Skip to main content

TeleScoop A-stroom - Folder

Page 1

tele scoop

Aardrijkskunde voor de A-stroom tele scoop 2

tele scoop 1

REALISEERT DE NIEUWE EINDTERMEN VOOR ALLE NETTEN VERWONDERING ALS VERTREKPUNT MAAKT DIFFERENTIATIE HAALBAAR MAAKT EEN MULTIDISCIPLINAIRE AANPAK MOGELIJK


TELESCOOP VERRUIMT JE BLIK OP DE WERELD Een gloednieuwe methode voor aardrijkskunde in de A-stroom Met TeleScoop bewandelen we een andere weg. We trekken volop de kaart van de verwondering door te vertrekken vanuit grote vragen of probleemstellingen, recht vanuit de leefwereld van jongeren. De methode leert hen op een specifieke manier naar de wereld te kijken en er verantwoord mee om te gaan. Met een unieke insteek wil TeleScoop bovendien een multidisciplinaire aanpak van lessen faciliteren. Door veel aandacht te besteden aan de relaties tussen aardrijkskunde, natuurwetenschappen en techniek, draagt TeleScoop bij aan een vakoverstijgend wereldbeeld van de leerling van vandaag.

VIJF UITDAGINGEN WAARMEE TELESCOOP JOU HELPT • • • • •

Afgestemd op de verhoogde nood aan differentiatie binnen de diverse doelgroep van de eerste graad De eerste methode voor aardrijkskunde die zoveel vrijheid en flexibiliteit biedt aan de leerkracht. Evaluatie wordt objectief, efficiënt en haalbaar gemaakt. Maakt een multidisciplinaire aanpak mogelijk. Verhoogt je leer- én tijdwinst door optimaal gebruik van het leerplatform diddit.

2

Aardrijkskunde voor de A-stroom


DE STRUCTUUR, EEN STERKE HOUVAST VOOR JE LEERLINGEN Elk thema werkt via dezelfde overzichtelijke structuur. Je leerlingen vertrekken telkens vanuit de verwondering over een maatschappelijk relevant probleem.

tele

Het grote titelblad met inspirerende foto’s licht een tipje van de sluier op en maakt leerlingen benieuwd naar meer.

1

MET TWEE VOETEN OP DE GROND

1 WIE EEN PUT GRAAFT VOOR EEN ANDER

Google volgt je overal, zelfs als je je 'locatiegeschiedenis' (tenzij je dit doet)

2 HET LAAT ZIJN SPOREN NA 3 GEBOREN MET EEN BAKS TEEN IN DE MAAG

INTERNET Google weet waar je bent, ook al heb jij expliciet

laten weten dat je niet wilt dat je locatie wordt bijgehouden. Dat is de conclusie in een nieuw rapport van A.P. Het persbureau ontdekte dat de zoekgigant locatiedata bewaart via verschillende andere apps, ook wanneer een gebruiker 'Locatiegeschiedenis' heeft uitgeschakeld. Gelukkig is er wel een manier om onder de radar te blijven, hoewel je er goed naar moet zoeken.

Naar: De Standaard,

14/08/2018

© nok_happiness / Shutterstock

.com

4 HET TIJ KEREN

2

Wat wil ik te weten komen over dit thema?

3

Ontdek deze en nog andere

2

LAAT IN JE KAARTEN KIJKEN

De WOW-pagina toont de relevantie van dit thema aan. Ze verwondert en activeert de leerling met opmerkelijke artikels of unieke filmpjes van o.m. Henk Rijckaert, cabaretier met een hart voor wetenschappen. De leerling denkt hier zelf na over wat hij van dit thema wil leren.

riaal.

opties via het onlinelesmate

WOW!

DE STRUCTUUR, EEN STERKE HOUVAST VOOR JE LEERLINGEN

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

3


HOOFDSTUKKEN Het kerndeel van elk thema bestaat uit hoofdstukken waarin de leerlingen zich de leerstof en vaardigheden via verschillende onderzoeksvragen eigen maken. Ze gaan zelf ontdekken, op onderzoek, experimenteren, creatief denken, … aan de hand van allerlei bronnen, die ook ruimte laten voor differentiatie.

