ATLAS VAN
WO II
DE TWEEDE WERELDOORLOG IN MEER DAN 100 KAARTEN
10
34
AFGLIJDEN NAAR OORLOG
1918–1939
DUITSE TRIOMFEN 1939–1941
12
De aanloop
24
De Spaanse Burgeroorlog
36
Oorlog in Europa
56
Machtsstrijd in Afrika
14
de erfenis van WO I
26
De Sino-Japanse oorlog
38
Polen vernietigd
58
De slag om Engeland
16
De Volkenbond
28
Italiaanse en Duitse expansie
40
De schemeroorlog
60
De Blitz
18
Het Europa van dictators
30 Kristallnacht
42
Slag bij Río de la Plata
62
In het nauw
20
Hitler en nazi-Duitsland
32
44
De winteroorlog in Finland
64
De duikbotenoorlog
22
China in beroering
46
De slag om Noorwegen
66
Het einde van de Bismarck
68
De VS raken betrokken
70
Leen en pacht
Het aftellen is begonnen
48 Het Duitse offensief in het westen 50 Blitzkrieg 52
Evacuatie uit Duinkerke
72 De Middellandse Zee en het Midden-Oosten
54
De val van Frankrijk
74
Italiaanse Afrika-campagnes
INHOUD REDACTIE
OMSLAGONTWERP EN ILLUSTRATIES
Senior Editor Rupa Roa Assistant Editors Aashirwad Jain, Sonali Jindal
Senior Editor Hugo Wilkinson
Lead Senior Art Editor Duncan Turner
Project Editors Shashwati Tia Sarkar, Miezan van Zyl
Senior Art Editor Sharon Spencer
Picture Researchers Akash Jain, Surya Sankash Sarangi
Editor Polly Boyd
Project Art Editor Steve Woosnam-Savage
Picture Research Manager Taiyaba Khatoon
Editorial Assistant Michael Clark
Cartografie Ed Merritt
Jacket Editorial Coordinator Priyanka Sharma
Project Assistant Briony Corbett Managing Editor Angeles Gavira Guerrero
Omslagontwerp Sophia MTT en Surabhi Wadhwa en Emma Dawson
Managing Jackets Editor Saloni Singh
Associate Publisher Liz Wheeler
Producer (Pre-production) Rob Dunn
Pre-production Manager Balwant Singh
Publishing Director Jonathan Metcalf
Senior Producer Meskerem Berhane Managing Art Editor Michael Duffy
Cartografen Ashutosh Ranjan Bharti, Swati Handoo, Animesh Kumar Pathak
Art Director Karen Self
Cartography Manager Suresh Kumar
Design Director Phil Ormerod
Lead Senior Art Editor Vaibhav Rastogi
Managing Editor Rohan Sinha
Senior Art Editor Mahua Mandal
102 DE OORLOG BREIDT ZICH UIT 76 Rommel betreedt het strijdperk 78
Grieks-Italiaanse oorlog
80
Duitsland grijpt in
82 Het Midden-Oosten en de oostelijke Middellandse Zee
94
De belegering van Leningrad
96 De Duitse opmars naar Moskou
104 Amerika en Japan in oorlog
132 De nieuwe orde in Europa
106 De Japanse ambities
134 De Holocaust
98 Massamoorden in het Oosten
108 Japan trekt ten strijde
136 Het getto van Warschau
110 Pearl Harbor
138 Overvallen en ondermijning
100 Moskou ontzet
112 De Japanse opmars
140 Poolkonvooien
114 Amerika in oorlog
142 Rommels laatste offensief
116 Japan valt de Filipijnen aan
144 Tweede slag om El Alamein
118 Overgave in Singapore
146 Operatie Torch
120 Japan verovert Birma
148 Duitse opmars naar Stalingrad
84 Oorlog op de Middellandse Zee 86
De belegering van Malta
88 Duitsland tegen de Sovjet-Unie 90
Operatie Barbarossa
122 India in oorlog
92
Het totalitaire thuisfront
124 Japanse tegenslagen
150 Belegering van Stalingrad
126 De slag om Midway
152 Russische overwinning bij Stalingrad
128 Guadalcanal
154 Krijgsgevangenen
130 De oorlog in Europa en Afrika
Project Art Editors Sanjay Chauhan, Anjali Sachar Art Editors Rabia Ahmad, Mirdushmita Bose, Debjyoti Mukherjee, Sonali Rawat Sharma Managing Art Editor Sudakshina Basu Senior Jackets Designer Suhita Dharamjit Senior DTP Designers Harish Aggarwal, Vishal Bhatia, Jagtar Singh Product Manager Pankaj Sharma
1942
VOORWOORD Peter Snow CBE ADVIES Richard Overy, hoogleraar geschiedenis, Universiteit van Exeter AUTEURS Simon Adams, Tony Allan, Kay Celtel, R.G. Grant, Jeremy Harwood, Philip Parker, Christopher Westhorp
VERTALING Sylvia Birnie, Sander Buesink, Hester Colijn, Mylène Delfos, Rob de Ridder, Eric Strijbos, Jet Zegers Advies Christ Klep BOEKVERZORGING Asterisk*, Amsterdam
156 HET TIJ KEERT
1943–1944
158 Duitse weerstand
176 Verzet in Europa
196 Moordaanslag op Hitler
214 De slag in de Golf van Leyte
160 Overwinning in de woestijn
178 De slag om Kursk
198 Operatie Market Garden
216 Kamikazeacties
162 Topconferenties
180 De Sovjets snellen vooruit
200 Strijd voor de Duitse deur
218 Tegenaanval in Birma
164 Invasie van Sicilië en Italië
182 Operatie Bagration
202 Griekenland en Joegoslavië
220 China en Japan in oorlog
166 Van Anzio naar de Gotenstellung
184 De opstand in Warschau
204 Oorlog met Japan
222 Japans bestuur in Oost-Azië
186 De landingen op D-Day
206 Operatie Cartwheel
188 Omaha Beach
208 Amfibieoorlog
190 De slag om Normandië
210 Van eiland naar eiland in de Pacific
168 Ondergang van de U-boten 170 Codes kraken 172 Dag en nacht bombarderen 174 Speers oorlogsindustrie
192 V-wapens 194 Ontsnapping
Registreer u op onze website en we sturen u regelmatig een nieuwsbrief met informatie over nieuwe boeken en met interessante, exclusieve aanbiedingen www.lannoo.com Oorspronkelijke titel World War II map by map Oorspronkelijke uitgever Dorling Kindersley Limited, London Copyright © 2019 Dorling Kindersley Limited, London Copyright © Nederlandse vertaling Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 2019 D/ 2019/45/529 – 978 94 014 6404 8 – NUR 689 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch of op enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
212 De strijd om de Marianen
224 EINDSTRIJD EN NASLEEP
1944 –1955
226 Overwinning in Europa
250 Iwo Jima
276 Woordenlijst
228 Ardennenoffensief
252 Bommen op Japan
278 Register
230 Jalta en Potsdam
254 De Slag om Okinawa
286 Dankbetuiging
232 De Rijn over
256 Manhattan-project
234 Duitsland verliest de luchtoorlog
258 Hiroshima en Nagasaki
236 Bommenregen op Dresden 238 De laatste Sovjet-aanval 240 Laatste gevechten in Italië 242 De val van Berlijn 244 V-dag 246 Japanse nederlaag 248 Herovering van de Filipijnen
260 Vrede in de Pacific 262 De nasleep van de oorlog 264 Het IJzeren Gordijn 266 De Chinese Burgeroorlog 268 De dekolonisatie van Azië 270 De sctichting van Israël 272 De prijs van de oorlog 274 Herdenken
VOORWOORD Dit is het fascinerendste boek over militaire geografie dat ik ken. Het biedt inzicht in de reusachtige schaal van de oorlog van 1939-1945, die alle andere conflicten in de schaduw stelt. De gewelddadigheid van de Tweede Wereldoorlog – de intensiteit en het dodental – zijn nauwelijks te bevatten: mogelijk 80 miljoen doden, waarvan 20 miljoen op het slagveld en nog eens 60 miljoen burgers die het slachtoffer werden van bombardementen en de alomvattende oorlog te land, ter zee en in de lucht. De kaarten in dit boek laten op intrigerende wijze de beweeglijkheid en snelheid zien waarmee de gemechaniseerde legers opereerden, terwijl oorlogsschepen en vliegtuigen op ongekende afstanden verwoestingen konden aanrichten.
Voor geen enkele eerdere oorlog was zulke uitgebreide documentatie in kaarten nodig. Geen enkele andere oorlog was een zo grote opgave voor cartografen. Elk keerpunt in de oorlog kende troepenbewegingen en de inzet van industriële middelen op een nooit vertoonde schaal. De kaarten geven ons inzicht in de reikwijdte, omvang en snelheid van Hitlers Blitzkrieg, waarmee hij Nederland, België en Frankrijk in het voorjaar van 1940 onder de voet liep. Ook andere massale troepenbewegingen worden uit de doeken gedaan – de strijd in Noord-Afrika in 1940–1943, de grote sprong over de Middellandse Zee van Noord-Afrika naar Sicilië en Italië door Montgomery’s en Pattons legers, de inval van de nazi’s in de Sovjet-
▽ Kaart van de gevechten in Normandië Deze Duitse kaart toont de troepenbewegingen van de asmogendheden en de geallieerden in 1944. Na de geallieerde landing in Frankrijk op D-day werd door beide zijden fel gevochten om gebieden in Noord-Frankrijk, België en Nederland in een van de sleutelmomenten van de oorlog in Europa (zie blz. 190–191).
Unie en de verrassende ommekeer bij Stalingrad in 1942–1943. En dan is er het mogelijk dramatische hoogtepunt: D-Day in juni 1944, de grootste invasie over zee ooit. Dit boek laat ook zien dat Azië door oorlog werd overspoeld. Het beschrijft de grote zeeslagen in de Grote Oceaan die volgden op de Japanse aanval op Pearl Harbor, op 7 december 1941. Dat was, in president Roosevelts woorden, de ‘datum die als schanddaad bekend zal staan’, waarmee de VS in oorlog raakten. Uiteindelijk gaf de kracht van de Amerikaanse industrie aan de zijde van de geallieerden de doorslag in de nederlaag van Duitsland, Italië en Japan. De kaarten die de zware slagen documenteren waarmee Japan teruggedreven
werd, geven een goed inzicht in de reusachtige taak waarmee het Amerikaanse leger zich geconfronteerd zag. Dit alomvattende beeld van de Tweede Wereldoorlog wordt aangevuld met kaarten en ander materiaal over de toestand van de wereld voor en na de oorlog, en met informatie over de bredere sociale, politieke en economische aspecten van het conflict. We zien ook wat voor soort kaarten de generaals in die tijd hadden. Ik ben vanouds gefascineerd door de manier waarop goede kaarten het verloop van een oorlog kunnen verduidelijken. Dit boek is daar een uitmuntend voorbeeld van. PETER SNOW, 2019
12
A F G L I J D E N N A A R O O R LO G 19 18 –193 9
DE A ANLOOP De wereld kreeg in de jaren 1920 en 1930 te maken met ideologische verdeeldheid, sociale conflicten en economische crises. In belangrijke landen als Duitsland en Japan kwamen agressieve militaristen aan de macht, terwijl de onhandige pogingen van de liberale democratieën om de vrede te bewaren de oorlog enkel verhaastten.
△ Nationalistische propaganda Deze poster uit de Spaanse Burgeroorlog propageert de zaak van de nationalisten. De strijd tussen de republikeinen en nationalisten weerspiegelde de verdeeldheid in links en rechts die Europa in de jaren dertig van de 20ste eeuw polariseerde.
De treurige ironie wil dat het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog is terug te voeren op de Eerste Wereldoorlog, die wel ‘de oorlog om een einde aan oorlog te maken’ werd genoemd. Dit uitermate bloedige conflict leidde tot een breed verlangen naar vrede, maar zorgde ook voor grieven, onzekerheid en instabiliteit. Vooral veel Duitsers vonden het moeilijk om de nederlaag te accepteren en ze voelden zich te zwaar gestraft door het vredesverdrag van Versailles, dat de overwinnaars hadden opgesteld. De Duitse republiek van Weimar, die in 1919 ontstond, was zwak en kreeg te maken met hyperinflatie en gewapende opstanden van zowel links als rechts.
Van vrede tot herbewapening In de jaren twintig kwamen er verbeteringen in de internationale betrekkingen. De Volkenbond, in 1920 opgericht, had ambitieuze plannen voor collectieve veilig▷ Japanse vuurkracht Dit zware machinegeweer Type 92 was een van de wapens die Japan inzette bij zijn militaire expansie in de jaren 1930.
TUSSEN DE OORLOGEN In Europa volgde op de onrust na de Eerste Wereldoorlog een periode van relatieve stabiliteit in het midden van de jaren twintig. Die eindigde met de Grote Depressie van 1929, die Hitlers pad naar de macht effende. Vervolgens leidde de Duitse agressie tot diverse crises en de invasie van Polen, waarmee in september 1939 de oorlog in Europa begon. In Azië was in 1937 al oorlog uitgebroken met de Japanse invasie van China.
