Skip to main content

Focus4 bronnenboek inhoudsopgave

Page 1

Hoe werk je 1

1

5 delen

1

lere n 9

115

Elk deel bestaat uit

179

VAARDIGHEDEN

p. 116

JZER LEERWI

Inhoud

119 119 120

Iedereen Deel 2

de tijd en vertel Verteltijd vingers 1 en van zijn De woord 1.1 Verteltempo 1.2

leer je? je? Kennis: wat wat oefen verwacht? Vaardigheden: er van je wat wordt Attitude:

124

uniek! KIJKEN • LEZEN

urfragmenten nt. literair fragme tijd van literatu van een vertelde l enten. ijd en de Je geniet Lichaamstaa ijft de vertelt . literatuurfragm 2 tempo in Je beschr filmfragment normaal traag en en van een mt een snel, t. Je benoe . met de contex h ve manier houdend een creatie Legendarisc e rekening jezelf op g. 3 ssignalen, legend Je uit Sage en en teert lichaam goede spreekhoudin 3.1 op … bijzinn Je interpre voor een ht FOCUS aandac 3.2 Je hebt e. Stadssage te bijzin. een legend 3.3 sage en en een beknop haal, urban een bijzin e van aapver gewon rken op de kenme l tussen een (stadslegende, broodje woordtekens ge Je somt S op … t het verschi ervan. een stadssa en benoem 3.4 FOCU van rken ziet op Je kenme rken gesproken internet. de kenme en je benoemt de legends en op het Je somt rhaal) Over urban tie gevond 4 legend, stadsve tegenover informa sregel. spelling kritisch uren) Je staat woorden bij de juiste (tekststruct de klas. de genen die voor ’t Zit in Je plaatst je brengt 5 . legend en aan. en -zinnen een urban houding lwoorden Je verzint een goede spreek van signaa aan de hand Je neemt tekst ur van een aalt de structu structuren. Je achterh en benoemt vaste t . Je herken je woordenschat nlijke keuze. t een persoo vlot over Je verruim t op. bondig en toleran vertelt en Je gierig je nieuws Je stelt

133 133 136 137

• LUISTEREN

145 146

• SCHRIJVEN

149

• SPREK

EN

154

KIJKEN • LEZEN

ook op Faceb Bekeken 6 leerde s de aange age volgen atieve report n. ert een inform en beluist het luistere n tijdens t. Je bekijkt woordgroepe het fragment correc en strategie. orden en duidelijke t kernwo vragen over erp op een onderw Je noteer oordt inhoudelijke over een mening Je beantw t ziet. eert je eigen . poëzie op het interne Unieke Je formul rde manier atie die je 7 ver inform gestructuree kritisch tegeno grafieken. eteert Je staat en interpr Je leest ten. beeld. van gedich beeldpoëzie. woord en je pen Je geniet rdt je mening over combinatie van Kruip in een 8 Je verwoo verant woordt en edicht . Je kiest t zelf een vormg tekst. creëer tionele Je ouwde, non-ficinformatie op. t een onderb en zoekt lan. Je schrijf t je onderwerp af een bouwp tekst. Je baken de informatie in toe in je lezen Genietend meervoud Je ordent probleemstructuur 9 de tekst. je op … FOCUS rden Je past ert en herwerkt t. 9.1 op … telwoo Je evalue ldt de bronnen correc FOCUS 9.2 nt. Je verme literair fragme en correct. van een en die een woord n met woord rden. Je geniet meervoud van mijn rechte het combinatie van telwoo Webquest: Je spelt rt de schrijfwijze van telwoorden in 10 weergeven. k Je verklaana over het gebrui t of geldwaarde gewich denkt tijd, Je lheid, en. internet. maat, hoevee bij problem op via het n helpen jij. informatie die jongere zitten dan efficiënt aties klas. situatie zoekt de organis lt aan Je andere kennis met die in een dat je voorste jongeren Je maakt in een advies begrip voor informatie en Je toont kt de gevond Je verwer

• LUISTEREN

Op de eerste twee pagina’s van elk deel vind je niet alleen de inhoudstafel van dat deel, maar ook een overzicht van de vaardigheden en de kennis die erin aan bod komen.

• SCHRIJVEN

Deze icoontjes staan boven een nieuw hoofdstuk. Ze geven aan op welke vaardigheden je vooral zal trainen.

158

160

165

• SPREK

167

EN

BZL

Doelstelling

Gelezen en (goed)gekeurd

4

en 117

uwt die met argumenten. Je verwoordt je mening en onderbo en van een lezersbrief. Je herkent en benoemt de kenmerk re synoniemen. Je vervangt woorden door moeilijke nde signaalwoorden wijzen. Je legt uit waarop verschille voldoet. ef die aan de genrekenmerken Je schrijft een vlotte lezersbri corrigeert taalfouten in teksten. Je hebt aandacht voor stijl en

4.1 Mollige vrouwen

3

4

Jouw teken om je bronnenboek erbij te nemen. Het werkt heel eenvoudig: het eerste cijfer ( 3 ) verwijst naar het deel, het tweede ( 4 ) naar het hoofdstuk en het derde ( 3 ) naar het nummer van de bron in je bronnenboek.

3

3

4

3

Fragmen Michaël t uit Vliegen tot de De Cock hemel. H et verhaa l van de M inotaurus –

‘En wie mag jij we l zijn, vree jonge vr mdeling? ouw ’, vroeg Ze had lan hem. een ge naar bene , zwarte haren di e over ha den golfd ar schoud 5 Thes en. Vana eus schu f de ro w aan te tsen stond ers naar bove kijken to ze n volgde. en hij he t smalle De sche voeten to pad lpen kraa en hij ha kten ar richting muziek. uitliep. He onder zijn dvd t klonk als ‘Ik ben de zoon van 10 Athe koning Ae ne’, zei hij geus en . ‘Mijn na ik kom uit Ze keek am is Th Thes eseus.’ Athene … eus aan en glim lachte. Wat was het lang van Athe geleden ne geho dat ze no ord had. Athene ge g iets Ze had oo kend. Hi zee’, had it een jo 15 ste j heette naar het ze hem ge ngen uit ogen die Icarus. Hi eiland ge zegd. ‘Je ze ooit ge j had de kom Minotaur kunt erin zien had. m oo us opgeslo en. Zijn vader wa iverdrinke ‘Je hebt s archite te van hun n.’ Hij wa ogen als ct. Hij ha aanwezigh n zat. Het was all de s samen d he 20 ‘T he em m eid op Kr seus’, ze eta zou zie aal zo lang geled t labyrint gebouw et zijn vader i de jong d waarin en. Als ze n, dan zo Kreta?’ e vrouw de u niet elke ze het m toen. ‘W dag het isschien at doet de ‘Dat is ee bewijs niet mee koningszo n lang ve r geloven rhaa on van At ‘Ik hou va . hene he n lange ve l.’ lemaal all rhalen.’ ‘Kun je ee een op n geheim 25 ‘Als be waren?’, geen ande vroeg Th r …’, zei eseus. ‘Ik ben op zoek naar ze. Even zei het labyr ze niets. int.’ ‘Als je he t labyrint zoekt,’ ze oude no i ze toen tenboom , ‘lo 30 Ida en loop heet, zal dan de ste op je alvast de je het lab goede ric ile hellin Theseus yrint zie hting uit g op naar knikte. n liggen.’ . Volg di boven. In t pad tot ‘Maar ve de vlakt bij de rtel eens e voor he , Th ben je op t woud da eseus,’ ze zoek naar i de jong t e vrouw het labyr ‘Dat weet di int? Wee e nu pas ik best’, 35 Ze t ec ze je i ht da Th geïnteres n niet wa glimlacht eseus. seerd ra t erin op e. akte, ‘wa ‘Als je w geslote

Bij die opdracht zal je een videofragment bekijken.

