5 delen maken
Elk deel bestaat uit
VAARDIGHEDEN
p.
JZER LEERWI
inhoud
13 13 16
10
Deel 1
je? wat leer oefen je? Kennis: n: wat verwacht? Vaardighede wordt er van je wat Attitude:
n
Links legge
KIJKEN
• LEZEN
die toe. en past fragment. strategie van een en luister nde kijk Je geniet gment . praak. een passe in een leesfra vormen van beelds Je kiest rijft de ruimte guren en oorden. Je besch t verschillende stijlfi gde werkw r. te manie Je herken de tijd van vervoe lt een correc Je bepaa de leestekens op t Je schrijf el. iemod communicat enteer t. eert het je argum Je analys eert je mening en oelen. tekstd Je formul t tekstsoorten en t. ie. op het interne Je herken ekozen strateg informatie een goedg volgens Je zoekt een tekst oorden aan. t. en kernw Je leest correc kernzinnen de tekst zinnen aan. aan. Je duidt oordt vragen over nsvorm in eindgroep en persoo oordelijke Je beantw de werkw onderwerp delen van Je duidt ontbrekende Je vult erspectief. vertelp mt het t en benoe merken. Je herken t literaire stijlken toe. trategie Je herken geschikte leests ekt een fragment. een ert en bespre van een tekst. Je past t, beluist context. ijnen af uit de en Je bekijk atiseert de hoofdl nieuwe woord Je schem betekenis van gsprocedé. de woordvormin Je leidt kennis met het Je maakt
n kooi De goude interessant? 1 smaak of Slechte 1.1 Zoom-it! 1.2 merken op … stijlken FOCUS oorden 1.3 op … werkw FOCUS kens 1.4 op … leeste FOCUS 1.5 jongeren Multimediale unicatie 2 Vlotte comm is de andere niet! 2.1 De ene tekst 2.2 De tienerk
2.3
amer als
multim
19 21 22 23 23 25
28
ediacentrum
34 34
• LUISTERE
N • SCH
nsvorm erp en persoo oep op … onderw oordelijke eindgr FOCUS werkw 2.4 op … de FOCUS 2.5 Ben X ur Ik ben zoals tief in film en literatu 3 s Vertelperspec dan smiley 3.1 zijn meer Emoties 3.2
RIJVEN
3.3
• SPREKEN
3.4 4
e Uitzonderlijk FOCUS
35 35 40
44 47
talenten
op … woord
gedic Link-en-de
48
bouw
hten
ten. van gedich leving. Je geniet poëzie. ordt je leesbe manier met Je verwo op een creatieve Je werkt
Op de eerste twee pagina’s van elk deel vind je niet alleen de inhoudstafel van dat deel, maar ook een overzicht van de vaardigheden en de kennis die erin aan bod komen.
Deze icoontjes staan boven een nieuw hoofdstuk. Ze geven aan op welke vaardigheden je vooral zal trainen.
Help, mijn boek is veel te spannend!
1
personages, tijd en ruimte. Je beschrijft en bevraagt de correct. Je benoemt de openingstechniek Je hebt aandacht voor stijlfiguren. stechnieken. Je herkent en benoemt spanning stelde zinnen. Je vergelijkt de bouw van samenge
3
8
8
1
8.1
to read Star terg 1.1 heel * supermessy: cool:
Meer ov ertuigen met minder tekst Jouw teken om je bronnenboek erbij te nemen. Het werkt heel eenvoudig: het eerste cijfer ( 3 ) verwijst naar het deel, het tweede ( 8 ) naar het hoofdstuk en het D e affi( c1h ) naar het nummer derde e de bron in je van bronnenboek.
