Skip to main content

9789401469272

Page 1

E C O N O M I E VA N DA AG

AP - Economie vandaag 2019 - Voorwerk v4.indd 1 BW 2020.indd 1

21/06/2019 13:31 30/06/2020 14:40


BW 2020.indd 2

30/06/2020 14:40


Economie vandaag 2020 Ivan De Cnuydt Sonia De Velder

BW 2020.indd 3

30/06/2020 14:40


eCampus LEARN

Ga aan de slag met de online studiehulp Voor de student

Gebruik je unieke code om je te registreren op www.economievandaag.be:

▸ Meer dan 500 zelftoetsen met automatische feedback ▸ Meer dan 100 opgaven, volledig begeleid uitgewerkt ▸ Interactieve grafieken en figuren met didactische ondersteuning Prijsvorming ▸ E-book: studeren, notities nemen, markeren en delen ▸ Toegang tot het meest actuele cijfermateriaal in één klik

3

Hiermee heb je voor het academiejaar 2020-2021 gratis toegang tot de online studiehulp met oefeningen, figuren en een digitale versie van het boek.

Voor de docent

Bij een prijs van bv. 0,25 EUR vraagt men 20 000 eenheden en biedt men slechts 1 000 eenheden aan. Het vraagoverschot van 19 000 eenheden kan alleen maar verdwijnen door de prijs op te trekken tot 0,75 EUR. De online studiehulp legt ▸ Stel je eigen cursus samen en vul aan met eigen tekst-, video- en beeldmateriaal Prijsvorming stapsgewijs de grafieken uit FIGUUR 3.2 ▸ Maak klasgroepen aan en wijs opdrachten toe aan je studenten

3

▸ Volg de vooruitgang van je studenten op en ontdek waar de moeilijkheden zitten P (x EUR) ▸ Bekijk de laatste geactualiseerde cijfers in het digitale boek 1,25 1,00

Bij een prijs van bv. 0,25 EUR vraagt men 20 000 eenheden en biedt men slechts 1 000 eenheden aan.3HetPrijsvorming vraagoverschot van 19 000 eenheden kan alleen maar verdwijnen 0,75 door de prijs op te trekken tot 0,75 EUR. E2 Figuur 3.2 0,50 FIGUUR 3.2 Wijziging in het marktevenwicht marktevenwicht bij volkomen concurrentie naar 0,25 P (x EUR) aanleiding van een verschuiving 1,25 A van de collectieve vraagcurve 0 1 5 7 naar links. 1. Een lager inkomen

A 1. Een lager inkomen vermindert de vraag

E1

Bij een prijs van bv. 0,25 EUR vraagt men 20 000 eenheden en biedt men slechts 1 000 eenheden aan. Het vraagoverschot van 19 000 eenheden kan alleen maar verdwijnen door de prijs op te trekken tot 0,75 EUR.

V1

FIGUUR 3.2

P (x EUR)

1,25

V2

A

1,00

E1

0,75

Figuur 3.2 Wijziging in het marktevenwicht bij volkomen concurrentie naar aanleiding van een verschuiving van de collectieve vraagcurve naar links.

1,00

Prijsvorming

0,75

-

E2

0,50

15 16

18

20

Q (x 1 000 eenheden)

V1

0,25 V2 0

12

1

5

7

-

12

E1

vermindert de vraag

15 16

18

20

Q (x 1 000 eenheden)

Zolang de collectieve vraag- en aanbodcurve niet verschuift, blijft de evenwichtsprijs echter onveranderd. In hoofdstuk 1, 1.2.4 zagen we dat een verschuiving van de TX.X collectieve vraagcurve o.a. het gevolg kan zijn van Toets jezelf Waar staeen je? verandering van: V1  de preferenties van de vragers, V2 prijzen van andere goederen,  de Q 1 000 eenheden)  de inkomens van de(xvragers, 15 16 18 20  het aantal vragers.

Zolang de collectieve vraag- en aanbodcurve niet verschuift, blijft de evenwichtsprijs echter onveranderd. In hoofdstuk 1, 1.2.4 zagen we dat een verschuiving van de collectieve vraagcurve o.a. het gevolg kan zijn van een verandering van:  de preferenties van de vragers,  de prijzen van andere goederen,  de inkomens van de vragers,  het aantal vragers.

-

E2 Figuur 3.2 0,50 marktevenwicht Wijziging in het marktevenwicht bij volkomen concurrentie naar 0,25 van een verschuiving Bij een prijs vanaan bv.leiding 0,25 EUR vraagt men 20 000 eenheden en biedt men slechts 1 000 collectieve vraagcurve eenheden aan. van Hetde vraagoverschot van 19 000 eenheden kan alleen maar verdwijnen 0 1 5 7 links. tot 0,75 EUR. door de prijs opnaar te trekken

Veronderstellen we dat er een reële inkomensdaling optreedt (bv. in periodes met hoge werkloosheid). Hierdoor verschuift de collectieve vraagcurve naar links. Bij alle prijsniveaus vraagt men daardoor minder dan voorheen. Als gevolg hiervan daalt de evenwichtsprijs van 0,75 EUR naar 0,50 EUR. De evenwichtshoeveelheid daalt dan van 12 000 eenheden naar 7 000 eenheden (cf. figuur 3.2).

12

In hoofdstuk 2, 2.6.4 zagen we dat een verschuiving van de collectieve aanbodcurve o.a. het gevolg kan zijn van een verandering van:  de productiviteit,  de prijzen van de productiemiddelen,  het aantal aanbieders.

FIGUUR 3.2

Als voorbeeld voor een verandering aan de aanbodzijde nemen we een productiviteitsstijging van de arbeiders. Hierdoor verschuift de collectieve aanbodcurve naar rechts. Bij alle mogelijke prijzen biedt men dus meer aan. Als gevolg hiervan daalt de evenwichtsprijs van 0,75 EUR naar 0,50 EUR en stijgt de evenwichtshoeveelheid van 12 000 eenheden naar 15 000 eenheden (cf. figuur 3.3).

Veronderstellen we dat er een reële inkomensdaling optreedt (bv. in periodes met hoge Zolang de collectieve vraag- en aanbodcurve niet verschuift, blijft de evenwichtsprijs werkloosheid). Hierdoor verschuift de collectieve vraagcurve naar links. Bij alle prijsniveaus echter onveranderd. In hoofdstuk 1, 1.2.4 zagenvraagt we dat eendaardoor verschuiving vandan de voorheen. Als gevolg hiervan daalt de evenwichtsprijs van men minder A collectieve vraagcurve o.a. het gevolg kan zijn van van: 0,75een EURverandering naar 0,50 EUR. De evenwichtshoeveelheid daalt dan van 12 000 eenheden naar  de preferenties van de vragers, 7 000 eenheden (cf. figuur 3.2).  de prijzen van andere goederen, E 1 de inkomens van de vragers,  het aantal vragers. E2 Toets jezelf online en ontdek of je de leerstof beheerst Veronderstellen we datVer een reële inkomensdaling optreedt (bv. in periodes met hoge 1 werkloosheid). Hierdoor verschuift de collectieve vraagcurve naar links. Bij alle prijsniveaus vraagtVmen daardoor minder dan voorheen. Als gevolg hiervan daalt de evenwichtsprijs van Economie vandaag 2020 2 Q (x 1 000 eenheden) 0,75 EUR15naar 5 7 12 16 0,50 18 EUR. 20 De evenwichtshoeveelheid daalt dan van 12 000 eenheden naar 7 000 eenheden (cf. figuur 3.2).

Bekijk online de interactieve versieP van de figuren in dit boek (x EUR) 1,25

96

1,00 0,75

ur 3.2 iging in het marktevenwicht olkomen concurrentie naar eiding van een verschuiving de collectieve vraagcurve links.

-

0,50 0,25

IV 0

1

EconomiE vandaag 2020

de collectieve vraag- en aanbodcurve niet verschuift, blijft de evenwichtsprijs BW 2020.indd Zolang 4

30/06/2020 14:40


Studeer efficiënter door het boek te combineren met de online studiehulp ▸ Grasduin door de meest actuele economische cijfers

▸ Ontdek of je volledig mee bent met de leerstof

▸ Oefen de leerstof online in

Zelf doen b Actuele data

Toets jezelf b Waar sta je?

Opgaven b Met uitwerking

ZX.X

TX.X

OX.X

▸ Krijg meer inzicht in de figuren uit het boek dankzij een interactieve, stapsgewijze uitleg

V

BW 2020.indd 5

30/06/2020 14:40


Uitgeverij Academia Press Coupure Rechts 88 Ampla House 9000 Gent www.academiapress.be Uitgeverij Academia Press maakt deel uit van Lannoo Uitgeverij, de boeken- en multimediadivisie van Uitgeverij Lannoo nv. ISBN 9789401469272 D/2020/45/237 NUR 780 Ivan De Cnuydt & Sonia De Velder Economie Vandaag 2020 Gent, Academia Press, 2020, XVIII + 418 p. Cover en lay-out: Stefaan Verboven Zetwerk binnenwerk: Jurgen Leemans en Keppie & Keppie Š Ivan De Cnuydt & Sonia De Velder, Uitgeverij Lannoo nv, Tielt Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

BW 2020.indd 6

30/06/2020 14:40


Inhoud

Woord vooraf   XIII

00

Inleiding   1 0.1 Het doel van de economische wetenschap   2

0.1.1 Behoefte   2 0.1.2 Schaarse middelen   3 0.1.3 Nuttigheid en keuzeprobleem   3

0.2 Welvaart en welzijn   4 0.3 Soorten goederen   5 0.4 Consumptie en productie   7 0.5 De methode   8 0.6 De ceteris paribus-clausule   8 0.7 Micro-, meso- en macro-economie   9 Wat moet je weten   10 Wat moet je kunnen   11

01

Consumenten   13 1.1 De keuze van de optimale goederencombinatie (= evenwicht van de consument)   14 1.1.1 De preferenties   14 1.1.2 Budget en prijzen   16 Het opstellen van de budgetlijn   16 Gevolgen van inkomensveranderingen   17 Gevolgen van prijsveranderingen   18

1.2 De prijsvraagcurve   19 1.2.1 De afleiding van de individuele vraagcurve   19 1.2.2 Een beweging langs de individuele vraagcurve   21 1.2.3 Verschuivingen van de individuele vraagcurve   21 Veranderingen in het inkomen   21 Veranderingen in de preferentieschaal   23 Veranderingen in de prijs van andere goederen   23 1.2.4 De collectieve of marktvraagcurve   25

1.3 De elasticiteit van de vraag   28

1.3.1 De prijselasticiteit van de vraag   28 1.3.2 De kruiselingse prijselasticiteit van de vraag   32 1.3.3 De inkomenselasticiteit van de vraag   34

1.4 Het consumentengedrag in België   37 1.4.1 Het bestedingspatroon van de Belgische particulieren   37 Evolutieschets van de particuliere consumptie 2013-2019   37 Het bestedingspatroon van de Belgische gezinnen: een vergelijkende studie   38

Economie vandaag 2020

BW 2020.indd 7

VII

30/06/2020 14:40


Inhoud

1.4.2 Het spaargedrag van de Belgische particulieren   40 Begrip   40 Factoren die het spaargedrag van de gezinshuishoudingen bepalen   41 Factoren bepalend voor het spaargedrag op lange termijn   41 Factoren bepalend voor het spaargedrag op korte termijn   43 Verloop van de spaarquote van de Belgische huishoudens (2013-2019)   43

1.5 Meting van de prijzen, de consumptieprijsindex   45

1.5.1 Voorwaarden waaraan de consumptieprijsindex als inflatiemeter moet voldoen   45 1.5.2 De consumptieprijsindex   48 Wat moet je weten   50 Wat moet je kunnen   51 Opgaven   52

02

Producenten   55 2.1 De bepaling van de optimale productiegrootte   56 2.2 De wet van de toe- en afnemende meeropbrengst   57 2.3 Het kostenverloop   60

2.3.1 2.3.2 2.3.3 2.3.4

De totale constante kosten   60 De totale variabele kosten   62 De totale kosten   64 De gemiddelde en marginale kosten   65

2.4 Het opbrengstenverloop bij volkomen concurrentie   68 2.5 De optimale productiegrootte bij volkomen concurrentie (= evenwicht van de producent)   71 2.6 De afleiding van de aanbodcurve bij volkomen concurrentie   74

2.6.1 2.6.2 2.6.3 2.6.4

De individuele aanbodcurve   74 Een beweging langs de individuele aanbodcurve   77 Verschuivingen van de individuele aanbodcurve   78 De collectieve of marktaanbodcurve   78

2.7 De breakevenanalyse   80 2.8 De prijselasticiteit van het aanbod   82 Wat moet je weten   85 Wat moet je kunnen   86 Opgaven   87

03

Prijsvorming   91 3.1 Markt en marktvormen   92 3.2 De volkomen concurrentie   94

VIII

BW 2020.indd 8

3.2.1 Kenmerken   94 3.2.2 Het marktevenwicht bij volkomen concurrentie   95 3.2.3 Dynamische vraag- en aanbodrelaties (= spinnenwebtheorema)   97

Economie vandaag 2020

30/06/2020 14:40


Inhoud

3.2.4 Ingrijpen van de overheid in de prijsvorming   98

3.3 De onvolkomen concurrentie   100 3.3.1 Het monopolie   101 Kenmerken   101 Het evenwicht van de monopolist   102 3.3.2 Het oligopolie   106 Kenmerken   106 Het evenwicht van de oligopolist   107 3.3.3 De monopolistische concurrentie   108 Kenmerken   108 Het evenwicht van de monopolistische concurrent   109

3.4 Het prijsbeleid in België   110 3.4.1 Het rechtstreeks overheidsingrijpen op het gebied van prijsvorming   111 3.4.2 Bijzondere prijsregelingen   112 Wat moet je weten   113 Wat moet je kunnen   114 Opgaven   115

04

Macro-economische grootheden   119 4.1 De economische kringloop   120 4.2 De berekening van de economische activiteit   121

4.2.1 ‘Bruto’ en ‘netto’   121 4.2.2 ‘Tegen marktprijzen’ en ‘tegen factorprijzen’   127 4.2.3 ‘Nationaal’ en ‘binnenlands’   130

4.3 Het reële en het nominale bbp   135 4.4 Het bbp als maatstaf voor onze welvaart   136 4.5 De nationale rekeningen   140

4.5.1 De praktijk   140 4.5.2 De betekenis van de nationale rekeningen   141

4.6 Macro-economische gegevens van de Belgische economie   142

4.6.1 De oorsprong van het bruto binnenlands product volgens de activiteitsklasse   143 4.6.2 De verdeling van het bruto binnenlands product over de productiefactoren   144 4.6.3 De besteding van het bruto binnenlands product   144 De particuliere consumptie   145 De overheidsconsumptie   146 De brutokapitaalvorming   146 De investeringen van vennootschappen   146 De particuliere investeringen   146 De overheidsinvesteringen   146 De netto-uitvoer   147 Wat moet je weten   148 Wat moet je kunnen   149 Opgaven   150

Economie vandaag 2020

BW 2020.indd 9

IX

30/06/2020 14:40


Inhoud

05

Nationaal inkomen en werkgelegenheid   153 5.1 De hoogte van het nationaal inkomen   154

5.1.1 5.1.2 5.1.3 5.1.4 5.1.5 5.1.6

De macro-economische consumptie- en spaarvergelijking   154 De investeringsvergelijking   156 Het evenwichtsinkomen   157 De investeringsmultiplicator   159 De accelerator   162 De hoogte van het nationaal inkomen en de tewerkstelling   163

5.2 De arbeidsmarkt   170 5.2.1 Aanbod van arbeidskrachten   170 5.2.2 Vraag naar arbeidskrachten   173 In België zijn sinds 2015 een groot aantal jobs gecreëerd   174 Europa 2020-strategie   174 Werkgelegenheidsgraad blijft onder het Europese gemiddelde   175 5.2.3 Werkloosheid over de periode 2013-2019   178 5.2.4 De werkloosheid: soorten en oorzaken   184 5.2.5 Bestrijding van de werkloosheid   185

5.3 Concurrentievermogen, loonvorming en innovatie   188 5.3.1 Concurrentievermogen   188 5.3.2 Loonvorming   190 Het principe van de Belgische loonindexering   192 Centrale akkoorden voor de bepaling van de loonnorm   193 5.3.3 Innovatie   195 Doelstellingen   195 Instrumenten om innovatie-voortgang te meten   196 Wat moet je weten   199 Wat moet je kunnen   200 Opgaven   201

06

Geld, monetair beleid en inflatie   203 6.1 Het geld   204 6.1.1 Functies van het geld   204 6.1.2 Betalingsverkeer vandaag   204 Het chartaal geld   204 De munten (= metaalgeld)   204 Het papiergeld   205 Het giraal geld   206 Het quasi-geld   208 6.1.3 Geldsubstitutie - geldschepping   209 6.1.4. Vraag naar en aanbod van geld   211 Vraag naar geld   211 Aanbod van geld   212 De vermogensmarkt   212 6.1.5 Het monetaire evenwicht   212

X

BW 2020.indd 10

Economie vandaag 2020

30/06/2020 14:40


Inhoud

6.2 De monetaire politiek van het eurosysteem   214 6.2.1 Doelstelling en taken   214 6.2.2 De monetaire beleidsinstrumenten   216 De openmarktoperaties   217 De permanente faciliteiten   220 De monetaire reserve   220

6.3 Het inflatieverschijnsel   221 6.3.1 Begrip   221 6.3.2 Oorzaken van inflatie   221 Conjuncturele oorzaken van inflatie   221 Structurele oorzaken van inflatie   222 Monetaire oorzaken van inflatie   222 6.3.3 Gevolgen van inflatie   222 6.3.4 Bestrijding van inflatie   224 6.3.5 De inflatie 2013-2019   225 6.3.6 Deflatie?   227 Wat moet je weten   229 Wat moet je kunnen   230 Opgaven   231

07

Internationaal betalingsverkeer   233 7.1 De wisselmarkt   234 7.1.1 Begrip   234 7.1.2 De hoogte van de wisselkoers   235 De vraag naar en het aanbod van vreemde valuta’s   235 Hoe ontstaat de wisselkoers   236 Factoren die de vraag naar en het aanbod van vreemde valuta’s bepalen   237 7.1.3 Wisselkoerssysteem   241 7.1.4 Van Bretton Woods…   245 7.1.5 …tot Economische en Monetaire Unie (EMU)   246 Van EMS naar EMU   246 De Economische en Monetaire Unie   247 1999 en later   247 Argumenten pro en contra EMU   248 EMS-II   249 De euro: waardige tegenspeler van de Amerikaanse ‘greenback’?   250 7.1.6 Naar een sterkere eonomische en monetaire unie   251 Bankenunie   251 Economische unie   252 Begrotingsunie   253 Wetgeving   253 Begrotingssolidariteit: noodfinanciering en nieuwe mechanismen voor crisisbestrijding voor eurolanden   256

7.2 De betalingsbalans   257

7.2.1 Begrip   257 7.2.2 De deelrekeningen van de betalingsbalans van België   258

Economie vandaag 2020

BW 2020.indd 11

XI

30/06/2020 14:40


Inhoud

Het lopend verkeer   258 Het kapitaal- en financieel verkeer   261 7.2.3 Evenwicht op betalingsbalansen wereldwijd verstoord   261 7.2.4 Oorzaken van een betalingsbalansonevenwicht   263 Oorzaken van conjuncturele aard   263 Oorzaken van structurele aard   263 Oorzaken van toevallige aard   264 7.2.5 De gevolgen van een betalingsbalansonevenwicht   264 7.2.6 Het herstel van het evenwicht op de betalingsbalans   266 Volgens de klassieke leer (= prijsbenadering)   266 Volgens de keynesiaanse leer (= inkomensbenadering)   267 Volgens de moderne theorie   267 Het voeren van een aangepaste handelspolitiek   267 Het voeren van een aangepast monetair, budgettair, productie- en/of inkomensbeleid   267 Het devalueren van de nationale munt   268

7.3 Mondiale samenwerking: internationaal betalingsverkeer   268

7.3.1 Het Internationaal Monetair Fonds (IMF)   268 7.3.2 De Wereldbank (World Bank)   271

7.4 Internationale beleidscoördinatie   271 Wat moet je weten   274 Wat moet je kunnen   275 Opgaven   277

08

Internationaal handelsverkeer   279 8.1 Betekenis en beschrijving van het Belgische handelsverkeer   280 8.1.1 Internationale context   280 De invoer- en de uitvoerquote   281 De openheidsgraad   281 8.1.2 De buitenlandse handel van België 2016-2019   282 Globale resultaten   282 Geografische oriëntaties van de buitenlandse handel van België   283 Sectorale oriëntaties van de buitenlandse handel van België   285 De nettoruilvoet (= terms of trade)   285

8.2 De werking van het systeem van vrij internationaal handelsverkeer   286

8.2.1 8.2.2 8.2.3 8.2.4

De theorie van A. Smith: absolute kostenverschillen   286 De theorie van D. Ricardo: relatieve kostenverschillen   287 De voordelen van de internationale vrijhandel   289 Ongebreidelde vrijhandel of toch niet?   290

8.3 Handelspolitiek   292

XII

BW 2020.indd 12

8.3.1 Tarifaire belemmeringen   292 8.3.2 Niet-tarifaire belemmeringen   293

Economie vandaag 2020

30/06/2020 14:40


Inhoud

8.4 Mondiale samenwerking: internationaal handelsverkeer   293

8.4.1 De Wereldhandelsorganisatie (WTO)   294 8.4.2 De United Nations Conference on Trade and Development (Unctad)   296 8.4.3 De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO)   297

8.5 Vormen van economische integratie   297

8.5.1 8.5.2 8.5.3 8.5.4 8.5.5

Vrijhandelszone   298 Douane-unie   299 Gemeenschappelijke markt   300 Economische unie   301 Monetaire unie   303

8.6 Ontwikkelingslanden   306 8.6.1 Enkele kenmerken van ontwikkelingslanden   306 Wat is een ontwikkelingsland?   306 Inkomen als ontwikkelingsmaatstaf   306 Alternatieve maatstaven van maatschappelijk welzijn   311 8.6.2 Een aantal oorzaken van het lager ontwikkelingstempo van veel ontwikkelingslanden   314 Koloniale uitbuiting en politiek-economische dominantie van de rijke industrielanden   314 Politieke instabiliteit inclusief een slecht functionerend openbaar bestuur   314 Ontbreken of onvoldoende beschikbaar zijn van een of meer productiefactoren   315 8.6.3 Evolutie in het ontwikkelingsbeleid   317 8.6.4 De officiële ontwikkelingshulp (DAC-leden)   318 8.6.5 De Millenniumontwikkelingsdoelen van de VN   320 Wat moet je weten   321 Wat moet je kunnen   322 Opgaven   323

09

Conjunctuur, groei, milieu en duurzame ontwikkeling   325 9.1 De conjunctuur   326 9.1.1 Beschrijving   326 De conjunctuurbeweging   326 Indicatoren van de economische activiteit   327 Het bbp   327 Andere conjunctuurindicatoren   328 9.1.2 Verklaring   331 Exogene verklaringen   331 Endogene verklaringen   332 9.1.3 De conjunctuurpolitiek   335

9.2 De economische groei   335

9.2.1 Begrip   335 9.2.2 Determinanten van de groeibeweging   335 9.2.3 De voor- en nadelen van de economische groei   336

Economie vandaag 2020

BW 2020.indd 13

XIII

30/06/2020 14:40


Inhoud

9.3 Milieu   337 9.3.1 Wereldwijde ongelijkheid in beslag op het milieu   337 9.3.2 Het milieubeleid   341 Milieu-instrumenten   342 Nationaal en regionaal milieubeleid   342 Internationaal milieubeleid   343 Van Kyoto...   344 ...naar het Akkoord van Parijs   345 Europese klimaatdoelen en de ambitie van België?   348

9.4 Duurzame ontwikkeling: groei en milieu   351 9.4.1 Wat is duurzame ontwikkeling?   351 9.4.2 Naar een meer duurzame maatschappij?   352 9.4.3 Duurzame Ontwikkelingsdoelen   354 Twee mondiale agenda’s komen samen   354 Waar staan we?   356 Wat moet je weten   360 Wat moet je kunnen   360 Opgaven   361

10

Overheid   363 10.1 Overheidstussenkomst of toch niet?   364 10.2 Doelstellingen van de economische politiek   365 10.3 Vormen van economische politiek   368 10.4 De overheidsfinanciën   368 10.4.1 De overheidsbegroting   368 10.4.2 Het budgettair beleid (= fiscal policy)   369 10.4.3 De overheidsuitgaven   372 Begrip   372 Een terugblik   372 Recente evolutie   372 De vergrijzing   374 Vooruitzichten voor de vergrijzing in België   374 Wat kost ons de vergrijzingsfactuur?   375 Welk antwoord op de vergrijzing?   376 Armoede   377 Hoe wordt armoede in de EU gemeten?   377 Hoeveel mensen lopen een risico op armoede en/of sociale uitsluiting?   380 Hoe wordt armoede in België bestreden?   383 10.4.4 De ontvangsten van de overheid   384 Begrip   384 Een terugblik   384 Recente evolutie   384 10.4.5 Het financieringssaldo van de overheid   386 Begrip   386

XIV

BW 2020.indd 14

Economie vandaag 2020

30/06/2020 14:40


Inhoud

Een terugblik   387 Evolutie sinds begin de jaren tachtig   387 10.4.6 De overheidsschuld en het rentesneeuwbaleffect   389 Samenstelling van de overheidsschuld   390 Een terugblik   390 Recente evolutie   390 Wat moet je weten   393 Wat moet je kunnen   394 Opgaven   395 Lijst van symbolen   397 Lijst van afkortingen   398 Lijst van figuren   402 Lijst van tabellen   404 Bronnenlijst   405 Nuttige internetsites   412 Index   414 Herkomst van de illustraties   420

Economie vandaag 2020

BW 2020.indd 15

XV

30/06/2020 14:40


Woord vooraf

Economie Vandaag is een handboek Algemene Economie voor het Hoger Onderwijs dat als voornaamste uitgangspunt heeft een brug te slaan tussen economische theorie en actualiteit. In dit boek verwerft de student op een gestructureerde wijze kennis van en inzicht in het economisch leven en zijn samenhangen. Het boek is gestructureerd rond tien belangrijke kernthema’s:  Consumenten  Producenten  Prijsvorming  Macro-economische grootheden  Nationaal inkomen en werkgelegenheid  Geld, monetair beleid en inflatie  Internationaal betalingsverkeer  Internationaal handelsverkeer  Conjunctuur, groei, milieu en duurzame ontwikkeling  Overheid

Dit handboek biedt de meest complete en uitgebalanceerde inleiding tot het opleidingsonderdeel Economie in het hoger onderwijs.

Economie Vandaag: modulair In het snel veranderende landschap van het hoger onderwijs dienen keuzes te worden gemaakt, ook en vooral in een opleidingsonderdeel Economie. Het is niet mogelijk en niet wenselijk alles te behandelen. Uit de jarenlange ervaring blijkt dat sommige docenten bv. meer de nadruk leggen op een micro-economische aanpak, anderen willen een macro-economische weg inslaan. Afhankelijk van de voor de specifieke opleiding geformuleerde leerdoelstellingen kan men hierbij minder ver of nog verder gaan. In sommige opleidingen kunnen grafieken en berekeningen achterwege gelaten worden. De modulaire opbouw van het handboek Economie Vandaag komt hieraan tegemoet. Ieder onderdeel staat op zich. De docent kan zelf kiezen welke onderdelen hij wel of niet uitgebreid wenst te behandelen. Waar nodig kan door interne verwijzing en door gebruik van het register onmiddellijk het verband gelegd worden met andere onderdelen die niet uitgebreid in de les kunnen worden behandeld. Zo biedt het boek kansen tot zelfstudie of tot verdere verdieping maar evenzeer tot beperking of inkrimping van de leerstof. Via het dashboard op www.economievandaag.be kan de docent een kant-en-klaar digitaal boek samenstellen volledig op maat van zijn studenten. De docent kan dit

XVI

BW 2020.indd 16

digitaal boek bovendien verrijken met toetsen, video- en beeldmateriaal… Zo zien de studenten perfect wat ze moeten kennen en kunnen.

Economie Vandaag: actueel De economische realiteit verandert vlug, dat is het voorbije jaar nog maar eens gebleken. De noodzaak om de theorie aan de praktijk te toetsen is bijgevolg bijzonder groot. Economie Vandaag kent een jaarlijkse actualisatie en neemt de meest recente cijfers op, die tot net voor publicatie nog worden aangepast. In het digitale boek op www.economievandaag.be zijn talrijke links aangebracht zodat één klik volstaat om toegang te krijgen tot het meest actuele cijfermateriaal. Daardoor kunnen we steeds inspelen op nieuwe tendensen, die economie precies tot een boeiend vak maken. Heel wat cijfermateriaal is overigens uniek. Tal van economische en financiële instanties verlenen hieraan hun medewerking.

Economie Vandaag: didactisch De gestructureerde aanpak maakt het mogelijk om de te verwerven competenties te behalen en de reeds verworven competenties verder uit te diepen. Kernwoorden in de marge van het boek bouwen verder op de gestructureerde aanpak. Economie Vandaag stimuleert de zelfwerkzaamheid van de studenten. Iedere module eindigt met een overzicht van wat de student moet weten en wat hij moet kunnen. ­Opgaven en zelf doen helpen de student daarbij. Via een ‘toets jezelf’-module op www.‌economievandaag.‌be kan de student steeds zijn eigen vooruitgang in kaart brengen. Online studiehulp (dynamische grafieken, (uitgewerkte) opgaven met digitale begeleiding…) vertrekt vanuit de didactiek om te kunnen inzetten in het leerproces. Vooral bij de voorbereiding van het examen blijken deze dynamische grafieken, (uitgewerkte) opgaven en ‘toets jezelf’ in een behoefte te voorzien. Het dashboard biedt een overzichtelijke weergave van alle resultaten. Zo ziet u in één oogopslag de voortgang van iedere student. Docenten die het boek gebruiken kunnen beschikken over een docentenpakket met ondersteunend materiaal.

Economie vandaag 2020

30/06/2020 14:40


Woord vooraf

Economie Vandaag: fris en jong Economisch onderwijs mag best in een aantrekkelijk kleedje zitten. De auteurs streven er steeds naar zich aan te passen aan de noden en de wensen van het doelpubliek. Een aantrekkelijke en telkens weer vernieuwde vormgeving doet jongeren zin krijgen om zich te verdiepen in de materie. Grafieken, tabellen en illustraties passen zich ook visueel aan de heersende trends aan. Uitgangspunt daarbij is: een functionele vormgeving. Economie Vandaag is op dit vlak een trendsettend handboek, zonder daarbij de essentie uit het oog te verliezen.

Economie Vandaag: online Via het volledig geïntegreerde interactief leerplatform www.economievandaag.be biedt Economie Vandaag heel wat digitale ondersteuning: voor de docent:  klasgroepen aanmaken en opdrachten toewijzen aan de klasgroepen;  een kant-en-klaar digitaal boek samenstellen op maat van uw studenten;  leervorderingen van de studenten opvolgen en ontdekken waar studenten mee worstelen; voor de student:  e-book:

–   studeren, notities nemen, markeren, bewaar en deel digitale aantekeningen met medestudenten en docenten; –   op maat aangemaakte digitale cursus; –   met één klik toegang tot het meest actuele cijfermateriaal;  uitgebreide ‘toets jezelf ’-module met automatische feedback;  dynamische figuren met didactische ondersteuning om de opbouw te herhalen en beter te begrijpen;  online begeleiding bij het oplossen van opgaven om meer inzicht te verwerven.

Economie Vandaag: waar voor uw geld

als ‘de beste koop’ in de categorie handboeken Algemene Economie.

Economie Vandaag: competenties Geen specifieke begincompetenties vereist.  Kennis

–   Begrippen van de micro- en macro-economie. –   Fundamentele economische principes. –   Economische denkwijzen. –   Kennis economische actualiteit. –   Ruim referentiekader m.b.t. economische actualiteit.  Vaardigheden

–   Inzicht verwerven in de wisselwerking van de economische grootheden. –   Grafieken en tabellen lezen, begrijpen en interpreteren. –   Economische theorie aan de actualiteit koppelen. –   Actuele informatie in een meertalige omgeving over economische onderwerpen verzamelen vanuit relevante en betrouwbare bronnen. –   Actuele economische informatie analyseren, struc­ tu­reren, uitleggen en verklaren. –   Inzicht verwerven in het dagelijks economisch leven. –   In concrete situaties aangeven welk beleid er wordt gevoerd.  Attitudes

–   Kritisch omgaan met bronnen. –   Kritisch staan t.a.v. economische problemen en de gevoerde economische politiek. –   Nadenken over maatschappelijk relevante thema’s. –   Kennis permanent actualiseren. –   Analytische ingesteldheid. –   Zin voor nauwkeurigheid. –   Zin voor volledigheid. –   Zin voor systematiek. –   Zelfstandigheid. –   Zin voor samenwerking. –   Opdrachten kunnen uitvoeren tegen een gestelde deadline.

Met Economie Vandaag heeft de student een inhoudelijk en vormelijk kwaliteitsboek dat hij zowel tijdens als na zijn studies verder zal gebruiken en consulteren. Bij al deze troeven komt bovendien nog de billijke prijszetting. Met de hoger geschetste kwaliteiten en een verkoopprijs van 32,50 euro is het boek zonder twijfel te bestempelen

Economie vandaag 2020

BW 2020.indd 17

XVII

30/06/2020 14:40


Woord vooraf

Economie Vandaag: belangrijkste wijzigingen nieuwe editie 
 Herwerking en actualisering van het volledige handboek. Restyling grafieken.  Visuele aanpassing van cijferreeksen.  Brexit en cijfers EU-27 (EU na de brexit).  Grote Lockdown (coronacrisis), rol van de ECB (bv.QE).  Europese Pijler van Sociale Rechten en sociaal scorebord.  Armoede-indicatoren ontwikkelingslanden (Wereldbank, VN).  Environmental Performance Index 2020, ecologische balans 2016, klimaatverdrag van Parijs en EU-klimaat plan 2030.  Europese Green Deal.  Duurzame Ontwikkelingsdoelen: waar staan we?  Europa 2020-strategie (werk, milieu, armoede...): waar staat België in een vergelijking met de EU-27?  Online begeleiding bij het oplossen van opgaven om meer inzicht te verwerven en varianten om zelf verder te oefenen.  Aangepaste zelftoetsmodule met meer zelftoetsen op www.economievandaag.be.  

Economie Vandaag: dankwoord Bijna 30 jaar gebruiken ieder jaar opnieuw duizenden studenten in de meest uiteenlopende opleidingen dit handboek. De jaarlijkse actualisering en vernieuwing doen de titel alle eer aan. We hopen dat deze geheel herziene druk en het volledig geïntegreerd interactief leerplatform www.economievandaag.be op een even ruime respons mag rekenen. Uiteraard zullen wij ook nu dankbaar gebruik maken van suggesties voor verbetering om de kwaliteit van het handboek en het interactief leerplatform in de toekomst nog te optimaliseren. Alle studerenden wensen wij veel succes met hun studies. De auteurs, Sint-Niklaas/Melle, juni 2020

XVIII

BW 2020.indd 18

Economie vandaag 2020

30/06/2020 14:40


Economie vandaag 2020

0 Inleiding 0.1  Het doel van de economische wetenschap 0.2  Welvaart en welzijn 0.3  Soorten goederen 0.4  Consumptie en productie 0.5  De methode 0.6  De ceteris-paribusclausule 0.7  Micro-, meso- en macro-economie

BW 2020.indd 1

30/06/2020 14:40


0

Inleiding

0.1 Het doel van de economische wetenschap Je hebt de beslissing genomen verder te studeren. Economisch gezien is dit niet zonder betekenis. Studeren brengt nogal wat uitgaven mee (inschrijvingsgeld, boeken, verplaatsings­kosten, kot). Je ouders gaan misschien nog een paar jaartjes met twee uit werken, of zul je een centje bijverdienen in het studentenrestaurant? Vergeet echter niet dat de overheid een groot deel van je studiekosten voor haar rekening neemt. Hoe zul je de opgedane kennis ten dienste stellen van de gemeenschap? Bij bijna alle menselijke handelingen komt een economisch gezichtspunt om de hoek kijken. Het economisch aspect van het handelen bestaat in het kiezen. Welke zijn de FIGUUR 0.1 ­elementen van deze keuze?

? BEHOEFTEN veelvuldig

€100

MIDDELEN schaars en nuttig

KEUZEPROBLEEM = met gegeven middelen een maximale behoeftebevrediging bereiken = economisch principe

Figuur 0.1 De elementen van de keuze

0.1.1  Behoefte Een behoefte is het aanvoelen van een tekort en het streven dit tekort te bevredigen ­(subjectief karakter).

Behoefte

Primaire of levensnood­zakelijke (behoefte) Immateriële (behoefte) Collectieve of gemeenschappelijke (behoefte)

Individuele behoeften

2

BW 2020.indd 2

De menselijke behoeften zijn talrijk en van allerlei aard. In eerste instantie denken wij daarbij aan de primaire of levensnoodzakelijke behoeften (voeding, kleding en huisvesting). De behoeften zijn trouwens niet steeds van materiële aard. Naarmate een maatschappij zich ontwikkelt, komen meer en meer de behoeften van immateriële aard op de voorgrond (onderwijs, ontspanning, geneeskundige verzorging). Collectieve of gemeenschappelijke behoeften zijn gelijkaardig voor een groot aantal personen en worden normaal door de gemeenschap als geheel bevredigd (onderwijs, wegen, bejaardenzorg, recreatiezones). Individuele behoeften zijn subjectiever en worden normaal bevredigd dankzij de inspanningen van personen of van hun gezin (voeding, kleding, huisvesting, ontspanning).

Economie vandaag 2020

30/06/2020 14:40


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789401469272 by Uitgeverij Lannoo - Issuu