Lesbrief door Elly Simoens Het mooiste boek van alle kleuren Tom Schamp Lannoo, 2018 Doelgroep: tweede tot en met vierde leerjaar / groep 4 tot en met 6
Over deze lesbrief In Het mooiste boek van alle kleuren is ontzettend veel te zien en te ontdekken, zowel voor kinderen als voor volwassenen. Deze activiteiten focussen op enkele aspecten van het boek die aansluiten bij de leefwereld van 7- tot 10-jarigen. In deze les verdeel je je klas in groepjes per kleur. Elk groepje werkt intensief rond de twee spreads in het boek die over die kleur gaan. Via een doorschuifsysteem werken ze aan maximaal acht verschillende tafels. In de nabesprekingen komen uiteindelijk alle kleuren aan bod.
Hoe gebruik je deze lesbrief? » Zet de tafels klaar volgens de instructies onder ‘voorbereiding’. Let op: op elke tafel moet een exemplaar van het boek liggen. » Print de tekst bij ‘opdracht’ telkens uit en leg dit bij de betreffende tafel. » Bekijk vooraf de tafels met de kinderen, zodat ze weten wat ze moeten doen. » Zorg om de 5 à 10 minuten voor een geluidssignaal. De groepjes schuiven dan naar de volgende tafel. » Als alle groepjes elke tafel gedaan hebben, roep je de klas weer samen. Per tafel zorg je voor een korte nabespreking. Gebruik daarvoor de aanzetten onder ‘Afronding’.
Over de tafels Je kan kiezen uit negen verschillende tafels. Je kiest er maximaal acht uit. De eerste vier tafels gaan over steeds terugkerende thema’s in het boek: voertuigen, sporten, verschillende talen en landen van de wereld. Je kan de thema’s van de eerste twee tafels eventueel aanpassen naar een ander thema naar keuze, bijvoorbeeld voedsel, muziek of dieren. Het thema van de vierde tafel is vrij uitdagend en enkel voor de hoogste leeftijden bedoeld; eventueel geef je dit als extra opdracht als een groep een bepaalde tafel snel afgewerkt heeft. De volgende vijf tafels nodigen de kinderen uit om het boek aandachtiger te lezen en erin te gaan zoeken. Tafel 6 tot en met 8 focussen meer specifiek op het thema ‘kunst’.
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
Instap: groepsverdeling Print en knip de kaartjes van bijlage 1. Zorg dat je evenveel kaartjes hebt als kinderen en dat je van elke kleur minstens twee en (ongeveer) evenveel kaartjes hebt. Doe je dit bijvoorbeeld maar met 15 kinderen, kies dan bij voorkeur maar vijf kleuren uit, zodat er drie kinderen per groepje zijn. Je kiest dan ook maar vijf tafels uit. Er zijn maximaal acht kleuren, en dus ook maximaal acht tafels. Deel de kaartjes willekeurig uit. Bekijk dan samen met de kinderen het boek pagina per pagina. Kunnen de kinderen hun afbeelding terugvinden? Kinderen die een afbeelding van eenzelfde kleur hebben, gaan samenzitten. Zij vormen straks een groepje.
Tafel 1 – auto Voorbereiding: Teken zelf een voertuig uit het boek na. Leg je tekening en het boek op de tafel. Voorzie acht blanco A4-bladen en tekenmateriaal. Opdracht: Zoek het voertuig dat hier getekend is in het boek. Zoek daarna een voertuig bij jullie kleur en teken dit. Toelichting voor de leerkracht: Het is de bedoeling dat elk groepje aan de slag gaat met de tekening van de groep voor hen. Afronding: Verzamel alle tekeningen en bespreek de soorten voertuigen. Zijn er voertuigen die erg op elkaar lijken? Zijn er nog andere soorten voertuigen in het boek die misschien niet getekend werden?
Tafel 2 – sporten Voorbereiding: Leg groot blanco blad (minstens A3-blad) op tafel, met vier kolommen. Schrijf daarboven de sporten: judo – voetbal – wielrennen - andere. Voorzie schrijfstiften in de acht kleuren. Opdracht: Welke sporten komen bij jullie kleur aan bod? Schrijf in jullie kleur een zin met de informatie die erbij staat. Afronding: Welke sporten komen het meest aan het bod in het boek? En welke het minst? Welke informatie is voor jullie nieuw? Welke sporten komen er aan bod in de kolom ‘andere’? Als extra activiteit kan je de kinderen een sport laten ‘voordragen’. Over die sport proberen ze dan zelf kleurenweetjes te bedenken.
Tafel 3 – talen Voorbereiding: Leg A4-bladen op de tafel met telkens een van volgende talen bovenaan geschreven: Frans – Engels – Duits – Spaans – Italiaans – Latijn – andere talen. Opdracht: Welke woorden of zinnen zijn in een andere taal geschreven? Schrijf ze op in de juiste kolom. Afronding: Welke talen komen het meest en het minst voor in het boek? Hoe kun je dat te weten komen? Kennen de kinderen de andere talen? Kies er een paar woorden of zinnen uit en vraag of de kinderen de vertaling ervan kennen. Maak hier zeker gebruik van de kennis van kinderen met een andere thuistaal.
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
Tafel 4 – wereldkaart Voorbereiding: Leg een blanco wereldkaart (minstens A3-formaat) op de tafel. Voorzie stiften in de acht kleuren van het boek. Voorzie ook een of meer atlassen waarin de kinderen landen kunnen opzoeken. Opdracht: Welke landen komen bij jullie kleur aan bod? Zet een bol in jullie kleur in die landen. Heb je tijd over? Teken dan een tekening die te maken heeft met een van deze landen over uit het boek. Afronding: Welke landen komen het meest aan bod in het boek? Hoe kun je dat te weten komen? Kunnen de kinderen ook zien welke landen het minst of niet aan bod komen? Welke continenten komen veel of weinig aan bod?
Tafel 5 - quiz Voorbereiding: Leg een groot blanco blad (minstens A3) op tafel met een brede eerste kolom en een smallere tweede kolom. Opdracht: Zoek een weetje uit jullie kleur dat je zelf niet wist. Maak er een vraag van, die je klasgenoten later in een quiz moeten beantwoorden. Bijvoorbeeld: De blauwe vinvis is het grootste levende zoogdier ter wereld -> Welk dier is het grootste zoogdier ter wereld? Schrijf in de laatste kolom jullie kleur op. Tip: Begin je vraag met ‘wie?’, ‘wat?’, ‘waar?’ of ‘waarom?’ Afronding: Bundel alle vragen in een quizblaadje. Bied dit bij het boek aan in de leeshoek. De kinderen kunnen de vragen in hun eigen tempo beantwoorden. Als ze het antwoord niet meteen vinden in het boek, kunnen ze naar de laatste kolom kijken om te weten bij welke kleur het antwoord verstopt zit.
Tafel 6 – kijken en zoeken Voorbereiding: Print de kaartjes van bijlage 1 en leg ze uitgeknipt op tafel. Maak zoekstrookjes met kijk- en zoekopdrachten op niveau van jouw klas. Steek die in een doosje. Enkele voorbeelden: » Zoek de tekening van je kaartje. » Zoek eenzelfde soort voorwerp. (Bijvoorbeeld een andere soort auto, een ander dier, ander soort groente of fruit, …) » Zoek iets dat dezelfde vorm heeft. (Bijvoorbeeld rond, met hoeken, lang en smal, …) » Zoek iets dat rijmt. » Zoek iets met evenveel letters. » Zoek iets dat begint/eindigt met dezelfde letter. » Zoek iets met evenveel lettergrepen. » … Opdracht: Neem elk een kaartje van jullie kleur. Trek dan elk een zoekstrookje. Kan je iets vinden op de plaat? Toon aan de groep wat je gevonden hebt. Misschien kan je groep je helpen als je niets vindt. Afronding: Lees enkele zoekstrookjes voor. Wie had deze opdracht? Wie kan een voorbeeld geven van wat hij of zij vond? Wie had een opdracht die niet gelukt is? Kan de klas helpen zoeken?
