De juiste ingrediënten voor uw les Blend geeft docenten de vrijheid om te kiezen. Een hoofdstuk van De Boeck of extra oefeningen die u zelf maakte? U weet het best welke ingrediënten uw les nodig heeft. Bezorg uw studenten een boek op maat in plaats van een lange literatuurlijst.
Een boek op maat? Zo eenvoudig is het! Surf naar blend.deboeck.be. Vanaf mei kunt u een account aanmaken en een selectie maken uit het lesmateriaal van De Boeck. Het overgrote deel van onze titels komt in aanmerking voor een boek op maat. U kunt ze online inkijken, zodat u steeds de juiste keuze maakt. Uiteraard bepaalt u zelf de volgorde waarin de hoofdstukken uit de verschillende boeken verschijnen. Voeg uw eigen lesmateriaal toe, van een inleiding, over oefeningen tot extra hoofdstukken. Dat kan voor of na elk hoofdstuk van De Boeck. Personaliseer de cover en kies de afwerking. U kan meteen een preview van uw boek op maat bekijken. Ook de prijs per exemplaar wordt automatisch berekend. Die prijs is enkel afhankelijk van uw selectie en de gekozen afwerking, niet van het aantal exemplaren dat u bestelt. Wanneer u definitief klaar bent met het samenstellen van uw boek, bezorgen wij u de nodige bestelinfo. Vervolgens kunnen uw studenten het boek op maat eenvoudig aankopen via de boekhandel.
Waarom kiezen voor Blend? Efficiëntie: u zadelt uw studenten niet op met een lange literatuurlijst, maar kiest voor één uitgave die al het noodzakelijke studiemateriaal bevat. Personalisatie: u werkt met kwaliteitsvol en geactualiseerd lesmateriaal van De Boeck en drukt tegelijkertijd uw eigen stempel. Motivatie: studenten geven aan het liefst te studeren uit een papieren handboek, op voorwaarde dat het naadloos aansluit bij de inhoud van de les.
Minimumoplage = slechts 10 exemplaren! Ook voor kleine groepen kunt u dus een boek op maat creëren.
MEER INFO? Surf naar blend.deboeck.be of mail naar uitgeefmanager kristl.vanderheyden@vanin.be
BEN IK EEN AUTEUR? WAT ZIJN DAN MIJN RECHTEN? PROF. EM. LEO NEELS
Is mijn lesvoorbereiding auteursrechtelijk beschermd? In uw lesvoorbereiding kruipt heel wat werk. Die voorbereiding werkt u voortdurend bij, rekening houdend met de samenstelling van de klas of de actualiteit. Wellicht bent u dan een auteur in de juridische betekenis van het woord. Dat is het gevolg van de omstandigheid dat uw lesmateriaal, met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid, een auteurswerk is. Uw werk is auteursrechtelijk beschermenswaardig, zoals dat heet in het juridisch jargon, omdat u uw eigen originele voorstelling maakte van de leerstof, uw eigen structuur legde in de oefeningen of een persoonlijke toelichting toevoegde aan het handboek. Kortom, de manier waarop u de leerstof ziet en uw pedagogische aanpak inspireerden u om op een eigen wijze vorm te geven aan de materie.
Als ik een handboek mag gebruiken in de les, is het dan beschermd? Wanneer u bij uw lesvoorbereiding gebruikmaakt van een handboek van andere auteurs, dan zijn uw teksten en oefeningen zeer waarschijnlijk een afgeleid werk. Dat handboek noemen we dan het oorspronkelijk auteurswerk. Ook de auteurs van het oorspronkelijk auteurswerk ordenden de materie volgens hun inzicht en ervaring en drukten zo hun stempel op de uitgave. Originaliteit is hier dus bepalend. In het bovenstaand voorbeeld is het handboek origineel, en wellicht ook uw bewerking ervan voor uw lesvoorbereiding. Dergelijke werken zijn juridisch flink beschermd. Inbreuken daarop zijn strafbaar en ze kunnen je ook een behoorlijke schadevergoeding kosten.
‘Zolang u met een handboek werkt en uw lesvoorbereiding enkel voor uw eigen lessen gebruikt, is er niets mis.’
