Ten slotte wordt beschreven welke hulp mogelijk is wanneer broers of zussen van speciale kinderen zelf problemen krijgen. Voor deze herziene uitgave is gebruik gemaakt van de meest recente onderzoeken, terwijl ook nieuwe behandelingsmogelijkheden worden genoemd. Handboek Broers en zussen van speciale en gewone kinderen is zeer geschikt voor iedereen die persoonlijk of vanuit zijn beroep - meer wil weten over broers, zussen, hun relatie en de betekenis ervan. ‘Voor u ligt het ultieme broer-zusrelatieboek. Het vat de stand van de huidige wetenschappelijke kennis samen en staat boordevol informatie, niet alleen over de broer-zus relaties, maar ook over de individuele verschillen in kindontwikkeling in verschillende domeinen, over de problemen die zich kunnen voordoen in de ontwikkeling, over het opvoeden en het functioneren van gezinnen. Frits Boer schuwt niet ook op de ongemakkelijke en veel minder besproken aspecten te focussen zoals fysieke en geestelijke mishandeling door broers en zussen en de seksualiteit binnen de broer-zus relatie, variërend van seksuele spelletjes tot seksueel misbruik’. - Prof. dr. Maja Dekovic,’ hoogleraar Orthopedagogiek Universiteit Utrecht.
Met intermezzo’s van Sheila van Berkel, orthopedagoog en broerzusrelatie expert en Kirsten Buist, ontwikkelingspsycholoog en broer-zusrelatie expert.
Over de auteur Prof. Frits Boer is emeritus hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie aan het Amsterdam UMC. Hij is expert op het gebied van de relatie tussen broers en zussen en publiceert hier regelmatig over voor vakgenoten en het algemene publiek.
ISBN 978 94 014 7536 5
www.lannoocampus.nl
Lannoo_BROERS_ZUSSEN_SPECIALE_GEWONE_KINDEREN_HERDRUK.indd 1
HANDBOEK Broers en zussen van speciale en gewone kinderen
De broer-zusrelatie wordt in dit boek beschreven in een levensloopperspectief. Daarbij komen niet alleen rivaliteit, loyaliteit en de plaats in de kinderrij aan bod, maar vooral de invloed van deze relatie op de psychische ontwikkeling en persoonlijkheidsvorming. Er is speciale aandacht voor wat het betekent op te groeien met een broer of zus met ADHD, autisme, emotionele stoornissen, cognitieve beperkingen, kanker, chronische ziektes of handicaps. Met als centrale vraag hoe ogenschijnlijk belastende ervaringen een positieve uitwerking kunnen krijgen.
Frits Boer
LEES OVER DE IMPACT VAN ONZE MEEST LANGDURIGE RELATIE, DE BROER-ZUSRELATIE
H A N D B O E K
Broers en zussen van speciale en gewone kinderen Invloed op ontwikkeling en gedrag
Frits Boer
HERZIENE UITGAVE
9 789401 475365 >
15-04-21 11:37
HANDBOEK
BROERS EN ZUSSEN VAN SPECIALE EN GEWONE KINDEREN Invloed op ontwikkeling en gedrag
Frits Boer
D/2021/45/377 – isbn 9789401475365– nur 770 Vormgeving omslag: Agraphic design, Apeldoorn Vormgeving binnenwerk: Adept vormgeving, Velserbroek Auteursfoto omslag: René Schotanus, Terheijden © Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 2020 Dit boek is een uitgave van Uitgeverij LannooCampus (Amsterdam en Leuven). LannooCampus maakt deel uit van Uitgeverij Lannoo nv. Eerste druk, 2021 Alle rechten voorbehouden. Behoudens de uitdrukkelijk bij de wet bepaalde uitzonderingen mag niets van deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, door middel van druk, fotokopie, microfilm, of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Uitgeverij LannooCampus Postbus 23202 Vaartkom 41 1100 DS Amsterdam (Nederland) 3000 Leuven (België) www.lannoocampus.com
Inhoud WOORD VOORAF DOOR PROF.DR. MAJA DEKOVIĆ
10
1 DE BROER-ZUSRELATIE - DEFINITIE EN KENMERKEN 13
1.1 Siblings, brussen of broers/zussen
14
1.2 Kenmerken
15
1.3 Wat is dat, een relatie?
17
1.4 Een relatie heeft talrijke gezichten
18
1.5 Hoe de ouder-kindrelatie en de broer-zusrelatie elkaar beïnvloeden
19
2 DE BROER-ZUSRELATIE IN DE LEVENSLOOP 23
2.1 De geboorte van een relatie: de keus voor een tweede kind
24
2.2 De geboorte
25
2.3 De peuter- en kleutertijd
27
2.4 De schoolleeftijd
28
2.5 De adolescentie
30
2.6 De volwassenheid
31
2.7 Ouderdom
33
3 DE POSITIE IN HET GEZIN
37
3.1 De plaats in de kinderrij
38
3.2 Tweelingen
43
3.3 Het enig kind
50
3.4 Nieuw samengestelde gezinnen
53
3.5 Multiculturele aspecten
57
4 DE DYNAMIEK VAN DE BROER-ZUSRELATIE
63
4.1 Rivaliteit, jaloezie, competitie en afgunst
64
4.2 Conflicten
69
4.3 Seksualiteit in de broer-zusrelatie
79
Intermezzo Sheila van Berkel, orthopedagoog en broer-zusrelatie expert
88
5 HOE BROERS-ZUSSEN ELKAAR EEN STEMPEL OPDRUKKEN
95
5.1 Zelfbeeld
96
5.2 Persoonlijkheid
97
5.3 Agressie als nuttige emotie
100
5.4 Agressie als antisociaal gedrag
101
5.5 Bescherming bij stress
104
5.6 Morele ontwikkeling
104
5.7 Sociale vaardigheden
107
5.8 Sociale intelligentie
108
6 WANNEER EEN BROER OF ZUS ERNSTIG ZIEK OF GEHANDICAPT IS
113
6.1 Speciale kinderen
114
6.2 Speciale gezinnen
115
6.3 Kritische perioden
115
6.4 Ouders en kinderen
120
6.5 Verstoorde ouder-kindrelaties
127
6.6 Grootouders
133
6.7 Leeftijdgenoten
134
7 ALS EEN BROER OF ZUS LICHAMELIJK ZIEK IS
137
7.1 Van A(stma) tot Z(iekte van Crohn)
139
7.2 Cystische fibrose (CF)
140
7.3 Kinderkanker
145
7.4 Zintuiglijke beperkingen
154
7.5 Andere lichamelijke ziekten
157
7.6 De onderlinge relatie van de broers of zussen
158
8 ALS EEN BROER OF ZUS ERNSTIGE PSYCHISCHE PROBLEMEN HEEFT 161
8.1 Wat is autisme?
163
8.2 Andere psychische stoornissen
170
Intermezzo Kirsten Buist, ontwikkelingspsycholoog en broer-zusrelatie expert
175
9 ALS EEN BROER OF ZUS NIET MEE KAN KOMEN
181
9.1 Verstandelijke beperking: normale variatie en syndromen
182
9.2 De zorgbelasting
184
9.3 De emotionele belasting
185
9.4 De broer- of zusrelatie bij verstandelijke beperking
189
9.5 De volwassenheid
190
10 BROERS EN ZUSSEN VAN SPECIALE KINDEREN ALS VOLWASSENE
193
10.1 Volwassenen met een speciale broer of zus
194
10.2 Anna, Daniel en John
197
10.3 Kathy en Cris
199
10.4 De sporen van de jeugd
202
10.5 Stress
203
10.6 Coping
203
10.7 Verwerking van jeugdervaringen (mentale representatie)
206
10.8 Ontwikkelingsopgaven
210
10.9 Soms moet de appel ver van de boom vallen
213
11 ALS EEN BROER OF ZUS OVERLIJDT
217
11.1 Het begrip van de dood
218
11.2 De reactie op het overlijden
220
11.3 Als je broer of zus is vermoord
223
11.4 De gevolgen in de jaren erna
223
11.5 Veranderingen binnen het gezin
226
11.6 Gevolgen op de volwassen leeftijd
231
11.7 Als een van een tweeling overlijdt
232
11.8 Het overlijden van een broer of zus op volwassen leeftijd
234
12 PROBLEMATISCHE BROER-ZUSRELATIES: PREVENTIE EN THERAPIE 239
12.1 Bevorderen van een positieve broer-zusrelatie
241
12.2 Spreken met broers en zussen van speciale kinderen
244
12.3 Groepen en workshops voor broers en zussen (‘brussengroepen’)
248
12.4 Internet als steun
254
12.5 Speciale thema’s
254
12.6 Na het overlijden van een broer of zus
256
12.7 Therapie
257
12.8 De broer-zusrelatie als thema in de psychotherapie van volwassenen
260
12.9 Ten slotte
263
Literatuur
265
Eindnoten
271
Register
272
HANDBOEK BROERS EN ZUSSEN VAN SPECIALE EN GEWONE KINDEREN
Woord vooraf Volgens het Centrale Bureau voor Statistiek groeit 90% van de kinderen in Nederland samen met tenminste één broer of zus op. De relatie tussen broer(s) en zus(sen) heeft een aantal unieke kenmerken. Het is de meest langdurige tijdens iemands leven: het begint met de geboorte en eindigt met de dood van één van beiden. Het is een niet zelfgekozen, maar gegeven relatie en wordt daarom ook als vanzelfsprekend ervaren. Zeker jonge kinderen doen echt niet hun best om bij hun broer(s) en zus(sen) in de smaak te vallen. Zij weten, dat ook als zij ruzie maken, ze toch gewoon bij elkaar blijven. Door het samen opgroeien hebben broers en zussen een verscheidenheid aan gezamenlijke ervaringen en
10
voelen zij zich sterk met elkaar verbonden, al hoeven ze elkaar niet per se leuk te vinden. Door de sterke emotionele band is deze relatie heel belangrijk voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen en jongeren zowel in positieve als in negatieve zin. Maar toch heeft de broer-zusrelatie veel minder aandacht gekregen in wetenschappelijk onderzoek naar de ontwikkeling van het kind en het functioneren van gezinnen dan andere relaties in het gezin zoals de moeder-kindrelatie of de relatie tussen de ouders. Ook binnen de hulpverlening werd nauwelijks aandacht besteed aan de problemen binnen deze relatie of aan de steun die de broer-zusrelatie kan bieden. Gelukkig zijn de tijden aan het veranderen. Het boek dat voor u ligt is het ultieme broer-zusrelatieboek dat de huidige stand van wetenschappelijke kennis hierover samenvat. Dit boek is op een zeer toegankelijke manier geschreven, met heldere weergaven van empirisch onderzoek, met veel herkenbare voorbeelden uit alledaagse situaties en met citaten van kinderen en volwassenen over hun broer-zusrelatie. Frits Boer licht op een genuanceerde wijze alle denkbare facetten van deze relaties door: van de warmte en loyaliteit die zo kenmerkend zijn voor de broer-zusrelatie tot conflicten en rivaliteit. Hij laat
zien welke bijdrage het opgroeien met een broer of zus levert aan de vorming van het zelfbeeld en de persoonlijkheid, aan het leren omgaan met agressie, aan de ontwikkeling van een moreel besef en sociale vaardigheden. In dit boek worden veel maatschappelijk stellige overtuigingen over bijvoorbeeld de invloed van de plaats in de kinderrij op intelligentie of persoonlijkheid, of over de typische kenmerken van oudste, middelste, jongste of enig kinderen, over tweelingen, half- en stiefbroers en – zussen telkens weer onderuit gehaald door e mpirisch onderzoek. Ook de culturele verschillen in de aard en betekenis van een broer-zusrelatie en de broer-zusrelatie van ‘speciale’ kinderen (kinderen met een ernstige lichamelijke of psychische ziekte, stoornis of handicap) krijgen aandacht. Frits Boer schuwt niet op de ongemakkelijke en veel minder besproken aspecten te focussen, zoals de fysieke en geestelijke mishandeling door broers/zussen en de seksualiteit binnen de broer-zusrelatie, variërend van seksuele spelletjes tot seksueel misbruik. Dit boek bevat staat boordevol informatie, niet alleen over broer-zusrelaties, maar ook over de individuele verschillen in kindontwikkeling in verschillende
11
domeinen (sociale competentie, morele ontwikkeling), over de problemen die zich kunnen voordoen in de ontwikkeling, over het opvoeden en het functioneren van (verschillende typen) gezinnen. En om de lezer al die informatie te helpen verwerken en onthouden, is er op het einde van elk hoofdstuk een handige ‘om te onthouden’ lijst. Prof. Dr. Maja Deković
W OORD VOORAF
Hoogleraar Orthopedagogiek Universiteit Utrecht
DE BROER- ZUSRELATIE - DEFINITIE EN KENMERKEN
01 03
HANDBOEK BROERS EN ZUSSEN VAN SPECIALE EN GEWONE KINDEREN
14
1.1 SIBLINGS, BRUSSEN OF BROERS/ZUSSEN Kinderen van dezelfde ouders kunnen we in het Nederlands alleen benoemen op grond van hun geslacht. Als het om meisjes gaat noemen we ze zussen, jongens broers. Dat is anders in het Engels, waar de term siblings zowel jongens als meisjes omvat, zoals ook in het Duits, waar van Geschwister wordt gesproken. Voor de schrijver van een boek over de relaties tussen broers en zussen is Nederlands een lastige taal, want voor de volledigheid zou je telkens moeten schrijven ‘de relatie tussen broers, zussen en/of broer en zus’. Om dit probleem op te lossen heeft de Nederlandse ontwikkelingspsycholoog Rita Vuyk (1986) ooit het woord brus voorgesteld. Zij liet zien dat in het Engels de woorden broer en zus ook over elkaar zijn geplakt, want sibling is de afkorting van ‘sister- and brotherling’. Het woord brus heeft onder pedagogen ingang gevonden, maar wordt in de praktijk meestal gebruikt voor de broers en zussen van kinderen met een beperking of aandoening. Voor algemeen gebruik is de term brus niet geschikt, want hij is geen deel geworden van het Nederlands. Wanneer ik het in dit boek heb over de relatie tussen zowel zussen, als die tussen broers en/of broer en zus, dan zal ik de term broer-zusrelatie gebruiken, te vergelijken met het Engelse sibling relationship. Wanneer ik het specifiek over de relatie tussen broers, de relatie tussen zussen of de relatie tussen een broer en een zus heb, zal ik dat duidelijk aangeven. Ik sprak net van ‘kinderen van dezelfde ouders’. Daar moet ik een kanttekening bij maken. Soms is maar één ouder de biologische ouder van de kinderen in het gezin, zoals bij samengestelde gezinnen na echtscheiding. Of kinderen kunnen ouders delen door wie ze zijn geadopteerd en kinderen kunnen opgroeien in twee gezinnen bij co-ouderschap. Ook kunnen biologisch verwante kinderen los van elkaar opgroeien door adoptie of scheiding van hun ouders.
Wanneer ik in dit boek de term broer-zusrelatie gebruik, is die ook van toepassing op kinderen die langere tijd in hetzelfde gezin opgroeien, zonder per se beide biologische ouders te delen. Maar het maakt natuurlijk wel uit of kinderen die op een andere manier broer of zus van elkaar zijn, dat al in gezamenlijkheid waren vanaf hun vroege jeugd, dan wel slechts voor een deel of helemaal niet. Waar dit tot verschil leidt, zal ik daar apart bij stilstaan.
1.2 KENMERKEN Gegeven in plaats van gekozen De broer-zusrelatie is een gegeven relatie. De relatie tussen broers en zussen is niet door hen gekozen. Dit kenmerk is uniek. Kinderen kiezen weliswaar niet voor hun ouders, maar die hebben wel ooit de keus voor hun kind gemaakt. Ook de relatie tussen vrienden en tussen partners is gekozen. Broer of zus word je bij je geboorte, behalve wanneer je de oudste bent. Dan word je het vanzelf wanneer er een tweede kind in het gezin komt. Het gegeven karakter van de broer-zusrelatie geeft deze, zeker in de jeugd, iets vanzelfsprekends.
15
Het gegeven karakter van de relatie maakt dat broers en zussen onbevangen met elkaar omgaan. Ze hebben niet om elkaar gevraagd en lijken zich niet te hoeven inspannen om de relatie goed te houden. Daardoor zeggen broers-zussen elkaar de waarheid en doen ze zich niet anders voor dan ze zijn. Dat is in elk geval zo in de jeugd. Ambivalentie Een derde kenmerk is ambivalentie (tweeslachtigheid). Broers en zussen moeten de beperkte ruimte en middelen van het gezin delen. Of het nu gaat om de beste plek op de bank, de afstandsbediening van de tv, de schoot van moeder of het stripblad dat net in de bus is gevallen – zij zijn elkaars concurrent. Maar op andere momenten zijn zij juist op elkaar
01 DE BROER-Z USRELATIE - definitie en kenmerken
Onbevangenheid
HANDBOEK BROERS EN ZUSSEN VAN SPECIALE EN GEWONE KINDEREN
16
aangewezen, om samen te kunnen spelen, om zich samen af te zetten tegen iets wat de ouders graag willen, of om troost te bieden in het donker van de slaapkamer. De ingebouwde spanning in de broer-zusrelatie tussen wedijver en solidariteit geeft ambivalentie. Dit is in elk geval zo in de tijd dat broers en zussen samen opgroeien. Wanneer zij het ouderlijk gezin hebben verlaten is er meer keuzevrijheid. Hoe het verder kan gaan met de ambivalentie komt ter sprake in hoofdstuk 2, over de ontwikkeling van de broer-zusrelatie in de levensloop. Variabiliteit Een vierde kenmerk is variabiliteit. De broer-zusrelatie kent een grote dynamiek. De deelnemers ontwikkelen zich, maar die ontwikkeling verloopt niet synchroon. Soms maakt de ene een groeispurt door, dan weer de ander. Dus de deelnemers aan de relatie zijn enerzijds altijd dezelfde, maar anderzijds vaak verschillend. Daarnaast is het een relatie die niet in isolement bestaat, maar die de invloed ondergaat van andere relaties. In de loop van de dag kan het contact tussen broer en zus op slag van karakter veranderen, door bijvoorbeeld de aanwezigheid van een vriendje, of door iets wat vader zegt. Ook in de loop van het leven kunnen externe factoren, zoals de komst van een partner, een verhuizing, kinderen krijgen, overlijden van de ouders, de broer-zusrelatie van vorm veranderen. Lotsverbondenheid Een volgend kenmerk is lotsverbondenheid. Het gezamenlijk opgroeien, elkaar in zoveel verschillende situaties meemaken, en de wetenschap dezelfde ouders te hebben, dragen bij aan het gevoel bij elkaar te horen. Dat wil niet per se zeggen dat je elkaar fantastisch vindt, maar wel dat je je leven niet goed kunt voorstellen zonder de ander. Natuurlijk komt het voor dat volwassen broers of zussen elkaar uit het oog verliezen of gebrouilleerd raken. Maar dat wordt meestal vervelend gevonden en is zelden iets dat mensen onverschillig laat.
Langdurig Ook het laatste kenmerk is uniek. De broer-zusrelatie is de meest langdurige relatie die mensen kennen. Ouders overlijden gemiddeld tientallen jaren eerder en kinderen worden gemiddeld tientallen jaren later geboren. Maar het leven van een broer of zus kan, op enkele jaren na, samenvallen met je eigen leven. Vooral in de ouderdom kan dit waardevol zijn, omdat er zo iemand is met wie je jeugdervaringen kunt delen.
1.3 WAT IS DAT, EEN RELATIE?
17
01 DE BROER-Z USRELATIE - definitie en kenmerken
Het woordenboek definieert: betrekking waarin zaken of personen tot elkaar staan. Dat is te mager wanneer we het over broers en zussen hebben. In de psychologie wordt de term relatie gebruikt als een aspect van sociaal functioneren. Dit kent vijf niveaus van complexiteit (Hinde, 1988). 1. Het begint met (tenminste) twee individuen. 2. Tussen die individuen moeten zich interacties voordoen. 3. Wanneer dat het geval is over een langere periode, zullen ervaringen met eerdere interacties leiden tot verwachtingen en gevoelens, die invloed hebben op volgende interacties. In gewoon Nederlands: de twee individuen hebben elkaar leren kennen en affectie voor elkaar gekregen. Er is sprake van een relatie. Relaties kunnen verschillen van oppervlakkig en voorbijgaand, bijvoorbeeld met iemand die we in de vakantie een week hebben meegemaakt, tot diepgaand en langdurig, zoals die met partners en familieleden. Naarmate relaties diepgaander en langduriger zijn, oefenen zij meer invloed uit op onze gevoelens, gedachten en ons gedrag in de toekomst. In de eerste plaats op de ander met wie wij een relatie hebben, maar vaak veel breder. Daar zullen wij in dit boek veel voorbeelden van zien. 4. Het volgende niveau van complexiteit wordt gevormd door sociale groepen, die bestaan uit twee of meer relaties, die elkaar beïnvloeden. Het gezin is een voorbeeld van een sociale groep, maar ook een familie of een schoolklas.
HANDBOEK BROERS EN ZUSSEN VAN SPECIALE EN GEWONE KINDEREN
5. Het hoogste niveau is dat van de socioculturele structuur, met de instellingen, mythen, opvattingen en waarden van de groep waartoe de individuen behoren. De verschillende niveaus staan met elkaar in verband en zijn geen starre, maar dynamische eenheden die elkaar voortdurend beïnvloeden. Ofschoon een relatie gebaseerd is op interacties, kan zij ook blijven bestaan wanneer er geen feitelijke interactie is, dankzij de herinnering aan vroegere interacties en verwachtingen betreffende toekomstige interacties. Dit wordt de mentale representatie van de relatie genoemd, ofwel het innerlijk beeld dat iemand zich ervan heeft gevormd. Wanneer wij iemand vragen hoe zijn relatie is met zijn zus die tien jaar geleden naar Australië is geëmigreerd, dan zal die daar waarschijnlijk een duidelijk verhaal over kunnen vertellen, ook al is er in die tien jaar geen contact geweest. Zo dragen wij allerlei beelden van relaties in ons.
18 1.4 EEN RELATIE HEEFT TALRIJKE GEZICHTEN Voor een relatie zijn tenminste twee individuen nodig. Er is dan één relatie. Een enkeling heeft géén relatie. Bij drie individuen zijn er drie onderlinge relaties. Bij vier individuen loopt dit op naar zes onderlinge relaties, bij vijf naar tien. Het getal wordt steeds groter, volgens de formule:
aantal relaties = ½n² - ½n, waarbij n het aantal betrokken individuen is. De consequenties van dit stukje rekenen zijn immens. Om te beginnen moeten we beseffen dat elke relatie op tenminste drie manieren kan worden benaderd. Vanuit het perspectief van elke deelnemer (twee) en vanuit het perspectief van een buitenstaander. Stel, we proberen te achterhalen wat de aard is van de relatie tussen een meisje van veer-
1.5 HOE DE OUDER-KINDRELATIE EN DE BROERZUSRELATIE ELKAAR BEÏNVLOEDEN Er zijn twee mogelijkheden voor de manier waarop de relatie tussen ouders en kinderen en die tussen de kinderen onderling elkaar beïnvloeden. Bij de eerste wordt gesproken van ‘congruentie’, bij de tweede van ‘compensatie’. Bij de eerste is het zo dat naarmate de relatie tussen ouders en kind warmer en meer betrokken is, die tussen de kinderen onderling ook beter zal zijn. Bij de tweede is er sprake van dat problemen binnen een van deze relaties worden gecompenseerd binnen de andere. De beide mogelijkheden sluiten elkaar niet uit. In hoofdstuk 4 wordt hierop verder ingegaan.
19
01 DE BROER-Z USRELATIE - definitie en kenmerken
tien en haar broer van zeventien. Dan kunnen we haar vragen om die te beschrijven, we kunnen het haar broer vragen, of we kunnen het vragen aan een ander kind in het gezin of een van de ouders. De kans is groot dat de drie verhalen die we te horen krijgen onderling overlap vertonen, maar ook van elkaar verschillen. Je hoeft geen psycholoog te zijn om te snappen dat er niet één waarheid is, maar dat elk verhaal een perspectief schetst dat relevant kan zijn. In een gezin met drie kinderen en twee ouders zijn er dus tien onderlinge relaties, die samen tenminste dertig perspectieven kennen. Perspectieven die overlap vertonen, maar ook verschil. Perspectieven die er allemaal toe doen. Wanneer onderzoekers twee kinderen en hun ouders vragen om elk een beeld te geven van de broer-zusrelatie van de kinderen, dan blijken die beelden inderdaad van elkaar te verschillen (White & Hughes, 2018). Over de positieve aspecten bestaat meestal meer overeenstemming dan over de conflictueuze aspecten. Moeders blijken gemiddeld een positiever beeld te hebben van de relatie tussen de kinderen in de adolescentie dan de kinderen zelf. Bedenk wel dat dit de gemiddelde bevindingen zijn bij grote groepen. Daarbinnen kan nog heel veel variatie bestaan.
HANDBOEK BROERS EN ZUSSEN VAN SPECIALE EN GEWONE KINDEREN
20
1.6 OM TE ONTHOUDEN 1. Anders dan het Engels, dat met siblings zowel broers als zussen aanduidt, kent het Nederlands niet zo’n algemene term. Het woord brus is wel zo bedoeld, maar wordt meestal gebruikt voor broers en zussen van kinderen met een beperking of aandoening. In dit boek wordt voor de relaties tussen zowel broers, zussen als broer en zus de term broer-zusrelatie gebruikt. 2. De broer-zusrelatie heeft de volgende kenmerken: a. Gegeven in plaats van gekozen; b. Onbevangen; c. Ambivalent; d. Variabel op korte en lange termijn; e. Lotsverbondenheid; f. De meest langdurige relatie in ons leven. 3. Een relatie is een vorm van sociaal functioneren. Dit kent vijf niveaus: a. individu; b. interactie; c. relatie; d. sociale groep; e. socioculturele structuur. 4. Het innerlijke beeld dat betrokkenen zich vormen van hun relaties wordt mentale representatie genoemd. 5. Al naargelang het aantal betrokken individuen neemt het aantal onderlinge relaties exponentieel toe, volgens de formule: aantal relaties = ½n2 - ½n, waarbij n het aantal betrokken individuen is. 6. Voor het psychologisch functioneren is de perceptie van de relatie belangrijker dan de concrete interacties binnen de relatie. Per relatie zijn er tenminste drie percepties relevant, die van de beide betrokkenen en die van een buitenstaander. Onderzoek laat zien dat die percepties vooral verschillen als het gaat om conflictueuze aspecten van de relatie.
7. Onderzoek naar de manier waarop broers en zussen hun relatie beleven, laat zien dat er meer overeenstemming is over de positieve, dan over de conflictueuze aspecten van de relatie. 8. Het verband tussen de ouder-kindrelatie en de broer-zusrelatie kan tweeledig zijn. Bij ‘congruentie’ is er overeenkomst tussen de kwaliteit van beide relaties. Bij ‘compensatie’ worden negatieve aspecten binnen een relatie opgevangen door de andere relatie. Deze processen zijn niet strijdig, maar aanvullend.
01 DE BROER-Z USRELATIE - definitie en kenmerken
21
Ten slotte wordt beschreven welke hulp mogelijk is wanneer broers of zussen van speciale kinderen zelf problemen krijgen. Voor deze herziene uitgave is gebruik gemaakt van de meest recente onderzoeken, terwijl ook nieuwe behandelingsmogelijkheden worden genoemd. Handboek Broers en zussen van speciale en gewone kinderen is zeer geschikt voor iedereen die persoonlijk of vanuit zijn beroep - meer wil weten over broers, zussen, hun relatie en de betekenis ervan. ‘Voor u ligt het ultieme broer-zusrelatieboek. Het vat de stand van de huidige wetenschappelijke kennis samen en staat boordevol informatie, niet alleen over de broer-zus relaties, maar ook over de individuele verschillen in kindontwikkeling in verschillende domeinen, over de problemen die zich kunnen voordoen in de ontwikkeling, over het opvoeden en het functioneren van gezinnen. Frits Boer schuwt niet ook op de ongemakkelijke en veel minder besproken aspecten te focussen zoals fysieke en geestelijke mishandeling door broers en zussen en de seksualiteit binnen de broer-zus relatie, variërend van seksuele spelletjes tot seksueel misbruik’. - Prof. dr. Maja Dekovic,’ hoogleraar Orthopedagogiek Universiteit Utrecht.
Met intermezzo’s van Sheila van Berkel, orthopedagoog en broerzusrelatie expert en Kirsten Buist, ontwikkelingspsycholoog en broer-zusrelatie expert.
Over de auteur Prof. Frits Boer is emeritus hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie aan het Amsterdam UMC. Hij is expert op het gebied van de relatie tussen broers en zussen en publiceert hier regelmatig over voor vakgenoten en het algemene publiek.
ISBN 978 94 014 7536 5
www.lannoocampus.nl
Lannoo_BROERS_ZUSSEN_SPECIALE_GEWONE_KINDEREN_HERDRUK.indd 1
HANDBOEK Broers en zussen van speciale en gewone kinderen
De broer-zusrelatie wordt in dit boek beschreven in een levensloopperspectief. Daarbij komen niet alleen rivaliteit, loyaliteit en de plaats in de kinderrij aan bod, maar vooral de invloed van deze relatie op de psychische ontwikkeling en persoonlijkheidsvorming. Er is speciale aandacht voor wat het betekent op te groeien met een broer of zus met ADHD, autisme, emotionele stoornissen, cognitieve beperkingen, kanker, chronische ziektes of handicaps. Met als centrale vraag hoe ogenschijnlijk belastende ervaringen een positieve uitwerking kunnen krijgen.
Frits Boer
LEES OVER DE IMPACT VAN ONZE MEEST LANGDURIGE RELATIE, DE BROER-ZUSRELATIE
H A N D B O E K
Broers en zussen van speciale en gewone kinderen Invloed op ontwikkeling en gedrag
Frits Boer
HERZIENE UITGAVE
9 789401 475365 >
15-04-21 11:37