Nov. 1918 De Eerste Wereldoorlog eindigt met een wapenstilstand; Duitsland wordt een republiek.
heid en ontwapening, al werd de autoriteit ervan ondermijnd door het besluit van de VS om geen lid te worden. Na een crisis over de uitvoering van het Verdrag van Versailles in 1923 begonnen Duitsland en Frankrijk hun betrekkingen te normaliseren, maar stabiliteit bleef lastig te bereiken. De transformatie van Rusland in de Sovjet-Unie – een communistische staat die zich theoretisch inzette voor de wereldrevolutie – was een nieuwe complicerende factor in de internationale politiek. In Italië, dat ook door de Eerste Wereldoorlog was gedestabiliseerd, kwam de fascistische dictator Benito Mussolini aan de macht. In China hadden de nationalisten grote moeite om het centrale gezag overeind te houden tegenover communisten en krijgsheren. Hoop op een terugkeer naar ‘normaliteit’ verdween definitief met de Grote Depressie na de beurskrach van 1929. Deze zware klap voor de wereldeconomie had grote impact op een wereld vol binnenlandse en internationale spanningen. Met het instorten van de handel kwamen de grote machten in de verleiding om economische zekerheid te zoeken in de beheersing van territorium en grondstoffen. Met oplopende werkloosheid en een dalende levensstandaard ruilden veel landen het liberalisme in voor autoritaire regeringen. In Duitsland zorgde de economische crisis ervoor dat de nazi’s van een marginale, extremistische beweging tot een belangrijke politieke kracht konden uitgroeien. Hitler speelde in op de Duitse afkeer van het
Juni 1919 Jan. 1920 Verdrag van Eerste algemene vergadering Versailles van de Volkenbond
Okt. 1922 Mussolini wordt premier van Italië.
Jan. 1923 Mislukte putsch van de nazi’s in München
EUROPA AZIË AMERIKA 1918
1920
1922
Dec. 1922 Stichting van de Sovjet-Unie
1924
Jan. 1923 Franse bezetting Ruhrgebied om Verdrag van Versailles af te dwingen
1926
Maart 1925 De Chinese leider Sun Yat-sen sterft.
DE A AN LOOP
◁ Ongehinderde verovering Na Tsjechoslowakije in het voorjaar van 1939 zonder wapengeweld te hebben bezet, paradeert het Duitse leger door de straten van Praag voor een boze menigte.
Verdrag van Versailles en wilde de economische problemen van Duitsland oplossen met een herstel van de Duitse militaire kracht. Binnen twee jaar nadat Hitler in 1933 rijkskanselier van Duitsland was geworden, begon het land aan een openlijke, grootschalige herbewapening. Intussen profiteerde het militaristische Japan van de zwakheid van China om enkele campagnes te starten en vervolgens in 1937 een grootschalige invasie te lanceren. Mussolini’s Italië begon op kleinere schaal agressief te worden met een invasie van Ethiopië in 1935. Niet in staat om dergelijke oorlogsdaden te verhinderen, verloor de Volkenbond aan betekenis.
De aanloop naar de oorlog Groot-Brittannië en Frankrijk, beide liberale democratieën, wisten niet echt een antwoord te formuleren op de openlijke agressie. Ze bleven passief toen Hitler herbewapende, in overtreding van het Verdrag van Versailles. Toen in 1936 de Spaanse Burgeroorlog uitbrak, kwamen Duitsland en Italië de rechtse opstandelingen te hulp, terwijl de Britten en Fransen neutraal bleven en wantrouwend naar hun ideologische tegenstander de Sovjet-Unie keken, die de Spaanse regering steunde. Uiteindelijk gingen ook de democratieën
zich bewapenen, maar ze probeerden oorlog met Duitsland te vermijden uit angst voor de mogelijke gevolgen van luchtbombardementen. De Britse premier Neville Chamberlain besloot tot een verzoeningspolitiek en gaf toe aan de Duitse eisen. In 1938 mocht Hitler Oostenrijk en het Tsjechische Sudetenland inlijven. Maar het was niet genoeg voor de nazileider. Hij was uit op oorlog en verovering en had plannen om de uitkomst van de Eerste Wereldoorlog ongedaan te maken en de Duitse heerschappij over Europa te vestigen. Nadat de Duitsers in maart 1939 Praag hadden bezet, keerde de Britse regering zich tegen verdere Duitse expansie. Toen Groot-Brittannië en Frankrijk steun beloofden aan Polen, het volgende doelwit van Hitler, was het aftellen begonnen. De Britten en Fransen bleven huiverig voor een alliantie met de Sovjet-Unie. Sovjetdictator Jozef Stalin koos daarom voor een deal met Hitler, waarmee de weg vrij was voor de Duitse aanval op Polen en het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.
‘Oorlog is voor de man wat moederschap is voor de vrouw (…) ik geloof niet in eeuwige vrede.’ B E N I T O M U S S O L I N I , D I C TAT O R V A N I TA L I Ë , 1 9 3 9
1927 Burgeroorlog in China tussen communisten en nationalisten
1928
Okt. 1929 Beurskrach op Wall Street, begin van de Grote Depressie
Nov. 1932 F.D. Roosevelt wordt president van de VS.
1930
1930 Massale werkloosheid in Duitsland; de aanhang van de nazi’s groeit.
Aug. 1934 Hitler wordt na de dood van president Hindenburg ‘Führer’.
1932
Sept. 1931 Japan bezet de stad Shenyang en valt Mantsjoerije binnen.
Jan. 1933 Hitler wordt rijkskanselier van Duitsland.
▷ De fascistenleider De Italiaanse fascist Benito Mussolini was het voorbeeld voor de in uniform gestoken dictators die Europa tussen de oorlogen domineerden.
Okt. 1935 Mussolini valt Ethiopië binnen.
1934
Aug. 1935 De Neutrality Act verbiedt de VS aan buitenlandse oorlogen deel te nemen.
Maart 1936 Hitler militariseert het Rijnland.
Nov. 1936 Duitsland en Japan tekenen het AntiKominternpact.
1936
Juli 1936 Begin Spaanse Burgeroorlog
Maart 1938 Anschluss: Oostenrijk komt bij het Duitse Rijk.
Maart 1939 Duitse troepen bezetten Praag; Britten en Fransen beloven Polen steun.
