Tom Zwaenepoel
TEGEN DE STROOM IN 40 prominente getuigen over
10 JAAR PAUS FRANCISCUS
INHOUD
Woord vooraf Armoede Barmhartigheid Christen Doctrine Eenheid Fouten Geld Heiligheid Intriges Jeugd Kruis Lampedusa Maria Nederigheid
7 11 24 32 40 56 73 80 90 94 103 110 116 124 127
Onderscheiding Politiek Quo vadis? Revolutie Synodaliteit Tederheid Universaliteit Vrouw Woorden X jaar YouTube Zonnelied
137 144 157 158 179 184 186 193 201 205 206 214
Gesprekspartners
221
Afkortingen
223
WOORD VOORAF Het was een ontroerend beeld op het einde van de (vervroegde) middernachtmis. Een zichtbaar vermoeide paus zat in een rolstoel en droeg het beeld van het kindje Jezus naar de kerstkribbe. Hij werd omringd door tien kinderen van verschillende continenten. Broosheid en tederheid werden vastgelegd door tientallen camera’s en fototoestellen. Bij het verlaten van de Sint-Pietersbasiliek groette hij de 7000 aanwezigen met een eenvoudig en hartelijk gebaar. De volgende dag begon Franciscus om 12 uur zijn kersttoespraak vanaf de centrale loggia van de façade van de Sint-Pietersbasiliek. Hierin veroordeelde hij onder meer de ‘zinloze oorlog’ in Oekraïne en nam het voor de allerarmsten in de wereld op. Daarna gaf hij de traditionele zegen aan de stad Rome en de wereld. Op woensdag hield paus Bergoglio zijn algemene audiëntie in de Paulus VI-zaal. Op het einde van zijn toespraak week hij plots van zijn voorbereide tekst af en vroeg de aanwezigen om te bidden voor de ‘erg zieke emeritus paus Benedictus’. Deze oproep werd al snel wereldwijd verspreid door de media. Drie dagen later, op de laatste dag van 2022, stierf Joseph Ratzinger. Hij werd 95 jaar oud. Het was het einde van een lange periode waarin een paus in ambt naast een paus op rust in Vaticaanstad leefde. Het begrip ‘emeritus paus’ werd ingevoerd toen Benedictus XVI op 28 februari 2013 aftrad. Op 13 maart kwam er witte rook uit de schoorsteen van de Sixtijnse Kapel nadat het kardinalencollege de aartsbisschop van Buenos Aires tot Ratzingers opvolger verkozen had. Voor het eerst stond een jezuïet en een Zuid- Amerikaan aan het hoofd van de rooms-katholieke Kerk. Voor het eerst verscheen de naam ‘Franciscus’ in de lijst van de
7
pvolgers van de apostel Petrus. Al met zijn naamkeuze, die ook o een programma vormde, maakte de nieuwe paus duidelijk dat hij tegen de stroom in zou gaan. Jorge Mario Bergoglio is migrantenzoon en groeide op in een metropool. De stad is zijn milieu, met al haar mogelijkheden en moeilijkheden. Hij kent de kloof tussen de rijken en de armen en weet dat de wereldeconomie en het kapitalisme grote offers eisen. Vanuit zijn pastorale ervaringen beseft de ‘pastoor-paus’ dat de Kerk nieuw moet denken en meer de moderniteit moet omarmen. Hij kent de verwachtingen van de mensen die moeite hebben om volgens de leer van de Kerk te leven. Hij beseft dat een Kerk pas toekomst heeft als ze authentiek en geloofwaardig is. Als ze ook toegeeft dat ze fouten maakt, zwak is en hiervoor vergiffenis vraagt. De Kerk die Franciscus voor ogen heeft, is een Kerk die barmhartig, missionair en synodaal is. Geloofwaardigheid impliceert dat het Vaticaan transparanter wordt en wantoestanden aanpakt. Met zijn hervormingen van de Romeinse Curie probeert Bergoglio ook het klerikalisme en het carrièrisme te bestrijden. Hierin ziet hij ‘een van de meest ernstige ziektes’ waaraan de Kerk kan lijden. Dat zijn ‘revolutie’ op verzet en sabotage botst, is onvermijdelijk, maar ook hier probeert hij als bruggenbouwer op te treden. Het streefdoel van zowel de Kerk als de samenleving omschrijft hij als ‘eenheid in verscheidenheid’, waarbij de bol plaatsmaakt voor het veelvlak. In het centrum van zijn denken plaatst Franciscus de mens, en wel in zijn concrete situatie. Hij verandert niet de kerkelijke leer, maar de wijze waarop hiermee wordt omgegaan. Sinds 2013 hebben pauselijke toespraken een andere toon. Het gaat Bergoglio niet om waarschuwen, berispen, veroordelen, maar om omarmen en opnemen. Nabijheid, barmhartigheid en tederheid zijn de drie sleutelwoorden die de rode draad van het Argentijnse pontificaat vormen.
8
WOORD VOORAF
De voorbije jaren heeft Franciscus de wereld vertrouwd gemaakt met het jezuïtische denken en de onderscheiding van de geesten. Ondanks zijn naam blijft hij als jezuïet denken, spreken en handelen. Als ‘paus van de verrassingen’ maakt hij ongewone keuzes, wat onder meer blijkt uit zijn benoemingen, kardinaalscreaties en de lijst van bezochte landen. Hierbij gaat zijn voorkeur uit naar de periferie: de minderheidskerken en vergeten landen. Als ‘paus van de dialoog’ reikt Bergoglio de hand aan anders- of niet-gelovigen en wil hij de wereld wakker schudden door onrechtvaardigheid en hypocrisie aan de kaak te stellen. Hij veroordeelt in scherpe bewoordingen het kapitalisme en de wereldeconomie die het algemeen welzijn niet vooropstellen, van geld een afgod maken en de kloof tussen arm en rijk steeds vergroten. Franciscus betreurt de aanpak van de vluchtelingen- en de milieuproblematiek in de wereldpolitiek en neemt het op voor de slachtoffers van de wegwerpcultuur. ‘Wie heeft gehuild om deze mensen?’ Deze vraag stelde hij op zijn allereerste reis met als ongewone bestemming het vluchtelingeneiland Lampedusa. Zijn antwoord op de globalisering van de onverschilligheid is de globalisering van de solidariteit.Tegen de stroom in betekent voor Franciscus anders denken, spreken en handelen. En hiervoor is veel inzicht en moed nodig. De ‘revolutie’ waartoe de ‘paus van de armen’ de voorbije tien jaar oproept, is een verandering van mentaliteit. Het gaat hem om een revolutie van het hart die de Kerk beter en de wereld mooier maakt. Graag wil ik mijn gesprekspartners uit Nederland en Vlaanderen hartelijk danken voor hun tijd, hun enthousiasme en hun boeiende analysen. Elk gesprek opende nieuwe deuren en bevestigde mijn vermoeden dat de ‘paus van de periferie’ velen inspireert, ook over de geloofsgrenzen heen.
Tom Zwaenepoel, Rome, 6 januari 2023
9
ARMOEDE Vergeet de armen niet Op 13 maart 2013 kozen de kardinalen de aartsbisschop van Buenos Aires tot 266ste paus. Met Jorge Mario Bergoglio kwam voor het eerst een Latijns-Amerikaan en jezuïet aan het hoofd van de rooms-katholieke Kerk. Nadat duidelijk was dat hij de vereiste tweederdemeerderheid van de stemmen behaald had, fluisterde de Braziliaanse curiekardinaal en franciscaan Cláudio Hummes, die naast hem zat: ‘Vergeet de armen niet.’ Toen kwam Bergoglio op het idee om zich ‘Franciscus’ te noemen, verwijzend naar Franciscus van Assisi. Ook dat was een unicum in de kerkgeschiedenis. Geen enkele paus had zich zo genoemd, zelfs niet de pausen uit de orde van de franciscanen. Met de naam van de patroonheilige van Italië wilde de zoon van een migrantenfamilie uit het Italiaanse Piemonte niet alleen zijn geestelijke verbondenheid versterken met het land van oorsprong van zijn familie. De heilige Franciscus is vooral il poverello die zijn tijdgenoten een andere visie leerde op armoede, tegenover de luxe, de verwaandheid en oppervlakkigheid van de Kerk en de wereld. En Franciscus is ook een man van vrede en iemand die de schepping liefheeft en beschermt. De naamkeuze werd programma en legde de hoofdthema’s van het Argentijnse pontificaat vast: armoede, wereldvrede en ecologie.
