Skip to main content

9789401468176

Page 1

ALEX M. EN DE BOEKEN VAN DE NACHT


J.A. WHITE


www.lannoo.com Alle rechten voorbehouden Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch of op enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Registreer u op onze website en we sturen u regelmatig een nieuwsbrief met informatie over nieuwe boeken en met interessante, exclusieve aanbiedingen. Š Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 2020 ISBN 97894014 6817 6 D/2020/45/137 NUR 282/283 Oorspronkelijke titel: Nightbooks Copyright Š 2018 by Jerry White Vertaling: Mireille Vroege Coverbeeld: Daniel Burgess Vormgeving cover: Studio Lannoo (Mieke Verloigne)


Voor Jack Paccione jr. Handlanger in verbeeldingskracht


Inhoud 1 De verkeerde verdieping 2 De stem bij de deur 3 Het ding in de rugzak 4 Een kamer vol duistere wonderen 5 De andere gevangene 6 De nevelkamer 7 Het meisje dat achter de eenhoorn aanging 8 Mooie duisternis 9 Wat in het donker groeit 10 Bungelaars 11 Van die schaduwen met tanden 12 Yasmins verhaal 13 Writer's block 14 Het ontbrekende ingrediĂŤnt 15 Gevaarlijke leugens 16 Twee rode ogen 17 Problemen en oplossingen 18 De andere kant 19 Natascha's verhaal 20 Tante Gris 21 Onverwachte magie 22 Het cadeau 7

9 19 28 40 50 62 80 89 104 122 139 162 175 184 198 217 228 256 269 279 295 305


1

De verkeerde verdieping

T

oen Alex’ ouders eindelijk in slaap waren gevallen, hing hij zijn rugzak over zijn schouder en sloop hij de flat uit. De voordeur liet hij heel zachtjes in het slot vallen, zodat hij geen lawaai maakte. De gang van de zevende verdieping zag er troostelozer uit dan ooit nu er geen zon door de kleine ramen naar binnen viel. Alex bleef nog even staan op de deurmat en verzette zich tegen de aandrang om terug te keren naar zijn lekkere warme bed. Als je dat doet, dacht hij, dan ben je morgen weer precies ­dezelfde Alex Miller als altijd. Een weirdo. Een freak. Een loser. Wil je dat echt? ‘Nee’, fluisterde hij. Voor Alex van gedachten kon veranderen, liep hij naar de lift aan het eind van de gang. Overdag drongen flarden van het leven van zijn buren door de dunne deuren heen: gedempte gesprekken, keihard 9


s­ chetterende televisies, de zoon van mevrouw Garcia die viool ­oefende. Maar op dit uur van de nacht was het bijna doodstil in de gang. De enige geluiden waren afkomstig van een stoffig peertje dat als een boze horzel zoemde en van een zacht ­geritsel uit Alex’ rugzak, alsof de inhoud worstelde om aan zijn lot te ontkomen. Sorry, dacht Alex, overspoeld door schuldgevoel. Ik wou dat ik dit niet hoefde te doen. Maar het is echt beter zo. Hij kwam bij de lift en drukte op de knop met het pijltje naar beneden in het gebarsten paneel. Ergens diep onder hem verdreef het stokoude mechanisme piepend de stilte. Alex kreunde en gluurde over zijn schouder. Hij hoopte maar dat de buren niet wakker zouden worden van het geluid. De trap was een stillere keuze geweest, maar Alex wilde zo snel mogelijk op zijn plaats van bestemming aankomen. Hij wilde niet de kans krijgen om op zijn besluit terug te komen. Ding! De liftdeuren gingen schokkerig open en maakten een ­tergend, piepend geluid. De wanden waren bekleed met smoezelige spiegels. Alex liep de lift in en drukte op de knop met -1. Hij vond de kelder de fijnste plek van het hele gebouw. Het was er griezelig en vreemd, en het stond er tot aan het p ­ lafond volgestouwd met stapels prullen die door vorige huurders ­waren achtergelaten, als een begraafplaats voor dingen die niemand meer wilde. Het meest verbazingwekkende onderdeel was echter de verwarmingsketel, een ijzeren monster dat 10


bijna zestig jaar geleden was gebouwd. Alex noemde hem de Ouwe Roker. Daar wilde hij vannacht naartoe. De liftdeuren gingen dicht en de liftkooi begon te dalen, langzaam en met kleine schokjes. Alex tikte ongeduldig met zijn voet op de vloer. Zijn rugzak was veel lichter dan anders, maar leek hem desondanks als een anker naar beneden te trekken. Als ze weg zijn, zal ik me een stuk beter voelen, dacht hij. Ik gooi ze gewoon in de vlammen en dan loop ik weg. Ik blijf niet eens staan om ze te zien branden. Alex had de inhoud van zijn rugzak natuurlijk ook gewoon in de afvalkoker kunnen gooien – klaar is Kees – maar dat vond hij wreed. Hij vond het netter om alles in de Ouwe Roker te cremeren, alsof hij het lichaam van een gesneuvelde krijger verbrandde. Alex vond dat hij ze op z’n minst een mooie dood verschuldigd was. Hij had ze immers zelf gemaakt. De lift stopte. De deur ging krakend open. Alex hield verbaasd zijn hoofd schuin. Niet de kelder, maar een gang die hij niet kende, strekte zich voor hem uit. Hij keek op het digitale display boven in de lift: 4. Vast kapot, dacht hij, en hij drukte met zijn wijsvinger op -1. De lift kwam niet in beweging. Alex zuchtte geërgerd. Dan toch maar met de trap, dacht hij. Hij stapte de lift uit en liep naar het trappenhuis. De vierde verdieping had precies dezelfde indeling als de zevende, maar 11


het was er opvallend donkerder. Alex keek omhoog naar de peertjes, benieuwd of er eentje was doorgebrand, maar zo te zien deden ze het prima. Om de een of andere vreemde reden gaven ze minder licht dan je zou verwachten, alsof de duisternis in deze gang veel moeilijker te doordringen was dan een normaal soort duisternis. Ik verbeeld het me maar, dacht Alex, terwijl hij de koude rillingen die over zijn rug liepen, negeerde. Die peertjes zijn waarschijnlijk gewoon oud of… Hij hoorde stemmen. Ze kwamen uit de flat aan het eind van de gang. Eerst dacht Alex dat het gewoon de mensen waren die daar woonden. Maar toen hij dichterbij kwam, hoorde hij op de achtergrond enge muziek en drong het tot hem door dat de ­stemmen ­afkomstig waren van personages in een film. Toen hij de ­dialoog herkende, grijnsde hij van oor tot oor. Dat is Night of the Living Dead, dacht hij. Alex was vier jaar geweest toen hij die film voor het eerst zag. Hij had eigenlijk allang moeten slapen, maar de v­ reemde geluiden uit de woonkamer hadden zijn nieuwsgierigheid ­geprikkeld, dus was hij stiekem uit bed gekomen om op onder­zoek uit te gaan. Zijn vader en moeder zaten gezellig dicht tegen elkaar aan op de bank met een beker popcorn. Alex verstopte zich achter de gemakkelijke stoel van zijn v­ ader en gluurde naar de televisie. Hij was nog nooit van zijn leven zo bang – of zo enthousiast – geweest. 12


Tegen de tijd dat zijn ouders doorhadden dat er ongewenst bezoek was, was het al te laat. Alex was verliefd. Aan het eind van de maand waren zijn Thomas-de-treintjes naar de vuilnis­bak verbannen en hadden ze plaatsgemaakt voor speelgoedmonsters, plastic hoektanden en een knuffelspook met de naam Boe. Hij ontmantelde zijn brandweerauto’s en ­ruimteschepen van Lego en gebruikte de steentjes om er een spookhuis mee te bouwen. In de bibliotheek wilde Alex alleen maar prentenboeken lenen met het Halloween-icoontje op de rug, ook al was het pas juni. Night of the Living Dead was zijn kennismaking geweest met de griezelwereld, en daarom had hij altijd een zwak voor de film gehad. Nu hij hem hoorde, werden alle andere gedachten versluierd door een allesoverheersend verlangen om de film nog een keer te zien. Alex liep naar de deur van flat 4e. Het was alsof de soundtrack vol ruis hem als een vislijn inhaalde. Hij drukte zijn oor tegen de deur. Het was een van de eerste scènes van de film, vlak voordat Barbara en haar broer op de begraafplaats door een zombie worden aangevallen. Ik heb nog bijna niks gemist, dacht Alex opgewonden. Hij was zijn rugzak en de reden waarom hij die nacht op pad was gegaan, even helemaal vergeten. Hij kon alleen maar aan de film denken. Hij moest en zou hem zien. Als Alex rustig had nagedacht, had hij misschien wel ingezien dat dit nergens op sloeg. Hij kon Night of the Living Dead namelijk op zijn iPad bekijken wanneer hij maar wilde – dat was vast veel ­verstandiger dan midden in de nacht zomaar bij vreemden 13


aankloppen. Jammer genoeg dacht Alex níét rustig na. In zijn groene ogen, waarmee hij anders altijd zo scherp en onderzoekend door zijn bril keek, stond nu een lege blik. Dat had hij anders nooit; hij leek wel een van de zombies uit de film. Alex klopte drie keer kort aan. Een vrouw deed bijna meteen open, alsof ze hem al verwacht had. ‘Kijk eens aan!’ zei ze, terwijl ze op hem neer tuurde. ‘Bezoek!’ Hij schatte de vrouw eind twintig. Ze had een donkere huid en kort piekhaar. Ze was helemaal in het zwart gekleed en was zwaar opgemaakt, vooral rond de ogen. ‘Neem me niet kwalijk’, zei Alex, en zijn hoofd tolde. Wat dóé ik hier? ‘Ik weet niet waarom ik heb aangeklopt. Maar ik hoorde…’ ‘Wat hoorde je?’ vroeg ze, terwijl ze zich met een gretige blik naar voren boog. ‘Vertel.’ ‘De film.’ De vrouw glimlachte. Tussen haar smalle tanden zaten spleetjes, waardoor ze zo’n vreemde lichtgevende vis leek, die in de diepste delen van de oceaan jaagt. ‘Een film?’ vroeg ze, oprecht nieuwsgierig. ‘Apart. Welke film?’ Alex wierp de vrouw een vreemde blik toe. Hij hoorde achter haar nog steeds de televisie schetteren – de zombie bonkte nu tegen het raam van Barbara’s auto – maar zij deed alsof ze helemaal niets hoorde. ‘Weet u dat dan niet?’ vroeg Alex. ‘Waarom zou ik dat weten? Die film is voor jou, hoor, niet 14


voor mij.’ Ze deed de deur iets verder open. ‘Heb je zin om te komen kijken?’ vroeg ze. ‘Het is vast een van je lievelingsfilms!’ Een straal van angst sneed door de mist van Alex’ gedachten heen. Het is midden in de nacht en ik ben in gesprek met een wildvreemde, alsof dat de normaalste zaak van de wereld is, dacht hij. Wat is er mis met me? Hij deed een stap achteruit, want hij wilde hier zo snel ­mogelijk weg… maar toen kwam er een heerlijke geur uit de flat. Verse zelfgebakken pompoentaart. Zijn lievelingstaart. Hij snoof de troostrijke geuren van nootmuskaat en kaneel op, en zijn angst was in één klap verdwenen. Deze vrouw vormt geen bedreiging, dacht hij. Het is gewoon een aardige mevrouw die van griezelfilms houdt, net als ik! ‘Die film heet Night of the Living Dead’, zei Alex. ‘Uit 1968, geregisseerd door George Romero.’ ‘Goh,’ zei de vrouw, ‘wat interessant. En had ik gelijk? Is het een van je lievelingsfilms?’ ‘Top tien. Tussen Let the Right One In en The Ring in.’ Alex haalde verontschuldigend zijn schouders op. ‘Ik hou van ­griezelen.’ ‘Echt een jongen naar mijn hart’, antwoordde de vrouw grijnzend. ‘Heel raar… Ik wilde net lekker onderuit naar die film gaan kijken toen ik dacht: nu alleen nog iemand om hem samen mee te bekijken, iemand die hem echt kan waarderen, en nu ben jij hier!’ 15


Ze deed de deur helemaal open. Alex zag een gemakkelijk uitziende bank en een salontafel vol met haverkoekjes met rozijnen en pompoentaart. Tegenover het gezellige zitje stond een reusachtige tv, waarop de zwart-witbeelden speelden die hij zo graag wilde zien: Barbara, die naar de boerderij toe strompelde, waar ze de rest van de film gevangen zou zitten, op de hielen gezeten door zombies. Alex zette verrukt een stap naar voren. ‘Blijf niet zo staan staren, mallerd’, zei de vrouw. ‘Kom ­binnen.’ Zelfs later, toen Alex wist dat hij onder invloed van een krachtige betovering was geweest, kon hij nog steeds niet goed geloven dat hij zomaar de flat binnen was gegaan. Op het moment zelf was het net geweest of zijn lichaam niet van hem was. Hij werd als een motje naar de flikkerende lichtbeelden van de televisie toe getrokken. Hij stapte over de drempel. Achter hem viel de deur met een klikje in het slot. ‘Hebbes’, zei de vrouw heel zacht. Ze legde een koude hand om zijn pols, en alle energie leek uit zijn lichaam weg te vloeien. Alex zeeg neer in de kussens van een bank waar hij vlakbij stond en kon zijn ogen bijna niet openhouden. De vrouw ging in de stoel tegenover hem zitten. De glimlach was van haar gezicht verdwenen. ‘Hoe heet je?’ vroeg ze. ‘Alexander. Alex.’ ‘Wat is het nou?’ 16


‘Alex’, zei hij. Hij keek verward de flat rond. De televisie was verdwenen, en ook de salontafel en de pompoentaart. ‘Waar is de tv gebleven?’ vroeg Alex. ‘Die heeft er nooit gestaan.’ ‘Jawel’, hield hij vol. ‘Ik heb hem zelf gezien.’ ‘Het huis doet alles wat het kan om je binnen te krijgen. Dat is voor iedereen weer anders. Een film is een vreemde keuze. Normaal gesproken worden ze door een bepaald soort eten aangetrokken. Kinderen denken namelijk altijd met hun maag.’ ‘Ik rook pompoentaart.’ ‘Dat bedoel ik.’ Alex had steeds meer moeite om zijn blik scherp te stellen. De kamer kantelde voortdurend heen en weer, alsof hij in een pretpark net uit het piratenschip was gestapt. Hij had het ­gevoel dat hij misschien moest overgeven. ‘Ik wil naar huis’, zei hij. ‘Dat gaat natuurlijk niet gebeuren, Alex.’ Hij draaide zich om op de bank, héél langzaam, in de hoop onverwacht naar de deur te kunnen spurten. Alleen was de deur verdwenen. Er was nu alleen maar een lege muur te zien. ‘Waar is de deur gebleven?’ vroeg hij slaperig. ‘Weg’, zei de vrouw. ‘Maak je geen zorgen. Je hebt ze toch niet meer nodig.’ ‘Maar dat kan helemaal niet’, zei Alex. ‘Deuren verdwijnen niet… die kunnen niet…’ ‘Heb je het dan nog niet door?’ vroeg ze, en ze grijnsde trots. 17


‘Ik ben een heks! Zoals in een sprookjesboek.’ Ze tikte met één nagel tegen zijn voorhoofd. ‘En jij, muisje, bent regelrecht in mijn val getrapt.’ Alex probeerde te gaan staan, maar zijn benen veranderden in pap en hij zakte op de grond in elkaar. Een golf van duisternis spoelde over hem heen.

18


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789401468176 by Uitgeverij Lannoo - Issuu