Skip to main content

9789401477291

Page 1

Mijn baby

Alles wat je moet weten over je baby van 0 tot 12 maanden

Prof. dr. Christine Vanhole UZ Leuven


Inhoud Inleiding

ONSCHULDIGE KWAALTJES WAAR JE BABY LAST VAN KAN HEBBEN 51

13

Onschuldige (fysiologische) geelzucht 52

1

Niezen en neusverstopping 53

De geboorte van je baby

Oogkorstjes 53 Huidvlekken en huiduitslag 54

17

Navelgranuloom 58 Navel bloedt/blijft afscheiding geven  58

DE BEVALLING EN DE EERSTE SCHREEUW  18

Navelbreuk 58 Waterbreuk 59 Liesbreuk  59

DE NAVELSTRENG DOORKNIPPEN 19

Roodgekleurde urine 60 Borstklierzwelling 60

DE ‘APGAR-SCORE’ 21 HET GOUDEN UUR: HUID-OP-HUID­ CONTACT NA DE GEBOORTE 26 Hormonen, hormonen, hormonen… 26

Vaginaal bloedverlies bij meisjes 60

3

De geboorte van een mama  67

DE EERSTE ZORGEN VOOR JE BABY  28 Vingers en teentjes tellen 28 De eerste zorgen 28

OVER MAMA WORDEN: HET MOEDERGEVOEL 71

Het geboortegewicht 29

EEN PARCOURS MET HINDERNISSEN 71

2

De eerste levensweek van je baby  35

EEN NIEUW GEZINSLID ERBIJ! 37

BABYBLUES 75 Wat is het? 75 Wat kun je eraan doen? 75

Zoeken naar een nieuw evenwicht 37

DE BABYBLUES TOT DE TWEEDE MACHT: POSTNATALE DEPRESSIE 80

Hoe laat je broertje(s) en/of zusje(s) wennen

Wat is het? 80

aan de nieuwe baby? 38

Mogelijke signalen 80 Wat kun je eraan doen?  80

VAN DE KRAAMKLINIEK NAAR HUIS 40

Risicofactoren  81

Hoelang verblijf je gemiddeld in de kraamkliniek? 41

Hoe kun je als partner (familielid of vriend)

Wie ondersteunt jou en je baby thuis?  43

hulp bieden?  81

OPVOLGING EN ONDERZOEKEN TIJDENS DE EERSTE WEEK 45

Wat is het? 87

POSTNATALE PSYCHOSE 87

Evaluatie door de vroedvrouw 45

Mogelijke signalen 87

Het ‘zevende-dag-onderzoek’ 47

Waar komt dit vandaan? 87

Opvolging van jou als mama  47

Risicofactoren 87 Wat kun je eraan doen? 87

5


4

Zorgen voor je baby: thuis en op stap

JE BABY IS NOG NIET ‘AF’ NA 9 MAANDEN ZWANGERSCHAP  110

89

DE VERZORGING VAN JE BABY 90

JE BABY GROEIT: MIJLPALEN IN ZIJN ONTWIKKELING  111

In bad 90

4 ontwikkelingsgebieden 111

Verzorging van het naveltje 90

Overzicht van de mijlpalen 113

Luierwissels  91

DE GEZONDHEID EN ONTWIKKELING VAN JE BABY LATEN VOLGEN 117

Nagels knippen 91 Tandenpoetsen 92 Je baby aankleden  92 Schoentjes 92

OVERGANG NAAR DE ONTHAALOUDER OF DE CRÈCHE 93

GROEI EN ONTWIKKELING VAN JE BABY: 0 TOT 2 MAANDEN 118 Groeien en bloeien maar!  118 Spreek- en taalvaardigheid  118 Motoriek  122

Hoe kun je zorgen voor een vlotte overgang naar het kinderdagverblijf?  93

DE VEILIGHEID VAN JE BABY  95

ONTWIKKELING VAN DE ZINTUIGEN VAN JE BABY 124

Hoofdje ondersteunen 95

Je baby voelt  124

Kinderstoel 95

Je baby proeft en ruikt 124

Je huis en tuin kindveilig maken  95

Je baby hoort  125

Huisdieren  96

Je baby ziet  126

OP STAP MET JE BABY  99 Luiertas 99

GROEI EN ONTWIKKELING VAN JE BABY: 2 TOT 6 MAANDEN 127

Babyzwemmen 100

Groei 127

Wandelen met je baby  101

Spreek- en taalvaardigheid 127

Met de fiets 101

Motoriek 129

Met de auto 102

Cognitieve ontwikkeling 130

Met het vliegtuig 103

GROEI EN ONTWIKKELING VAN JE BABY: 6 TOT 12 MAANDEN 131

5

Groei en ontwikkeling van je baby tijdens zijn eerste levensjaar

105

JE BABY ‘GROEIT’: GEWICHT, LENGTE EN GROEICURVES 106 Groeicurve gewicht jongens 0 tot 1 jaar 107 Groeicurve gewicht meisjes 0 tot 1 jaar 107 Groeicurve hoofd jongens 0 tot 1 jaar 108 Groeicurve hoofd meisjes 0 tot 1 jaar 108 Groeicurve lengte jongens 0 tot 1 jaar 109 Groeicurve lengte meisjes 0 tot 1 jaar 109

6

Groei  131 Spreek- en taalvaardigheid 133 Motoriek 136 Cognitieve ontwikkeling 138


6

Voeding

HOE BEREID JE EEN FLESJE? 181

145

Kunstmelk bewaren 181

Het belang van voeding

146

MELK 147 BORSTVOEDING 147

Borstvoeding 149

HOE GEEF JE EEN FLESJE?  182 HOE VAAK GEEF JE EEN FLESJE?  182 DIEETKUNSTVOEDING VOOR BABY’S 183 Koemelkeiwitallergie 183 (Gastro-oesofageale) reflux (GER)  185 Gastro-oesofageale refluxziekte (GORZ) 185

DE VOORDELEN VAN BORSTVOEDING  149

Resorptiestoornissen 189

Voor je baby 149

Vroeggeboorte 189

Lactose-intolerantie 189

Voor jou, als mama 149

DE BASICS VAN BORSTVOEDING 152 Hoe kun je je kansen op succesvolle borstvoeding vergroten? 152 ‘Stoorzenders’ bij het opstarten van borstvoeding  155 Hoe leg je je baby aan? 157

FLESVOEDING VANAF 1 JAAR 190

Complementaire of vaste voeding 193

Hoe weet je dat de borstvoeding goed loopt? 161

BORSTVOEDINGSKWAALTJES 162

WANNEER EN HOE START JE MET VASTE VOEDING? 193

Stuwing 162 Borstontsteking 163

WELKE VASTE VOEDING GEEF JE EN HOE BEREID JE DIE? 195

Spruw en schimmelinfecties 163

Alles kan, alles mag?  196

Pijnlijke tepels en tepelkloven 163

WANNEER EN HOE VAAK LEG JE JE BABY AAN? 164

Niet te veel zout en zoet  197 Zorg voor een voldoende aanbod aan ijzer en vitamine B12  197

Hongersignalen bij je baby 165 Aan welke borst leg je aan? 166

HOE GEEF JE JE BABY VAST ETEN? 199 Baby-led weaning methode 200

STOPPEN MET BORSTVOEDING OF AFBOUWEN 169 Hoe bouw ik af? 169 Enkele tips voor je baby 171 Enkele tips voor jou 171 Wanneer hoef je niet te stoppen met borstvoeding?  172

Flesvoeding 175 WAT IS ‘KUNSTVOEDING’?  175 WAT HEB JE NODIG BIJ FLESVOEDING?  177

7


7

ECZEEM 234

Slaap

203

Wat is het? 234 Wat kun je eraan doen? 234

Waarom heeft mijn baby zoveel slaap nodig? 206

Mond en ogen 236 SPRUW  236

Hoe(lang) slaapt

TE KORT TONGRIEMPJE  236

je baby? 208

OOGKORSTJES  236

0-2 MAANDEN 208

SCHEELZIEN  236 Wat is het? 236

2-12 MAANDEN 213

Oorzaak? 236

Een vast slaap-­waakstramien 213

Wat kan ik eraan doen? 236

Hoera: je baby slaapt ’s nachts door! 214

TRANENDE OOGJES  237

Hoe leg je je baby veilig te slapen?  221 Wat is wiegendood?  221 Wat kan wiegendood in de hand werken? 221

