Skip to main content

9789401461177

Page 1

E C O N O M I E VA N DA AG

AP - Economie vandaag 2019 - Voorwerk v4.indd 1

21/06/2019 13:31


Economie vandaag 2019 Sonia De Velder Ivan De Cnuydt

AP - Economie vandaag 2019 - Voorwerk v4.indd 3

21/06/2019 13:31


eCampus eCampusLEARN LEARN

Ga Gaaan aande deslag slagmet metde de online onlinestudiehulp studiehulp Voor Voor dede student student

Prijsvorming

Gebruik Gebruik je je unieke unieke code code omom je je te te registreren registreren ▸ ▸Meer Meer dan dan 500 500 zelftoetsen zelftoetsen met met automatische automatische feedback feedback opop www.economievandaag.be: www.economievandaag.be: ▸ ▸Meer Meer dan dan 100 100 opgaven, opgaven, volledig volledig begeleid begeleid uitgewerkt uitgewerkt ▸ ▸Interactieve Interactieve grafieken grafieken enen figuren figuren met met didactische didactische In hoofdstuk 2, 2.6.4 zagen we dat een verschuiving van de collectieve aanbodcurve o.a. ondersteuning ondersteuning Prijsvorming Prijsvorminghet gevolg kan zijn van een verandering van: Hiermee Hiermee heb heb je je voor voor het het academiejaar academiejaar ▸ ▸E-book: E-book: studeren, studeren, notities notities nemen, nemen, markeren markeren enen delen delen  de productiviteit, 2019-2020 2019-2020 gratis toegang gratis toegang tottot dede ▸ ▸Toegang Toegang tottot het het meest meest actuele actuele cijfermateriaal cijfermateriaal in in één één klik klik  de prijzen van de productiemiddelen, online online studiehulp studiehulp met met oefeningen, oefeningen, figuren figuren  het aantal aanbieders. en een en een digitale digitale versie versie van van het het boek. boek.

3

Als voorbeeld voor een verandering aan de aanbodzijde nemen we een productiviteits­ In hoofdstuk 2, 2.6.4 zagen we dat een verschuiving de collectieve aanbodcurve o.a. Bijvan een van bv. 0,25 EUR vraagt men de 20 000 eenheden en biedt naar men rechts. slechts 1 000 stijging van prijs de arbeiders. Hierdoor verschuift collectieve aanbodcurve het gevolg kan zijn van een verandering van: eenheden aan. Het vraagoverschot van 19 000 eenheden kan alleen verdwijnen Bij alle mogelijke prijzen biedt men dus meer aan. Als gevolg hiervan daaltmaar de evenwichts­  de productiviteit, FIGUUR 3.3 op te trekken tot 0,75 EUR. door de prijs prijs van 0,75 EUR naar 0,50 EUR en stijgt de evenwichtshoeveelheid van 12 000 eenheden DeDe online studiehulp legt online studiehulp legt ▸Stel Stel je je eigen eigen cursus cursus samen samen enen vulvul aan aan met met eigen eigen tekst-, tekst-, videovideoenen beeldmateriaal beeldmateriaal  de prijzen van de productiemiddelen, Prijsvorming naar 15 000 eenheden (cf. figuur 3.3). stapsgewij s de grafieken uit stapsgewij s de grafieken uit FIGUUR 3.2 ▸Maak Maak klasgroepen klasgroepen aan aan enen wijs opdrachten toetoe aan aan je je studenten studenten  wijs hetopdrachten aantal aanbieders.

Voor Voor dede docent docent

▸ ▸ ▸ ▸Volg Volg dede vooruitgang vooruitgang van van je je studenten studenten opop enen ontdek ontdek waar waar dede moeilijkheden moeilijkheden zitten zitten P (x EUR) Als voorbeeld voorin een verandering aan de aanbodzijde nemen we een productiviteits­ ▸ ▸Bekijk Bekijk dede laatste laatste geactualiseerde geactualiseerde cijfers cijfers in het het digitale digitale boek boek P (x EUR)

3

1,25 A stijging van de arbeiders. Hierdoor verschuift de collectieve aanbodcurve naar rechts. A 1,25 hiervan daalt de evenwichts­ Bij alle mogelijke prijzen biedt men dus meer aan. Als gevolg 1. Een lager inkomen1 A 1,00 1. Een toename van de de vraag 2 FIGUUR 3.3 vermindert prijsBij van 0,75 EUR naar stijgtmen de evenwichtshoeveelheid van 12 000 eenheden een prijs van bv.0,50 0,25EUR EURen vraagt 20 000 eenheden en biedt men slechts 1 000 productiviteit vergroot 1,00 het aanbodE… 1 naareenheden 15 000 eenheden figuur 3.3). van 19 000 eenheden kan alleen maar verdwijnen aan. Het(cf. vraagoverschot Prijsvorming Prijsvorming

3

0,75

door de prijs op te trekken tot 0,75 EUR. 0,75 Figuur 3.2 0,50 FIGUUR 3.2 Wijziging in het marktevenwicht mark t evenwicht Figuur 3.3 P (x EUR) 0,50 bij volkomen concurrentie naar 0,25 Wijziging in het marktevenwicht bij A1 1,25 P (x EUR) aanleiding van eennaar verschuiving 0,25 1. Een toename van de volkomen concurrentie aan­ productiviteit vergroot 1,25 vanvan de een collectieve vraagcurve 1,00 leiding verschuiving van … het aanbod 0 naar links. 1. Een lager inkomen E de collectieve aanbodcurve naar

E1

E2

E2

In hoofdstuk 2, 2.6.4 zagen dat een verschuiving de collectieve Bij een prijs van bv. 0,25we EUR vraagt men 20 000 van eenheden en biedtaanbodcurve men slechts o.a. 1 000 het eenheden gevolg kanaan. zijnHet vanvraagoverschot een veranderingvan van: 19 000 eenheden kan alleen maar verdwijnen  de productiviteit, door de prijs op te trekken tot 0,75 EUR.  de prijzen van de productiemiddelen, FIGUUR 3.2  het aantal aanbieders. P (x EUR)

Als voorbeeld voor een verandering aan de aanbodzijde nemen we een productiviteits­ 1,25 A stijging van de arbeiders. Hierdoor verschuift de collectieve aanbodcurve naar rechts. Bij alle mogelijke prijzen biedt men dus meer aan. Als gevolg hiervan daalt de evenwichts­ 1,00 FIGUUR 3.3 prijs van 0,75 EUR naar 0,50 EUR en stijgt de evenwichtshoeveelheid van 12 000 eenheden E1 naar 15 000 eenheden (cf. figuur 3.3). 0,75

0,75

Prijsvorming

-

1,00

Figuur 3.2 Wijziging in het marktevenwicht bij volkomen concurrentie naar aanleiding van een verschuiving van de collectieve vraagcurve naar links.

rechts.

-

E2

0,50

P (x EUR) 0,25 1,25 1,00

0

1

1

7

-

12 E1

0 de vraag 1 vermindert A V1

V2 5

E1

1

15 16

A2

18

E2

20

A2

V1 V

V2

A 1

5 5

7 7

-

Q (x 1 000 eenheden)

12 12

+

15 16 15 16

18

18 20

Q (x 1 000 eenheden) 20 Q (x 1 000 eenheden)

0,75 Figuur 3.3 0,50 Zolang de collectieve vraag- en aanbodcurve niet verschuift, blijft de evenwichtsprijs E2 marktevenwicht bij Wijziging het marktevenwicht Figuurin3.2 V echter onveranderd. In hoofdstuk 1, 1.2.4 zagen we dat een verschuiving van de 0,50 TX.X 0,25 concurrentie naar aan­ In hoofdstuk 2, 2.6.4volkomen zagen we dat een verschuiving van de collectieve aanbodcurve o.a. collectieve vraagcurve o.a. het gevolg mark tevenwicht Wijziging in het marktevenwicht TOETS kan zijn van een verandering van: WAAR STA JE? T3.2.2 V1 JEZELF leiding van een verschuiving van bij volkomen concurrentie naar het gevolg kan zijn van een verandering van: 0,25  de preferenties van T3.2.2 Q de vragers, TOETS WAAR STA JE? WAAR STA JE? collectieve naar20 000 eenheden aan van een verschuiving JEZELF (x 1 000goederen, eenheden) 0 1 5 men 18 van 7 slechts 1 000 12 20 andere  de productiviteit, V216prijzen Bij een prijsdevan bv.leiding 0,25 aanbodcurve EUR vraagt men en biedt  15de + Q rechts. van collectieve vraagcurve eenheden Hetde vraagoverschot van 19 000 eenheden kan alleen maar verdwijnen 1 000 eenheden)  de inkomens van de(xvragers,  de prijzen van deaan. productiemiddelen, 7 12 15 16 18 20 0 1 5 3.2.3 Dynamische vraag- en aanbodrelaties (= spinnenwebtheorema) Bekij online de interactieve naar links. dooraanbieders. de prijsk op te trekken tot 0,75 EUR.  het aantal vragers.  het aantal versie van de figuren in dit boek 0,75 -

E2

Figuur 3.3 0,50 Zolang de collectieve vraag- en aanbodcurve niet verschuift, blijft de evenwichtsprijs Wijziging in het marktevenwicht bij echter onveranderd. In hoofdstuk 1, 1.2.4 zagen we dat een verschuiving van de V 0,25 volkomen concurrentie naar aan­ collectieve vraagcurve o.a. het gevolg kan zijn van een verandering van: leiding van een verschuiving van  de preferenties van de vragers, Q de collectieve aanbodcurve naar  de prijzen 0 1 van andere 5 goederen, 7 12 15 16 18 20 (x 1 000 eenheden) + rechts.  de inkomens van de vragers, 

het aantal vragers.

TOETS JEZELF

Veronderstellen we dat er een reële inkomensdaling optreedt (bv. in periodes met hoge werkloosheid). Hierdoor verschuift de collectieve vraagcurve naar links. Bij alle prijsniveaus vraagt men daardoor minder dan voorheen. Als gevolg hiervan daalt de evenwichtsprijs van 0,75 EUR naar 0,50 EUR. De evenwichtshoeveelheid daalt dan van 12 000 eenheden naar 7 000 eenheden (cf. figuur 3.2).

Tot nu toe namen we aan dat de wederzijdse aanpassing van vraag en aanbod onmiddel­ lijk plaatsvond. Veelal komt de nieuwe evenwichtssituatie pas na een zeker tijdsverloop (waarvan de duur van product tot product verschilt) tot stand. Hij is het langst voor goe­ deren met een prijsinelastisch aanbod. Een klassiek voorbeeld in dit verband is de kweek van varkens (de zgn. varkenscyclus).

