FICHE MEISJESBLOES MET KNOOPSLUITING EN CLAUDINEKRAAG
1
2
MEISJESBLOES MET KNOOPSLUITING EN CLAUDINEKRAAG Schattig toch deze meisjesbloes met afgeronde kraag. De felblauwe knoopjes en de felrode kraag steken af tegen de bloemetjesstof. NODIG
MAAT
## 80 cm bedrukte katoenen stof van
2 t/m 16 jaar
1,15 m breed ## 25 cm effen katoenen stof van 1,15Â m breed voor de kraag ## stikgaren ## 30 cm kleefvoering (bv. vlieseline H180)
patronen radarblad 2A: zwarte patronen Meisjesbloes met knoopsluiting MODEL Modeltekening en patroondelen
## 70 cm smal zigzaglint ## 20 cm bieslint van 2 cm breed ## 8 knopen van 1,5 cm doorsnede ## 2 x 20 cm elastiek van 7 mm breed ## naainaald
C 3
VOORBEREIDING ## Teken de patroondelen van de gekozen maat met potlood over op patroonpapier, schrijf de naam van de verschillende patroondelen erop en duid alle merktekens aan. ## Knip de patroondelen uit op de omtreklijn. ## Speld de patroondelen op de stof met voldoende tussenruimte voor het bijknippen van de naadwaarde. PATROONDELEN
STOF KNIPPEN
NAADWAARDE TOEVOEGEN
A voorpand
2 x stof
hals en buitenste boord beleg 1 cm – andere naden 1,5 cm
enkel het beleg 1 x kleefvoering B rugpand
1 x tegen stofvouw
MR 0 cm – hals 1 cm – andere naden 1,5 cm
C mouw
2 x stof
mouwzoom 5 cm – andere naden 1,5 cm
Dd claudinekraag
2 x tegen stofvouw effen stof 1 x tegen stofvouw kleefvoering
MR 0 cm – andere naden 1 cm MR 0 cm – andere naden 1 cm
I klepje
4 x stof 2x kleefvoering
1 cm 1 cm
Knipplan meisjesbloes met knoopsluiting knipplan voor bedrukte stof van 1,15 m breed
## Vouw de stof met de
mt 6, 115cm stofbreedte zelfkant
zelfkanten op elkaar en de
zelfkant
goede kanten op elkaar. Speld
C
het patroon van de rug met
A
MR tegen de stofvouw.
Dd
## Speld de andere patronen op de stof zoals aangegeven, en teken de naadwaarde op de stof. ## Knip de stof uit en duid alle
B
merktekens aan: trek een
in de zijkant.
I
stofvouw
draadje door de merkpunten op de stof of geef een knipje
I
stof 1,15 m breed, dubbelgevouwen mt 2: 60 cm – mt 6: 70 cm – mt 10: 85 cm – mt 12: 90 cm – mt 16: 140 cm
4
stofvouw
Knipplan meisjesbloes met knoopsluiting
knipplan voor bedrukte stof van 1,40 m breed mt 6, 140cm stofbreedte zelfkant
## Vouw de stof met de zelfkanten
zelfkant
op elkaar en de goede kanten op elkaar. Speld het patroon van de
Dd
A
C
I
I
Hoofdstof: Stofbreedte 140cm, dubbelgevouwen mt 2: 60cm mt 6: 70cm mt 10: 80cm mt 12: 85cm mt 16: 95cm
stof 1,40 m breed, dubbelgevouwen mt 2: 60 cm mt 6: 70 cm mt 10: 80 cm mt 12: 85 cm mt 16: 95 cm
rug met MR tegen de stofvouw.
## Speld de andere patronen op de stof zoals aangegeven, en teken
Kraag: stofbreedte 140cm, dubbelgevouwen 25cm voor alle maten
de naadwaarde op de stof.
## Knip de stof uit en duid alle merktekens aan: trek een draadje door de merkpunten op de stof of geef een knipje in de
B stofvouw
stofvouw
zijkant.
Knipplan voor effen stof van 1,15 m breed Knipplan meisjesbloes met knoopsluiting ## Vouw de stof met de zelfkanten op elkaar en de goede kanten op elkaar.
sluiting
## Leg het patroondeel voor het kraagje tweemaal op de stof, zoals op de tekening. mt 6, 140cm stofbreedte zelfkant
zelfkant
Hoofdstof: Stofbreedte 115cm, dubbelgevouwen mt 2: 60cm mt 6: 70cm mt 10: 85cm Amt 12:1,15 90cm stof m breed, mt 16: 140cm
C Dd
Hoofdstof: Stofbreedte 140cm, dubbelgevouwen mt 2: 60cm mt 6: 70cm mt 10: 80cm mt 12: 85cm mt 16: 95cm
Dd
stof 1,40 m breed, dubbelgevouwen Kraag: stofbreedte 140cm, dubbelgevouwen 25 cm voor alle maten
dubbelgevouwen Kraag: 25 cm voor alle maten
I
I
zelfkant
I
stofbreedte 115c, dubbelgevouwen 25cm voor alle maten
25cm voor alle maten
C
I
B
stofvouw
stofvouw
stofvouw
stofvouw
Verstevigen kraag, klepje en beleg voor sluiting Strijk kleefvoering op de achterkant van: ## één claudinekraag, ## twee klepjes, ## het beleg voor de sluiting.
5
tekening 2
WERKWIJZE tekening 1
tekening 1
tekening 2
Sluiting van voorpand afwerken
1. Zigzag of overlock
tekening 3
tekening 2
2. Strijk de boord om op
tekening 3
3. Strijk het beleg naar binnen,
de buitenste boord
0,5 cm met de averechte
dus met de averechte kant
van het beleg.
kanten op elkaar. Stik de
op de averechte kant van het
omgestreken boord vast. tekening 4 tekening 4
voorpand.
tekening 3
tekening 4 en opstikken Klepjes afwerken 4. Speld de klepdelen (een met en een zonder kleefvoering) met de
goede kanten op elkaar. Stik de buitenste boord op 1 cm en laat de bovenste boord open. 5. Knip de naad af tot op 3 mm van het stiksel. 6. Keer het klepje om en strijk de naad plat. Let erop dat de naad
niet zichtbaar is aan de goede kant van het klepje (= klepdeel met kleefvoering). Stik de buitenste boord op 2 mm, laat ook nu de rechte bovenkant open.
6
tekening tekening 5 tekening 5tekening 5 5
tekening 5
tekening tekening 6 tekening 6tekening 6 6
tekening 5
tekening 6
7. Leg het klepje met de ronde onderkant
tekening 6
8. Strijk het klepje omlaag richting
naar boven en met de goede kant op
zoom en stik het dan vast langs de
de goede kant van het voorpand met
bovenkant op persvoetbreedte.
de naadwaarde van 7 mm de tekening tekening 7 tekening 7tekening 7 onder 7 merktekens. Stik het klepje vast op
tekening tekening 8 tekening 8tekening 8 8
persvoetbreedte, van merkteken naar merkteken. Knip de naad af tot op 3 mm van het stiksel.
Schoudernaden tekeningstikken 7 tekening 7
tekening 8
9. Leg de schouders van het voorpand
tekening 8
10. Werk de naden samen af
gelijk met de schouders van het
met een zigzag of overlock.
rugpand, met de goede kanten op elkaar, speld en stik op 1,5 cm.
7
tekening 9
tekening 9
11. Strijk de schoudernaden richting rug.
tekening 10
Mouwen inzetten tekening 10
12. Zigzag of overlock de mouwkoppen en de
armuitsnijdingen van voor- en rugpand.
Leg het kledingstuk en de mouwen met de goede kant naar boven bij elkaar. Let op: de voorkant van de mouw (= diepst uitgesneden richting) moet aan het voorpand liggen.
8
tekening 11
tekening 12
tekening 11
tekening 12 13. Leg de goede kant van de mouw op
de goede kant van het kledingstuk: de mouwkop in de armuitsnijding, de voorkant van de mouwkop aan het voorpand. Speld eerst de merktekens zorgvuldig op elkaar.
tekening 12 tekening 13
tekening 14
14. Speld daarna de rest van de mouwkop.
Stik op 1,5 cm en laat bij het begin en einde ca. 3 cm open.
tekening 13
tekening 14
15. Leg het voorpand en het rugpand met
de goede kanten op elkaar; de mouwen liggen nu geplooid met de goede kant naar binnen. Speld de zijnaden en onderarmnaden. Stik eerst de
tekening 14
onderarmnaad op 1,5 cm en daarna de zijnaad.
9
tekening 14
16. Zigzag of overlock de zij- en
15 van Pas het kledingstuk al eventekening na het inzetten de mouwen en het dichtnaaien van de zijnaden. Indien nodig kun je de naden dan nog verbreden of versmallen voordat je met de afwerking begint.
17. Haal het armsgat naar buiten, speld het stukje
onderarmnaden. Strijk de zijnaden
van het armsgat dat nog open is en stik op 1,5
richting rug, de mouwnaden
cm. Zorg ervoor dat het stiksel mooi aansluit
richting voorkant.
bij de reeds gestikte naad. Strijk de naad van de mouw en de mouwkop.
tekening 15 tekening 15 Mouwzoom afwerken
tekening 16
tekening 16
tekening 17
18. # Strijk de mouwzoom eerst 1 cm naar de averechte kant en daarna nog eens 4 cm.
# Stik de mouwzoom vast op 4 cm, maar laat een opening om het elastiek door te rijgen. Stik de mouwzoom nog eens vast op 2,5 cm.
tekening 17
tekening 17
tekening 18 10
tekening 19 tekening 18
tekening 18
19. Rijg een stuk elastiek tussen de twee stiksels.
tekening 19
tekening 20
tekening 20
20. Trek aan tot de gewenste omtrek en naai het
begin aan het einde van het elastiek vast. Stik
tekening 20
tot slot de opening dicht.
