HOE WERK JE 4 delen 1 BEROEMD & BIZAR
2
3
VROEGER EN NU
4
PASSIE & TECHNIEK
Opdracht 6 Noteer deze kenmerken en onderdelen in de passende kolom.
Elk deel bestaat uit
ECHT OF VERZONNEN?
VABZL A R// D I G H E D E N
veel foto’s – gevoelens – zakelijk – cijfergegevens – afwisselende lay-out – inhoudstafel – ontspannend – leerrijk – doorlopende tekst – fantasie – informatief – veel onderzoekswerk vooraf – duidelijk gestructureerd – subjectief* – objectief* – feiten* – register* – hoofdstukken – trefwoorden – bibliografie*
laat hem hier niet achter. Ik blijf bij hem. U hoeft zich geen zorgen om ons te maken, sergeant, wij komen later wel terug als het donker is. Dat lukt ons wel.’ ‘Wat ben je toch een stuk verdriet, Peaceful.’ De sergeant bedreigt Charlie nu met zijn geweer en fictie non-fictie houdt de bajonet* een paar centimeter voor Charlies neus. Hij staat te trillen van woede. ‘Ik zou je hier ter plekke dood moeten schieten en zo het vuurpeloton de moeite besparen.’ Heel even lijkt het of de sergeant dat ook daadwerkelijk van plan is, maar dan komt hij weer tot bezinning en 80 draait zich om. ‘Allemaal overeind. Schiet op, ik meen het. Jullie gaan nu naar buiten. En vergis je niet: iedereen die hier blijft, komt voor de krijgsraad.’ Een voor een komen de mannen met tegenzin overeind. Iedereen bereidt zich op zijn eigen manier voor op wat komen gaat: nog een laatste trekje aan een sigaret, een stil gebed, de ogen gesloten. ‘Vooruit! Vooruit!’ De sergeant staat te schreeuwen. Ze gaan nu naar boven de trap op, de bunker 85 uit. Ze rennen het open terrein op. Ik hoor dat de Duitse machinegeweren weer beginnen te schieten. Pete isKIJKEN de laatste dieLEZEN deKIJKEN bunker verlaat. Hij blijftSCHRIJVEN even op deLUISTEREN trap staanSPREKEN enSCHRIJVEN kijktSPREKEN naar ons.SPREKEN ‘Je KIJKEN LEZEN KIJKEN LUISTEREN LEZEN KIJKEN LUISTEREN SCHRIJVEN LEZEN LUISTEREN LEZEN LUISTEREN SPREKEN SCHRIJVEN SPREKEN SCHRIJVEN moet mee, Charlie’, zegt hij. ‘Hij meent het. Die klootzak meent wat hij zegt, dat zweer ik je.’ ‘Dat weet ik’, zegt Charlie. ‘Maar ik meen het ook. Sterkte, Pete. Kop omlaag, denk erom.’ Pete loopt weg en wij zijn nu samen alleen in de bunker. We hoeven ons niet voor te stellen wat er 90 buiten gebeurt. We kunnen het horen, de doodskreten die halverwege ophouden, het dodelijke geratel van de machinegeweren, de salvo’s van de geweerschoten die hen één voor één neermaaien. Daarna is het stil. We wachten. Ik kijk naar Charlie. Ik zie dat hij tranen in zijn ogen heeft. ‘Arme stakkers’, zegt hij. ‘Arme stakkers.’ En dan: ‘Ik denk dat ik het nu grondig voor mezelf verpest FOCUS Deze icoontjes staan boven een nieuw hoofdheb, Tommo.’ Fictie en non-fictie 95 ‘Misschien komt de sergeant niet meerZe terug’, zeg ik tegen stuk. geven aan hem. op welke vaardigheden je KENNIS CD DVD Op de eerste twee pagina’s van elk deel‘Laten we dat hopen’, zegt Charlie. ‘Laten we dat hopen.’ Teksten of boeken die enkel informatie geven, noemen we informatieve teksten/boeken. gaat trainen. Daarna moet ik zo nu en dan buiten bewustzijn geraakt zijn. Iedere keer dat ik even bijkwam, zag vind je niet alleen denon-fictie. inhoudsopgave van LEERWIJZE Zulke bronnen zijn niet verzonnen; ze beschrijven feiten. Daarom noemen we ze ook R Hoe pak ik dat er een of twee man in waren geslaagd om terug in de bunker te komen, maar sergeant Hanje het aan ? Voor het dat deel, maar ook een overzicht van de leren ley was nog steeds nergens te bekennen. Maar ik bleef hopen. Toen ik weer bijkwam, merkte ik voorbeelden daarvan zijn: kookboeken, reisbrochures, boeken over het milieu, archeologie, • Oefen je leerstof geregeld • Ga na in. of je wee 100 dat Charlie naast me was gaan liggen. Hij had zijn arm om me heen geslagen en lag met zijn hoofd t wat je pre Durf vragen te stel je leerboek geschiedenis, een woordenboek ... • Leg je len aan je cies leerwerkbo vaardigheden en de kennis die erin aan leerkracht ek en noti moet kennen en kun ove ties klaar. r wat je niet nen. Tijdens het tegen mijn schouder. begrijpt • Je kun leren Een informatief boek. lees je niet altijd van a tot z. Je kunt erin komen. bladeren en de informatie lezen die je t de inhoud bod • Je geb van de ken ‘Tommo? Tommo?’, zei hij. ‘Ben je wakker?’ ruik niskoffers • Je heb t de rode mica als weergeven t bij de oefe hulp op *. dat moment interesseert. Of je kunt erin zoeken tot je de informatie vindt die je nodig hebt. middeleen Hier kun je ning bij het inst overzicht bijhouden van opnieuw en zins ‘Ja’, zei ik. . leer, woo rdleer en uderen van woordve • Maak de SPREKEN SPREKEN SPREKEN SPREKEN SPREKEN NNNNN SCHRIJVE SCHRIJVE SCHRIJVE SCHRIJVE spelling ant SCHRIJVE rklaringen. aanvullen LUISTEREN LUISTEREN LUISTEREN LUISTEREN LUISTEREN LEZEN LEZEN LEZEN LEZEN LEZEN woorden de oefeni KIJKEN KIJKEN KIJKEN KIJKEN KIJKEN ingevuld ngen, mét ‘Tommo, luister. Ik heb nagedacht. Als het ergste gebeurt ...’ Teksten of boeken waarvan de inhoud wel verzonnen is, noemen we fictie. Dek die af Na het lere uitleg, op t.aken, alle overhoringen, en maak schrijf- en de websit huis n de oefening • Heb je e focus.de iets boeck.com. 105 ‘Dat gebeurt niet’, viel Je van fragmenten. nrede. ik hem in de geniete • Hoe wee niet onder de knie leert In zulke teksten kan de schrijver zijn fantasie de vrije loop laten. ? Pak dat t je of je alle stukje daarbij argumenten gebruiken. s echt ken el en leert spreekopdrachten die je in dit zult t? Maak de leerstof opnieuw Je speelt ‘Stil, Tommo, ik wil alleen maareen datrollensp je luistert. Je moet me beloven dat je goed voor iedereen zult test op focuEenaan griezelverhaal, een deel sprookje, een grapje zijn daar voorbeelden van. . s.deboeck.c orden in een tekst op. om. zoekt kernwo zorgen. Begrijp je dat, Je Tommo? Beloofentreer je me dat?’ naar een voorgelezen tekst. kritisch en maken. d geconc Je luistert ‘Ja’, zei ik. Natuurlijk kan het wel dat de schrijver zich documenteert, dat hij gebruikmaakt van feiten om een verhaal te Boetsvan haar, hè? Jij houdt toch Jonas Hij zweeg een hele tijd voordat hijGebor verderging. ‘Jescoren houdt– nog steeds en om te ent uit schrijven. Dat is wat jullie ook deden in de eerste opdracht. Fragm .com. eboeck focus.d 110 nog steeds van Moll?’ Ik hoefde hem niet te antwoorden. je vindt Hij begreep het zo ookop wel. ‘Goed’, zei Bekijk voor het lezen de trailer die g een keer kampioen Charlie. ‘En er is nog iets waar je ook voor moet zorgen.’voetba Hij trok zijn arm weg, deed zijn horloge l en houdt van voetbal. Hij wil dolgraa Stef speelt Rovers Groene De niet zo goed. uit en deed het om mijn pols. ‘Alsjeblieft, Tommo. Het ,ismaar eendeheel horloge. Het is nog niet één staan bijna doet het ploeggoed worden de trainer over naar de ramp loopt at van keer stil blijven staan. Zorg dat je het niet kwijtraakt.’ Ik wistplaats niet en wattotikoverma moest zeggen. ‘Ga nu maar op de laatste beterschap zal brengen. trainer concurrentie. Stef hoopt dat de nieuwe weer slapen’, zei hij. ze atletiek. Haar ouders willen dat * subjectief: volgens je eigen mening/gevoel aan atletiek, maar eigenlijk haat Lize doet 115 En terwijl ik sliep, kwam de nachtmerrie uit mijn jeugd weer terug, waarin vader zijnnaar beschuldigenhaar. objectief: uitgaand van de feiten n niet ze een kampioene wordt en luistere het feit: wat werkelijk gebeurd is de vinger naar me uitsteekt, en in mijn droom nam voor dat aden. ik, als ik wakker werd, Charlie vastber echter Lizeikisme het register: lijst met belangrijke namen of trefwoorden achteraan in een boek eindelijk zou vertellen wat er al die jaren geleden in het bos was gebeurd. de bibliografie: lijst met boeken, artikelen enz. Ik deed mijn ogen open. Vanaf de overkant van de bunker zat sergeant Hanley ons van onder zijn helm dreigend aan te kijken. Terwijl we zaten te wachten tot het donker werd en de anderen zijn toch geen 75
p.
Inhoud
10
Wat kun je na dit
DEEL 1 • SAMEN
K I J K E N
n
tegen
onderwer
p
p.
en. van de fragment Je leert genieten ervaring. een persoonlijke Je spreekt over in woorden. en medeklinkers spellen van klinkers Je oefent op het boek. op in het woorden Je zoekt gericht verhalende boeken. van fragmenten uit Je leert genieten visitekaartje. eenvoudig logo of Je ontwerpt een
uitvoeren
tegen
drachten
uitvoeren
tegen
22 22 23
BZL// Contractwerk
5 Samen 5.1 Na het lezen rtje 5.2 Logo of visitekaa vorm en zinsdelen ... onderwerp, persoons 5.3 FOCUS op … werkwoorden 5.4 FOCUS op … soorten zinnen 5.5 FOCUS op 5.6 Survivaltips bij de teksten 5.7 Taaloefeningen
❍ ❍
❍
de zinnen.
❍ ❍ ❍ ❍
❍
❍ ❍ ❍
in de ‘grote’ school 6 Vriendschap opgebouwd? informatieve tekst 6.1 Hoe is een school 6.2 Naar de grote … de 6.3 FOCUS op 7
Broederband
8
Wij 2
rd
vormen van het werkwoo
31
39 40 42 45 46 47
48 51 51 53 53 54 55
56 56 62
68
70
75
BZL// Contractwerk
R E K E N
schrijfop
nr.
❍ ❍
lende en bevelen
ouwde medede
Je schrijft goedgeb
S n een tekst. C je past die toe op leesstrategie en tekst aan. H Je kiest een passende het slot van een , het midden en duidtp de inleiding R onde Jerwer tieve tekst aan. van een informa p. I Je vult een schema tekst correct. vragen over een J Je beantwoordt V e boeken. verhalend uit en E van fragment Je leert genieten N e manier. n op een creatiev Je verwerkt gedichte n genieten. S Je leert van de gedichte op. en van een gedicht P Je noemt kenmerk
13
4 Wachten 4.1 Na het lezen een vakantie-ervaring 4.2 Spreken over 4.3 Beleefd vloeken? ... klinkers 4.4 FOCUS op , hoe doe je dat? 4.5 Woorden verklaren
❍ ❍
huistake
nr.
❍
❍ ❍
ites. beoordeelt boekens eformulier. Je raadpleegt en eerlijk met een evaluati Je beoordeelt jezelf
L U I S T E R E N
overhoringe
uitvoeren
en? Boodschap ontvang of zweetlezer? 2 Boeksnoeper 2.1 Boekentest lezer ben jij? 2.2 Welk soort dat bij je past 3 Kies het boek
1
❍
nde situaties.
leesprofiel voor. Je stelt je eigen
L E Z E N
nr.
deel?
icatiemodel in verschille
en van het commun
Je herkent de onderdel
onderwer
p
p.
spreekopdra
nr.
uitvoeren
chten
tegen
onderwer
p
p.
3 Geboren om te scoren
* weergev en:
12
DEEL 1 •
mondelin
g of schrifteli
jk zeggen,
vertellen
SAMEN
1
2 ECHT OF vErZONNEN?
In deze kaders ontdek je de betekenis van typische schooltaalwoorden. Dat zijn woorden die je op school nog vaak zult tegenkomen en die je dus zeker moet kennen. In de tekst worden ze aangeduid met een sterretje of asterisk (*).
182
163
DEEL 2 • VROEGER EN NU FOCUS
KENNIS
CD
CD
DVD Bij deze tekst of oefening zal je leerkracht je een videofragment laten bekijken.
4
FOCUS 2
armd. Jullie
spelers. ‘Zo geraken jullie nooit opgew
hij bekaf was. Hun trainer was en en Stef had nu al het gevoel dat De training was nauwelijks begonn Hij jakkerde hen af en leek niet de opwarming in handen genomen. behoorlijk slechtgezind en had zelf gespeeld vorig weekend? Of niet ook toch ze hadden te houden. Zó slecht 5 van plan daar snel mee op at? was er iets anders dat Jan dwarsz we afwerken op doel. gaan g vandaa bal. een l allemaa ‘Goed, stop maar!’, snauwde hij. ‘Neem weekend een keer winnen!’ Misschien kunnen we dan in het trainer niet nog norser maken. bal te nemen. Ze wilden hun norse De spelers haastten zich om een sd op. men, stopten ze en keken verbaa aankwa ballen hoop de bij ze toen 10 Maar ‘Wat krijgen we nu’, mompelde Tibo. gewoonte. zijn niet was Dat rijmen. gezegd zonder te Het viel Stef op dat Tibo iets had . toe, in de hoop zijn reputatie te redden ‘Paraplu’, voegde Tibo er nog aan Lize wel en uiteraard had kenden ze want lijk, der verwon zich niet zo gebeurvoor hen stond Lize. Dat was op op de piste aan het lopen waren, hen gestaan. Zeker als de meisjes 15 zij al weleens eerder voor aan en ook dat was niet meer outfit atletiek haar had Lize . anders aan, spikes geen de dat geregeld. Maar nu was het echter ze had der aan het trainen waren. Daaron dan normaal, aangezien de meisjes zes maten dacht Stef. In haar voetbalschoenen bovendien, zeker maar voetbalschoenen. veel te grote kousen zaten scheenbeschermers. had?’ jullie geen bal, zoals ik gevraagd 20 ‘Jongens, waarom nemen n. Toen hij Lize zag, vertraagzijn spelers hem niet gehoorzaamde Jan kwam aangelopen, boos omdat op. auwen wenkbr de hij en trok hij zijn
Ook moeilijke woorden worden onderaan op gezegde de pagina verklaard. In de tekst zijn ze aangeduid met een sterretje of asterisk (*). DVD
FOCUS
KENNIS
‘Hoger die knieën’, beval Jan zijn
meisjes, hé!’ * de bajonet: steekwapen op de geweerloop
164
DEEL 2 • TOPVORM
KENNIS
CD
Bij deze tekst of oefening zal je leerkracht je een audiofragment laten beluisteren.
DVD
FOCUS
MET FOCUS 2? +
N A D E N K E N O V E R TA A L
FOCUS
TAAL
VD geplaveid
We zoomen even in op een stukje spelling, z insleer of taalbeschouwing. In de hoofdstukken nadenken over taal staan hierover extra oefeningen. Je leerkracht zal je zeggen wanneer je die moet maken, nu meteen of later.
De straat die gepla en, krijgt het zwaa veid is met kasseir de vele vrachtwag te verduren door ens die dagelijks passeren.
willoos
FOCUS
KENNIS
CD
DVD
1.2 FOCUS op … Opdracht 4 Ik wás Romeo
1
met stenen bega
anbaar gemaakt
In Het schuimspo ok Hakeneus, Piere maken de heksen haar en Steke tand professor Gobe lijn willoos en ontvoeren hem naar het kasteel.
Kun je deze zin
e zinnen
omdat mijn naam
jouw vijand is,
eel aparte zinne
enkelvoudige
woren.
lijk?
oven schreef,
samengevoegd
Waar of niet waar? Het grappige van dit verhaa l is ook nog dat het niet eens huistaken waar is, hoewel al meer dan dat dit wel het geval is. 500 jaar gedacht wordt 1.3 FOCUS op … verkleinw Het ei van Columbus is eigen oorden nr. uitvoeren tegen onderwerp p. lijk het nr. ei van uitvoeren tegen onderwerp p. Brune 3 Wat is de boodschap? llesch Opdracht 5 i. Die Italiaanse bouwmeester de bouw van de dom van Floren was verantwoordelijk voor ce. Toen afgunstige collega’s zeiden dat ze ook wel zo’n nen maken, als ze maar de 4 Op welke manier maakt de zender die boodschap duidelijk? gebouw hadden kunkans hadden gekregen, kwam ‘Julia! Je hebt Brunelleschi met het ei op de je nach werd// gezichtsuitdrukking trust uit: al decennia voor Colum Kies (met woorden = verbaal of zonder woorden = non-verbaal) // gebaar // nodig,taal bloempje proppen. Het verhaal bus’ histori !’, riep Angelica. sche ontdekkingsreis opget ekend. 1 Waarom gebru beeld // tekens. ikt de ? Een zin die uit meer ge en samenges dere zinnen bestaat, noem en we een same telde zinnen vind ngestelde zin. je op p. 431. Meer over enke lvoudi-
1
FOCUS
KENNIS
CD
DVD
wwg.
keerde in 1493 terug van
SPELLING
heb ik hem afgez
n zijn er moge
zinnen die je hierb
ZINSLEER
zijn historische reis naar de Nieuwe Wereld. Er een feestmaal aangeboden werd hem . Een van de gasten probe erde de prestatie van Colum door te vertellen dat het bus te minimaliseren eigenlijk alleen maar een kwestie was van ‘de eerste te zijn geweest’. Columbus nodigde de man daarop uit om een ei rechtop op tafel te zetten . Het lukte hem niet. Toen zette Columbus het ei met een ferme klap op tafel neer. De schaal aan de onderkant werd ingede het ei bleef staan. ukt en ‘Dat kan iedereen’, riep de gast uit. ‘Precies’, zei Columbus. ‘Je moet er maar als eerste aan denken.’
samengesteld
Montague, maar
er werden de
Onderstreep in elke zin het
wil
Christoffel Columbus
opsplitsen? Hoev
2 Op welke mani
zonder eigen
Wie is de zender?
overhoringen
2 En wie de ontvanger?
schrijver hier een
verkleinwoord?