FIGUUR 3.2

Veronderstellen we dat er een reële inkomensdaling optreedt (bv. in periodes met hoge

online de interactieve Als voorbeeld voorBekij eenkverandering aan de aanbodzijde nemen we een productiviteits­ 3.2.3 Dynamische vraagen aanbodrelaties (= spinnenwebtheorema) T3.2.2 Zolang de collectieve vraag- en aanbodcurve niet verschuift, blijft de evenwichtsprijs werkloosheid). Hierdoor verschuift de collectieve vraagcurve naar links. Bij alle prijsniveaus versieP van de figuren in dit boek (x stijging van de arbeiders.EUR) Hierdoor verschuift de collectieve aanbodcurve naar rechts. echter onveranderd. In hoofdstuk 1, 1.2.4 zagen we dat eendaardoor verschuiving vandan de voorheen. Als gevolg hiervan daalt de evenwichtsprijs van men minder WAAR STAvraagt JE? 1,25 A Bij alle mogelijke prijzen biedt men dus meer aan.collectieve Als gevolgvraagcurve hiervan daalt degevolg evenwichts­ toe namen aan datDe deevenwichts wederzijdse aanpassingdaalt van dan vraag en12aanbod onmiddel­ o.a. het kan Tot zijnnu van een verandering van: 0,75 EUR naar we 0,50 EUR. hoeveelheid van 000 eenheden naar FIGUUR 3.3 lijk plaatsvond. Veelal de3.2). nieuwe evenwichtssituatie pas na een zeker tijdsverloop prijs van 0,75 EUR naar 0,50 EUR en stijgt de evenwichtshoeveelheid van 12 000  de preferenties van de vragers, eenheden 7 000 eenheden (cf.komt figuur 1,00 (waarvan de duur van product tot product verschilt) tot stand. Hij is het langst voor goe­ naar 15 000 eenheden (cf. figuur 3.3).  de prijzen van andere goederen,

TOETS JEZELF

In figuur 3.4 is A de aanbodcurve op lange termijn en is V1 de oorspronkelijke vraagcurve. Er ontstaat op dat ogenblik een evenwicht bij het prijsniveau P1. De evenwichtshoeveel­ heid wordt dan Q1.

96

-

0,75

97

deren met een prijsinelastisch aanbod. Een klassiek voorbeeld in dit verband is de kweek de inkomens van de vragers, van varkens (de zgn. varkenscyclus). het aantal vragers. 3.2.3 Dynamische vraag- en aanbodrelaties (= spinnenwebtheorema) E2 Toets jezelf online en en ontdek Toets jezelf online ontdek of je de leerstof beheerst of je de leerstof beheerst Indaling figuuroptreedt 3.4 is A de op lange Veronderstellen datdat er een reële inkomens (bv.aanbodcurve in periodes met hoge termijn en is V1 de oorspronkelijke vraagcurve. V1 de wederzijdse aanpassing van vraag en aanbod onmiddel­ Tot nu toe namen wewe aan Er ontstaat op datnaar ogenblik een evenwicht bij het prijsniveau P1. De evenwichtshoeveel­ A werkloosheid). Hierdoor verschuift de collectieve vraagcurve links. Bij alle prijsniveaus 1 lijk plaatsvond. Veelal komt de nieuwe evenwichtssituatie pas na een zeker tijdsverloop A2 heid wordt dan Q1. daalt de evenwichtsprijs van Vmen vraagt daardoor minder dan voorheen. Als gevolg hiervan economie vandaag 2019 2 (waarvan de duur van productQtot product verschilt) tot stand. Hij is het langst voor goe­ (x evenwichts 1 000 eenheden) 0,75 EUR naar 0,50 daalt daninvan 000 eenheden naar 7 12 15 16 18 EUR. 20 Deaanbod. 5 deren met een prijsinelastisch Eenhoeveelheid klassiek voorbeeld dit12 verband is de kweek 7 000 eenheden (cf. figuur 3.2). Evan 1 varkens (de zgn. varkenscyclus). 

0,50

in het marktevenwicht P (x EUR) men concurrentie naar1,25 0,25 g van een verschuiving 4 ollectieve vraagcurve 1,00 0 s.

EconomiE vandaag 2019

E 1

0,75

2

EconomiE vandaag 2019

1

In figuurE23.4 is A de aanbodcurve op lange termijn en is V1 de oorspronkelijke vraagcurve. AP - Economie vandaag 2019 - Voorwerk v4.indd 4 Zolang de collectieve vraag- en aanbodcurve niet verschuift, blijft de evenwichtsprijs 0,50

21/06/2019 13:31


Studeer efficiënter door het boek te combineren met de online studiehulp ▸ Grasduin door de meest actuele economische cijfers

ZELF DOEN

▸ Ontdek of je volledig mee bent met de leerstof

TOETS JEZELF

ACTUELE DATA

WAAR STA JE?

ZX.X

TX.X

000 nen

▸ Oefen de leerstof online in

OPGAVEN

MET UITWERKING

OX.X

▸ Krijg meer inzicht in de figuren uit het boek dankzij een interactieve, stapsgewijze uitleg

en)

ijs

ge niveaus rijs van aar

AP - Economie vandaag 2019 - Voorwerk v4.indd 5

21/06/2019 13:31


Uitgeverij Academia Press Coupure Rechts 88 Ampla House 9000 Gent www.academiapress.be Uitgeverij Academia Press maakt deel uit van Lannoo Uitgeverij, de boeken- en multimediadivisie van Uitgeverij Lannoo nv. ISBN 9789401461177 D/2019/45/232 NUR 780 Sonia De Velder & Ivan De Cnuydt Economie Vandaag 2019 Gent, Academia Press, 2019, XVIII + 415 p. Cover en lay-out: Stefaan Verboven Zetwerk binnenwerk: Jurgen Leemans Š Sonia De Velder & Ivan De Cnuydt, Uitgeverij Lannoo nv, Tielt Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.