4

FOCUS4_BB_2015_v4.indb 4

* heikel: moeilijk, bedenkelijk Opdracht 1

dvd

1 Bekijk het filmpje Lekker dik?!

rden.

en vul de tabel aan met kernwoo

ideaal

wie 17de eeuw (gouden eeuw)

Rubensvrouwen

dik is rijk en mooi

taille (korset) extreem In deze kaders ontdek je deslanke betekenis van moeilijke woorden. In de tekst zonder jongensachtig, wijde kledij begin 20ste eeuw emancipatie wordenvrouwen ze aangeduid met een sterretje taille of asterisk (*). vrouwelijke rondingen

18de eeuw

eind 1950

Marilyn Monroe

1960

topmodel Twiggy, wetenschappers

vanaf 1990

catwalkmodellen

dik is ongezond, borst- en billoze lichamen graatmager

Want Ze staan erbij en kijken ernaar. met de uitspraak ‘En de mannen? 2 Wat wordt volgens jou bedoeld Deel je mening met de klas. lijkt er niet meer toe te doen’? wat zij mooi of lekker vinden, ng. Persoonlijk antwoord - mondeli 4 Gelezen en (goed)gekeurd

55

cd

Bij deze tekst of oefening zal je leerkracht je een audiofragment laten beluisteren.

2/03/16 16:58

m


e

met Focus 4?

+ NADENKEN OVER TAAL FO CUS

TAAL

Opdracht 4 Je leerde vroeger al dat een bijzin kan voorkomen als zinsdeel of als zinsdeels 1 Duid in deze zinnen uit tuk. het artikel de bijzin aan en schrijf ernaast of het gaat of als zinsdeelstuk. over een bijzin

Je zoomt even in op een ertelde tijd stukje spelling, zinsleer of taalbeschouwing. In de rie elementen onder de loep. hoofdstukken nadenken aal zich afspeelt, bv. (historisch) verleden, over taal staan daarover eurtenissen verteld worden: extra oefeningen. e realiteit, met eventueel een Je leerkracht zal je ongen; orwards. zeggen wanneer je die erteltijd en de vertelde tijd. moet maken, nu meteen orden, regels of pagina’s die de auteur ofomlater. eveelheid tijd die de lezer nodig heeft

2

Lichaamstaal 1

2

ZINSLEER

Jongens en meisjes met een informatieve identiteits stijl, die bijvoorbeeld graag veel informatie krijgen voor ze een beslissing nemen, hebben een

n

Opdracht 18

FO C US

Lichaam A

SPELLING

2 Hoe herken je een bijzin als zinsdeels

tuk?

• chronologisch, in dezelfde volgorde als de realiteit, met eventueel een 3 Maak zelf enkele bijzinnen terugverwijzing/vooruitwijzing en tijdssprongen; . als zinsdeelstuk door deze De directeur van een Vlaam zinnen aan te vullen. se reclamere a De zomer verkoopt – gie – een bedri • achronologisch, met flashbacks of flashforwards. geeft grif toe jf dat adver dat kranten , is prachtig geweest. tentie en ruimte in de en augustus tijdschriften b Hij wist niets meer te zijn er de helft media in de zomermaa zeggen,de 3 Het verteltempo: de verhouding tussen verteltijd en de vertelde tijd. mind de jongen nden er adver moei Eigenlijk is dat lijk liggen tenties, onda Lees het onder staande stukje

uit de tekst Het

hele jaar komko

mmers, graag

. ‘In juli paradoxaal, nks de speci want dat is net ale promoties. een heel dank Dat is overa en dus ook l zo. bare periode meer lezen.’ voor lezers. Ze hebben meer

tijd en ze kunn

.