1938
April 1937 Duitsers en Italianen bombarderen burgers in Guernica.
Juli 1937 Japan valt China binnen, begin van de oorlog in Azië.
Sept. 1939 Duitse troepen vallen Polen binnen.
1940
Sept. 1938 Het Verdrag van München, Sudetenland wordt Duits.
Aug. 1939 Hitler en Stalin sluiten een pact waarmee ze Polen verdelen.
13
◁ Oorlogskinderen Deze poster uit 1917 vraagt: ‘Heeft u een plek in uw hart voor ons?’ Het was een oproep ten bate van de vele duizenden Franse kinderen die hun vader in de Eerste Wereld oorlog waren kwijtgeraakt. Het grote aantal slachtoffers had ingrijpende gevolgen voor de betrokken landen.
ZW
R
EN
O
tz
BI
BULGARIJE
AC
O ED
NI
ST IË O O R AC
Ë
TH
ee EPIROS
WESTTHRACIË
1925 Griekenland en Bulgarije raken in conflict over Macedonië.
Smyrna GRIEKENLAND
Ruhrgebied krijgt militaire bezetting. Het Rijnland wordt gedemilitariseerd.
Ë
1920–1922 De Grieken bezetten Oost-Thracië.
MONTENEGRO
ALB ANIË
A
RO E M E N I Ë 1918 Bessarabië komt bij Roemenië.
HERCEGOVINA
Z
R
N
IË
A
A
LV
N
SS
he
T
R
Y SS
A
IË RV
sc
EIN RH
Aan het einde van de oorlog vluchtte keizer Wilhelm II naar Nederland en werd Duitsland een republiek. Het Verdrag van Versailles van 1919 legde Duitsland straf op. Het moest gebieden afstaan aan Denemarken, België, Frankrijk en Polen, het verloor zijn koloniën, het leger moest inkrimpen en de vloot werd geconfisqueerd. Duitsland moest ook herstelbetalingen doen.
Gebieden onder toezicht van de Volkenbond
IA
SE
ti
OPDELING VAN HET DUITSE RIJK 1918–1923
Duitse grens, 1918
RU T H E N
, IË RV I Ë S E V EN O
ia
Ë
In 1921 geannexeerd
Gebied aan Turkije teruggegeven met het Verdrag van Lausanne van 1923
WA K I J E
KO KR NIN OA K T R KROATIË I Ë I J K EN EN SL BOSNIË-
I AT
Turkije na het Verdrag van Sèvres
OEKRAÏNE
LE N Teschen
S LO WA K I J E
M
Na de wapenstilstand van oktober 1918 deelden de geallieerde overwinnaars het Osmaanse Turkije op in het Verdrag van Sèvres (1920). De Turkse nationalisten onder Mustafa Kemal verwierpen het verdrag en verdreven van 1920 tot 1922 de bezettende Griekse, Armeense en Franse legers. Het Osmaanse sultanaat werd afgeschaft en de nieuwe republiek werd in 1923 erkend met het Verdrag van Lausanne, dat de nieuwe Turkse grenzen vaststelde.
4
dr
AL
1919–1923
O S LO
Brest-Litovsk
1920 Rusland en Litouwen sluiten een vredesverdrag.
O
HO NG AR I J E
D
HET NIEUWE TURKIJE
A
Volksraadpleging
E
P
SLOVE NIË
Ë
J
1920 Teschen wordt verdeeld tussen Polen en Tsjechoslowakije.
OPPER SILEZIË
KARINTHIË
1920 Het Verdrag van Trianon bepaalt de nieuwe grenzen van Hongarije.
WITRUSLAND
Sopron
LI
N
CORRIDOR VAN DANZIG
ECH
ZWITSERLAND
1918 Het koninkrijk van de Serviërs, Kroaten en Slovenen komt voort uit het Oostenrijks-Hongaarse Rijk en Corsica wordt in 1929 omgedoopt in Joegoslavië.
Wilno (Vilnius)
Allenstein
O O ST ENR IJK
A
5
P A
LA
ND
TSJ
1919 Het Verdrag van St-Germain trekt nieuwe grenzen voor Oostenrijk.
IT
S
FRANKRIJK
O
Marienwerder
BOHEMEN
ELZASLOTHARINGEN
1921 Rusland erkent met het Verdrag van Riga de onafhankelijkheid van Letland.
BE
Met de verdragen waarmee een einde aan de oorlog kwam, werd ook geprobeerd talrijke territoriale disputen te beslechten. Het ging meestal om de teruggave van gebieden die bij eerdere oorlogen verloren waren, of om etnische groepen die aan de ‘verkeerde’ kant van een nieuwe grens woonden. Er werden volksraadplegingen gehouden waarin de lokale bevolking zich mocht uitspreken over haar toekomst.
LIT
Danzig OOSTPRUISEN
LUXEMBURG
1919–1925
s
MEMEL
D U I T S L AN D
Eupen
o
M
BELGIË
1919 Elzas-Lotharingen komt na 48 jaar Duits bewind weer bij Frankrijk.
Betwiste gebieden
LETLAND
O
1919 De voormalig Duitse stad Danzig wordt een vrije stad onder de Volkenbond.
RUHR
Pskov
EN
1919 Het Rijnland is tot 1936 gedemilitariseerd.
6
ESTLAND
ee
N
1919 Het Saarland wordt een mandaatgebied van de Volkenbond, na een referendum in SLEESWIJK1935 wordt het met HOLSTEIN Duitsland herenigd.
NEDERLAND
ND
Petrograd
UW
VERENIGD KONINKRIJK
A NL
Åland
1920 Polen annexeert Vilnius van Litouwen, dit wordt in 1922 met een referendum bekrachtigd.
Noordzee
Dublin
FI
1921 Na een Russische nederlaag bij Warschau bereiken Polen en Rusland overeenstemming over hun grens.
DENEMARKEN
1923–1925 Franse en Belgische troepen bezetten het Ruhrgebied als Duitsland geen herstelbetalingen doet.
BETWIST EUROPA
1920 Estland wordt na een korte oorlog onafhankelijk van Rusland.
O
W
EG
1916 Ierse republikeinen beginnen in Dublin de Paasopstand tegen het Britse bewind.
IERSE VRIJSTAAT
EN
1920 Rusland erkent de Finse onafhankelijkheid in het Verdrag vanTartu.
1922 Ierland is verdeeld in de voornamelijk katholieke Ierse Vrijstaat en het grotendeels protestantse noorden.
NOORDIERLAND
ED
Dodekanesos 1919 Griekenland bezet Smyrna, wat tot oorlog met Turkije leidt (tot 1922).
