EU zouden pedofilie willen legaliseren. Denk ook aan AI-video’s van konijnen die op een trampoline springen of van president Trump die vanuit een gevechtsvliegtuig uitwerpselen over betogers uitkiepert.

6 Waarom verspreiden actoren valse berichten?

De grote vraag die je je kan stellen, is uiteraard waarom actoren zulke valse berichten verspreiden. Doen ze dat bewust, per ongeluk …? Of misschien willen ze gewoon een grapje maken?

Hierna vind je zes mogelijke redenen waarom mensen foute informatie verspreiden.

1 Doen lachen: de publicatie wil mensen laten lachen en tegelijk aan het denken zetten.

Parodie en satire worden bijvoorbeeld gebruikt om sociale of andere mistoestanden aan te kaarten of aan te klagen. Al lachend zegt de zot de waarheid, toch?

2 Politiek gewin: actoren proberen politiek voordeel te halen uit de berichten die ze verspreiden. Ze willen de publieke opinie bespelen en op hun hand krijgen door bepaalde politici als onbetrouwbaar voor te stellen en zo hun reputatie te breken.

De Russische buitenlandminister Lavrov die beweerde dat Oekraïne een buitenverblijf van Poetin had aangevallen, probeerde de vredesonderhandelingen tussen de VS en Oekraïne te beïnvloeden. Beide landen waren het namelijk over een aantal kwesties eens geworden en dat zinde Rusland niet. Een ander voorbeeld: ‘Politicus X betrapt bij het verlaten van een bordeel.’

Een speciaal geval zijn lekken. Tijdens onderhandelingen verklapt een van de onderhandelaars dat een bepaalde partij dwarsligt. Als dat verhaal gepubliceerd wordt, kan die ene partij in een lastig parket belanden.

Kaderstuk ‘Propaganda en censuur’

3 Geldgewin: actoren proberen de lezer of kijker ertoe aan te zetten spullen te kopen of te betalen voor diensten. Vaak lukt dat nog ook ...

Denk aan aanbiedingen voor producten die goed zouden zijn voor de gezondheid. Of aan jongeren die de producten kopen die influencers aanprijzen. Nog een voorbeeld: je krijgt een mail met het nieuws dat je dringend een bedrag moet storten voor de levering van een pakketje. Als je daarop ingaat, wordt later je bankrekening geplunderd.

4 Emotionele beïnvloeding: de verspreiders van de informatie of het nieuws spelen in op de emoties van de lezers of kijkers om hen te beïnvloeden en hun gevoelens tegenover een bepaald onderwerp te veranderen.

5 Overtuigen: een persoon of organisatie probeert de lezer of kijker met argumenten te overtuigen van een bepaalde opvatting (bv. rond klimaatverandering of abortus, een politieke ideolgie).

6 Vergissing: foute informatie wordt onbewust verspreid. De zender van het bericht weet niet dat de informatie onjuist is.

Wetenschappers klagen er weleens over dat journalisten niet goed zijn in cijfers en daardoor fouten maken. Er is dan geen sprake van kwaad opzet of slechte bedoelingen, het gaat om menselijke fouten. Zoals we eerder in dit hoofdstuk zagen, noemen we dat misinformatie. Dat neemt niet weg dat journalisten nauwkeurig met cijfers moeten omgaan en eventuele fouten moeten rechtzetten.

Propaganda en censuur

Een specifieke manier om aan politieke beïnvloeding te doen, is propaganda. Bij propaganda gaat het erom de overtuigingen of gevoelens van zo veel mogelijk mensen te beïnvloeden of te veranderen. Dat kan met teksten, maar evengoed met spandoeken, muziek, kleding … of posts op sociale media. Het gaat dus niet om een dialoog waarbij personen hun ideeën uitwisselen en erover in discussie gaan.

De makers van propaganda proberen hun doel te bereiken door een bewuste selectie en vaak verdraaiing van argumenten en feiten. Bovendien proberen ze de aandacht van hun publiek af te leiden van alle andere invloeden. Ze spelen in op emoties, ze stellen complexe kwesties (te) simpel voor, ze vallen tegenstanders aan. En ze mikken met hun boodschap op een bepaalde doelgroep.

Een klassiek voorbeeld is de nazipropaganda: die was er massaal en continu, bevatte veel leugens en halve waarheden, en had tot doel bepaalde bevolkingsgroepen, zoals Joden, mensen uit de lgbt+-gemeenschap, mensen met een beperking … in een kwaad daglicht te stellen. In hun propaganda vielen de nazi’s die bevolkingsgroepen aan en stelden ze hen erg simplistisch voor als verantwoordelijk voor de problemen in het land. Daarmee speelden ze in op de emoties van de bevolking, die het in de jaren 30 in Duitsland erg zwaar had.

Herken je vormen van propaganda?

Een recent voorbeeld is het woord ‘klimaatspijbelaars’. Dat werd gelanceerd om de jongeren die aan de klimaatmarsen deelnamen, af te schilderen als een probleem – ze spijbelden – en niet als personen die zich zorgen maken over de klimaatverandering.

Ook tijdens de oorlog in Oekraïne wordt propaganda ingezet. Oekraïense kinderen in door Rusland bezette gebieden krijgen schoolboeken waarin staat dat Oekraïne een door het Westen gecreëerd land is waar het regime er neonazistische ideeën op nahoudt.

Verspreidt alleen Rusland propaganda?

Er zijn echter ook ‘goede’ vormen van propaganda. Dan willen de makers het gedrag van mensen beïnvloeden zodat die er beter van worden of minder risico’s lopen: campagnes die veilig vrijen promoten, die aansporen om alleen nuchter achter het stuur te kruipen ... propaganda

Censuur en propaganda worden vaak in één adem genoemd. Als een staat of een bepaalde groepering, zoals een politieke partij, macht gebruikt om informatie achter te houden of de vrije meningsuiting aan banden te leggen, is er sprake van censuur. Die gaat altijd hand in hand met maatregelen om de persvrijheid te beperken.

In het najaar van 2025 bepaalde de Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth dat journalisten in het Pentagon alleen nog informatie uit officiële bronnen mochten verspreiden. Ze mochten dus niet meer zelf aan nieuwsgaring doen.

Mediawijs is het Vlaamse Kenniscentrum Digitale en Mediawijsheid van de Vlaamse overheid en imec, het onderzoekscentrum voor digitale technologie.

Mediawijs wil Vlamingen en Brusselaars helpen om digitale technologie en media actief en kritisch te gebruiken en begrijpen, zodat ze beter geïnformeerd aan de maatschappij kunnen deelnemen.

Mediawijs stelde een handige checklist samen die je helpt om propaganda te herkennen. Op www.mijnstudiemateriaal.be vind je een link naar deze checklist. Zie over Mediawijs ook het hoofdstuk ‘Wat met foto’s en video’s? Debunking to the rescue’.

censuur

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook