BART MADDENS JEF SMULDERS WOUTER WOLFS
DE PRIJS VAN POLITIEK OVER DE PORTEFEUILLE VAN DE PARTIJEN
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 3
12/02/19 08:51
D/2019/45/57 – 978 94 014 5880 1 – NUR 754/740 Vormgeving omslag Gert Degrande Vormgeving binnenwerk LetterLust | Stefaan Verboven © De auteurs & Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 2019. Vives monografie Uitgeverij LannooCampus maakt deel uit van Lannoo Uitgeverij, de boeken- en multimediadivisie van Uitgeverij Lannoo nv. Alle rechten voorbehouden. Niets van deze uitgave mag verveelvoudigd worden en/of openbaar gemaakt, door middel van druk, fotokopie, microfilm, of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Uitgeverij LannooCampus Vaartkom 41 Postbus 23202 3000 Leuven 1100 ds Amsterdam België Nederland www.lannoocampus.be www.lannoocampus.nl
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 4
12/02/19 08:51
Inhoud
72 miljoen euro 10
1
Partijpolitieke fundraising 14
Het ancien rĂŠgime 16 De UNIOP-bom 17 Naar een strengere regulering 20 De moeder van alle schandalen 21 Een non-agressiepact 22 De nasleep van Agusta 24 De schemerzone van de sponsoring 26 Hoeveel geld krijgen partijen van burgers? 27 De achterpoort van de legaten 30 Hoeveel geld krijgen kandidaten van burgers? 31 Zijn andere landen ook zo streng? 34 Van het ene naar het andere uiterste 36
inhoud
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 5
5
12/02/19 08:51
2 Het manna van de overheid 42
Het kluwen van de fractietoelagen 44 Werken voor de fractie of voor de partij? 46 Wet-Dhoore voert rechtstreekse dotatie in 47 De regionale dotatie: Vlaanderen volgt WalloniĂŤ 49 De verborgen provinciale geldpot 51 Extra financiering via de jongerenpartijen 52 Een col buiten categorie 53 De belasting op de mandatarissen 55 Linkse partijen meer afhankelijk van de overheid? 56 Een strategisch dilemma 57 De Belgische partijen maximaliseren hun inkomsten 59 Is er in andere landen ook zoveel overheidsfinanciering? 62 Zelfbediening maakt partijen lui 66
3 Stemmen kopen? 70
Strenge regels tijdens de sperperiode 72 EĂŠn miljoen per partij 74 Niet alle kandidaten gelijk voor de wet 76 Achterpoortjes voor kandidaten 77 De explosie van de verkiezingsuitgaven 78 Wet-Dhoore creĂŤert trendbreuk 80 Het achterpoortje van de precampagnes 82 Welke partij geeft het meest uit? 83 Hoeveel geven de kandidaten uit? 85 Hoe betalen de kandidaten hun campagne? 87 Duurdere campagne, meer stemmen? 90 Voorlichtingscampagnes als verdoken propaganda 91 Gelijke kansen versus vrije meningsuiting 92 Een overgereguleerde campagne 93
6
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 6
12/02/19 08:51
4 Hoe rijk zijn de partijen? 100
GRECO zorgt voor koude douche 102 Een verscherpte controle? 105 Hoe transparant zijn de partijfinanciĂŤn in andere landen? 106 Hoeveel geven de partijen uit? 108 Organisatie versus communicatie 110 Welke partijen investeren het meest in hun organisatie? 112 Hoe rijk zijn de partijen? 114 Welke partijen zijn het rijkst? 116 Hoeveel vastgoed hebben de partijen? 119 Hoe beleggen de partijen? 121 De partijen als renteniers 122
5 De EU: een nieuwe goudader? 128
De moeizame Europese partijvorming 130 Hoe worden Europartijen erkend? 132 Hoe worden Europartijen gefinancierd? 133 Wat mogen Europartijen doen met hun subsidies? 135 Hoeveel Europartijen krijgen financiering? 136 Welke Europartijen krijgen het meest? 138 Giften aan Europartijen 139 Gekopieerd van Duitsland: de stichtingen 141 Hoe worden de Europartijen gecontroleerd? 142 Fracties: een andere wereld 143 Fractietoelagen achter een firewall 145 Ook in de EU een col buiten categorie? 147 Een model voor BelgiĂŤ? 148