2 Is er ook een andere verkleinvo rm mogelijk? Zoek woordenlijst.or g. even op in
Naar: www.broodjeaap.nl
FOCUS
KENNIS Naamwoordelijk gezegde boek of op CD Die manier noemen we e)wo deorden code. DVD Hoe je de verk coderen. leinwoorden Een boodschap omzetten in tekens of gebaren die begrijpelijk zijn, is In een nwg wordt iets gezegd vormt en hoe ze gebruikt word over het onderwerp met werkw Het ontcijferen van of tekens heet decoderen. en, die leer jegebaren oorden én naamwoorden. verder op p. 442. Fran lijkt groter met zwarte kleren. 5 Welk middel gebruikt de zender om zijn boodschap te sturen? Ze is verpleegster geworden. 1 ONSTERFELIJ KE LIEFDE Het nwg bestaat uit minstens schrijfopdrachten spreekopdrachten 303 één werkwoord en minste Dat middel noemen we het kanaal. ns één naamwoord. Het werkwoord komt altijd uit deze reeks: nr. gebruikt uitvoerenom tegen onderwerp nr. uitvoeren tegen onderwerp p. 6 Welk kanaal wordt in het stripfragment hieronder de boodschap te brengen? p. zijnover / word en / blijven / blijken / lijken / schijnen → een middeltje om te ontho uden: ZWaBBeLS Het zijn koppelwerkwoorde n. Ze hebben altijd een aanvu lling nodig. Je kunt een koppelwerkwoord altijd vervangen door ten minste drie andere koppelwerkwoorde n. Papa is / wordt / blijft / blijkt / lijkt / schijnt handig. De noodzakelijke aanvulling – het zinsdeel met het naamw oord erin – noemen we het naamwoordelijk deel van het gezegde (ndgez).
KENNIS
een (onlin
Kenniskoffers bevatten kennis die onmisbaar is om de vaardigheden in dit boek onder FOCUSdie je moet de knie te krijgen. De woorden kennen, staan in het oranje. Om ze in te oefenen, kun je ze onleesbaar maken met de CD rode mica die DVD bij je boek zit. LEERWIJZER Hoe pak je hetnog aan? eens terug als invulkoffers. Via focus.deboeck.com je deze kenniskoffers 7 Bekijk nuvind dit stripfragment: het leren Als oefening kun je dan zelf de belangrijksteVoor woorden aanvullen. • Oefen je leerstof geregeld in. Durf vragen te stellen aan je leerkracht over wat je niet begrijpt. MERHO, Kiekeboe – De straf van Sint Tetis, Standaard Uitgeverij, Antwerpen, 1992.
• Ga na of je weet wat je precies moet kennen en kunnen. • Leg je leerwerkboek en notities klaar.
De website die bij dit boek hoort. De oefening, tekst of link die je nodig hebt, vind je terug onder 8 hetzelfde deel als in je boek. Op de site is bovendien een schat aan extra informatie (bv. over lezen) en oefeningen (bv. schooltaalwoorden) verzameld. Die kun je ook op eigen houtje verkennen.
Tijdens het leren • Je kunt de inhoud van de kenniskoffers weergeven*. • Je gebruikt de rode mica als hulpmiddel bij het instuderen van woordverklaringen. DEEL 1 • BEROEMD EN BIZAR • Je hebt bij de oefeningen zinsleer, woordleer en spelling antwoorden ingevuld. Dek die af en maak de oefening opnieuw. • Maak de aanvullende oefeningen, mét uitleg, op de website focus.deboeck.com.
124
MERHO, Kiekeboe – De straf van Sint Tetis, Standaard Uitgeverij, Antwerpen, 1992.
Na het leren
Is hier sprake van eenzijdige of tweezijdige communicatie? Waarom? • Heb je iets niet onder de knie? Pak dat stukje leerstof opnieuw aan. • Hoe weet je of je alles echt kent? Maak de test op focus.deboeck.com. focus.deboeck.com * weergeven: mondeling of schriftelijk zeggen, vertellen
12
DEEL 1 • SAMEN
1 BOODSCHAP ONTVANGEN?
15
Je persoonlijke toegangscode tot de website staat op de binnenzijde van de kaft van dit boek.