c Het museum,

, moest gesloten De verteltijd kun je uitdrukken in hethet aantal woorden, regels of pagina’s dieworden. de auteur d Nog voor donker was, slopen ze het huis , binnen. heeft om Vul de zinnen nu aan gebruikt om een verhaal te4 vertellen, ofmetineendebijzinhoeveelheid tijd die de lezer nodig als zinsdeel. a het te lezen. , wilde

B

1 Vul de onder staande zinne n aan met neven schikking of In het omcir onderschikking. kelde stukje tekst zien we een Het onderstreep te stuk tekst bevat een 2 Markeer in die zinnen nu overal het onder werp en de pv in een versc hillend kleur.

hij zo vlug mogelijk naar

b Hij kon niet meer spreken,

beneden.

. De vertelde tijd is de tijd in in het c het verhaal zelf. Het is de tijd die de gebeurtenissen . . , was hij in alle staten. verhaal in beslag nemen. d Wat stel je vast?

, zijn pet stond altijd op.

jd van de gebeurtenissen, maar hij kan er versnellen.

Opdracht 5baseren op de tijd van de gebeurtenissen, maar hij kan er Een auteur kan het verteltempo Iets moeilijker nu. ook voor kiezen om het tempo te vertragen of te versnellen. 1 Onderstreep in dit artikel schikkje ing Wat jammer voor jou dat de nevengeschikte zin en 1 markeer de bijzin. 1.6 Waaro Is de verteltijd kleiner dan de vertelde tijd, dan is het tempo snel. m we allem gezakt bent voor die toets! Meisje steelt politieets aal van Ma voor op Opdracht 19 rs De ogen auteur beschrijft niet alles in detail en focust vooral devan agenten kome n Bekijk de afbee Een vijftienjarig meisje ldingen in je handelingen. Hij kan in een zin een tijdssprong maken van jaren, heeft gisteravo bronnenboe nd na aoop van de k. de van Surhuisterveen 1 Wat is volge wielerroneen politiemountainbik ns jou een stereo e gestolen van een De wetsdiena type? bv. Tien jaar 6later kwam hij op dezelfde plek.ar Een lette evensnel agent. niet op tempo en hij was zijn stalen ros politie. kwijt. Dat meldt de komt in veel verhalen voor. 2 Welke afbee ldingen Over nevenen onderschikk ing lees je meer in je werkboek.. in

je bronnenboe

k en bij 8.1 Neven

1

C

tonen een rolpat

ldingen doorb

reken het stereo

In je bronnenboe

k vind je een

Lees de tekst

Waarom we

type beeld of

kenniskoffer

allemaal van

over stereotypen

Mars komen

4

1

De agent was met drie collega’s

roon?

3 Welke afbee

een klassiek

.

EB (auteur), De Morgen,

C

3 augustus 2011.

1

1

k.

bezig

met het aanhouden van twee vervelend mannen die zich Is de verteltijd groter dan de vertelde tijd,gedroege dan n.isHethet traag. meisjetempo kon later op de avond worden aangehou nog achter de tralies. den. Zij zit De auteur voegt detailbeschrijvingen of gedachten toe aan de 74 Deel 1 Venus en Mars ns jou? handeling. De auteur kan spanning oproepen of een passage extra onder de aandacht brengen door vertraging (= retardering) te gebruiken. 7

rolpatroon volge

en rolpatronen

in je bronnenboe

W ge

schikking en onder

5

het tempo snel. vooral op de maken van jaren, snel tempo

et tempo een, bv. bij de

2

Verteltijd en vertelde tijd

5

hogere doeltreffendheidsb en intrinsiek Als je de tijd in een verhaal bespreekt, neem eleving je drie elementen onder de loep. e studiemotivatie. Ja, ik wil heel Wanneer leerkrachten 2 lesopnam 2 1 zich met 1 De setting: de tijd en plaats waarin het verhaal afspeelt, bv. (historisch) verleden, es geconfron 1.5 FOCU teerd worden, vergroot het bewustzijn met je S op ... negraag wel. vengeschik ondergesch te enheden of toekomst. trouwen! ikte zin 2 De chronologie: de volgorde waarin de gebeurtenissen verteld worden: ne

A

t is de tijd die de gebeurtenissen in het

het tempo traag. en toe aan de een passage g

als zinsdeel

Leerlingen die zichzelf als gender-atypisch beschouw en scoren slechter als het gaat om doeltreffe ndheidsbeleving op school.