Afschrijven mag niet! We zijn daar meer mee vertrouwd dan we vermoeden. Uit onze kindertijd weten we dat afschrijven niet mag, dat plagiaat – de overname van andermans werk zonder toestemming – verboden is. Een afgeleid werk publiek maken zonder toestemming van de auteur van het oorspronkelijk werk mag dan ook niet. Zolang u met een handboek werkt en uw lesvoorbereiding enkel voor uw eigen lessen gebruikt, is er niets mis. Diezelfde lesvoorbereidingen zonder meer uitgeven en op de markt brengen is echter uitgesloten. Daarvoor hebt u toestemming nodig van de auteur van het oorspronkelijke handboek. Wanneer u uw inspiratie haalt uit meerdere handboeken en u de analyse, ordening of voorstelling van de leerstof overneemt, geldt hetzelfde. En dat is niet anders voor illustraties die u overneemt uit een publicatie. Stel uzelf steeds de vraag of een stuk tekst of een illustratie een beschermd auteurswerk kan zijn. Zodra die kans bestaat, moet u zich ervan vergewissen of dat zo is. U bent gehouden door een voorzichtigheidsplicht en moet onderzoeken of de illustratie rechtenvrij gebruikt kan worden. Die kans is klein. En, u kan zich nooit geldig beroepen op het argument dat u dat niet wist. U hebt een daadwerkelijke opzoekingsplicht, hoe moeilijk het ook is om zo’n onderzoek tot een goed einde te brengen. De veilige vuistregel is: ga ervan uit dat teksten of illustraties maar zelden rechtenvrij zijn. De bewijslast van rechtmatig gebruik rust enkel en alleen op uzelf. Wees dus voorzichtig wanneer u met andermans teksten en afbeeldingen aan de slag gaat.
Ben ik een auteur? Wat zijn dan mijn rechten? - Prof. Em. Leo Neels
Maar ook uw eigen werk is beschermd. Het auteursrecht is best streng en kan daarom doorgaans op weinig sympathie rekenen. Daar staat echter een belangrijk voordeel tegenover: ook uw tekst, uw ordening van de leerstof, uw geheel van oefeningen en toelichtingen, kan automatisch rechtsbescherming krijgen. Anderen mogen er dan niets mee doen zonder uw toestemming. Zou u dan uw zelfgemaakt lessenpakket, dat berust op andermans handboek, zelf mogen uitgeven? Waarschijnlijk niet. Althans, niet zonder toestemming van de auteur van het oorspronkelijke handboek. Onvermijdelijk heeft die auteur een sterke invloed op de manier waarop u de leerstof ordent. Omgekeerd, mocht de auteur van het oorspronkelijke werk uw lessenpakket willen opnemen in zijn handboek, dan heeft hij daarvoor uw toestemming nodig.
Andere voorbeelden van afgeleid werk Beeldt u zich in dat een auteur een roman schrijft. Een filmproducer ziet er de basis in voor een film. De scenarist zal het verhaal van de roman vertalen naar filmische scènes, personages uitdiepen en dialogen schrijven. De regisseur zet dat scenario om in een meeslepend drama. Filmproducer, scenarist en regisseur zijn auteurs van een stukje afgeleid werk. Om dat geldig te kunnen maken, hebben ze de toestemming nodig van de auteur van de oorspronkelijke roman. Een ander voorbeeld: iemand brengt een poëziebundel uit. Een muzikant is getroffen door een bepaald gedicht en combineert de tekst met een melodie die hij goed kent. Hij brengt twee auteurswerken samen, van twee verschillende auteurs die elkaar wellicht niet eens kennen. Zo maakt hij een derde auteurswerk, een lied, dat een eigen originaliteit heeft. Immers, niemand anders had eerder bedacht en tot uiting gebracht dat tekst en melodie zouden samengebracht worden op deze manier. Dat beantwoordt perfect aan de originaliteitsvereiste uit de auteurswet. De samenstellende delen hoeven met andere woorden niet nieuw te zijn.
Van idee naar beschermd werk Een idee op zich is geen beschermd auteurswerk. Er moet een uitdrukking van zijn, in een concrete vorm. Wanneer u een idee hebt uitgeschreven, voorgelezen of gezongen, start uw auteursrechtelijke bescherming. Hoe u dat idee uitdrukt, maakt in principe niet uit. Hier wordt het auteursrecht complexer, want indien nodig moet u kunnen aantonen dat uw werk origineel is, dat het niet is geïnspireerd op andermans eerder werk. Daarvoor – en dat is een bewijsprobleem – hebt u een vaste datum nodig. Die laat u toe aan te tonen dat u uw werk eerder uitdrukte dan een ander. Deel uw creatie dus niet te snel met anderen.