Inhoud

Woord vooraf   XIII

00

Inleiding   1 0.1 Het doel van de economische wetenschap   2

0.1.1 Behoefte   2 0.1.2 Schaarse middelen   3 0.1.3 Nuttigheid en keuzeprobleem   3

0.2 Welvaart en welzijn   4 0.3 Soorten goederen   5 0.4 Consumptie en productie   7 0.5 De methode   8 0.6 De ceteris paribus-clausule   8 0.7 Micro-, meso- en macro-economie   9 Wat moet je weten   10 Wat moet je kunnen   11

01

Consumenten   13 1.1 De keuze van de optimale goederencombinatie (= evenwicht van de consument)   14 1.1.1 De preferenties   14 1.1.2 Budget en prijzen   16 Het opstellen van de budgetlijn   16 Gevolgen van inkomensveranderingen   17 Gevolgen van prijsveranderingen   18

1.2 De prijsvraagcurve   19 1.2.1 De afleiding van de individuele vraagcurve   19 1.2.2 Een beweging langs de individuele vraagcurve   21 1.2.3 Verschuivingen van de individuele vraagcurve   21 Veranderingen in het inkomen   21 Veranderingen in de preferentieschaal   23 Veranderingen in de prijs van andere goederen   23 1.2.4 De collectieve of marktvraagcurve   25

1.3 De elasticiteit van de vraag   28

1.3.1 De prijselasticiteit van de vraag   28 1.3.2 De kruiselingse prijselasticiteit van de vraag   32 1.3.3 De inkomenselasticiteit van de vraag   34

1.4 Het consumentengedrag in België   37 1.4.1 Het bestedingspatroon van de Belgische particulieren   37 Evolutieschets van de particuliere consumptie 2012-2018   37 Het bestedingspatroon van de Belgische gezinnen: een vergelijkende studie   38

Economie vandaag 2019

VII


Inhoud

1.4.2 Het spaargedrag van de Belgische particulieren   40 Begrip   40 Factoren die het spaargedrag van de gezinshuishoudingen bepalen   41 Factoren bepalend voor het spaargedrag op lange termijn   41 Factoren bepalend voor het spaargedrag op korte termijn   43 Verloop van de spaarquote van de Belgische huishoudens (2012-2018)   43

1.5 Meting van de prijzen, de consumptieprijsindex   45

1.5.1 Voorwaarden waaraan de consumptieprijsindex als inflatiemeter moet voldoen   45 1.5.2 De consumptieprijsindex   48 Wat moet je weten   50 Wat moet je kunnen   51 Opgaven   52

02

Producenten   55 2.1 De bepaling van de optimale productiegrootte   56 2.2 De wet van de toe- en afnemende meeropbrengst   57 2.3 Het kostenverloop   60

2.3.1 2.3.2 2.3.3 2.3.4

De totale constante kosten   60 De totale variabele kosten   62 De totale kosten   64 De gemiddelde en marginale kosten   65

2.4 Het opbrengstenverloop bij volkomen concurrentie   68 2.5 De optimale productiegrootte bij volkomen concurrentie (= evenwicht van de producent)   71 2.6 De afleiding van de aanbodcurve bij volkomen concurrentie   74

2.6.1 2.6.2 2.6.3 2.6.4

De individuele aanbodcurve   74 Een beweging langs de individuele aanbodcurve   77 Verschuivingen van de individuele aanbodcurve   78 De collectieve of marktaanbodcurve   78

2.7 De breakevenanalyse   80 2.8 De prijselasticiteit van het aanbod   82 Wat moet je weten   85 Wat moet je kunnen   86 Opgaven   87

03

Prijsvorming   91 3.1 Markt en marktvormen   92 3.2 De volkomen concurrentie   94

VIII

Economie vandaag 2019

3.2.1 Kenmerken   94 3.2.2 Het marktevenwicht bij volkomen concurrentie   95 3.2.3 Dynamische vraag- en aanbodrelaties (= spinnenwebtheorema)   97


Inhoud

3.2.4 Ingrijpen van de overheid in de prijsvorming   98

3.3 De onvolkomen concurrentie   100 3.3.1 Het monopolie   101 Kenmerken   101 Het evenwicht van de monopolist   102 3.3.2 Het oligopolie   106 Kenmerken   106 Het evenwicht van de oligopolist   107 3.3.3 De monopolistische concurrentie   108 Kenmerken   108 Het evenwicht van de monopolistische concurrent   109

3.4 Het prijsbeleid in België   110 3.4.1 Het rechtstreeks overheidsingrijpen op het gebied van prijsvorming   111 3.4.2 Bijzondere prijsregelingen   112 Wat moet je weten   113 Wat moet je kunnen   114 Opgaven   115

04

Macro-economische grootheden   119 4.1 De economische kringloop   120 4.2 De berekening van de economische activiteit   121

4.2.1 ‘Bruto’ en ‘netto’   121 4.2.2 ‘Tegen marktprijzen’ en ‘tegen factorprijzen’   127 4.2.3 ‘Nationaal’ en ‘binnenlands’   130

4.3 Het reële en het nominale bbp   135 4.4 Het bbp als maatstaf voor onze welvaart   136 4.5 De nationale rekeningen   140

4.5.1 De praktijk   140 4.5.2 De betekenis van de nationale rekeningen   141

4.6 Macro-economische gegevens van de Belgische economie   142

4.6.1 De oorsprong van het bruto binnenlands product volgens de activiteitsklasse   143 4.6.2 De verdeling van het bruto binnenlands product over de productiefactoren   144 4.6.3 De besteding van het bruto binnenlands product   144 De particuliere consumptie   145 De overheidsconsumptie   146 De brutokapitaalvorming   146 De investeringen van vennootschappen   146 De particuliere investeringen   146 De overheidsinvesteringen   146 De netto-uitvoer   147 Wat moet je weten   148 Wat moet je kunnen   149 Opgaven   150

Economie vandaag 2019

IX


Inhoud

05

Nationaal inkomen en werkgelegenheid   153 5.1 De hoogte van het nationaal inkomen   154

5.1.1 5.1.2 5.1.3 5.1.4 5.1.5 5.1.6

De macro-economische consumptie- en spaarvergelijking   154 De investeringsvergelijking   156 Het evenwichtsinkomen   157 De investeringsmultiplicator   159 De accelerator   162 De hoogte van het nationaal inkomen en de tewerkstelling   163

5.2 De arbeidsmarkt   170 5.2.1 Aanbod van arbeidskrachten   170 5.2.2 Vraag naar arbeidskrachten   173 In België zijn sinds 2015 een groot aantal jobs gecreëerd   174 Europa 2020-strategie   174 Werkgelegenheidsgraad blijft onder het Europese gemiddelde   175 5.2.3 Werkloosheid over de periode 2012-2018   178 5.2.4 De werkloosheid: soorten en oorzaken   184 5.2.5 Bestrijding van de werkloosheid   185

5.3 Concurrentievermogen, loonvorming en innovatie   188 5.3.1 Concurrentievermogen   188 5.3.2 Loonvorming   190 Het principe van de Belgische loonindexering   192 Centrale akkoorden voor de bepaling van de loonnorm   193 5.3.3 Innovatie   195 Doelstellingen   195 Instrumenten om innovatie-voortgang te meten   196 Wat moet je weten   199 Wat moet je kunnen   200 Opgaven   201

06

Geld, monetair beleid en inflatie   203 6.1 Het geld   204 6.1.1 Functies van het geld   204 6.1.2 Betalingsverkeer vandaag   204 Het chartaal geld   204 De munten (= metaalgeld)   204 Het papiergeld   206 Het giraal geld   207 Het quasi-geld   209 6.1.3 Geldsubstitutie - geldschepping   210 6.1.4. Vraag naar en aanbod van geld   212 Vraag naar geld   212 Aanbod van geld   213 De vermogensmarkt   213 6.1.5 Het monetaire evenwicht   213

X

Economie vandaag 2019


Inhoud

6.2 De monetaire politiek van het eurosysteem   215 6.2.1 Doelstelling en taken   215 6.2.2 De monetaire beleidsinstrumenten   218 De openmarktoperaties   218 De permanente faciliteiten   221 De monetaire reserve   221

6.3 Het inflatieverschijnsel   222 6.3.1 Begrip   222 6.3.2 Oorzaken van inflatie   222 Conjuncturele oorzaken van inflatie   222 Structurele oorzaken van inflatie   223 Monetaire oorzaken van inflatie   223 6.3.3 Gevolgen van inflatie   223 6.3.4 Bestrijding van inflatie   225 6.3.5 De inflatie 2012-2018   226 6.3.6 Deflatie?   228 Wat moet je weten   230 Wat moet je kunnen   231 Opgaven   232

07

Internationaal betalingsverkeer   233 7.1 De wisselmarkt   234 7.1.1 Begrip   234 7.1.2 De hoogte van de wisselkoers   235 De vraag naar en het aanbod van vreemde valuta’s   235 Hoe ontstaat de wisselkoers   236 Factoren die de vraag naar en het aanbod van vreemde valuta’s bepalen   237 7.1.3 Wisselkoerssysteem   241 7.1.4 Van Bretton Woods…   245 7.1.5 …tot Economische en Monetaire Unie (EMU)   246 Van EMS naar EMU   246 De Economische en Monetaire Unie   247 1999 en later   247 Argumenten pro en contra EMU   248 EMS-II   249 De euro: waardige tegenspeler van de Amerikaanse ‘greenback’?   250 7.1.6 Naar een sterkere eonomische en monetaire unie   251 Bankenunie   251 Economische unie   252 Begrotingsunie   253 Wetgeving   253 Begrotingssolidariteit: noodfinanciering en nieuwe mechanismen voor crisisbestrijding voor eurolanden   256

7.2 De betalingsbalans   257

7.2.1 Begrip   257 7.2.2 De deelrekeningen van de betalingsbalans van België   258

Economie vandaag 2019

XI


Inhoud

Het lopend verkeer   258 Het kapitaal- en financieel verkeer   261 7.2.3 Evenwicht op betalingsbalansen wereldwijd verstoord   261 7.2.4 Oorzaken van een betalingsbalansonevenwicht   263 Oorzaken van conjuncturele aard   263 Oorzaken van structurele aard   263 Oorzaken van toevallige aard   264 7.2.5 De gevolgen van een betalingsbalansonevenwicht   264 7.2.6 Het herstel van het evenwicht op de betalingsbalans   266 Volgens de klassieke leer (= prijsbenadering)   266 Volgens de keynesiaanse leer (= inkomensbenadering)   267 Volgens de moderne theorie   267 Het voeren van een aangepaste handelspolitiek   267 Het voeren van een aangepast monetair, budgettair, productie- en/of inkomensbeleid   267 Het devalueren van de nationale munt   268

7.3 Mondiale samenwerking: internationaal betalingsverkeer   268

7.3.1 Het Internationaal Monetair Fonds (IMF)   268 7.3.2 De Wereldbank (World Bank)   271

7.4 Internationale beleidscoördinatie   271 Wat moet je weten   274 Wat moet je kunnen   275 Opgaven   277

08

Internationaal handelsverkeer   279 8.1 Betekenis en beschrijving van het Belgische handelsverkeer   280 8.1.1 Internationale context   280 De invoer- en de uitvoerquote   281 De openheidsgraad   281 8.1.2 De buitenlandse handel van België 2015-2018   282 Globale resultaten   282 Geografische oriëntaties van de buitenlandse handel van België   283 Sectorale oriëntaties van de buitenlandse handel van België   285 De nettoruilvoet (= terms of trade)   285

8.2 De werking van het systeem van vrij internationaal handelsverkeer   286

8.2.1 8.2.2 8.2.3 8.2.4

De theorie van A. Smith: absolute kostenverschillen   286 De theorie van D. Ricardo: relatieve kostenverschillen   287 De voordelen van de internationale vrijhandel   289 Ongebreidelde vrijhandel of toch niet?   290