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
Tafel 7 – kijken en inleven Voorbereiding: Maak kijkstrookjes en steek ze in een doosje. Enkele voorbeelden: » Ik zie … » Ik hoor … » Ik ruik … » Ik voel … » Ik voel me … » Ik hoop … » Ik heb net … » Ik probeer … » Ik wil … » Ik ga … Opdracht: Zoek elk een interessant dier of een leuk figuurtje op de plaat. Trek dan elk een kijkstrookje. Leef je in in het personage en vul de zin aan. Vertel je zin aan de rest van de groep. Afronding: Lees enkele kijkstrookjes voor. Wie had dit strookje? Wie kan zijn of haar zin herhalen? Bespreek met de klas: zijn er veel verschillen of overeenkomsten?
Tafel 8 - tinten Voorbereiding: Leg zoveel mogelijk kleurpotloden, wasco’s, verfsoorten, stiften, … op tafel. Voorzie voor elke groep één A3-blad. Opdracht: Zet strepen in zoveel mogelijk tinten van jullie kleur. Vergelijk daarna de tinten op jullie blad met de tinten in het boek. Welke tinten zijn ongeveer hetzelfde? Kies nu samen vijf tinten die jullie het mooist vinden en zoek er een passende naam voor. Schrijf die namen op jullie blad. Tip: gebruik het boek als inspiratie! Afronding: Kies van elke groep 1 opvallende kleurennaam uit en bespreek die met de klas. Vinden de andere kinderen het een mooie naam of niet? Vinden ze in het boek een afbeelding terug die misschien als inspiratie diende?
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
Tafel 9 – nadenken over taal Voorbereiding: Kies op elke pagina een stukje tekst uit waar een doordenker of een grappige woordspeling in zit op niveau van jouw groep. Schrijf de tekst op een strookje in de juiste kleur. Gebruik eventueel deze stukjes: Grijs/zwart-wit: Berken zijn de zebra’s van de bomen! – Ik bevind mij in de grijze zone. – Deze koe verenigt het beste van twee werelden. Geel: Ik ben een schoolmees. – Aan de andere kant van het strand is ook nog zand! – Onze jongste is niet echt een haantje de voorste. Oranje: Hallo, ween niet! – Is goud-vissen ook een werkwoord? – Deze vogels hebben een knipperlichtrelatie. Rood: De telefooncel is de grootvader van de smartphone. – Een rood aangelopen katje / Daar komt een rood katje aangelopen! – Even een blik werpen op het eten… Roze: Die reuzenpoedel ziet de wereld even niet meer door een roze bril. – Doe je me een lolly, wil je? - suikerspin Blauw: Blauwbaard liep waarschijnlijk net een blauwtje te veel. - Zou een pauwenveer mooier schrijven dan een ganzenveer? – Als je met je jeans in bad gaat, zit hij daarna als gegoten. Groen: herbivoor en herbi achterste – Bespaar ons de dril, papa! – Van leger naar leegst! – Adam was nog groen achter de oren. Bruin: Ik zag 2 beren ‘m stiekem smeren. – Hij houdt het graag simpel. – Brownies maken is een piece of cake. Opdracht: 1. Kies een strookje van jullie kleur. Wat kan het betekenen? Wat vind je er raar, moeilijk, grappig, … aan? 2. Ga op zoek naar de tekst op jullie pagina’s. Staat er een tekening bij? Wat kan de tekst betekenen? Is de tekst nu anders, grappiger, logischer, … geworden? Afronding: Lees enkele stukjes tekst voor en laat de kinderen die werkten rond een andere kleur eerst reageren. Laat dan het groepje reageren dat rond het stukje tekst werkte. Laat ruimte voor gesprek en interactie: er zijn geen juiste of foute antwoorden, het is een fijne uitdaging om op deze manier met kinderen na te denken over woorden en beelden.