Toegestaan gebruik Het handboek waarmee u werkt is een auteurswerk. U mag het met uw studenten gebruiken als lesmateriaal: met dat doel contracteerde de auteur met een uitgever en biedt de uitgever het aan tegen een bepaalde prijs. U hebt dan ook het recht om uw lesvoorbereidingen en oefeningen te baseren op dat boek. De prijs die u voor het boek betaalde houdt echter geen recht in om de inhoud over te nemen in uw eigen publicatie of om op hetzelfde stramien een oefeningenboek uit te geven. Evenmin is het toegestaan om het handboek te kopiëren of er een zogenaamde ‘schooleditie’ van te maken. Dat zou een flinke auteursrechtelijke inbreuk zijn.
Hoe word ik een beschermd auteur? Door de creatie van een beschermd werk wordt u auteur. Om die bescherming te verdienen, moet het werk origineel zijn: het moet uw eigen interpretatie, uw eigen ordening, uw eigen voorstelling van de leerstof bevatten. Uw auteursrechten zijn beschermd van zodra dat werk concreet bestaat. Dat betekent, van zodra u het voor uzelf hebt uitgeschreven of op een andere manier uitgedrukt hebt in een
Ben ik een auteur? Wat zijn dan mijn rechten? - Prof. Em. Leo Neels
concrete vorm. U mag het dus bv. ook gedicteerd hebben. Verder zijn er geen formaliteiten. U kan uw lesmateriaal gebruiken in de vorm van kopieën voor de leerlingen. Of u kan uw manuscript voor publicatie aanbieden aan een uitgever. Die zal u vragen te verzekeren dat u het manuscript zelf schreef, dat u niet heeft afgeschreven of andermans materiaal hebt gebruikt. De uitgever kan uw werk vervolgens laten drukken en in de handel brengen, omdat u hem een licentie verschafte om tegen een passende auteursvergoeding uw werk uit te geven.
Wat is de kern van het auteursrecht? Het auteursrecht verleent u het exclusieve recht om uw werk te vermenigvuldigen (of reproduceren in het juridisch jargon). Daaronder verstaan we de beslissing om het te laten uitgeven, om er kopieën van te maken, een elektronische versie te maken … Als auteur beslist u en u alleen wat anderen ermee mogen doen. Elk gebruik dat iemand ervan wil maken is onderworpen aan uw toestemming. Het interessante is dat u uw toestemming afhankelijk kan maken van een passende vergoeding voor dat gebruik. Zo kan u het gebruik dat anderen maken van uw werk omzetten in inkomsten. Daarom spreken we over morele auteursrechten en vermogensrechten.
‘De morele auteursrechten zijn onvervreemdbaar: u kan er geen afstand van doen.’
Morele auteursrechten en vermogensrechten Wanneer ik uw boek koop, blijft het uw boek. U blijft de auteur, ook al ben ik de eigenaar van een exemplaar van het boek. Ik ben enkel de eigenaar van het materiële voorwerp, dat bestaat uit een omslag, pagina’s en tekst met illustraties. Uw auteurschap moet ik erkennen en ik mag niets wijzigen aan de inhoud. Als docent mag ik het aangekochte boek gebruiken in de les, maar ik mag er niets uit weglaten of aan toevoegen. Evenmin mag ik één exemplaar kopen en dat vervolgens kopiëren voor mijn studenten. Dat zouden auteursrechtelijke inbreuken zijn. De morele auteursrechten erkennen de onverbrekelijke band tussen de auteur en zijn werk. Ze worden beschouwd als persoonlijkheidsrechten en zijn onvervreemdbaar. U kan er met andere woorden geen globale afstand van doen. Morele auteursrechten eindigen niet in de tijd. Zo is een redevoering van Cicero vandaag nog altijd van Cicero, en geldt hetzelfde voor een schilderij van Rubens of een beeld van Milo. Na het overlijden van de auteur kunnen de erfgenamen namens de auteur waken over diens rechten. We kunnen verschillende morele auteursrechten onderscheiden. • Het paterniteitsrecht bepaalt dat eenieder u moet erkennen als auteur van het werk. • U bent de enige die kan bepalen of u het werk bekendmaakt. Dat is het divulgatierecht. • Het integriteitsrecht zegt dat niemand iets kan wijzigen aan de inhoud van uw werk. U besliste dat de leerstof best op deze manier wordt gepresenteerd. Alleen u kan daaraan iets veranderen, bijvoorbeeld in een nieuwe editie. De vermogensrechten stellen u in staat om als auteur de vruchten van uw werk te plukken. U bepaalt immers niet enkel wie wat met uw werk mag doen, maar ook tegen welke vergoeding dat kan gebeuren. De markt en zijn gebruiken spelen uiteraard een rol, maar in de regel hebt u recht op een billijke vergoeding voor elk gebruik van uw werk. Dat geldt zowel voor een uitgave met bescheiden middelen – zoals een kopie die op een school wordt gemaakt – als voor een professioneel vormgegeven en geredigeerde editie van een handboek. Het exploitatierecht bepaalt dat alleen de auteur het recht heeft om zijn werk te reproduceren of te laten reproduceren. Over de vermogensrechten kan u dus wel geldig overeenkomsten afsluiten, zoals dat bv. gebeurt in een auteurscontract.
Ben ik een auteur? Wat zijn dan mijn rechten? - Prof. Em. Leo Neels
Deze rechten blijven intact tot de 70ste verjaardag van uw overlijden. Uw erfgenamen zullen dus verder genieten van de inkomsten van uw werk. Denk maar aan de albums van Kuifje, Nero of Suske en Wiske: ook na het overlijden van Hergé, Marc Sleen en Willy Vandersteen blijven ze beschikbaar in de winkel.
Wat bepaalt mijn auteurscontract? In een auteurscontract draagt u het recht uw werk uit te geven over aan een uitgever. U blijft de titularis van uw auteursrechten, maar u draagt de exploitatie ervan over, bv. om een handboek op de markt te brengen. Het gaat dan om een concrete exploitatievorm, zoals een uitgave in boekvorm, bestemd voor een bepaald type onderwijs, in een overeengekomen aantal exemplaren, met een vooraf afgesproken cover, aan een prijs die vaststaat. Wenst de uitgever ook een e-book te maken of een andere exploitatievorm te verkennen? Dan moet dit zo worden vermeld in het auteurscontract. Ook de duur van de overdracht wordt opgenomen, samen met het gebied waarvoor de exploitatie geldt. Uw uitgever is verplicht om uw manuscript binnen een redelijke termijn daadwerkelijk uit te geven en op de markt te brengen. Wat we hier beschrijven, heet in het juridisch jargon een licentie-overeenkomst voor het uitgaverecht: ze betreft een specifieke exploitatievorm. U kan ook een afstand van rechten overeenkomen, waarbij alle vermogensrechten worden overgedragen, maar bij manuscripten en boeken valt dat minder voor. De vergoeding waarop u recht heeft, wordt in de regel vrij onderhandeld, en zal vaak aansluiten bij het vergoedingsbeleid van de uitgever en gangbare marktvoorwaarden. Misschien vraagt de uitgever ook uw verbintenis om toekomstige auteurswerken door hem te laten exploiteren. Zo’n beding is geldig voor dezelfde exploitatievorm.
Auteurscontracten worden in het voordeel van de auteur uitgelegd. Derden kunnen zich enkel op rechten ten aanzien van uw auteurswerk beroepen, wanneer ze die rechten schriftelijk kunnen bewijzen. Om die reden worden auteurscontracten altijd schriftelijk opgesteld. Dat is een bewijsregel in het auteursrecht, die bedoeld is om auteurs te beschermen. Bij betwisting moet de rechtbank de overeenkomst in het voordeel van de auteur interpreteren: ook dat beginsel wijst erop dat het doel van het auteursrecht is de auteur te beschermen.
Kan u auteursrechten hebben wanneer u uw werk tot stand brengt in dienst van een bedrijf of in opdracht van een derde? Ja, dat kan. Ook wanneer u een auteurswerk maakt in het kader van een arbeidsovereenkomst, beschikt u over de auteursrechten. U blijft auteur van het werk dat u maakt. Wanneer uw werkgever de exploitatierechten op uw werk wil, moet dat uitdrukkelijk en schriftelijk bepaald zijn. Dat kan deel uitmaken van uw arbeidsovereenkomst, een arbeidsreglement of een collectieve arbeidsovereenkomst (cao) op sectorniveau. De overdracht van uw auteursrechtelijke vermogensrechten moet duidelijk zijn. Wel is men minder streng in verband met de voorwaarden en de duur, en is er geen exploitatieplicht voor uw werkgever. Zelfs wanneer u een werk maakt in opdracht van een derde, zoals een uitgever, blijft u de auteur en beschikt u over auteursrechten. De overdracht moet wederom schriftelijk vastgelegd zijn, al zijn de formele eisen minder streng dan bij een gewoon uitgavecontract.
Hoe bewijs ik mijn auteursrecht? U weet intussen dat uw auteursrechten starten zodra uw werk uitgedrukt is. Het kan nog om een kladversie of een schema gaan, dat doet er niet toe. Het volstaat dat u meer doet dan uw werk in uw hoofd te bedenken – een idee is nooit auteursrechtelijk beschermd. Zodra u dat idee neerschrijft of zelfs vertelt aan iemand anders, hebt u het concreet uitgedrukt en wordt u de auteur. Het ontbreken van verdere vormvereisten was bedoeld om auteurs goed en snel te beschermen. Dat is anderzijds gevaarlijk: hoe kan u immers bewijzen dat u als eerste een onderwerp op deze wijze ordende en
Ben ik een auteur? Wat zijn dan mijn rechten? - Prof. Em. Leo Neels
vorm gaf? Want zo wordt auteursrecht bewezen, door geldig bewijs aan te brengen van anterioriteit. U moet uw creatie dus een vaste datum geven. Stel dat u uw originele aanpak van de leerstof aan een collega vertelde en hij vervolgens de methode op eigen houtje uitschreef. Als u dat idee eerder had uitgedrukt en het een vaste datum had gegeven, kon u bewijzen dat het uw idee was en dat uw collega dat overnam. Denk dus aan dit bewijselement vooraleer u uw ideeën deelt met derden. In het auteursrecht moet zo’n bewijs schriftelijk geleverd worden. Beheersmaatschappijen van auteursrechten, zoals Sabam of VEWA, leveren een vaste datum door te registreren wanneer hun leden een aangifte indienden.
The floss ‘Fortnite makers sued for stealing floss dance from Backpack Kid’ konden we lezen in de Engelse krant The Guardian. Wie voor het jaar 2000 geboren werd, begrijpt wellicht niets van deze krantenkop, maar het gaat wel degelijk om een auteursrechtelijke zaak. Backpack kid is de artiestennaam van Russell Horning, een Amerikaanse tiener die in 2018 het internet veroverde met the floss, een dansje dat hij naar eigen zeggen zelf uitgevonden heeft. Kort gezegd, je flost door je armen ritmisch voor en achter je lichaam te bewegen en tegelijkertijd te schudden met je heupen. Horning klaagde de Amerikaanse spelletjesontwikkelaar Epic aan, omdat het bedrijf zijn originele creatie zou misbruikt hebben. Epic biedt de spelers van het populaire spel Fortnite namelijk de mogelijkheid om dansbewegingen aan te kopen voor hun personages. En een van die bewegingen is … the floss. Het is weinig waarschijnlijk dat Horning zijn slag thuis haalt. Korte dansbewegingen worden doorgaans niet beschermd, in tegenstelling tot hele choreografieën.
Uitzonderingen op de regel Het auteursrecht biedt een ruime bescherming aan de auteur van een origineel werk. Toch bestaan er enkele uitzonderingen op de regel dat derden toestemming moeten vragen of een vergoeding moeten betalen om andermans werk te gebruiken. Om te bepalen of een gebruik valt onder deze uitzonderingen, gebruikt u een driestappentoets: • het gaat om een uitzondering: de regel is dat u voorafgaand toestemming moet bekomen; • uw gebruik mag geen afbreuk doen aan de normale exploitatie van het werk door de rechtmatige titularis; • uw gebruik mag de wettige belangen van de rechthebbende niet onredelijk schaden. Blijf altijd strikt binnen de perken van een uitzondering om geen auteursrechtelijke inbreuk te begaan. In het onderwijs zijn volgende uitzonderingen van belang: het citaatrecht, de kosteloze uitvoeringen in het kader van schoolactiviteiten, de reproductie van werken, het gebruik op besloten digitale leerplatformen en de bloemlezingen.
Ben ik een auteur? Wat zijn dan mijn rechten? - Prof. Em. Leo Neels
Citaatrecht Ten behoeve van onderwijs of wetenschappelijk onderzoek mogen fragmenten van beperkte omvang geciteerd worden zonder dat de auteur van het oorspronkelijk werk daar toestemming voor moet geven of recht heeft op een vergoeding. Het citaat staat in functie van de grotere tekst waarin het wordt aangehaald. Een concreet voorbeeld van gebruik dat niet door het citaatrecht wordt gedekt, is het gebruik van andermans werk als aandachtstrekker. Denk bv. aan een gebruik als illustratie of blikvanger op de cover van uw werk. Dat valt buiten het begrip van de uitzondering, en is dus onderworpen aan toestemming en vergoedingsplicht. Het hoeft geen betoog dat bij een citaat een correcte bronvermelding hoort.
‘Uw gebruik mag geen afbreuk doen aan de normale exploitatie van het werk door de rechtmatige titularis.’
Kosteloze uitvoering in het kader van schoolactiviteiten Voor uitvoeringen van beschermde werken die plaatsvinden in het kader van een schoolactiviteit en kosteloos toegankelijk zijn, heeft u niet de toestemming van de auteur nodig en hoeft u geen vergoeding te betalen. Dat geldt zelfs als het werk wordt uitgevoerd in een externe zaal of bioscoop. Denk maar aan de opvoering van een toneelstuk, een optreden van het schoolorkest of een filmvertoning. Ook publieke examens en Powerpoint-presentaties binnen schoolverband vallen onder deze uitzondering.
Reproductie van werken Reproducties, zoals fotokopieën of digitale kopieën, van beschermde werken, zijn toegelaten zonder toestemming wanneer ze dienen als illustratie voor het onderwijs of voor wetenschappelijk onderzoek. Deze reproducties zijn – anders dan het citaatrecht – niet beperkt tot korte fragmenten. In presentaties, cursussen, oefeningen … kunnen dus beschermde werken opgenomen worden zonder toestemming. Maar … en het is een grote maar, houd de driestappentoets voor ogen! Uw gebruik mag de normale exploitatie van het beschermde werk niet in het gedrang brengen. Weeg deze belangen dus zorgvuldig af: heeft de reproductie tot gevolg dat de vermogensrechten van de auteur of de licentie-overeenkomst van de uitgever niet gerespecteerd worden? Dan mag u wellicht niet gebruikmaken van deze uitzondering. Uiteraard is ook bij reproductie bronvermelding vereist. Bladmuziek is dan weer uitgesloten van rechtenvrije bladkopieën voor onderwijsdoeleinden: daarvoor is toestemming en een vergoeding nodig. Voor fotokopieën betalen scholen een forfaitaire vergoeding via Reprobel.
Besloten digitale leerplatformen Erkende scholen kunnen beschermde werken op beveiligde digitale leerplatformen plaatsen zonder toestemming van de titularis van de rechten en de facto zonder vergoeding. Maar wederom, dit gebruik mag gaan afbreuk doen aan de normale exploitatie van het beschermde werk! Gedigitaliseerde bladmuziek zou met hetzelfde voorbehoud ook op dergelijk platform ter beschikking kunnen worden gesteld van studenten. Om van de uitzondering te genieten, moet het gaan om een digitaal besloten netwerk, enkel toegankelijk voor docenten en studenten van de school. De uitzondering geldt dus niet voor cursussen die online toegankelijk zijn.
Ben ik een auteur? Wat zijn dan mijn rechten? - Prof. Em. Leo Neels
De bloemlezing In bloemlezingen voor het onderwijs kunnen literaire werken van overleden auteurs zonder toestemming van de erfgenamen maar tegen billijke vergoeding worden opgenomen. Het gaat dan om uittreksels: de werken mogen langer zijn dan de korte fragmenten die onder het citaatrecht vallen. Volledige werken zijn echter uitgesloten. U mag daarbij geen direct of indirect commercieel voordeel nastreven. Bovendien moet de keuze van het uittreksel en de plaats en presentatie ervan de morele rechten van de oorspronkelijke auteur in acht nemen. De opname van literaire werken van levende auteurs is wel toestemmingsplichtig en aan een vergoeding onderworpen. Voor commerciĂŤle bloemlezingen zijn toestemming en vergoeding altijd vereist. Februari 2019
Meer weten? Wilt u bijlezen over het auteursrecht? De Belgische Auteurswet is een goeie plek om te starten. U vindt de tekst in het Wetboek Economisch Recht, dat u kan raadplegen via justitie.belgium.be.
Disclaimer: deze tekst is opgevat is als leidraad. Hij vormt geen juridisch advies voor concrete gevallen. Die zijn steeds afhankelijk van de details van de zaak.
Ben ik een auteur? Wat zijn dan mijn rechten? - Prof. Em. Leo Neels
notities
notities
notities