8.3 Handelspolitiek   292

XII

Economie vandaag 2019

8.3.1 Tarifaire belemmeringen   292 8.3.2 Niet-tarifaire belemmeringen   293


Inhoud

8.4 Mondiale samenwerking: internationaal handelsverkeer   293

8.4.1 De Wereldhandelsorganisatie (WTO)   293 8.4.2 De United Nations Conference on Trade and Development (Unctad)   296 8.4.3 De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO)   297

8.5 Vormen van economische integratie   297

8.5.1 8.5.2 8.5.3 8.5.4 8.5.5

Vrijhandelszone   298 Douane-unie   299 Gemeenschappelijke markt   300 Economische unie   301 Monetaire unie   303

8.6 Ontwikkelingslanden   306 8.6.1 Enkele kenmerken van ontwikkelingslanden   306 Wat is een ontwikkelingsland?   306 Inkomen als ontwikkelingsmaatstaf   306 Alternatieve maatstaven van maatschappelijk welzijn   311 8.6.2 Een aantal oorzaken van het lager ontwikkelingstempo van veel ontwikkelingslanden   314 Koloniale uitbuiting en politiek-economische dominantie van de rijke industrielanden   314 Politieke instabiliteit inclusief een slecht functionerend openbaar bestuur   314 Ontbreken of onvoldoende beschikbaar zijn van een of meer productiefactoren   315 8.6.3 Evolutie in het ontwikkelingsbeleid   316 8.6.4 De officiële ontwikkelingshulp (DAC-leden)   318 8.6.5 De Millenniumontwikkelingsdoelen van de VN   320 Wat moet je weten   321 Wat moet je kunnen   322 Opgaven   323

09

Conjunctuur, groei, milieu en duurzame ontwikkeling   325 9.1 De conjunctuur   326 9.1.1 Beschrijving   326 De conjunctuurbeweging   326 Indicatoren van de economische activiteit   327 Het bbp   327 Andere conjunctuurindicatoren   328 9.1.2 Verklaring   331 Exogene verklaringen   331 Endogene verklaringen   332 9.1.3 De conjunctuurpolitiek   335

9.2 De economische groei   335

9.2.1 Begrip   335 9.2.2 Determinanten van de groeibeweging   335 9.2.3 De voor- en nadelen van de economische groei   336

Economie vandaag 2019

XIII


Inhoud

9.3 Milieu   337 9.3.1 Wereldwijde ongelijkheid in beslag op het milieu   337 9.3.2 Het milieubeleid   341 Milieu-instrumenten   341 Nationaal en regionaal milieubeleid   342 Internationaal milieubeleid   343 Van Kyoto...   344 ...naar het Akkoord van Parijs   345 Europese klimaatdoelen en de ambitie van België?   348

9.4 Duurzame ontwikkeling: groei en milieu   351 9.4.1 Wat is duurzame ontwikkeling?   351 9.4.2 Naar een meer duurzame maatschappij?   353 9.4.3 Duurzame Ontwikkelingsdoelen   354 Twee mondiale agenda’s komen samen   354 Waar staan we?   355 Wat moet je weten   359 Wat moet je kunnen   359 Opgaven   360

10

Overheid   361 10.1 Overheidstussenkomst of toch niet?   362 10.2 Doelstellingen van de economische politiek   363 10.3 Vormen van economische politiek   366 10.4 De overheidsfinanciën   366 10.4.1 De overheidsbegroting   366 10.4.2 Het budgettair beleid (= fiscal policy)   367 10.4.3 De overheidsuitgaven   370 Begrip   370 Een terugblik   370 Recente evolutie   370 De vergrijzing   372 Vooruitzichten voor de vergrijzing in België   372 Wat kost ons de vergrijzingsfactuur?   373 Welk antwoord op de vergrijzing?   374 Armoede   375 Hoe wordt armoede in de EU gemeten?   375 Hoeveel mensen lopen een risico op armoede en/of sociale uitsluiting?   378 Hoe wordt armoede in België bestreden?   382 10.4.4 De ontvangsten van de overheid   382 Begrip   382 Een terugblik   383 Recente evolutie   383 10.4.5 Het financieringssaldo van de overheid   385 Begrip   385

XIV

Economie vandaag 2019


Inhoud

Een terugblik   385 Evolutie sinds begin de jaren tachtig   385 10.4.6 De overheidsschuld en het rentesneeuwbaleffect   388 Samenstelling van de overheidsschuld   388 Een terugblik   389 Recente evolutie   389 Wat moet je weten   392 Wat moet je kunnen   393 Opgaven   394 Lijst van symbolen   395 Lijst van afkortingen   395 Lijst van figuren   399 Lijst van tabellen   401 Bronnenlijst   401 Nuttige internetsites   407 Index   409 Herkomst van de illustraties   415

Economie vandaag 2019

XV


Woord vooraf

Economie Vandaag is een handboek Algemene Economie voor het Hoger Onderwijs dat als voornaamste uitgangspunt heeft een brug te slaan tussen economische theorie en actualiteit. In dit boek verwerft de student op een gestructureerde wijze kennis van en inzicht in het economisch leven en zijn samenhangen. Het boek is gestructureerd rond tien belangrijke kernthema’s:  Consumenten  Producenten  Prijsvorming  Macro-economische grootheden  Nationaal inkomen en werkgelegenheid  Geld, monetair beleid en inflatie  Internationaal betalingsverkeer  Internationaal handelsverkeer  Conjunctuur, groei, milieu en duurzame ontwikkeling  Overheid

Dit handboek biedt de meest complete en uitgebalanceerde inleiding tot het opleidingsonderdeel Economie in het hoger onderwijs.