Kreta
D E E R F E N I S VA N WO I
NA DE OORLOG
LEGENDA
Veel grenzen werden na de Eerste Wereldoorlog opnieuw getrokken na het instorten van rijken en de geboorte van nieuwe landen. Het ging vaak met geweld gepaard en zorgde voor nieuwe wrok.
Nationale grenzen, 1923
TIJDLIJN 1 2 3 4 5 6 1915
D
1920
RUS
LA
N
1
1918 Rusland geeft met het Verdrag van Brest-Litovsk zijn claims op gebieden ten westen van de lijn Brest-Litovsk op.
2
Rostov
1925
1930
EINDE VAN HET RUSSISCHE RIJK
1917–1921
Bij de Februarirevolutie van 1917 werd de tsaar afgezet, waarna in de Oktoberrevolutie de nieuwe regering omver werd geworpen en de communisten de macht grepen. Het bolsjewistische regime bereikte in december 1917 een staakt-het-vuren met Duitsland en sloot in maart 1918 het Verdrag van Brest-Litovsk, waarmee het alle aanspraken op Finland, de Baltische staten, Polen en Oekraïne opgaf. Russische grens, december 1917
Gebieden die tijdelijk autonoom of onafhankelijk werden
Brest-Litovsklijn
DE OPDELING VAN HET OOSTENRIJKSHONGAARSE RIJK 1918–1920 Het Habsburgse Rijk werd verdeeld in drie nieuwe staten: Oostenrijk, Hongarije en Tsjechoslowakije. Andere Oostenrijkse gebieden gingen naar Polen, Roemenië en wat later Joegoslavië werd. Oostenrijk moest herstelbetalingen doen, mocht zich niet met Duitsland verenigen en moest het leger inkrimpen. Het koninkrijk Hongarije verloor twee derde van zijn grondgebied, veel etnische Hongaren woonden opeens in Roemenië of een ander land. Oostenrijks-Hongaarse grens, 1914
AZ
K a u k a s u s
GEORGIË
1915–1922 Rond 1,5 miljoen Turkse Armeniërs worden door Turkse nationalisten vermoord.
TUR KS AR MENI Ë
I J E R K U T 1923 Ankara wordt de nieuwe hoofdstad van de republiek Turkije.
ië tol Ana
Cypru s
3
BE
ID
ZJ
AN
Het einde van de oorlog betekende ook het einde van vier grote rijken. De kaart van het continent werd opnieuw getekend en miljoenen mensen kregen een nieuwe nationaliteit. Met de komst van nieuwe landen en het slechts langzaam verdwijnen van oude conflicten bleef de erfenis van de oorlog nog vele jaren voelbaar in Europa. De vredesverdragen waarmee de toekomst van Europa na 1919 werd beslist, waren het gevolg van tal van compromissen tussen de ‘Grote Vier’: de geallieerde overwinnaars de VS, GrootBrittannië, Frankrijk en Italië. De Amerikaanse president Woodrow Wilson wilde een liberaal vredesverdrag gebaseerd op nationale zelfbeschikking, maar de Franse premier Georges Clemenceau wilde vooral de toekomstige veiligheid van zijn land garanderen en Duitsland voor de oorlog laten betalen – een opvatting die gedeeld werd door David Lloyd George, de Britse premier. Het uiteindelijke resultaat viel bij niemand in goede aarde, en veel volken en regeringen waren bitter teleurgesteld over de gevolgen.
Vanmeer
G E O RG E S C L E M E N C E AU , 1918
P
Z ER
IË
T U RKS KO E RDISTAN
NIEUWE STATEN
1918–1922
De ineenstorting van het Osmaanse, Duitse, Russische en Oostenrijks-Hongaarse rijk aan het einde van de oorlog leidde tot de vorming van nieuwe staten in Midden-Europa: Estland, Finland, Oostenrijk, Tsjechoslowakije, Polen, Hongarije, Litouwen, Letland en het Koninkrijk van Serviërs, Kroaten en Slovenen. In 1922 werd de Ierse Vrijstaat na een bloedige oorlog onafhankelijk. Nieuwe staten
HET TEKENEN VAN DE VREDESVERDRAGEN De geallieerde politici en diplomaten kwamen in 1919 in Parijs bij elkaar om een reeks verdragen te sluiten met de verliezers. Ze werden vernoemd naar de paleizen, kastelen en steden bij Parijs waar ze werden ondertekend. Het belangrijkste verdrag werd in juni 1919 in Versailles met Duitsland gesloten; in september 1919 volgde St-Germain-enLaye met Oostenrijk, in november 1919 Neuilly-sur-Seine met Bulgarije, in juni 1920 Trianon met Hongarije, en in augustus 1920 het nooit geratificeerde Verdrag van Sèvres met Turkije. Het Verdrag van Versailles wordt getekend.
Jeruzalem
Territoriale disputen bleven landen verdelen, vooral in Oost-Europa, terwijl in Turkije tot in 1922 nog werd gevochten. Veel nieuwe staten waren nogal grof uit het Oostenrijks-Hongaarse Rijk en de andere oude rijken gesneden; het verslagen Duitsland verloor veel grondgebied en Rusland, dat niet bij de vredesonderhandelingen mocht aanschuiven, werd ‘s werelds eerste communistische staat. Sommige problemen werden met de vredesverdragen opgelost, maar de erfenis van de oorlog had grote sociale, economische en politieke gevolgen voor heel Europa en Azië en zou daardoor een van de belangrijkste oorzaken worden voor het binnen twintig jaar uitbreken van een nieuwe wereldoorlog.
‘Mijn binnenlandse politiek: oorlog voeren. Mijn buitenlandse politiek: oorlog voeren. Ik voer altijd oorlog.’
NIË ME AR
ee Zwarte Z
Ankara
ER
DE ERFENIS VAN WO I
15
A F G L I J D E N N A A R O O R LO G 19 18 –193 9
2
LIDMAATSCHAP VAN DE BOND
1920–1939 1932 Het voormalig Osmaanse Irak is het eerste (Britse) mandaatgebied dat onafhankelijk wordt.
De Volkenbond werd door 42 landen opgericht; in 1934 waren er 58 leden. De VS, Saoedi-Arabië, Jemen, Mongolië, Bhutan en Nepal deden nooit mee. De USSR was in 1934–1939 lid, Japan en Duitsland traden in 1933 uit, Italië in 1937 en Spanje in 1939. Koloniën en mandaatgebieden konden geen lid worden, waardoor een groot deel van Afrika, Zuidoost-Azië en de Grote Oceaan niet vertegenwoordigd was.