begin aan een boek
te lezen. Bekijk boek dwingt je vaak al om verder De eerste bladzijde van een goed oek. enkele openingszinnen in je bronnenb verder lezen? Verklaar waarom. Welk verhaal wil je het liefst
8
e (1-16) en de ruimte (A-K) het bronnenboek die het personag per fragment een foto in het
In deze kaders ontdek je de betekenis van moeilijke woorden. In C – Witte olifant B – Transit – Dani Bennoni de tekst AFoto worden zeFoto:aangeduid Foto: met ‘ik’: personages (uiterlijke n) zwart gekleed, en innerlijke eenkenmerke sterretje of ,asterisk (*). straatkinderende(zoals grote schoenen muur
TRAM NAAR HET
NAAR
ZWEMBA
PIETER
MET DE
STEP
MARIE
BUS
DINS DAG
VRIJ DAG
MET DE
JAZZBA
NAAR
E
MARIE
TE VOET
LLET
ZATER DAG
NAAR
MET DE
DENK AAN
HELM &
NAAR
FLUOVES
T
SAMEN
Identiteit, waarom
waarom ze daar zijn,
van huis weg,
hoe leven zij, wat is
waarom ik-persoon
waarheen
de rol van de toverdreigt er precies en
cd
MET DE
OMA &
spreuken, welk gevaar
NG
TREIN
ZON DAG
SCHOOL
Wie zijn die kinderen,
Identiteit personages,
RT
LTRAINI
FIETS
MAAN DAG
van Dirk Bracke
PIETER
NAAR DE
dvd
in Een vlieg op
SKEELE
VOETBA
OPA
ZET JE KIND
ERE
OP DE GON
Naar schoo
l of hobby
1
EDE WEG
? Kies voor
duurzame
5
mobiliteit. 16 TOT 22
SEPTEMBER
2010
Bij die opdracht zal je een videofragment bekijken.
4 4
2
spannend! 1 Help, mijn boek is veel te
PYJAMAF
EESTJE
NAAR
1
1
waarom?
VRIENDJ
D
1
2
voetballer
onzeker is? DONDER DAG
arm, aan het zwerven
Foto Dani:
Wat vraag je je nog af? (over de personages en de gebeurtenissen)
2 WOENS MET PAPA DAG PER
best
2 Kies voorstelt. verder aan. Verklaar mondeling. Vul de tabel
3
1
2
C.
klein?, moedig
3
de kaften en lees
Opdracht 2 1 Lees de fragmenten A, B en
1
1
2
Opdracht 1
Bij deze tekst of oefening zal je leerkracht je een audiofragment laten beluisteren.
119
+ NADENKEN OVER TAAL 1
FO CUS
3.4 FOCUS op ... woordbouw 2
TAAL
1
Je zoomt even in op een stukje spelling, zinsleer of taalbeschouwing. In de hoofdstukken nadenken over taal staan daarover extra oefeningen. Je leerkracht zal je zeggen wanneer je die moet maken, nu meteen of3 later.
FO C US
6
3
ZINSLEER 4.2 FOCU S op … Opdracht 6
2 denotatie en
connotatie
In het artike l over Halloween lees je: ‘Hallo In dit tekstje ween krijgt de kom je meer connotatie van te weten over heksen en duive de connotatie ls.’ Hekserij kan van het woor zowel positieve d heks. als negatieve naargelang de connotaties cultuur en de hebben, periode waar wordt. Een heks in het woord kan beschouwd gebruikt natuurmagie worden als iema of -religie beoe nd die fent of als iema De negatieve nd die des duive conn ls is. hekserij zijn hoofd otaties verbonden met de termen heks zakelijk terug en katholieke Kerk te voeren op de strijd die in de heidenen. Onde het westen heeft gevoe rd tegen kette r welke naam rs en immers gewo dan ook ware on wijze vrouw n heksen voord en die funge psycholoog, erden* als genez ien vroed er, heksenvervolgin vrouw, medium en magi ër. Tijdens de gen kon zelfs slachtoffer word elke (meestal) oudere, wat en van verda vreemd uitzie chtmaking. nde vrouw (of man) www.elfin.be
en nl.wikibooks.
org/wiki/Hek
4.3 FOCU S op
… verkleinw
SPELLING 11.3 Denotatie en conn otatie Je beoordeelt de connotati
e van woorden.
_in_Europa)
Opdracht 11 Beluister het liedje Hè Hè
van Jan De Wilde. De tekst
vind je in het bronnenboek. Noteer enkele voorbeeld en van scheldwoorden die een negatief gevoel weergeve grappig overkomen. n
2
11
4
9
Opdracht 12 Onderstreep in het artikel de woorden met een duidelijke bijklank of connotatie: voor woorden gebruik je groen, voor de negatieve rood. de positieve
hoopje snoepje
Wim Meyles, Spelen met woorden. Bigot & Van Rossum, 1980
poosje
Schoolreis naar Hengelh oef blijkt
lampje
als je de verkl
einwoorden
1 aprilgrap
De basisschool Sint-Albe rtus Zwartberg in Genk heeft het verkorven bij talloze ouders en leerlingen. Reden? De directie nodigde de jonge leerlingen uit voor een daguitstapje naar Hengelhoef ... als aprilgrap. Lachen deden de kindjes niet, huilen wél. Mama en papa stonden al even ontgoocheld en boos voor de schoolpoort.
bosje
bekijkt?