GEGETEn? 1 HEB JIJ ER Ka aS Van ella nodig. tarwe, tomaten, olijven en mozzar margherita te maken, heb je Om een echte Italiaanse pizza geproduceerd worden. je hoe en waar die ingrediënten In de volgende lessen ontdek Italia anse tomaten? Zitten er in elke pizza die dat op grote weiden of in stallen. De sector planten of dieren op akkers, che sector Telen is het voortbrengen van veeteelt worden samen de agraris uw en veeteelt. Landbouw en schaal doet noemen we landbo genoemd. 1

pizzaingrediënten in jouw Ga op zoek naar typische teelten er voorkomen. Zoek via Geopunt welke a

b

Ga naar het onlinelesmateriaal. bij deze oefening.

eigen omgeving.

Je vindt daar de website van

Geopunt en het stappenplan

n: Onderzoek de volgende adresse ) 30, Velzeke (melkveebedrijf - locatie 1: Knutsegemstraat ) at 14 A, Deinze (Tomato Masters - locatie 2: Stokstormestra

dat je helpt

(eigen leefomgeving)

- locatie 3: Legende Mijn plaatsen 1

Knutsegemstraat 30, 9620 Zottegem

Mijn kaarten

Landbouwgebruikspercelen

1

LV, 2018

Gewasgroep Landbouwinfrastructuur Groenten, kruiden en sierplanten Grasland Voedergewassen Aardappelen Suikerbieten en Granen, zaden en peulvrucht Maïs Vlas en hennep Overige gewassen Fruit en noten Houtachtige gewassen Water

1 fig. 1.1: Geopuntkaart locatie

c

Welke teelten komen er voor

op locatie 1?

d

Welke teelten komen er voor

op locatie 2?

e

Welke teelten komen er voor

in jouw eigen omgeving?

f

Welke teelten zijn er nodig

Interessant om weten

Er zijn gesteenten die je zowel bij kalksteen als bij zandste en kunt onderbrengen. Dat tussen de versteende zandko komt omdat er kalk rrels zit.

voor de pizza?

?

1 HEB JIJ ER KaaS Van GEGETEn

3

In de Belgische ondergrond vind je losse en vaste gesteenten. Elk gesteente heeft een of meer kenmerken waaraan je het kunt herkennen. Losse gesteenten: Klei: boetseerbaar, geen korrels voelbaar Leem: niet boetseerbaar, geen korrels voelbaar Zand: korrels voelbaar Grind: korrels grijpbaar Vaste gesteenten Kalksteen: kalhoudend, hard Krijt: kalkhoudend, zacht Zandsteen: korrels voelbaar Leisteen: geen korrels voelbaa

Kenniskaders hebben een herkenbare lay-out en klikken opgedane kennis vast. Ze geven ook aan welke oefeningen uit ‘Test jezelf’ over die leerstof gemaakt kunnen worden.

r

Welke invloed heeft de ontginning van geste enten op het lands chap? SPOOR 1: KLEIONTGINNING IN DE RUPELSTREEK 1

De klei in de ondergrond a

Doorheen de hoofdstukken vind je hier en daar extra informatie. We splitsen ze op in: • Tips: handig bij de uitvoering van opdrachten. • Weetjes: leuke of interessante extra’s, geen leerstof. • Mag het iets meer zijn: de sterkere leerlingen of klassen kunnen aan de slag met extra opdrachten.

4

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

figuur 3.5: gesteenten onderzoeke n

Test jezelf: oefeningen 4 en 5

van de Rupelstreek is al miljoe

Lees aandachtig in de tekst

nen jaren oud.

hoe de klei in de Rupelstreek

terechtkwam.

De kleilaag in de ondergrond van de Rupelstreek ontston d ongeveer 30 miljoen jaar De aardkorst en de zeespiegel geleden. hebben niet altijd op de hoogte gestaan waarop ze vandaag Ook het klimaat veranderde staan. voortdurend. In de geologische periode die we het rupeliaan noemen, steeg de zeespiegel. Bijna heel België werd overspo eld. In die zee zetten zich zand klei af. Het zand kwam in de en ondiepe delen en de klei op plaatsen waar de zee diep en Dat was het geval op de plaats rustig was. waar nu de Boomse klei ligt. Bovenop die kleilaag kwam een zandlaag terecht. later nog

24

MET TWEE VOETEN OP DE

GROND


Aha!