De buik van de stad De Argentijnse paus werd niet geboren in een klein provinciedorpje – zoals Johannes XXIII, Johannes Paulus I, Johannes
11
Paulus II en Benedictus XVI – maar in een moderne metropool, die tegenwoordig ruim 15 miljoen inwoners telt. Ook het Krakau van de latere Johannes Paulus II en het Milaan van Paulus VI kan men niet vergelijken met Buenos Aires. Bergoglio werd niet opgeleid in de bureaus van het Staatssecretariaat van de Heilige Stoel (Pius XII en Paulus VI) of in de auditoria van de universiteiten (Benedictus XVI). Zijn mens- en wereldbeeld kreeg vorm in de ‘buik van de stad’. Hij nam de bus naar de sloppenwijken aan de rand van de stad, waar hij als ‘vriend van de armen’ de mis opdroeg en daarna met de inwoners soep dronk. Daar leerde Bergoglio luisteren naar de armen en naar hun schrijnende verhalen over honger, geweld, vernedering en onzekerheid. Van heel dichtbij werd hij ook geconfronteerd met de kloof tussen de barakken en de wolkenkrabbers en het brutale egoïsme van de heersende klasse. In zijn geboorteland heeft Bergoglio het leven met armen gedeeld, en niet slechts voor hen dingen gedaan. Wie deze sleutel niet kent, heeft geen toegang tot zijn denkwereld.
Dit is jullie huis Toen Bergoglio de wereld toesprak na zijn pausverkiezing noemdehij zich een bisschop ‘van de andere kant van de wereld’. Dezelfde avond vroeg hij aan de Argentijnen om niet naar Rome te reizen voor de inauguratiemis, maar het geld van de vliegtickets aan de armen te geven. Zijn eerste verjaardag in het Vaticaan vierdeBergoglio met vier zwervers uit Oost-Europa en een kleine hond (2013). Bij het afscheid vertrouwde hij hun toe dat zijn zevenenzeventigste verjaardag de ‘mooiste van zijn leven’ was. Twee jaar later ontmoette hij in de Sixtijnse Kapel 150 daklozen die rond Vaticaanstad leven. Hij begroette iedereen afzonderlijk en noemde het bezoek van de daklozen een ‘kleine streling’, want de Sixtijnse Kapel is het ‘huis van iedereen’. Ook toen Franciscus
12
ARMOEDE
tachtig werd, waren de genodigden geen prominenten, maar acht daklozen. Pas na deze ontmoeting vierde hij met kardinalen eucharistie in de kapel van zijn woonplaats Casa Santa Marta. Dat daklozen voorrang kregen op de ‘prinsen van de Kerk’, was een duidelijk statement van de paus. In het Argentijnse pontificaat startte de pauselijke aalmoezenier, de Pool Konrad Krajewski, nog andere initiatieven om de armen te ondersteunen. Aan de Vaticaanse muur, onder de rechter zuilengang van het Sint-Pietersplein, werden toiletten, douches en een kapsalon voor dak- en thuislozen ingericht. Tot op de dag van vandaag helpen Zwitserse gardisten bij de verdeling van voedselpakketten, slaapzakken, telefoonkaarten en geld. Tijdens de coronapandemie (2020) kregen de armen gratis covidtesten en vaccinaties. Het hoofd van het Bureau voor Pauselijke Liefdadigheid werd in 2018 tot kardinaal gecreëerd. Ook dit was een boodschap: wie zich inzet voor de armen, mag o p pauselijke waardering rekenen.
Een primeur voor een daklozenkrant Op 6 november 2015 verscheen in de Utrechtse daklozenkrant Straatnieuws een interview met ‘onze vriend in Rome’. Franciscus had ruim een uur lang vragen beantwoord van de Nederlandse journalist Stijn Fens en Marc, een van de verkopers van de krant. Ook de toenmalige hoofdredacteur Frank Dries en Jan-Willem Wits, theoloog en communicatiedeskundige, waren aanwezig. Dit gesprek gaf Marc volgens Dries een enorme boost: ‘Het sloeg erg bij hem aan dat het zo’n eenvoudige ontmoeting was gebleven en dat Franciscus geïnteresseerd was in wat hij deed. Het beviel hem dat er tweerichtingsverkeer was.’ De andere verkopers deelden in de vreugde: het pausinterview gaf hun een zekere status en een goed inkomen, want die krant verkocht goed. Ze vonden het
13
niet alleen een ‘goede stunt’, maar ook een ‘sterk verhaal’. Op het pausinterview kwamen alleen maar positieve reacties, ook vanuit protestantse hoek. Zelf was Frank Dries het meest getroffen door ‘de gedrevenheid van de paus, het oogcontact en de hele setting’. ‘De sfeer was open. Dat het gesprek steeds informeler werd, was een goed teken.’ Het blijft een raadsel waarom Franciscus bereid was om te praten met een klein krantje dat een oplage heeft van 4000 à 5000 exemplaren, en niet met de Engelse tegenhanger The Big Issue dat wekelijks 2 miljoen exemplaren verkoopt. Dat de initiatiefnemers bij hun aanvraag vermeld hadden dat ze het interview met de andere 120 daklozenkranten wilden delen, heeft ‘misschien’ de doorslag gegeven. Zeven jaar later is Dries nog altijd dankbaar voor deze unieke kans. ‘Je moet dit zien als een meteoorinslag. Het gebeurt eens in een miljard jaar dat je als krantje zo’n kans krijgt. Dat was het. Wees er blij mee en zuinig op. Dan kun je er nog lang veel plezier van hebben.’
De paus van de armen Sinds zijn aantreden roept Franciscus de wereld op om de armen in de maatschappij te omarmen. Antoine Bodar, sinds 2021 rector van de Friezenkerk in Rome, noemt dat ‘onovertroffen’. ‘Gerealiseerd heeft paus Bergoglio de wereldwijde aandacht voor de armen en de misdeelden. Hij is de vriend van de bedelaars en de thuislozen, zoals Jezus ons heeft voorgedaan. In Rome laat hij dat concreet zien.’ Mgr. de Korte, sinds 2016 bisschop van ’s-Hertogenbosch, herinnert eraan dat Bergoglio’s voorkeurs liefde voor de armen volledig in lijn ligt met veel Bijbelse verhalen. Opvallend is dat Franciscus in zijn teksten ook een boodschap heeft voor de armen. In plaats van ‘verlamd’ op de bodem te liggen, verwacht hij van hen dat ze zelf een uitweg zoeken of zich
14
ARMOEDE
laten helpen. In de armen ziet hij geen ‘objecten van goede opvattingen’ maar ‘subjecten van de verandering’. Kees Zevenbergen is algemeen directeur van Cordaid, een organisatie voor ontwikkelingssamenwerking, voortgekomen uit zes katholieke maatschappelijke organisaties in Nederland. Met hun inzet voor ‘de weerlozen, de kwetsbaren, de verdrukten’ in landen en gebieden overzee vertalen ze de boodschap van het evangelie en wat zo sterk geleerd is door Franciscus: ‘We werken voor en met de armen en hun organisaties.’ Zevenbergen is het met de paus eens dat een ‘duurzame armoedebestrijding’ pas mogelijk is als die gebaseerd is op ‘de energie, de kunde, de netwerken en de omgeving van de mensen die in armoede leven’. ‘Je kunt het probleem nooit voor anderen oplossen. Armen en hun organisaties moeten het uiteindelijk zelf doen. Maar mensen kunnen zo arm zijn dat ze geen energie meer hebben, of zo ziek of verdrukt dat ze geen eerste stap meer kunnen zetten. Dan moet je voor hen staan en zeggen: ik ga met mijn sterke schouders jullie nu even beschermen en het voor jullie opnemen.’ Franciscus’ grote inzet voor de armen heeft volgens Frank Dries veel indruk gemaakt op de Nederlanders. ‘Door zijn Argentijnse achtergrond zit dit aandachtspunt al in zijn bloed. De voeling met het gewone spreekt Nederlanders aan.’ Toch vindt hij dat de paus en de Kerk nog meer voor de armen kunnen doen: ‘Het is allemaal toch wel een beetje te braaf. Je hoeft als Kerk niet alleen het brood te breken en de wijn uit te delen. Je kunt ook zeggen: we zullen jullie helpen de situatie zelf te verbeteren.’ Dat is volgens Dries noodzakelijk omdat ‘daklozen het zo druk h ebben met overleven dat ze geen tijd of vaardigheden hebben om dingen met elkaar te delen en als groep naar voren te treden’. Vlaams minister van Armoedebestrijding Benjamin Dalle vindt het positief dat Franciscus uitgaat van het idee dat ‘elke persoon telt en het goed moet hebben op de aarde’, een filosofie die de CD&V-politicus ook in de christendemocratie en het
15
personalisme terugvindt. Op de vraag of de paus erin slaagt om de armoedeproblematiek hoog op de internationale agenda te plaatsen, komt een genuanceerder antwoord. ‘Tegenwoordig is het een moeilijk tijdsgewricht om het armoedethema aan te kaarten omdat er heel wat prioriteiten op internationaal gebied zijn. Bovendien is er een groeiende polarisering en een toenemend populisme en zijn de oorzaken van armoede complex. Het heeft te maken met het kapitalistische wereldsysteem dat onvoldoende gecorrigeerd wordt door sociale en economische correcties, maar je merkt dat we zelfs in een land als België er niet in slagen om de armoede volledig weg te nemen.’ Lieve Herijgers vindt het terecht dat Franciscus de ‘paus van de armen’ genoemd wordt. Zij is directeur van Broederlijk Delen, een Vlaamse solidariteits- en ontwikkelingsorganisatie met een christelijke inspiratie. ‘De voorkeursoptie voor de armsten brengt de paus zelf in de praktijk en schuift hij naar voren als een richtingwijzer.’ Het is voor haar een ‘radicaal evangelische keuze’ die de hele Kerk zou moeten maken en die ook terug te vinden is in de evolutie van de Sociale Leer van de Kerk. Verder onderstreept ze dat de rol van de Heilige Stoel bij de bestrijding van armoede in de wereld niet te onderschatten is. ‘De Heilige Stoel heeft topdiplomaten die in alle uithoeken van de aarde goedeinformatie krijgen over de situatie van de lokale bevolkingen. Men kan dus goed weten wat de sociale situatie in de verschillende landen is en hoe de houding van het politieke bestel ten opzichte van die situatie is.’
Een arme Kerk voor de armen Aan de priesters van zijn aartsbisdom vroeg Bergoglio uitdrukkelijk om naar de oorden van pijn, ellende en armoede rond Buenos Aires te trekken. Als paus herhaalt hij dat de realiteit pas begrepen
16
ARMOEDE
kan worden vanaf de rand. De ‘periferie’ betekent de uiteinden van de wereld, maar ook de grenzen van het menselijke bestaan, waar affectie, integratie, respect of religieus leven ontbreken. Ook deze morele, spirituele, intellectuele noden zijn vormen van armoede en moeten volgens de paus aangepakt worden. Franciscus droomt van een ‘arme Kerk voor de armen’. Dit is een Kerk die naar de mensen in de randgebieden van de maatschappij stapt, hen in de ogen kijkt en omarmt. Doordat de armen door hun eigen lijden de lijdende Christus kennen, kan de Kerk veel van hen leren. Franciscus citeert graag de woorden van de diaken Laurentius, die als martelaar stierf, tot de keizer: ‘De armen zijn de schatten van de Kerk.’ Daarom moeten ze beschermd worden. Vlaams minister van Welzijn Hilde Crevits vindt dit een ‘prachtig beeld’. Ze denkt dat die gedachte in het licht van de huidige socio-economische crisissen ‘relevanter dan ooit’ is. ‘Het is in de zorg voor de meest kwetsbaren dat een samenleving zijn ware gelaat toont.’ Een arme Kerk die aan de kant van de zwakken staat, is een Kerk die kijkt naar de concrete mens. Dit kan volgens Franciscus alleen als de zielzorger onder de mensen is en aandacht heeft voor hun pastorale noden. Zo’n Kerk is niets anders dan de ‘Kerk van het evangelie’. Opdat de christelijke gemeenschappen steeds beter een concreet teken worden van Christus’ liefde voor de meest behoeftigen, heeft Franciscus de Werelddag van de Armen in het leven geroepen (2017). Bernard de Cock, prior van het Sint-Dominicusklooster in Brussel, verwacht van een ‘arme Kerk voor de armen’ dat ze een ‘kritisch geluid’ biedt aan het neoliberalisme, waar ‘de rijken rijker en de armen armer worden’. Bovendien moet ze ‘haar macht ten dienste stellen, niet aan zichzelf maar aan de mensen’. In de voorbije tien jaar heeft Franciscus volgens de Vlaamse dominicaan laten zien dat hij zelf een keuze maakt voor de armen. Dit is zichtbaar in sterke acties, maar ook in kleine dingen die ‘symbolisch zeer belangrijk zijn’, zoals het dragen van sobere
17
k ledij, zwarte schoenen en de keuze van een eenvoudige woonplaats. De Vlaamse historicus en filoloog Jan De Volder definieert een ‘arme Kerk’ als ‘een Kerk die oordeelkundig omgaat met de middelen en daarin haar nederigheid erkent’. ‘De middelen zijn er niet om op te potten, maar wel om dienstbaar te zijn en het evangelie in onze tijd gestalte te geven, maar zonder daarvoor slaaf te zijn van een bepaalde publieke opinie die wil dat ze zich conformeert aan wereldse normen.’ Het gaat om een Kerk die ‘beseft dat haar toekomst en haar wezen niet afhangt van de middelen die ze heeft’ en die ook ‘rijk kan zijn in spirituele kracht’. Mgr. Hendriks, sinds 2020 bisschop van Haarlem- Amsterdam, beklemtoont dat het bij een ‘arme Kerk’ vooral om een ‘levenshouding’ gaat. ‘Franciscus heeft het over een Kerk die met open handen staat, die eenvoudig naast anderen staat, die weet dat ze afhankelijk is van de Heer.’ Hannah Van Quakebeke, priorin van Onze-Lieve-Vrouw van Bethanië, ziet in Bergoglio’s visie dat de Kerk arm moet worden om evangelisch te zijn een sterke oproep voor haar eigen benedictijner zustergemeenschap. Hieraan linkt ze het beeld van een ‘nederige en dienende Kerk’. ‘Dat vind ik een sterke boodschap voor ons christelijk leven om sober, arm, eenvoudig te gaan leven. Voor mij is dit ook een stuk nederigheid: gewoon zijn wie we zijn.’