Onderaan op de linkerpagina zie je altijd in welk deel je aan het werken bent, onderaan op de rechterpagina in welk hoofdstuk.
HOE WERK JE MET FOCUS 2?
5
1 Beroemd & bizar KIJKEN// LEZEN// LUISTEREN// SCHRIJVEN// SPREKEN//
2 Vroeger en nu
1 ALLES OF NIETS 1.1 Na het lezen 1.2 FOCUS op … zinsdelen
13 15 24
2 WAT HAD JE GEDACHT? 2.1 Voor ik doodga 2.2 FOCUS op … soorten woorden
26 26 36
6
FOCUS 2
169 169 170 177 185
2 PUUR LEESPLEZIER – SPEURWERK
201
3 PUUR LEESPLEZIER 37 BZL //
3 CHARGE! AANVALLEN!
202
4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8
4 AAN HET WOORD 4.1 Wat is dat? 4.2 Schatten op zolder
209 209 212
5 INFORMATIEVE TEKSTEN 5.1 Ouders van vroeger op … olieverf 5.2 Nooit meer zonder … fastfood 5.3 FOCUS op … voornaamwoorden
215 215 220 229
6 PEN EN PAPIER 6.1 Met vriendelijke groeten 6.2 Van strip naar verhaal
230 230 236
7 TAAL 7.1 Hoe verklaar je woorden? 7.2 Woorden uit de leesteksten 7.3 Neologismen 7.4 Woorden van … vroeger? 7.5 Het neusje van de zalm – Uitdrukkingen en spreekwoorden i.v.m. eten 7.6 FOCUS op … werkwoordstijden
243 243 245 250 253
8 OVER WOORDEN EN ZINNEN 8.1 Voornaamwoorden 8.2 Zinsdelen
263 263 275
9 FOUTLOOS SCHRIJVEN 9.1 Aanhalingstekens 9.2 Hoofdletters 9.3 Werkwoorden: de tijden 9.4 Moeilijke woorden
276 276 280 286 290
ALLERLEI TEKSTEN 45 Vlot communiceren 45 Teksttypes en tekstsoorten 47 Delen van de tekst 53 Helden en idolen 55 FOCUS op … werkwoorden 62 FOCUS op … woordtekens 62 Bizarre of normale eetgewoonten? 63 FOCUS op … meervoud van zelfstandige naamwoorden 71 4.9 Eigenaardig! 72 4.10 FOCUS op … leestekens 78
NADENKEN OVER TAAL//
1 DE GROTE OORLOG 1.1 Vooraf 1.2 Op verkenning BZL // 1.3 FOCUS op … woordverklaring 1.4 FOCUS op … hoofdletters en aanhalingstekens