Wat is het? 237 Wat kun je eraan doen? 237

Braken, urine en ontlasting 238

Wanneer is een slaaptest en/of thuismonitoring zinvol? 221

GALKLEURIG VOCHT BRAKEN  238

Hoe kun je wiegendood voorkomen? 222

ROODGEKLEURDE URINE  238

8

Kleine en grote kwaaltjes  229

DIARREE  238 Wat is het? 238 Oorzaak? 238 Wat kun je eraan doen? 239

CONSTIPATIE 240

Huid 230

Wat is het? 240 Wat kun je eraan doen? 240

TYPISCHE HUIDKWAALTJES TIJDENS DE EERSTE LEVENSWEKEN 230 SEBORROE (MELKKORSTJES) 232 Wat is het? 232

Koorts 241 WAT IS KOORTS? 241

Oorzaak? 232 Wat kun je eraan doen? 232

WANNEER HEB JE KOORTS? 241

BABY-ACNE 233

WAT KUN JE ERAAN DOEN? 243

Wat is het? 233 Oorzaak?  233 Wat kun je eraan doen? 233

8

WANNEER MOET JE EEN ARTS RAADPLEGEN?  243


WANNEER GEBRUIK JE KOORTSWERENDE MIDDELEN? 244

Luchtwegen 245

Beendergestel 253 CONGENITALE/AANGEBOREN HEUPDYSPLASIE OF HEUPLUXATIE  253 Wat is het? 253 Oorzaken? 253

NIEZEN EN NEUSVERSTOPPING  245

Hoe wordt het onderzocht? 254 Wat kun je eraan doen? 254

ACUTE MIDDENOORONTSTEKING (OTITIS MEDIA ACUTA) 245

O-BENEN 256

Wat is het? 245 Wat kun je eraan doen? 245

RSV 246

AANGEBOREN SCHEEFHALS OF TORTICOLLIS (TORTI = GEDRAAID; COLLIS = HALS) 256

Wat is het? 246 Wat kun je eraan doen? 246

KLOMPVOET 258 Wat is het? 258

(VALSE) KROEP 248

Wat kun je eraan doen? 258

Wat is het? 248 Wat kun je eraan doen? 248

KINKHOEST 249 Wat is het? 249

METATARSUS ADDUCTUS (NAAR BINNEN GEBOGEN VOORVOET) 259 Wat is het? 259 Wat kun je eraan doen? 259

Wat kun je eraan doen? 249

Kinderziekten 250 WATER- OF WINDPOKKEN 250 Wat is het?  250

Over jongens en meisjes 261 TYPISCHE PROBLEMEN DIE AL TIJDENS DE EERSTE LEVENSWEEK OPDUIKEN  261

Wat kun je eraan doen? 251

NIET-INGEDAALDE TEELBALLEN 261

DE ZESDE KINDERZIEKTE 252

Wat is het? 261

Wat is het?  252

Wat kun je eraan doen? 261

Wat kun je eraan doen? 252

VERKLEEFDE VOORHUID 262

Navel

Wat is het? 262  252

NAVELGRANULOOM  252 NAVELBREUK  252

Hoofd 253 AFGEPLAT HOOFDJE 253

Wat kun je eraan doen? 262

Tests en vaccinaties 263 TESTS  263 De hielprik  263 De gehoortest (BERA- of ALGO-test)  263

VACCINATIES 264

9


9

Extra speciale baby’s: vroeggeboren baby’s en tweelingen

267

Vroeggeboren baby’s 271

Niet één maar twee: een tweeling!

301

ZWANGERSCHAP VAN MEER DAN ÉÉN BABY 301 EEN AANTAL PRAKTISCHE TIPS EN WEETJES BIJ DE GEBOORTE VAN

MIJN BABY WORDT TE VROEG GEBOREN 271 Wat is ‘vroeggeboorte’?  271 Wat zijn de oorzaken?  271 Kan vroeggeboorte voorkomen worden? 271

JE TWEELING 306

Bronnen

309

Index

311

WAT ZIJN DE MOGELIJKE MEDISCHE GEVOLGEN VAN EEN VROEGGEBOORTE VOOR JE BABY? 275 De groei van je baby 276 De stofwisseling 278 De ademhaling  279 Het hart en de bloedsomloop 281 Voeding en het maag-darmstelsel 283 Het afweersysteem 284

BELANGRIJKE TELEFOONNUMMERS

De ogen 285 Het zenuwstelsel  286

JE BABY OP NEONATALE INTENSIEVE ZORG (NICU - NEONATALE INTENSIVE CARE UNIT) 287 Je gezin in de hoofdrol 287

PREMATUUR OUDERSCHAP 291 Trauma 291 Machteloosheid, jaloezie en woede 294

OPVOLGING VAN JE BABY NA EEN VROEGGEBOORTE 299

10

» Belgisch Antigifcentrum: 070 245 245 (In Nederland neem je contact op met je huisarts.) » Noodnummer brandweer, politie en medisch team: 112 » Vertrouwenscentrum Kindermis­ handeling (België): 1712 » Veilig Thuis (adviespunt en meldpunt voor huiselijk geweld en kindermishandeling in Nederland: 0800 - 20 00 (gratis))


Mama zijn = Beangstigend Mooi Intens Onbeschrijfelijk Allesomvattend Allesveranderend Het beste gevoel ever

11


12


Inleiding Dit boek gaat over een van de mooiste en tegelijk ook meest overweldigende gebeurtenissen in een mensenleven: het krijgen van een kind. Zo gauw de baby zijn beschermende cocon – de baarmoeder – verlaat, begint het leven samen met jou als moeder, jullie als ouders. Tijd om te koesteren, te troosten, te voeden en op te voeden.

De laatste paar decennia ging er veel aandacht naar wetenschappelijk onderzoek rond de ontwikkeling van het jonge kind. Dit bracht ons enkele bijzonder waardevolle inzichten. Een jong, zich ontwikkelend kind bereikt in de loop van de eerste levensjaren niet alleen tal van motorische en verstandelijke mijlpalen. Het ontwikkelt zich tegelijk als een gevoelswezen in sociale interactie met zijn ouders en omgeving. We kunnen de leefwereld van een kind voorstellen als een steeds groter wordende cirkel, te beginnen bij de kleine intieme gezinskring, die zich geleidelijk uitbreidt tot de grote cirkel die ‘wereld’ heet. De leefwereld van je kind gaat zich met andere woorden gaandeweg verruimen, totdat het kind letterlijk en figuurlijk als volwassene op eigen benen staat, veilig ingebed in de ‘grotemensenwereld’. Lang ging men ervan uit dat onze erfelijke bagage, ons DNA zeg maar, de blauwdruk was van de volwassene die we later zouden worden. Gaandeweg werd echter duidelijk dat de

omgeving waarin we leven, onze vroege ervaringen en relaties met anderen, een even grote rol spelen in onze ontwikkeling. Er is met andere woorden een voortdurende wisselwerking

Inleiding

13


tussen onze genetische of biologische aanleg enerzijds en onze omgeving en leefwereld anderzijds. Dit samenspel kneedt ons tot de volwassenen die we zijn. Zo zullen positieve ervaringen onze ontwikkeling tot een gezond, verstandig en sociaal gevoelswezen in de hand werken, maar kunnen negatieve ervaringen jammer genoeg ook schadelijk zijn en een normale ontwikkeling in de weg staan. Al vanaf het letterlijke ‘prille begin’, de bevruchting, is onze ontwikkeling onderhevig aan omgevingsfactoren. Deze verhoogde gevoeligheid en ook kwetsbaarheid strekt zich uit tot de kleuterleeftijd. Al heel vroeg in het leven worden dus de fundamenten gelegd voor het volwassen leven. In dit boek focussen wij op het prille begin: het eerste levensjaar. In de loop van dat eerste levensjaar staat er indrukwekkend veel te gebeuren. Groei en ontwikkeling verlopen met reuzensprongen.

14

Inleiding

Het hulpeloze wezentje dat een pasgeboren baby is, groeit in amper één tot anderhalf jaar uit tot een communicatieve peuter die letterlijk op eigen benen kan staan en het verdere leven tegemoet stapt. De behoefte aan geborgenheid en bescherming binnen het gezin, maar ook de kwetsbaarheid is dan het grootst. De band die in het prille begin tussen jou en je kind gesmeed wordt, is daarom van cruciaal belang. Noem het gerust het broodnodige cement voor een stevige plek in deze wereld. Met dit boek hopen we jullie tijdens deze wonderlijke, maar ook kwetsbare eerste levensmaanden ondersteuning te bieden in jullie ouderrol en inzichten te verschaffen rond belangrijke ingrediënten voor de ontwikkeling van jullie baby.