inhoud
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 7
7
12/02/19 08:51
6 Wie zoet is, krijgt lekkers? 154
Operatie drooglegging Vlaams Belang 157 Een drooglegging van PVDA? 160 De drooglegging van ‘anti-Europese extremisten’ 162 Drooglegging om fraude te bestraffen 164 Van partijverbod naar financiële drooglegging in Duitsland 167 Wie zoet is, krijgt lekkers? 168
Tot slot: partijfinanciering en particratie 172
Wie de centen heeft, heeft de macht 174 Campagne voeren bij de gratie van de partij 176 De inertie van het partijsysteem 177 De kartelisering van de partijen 179 Een voorbeeld nemen aan Europa? 180
Referenties 184 Eindnoten 191
8
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 8
12/02/19 08:51
9
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 9
12/02/19 08:51
72 miljoen euro
10
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 10
12/02/19 08:51
Weinig kiezers beseffen het, maar als je voor een partij stemt, dan bezorg je die partij ook geld. Zowat 10 euro per jaar. Aangezien de legislatuur vijf jaar telt, gaat het in totaal om 50 euro. 10 euro per jaar, dat is niet veel minder dan wat het kost om lid te zijn van die partij. Voor een partij brengt een kiezer dus bijna evenveel op als een lid. Op die manier wordt er jaarlijks 72 miljoen euro aan belastinggeld doorgesluisd naar de politieke partijen. Bijna 80% van de inkomsten van die partijen belandt bij hen via overheidssubsidies. Dit is in vergelijking met de meeste andere landen erg veel. In dit boek leggen we uit hoe het zover is kunnen komen. Op basis van een onderzoek naar hun financiĂŤn, tonen we aan hoe de partijen de jongste dertig jaar een enorme creativiteit aan de dag hebben gelegd om steeds nieuwe bronnen van overheidsfinanciering aan te boren. De partijen deden dat aanvankelijk vooral omdat de verkiezingscampagnes steeds duurder werden en ze niet langer afhankelijk wilden zijn van het bedrijfsleven voor de financiering daarvan. Tegelijkertijd legden ze de verkiezingsuitgaven drastisch aan banden. Vooral de grote partijen krijgen daardoor meer subsidies dan ze nodig hebben. Op die manier kunnen ze veel geld opzijzetten om een vermogen op te bouwen. Dit alles heeft belangrijke gevolgen voor de werking van ons politiek systeem. Dit boek bouwt voort op een lange traditie van onderzoek naar partijfinanciering aan de KU Leuven. Het is politicoloog Wilfried Dewachter die daar in de jaren zeventig van de vorige eeuw mee
72 miljoen euro
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 11
11
12/02/19 08:51
begonnen is. Bij elke verkiezing maakte hij een schatting van de kostprijs van de campagne. Zo vestigde hij telkens weer de aandacht op de problematiek van de uit de pan rijzende verkiezingsuitgaven en de troebele financiering daarvan. Die sensibilisering lag mee aan de basis van de wet van 4 juli 1989 betreffende de beperking en de controle van de verkiezingsuitgaven voor de verkiezingen van de Kamer van Volksvertegenwoordigers, de financiering en de open boekhouding van de politieke partijen. Dit is de belangrijkste Belgische wet inzake partij- en campagnefinanciering. In de wandeling wordt meestal gesproken van de wet-Dhoore. CVPKamerlid Luc Dhoore was immers een belangrijke gangmaker van de wet en ook de eerste auteur van het betrokken wetsvoorstel. In dit boek proberen we het juridische jargon zo veel mogelijk te vermijden. Maar voor de geïnteresseerden vatten we de belangrijkste regels samen na elk