Afronding Vertel dat het boek gemaakt is door een schilder die Tom Schamp heet. Hij verstopt graag de letters van zijn naam in het boek. Ga met de kinderen op enkele pagina’s op zoek naar de verstopte letters T-O-M en S. Ga hier met hen over in gesprek: vinden ze dit mooi, leuk, grappig, …? Wat zou de schilder hiermee bedoelen of willen doen? De kinderen maken nu zelf een schilderij waarin de letters van hun voor- of achternaam verstopt zit. Verwijs expliciet naar voorbeelden die ze net gevonden hebben om hen inspiratie te geven: gebruik de wielen van de auto, de vorm van de staart van een dier, … De kinderen kiezen een kleur dat ze mooi vinden, vervolgens een voorwerp of een dier, en schilderen dit dan met een of meer letters van hun naam erin verstopt. Moedig de kinderen aan de kleuren zoveel mogelijk te mengen om verschillende tinten te krijgen. Hang daarna alle tekeningen op in de klas. Kunnen de klasgenoten raden van wie welke tekening was? En de ouders nadien ook?
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
Eindtermen Mens en maatschappij – Ruimte 4.3. De leerlingen kunnen in een praktische toepassingssituatie op een gepaste kaart en op de globe evenaar, de polen, de oceanen, de landen van de Europese Unie en de werelddelen opzoeken en aanwijzen. 4.13. De leerlingen kunnen een atlas raadplegen en kunnen enkele soorten kaarten hanteren gebruik makend van de legende, windrichting en schaal.
Muzische vorming – Beeld 1.3. De leerlingen kunnen beeldinformatie herkennen, begrijpen, interpreteren en er kritisch tegenover staan. 1.4. De leerlingen kunnen plezier en voldoening vinden in het beeldend vormgeven en genieten van wat beeldend is vormgegeven. 6.2. De leerlingen kunnen zonder vooroordelen naar kunst kijken en luisteren.
Nederlands 3.5. De leerlingen kunnen (verwerkingsniveau = structureren) de informatie ordenen die voorkomt in: voor hen bestemde verhalen, kinderromans, dialogen, gedichten, kindertijdschriten en jeugdencyclopedieën. 4.1. De leerlingen kunnen (verwerkingsniveau = kopiëren) overzichten, aantekeningen, mededelingen op- en overschrijven. 4.6. De leerlingen kunnen (verwerkingsniveau = structureren): schriftelijk antwoorden op vragen over verwerkte inhouden. 5.1. De leerlingen kunnen bij de eindtermen luisteren, lezen, spreken en schrijven de volgende strategieën inzetten: zich oriënteren op aspecten van de luister-, lees-, spreek- en schrijftaak: doel, teksttype en eigen kennis, en voor spreken en schrijven ook op de luisteraar of lezer 5.2. De leerlingen kunnen bij de eindtermen luisteren, lezen, spreken en schrijven de volgende strategieën inzetten: hun manier van luisteren, lezen, spreken en schrijven afstemmen op het luister-, lees-, spreek- en schrijfdoel, en voor spreken en schrijven ook op de luisteraar of lezer 5.3. De leerlingen kunnen bij de eindtermen luisteren, lezen, spreken en schrijven de volgende strategieën inzetten: tijdens het luisteren, lezen, spreken en schrijven hun aandacht behouden voor het bereiken van het doel 5.4. De leerlingen kunnen bij de eindtermen luisteren, lezen, spreken en schrijven de volgende strategieën inzetten: het resultaat beoordelen in het licht van het luister-, lees-, spreek- en schrijfdoel 6.2. Bij het reflecteren op taalgebruik en taalsysteem tonen de leerlingen interesse in en respect voor de persoon van de ander, en voor de eigen en andermans cultuur.
Sociale vaardigheden 1.6. De leerlingen kunnen kritisch zijn en een eigen mening formuleren.
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
Bijlage 1
© Tom Schamp
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
© Tom Schamp
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
© Tom Schamp
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com
© Tom Schamp
uitgeverij lannoo nv : : Kasteelstraat 97 : : b-8700 Tielt : : t +32 (0)51 42 42 11 : : f +32 (0)51 40 11 52 : : www.lannoo.com