Kraag afwerken en aanstikken tekening 21
tekening 22 21. Strijk de voorgestreken vouwen uit het
tekening 21
bieslint. Strijk vervolgens het bieslint dubbel
tekening 22
met de goede kant naar buiten Speld de
kraagdelen met de goede kanten op elkaar en stik de boord op 1 cm.
22. Knip de naden af tot 3 mm voor het stiksel.
tekening 23
tekening 23
tekening 24 11
tekening 24
tekening 21
tekening 22
tekening 22 23. Keer de kraag met de goede kant naar buiten en
strijk de naad van de kraag plat. Let erop dat de naad niet zichtbaar is aan de goede kant van de kraag (= deel met kleefvoering).
24. Speld op 7 mm van de rand het fijne zigzaglint op
de kraag en stik het vast op persvoetbreedte.
tekeningtekening 23 23
tekeningtekening 24 24
tekening 24
25. Speld de kraag op het kledingstuk
26. Vouw het beleg naar de voorkant van de
met de goede kant naar boven (= de
bloes met de goede kanten op elkaar. De
onderkant van de kraag op goede kant
kraag zit er nu tussenin. Speld het beleg
van de bloes), MR op MR en MV op MV.
aan de halslijn en speld langs de rug
Stik de kraag vast op persvoetbreedte.
(vanaf het beleg) het gestreken bieslint met de randen van de naden op elkaar. Stik de halslijn op 1 cm. Knip de naden af tot op 3 mm van de stiklijn.
12
tekening 27
tekening 26 tekening 26
pand 27. Speld het beleg aan de zoom tegen
28. Draai het beleg volledig om naar de
de goede kant van het voorpand en 28 stik de zoomtekening op 1,5 cm.
binnenkant van de bloes. Plooi het bieslint aan de halslijn naar achteren, strijk plat en speld vast. Strijk de zoom tweemaal 7 mm
tekening 28
naar binnen om en speld vast.
tekening 29
29. Stik de zoom, de boord van het voorpand
30. Zet de naad van het beleg aan de schouder
en de hals vast op persvoetbreedte in ĂŠĂŠn
vast, door in de schoudernaad te stikken.
doorlopend stiksel.
tekening 31 13
Knoopsgaten maken ## Verdeel de knoopsgaten mooi over de lengte van de sluiting van het rechtervoorpand. Maak het eerste knoopsgat op 1 cm van de hals en de volgende
Test een knoopsgat altijd eerst op een proeflapje van dezelfde stof, met hetzelfde aantal lagen stof en versteviging en dezelfde grootte van knoopsgat. tekening 23
knoopsgaten telkens met een tussenafstand van 7 cm. De grootte van het knoopsgat = de diameter van de knoop
  WEETJE  
+ minstens 2 mm. Maak de
Een meisjes- of damesbloes sluit rechts over
knoopsgaten in horizontale
links. Je maakt de knoopsgaten dan in de
richting en begin vanaf MV.
sluitingspat van het rechtervoorpand.
## Teken met een krijtje de plaats
Een jongenshemd sluit links over rechts.
van de knoopsgaten op het
Je maakt de knoopsgaten dan in de
voorpand en duid begin en
sluitingspat van het linkervoorpand.
einde van het knoopsgat aan.
tekening 30
tekening 25
31. Borduur de knoopsgaten
32. Maak de knoopsgaten volledig open met
binnen de markering zoals in de
een tornmesje. Steek aan het begin en het
handleiding van je naaimachine
einde van de knoopsgaten een speld om
staat beschreven.
doorschuiven te voorkomen. Snijd steeds van het uiteinde naar het midden van het knoopsgat.
14
tekening 32
tekening 31 Knopen aannaaien 33. # Naai de knopen met de hand op de
linkersluitingspat ter hoogte van de knoopsgaten en op MV. Leg de sluitingspatten van het linker- en rechtervoor-
tekeningpand 31 op elkaar; het rechterdeel boven
tekening 32
het linkerdeel. Neem een naainaald en garen en leg een knoop op het einde van een dubbele draad. Steek met de naald door het knoopsgat aan de bovenkant en door de onderste sluitingspat.
# Keer aan de binnenkant op dezelfde plaats terug naar voren en naai op deze plaats de knoop met ca. vier steken aan. Zorg ervoor dat de zichtbare steken op de knoop in dezelfde richting liggen als het knoopsgat. # Eindig met ca. drie vastgelegde steken (steek de naald in de lus van de steek en trek aan) vlak onder de knoop. Werk de einddraad weg door de naald tussen de stoflagen van de slutingspat te steken en een eindje verder weer uit de stof te laten komen. # Knip de draad kort af tot tegen de stof. Aan de achterkant zijn enkele steken zichtbaar die boven elkaar liggen. # Naai op beide klepjes ook een knoopje als versiering.
AFWERKING ## Knip alle losse draadjes af. ## Strijk de bloes.
15