hoofdstuk. Voor wat België betreft, beperken we ons daarbij in hoofdzaak tot de federale wetgeving. Dit betekent concreet dat die overzichten van de regelgeving een samenvatting zijn van de wet-Dhoore. Dankzij die wet werden de gegevens over de verkiezingsuitgaven en de partijboekhoudingen publiek. Zo hoefden politicologen de kostprijs van een campagne niet meer te schatten. Na elke verkiezing maakten we als onderzoekers gebruik van ons inzagerecht als kiezer om de aangiften van de verkiezingsuitgaven in te kijken en te registreren. Dit leverde een schat aan informatie op over de uitgaven en de inkomsten van in totaal 18.199 kandidaten. Tijdens de voorbije drie decennia verzamelden we ook alle gegevens uit de gepubliceerde boekhoudingen van de partijen. Op die manier konden we in detail nagaan hoe de inkomsten en de uitgaven van de partijen evolueerden. Het is echter pas vanaf 1999 dat de boekhoudingen van de partijen te vergelijken vallen. De jongste boekhouding heeft betrekking op 2017. Ons onderzoek naar de partijfinanciën beslaat dus hoofdzakelijk de periode 1999-2017. In dit boek besteden we veel aandacht aan die ontwikkeling op lange termijn. Soms gaan we zelfs terug tot de periode van de Belgische frank. Om de inkomsten, de uitgaven en het vermogen van de partijen te kunnen vergelijken doorheen de tijd werken we in principe enkel met euro’s
12
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 12
12/02/19 08:51
en zetten we alles om naar cijfers van oktober 2018, rekening houdend dus met de inflatie, tenzij anders aangegeven. Dit heeft wel als gevolg dat onze cijfers verschillen van de gepubliceerde. Als het gaat om wettelijke bedragen, dan vermelden we steeds het bedrag zoals dat in de wet, het decreet of het betrokken reglement is ingeschreven of zoals het vandaag van toepassing is, opnieuw tenzij anders aangegeven. Met dit boek trekken we ons onderzoek naar de Belgische partijfinanciering voor het eerst ook door naar de Europese Unie. Sinds kort passeren de politieke partijen eveneens op het Europese niveau langs de kassa. De financiering voor de Europese partijen is een nieuw fenomeen, dat nog amper is onderzocht. Dit boek brengt daar verandering in. We brengen gedetailleerd in kaart langs welke kanalen de Europese Unie de partijen financiert. In principe mogen die EU-middelen niet worden doorgestort naar de nationale partijen. In de praktijk echter gebruiken vooral de kleinere partijen allerlei trucs om dat toch te doen. Die fraudegevallen hebben de Europese partijfinanciering in een slecht daglicht geplaatst. Maar is dat ook terecht? Het antwoord vind je in dit boek. Je kunt de werking van de politieke partijen niet begrijpen als je niet weet hoe ze worden gefinancierd. ‘Show me the money’ geldt ook voor de studie van de partijen. Dat is geen nieuw inzicht. De Duitse socioloog Max Weber wist het al aan het begin van de vorige eeuw. Maar hij besefte evengoed dat het niet evident is om de partijfinanciering te bestuderen. ‘De financiering is voor de studie van de partijen het meest relevant, maar ook het minst transparant’, schreef hij.1 Partijen gunnen ons niet graag een blik in hun interne financiële keuken. Als gevolg van een democratische dynamiek zijn ze daar echter meer en meer toe verplicht. Niet alleen in België, maar ook in heel wat andere landen, en in de Europese Unie, is de partijfinanciering steeds transparanter geworden. Gelukkig maar. We kunnen nu naar hartenlust binnen gluren bij de partijen. Wij hebben ons daar alvast goed mee geamuseerd. We wensen de lezer hetzelfde toe.