Economie Vandaag: modulair In het snel veranderende landschap van het hoger onderwijs dienen keuzes te worden gemaakt, ook en vooral in een opleidingsonderdeel Economie. Het is niet mogelijk en niet wenselijk alles te behandelen. Uit de jarenlange ervaring blijkt dat sommige docenten bv. meer de nadruk leggen op een micro-economische aanpak, anderen willen een macro-economische weg inslaan. Afhankelijk van de voor de specifieke opleiding geformuleerde leerdoelstellingen kan men hierbij minder ver of nog verder gaan. In sommige opleidingen kunnen grafieken en berekeningen achterwege gelaten worden. De modulaire opbouw van het handboek Economie Vandaag komt hieraan tegemoet. Ieder onderdeel staat op zich. De docent kan zelf kiezen welke onderdelen hij wel of niet uitgebreid wenst te behandelen. Waar nodig kan door interne verwijzing en door gebruik van het register onmiddellijk het verband gelegd worden met andere onderdelen die niet uitgebreid in de les kunnen worden behandeld. Zo biedt het boek kansen tot zelfstudie of tot verdere verdieping maar evenzeer tot beperking of inkrimping van de leerstof. Via het dashboard op www.economievandaag.be kan de docent een kant-en-klaar digitaal boek samenstellen volledig op maat van zijn studenten. De docent kan dit

XVI

Economie vandaag 2019

digitaal boek bovendien verrijken met toetsen, video- en beeldmateriaal… Zo zien de studenten perfect wat ze moeten kennen en kunnen.

Economie Vandaag: actueel De economische realiteit verandert vlug, dat is het voorbije jaar nog maar eens gebleken. De noodzaak om de theorie aan de praktijk te toetsen is bijgevolg bijzonder groot. Economie Vandaag kent een jaarlijkse actualisatie en neemt de meest recente cijfers op, die tot net voor publicatie nog worden aangepast. In het digitale boek op www.economievandaag.be zijn talrijke links aangebracht zodat één klik volstaat om toegang te krijgen tot het meest actuele cijfermateriaal. Bovendien krijgt het digitale boek in de loop van de maand februari een update van cijferreeksen. Daardoor kunnen we steeds inspelen op nieuwe tendensen, die economie precies tot een boeiend vak maken. Heel wat cijfermateriaal is overigens uniek. Tal van economische en financiële instanties verlenen hieraan hun medewerking.

Economie Vandaag: didactisch De gestructureerde aanpak maakt het mogelijk om de te verwerven competenties te behalen en de reeds verworven competenties verder uit te diepen. Kernwoorden in de marge van het boek bouwen verder op de gestructureerde aanpak. Economie Vandaag stimuleert de zelfwerkzaamheid van de studenten. Iedere module eindigt met een overzicht van wat de student moet weten en wat hij moet kunnen. ­Opgaven en zelf doen helpen de student daarbij. Via een ‘toets jezelf’-module op www.‌economievandaag.‌be kan de student steeds zijn eigen vooruitgang in kaart brengen. Online studiehulp (dynamische grafieken, (uitgewerkte) opgaven met digitale begeleiding…) vertrekt vanuit de didactiek om te kunnen inzetten in het leerproces. Vooral bij de voorbereiding van het examen blijken deze dynamische grafieken, (uitgewerkte) opgaven en ‘toets jezelf’ in een behoefte te voorzien. Het dashboard biedt een overzichtelijke weergave van alle resultaten. Zo ziet u in één oogopslag de voortgang van iedere student. Docenten die het boek gebruiken kunnen beschikken over een docentenpakket met ondersteunend materiaal.


Woord vooraf

Economie Vandaag: fris en jong Economisch onderwijs mag best in een aantrekkelijk kleedje zitten. De auteurs streven er steeds naar zich aan te passen aan de noden en de wensen van het doelpubliek. Een aantrekkelijke en telkens weer vernieuwde vormgeving doet jongeren zin krijgen om zich te verdiepen in de materie. Grafieken, tabellen en illustraties passen zich ook visueel aan de heersende trends aan. Uitgangspunt daarbij is: een functionele vormgeving. Economie Vandaag is op dit vlak een trendsettend handboek, zonder daarbij de essentie uit het oog te verliezen.

Economie Vandaag: online Via het volledig geïntegreerde interactief leerplatform www.economievandaag.be biedt Economie Vandaag heel wat digitale ondersteuning: voor de docent:  klasgroepen aanmaken en opdrachten toewijzen aan de klasgroepen;  een kant-en-klaar digitaal boek samenstellen op maat van uw studenten;  leervorderingen van de studenten opvolgen en ontdekken waar studenten mee worstelen;  tussentijdse update cijferreeksen; voor de student:  e-book:

–   studeren, notities nemen, markeren, bewaar en deel digitale aantekeningen met medestudenten en docenten; –   op maat aangemaakte digitale cursus; –   met één klik toegang tot het meest actuele cijfermateriaal;  uitgebreide ‘toets jezelf ’-module met automatische feedback;  dynamische figuren met didactische ondersteuning om de opbouw te herhalen en beter te begrijpen;  online begeleiding bij het oplossen van opgaven om meer inzicht te verwerven.

van 32,50 euro is het boek zonder twijfel te bestempelen als ‘de beste koop’ in de categorie handboeken Algemene Economie.