Kenniskoffers bevatten kennis die onmisbaar is om de vaardigheden in dit boek onder de knie2 te krijgen. De koffers staan in je gepijnigd dat 5 12 3 Door ’t waanideebronnenboek. De kok van het hotel n ate naz * fungeren als: de functie
uitoefenen van,
dienstdoen als
4 De waarheid ontrafeld
153
De directeur verdedigde zijn ‘practical joke’ met de smoes dat kinderen moeten voorbereid worden op de maatschappij waarin ze later terechtkomen en waarin ze nog vaak met teleurstellingen te maken zullen krijgen. (jv/mvdb) JV/MVDB (auteur), Schoolreis
zijn nazaten hem nis? Ik moest dacht hij: ‘Mijn erfe n.’ leerstof Omate de het nalaten maar nal
Opdracht 13
naar Hengelhoef blijkt 1 aprilgrap, De Morgen,
2 april 2010.
1 Sorteer deze woorden kookte vandaag een schaal van negatief heel slecopht. naar positief. mollig – vet – volslank sleepten eenkun – dik – moddervet – gezet – rond paar gast in te oefenen of Dus te studeren, je de en belangrijkste de man voor het gerecht. onleesbaar maken met de rode mica die bij je boek zit.
3 De site die bij dit boek hoort. De oefening, tekst of link die je nodig hebt, vind je terug onder hetzelfde deel en paginanummer als in je boek. Op de site is bovendien een schat aan extra informatie en oefeningen verzameld. Die kun je ook op eigen houtje verkennen.
7
komen
5
woorden
11
FO C US
de pompoene n vandaan? Wim Meyles, 1Spelen met woorden. staan enkele Noteer in de verkleinwoorden linkse kolom . Bigot & Van Rossum, 1980 het standaardw oord.
2 Wat valt op
cd
en die in het liedje 2
oorden
Opdracht 7 In de tekst Waar
FO C US
serij/Hekserij
1 Onderstree p in het blauw de kernzin die 2 Wat is de deze tekst same betekenis van nvat. connotatie volge ns jou? De gevoelswaa rde, de bijbet ekenis van een woord. 3 Neem nu een groene en rode balpen hebben met of stift. In het de positieve groen onderstree betekenis van het woord heks, p je de woor Woorden kunn den die te make in het rood de en dus zowe n l een positieve negatieve conn betekenis is moge als een negat otatie. ieve connotatie daar waarschijn lijk (bv. als je meubelen opsomt en je hebben. Ook lijk geen gevoe spreekt over een neutrale lsgeladen geda stoel, tafel en Neem voor chten bij). kast, dan heb meer uitleg je (bronnenboek) connotatie. en oefeningen (werkboek) een kijkje bij 11.3 Denotatie en
1
12
5
Toen vader van de trap viel deed ik meteen mijn plich t: ik haalde snel een lampje en heb de pijn verlicht.
11 Taal
235
focus.deboeck.com
Wim Meyles, Spelen met woorden. Bigot & Van Rossum, 1980
30
Deel 1 Links leggen
12 Taal
341
Onderaan op de linkerpagina zie je altijd in welk deel je aan het werken bent, onderaan op de rechterpagina in welk hoofdstuk.
5
NADENKEN OVER TAAL
KIJKEN • LEZEN • LUISTEREN • SCHRIJVEN • SPREKEN
1 Links leggen
6
2 Raar maar waar
1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
De gouden kooi Slechte smaak of interessant? Zoom-it! FOCUS op … stijlkenmerken FOCUS op … werkwoorden FOCUS op … leestekens
10 11 17 17 17 17
2 2.1 2.2 2.3
18 18 19 23
2.4 2.5
Multimediale jongeren Vlotte communicatie De ene tekst is de andere niet! De tienerkamer als multimediacentrum FOCUS op … onderwerp en persoonsvorm FOCUS op … werkwoordelijke eindgroep
3 3.1 3.2 3.3 3.4
Ik ben zoals Ben X Vertelperspectief in film en literatuur Emoties zijn meer dan smileys Uitzonderlijke talenten FOCUS op … woordbouw
25 25 25 29 29
4
Link-en-de gedichten
30
5 5.1
32 32
5.2
Leve(n) de muziek! Kunnen Vlaamse artiesten leven van hun muziek? Stellingengesprek
6 6.1 6.2 6.3
Muziek downloaden BZL Illegaal downloaden FOCUS op … zelfstandig naamwoord Piraterij
32 32 32 32
7 7.1 7.2 7.3 7.4
Pen en papier De zakelijke brief De NBN-normen Brief of e-mail? Aan de slag!