! a Ah

Op de AHA-pagina brengen we de leerstof uit de verschillende hoofdstukken in het thema samen. De figuur van de landschapsvormende lagen (zie voorbeeld onderaan) speelt daarbij telkens een belangrijke rol. Daarnaast vinden je leerlingen er ook een synthese en een checklist.

Aha!

Landschapsvormende

Bekijk de figuur en vul de

lagen

tabel aan.

horizontale relaties in de

tussen:

laag landgebruik (rode pijl)

verklaring

akkers en weiden en boerderij

De synthese komt voor in verschillende vormen: woordelijk, als mindmap of in een schema. In het eerste thema voorzien we de drie vormen, daarna telkens één vorm in het boek en de twee andere op diddit. Zo ontdekken je leerlingen welke vorm hen het best past en leren ze leren op hun maat.

verticale relaties tussen landscha

psvormende lagen (lichtgro

tussen:

ene pijl)

verklaring

landbouw en plantengroei

verticale relaties tussen landscha

psvormende lagen (blauwe

tussen:

pijlen)

verklaring

plantengroei en klimaat en reliëf

verticale relaties tussen landscha tussen:

psvormende lagen (paarse pijl)

verklaring

landbouw en klimaat

verticale relaties tussen landscha

De checklist is een lijst met leerlingvriendelijk geformuleerde lesdoelen. De leerling geeft voor zichzelf aan of hij bepaalde zaken al dan niet beheerst. Indien hij of zij vindt dat er nog marge is voor verbetering, wordt de bladzijde vermeld waarnaar hij of zij kan teruggrijpen om bepaalde leerstof te herbekijken.

tussen:

psvormende lagen (oranje pijl)

verklaring

landbouw en reliëf

verticale relaties tussen landscha tussen:

psvormende lagen (bruine

verklaring

pijl)

landbouw en bodem

30

ETEn waT dE POT SCHafT

kaart van het landgebruik

Checklist vegetatiekaart

helemaal begrepen

Wat ken/kan ik? opzoeken via Geopunt. Ik kan de teelten van een locatie of veeteelt die verwijzen naar landbouw Ik kan landschapselementen p. landscha het in en benoem of veeteelt die verwijzen naar landbouw Ik kan landschapselementen kaart. lokaliseren op luchtfoto en kaart in de plaats opzoeken op de passende een van ort bodemso de Ik kan atlas. in de atlas. opzoeken op de passende kaart Ik kan de teelten van een plaats eertabel gesteentemonster en de determin Ik kan aan de hand van een neren. determi orten verschillende bodemso n aan de hand van doorlatendheid uitlegge Ik kan het verschil in snelheid van de korrelgrootte. arheid van de vruchtba de op dheid Ik kan de invloed van de doorlaten

klimaatkaart

reliëfkaart

bodemkaart

bodem uitleggen.

losse gesteenten beschrijven. Ik kan de eigenschappen van aan de hand van coördinaten. Ik kan een plaats situeren België met ren op de referentiekaart van lokalise orten bodemso Ik kan behulp van een atlas. eken in een ale relaties aanduiden en onderzo Ik kan verticale en horizont ende lagen. verschill van een schema met landbouwlandschap met behulp en zoals leesteksten, tiebronn informa van Ik kan aan de hand locatie voor een teelt op passende best de ten, klimatogrammen en atlaskaar

kaart van de ondergrond

kaart aanduiden.

landschap

aHa!

31

van glasteelt opsommen. Ik kan de voordelen en nadelen te bepalen. gebruiken om de klimaattypes Ik kan een determineertabel van typische elkaar onderscheiden op basis van ypes klimaatt de kan Ik uur en neerslag. temperat de zoals en kenmerk kaart van Europa aanduiden. Ik kan de klimaattypes op de ype. brengen met een bepaald klimaatt Ik kan een teelt in verband aanduiden. de kaart van Europa en de wereld Ik kan de vegetatietypes op en koud) op de gematigd (warm, roepen Ik kan de drie grote klimaatg wereldkaart aanduiden. van de type herkennen aan de hand Ik kan op een foto het vegetatie en van kenmerken, zoals het voorkom belangrijkste landschappelijke grassen of plantengroei. struiken, bomen, bepaalde type aan de ren met het passende vegetatie Ik kan de klimaattypes combine

Hier kan ik nog groeien.

pg. 3 4-5 6-7 8 8 9 11 11 9, 11

12 13

14-18 14 40 15-18 18 17-18 20, 25 22

23-24

40

hand van een determineertabel.

dE 3 HOE ZIT dE VORK aan

DE STRUCTUUR, EEN STERKE HOUVAST VOOR JE LEERLINGEN

STEEL?