Inleiding

15


16

Inleiding


1 De geboorte van je baby

Na maandenlang uitkijken naar je baby is het moment eindelijk daar: je kindje wordt geboren. De emoties gieren waarschijnlijk door je lijf, van bang tot dolgelukkig. Wat een ongelofelijk en mooi moment. Wat gebeurt er nu precies na de bevalling met jou en je baby? Wat kun je verwachten?


MAMA VERHALEN

Mijn lichaam voelt aan alsof het een marathon heeft gelopen en mijn hart staat wijd open door de reis van gisteren. Een geboorte opent ons zoals een aardbeving de aarde opent, en ik bevind me nog altijd in die intieme, fragiele weeën van die opening. Het is alsof ik me op het golvende oppervlak begeef van de kabbelende oceaan en heen en weer word gegooid tussen blijdschap, melancholie, dankbaarheid en verdriet. De leegheid van mijn baarmoeder brengt een zwaar gevoel mee, confronteert me met de realiteit, maar dan is er dit nieuwe kleine leven dat zachtjes wroetend zoekt naar de borst en ik voel me weer compleet. Ik ben nog altijd die prachtige transitie waar mijn volledige gezin doorheen is gegaan aan het verwerken en ik ben in vol ontzag voor onze sterkte als mens, als vrouw en als moeder. Deze tijd is gewoon anders dan alle andere tijden. — Erica Andrews

De bevalling en de eerste schreeuw De overgang van het leven in de baarmoeder naar de buitenwereld is voor je baby een ongelofelijke inspanning, een prestatie vergelijkbaar met de beklimming van het Himalaya­gebergte. Je baby moet namelijk starten met ademen, helemaal zelfstandig. Tijdens de zwangerschap oefenen de meeste organen van je kindje de functie uit die ze later ook zullen vervullen. Maar er is één uitzondering: zijn longen. Tijdens de zwangerschap zijn het niet de longen die voor ‘gasuitwisseling’ zorgen, dat wil zeggen de aanvoer van zuurstof en afvoer van koolzuurgas, maar de moederkoek/placenta en de navelstreng. Bij de geboorte nemen de longen deze rol van de moederkoek over, in een paar seconden zelfs, dankzij de eerste schreeuw van je kindje. Je baby ademt voor de eerste keer zuurstof in, die overvloedig door de longen stroomt zodat ze voorgoed hun definitieve rol opnemen. Op datzelfde moment slaat het hart van je kindje letterlijk op volle toeren en zet

18

De geboorte van je baby

het een extra tandje bij om alle weefsels van de nodige zuurstof en energie te voorzien. Zodra je baby geboren wordt, wordt hij of zij op verschillende manieren geprikkeld om te ademen: » De baby wordt om te beginnen letterlijk naar buiten geperst en komt vrij abrupt in een relatief koude en felverlichte omgeving terecht. » Bovendien wordt kort na de geboorte de navelstreng afgeklemd. En juist die navelstreng zorgde voor de zuurstoftoevoer vanaf de moederkoek. Meestal is dit alles al een voldoende stimulans voor het kindje om het op een regelmatig ademen te zetten. De vroedvrouw/verloskundige of arts die bij de geboorte aanwezig is, waakt er uiteraard over dat dit allemaal rimpelloos verloopt. In heel korte tijd gebeurt er zoveel met je baby dat het fascinerend en zelfs wonderbaarlijk is dat de meeste pasgeborenen hier met vlag en


wimpel in slagen. Maar toch is het – gelukkig! – zo: bij ruim 90% van de bevallingen verloopt alles perfect! Idealiter wordt je baby bij een ongecompliceerde geboorte onmiddellijk op je blote borst gelegd, vervolgens afgedroogd, een

mutsje opgezet en toegedekt met een warme deken. Het ongestoord huid-op-huidcontact kan dan beginnen en dit voor minimaal één uur. Dankzij het huid-op-huidcontact slaagt je baby erin makkelijker zijn temperatuur op peil te houden (zie ook p. 26 over de voordelen van huid-op-huidcontact).

De navelstreng doorknippen En dan is het moment gekomen om de navelstreng van je baby door te knippen (afnavelen). De arts of vroedvrouw zal twee klemmen plaatsen op de navelstreng. Meestal wordt aan je partner gevraagd om dan tussen deze twee klemmen te knippen. Een spannend en emotioneel moment! Als er geen complicaties zijn (zoals strakke navelstrengomstrengeling of een moeilijke start voor de baby) wordt minimaal

60 seconden gewacht met ‘afnavelen’. Daardoor gaat er nog bloed van je placenta naar je baby en zal de rodebloedcelwaarde bij je baby hoger zijn. En zelfs 3 tot 6 maanden na de geboorte zullen de ijzerreserves van je baby hoger zijn dan bij onmiddellijke afnaveling. Nu de navelstreng is doorgeknipt, blijft er een ‘stompje’ over, dat snel zal afvallen. Hoe je het naveltje van je baby het best verzorgt, vind je op p. 90.

De geboorte van je baby

19


FAQ: Wat gebeurt er met de navelstreng van je baby na zijn geboorte? Na de geboorte wordt de navelstreng (gevuld met bloed) weggegooid, want zijn functie is vervuld. Uit de navelstreng, het deel dat met de placenta verbonden is, kan wel bloed genomen worden voor het bepalen van de conditie van je baby, zijn zuurtegraad of pH, zijn bloedgroep en nog veel meer. Je kunt het navelstrengbloed trouwens ook doneren voor stamcellen. Een stamceltransplantatie kan levensreddend zijn voor patiënten met bloedziekten zoals leukemie, afwijkingen in het beenmerg en een verstoord afweersysteem.

MAMA VERHALEN

Tijdens de bevalling werd het nog eens duidelijk: mijn man is een topman! Dat is weer maar eens bewezen. Mijn man heeft me gezien zoals nooit tevoren. Hij heeft me in de douche gezet, afgedroogd, aangekleed. Probeerde te helpen waar hij kon. Zijn aanwezigheid was voldoende. Hij heeft me in bad gezet en er weer uit gehaald. Me aangemoedigd tijdens het persen. Mij al mijn kracht zien gebruiken. Mij horen schreeuwen. Zijn dochter geboren zien worden, de navelstreng doorgeknipt. Zijn dochter vastgenomen, alsof hij nooit iets anders had gedaan. Hij heeft me na de bevalling gewassen zien worden, het bloed gezien. Hij heeft mij gezien in een weinig flatterend netbroekje met dubbel maandverband.Die blik in zijn ogen. Op dat moment besefte ik dat ik vanaf nu de liefde van mijn man moet delen met een andere meid, zijn dochter. Ik smelt. Hij gaat dat goed doen, papa zijn. — Annelies

20

De geboorte van je baby


De ‘Apgar-score’ Kort na de geboorte (na 1, 5 en 10 minuten) wordt het welzijn van je kindje geëvalueerd. Je pasgeboren baby wordt op 5 terreinen beoordeeld: de kleur, hartslag, reactie op prikkels, spierspanning en ademhaling. Een totale score van 7/10 of hoger is goed. Bij een lagere score krijgt de baby extra ondersteuning. Dat kan gaan van het toedienen van extra zuurstof tot, in het slechtste geval, beademing en hartmassage. Een roze, krachtig huilende baby zal een normale score (> 7/10) hebben en kan figuurlijk op eigen benen staan. Een baby die bijvoorbeeld niet goed doorademt, blauw en slap is, zal hulp nodig hebben.

kleur (appearance)

0

1

2

bleek/wit of blauw

normale huidskleur,

normale huidskleur

maar neigt naar blauw hartslag (pulse)

geen hartslag

trage hartslag, minder

regelmatige hartslag,

dan 100 slagen per

meer dan 100 slagen

minuut

per minuut

reageert op prikkels

reageert door te huilen

reactie op prikkels

geen reactie op

(grimace)

prikkels

spierspanning en

geen beweging

beetje beweging

volop beweging

geen ademhaling

onregelmatige adem-

regelmatige adem­

haling, baby huilt

haling, baby huilt

zwakjes

krachtig

of weg te trekken

beweeglijkheid (activity) ademhaling (respiration)

Bron: Mama worden. Lannoo, 2021.

De geboorte van je baby

21


Mama worden = geweldig trots zijn op je spruit, want die is gewoon het intelligentste, grappigste, mooiste, leukste kind ever. En ja hoor, je bent vol-ledig objectief!

22


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789401477291 by Uitgeverij Lannoo - Issuu