8 Is de verteltijd gelijk aan de vertelde tijd, dan is het tempo 1

1

normaal; gebeurtenissen en verslag komen overeen, bv. bij de Kenniskoffers bevatten kennis die onmisbaar is om de vaardigheden en letterlijke weergave van dialogen. de opdrachten bij nadenken over taal in dit D boek onder de knie te krijgen. De koffers staan in je bronnenboek. 1

1 Over jonge ns en meisj es

1

9

29

Ik ben rustig!

Ik ben rustig!

Om de leerstof in te oefenen of te studeren kun je de belangrijkste woorden onleesbaar maken met de rode mica die bij je boek zit. Het is fijn dat ik naar je feestje mag komen.

De site die bij dit boek hoort. De oefening, tekst of link die je nodig hebt, vind je terug onder hetzelfde deel en paginanummer als in je boek. Op de site is bovendien een schat aan extra informatie en oefeningen verzameld. Die kun je ook op eigen houtje verkennen.

focus.deboeck.com ICT 74

Deel 2 Iedereen uniek!

2 Lichaamstaal

75

Onderaan op de linkerpagina zie je altijd in welk deel je aan het werken bent, onderaan op de rechterpagina in welk hoofdstuk.

5

FOCUS4_BB_2015_v4.indb 5

2/03/16 16:58


NADENKEN OVER TAAL

KIJKEN • LEZEN • LUISTEREN • SCHRIJVEN • SPREKEN

1 Venus en Mars

6

2 Iedereen uniek!

Over jongens en meisjes Handboek voor de moderne man Non-fictionele teksten FOCUS op … leestekens en hoofdletters Het hele jaar komkommers graag FOCUS op … nevengeschikte en ondergeschikte zinnen Waarom we allemaal van Mars komen FOCUS op ... hoofdtijden van werkwoorden

10 10 12 18

1 1.1 1.2

Verteltijd en vertelde tijd De woorden van zijn vingers Verteltempo

74 74 77

2

Lichaamstaal

81

3 3.1 3.2 3.3

Legendarisch Sage en legende FOCUS op … bijzinnen Stadssage

89 89 94 94

2

Goed gepland is half gewonnen

28

4

Over urban legends gesproken

99

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7

En ze leefden nog lang en gelukkig Typische personages Het rode kasteel FOCUS op … verwijswoorden De drie veren De dubbele bodem van Assepoester Het cultuursprookje Roodkapje: paraderen of parodiëren?

30 30 31 38 38 41 44 44

5

’t Zit in de genen (tekststructuren)

100

6

Bekeken op Facebook

104

7

Unieke poëzie

106

8

Kruip in je pen

109

9

Genietend lezen

110

4 4.1 4.2 4.3

Gelezen en (goed)gekeurd Mollige vrouwen FOCUS op … signaalwoorden De lezersbrief

48 48 51 51

10

Webquest: mijn rechten BZL

115

5

Liefdespoëzie

56

6

Jongens en meisjes op maat

58

7

Mathilde en co

58

8 8.1 8.2

Over zinnen en woorden Nevenschikking en onderschikking Woordsoorten

63 63 63

11 Over zinnen en woorden 11.1 Mannelijk, vrouwelijk of onzijdig 11.2 Beknopte bijzin

115 115 116

9 9.1 9.2 9.3

Correct gespeld Werkwoorden Leestekens en hoofdletters Hoofdtijden van werkwoorden