33

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

5


TEST JEZELF Test jezelf biedt een leerling de kans om de opgedane kennis en vaardigheden in te oefenen door enkele gerichte herhalingsoefeningen te maken in de uitgave zelf. In de kenniskaders doorheen het thema wordt al verwezen naar specifieke oefeningen uit de Test jezelf.

TEST JEZELF 1

Van grondstof tot afgewerkt a

product.

tof, half afgewerkt Zijn volgende producten gronds kolom. Plaats een kruisje in de juiste

t?

product of afgewerkt produc

grondstof

half afgewerkt product

afgewerkt product

5

Geef telkens een kenmerk waarm ee je het verschil tussen de

twee gesteenten kunt herken nen.

gesteenten

kenmerk

krijt en zandsteen

zand en klei

klei en leem

kalksteen (blauwe hardsteen) en krijt

6

Op welke plaats staan de volgend e situaties op de ladder van 1

voorkomen van afval

2

kringloopwinkel

hergebruik

3

onbruikbaar afval op de campin g van Tomorrowland

recycleren

4

composteren van keukenafval

verbranden met energiewinnin

5

verwarmen met korrels van

6

een fleece gemaakt uit petfless

7 MET TWEE VOETEN OP DE

GROND

2

Ken je de begrippen uit dit thema a

kernwoorden

met aandacht voor de natuur

40

6

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

c

MET TWEE VOETEN OP DE

GROND

d

verbranden zonder energie winning

3

e

storten f 4

5

al?

Welke begrip past bij de volgend e kernwoorden?

niet uitgeput gerakend

a b

g

en

1

38

Lansink? Vul de tabel aan.

sigarettenpeuken op het strand

begrip

6


WOORDENLIJST De woordenlijst staat achteraan in het boek en is alfabetisch gerangschikt. Hij bevat zowel vakspecifieke woorden als moeilijke woorden uit de Nederlandse taal; telkens wordt verwezen naar het hoofdstuk waarin het begrip voorkomt. Naast de term en de definitie is er ook ruimte om het woord in eigen woorden te omschrijven en zelf woorden toe te voegen.

wOORdEnLIJST Thema Laat in je kaarten kijken hoofdstuk

38

term

definitie

1

agrarische sector

sector van landbouw en veeteelt

1

akker

grond die bewerkt wordt door de landbouwer

2

bodem

bovenste deel van de aardkorst, belangrijk voor de plantengroei

3

breedteligging

afstand van een plaats tot de evenaar, uitgedrukt in graden

2

citrusvruchten

vruchten zoals sinaasappel, mandarijn, citroen

2

doorlatendheid

hoe snel water doorsijpelt

2

droge maand

N≤2xT

2

gematigde maand

Tm tussen 10 °C en 18 °C

2

hardbladige vegetatie

vegetatie met lage bomen, struiken en kruiden die harde lederachtige bladeren hebben

2

klimaat

gemiddelde temperatuur en neerslag over een periode van dertig jaar

2

klimatogram

neerslagdiagram en temperatuurcurve die samen in een afbeelding worden weergegeven

2

koude maand Tm < 10 °C

2

natte maand

in je eigen woorden

N>2xT

ETEn waT dE POT SCHafT

DE STRUCTUUR, EEN STERKE HOUVAST VOOR JE LEERLINGEN

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

7


DE THEMAâ&#x20AC;&#x2122;S VAN TELESCOOP

TELESCOOP 1 LAAT IN JE KAARTEN KIJKEN 1 Even het noorden kwijt? 2 Timmer zelf aan de juiste weg 3 Geen vuiltje aan de lucht?

EEN BALLONNETJE OPLATEN 1 2 3 4

Het is maar hoe de kaarten vallen Bewolkt of zonnig? Zie jij ze vliegen? Ben jij helemaal weg van de GPS? Bergen kunnen verzetten

VELE WATERTJES DOORZWOMMEN 1 Veel beekjes maken een groot water 2 Achter de wolken schijnt de zon 3 De kruik gaat zo lang te water tot ze barst

ETEN WAT DE POT SCHAFT 1 Heb jij er kaas van gegeten? 2 Veel voeten in de aarde hebben 3 Hoe zit de vork aan de steel?