De pracht en de praal Voor Franciscus zijn gelovigen pas geloofwaardig als ze hun woorden in daden omzetten. Een luxueus leven druist in tegen een evangelie waarin de armen centraal staan. Hij beseft dat het moeilijk is om die ‘cultuur’ te veranderen, want in de Kerk bestaat een ‘lange traditie van het wereldse’ en is macht verweven met luxe en geld. Ondanks zijn inspanningen blijft de kritiek op de rijkdom van het Vaticaan en de Kerk. De Vlaamse econoom Paul
18
ARMOEDE
De Grauwe vindt het verhaal van de paus dat we meer moeten doen voor de armen ‘niet honderd procent geloofwaardig’. ‘Volgens het evangelie moet de Kerk een Kerk voor de armen zijn. Dat betekent dus ook dat de baas van zo’n instelling het voorbeeld moet geven. Waarom gaat hij niet veel verder en trekt hij bijvoorbeeld ergens naartoe? Weg van het Vaticaan dat geassocieerd wordt met een verleden dat er dikwijls eentje was van macht, opulentie, corruptie? Dit zou echt een stap zijn in de richting van een Kerk van de armen.’ Ook Frank Dries heeft het over een ‘paradox’. ‘Zeker in onze huidige tijd zou je die rijkdom kunnen omzetten in middelen voor armen. Maar het gaat ook om een cultureel instituut dat een verplichting heeft om al de verzamelde pracht en praal te behouden.’ Jan De Volder vindt dat de Kerk nog altijd een ideaal van schoonheid mag voorstellen: ‘Schoonheid is ook iets dat tot het hart van de mensen spreekt en de boodschap van het evangelie kan incarneren, doorgeven en mensen raken.’ De kritiek op de ‘te rijke Kerk’ is naar zijn inschatting ‘zeer belegen’. ‘Ik denk dat men in zeer simplistische ideologische categorieën nadenkt. Het is een beetje een oude linkse ideologische kritiek die bij sommigen nog leeft.’ Khalid Benhaddou, imam van de El Fath-moskee in Gent, merkt dat de paus het moeilijk heeft om zijn ‘streven naar materiële armoede en spirituele rijkdom’ om te zetten in beleid, omdat hij ‘binnen een instituut fungeert, waarmee ook macht gepaard gaat’. ‘Als je aan het hoofd van een instituut wilt blijven en tegelijk tabula rasa wilt doen, wordt dit de processie van Echternach.’ Voor de imam zou het wel mooi zijn, mocht de Kerk zich ‘iets bescheidener’ opstellen omdat ‘het inderdaad ingaat tegen de geest van Jezus’ boodschap, de eenvoud’. Dat is volgens hem eigen aan alle instituten: ‘Op het moment dat je iets institutionaliseert, draagt die institutionalisering sowieso een zekere verrotting in zich. Het instituut is meer bezig met het instituut zelf dan met de kernboodschap die aan de basis lag van
19
dat instituut. Dat geldt evenzeer voor de katholieke Kerk als voor islamitische instituten, waar ik ook vaak weinig de kernboodschap van de islam in ontwaar.’ Patrick Renault, sinds 2020 ambassadeur van België bij de Heilige Stoel, herinnert zich dat men hem op tienjarige leeftijd zei dat de paus een ‘telefoon van goud’ heeft. Tot op heden bezit het Vaticaan een groot patrimonium, maar het is volgens zijn inschatting geen vijf procent van het patrimonium dat de Harvard University in de Verenigde Staten heeft. ‘Als we over het patrimonium van het Vaticaan praten, hebben we het over kerken, religieuze instellingen, die niets renderen, maar een fortuin kosten.’ Verder wijst de Belgische diplomaat erop dat onder de 4500 mensen die in het Vaticaan werken, meer en meer leken zijn. ‘Die kosten veel geld: salaris, sociale bijdrage, pensioen. Wie denkt dat de werknemers van de paus rijkelijk vergoed worden, heeft het mis. De salarissen van de leken zijn kleiner dan in Italië. Het salaris van de kardinalen is vergelijkbaar met dat van een Belgische leraar secundair onderwijs op het einde van zijn carrière.’
De bevrijdingstheologie Bergoglio is vertrouwd met de bevrijdingstheologie.Volgens deze theologische stroming zijn de Latijns-Amerikanen niet arm geboren, maar zorgen de rijken ervoor dat ze arm worden en geen kans krijgen op een gelijkwaardige toegang tot de rijkdommen van hun land. Voor hen is het duidelijk: als de Kerk de ‘optie voor de armen’ ernstig neemt, moet ze zich ook mengen in de politieke belangen om een rechtvaardige maatschappij mee op te bouwen. Zelf noemt de paus zich geen bevrijdingstheoloog en wijst op het verschil in aanpak. De bevrijdingstheologie begint van bovenaf: ze heeft een concept en dit wordt dan toegepast op de realiteit. Bergoglio gaat van de realiteit van de mensen uit en denkt van
20
ARMOEDE