1923 Frankrijk krijgt het mandaat over het voormalig Osmaanse Syrië, inclusief het toekomstige Libanon.
1933 De nieuwe Duitse kanselier Adolf Hitler trekt Duitsland al snel terug uit de Volkenbond.
GROENLAND IJSLAND
Zie inzet
△ Geef vrede een kans Deze ansichtkaart ten gunste van een Zwitsers lidmaatschap van de Volkenbond straalt optimisme uit.
1932–1934 De Ontwapeningsconferentie komt in Genève bijeen met afgezanten van zestig landen, zonder vooruitgang te boeken.
CANADA
1936 De Volkenbond weigert in te grijpen in de Spaanse Burgeroorlog, ondanks verzoeken van de republikeinse regering.
V S 1919 De Amerikaanse Senaat weigert het Verdrag van Versailles te ratificeren, waardoor de VS geen lid van de Volkenbond worden. MEXICO 1931
HAÏTI
SYRIË
PALESTINA
1923 Groot-Brittannië krijgt het mandaat over het voormalig Osmaanse Palestina en stelt Transjordanië (later Jordanië) als autonoom gebied in.
MAROKKO
LIBIË
IRAK
EGYPTE 1937
1
PERZIË
TRANSJORDANIË
ALGERIJE DOMINICAANSE REPUBLIEK 1924 1930 Na een GUATEMALA rapport van de ENGELS-EGYPTISCH 1920–1936 O C E A A N FRANS WEST-AFRIKA HONDURAS 1920–1936 SUDAN Volkenbond verbiedt EL SALVADOR de Liberiaanse NICARAGUA 1920–1936 BRITS 1924–1937 regering de slavernij. UGANDA TOGO PANAMA RIA ETHIOPIË RUANDA- 1923–1937 GE I VENEZUELA N URUNDI OPRICHTING VAN DE VOLKENBOND 1919 LIBERIA 1920–1938 COSTA RICA 1920–1925 COLOMBIA De Volkenbond werd met het Verdrag van FRANS BELGISCH TOGO KENIA Versailles van 1919 opgericht. De eerste ECUADOR 1926 Brazilië CONGO 1934 bijeenkomst vond op 10 januari 1920 in Parijs BRITS is de eerste TANGANJIKA plaats. De Volkenbond bestond uit een Algemene KAMEROEN van de NYASALAND Vergadering van alle leden; een Uitvoerende Raad oprichters van FRANS ANGOLA waar alleen de grote machten zitting in hadden, en de Volkenbond KAMEROEN BRAZILIË die uittreedt. het Permanente Secretariaat. Alle drie waren in NOORD1920–1926 RHODESIË Genève gevestigd. Een Permanent Hof van FRANS BOLIVIA Internationale Justitie in Den Haag ging beslissen in ZUIDEQUATORIAAL AFRIKA RHODESIË zaken die aan het hof werden voorgelegd. BECHUANALAND PARAGUAY 1920–1935 ZUIDWESTAFRIKA ZUIDAFRIKA
G R O T E
CUBA
ARG ENT INIË
De Volkenbond bestond van 1920 tot 1946, toen hij door de Verenigde Naties werd opgevolgd. Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog speelde de Bond geen rol meer.
MO ZAM BIQ UE
RU 9 PE 193 – 20
DE VOLKENBOND IN ACTIE
URUGUAY 1935 De Volkenbond legt Italië zwakke sancties op na de inval in Ethiopië en weet niet te voorkomen dat Italië het land inneemt.
LEGENDA
Oorspronkelijke lidstaten
Koloniën van lidstaten
Nieuwe leden, met jaar van toetreding
Mandaatgebieden Geen lid
Landen die uittraden of uitgestoten werden
6
Grenzen, 1930
TIJDLIJN 1 2 3 4 5 6 1910
1930
1950
1970
MAD AGAS KAR
19
1920– CHILI 1938
16
1990
HET MISLUKKEN VAN DE BOND
1930–1939
De Volkenbond wist een aantal conflicten in de wereld te beslechten, maar het leidde niet tot ontwapening. Men wist ook geen halt toe te roepen aan de militaire expansie van Duitsland, Italië en Japan, iets wat tot de Tweede Wereld oorlog zou leiden. De agressie van deze landen bleef in de jaren dertig ongestraft. Uiteindelijk bleek het geloof van de Volkenbond in collectieve veiligheid niet opgewassen tegen landen die hun eigen nationale belangen nastreefden.
5
ONTWAPENING NASTREVEN
1926–1939
Volgens Artikel 8 van het handvest streefde de Volkenbond wereldwijde ontwapening na. In 1926 startte een commissie met de voorbereiding van een conferentie over ontwapening die in 1932 in Genève begon, maar in 1933 mislukte toen Hitler zich terugtrok. Intussen probeerde men met het Kellogg–Briandpact, een internationaal verdrag uit 1928 buiten de Volkenbond om, vergeefs om een conflict als instrument van nationaal beleid te verbieden.
DE VOLKEN BON D
3
1939 De USSR was het eerste en enige land dat uit de Volkenbond werd gezet, na de invasie van Finland.
S
U
S
HET MANDAATSYSTEEM
1919–1990
Na de nederlaag van Duitsland en Osmaans Turkije in de Eerste Wereldoorlog werden hun bezittingen in Afrika, de Grote Oceaan en het Midden-Oosten onder autoriteit van de Volkenbond aan de geallieerden overgedragen. Door een juridisch mandaat konden deze gebieden namens de Volkenbond door een lidstaat worden bestuurd. Het Britse mandaatgebied Irak werd in 1932 onafhankelijk; de rest volgde na de Tweede Wereldoorlog.
DE VOLKENBOND Na de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog kwam een groep landen met het idee van een Volkenbond, de eerste internationale organisatie die als primaire opdracht kreeg om de wereldvrede te bewaren en een nieuwe catastrofale wereldoorlog te voorkomen.
1933 De Volkenbond heeft grote kritiek op de Japanse inval in Mantsjoerije; als reactie treedt Japan uit de Volkenbond.
R
1934–1939
De naam ‘Volkenbond’ werd in 1914 gemunt door de Britse politicoloog en pacifist Goldsworthy Lowes Dickinson, die een ontwerp voor de organisatievorm opstelde. In de loop van de Eerste Wereldoorlog begonnen de uiteindelijk zegevierende geallieerden hun oorlogsdoelen te verhelderen; ze kwamen overeen dat er een of andere internationale organisatie nodig was om toekomstige oorlogen te voorkomen. De Amerikaanse president Woodrow Wilson zette in januari 1918 de volgende stap door het idee op te nemen in zijn veertien punten tellende plan, waarin sprake was van de oprichting van een ‘volkenbond om vrede en rechtvaardigheid te verzekeren’. Het oprichtingsdocument van de Volkenbond werd geschreven door de Britse diplomaat lord Robert Cecil en de Zuid-Afrikaanse staatsman Jan Smuts en goedgekeurd tijdens de Vredesconferentie van Parijs van 1919. Om wereldvrede te bereiken, steunde de Volkenbond ontwapening en wilde men oorlogen voorkomen door collectieve veiligheid, waarbij lidstaten samen zouden reageren op bedreigingen. De Volkenbond moest ook internationale relaties bevorderen op het gebied van financiën, handel en transport, en bovendien gezondheidszorg stimuleren en drugs, prostitutie en slavernij bestrijden. Door lidstaten die hun eigenbelangen najoegen, kwam er echter weinig terecht van de fraaie ambities.
J A P2 0 –
19
A
TIBET
33
N
MONGOLIË
C HINA
19
1919 Japan krijgt het mandaat over de voormalig Duitse eilanden in Micronesië.
INDIA FIL IPI JN
M SIA FRANSINDO-CHINA
EN
NEDERLANDS INDIË
I N D I S C O C E A HE AN
LEGENDA
Territoriale conflicten waarover de Volkenbond een uitspraak deed
TERRITORIALE DISPUTEN
1921–1935
L I TO UW E N 1921
N E DE R L A N D IE R L A N D VE R E N IGD KO N IN KR I JK 1923 B E LG IË LU X E M BU RG 1920
T S JE C H
Z WIT S E R L A N D
LETLAND 1921
OOSTPRUISEN
DU IT S L A N D 1926–1933
POLEN O S LO W A K IJ E
OOST E N R I JK
F R A N KR I JK IT A
H ON G A RI J E 1920 1922–39 JO ROE M E N I Ë EG O SL A V B ULG A RI J E I Ë 1920 ALBANIË
LI
Ë
Territoriale conflicten waarover de Volkenbond een uitspraak deed
Grenzen, 1930
E ST L A N D 1921
DE N E M A R KE N
P ORTU GA L
Een belangrijke taak van de Volkenbond was om tussenbeide te komen bij disputen tussen lidstaten. Na de Eerste Wereldoorlog moest beslist worden over landsgrenzen, terwijl er nieuwe oorlogen uitbraken in Zuid-Amerika, Afrika en China. De Volkenbond boekte ook enkele successen in de aanpak van de opiumhandel en seksuele slavernij en in de hulp aan vluchtelingen.
ZWED
OR NO
Nieuwe leden, met jaar van toetreding
4
EN
W
Oorspronkelijke lidstaten
Landen die uittraden of uitgestoten werden
FI N L A N D 1920
EG
AUSTRA L IË
EN
1920 Australië krijgt het mandaat over het voormalig Duits NieuwGuinea en het eiland Nauru.
S PA N JE
1920
G RI E K E N L A N D
T URK I J E 1932
17
Fascistisch regime
Extreemrechtse activiteiten
Communistisch regime
Stakingen en rellen in de jaren 1930
Andere dictatuur
Werkloosheid boven de 20 procent in 1932 Afname in industriële productie in procenten tussen 1929 en 1932
1 2 3 4 5 6 1935
Dublin
1940
Liverpool
E
G Hamburg
Oxford
NEDERLAND Ri
A T L A N T I S C H E
Lille
O C E A A N
Frankfurt Angers
SAARL AND
Orléans
R
A
N
K
R
I
J
Genève
1933 Engelbert Dollfuss stelt een autoritaire regering in.
K
SERLAND ZWIT
Bilbao
ANDORRA
Pisa
I
a
in rd
Ingeklemd tussen de communistische USSR en, na 1933, het steeds sterker wordende Duitsland van Hitler worstelden Polen en de Baltische Staten om hun onafhankelijkheid en democratie te behouden. Zonder democratische tradities vervielen ze uiteindelijk allemaal tot een dictatuur. Verder naar het noorden probeerde de nationalistische beweging Lapua in Finland in 1932 een staatsgreep te plegen. Polen en de Baltische staten
2
ITALIË EN HET FASCISME
Napels
1922–1939
Hoewel Italië in de Eerste Wereldoorlog aan de kant van de winnaars had gevochten, waren de Italianen ontevreden met de beperkte territoriale winst in het noorden ten koste van Oostenrijk. Deze onvrede leidde samen met de angst voor revolutionair links tot de groei van het fascisme. In oktober 1922 werd Benito Mussolini tot premier benoemd. Al snel werd Italië een autoritaire eenpartijstaat en voerde Mussolini een agressieve buitenlandpolitiek om de macht van het land te vergroten.
ee
Rome 1922 Mussolini organiseert de mars op Rome.
Z
Marseille door Kroatische nationalisten vermoord.
POLEN EN DE BALTISCHE STATEN 1926–1939
61%
he
M
Ë
E
sc
Z e e n d s e a l l d e 1934 Koning Alexander van i d Joegoslavië wordt in
ti
Marseille
Barcelona
J
ria Ad
Genua
L
Toledo
Avignon
Montpellier
Lérida
Venetië
A
UG
Pamplona
Madrid
3
OOSTENRIJK
Milaan Toulouse
Zaragoza
RT
60%
L UXE MBURG
73%
S P A N
b
DUITSLAND
BELGIË
Parijs
F
1931 Spanje wordt een republiek, die geplaagd wordt door stakingen, demonstraties en opstanden.
j
Brussel
Le Havre
1934 Er breken rellen en een algemene staking uit na beschuldigingen van corruptie in de regering.
El
Bremen
Londen
T
AL
Cambridge
1932 Oswald Mosley richt de fascistische zwarthemden op.
I
▽ De mars op Rome Met de dreiging van burgeroorlog in Italië marcheerden Benito Mussolini Lissabon en zijn fascistische zwarthemden op 28–29 oktober 1922 op Rome, waarna Mussolini tot premier werd benoemd.
Birmingham
rsic
1929–1939
Duitsland was na de Eerste Wereldoorlog verslagen, verdeeld en gedemoraliseerd. De democratische republiek van Weimar was weinig populair en werd na 1929 verlamd door de financiële crisis. De extreemrechtse nazipartij onder Adolf Hitler beloofde een nationale hernieuwing en kwam in januari 1933 aan de macht, waarna Duitsland al snel tot een dictatuur verwerd. Oostenrijk was al even verzwakt en kreeg in 1933 een autoritaire regering. In 1938 annexeerde Hitler Oostenrijk.
Kopenhagen
e
DUITSLAND EN OOSTENRIJK
E 1933 De nazi’s komen aan de macht en drukken alle oppositie de kop in.
Manchester
1929–1939
De beurskrach in New York (zie kader rechts) leidde tot een internationale financiële crisis die de economieën van Europa hard trof. Internationale economische samenwerking maakte plaats voor naar binnen gericht economisch nationalisme. Dit verzwakte sommige toch al fragiele democratische regeringen, waardoor veel landen in een al dan niet fascistische dictatuur veranderden. Nationalistische groepen kregen ook aanhang in democratische landen als Nederland en Frankrijk.
W DENEMARKEN
89%
Sa
ECONOMISCHE MALAISE
1930
Co
1925
KONINKRIJK
n
4
1920
Oslo
N o o r d z e e
VERENIGD
IERLAND
1915
5
Edinburgh
Belfast
ië
TIJDLIJN
1931–1939
In Spanje kwam de dictatuur van Primo de Rivera, die in 1923 begon, in 1931 ten einde met de instelling van de republiek, die echter weinig steun genoot. De bloedige burgeroorlog van 1936–1939 eindigde in de overwinning van de proto-fascistische nationalisten onder generaal Franco. Portugal had een beperkte rol in de Eerste Wereldoorlog en kende daarna een zwakke republikeinse regering. In 1932 kwam het in de greep van de conservatieve en autoritaire ideologie van Antonio de Salazar, die premier met een vrijwel dictatoriale macht werd.
R
LEGENDA
SPANJE EN PORTUGAL
O
In de periode tussen de wereldoorlogen verdween in veel landen de democratie en kregen fascisten en communisten voet aan de grond. Sterke, vaak dictatoriale leiders namen de macht over.
N O
6
VERDEELD EUROPA
N
A F G L I J D E N N A A R O O R LO G 19 18 –193 9
PO
18
Z W
E
D
E
N
H E T E U R O P A V A N D I C TAT O R S
F
I
A
L
N
N
D
HET EUROPA VAN DICTATORS
Helsinki Tallinn
tz ee
Stockholm
s
o
O
ESTLAND
Riga
L I T O U W E N
Wilno
OOSTPRUISEN Wagrowiec
1926 Met een staatsgreep komt Antanas Smetona als sterke man aan de macht.
Aan het einde van de oorlog in 1918 en de daaropvolgende ondertekening van de diverse vredesakkoorden, waren de meeste Europese landen – met uitzondering van de nieuwe communistische staat Rusland – democratisch. Maar de democratische regeringen maakten de een na de ander plaats voor een dictatuur. Italië was de eerste, hier greep Mussolini in 1922 de macht; daarna volgden Spanje in 1923 en Polen in 1926. In de Baltische staten verdween de democratie tussen 1926 en 1934, terwijl de Balkanstaten na 1929 in dictaturen veranderden. De opmars van de nazi’s in Duitsland in 1933 en later
P O L E N Warschau 63%
Krakau
1919 Admiraal Horthy vormt een autoritaire regering in het nieuwe koninkrijk.
TSJEC HOS LO WA KI JE Boedapest
H ONG A RI J E
E
De overwinnaars van de Eerste Wereldoorlog waren democratieën, maar in de onzekere decennia daarna heerste er in veel Europese landen grote politieke onrust. Economische problemen vergrootten de instabiliteit van het naoorlogse Europa verder.
1934 Karlis Ulmanis, die al drie keer premier was, stelt een autoritaire dictatuur in.
L E T L A N D
Vrije stad Danzig
JO
1934 Het staatshoofd Konstantin Päts roept de noodtoestand uit omdat volgens hem de rechtse beweging Vaps een staatsgreep voorbereidt.
1926 Ontevreden met de instabiele democratische regering van Polen treedt de voormalige militaire commandant Josef Pilsudski naar voren en grijpt de macht.
U
S
RO E ME N I Ë
1938 Koning Carol II trekt dictatoriale macht naar zich toe.
Boekarest
G
a Zw
O
D o nau
S L
A Ë V I
Tirana
ALBANIË
B U LG A R I J E
ee rte Z
1936 Koning Boris III stelt een koninklijke dictatuur in.
Sofia
T
1
GRIEKENLAND Athene
1936 Generaal Metaxas grijpt de macht en vormt een rechtse dictatuur.
R
F R A N C I S CO F R A N CO, 193 8
1929 Koning Alexander stelt een koninklijke dictatuur in om een einde te maken aan de gevechten tussen Serviërs en Kroaten.
Belgrado
S
‘De Spaanse nationale wil werd nooit vrijelijk uitgedrukt in de stembus.’
HONGARIJE EN DE BALKAN
K UR
DE GROTE DEPRESSIE
IJE
1919–1939
Na het uiteenvallen van het Oostenrijks-Hongaarse en Osmaanse rijk aan het einde van de Eerste Wereldoorlog ontstaan er nieuwe staten op de Balkan. Ze hebben meestal een zwakke regering, die al snel door de koning of het leger opzij werd geschoven; de groeiende invloed van nazi-Duitsland stimuleerde de opkomst van extreemrechtse groepen in de regio. In Hongarije leidde wrok over gebiedsverlies door het Verdrag van Trianon uit 1920 tot nauwere banden met nazi-Duitsland. Balkanlanden
in Oostenrijk voltooit het plaatje. Bij deze transformatie kwam de economische crisis die na 1929 in Europa toesloeg. Oplopende werkloosheid en economische neergang ondermijnden democratische regeringen en leidden tot de opkomst van extreemrechtse en fascistische groepen. Die waren vaak militaristisch van opzet en populistisch in taalgebruik, en ze gaven de leden een macht die ze in een democratie nooit hadden gehad. In 1939 waren alleen de Scandinavische landen, Groot-Brittannië, Ierland, Frankrijk, de Beneluxlanden en Zwitserland nog democratisch. De rest van Europa werd door dictators geregeerd.
In oktober 1929 kwam er opeens een einde aan de lange hausse op Wall Street. Amerikaanse schuldeisers vorderden hun buitenlandse leningen in, en het aanbod aan internationale kredieten droogde op. De Amerikaanse regering reageerde in 1930 met importheffingen. Ook andere landen namen protectionistische maatregelen, waardoor de wereldhandel tussen 1929 en 1932 met twee derde daalde. Prijzen en winsten stortten in, de productie daalde en miljoenen werden werkloos (rechts) en verarmden.
19