33 33 35 36 37
8
Veel liefs van Michaël
38
9 9.1 9.2
Over zinnen en woorden Onderwerp en persoonsvorm Werkwoordelijk en naamwoordelijk gezegde Zelfstandig naamwoord
43 43 44
9.3
24 24
32
47
10 Correct gespeld 10.1 Werkwoordspelling 10.2 Leestekens
48 48 50
11 11.1 11.2 11.3 11.4 11.5
55 55 55 57 57 61
Taal Woordenschatoefeningen Stijl in reclame Hoe verklaar je woorden? Woordbouw: samenstelling Spreekwoorden en zegswijzen
1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7
Help, mijn boek is veel te spannend! Start to read: begin aan een boek FOCUS op … stijl (humor) Spanning en sensatie FOCUS op … stijl en synoniemen FOCUS op … neven- en onderschikking Spannende oefeningen FOCUS op … stijl (zinsbouw en beeldspraak)
64 64 69 69 76 76 76 78
2 2.1 2.2 2.3
De vlucht Jongeren op de vlucht FOCUS op … kern en bepaling FOCUS op … afleidingen
79 79 83 83
3 3.1 3.2
Gekke wetten Verboden te sterven FOCUS op … voorwerpen
84 84 91
4 4.1 4.2 4.3
De waarheid ontrafeld Heksenfeesten FOCUS op … denotatie en connotatie FOCUS op … verkleinwoorden
92 92 95 95
5
Hoe wordt een journaal gemaakt? BZL
96
6 6.1 6.2 6.3 6.4
Alle wegen leiden naar … Toevallig of niet? Spreekoefening FOCUS op … hoofdletters FOCUS op … hoofdtijden van werkwoorden
100
7 7.1 7.2 7.3
Poëziemagie Open op tafel FOCUS op … bijvoeglijk naamwoord Raar maar waar: het lichte gedicht
101 101 106 106
8
Doe-het-zelvers
107
9 9.1 9.2 9.3 9.4 9.5 9.6
Over zinnen en woorden Neven- en onderschikking Kern en bepalingen Afleidingen Voorwerpen Verkleinwoorden Bijvoeglijk naamwoord
111 111 112 116 118 119 128
10 10.1 10.2 10.3
Correct gespeld Hoofdletters Hoofdtijden van werkwoorden Werkwoordspelling
131 131 134 138
11 11.1 11.2 11.3 11.4 11.5
Taal Stijlfiguren, beeldspraak en rijm Nuanceverschil bij synoniemen Denotatie en connotatie Letterlijk of figuurlijk? Woordenschatoefeningen
139 139 142 143 145 146
3 Goed in je vel 1 1.1
4 Over de grens
Even chatten? Het lichaamsbeeld van jongeren Chatroom Marie is fake FOCUS op … hyponiemen en hyperoniemen FOCUS op … betrekkelijke voornaamwoorden en bijvoeglijke bijzin FOCUS op … koppelteken
148 148
De achterbankgeneratie We gaan naar Amerikaanse toestanden FOCUS op … voegwoorden FOCUS op … voorzetselvoorwerp
155 155
158 158 163
3.3
Grillen en brillen De bebrilde nerd FOCUS op … leenwoorden en spelling van Engelse woorden Dat zie je van hier
4 4.1 4.2
Hoe ben jij slim? Test jezelf Ieder zijn stijl
166 166 169
5
170
5.1 5.2
Poëzie, literatuur en beeldende kunst BZL Ik wou dat ik … FOCUS op … nieuwe woorden
6
Het alco-hol van de leeuw
180
7 7.1 7.2
Verkoop jezelf Want je bent het waard FOCUS op … bijvoeglijk naamwoord (elliptisch en zelfstandig gebruikt) Jezelf creatief voorstellen
180 180 183
Meer overtuigen met minder tekst De affiche De uitnodiging
184
Over zinnen en woorden Betrekkelijke voornaamwoorden Bijvoeglijke bijzin Voegwoorden Voorzetselvoorwerp Bijvoeglijk naamwoord: elliptisch en zelfstandig gebruikt