MET TWEE VOETEN OP DE GROND 1 2 3 4

8

Wie een put graaft voor een ander Het laat zijn sporen na Geboren met een baksteen in de maag Het tij keren

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

tele scoop 1


tele scoop 2

TELESCOOP 2 HUILEN MET DE WOLVEN IN HET BOS? 1 Door het bos de bomen niet meer zien. 2 Wie zijn gat verbrandt, moet op de blaren zitten. 3 Waar een wil is, is een weg.

WIE DE SCHOEN PAST, TREKKE HEM AAN 1 Daar wringt het schoentje. 2 Iemand iets in de schoenen schuiven.

HOOG SPEL SPELEN 1 Bergen kunnen verzetten. 2 Als het water zakt, kraakt het ijs.

HET IS HEET ONDER ONZE VOETEN 1 Als een feniks uit de as herrijzen. 2 Als het kalf verdronken is, dempt men de put.

BEN JIJ EEN BUITENBEENTJE? 1 Heg noch steg weten. 2 Kijk verder dan je neus lang is. 3 Alle kaarten op tafel.

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

9


MAXIMAAL DIGITAAL ONDERSTEUND Bij TeleScoop worden jij en je leerlingen maximaal digitaal ondersteund door diddit. Dankzij het online leerplatform kunnen we je als leerkracht heel wat flexibiliteit en extra lesmateriaal bieden.

Vlot op weg dankzij de diagnostische toets Leerlingen in het eerste jaar hebben een uiteenlopende achtergrond en komen soms van verschillende basisscholen. Ze komen dus ook je klas binnen met een verschillend niveau op het vlak van kennis en vaardigheden. Om ervoor te zorgen dat je een beter beeld krijgt van het startniveau, bieden we via diddit een digitale diagnostische toets aan voor leerlingen.

Ontdek de ontdekplaten Ontdekplaten zijn digitale prenten waarin extra beeldmateriaal verwerkt is. Ze vormen een krachtige leeromgeving met visuele ondersteuning, die leerlingen motiveert en hen onderzoekend laat leren. Ontdekplaten kunnen worden ingezet om leerlingen op een andere manier door (delen van) de basisleerstof te navigeren, of om verdiepingsleerstof op een alternatieve manier aan te bieden, waardoor differentiatie mogelijk wordt.

10

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM


Aan de slag met adaptieve oefenreeksen Dankzij de krachtige motor achter diddit kunnen we je leerlingen adaptieve oefenreeksen met individuele feedback aanbieden. Elke leerling start een oefenreeks op hetzelfde niveau, maar krijgt naargelang zijn antwoorden moeilijkere of makkelijkere oefeningen aangeboden naarmate de reeks vordert. De sterren geven de moeilijkheidsgraad van de oefeningen aan.

Verdiep je in het vademecum Zowel op het leerlingenluik als op het leerkrachtenluik bieden we een vademecum aan. Daarin zitten algemene en vakspecifieke ‘minidossiertjes’ die een leerling in staat stelt om bepaalde vaardigheden beter onder de knie te krijgen. Wat is een goede onderzoeksvraag? Hoe lees je een klimatogram? Hoe analyseer je een landschap?

En verder? • • • • • •

Het handige bordboek Aanvullend materiaal: verschillende synthesevormen (cf. AHA-pagina’s), referentiekaarten, … Alle foto’s en tekeningen Verwijzingen naar andere vakken (o.a. natuurwetenschappen, techniek en wiskunde) De woordenlijsten Eindtermen/leerplandoelen en Taxonomie van Bloom

EENVOUDIG AAN DE SLAG • • • • • •

Makkelijke toegang voor leerlingen met de code uit hun boek Met één code toegang voor het volledige lerarenteam Opdrachten klaarzetten in een handomdraai Koppeling met Smartschool, WISA … Al je lesmateriaal op één plek: eenvoudig zoeken en delen Leerlingen eenvoudig opvolgen: geef hen feedback en ondersteun hen met een persoonlijk oefentraject • NIEUW: voeg je eigen materiaal toe en deel het met je leerlingen.

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

11


UITGEBREIDE ONDERSTEUNING VOOR DE LEERKRACHT

ANALYSEREN (LPD 10, 23) TOEPASSEN

Onderzoek 6 welke elektrische grootheden (en eenheden) worden vaak gebruikt?

Onderzoek 5 wat zijn de gevaren van elektriciteit?

Onderzoek 5 (LPD 2)

1

wAt IS jE hYPOthESE?

(Aar: LPD 4, 5, 10 – Nat A:

Bekijk de video over de gevaren van elektriciteit bij het onlinelesmateriaal.

Dit onderzoek kan beginnen met de vraag of er zich al iemand geëlektrocuteerd heeft, hoe dat gebeurd is en of er lichamelijke schade was. Ook kun je vragen of leerlingen al eens een kortsluiting (vonkvorming) hebben gezien.

Zoek de nodige informatie over de gevaren van elektriciteit op de website van Engie Electrabel via het onlinelesmateriaal. a

2

Welke zijn de vijf grootste gevaren van elektriciteit?

b

c

welk toestel?

Elektrocutie betekent dat de schok dodelijk is, bij elektrisering blijft het beperkt tot een nietdodelijke schok. Wat kan kortsluiting veroorzaken waardoor werknemers die aan elektrische installaties werken zich kunnen verbranden?

Leerlingenantwoord

d

Je kunt hier ook vermelden dat veel woningbranden ontstaan door elektrische defecten.

TOEPASSEN

U = 230 V R = 20 Ω P = 1 200 W

Wat is een mogelijk gevaar bij een luidspreker? Hoe kunnen we dat voorkomen?

I=4A

Kortsluiting met eventueel brand tot gevolg.

b

Het gevaar bij een luidspreker is heel beperkt omdat de spanning laag is.

Welke grootheden komen steeds terug? Spanning, stroomsterkte, weerstand en vermogen

c

Welke grootheid en eenheid moet zeker op het kenplaatje van een luidspreker vermeld worden? Spanning en volt, zo weet de gebruiker welke soort batterij hij in een luidspreker moet plaatsen.

3

Vul de onderstaande tabel in. grootheid spanning stroomsterkte

20

32

Voorbeeld uit de handleiding van TechnoScoop 1 73131_TECHNOSCOOP HL.indd 32

In de uitgebreide en overzichtelijke handleiding bij TeleScoop leggen we je duidelijk uit hoe je met de methode aan de slag kunt en hoe je elk thema kunt voorbereiden. Zo kun je terug aardrijkskunde geven zonder zorgen.

eenheid

U

1 volt

I

1 ampère

1A

P

1 watt

1W

1 ohm

1Ω

ONtwErPEN/MOgElIjKE OPlOSSINgEN

3/07/19 08:54

1V

R

MAKE SOME NOISE

TOEPASSEN

(LPD 18)

In de tabel kun je verwijzen naar de grondleggers van de elektriciteit (Alessandro Volta, André-Marie Ampère en Georg Ohm). Bepaalde elektrische eenheden zijn daarom naar hen vernoemd.

symbool

weerstand

21/05/19 13:39 72695_TECHNOSCOOP LWB_PROJECT 1.indd 21

Spanning moet zeker vermeld worden op onze luidspreker. Dat is belangrijk voor de gebruiker om te weten welke batterij erin geplaatst moet worden. 3

symbool

vermogen

MAKE SOME NOISE ONtwErPEN/MOgElIjKE OPlOSSINgEN

72695_TECHNOSCOOP LWB_PROJECT 1.indd 20

(LPD 3, 18)

Je kunt ook (kort) Hertz uitleggen en wat dat betekent.

U = 400 V

Kortsluitingen vermijden. Juiste batterijen plaatsen. Batterijen juist schakelen.

(LPD 6, 10)

Je kunt zelf een aantal elektrische toestellen meebrengen. Vaak vind je in het technieklokaal voldoende toestellen terug waarop heel wat gegevens af te lezen zijn (bijvoorbeeld computer, smartphone, batterijen, kolomboormachine …).

I=2A

30% e

2 ANALYSEREN

grootheid/eenheid R = 10 Ω P = 350 W

Hoeveel procent van alle bedrijfsbranden in ons land wordt veroorzaakt door een elektrisch defect?

BEGRIJPEN

Je kunt de verschillende definities van elektrische grootheden verder uitleggen aan de hand van een model (bijvoorbeeld water of vrachtwagens). Bij het onlinelesmateriaal vind je een site die daarbij kan helpen.

Noteer de grootheden (en eenheden) die op het kenplaatje staan.

Wat is het verschil tussen elektrocutie en elektrisering?

Werken met niet-geïsoleerd gereedschap

In het artikel op de website van Engie Electrabel gaat het vooral over de risico’s in bedrijven en voor de werknemers.

1

Bekijk het kenplaatje van enkele elektrische toestellen in het technieklokaal. a

Elektrisering/elektrocutie, brandwonden, schrikreactie, brand en explosie

De video over de gevaren van elektriciteit laat vooral het brand- en ontploffingsgevaar zien. Je kunt hier al vermelden dat elektriciens een groot risico lopen op deze gevaren.

Lees de onderstaande omschrijvingen aandachtig vooraleer je aan de opdrachten begint. Spanning is de oorzaak van de elektrische stroom. Ze wordt geleverd door een spanningsbron. Stroomsterkte is een maat voor de hoeveelheid elektriciteit die er door een geleider stroomt. Weerstand geeft aan hoe sterk de stroomdoorgang gehinderd wordt. Vermogen heeft te maken met de hoeveelheid energie die door een elektrisch toestel wordt opgenomen of afgegeven.

Elektrocutie en brand zijn de grootste gevaren van elektriciteit.

LPD 1, 2, 3 – ICT: LPD 6)

Niet vergeten om steeds 1 te schrijven voor de eenheid. Daarom is het een EENheid. 21

21/05/19 13:39

73131_TECHNOSCOOP HL.indd 33

33

3/07/19 08:54

Ingevulde thema’s, didactische tips

Uiteraard zorgen we voor ingevulde antwoorden bij alle projecten. Die krijg je in een verkleinde weergave van de uitgave, met daarrond allerlei didactische tips voor het verwerken van de opdrachten.

Concentrisch leren

We verhogen het leerrendement in TeleScoop door concentrisch leren toe te passen. Bepaalde leerstof komt meermaals aan de orde en wordt telkens wat meer verdiept. In de handleiding lichten we toe hoe je met die spiraalaanpak aan de slag kunt gaan in je lessen.

Op het juiste spoor

Een icoon van een spoor geeft aan wanneer je kan differentiëren. Binnen eenzelfde inhoud of opdracht reiken we twee (of meer) sporen aan. Een leerling moet minstens één van de aangeboden sporen volgen om het basisdoel te bereiken.

12

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM


Een helder overzicht van de eindtermen, doelen en het niveau van Bloom

Je krijgt een overzicht waarin duidelijk staat aangegeven welke eindtermen (en leerplandoelen) in welk thema zijn opgenomen, en in welke opdrachten binnen die themaâ&#x20AC;&#x2122;s je ze realiseert. Daarnaast geven we ook aan welke leerplandoelen uit het Funderend leerplan en het ICT-leerplan je behaalt met de uitgave (voor het Katholiek onderwijs).

De juiste tools om te evalueren

Aardrijkskunde is een vak waarin vaardigheden en inzichten centraal staan. Dat vraagt om een andere manier van evalueren. Hoe biedt TeleScoop daar een antwoord op?

In de uitgave

Op diddit

Via zelfevaluatie (sociale vaardigheden en vakattitudes) kunnen leerlingen het eigen leerproces voortdurend bijsturen.

Toetsen en taken: reeds voorbereid of zelf samen te stellen, online te maken of printbaar.

Eerste hulp bij actualiteit in je lessen

Een actuele gebeurtenis wekt spontane interesse en verwondering op bij de leerling. Het is een dankbaar handvat om leerstof aan te brengen en te tonen dat aardrijkskundige kennis er echt toe doet in het begrijpen van de wereld en het leven. TeleScoop hecht hier dan ook veel belang aan. In de uitgaven en op diddit bieden we een (bewerkbaar) sjabloon aan voor leerling en leerkracht om actualiteit zelf op een gemakkelijke manier te betrekken en verwerken in de lessen. Bovendien voorzien we verschillende uitgewerkte voorbeelden die als inspiratie of vertrekpunt kunnen dienen. We vertrekken altijd vanuit drie basisvragen: Wat? Waar? Waarom daar?

