Multiple-choicevragen met antwoord (voorbeelden) 1) Welke van de volgende namen hoort niet thuis in de rij? a) Mayo b) Weber c) Fayol d) Taylor 2) Er bestaan verschillende mechanismen om de horizontale verbindingen in een organisatie te bewerkstelligen. Het vormen van teams is een mechanisme dat gekenmerkt wordt door: a) Een lage mate van informatiecapaciteit en een lage mate van horizontale coördinatie b) Een lage mate van informatiecapaciteit en een hoge mate van horizontale coördinatie c) Een hoge mate van informatiecapaciteit en een lage mate van horizontale coördinatie d) Een hoge mate van informatiecapaciteit en een hoge mate van horizontale coördinatie 3) Het agentschap Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed Vlaanderen (R-O Vlaanderen) werkt met zelfsturende teams. Ze omschrijven dit als volgt: “Het management moet voldoende vertrouwen hebben in het kunnen van alle medewerkers. Je kunt de grote lijnen uittekenen waarbinnen de teams moeten werken, je kunt doelstellingen opleggen die de teams moeten halen, maar daarna moet je de verantwoordelijkheid in handen van het team leggen.” Het principe van zelfsturende teams kan enkel werken indien het management gelooft in: a) Theorie Y en motivatoren b) Theorie X en hygiënefactoren c) Theorie X en motivatoren d) Theorie Y en hygiënefactoren 4) Een grote zwerm spreeuwen kunnen prachtige en complexe bewegingen maken. Ze doen dit op basis van drie eenvoudige regels: ze houden een minimale afstand; ze passen hun snelheid aan en ze bewegen in de richting van het gepercipieerde centrum van de zwerm. Dit gedrag is een voorbeeld van welke stroming in de organisatietheorie? a) De gedragskundige benadering b) De systeembenadering c) De klassieke organisatiekunde d) Het revisionisme 5) In de acht Universitair Medische Centra (UMC’s) in Nederland wordt de meest complexe zorg geboden. Indien patiënten niet geholpen kunnen worden door andere ziekenhuizen worden ze doorverwezen naar de UMC’s. Hier staan state-of-the-artbehandelingstechnieken dan ook hoog in het vaandel en wordt er geïnvesteerd in de