187 187
Correct gespeld Koppelteken Spelling van Engelse woorden Werkwoordspelling
194 194 199 203
1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 2 2.1 2.2 2.3 3 3.1 3.2
7.3 8 8.1 8.2
9 9.1 9.2 9.3 9.4 9.5 10 10.1 10.2 10.3 11 11.1 11.2 11.3 11.4 11.5 11.6 11.7
Taal Hyponiemen en hyperoniemen Onze taal Neo … wat? Ono … wie? Oproep: maak nieuwe woorden! Ontleende woorden Oproep onder de loep BZL Spreekwoorden en zegswijzen in strips 11.8 Woordenschatoefeningen
148 154 154 154 154
157 157
163
170 179
183
184 186
189 189 191 193
204 204 205 205 210 210 212 214 216
1 1.1 1.2
5 Tijd maken
Familiegrenzen Eerwraak FOCUS op … voornaamwoorden FOCUS op … hulpwerkwoorden hebben en zijn
218 218 221
2 2.1 2.2 2.3 2.4
Geluk over de grens De gelukvinder FOCUS op … bijzinnen Vroeger is nooit voorbij FOCUS op … woordtekens
222 222 224 224 225
3
Sneller, sterker, scherper De grenzen van menselijke prestaties FOCUS op … trappen van vergelijking
226
Pro en contra Feiten, meningen en argumenten Het oog van de camera Een debat voeren
233 233
5
Poëzie: grenzeloos dichten
234
6
Oren open en blik op scherp
236
7
Gebruiken en gewoonten: feesten in andere culturen Overal feesten FOCUS op … meervoud
236
Pen en papier Soorten verslagen Een verslag van een presentatie Een reisverslag FOCUS op … werkwoorden van Engelse herkomst
239 239 241
Over zinnen en woorden Voornaamwoorden Hulpwerkwoorden hebben en zijn Bijzin als zinsdeel/zinsdeelstuk Trappen van vergelijking Repetitie zinsleer: alle zinsdelen
1.3
3.1 32 4 4.1 4.2 4.3
7.1 7.2 8 8.1 8.2 8.3 8.4
9 9.1 9.2 9.3 9.4 9.5 10 10.1 10.2 10.3
1
Tijd in literatuur
266
2 2.1 2.2 2.3
Het is tijd! De schoonheid van Clara FOCUS op … telwoorden FOCUS op … bijwoorden
279 279 282 282
3
Allemaal willen we de hemel
283
4
Vrije tijd: filmpje kijken?
287
5
Pen en papier / aan het woord
294
6
Tijd voor poëzie
295
7
Teksten over alledaagse (?) dingen Niet op tafel spugen! Repetitie: enkele vaak voorkomende tekststructuren Schematiseren en samenvatten FOCUS op … tussenletters
298
8
Oren open en blik op scherp
309
242
9
309
242 243
9.1 9.2 9.3 9.4
Over zinnen en woorden Bijwoorden Samentrekking Repetitie zinsleer Repetitie woordleer
221
226 232
233 233
7.3 7.4
298 300 304 308
236 238
241 241
244 245 248
Correct gespeld Woordtekens Meervoud Werkwoorden van Engelse herkomst 10.4 Werkwoordspelling
249 249 253 256
11 Taal 11.1 Toekomst van het Nederlands 11.2 Gluren bij de buren
259 259
12
262
De Franse vlag en ecoproducten BZL
7.1 7.2
258
260
10 10.1 10.2 10.3
309 310 311 313
Correct gespeld Telwoorden Tussenletters Aaneenschrijven van woorden met dubbele betekenis 10.4 Los of aan elkaar? Moeilijke gevallen 10.5 Werkwoordspelling
314 314 316 319
11 Taal 11.1 Homonymie, polysemie, antonymie 11.2 Spelen met woorden 11.3 Stijl in beeld
323 323
322 322
327 327
7