Economie Vandaag: competenties Geen specifieke begincompetenties vereist.  Kennis

–   Begrippen van de micro- en macro-economie. –   Fundamentele economische principes. –   Economische denkwijzen. –   Kennis economische actualiteit. –   Ruim referentiekader m.b.t. economische actualiteit.  Vaardigheden

–   Inzicht verwerven in de wisselwerking van de economische grootheden. –   Grafieken en tabellen lezen, begrijpen en interpreteren. –   Economische theorie aan de actualiteit koppelen. –   Actuele informatie in een meertalige omgeving over economische onderwerpen verzamelen vanuit relevante en betrouwbare bronnen. –   Actuele economische informatie analyseren, struc­ tu­reren, uitleggen en verklaren. –   Inzicht verwerven in het dagelijks economisch leven. –   In concrete situaties aangeven welk beleid er wordt gevoerd.  Attitudes

–   Kritisch omgaan met bronnen. –   Kritisch staan t.a.v. economische problemen en de gevoerde economische politiek. –   Nadenken over maatschappelijk relevante thema’s. –   Kennis permanent actualiseren. –   Analytische ingesteldheid. –   Zin voor nauwkeurigheid. –   Zin voor volledigheid. –   Zin voor systematiek. –   Zelfstandigheid. –   Zin voor samenwerking. –   Opdrachten kunnen uitvoeren tegen een gestelde deadline.

Economie Vandaag: waar voor uw geld Met Economie Vandaag heeft de student een inhoudelijk en vormelijk kwaliteitsboek dat hij zowel tijdens als na zijn studies verder zal gebruiken en consulteren. Bij al deze troeven komt bovendien nog de billijke prijszetting. Met de hoger geschetste kwaliteiten en een verkoopprijs

Economie vandaag 2019

XVII


Woord vooraf

Economie Vandaag: belangrijkste wijzigingen nieuwe editie 
 

Herwerking en actualisering van het volledige handboek.

 Restyling grafieken. 
  Visuele aanpassing van cijferreeksen. 
  Online begeleiding bij het oplossen van opgaven om

meer inzicht te verwerven en varianten om zelf verder te oefenen.  Aangepaste zelftoetsmodule met meer zelftoetsen op www.economievandaag.be.  Eurocrisis, rol van de ECB (bv. QE), brexit.  Europese Pijler van Sociale Rechten en sociaal scorebord.  Armoede-indicatoren ontwikkelingslanden (Wereldbank, VN).  Duurzame Ontwikkelingsdoelen: waar staan we?  Environmental Performance Index 2018, ecologische balans 2016, klimaatverdrag van Parijs en EU-klimaatplan 2030. 
  Europa 2020-strategie (werk, milieu, armoede…): waar staat België in een vergelijking met de EU?

Economie Vandaag: dankwoord Reeds meer dan 25 jaar gebruiken ieder jaar opnieuw duizenden studenten in de meest uiteenlopende opleidingen dit handboek. De jaarlijkse actualisering en vernieuwing doen de titel alle eer aan. We hopen dat deze geheel herziene druk en het volledig geïntegreerd interactief leerplatform www.economievandaag.be op een even ruime respons mag rekenen. Uiteraard zullen wij ook nu dankbaar gebruik maken van suggesties voor verbetering om de kwaliteit van het handboek en het interactief leerplatform in de toekomst nog te optimaliseren. Alle studerenden wensen wij veel succes met hun studies. De auteurs, Melle/Sint-Niklaas, juni 2019

XVIII

Economie vandaag 2019


Economie vandaag 2019

0 Inleiding 0.1  Het doel van de economische wetenschap 0.2  Welvaart en welzijn 0.3  Soorten goederen 0.4  Consumptie en productie 0.5  De methode 0.6  De ceteris-paribusclausule 0.7  Micro-, meso- en macro-economie


0

Inleiding

0.1 Het doel van de economische wetenschap Je hebt de beslissing genomen verder te studeren. Economisch gezien is dit niet zonder betekenis. Studeren brengt nogal wat uitgaven mee (inschrijvingsgeld, boeken, verplaatsings­kosten, kot). Je ouders gaan misschien nog een paar jaartjes met twee uit werken, of zul je een centje bijverdienen in het studentenrestaurant? Vergeet echter niet dat de overheid een groot deel van je studiekosten voor haar rekening neemt. Hoe zul je de opgedane kennis ten dienste stellen van de gemeenschap? Bij bijna alle menselijke handelingen komt een economisch gezichtspunt om de hoek kijken. Het economisch aspect van het handelen bestaat in het kiezen. Welke zijn de FIGUUR 0.1 ­elementen van deze keuze?

? BEHOEFTEN veelvuldig

€100

MIDDELEN schaars en nuttig

KEUZEPROBLEEM = met gegeven middelen een maximale behoeftebevrediging bereiken = economisch principe

Figuur 0.1 De elementen van de keuze

0.1.1  Behoefte Een behoefte is het aanvoelen van een tekort en het streven dit tekort te bevredigen ­(subjectief karakter).

Behoefte

Primaire of levensnood­zakelijke (behoefte) Immateriële (behoefte) Collectieve of gemeenschappelijke (behoefte)

Individuele behoeften

2

De menselijke behoeften zijn talrijk en van allerlei aard. In eerste instantie denken wij daarbij aan de primaire of levensnoodzakelijke behoeften (voeding, kleding en huisvesting). De behoeften zijn trouwens niet steeds van materiële aard. Naarmate een maatschappij zich ontwikkelt, komen meer en meer de behoeften van immateriële aard op de voorgrond (onderwijs, ontspanning, geneeskundige verzorging). Collectieve of gemeenschappelijke behoeften zijn gelijkaardig voor een groot aantal personen en worden normaal door de gemeenschap als geheel bevredigd (onderwijs, wegen, bejaardenzorg, recreatiezones). Individuele behoeften zijn subjectiever en worden normaal bevredigd dankzij de inspanningen van personen of van hun gezin (voeding, kleding, huisvesting, ontspanning).

Economie vandaag 2019


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789401461177 by Uitgeverij Lannoo - Issuu