65 65 66 66

12

Correct gespeld

117

10 10.1 10.2 10.3

Taal en stijl Verwijswoorden Signaalwoorden De werkwoordelijke eindgroep

67 67 68 69

13 13.1 13.2 13.3

Taal en stijl Word actief! Dialect versus standaardtaal Zo gezegd … in de krant

117 117 118 120

11

Uitdrukkingen en gezegden uit de krant

70

1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7

18 22 22 22

Deel 1 Venus en Mars

FOCUS4_BB_2015_v4.indb 6

2/03/16 16:58


3 Open doek

4 En … actie!

1 1.1

Een giller van een thriller Liever de leugen

124 124

2 2.1 2.2 2.3

De mythe Hercules Godin van de vulkaan Personages uit de Griekse mythologie

129 129 129 131

3

Gekloond BZL

133

4

Dit is theater

136

5

Prehistorisch?

147

6 6.1

Getipt leesvoer: de recensie De melkweg en Liever de leugen

148 148

7 7.1

Muziek & poëzie De kloof gedicht

152 152

8 8.1 8.2

Spot op informatieve teksten Rokers gevat Vreemde smaakjes!

158 158 162

9

Fabelachtige wijsheid

168

10

Toptalent gespot! BZL

170

1

5 Strategisch leren

Een fantastische toekomst? Een vlucht naar … FOCUS op … romantiek en realisme

192

2 2.1 2.2

Humor Lachen is gezond! Humor: een techniek

202 202 210

3 3.1

In ’t kort Naar de toekomst (kortverhaal)

214 214

4 4.1 4.2

221 221 224

4.3

Koffers gepakt Reizende Belgen FOCUS op … los of aan elkaar? De reizende vervuiler

5

Werchter in ’t groen BZL

230

6

Soaps

235

7

236

7.2 7.3

Redelijk gevoelig: romantiek en realisme Liever romantiek dan realisme? Romantiek vroeger en nu Terug naar de realiteit

8

Sollicitatiebrief

247

9

Oren open en blik op scherp Het journaal Brussel door de ogen van niet-Belgen

253

10

Genietend lezen

255

171

11

Correct gespeld

277

12 Correct gespeld 12.1 Tussenletters 12.2 Werkwoordspelling

172 172 175

13 Taal en stijl 13.1 Modaliteit 13.2 Woorden, uitdrukkingen en gezegden uit de Griekse mythologie 13.3 Puur of barbaars? 13.4 Vlot taalgebruik

176 176 177

12 Taal en stijl 12.1 Uitdrukkingen: in … actie! 12.2 Hulpwerkwoorden hebben en zijn 12.3 De tand des tijds: oude naamvalsvormen

1.1 1.2

7.1

9.1 9.2

11

Over zinnen en woorden

180 187

192 201

1 1.1 1.2 1.3 1.4

OVUR Lezen Luisteren (en kijken) Spreken Schrijven

284 284 285 286 286

224

236 240 244

253 253

278 278 281 281

2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

Spelling Hoofdletters Leestekens Meervoud Telwoorden Werkwoorden: hoofdtijden 2.6 Werkwoordspelling 2.7 Werkwoorden van Engelse herkomst 2.8 Engelse woorden 2.9 Woordtekens 2.10 Tussenletters

287 287 290 295 298 301

3 3.1 3.2 3.3 3.4

Stijl Stijlfiguren Beeldspraak Rijm Checklist taal en stijl

315 315 316 317 319

4 4.1

Woordleer en zinsleer Nevenschikking en onderschikking Bijvoeglijk naamwoord versus bijwoord Hulpwerkwoorden hebben en zijn

322 322

4.2 4.3

304 306 307 309 314

323 324

7

FOCUS4_BB_2015_v4.indb 7

2/03/16 16:58


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook