De (niet Rampzaligezo)Avonturen Van Herre

Marte Jongbloed Met illustraties van Iris Boter
Herre keek naar zijn moeder, die aan tafel tuinbonen zat te doppen. Haar handen werkten snel. Met een kleine beweging van haar pols brak ze de groene stengels open. Daarna duwde ze met een duim de kleine bonen uit de stengels. Ze vielen met een plofplof in de pan. Herre zag dat de vingers van zijn moeder steeds zwarter werden. Dat was vreemd, want tuinbonen zijn gewoon groen en wit. Hij moest haar maar een keer vragen hoe dat kon.
Zijn moeder droeg een jurk met grote, felgekleurde bloemen, en ze had haar halflange bruine haar opgestoken. Zag ze eruit alsof hij haar iets kon vragen? Haar voorhoofd was glad. Geen rimpels, geen frons. Dat was gunstig. Ook haar mond was ontspannen. Ze glimlachte zelfs een beetje. Dat was een heel goed teken!
‘Mam…’ begon Herre. Eigenlijk wilde zijn moeder dat hij haar bij haar voornaam Silke noemde, maar op de een of andere manier lukte dat hem niet. Hij bleef haar gewoon mam of mama noemen. ‘Mam, mag ik een skateboard voor mijn verjaardag?’
Het voorhoofd van zijn moeder zag er ineens verkreukeld uit. Ze beet op haar lip en knipperde heel snel met haar ogen. Herre wist meteen dat hij een grote fout had gemaakt. Hij had toch niets moeten vragen.
‘Marit heeft er ook een,’ fluisterde Herre. Marit was een meisje in zijn klas.
‘Daar zullen haar ouders dan wel spijt van krijgen,’ verzuchtte zijn moeder. Ze gooide de tuinboon waar ze net mee bezig was op tafel en veegde haar handen af aan een theedoek. Herre wist wat er nu zou gaan gebeuren. En hij kon er niets tegen doen.
Zijn moeder liep naar de boekenkast en ging op haar tenen staan. Op een plank boven haar hoofd stond een houten kistje. Voorzichtig trok ze het kistje naar zich toe, zodat ze het kon pakken.
‘Ik heb er laatst nog iets over gelezen,’ mompelde ze terwijl ze terugliep naar de tafel. ‘Wacht eens even…’
Herre wachtte terwijl zijn moeder het kistje openmaakte. Daarin zaten allemaal krantenknipsels. Met haar nog steeds zwarte vingers bladerde ze door de stapel met artikelen.
‘Wacht eens, hier, nee, dat is over Het Gevaar van Fietsen met Versnellingen, wacht eens, nee, dat is een artikel over Het Gevaar van de Kermis, ook heel interessant, en dit is een artikel over Het Gevaar van Losse Veters, dat moet je ook eens lezen, wacht, ja, hier heb ik het.’ Met een triomfantelijke zwaai legde ze het artikel voor hem neer. ‘Wat staat hier, Herre?’ vroeg ze streng.
Herre schraapte zijn keel. Hij kon nu natuurlijk zeggen: Laat maar, mam. Ik vraag wel een puzzel met duizend