5 OREN OPEN EN BLIK OP SCHERP! 5.1 Is light echt wel light? 5.2 Iedereen beroemd!
79 80 82
6 PEN EN PAPIER 6.1 Het verslag bij een foto 6.2 Een flaptekst bij een zelf ontworpen cover van een boek of dvd-hoes
84 84
7 7.1 7.2 7.3
AAN HET WOORD In de huid van … Een werkje voorstellen Een groepspresentatie
99 99 101 103
8 8.1 8.2 8.3
TAAL Alles of niets Voor ik doodga Uitdrukkingen uit de krant
107 107 113 117
91
9 OVER WOORDEN EN ZINNEN 9.1 Een zin bestaat uit verschillende zinsdelen 9.2 Een zin bestaat uit allerlei soorten woorden
121 121 134
10 FOUTLOOS SCHRIJVEN 10.1 Werkwoorden 10.2 Woordtekens 10.3 Meervoud van zelfstandige naamwoorden 10.4 Leestekens
139 139 151 156 161
256 262
3 Passie & techniek 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
ONSTERFELIJKE LIEFDE Voor het lezen FOCUS op … samengestelde zinnen FOCUS op … verkleinwoorden Na het lezen FOCUS op … achtervoegsels
4 Echt of verzonnen? 299 299 303 303 304 307
1 KRONIEKEN VAN DE VERREZEN WERELD – NIHAL UIT WINDLAND 469 1.1 Voor het lezen 469 1.2 Na het lezen 480 1.3 FOCUS op ... homoniemen, antoniemen en synoniemen 483 1.4 FOCUS op ... bijvoeglijk naamwoord 484
2 LEZEN OVER LIEFDE
308
3 EEUWIGE ROEM 3.1 Grafschrift 3.2 Limerick
316 316 319
4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6
322 322 329 330 330 331 339
2 HET MAGISCHE WANDTAPIJT – DE WOLFSHOND VAN ROWAN 487 2.1 Na het lezen 494 2.2 FOCUS op ... het bijwoord 497 2.3 Kunst te koop BZL // 498
GENIETEN VAN … INFORMATIEVE TEKSTEN Messi is magic! FOCUS op … soorten werkwoorden FOCUS op … woordfamilies FOCUS op … verwarrende woorden Door dik en dun Een smartphone kiezen
5 PEN EN PAPIER 5.1 Stap voor stap 5.2 Zelf aan de slag
342 342 347
6 OREN OPEN EN BLIK OP SCHERP 6.1 Reanimatie van een kind 6.2 Waarom valt een schip niet om? 6.3 Veilig fietsen
351 351 352 353
7 AAN HET WOORD 7.1 Dialoog 7.2 De instructie 7.3 Boekpresentatie 7.4 De vakjury
354 354 357 361 BZL // 364
8 TAAL 8.1 Woorden uit de teksten 8.2 Wat is er loos? 8.3 Woordfamilies 8.4 Jongerentaal 8.5 Vaktaal – groepstaal 8.6 Taalregisters 8.7 Verwarrende woorden 8.8 Latijn is in!
375 375 377 379 387 390 397 400 BZL // 406
9 RECLAME
419
10 OVER WOORDEN EN ZINNEN 10.1 Het werkwoord onder de loep 10.2 Samengestelde zinnen 10.3 Storende herhalingen vermijden 10.4 Verkleinwoorden
427 427 431 440 442
11 FOUTLOOS SCHRIJVEN 11.1 Werkwoorden 11.2 Moeilijke woorden
454 454 460
3 ALEX RIDER – CROCODILE TEARS 3.1 Voor het lezen 3.2 Na het lezen
509 509 515
4 EEN VLEUGJE ZOMER
520
5 AAN HET WOORD 531 5.1 Beeld maar geen klank, of toch? 531 5.2 Tongtwisters 532 5.3 Zeg eens euh 533 6 6.1 6.2 6.3 6.4
ECHT WAAR OF NIET? Mijn gedacht! Blijven drijven! FOCUS op ... hoofdtijden van werkwoorden Rare jongens, die … Grieken!
534 534 541 547 548
7 7.1 7.2 7.3
OREN OPEN EN BLIK OP SCHERP Jongerendebat – online Onder de douche De oude Grieken
554 554 556 558
8 PEN EN PAPIER 8.1 Ontwerp een klaskrant 8.2 Creatief met boeken aan de slag
560 BZL // 560 563
9 TAAL 9.1 Taal bij de teksten 9.2 Een vreemde eend in de bijt 9.3 Uitdrukkingen, spreekwoorden, gezegden 9.4 Homoniemen, antoniemen en synoniemen
565 565 577 581 585
10 OVER WOORDEN EN ZINNEN 10.1 Over bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden 10.2 Verbuiging van een bijvoeglijk naamwoord 10.3 Correcte zinsbouw: staan de werkwoorden wel in de juiste volgorde? 10.4 Repetitie woorden en zinnen
594 594 597
11 FOUTLOOS SCHRIJVEN 11.1 Leestekens en hoofdletters: zonder gaat het niet 11.2 Schrijf het eens foutloos! 11.3 Hoofdtijden 11.4 Werkwoordenrally
613 613 614 616 621
603 607
INHOUD
7