Gloria huppelt door de duinen. Ze is op weg van school naar huis en ze is blij. Beestig blij! Het is vakantie en dat betekent een hele zomer lang spelen en luieren en‌ zich vervelen! Vervelen? Een wolk schuift voor de zon. Voor Gloria’s vrienden kan de zomer niet lang genoeg duren, zij dromen van avonturen. Maar Gloria is bang voor de vakantie, want een dag zonder plan duurt zo lang.
‘IJsjes! Vanille, aardbei, chocolade en banaan, lekkere ijsjes…’ De ijscoman rijdt voor het eerst deze zomer met zijn karretje over het strand. Mmm, ijsjes! denkt Gloria. Het lijkt me leuk om ijscoman te zijn. Misschien mag ik wel ijs helpen verkopen. Ze maakt een sprongetje van plezier. Dát ga ik doen in de vakantie, ik ga het meteen vragen! Ze holt naar de ijskar.
O! Wat is dat? Gloria zit met haar poot vast in een plastic zakje. Wie laat dat ook zomaar op het strand rondslingeren? Ze schudt en stampt en trapt. Haar rechterpoot raakt met haar linkerpoot in de knoop. Ze hobbelt de duin af en botst – bam! – tegen de ijskar. ‘Gaat het? Heb je je pijn gedaan?’ De ijscoman helpt Gloria overeind. ‘Wil je een ijsje voor de schrik?’ Hij schept vier bolletjes in een hoorntje. Gloria blaast het zand uit haar slurf. ‘Ik kwam eigenlijk vragen of ik mag helpen deze zomer. Ik kan heel goed ijsjes verkopen, luister maar.
IJsjes! Lekkere ijsjes! Voor alle jongens en meisjes, ijsjes!’ Gloria maakt er een liedje van en zwaait met haar slurf, net als een dirigent. Ze tikt pardoes het hoorntje uit de handen van de ijscovent. Vier gekleurde bolletjes tuimelen in het zand. ‘Heel lief, maar liever niet’, zegt de ijscoman en hij duwt zijn karretje verder over het strand.
Gloria gaat naar huis, ze is teleurgesteld. Beestig teleurgesteld. Gloria’s moeder heeft een prachtige porseleinwinkel. Die is tot de nok gevuld met kopjes, bordjes, kannetjes, klokjes, belletjes en nog veel meer spulletjes die allemaal breekbaar zijn. ‘Gloria! Je moet voorzichtig zijn! De winkel is voor jou verboden terrein!’ zegt mama altijd. Gloria klopt zachtjes met haar slurf op de winkeldeur, maar mama hoort het niet.
Gloria zwaait om haar aandacht te trekken, maar mama ziet het niet. Gloria tikt voorzichtig met haar poot tegen het uitstalraam.
Tik, tik, TIK,
KRAK!
Een grote barst kruipt over het glas. ‘Gloria! Wat doe je?’ brult haar moeder geschrokken.
‘Ik wil graag helpen, anders verveel ik me. De zomervakantie duurt zo lang’, piept Gloria. Mama slaat haar slurf om Gloria heen. ‘Als jij me komt helpen, verandert mijn porseleinwinkel in een schervenwinkel. Weet je wat? Ga eens langs bij oom Florus, misschien mag je hem wel helpen deze zomer.’ Gloria snik en knikt. Ze is verdrietig. Beestig verdrietig!