Aardrijkskunde voor de A-stroom

13


MULTIDISCIPLINAIR WERKEN IN DE A-STROOM De nieuwe Scoop-reeks is er voor meerdere vakken:

TECHNIEK

NATUURWETENSCHAPPEN

AARDRIJKSKUNDE

TECHNOSCOOP

MACROSCOOP

TELESCOOP

Je kiest er zelf voor of je in je school met een of meerdere Scoop-methodes aan de slag gaat. Elke methode is onafhankelijk van de andere te gebruiken. Kies je voor meerdere Scoop-uitgaven, dan werken je leerlingen over de vakken heen wel in een herkenbare, heldere structuur. Bovendien maakt Scoop een multidisciplinaire aanpak mogelijk. Daarvoor scheppen we een kader om twee keer per jaar een project op touw te zetten dat over de drie vakken heen gaat. Dat kader is toegankelijk via de handleiding en op diddit, voor elke leerkracht die multidisciplinair aan de slag wil en lesgeeft met een Scoop-methode voor de A-stroom.

SEP

TECHNO SCOOP

TECHNIEK

1

MACRO SCOOP

NATUURWETENSCHAPPEN

1

TELE SCOOP

AARDRIJKSKUNDE

1

JAN

2

2

3

2

3

4

5

3

4

6

7

5

8

4

9

10

5

MULTIDISCIPLINAIRE PROJECTEN Gemeenschappelijke projecten met eigen aanpak per vak.

“ Jongeren willen vooral zélf ontdekken en vanuit hún leefwereld antwoorden vinden op grote probleemstellingen. We moeten ze ruimte geven om linken te zien over vakken heen. Alleen dan zullen ze de wereld beter gaan begrijpen. ”

14

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

11


OVERZICHT VAN DE UITGAVEN

tele scoop 1

techno scoop

macro scoop

€ 18

€ 18

1

€ 18

TeleScoop 1

Leerwerkboek incl. diddit

tele scoop 2

TechnoScoop 1

Leerwerkboek incl. diddit

Leerwerkboek incl. diddit

MacroScoop 1

Leerwerkboek incl. diddit

techno scoop

macro scoop

€ 18

€ 16

2

€ 16

TeleScoop 2

1

TechnoScoop 2

Leerwerkboek incl. diddit

2

MacroScoop 2

Leerwerkboek incl. diddit

AARDRIJKSKUNDE VOOR DE A-STROOM

15


MEER INFO OF EEN PRESENTATIE OP SCHOOL? We komen graag persoonlijk onze reeksen, handleidingen, boeken en digitaal lesmateriaal voorstellen op school. Contacteer je educatief adviseur voor een voorstelling op maat.

INGRID STES

TIM VERBERGT

JEAN-PIERRE DEKLERCK

0496 12 95 07

0476 21 08 86

0478 80 90 15

ingrid.stes@vanin.be

tim.verbergt@vanin.be

jean-pierre.deklerck@vanin.be

Provincie Antwerpen noord en centrum (postcodes 2000, 2100, 2300 en 2900).

Provincie Antwerpen zuid (postcodes 2200, 2500, 2600 en 2800). Brussels Hoofdstedelijk Gewest (postcodes 1000-1200 en 1500-1900).

Provincie Oost-Vlaanderen (postcodes 9000 en 9800-9900). Provincie West-Vlaanderen (postcodes 8000-8400 en 8800).

DIANE SEGERS

STIJN FORIER

0478 80 90 14

0498 91 19 10

diane.segers@vanin.be

stijn.forier@vanin.be

Provincie Oost-Vlaanderen (postcodes 9100-9700). Provincie West-Vlaanderen (postcodes 8500-8700 en 8900).

Provincie Antwerpen (postcode 2400). Provincie Limburg (postcodes 3500-3900). Provincie Vlaams-Brabant (postcodes 3000-3400).

Uitgeverij VAN IN

www.vanin.be ! vaninsecundair

Nijverheidsstraat 92/5, 2160 Wommelgem T 03 432 95 02, secundair.onderwijs@vanin.be


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
TeleScoop A-stroom - Folder by VAN IN - Issuu