72 miljoen euro
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 13
13
12/02/19 08:51
1 Partijpolitieke fundraising
14
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 14
12/02/19 08:51
Op 30 juni 2016 ontplofte er een klein bommetje in de Vlaamse media. Een paar kranten pakten uit met het bericht dat Open Vld-politicus en gedeputeerde Geert Versnick een eetfestijn mee had laten betalen door een aantal immobedrijven.2 Op 25 oktober van het jaar voordien had hij in het restaurant Auberge du Pêcheur in Sint-MartensLatem driehonderd gasten uitgenodigd, voornamelijk uit de ondernemerswereld en de bouwsector. Zij werden onder meer vergast op een toespraak van Open Vld-voorzitster Gwendolyn Rutten. De deelname aan deze brunch kostte een bescheiden 60 euro. Maar er waren drie projectontwikkelaars die een veel groter bedrag betaalden. De kranten meenden te weten dat het in totaal ging om 13.150 euro (omgerekend 14.032 euro). Meteen stak een storm van verontwaardiging op. Versnick was in de provincie Oost-Vlaanderen immers verantwoordelijk voor ruimtelijke planning. Hij was bovendien eerder al in opspraak gekomen als bestuurder van Optima Group, de holdingvennootschap boven Optima Bank. Dit eetfestijn leek een kwalijke geur te hebben. Trad er geen belangenvermenging op, wanneer het mee werd betaald door projectontwikkelaars? N-VA eiste meteen het ontslag van Versnick. Maar voorzitster Rutten hield hem de hand boven het hoofd, al had ze wel ‘ernstige bedenkingen’ bij het gebeuren. Dat er zoveel heisa ontstond over drie bedrijven die 13.150 euro betaalden, illustreert vooral hoezeer de zeden de voorbije drie decennia zijn
partijpolitieke fundraising
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 15
15
12/02/19 08:51
veranderd. Wat vandaag groot nieuws is, was dertig jaar geleden de normaalste zaak van de wereld. Toen waren bedrijven nog de belangrijkste geldschieters van de politiek. Dat was perfect legaal. Vandaag zijn ze strafbaar als ze zelfs maar de kleinste gift doen aan partijen of politici. In dit hoofdstuk beschrijven we hoe de slinger in relatief korte tijd van het ene naar het andere uiterste is doorgeslagen.
Het ancien régime Hoe de politieke partijen tot en met de jaren tachtig van de vorige eeuw precies werden gefinancierd, weten we niet zo goed. De partijen hielden de boeken dicht, en niemand verplichtte hen om die open te doen. In de loop van de jaren zeventig en tachtig werd er slechts sporadisch een tipje van de sluier opgelicht. Wanneer in 1973 het RTT-schandaal losbarst, komt ook de topman van Bell-Telephone, Frank Pepermans, in opspraak.3 De man had een aantal verdachte relatiegeschenken gegeven aan Germain Baudrin, de voor corruptie veroordeelde administrateur-generaal van de RTT. Maar Pepermans blijkt eveneens een goudhaantje te zijn geweest voor de politieke partijen. Journalist Hugo de Ridder beschreef hoe Pepermans voor elke verkiezing een groot diner organiseerde voor de toplui van de partijen. Tijdens dat diner werden zij één voor één apart genomen in een klein kamertje, waar ze een bedrag overhandigd kregen voor het verkiezingsfonds van hun partij.4 Het bedrijfsleven stond in die tijd te popelen om de partijen te spijzen: ‘Ce sont les entreprises qui, au moment des campagnes électorales, venaient nous demander ce qu’elles pouvaient faire pour aider le PS.’ Dat schreef Merry Hermanus, die in de jaren tachtig aan het hoofd stond van verschillende PS-kabinetten en nadien in opspraak zou komen.5 Volgens Hugo de Ridder was het Belgische systeem van partijfinanciering in die tijd haast een uitnodiging tot onregelmatigheden: ‘Vóór en na de verkiezingen zien de industriëlen politici, ministers, kabinetsleden voor zich defileren met uitgestoken hand. Die bijdragen moeten op
16
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 16
12/02/19 08:51
geheime boekhoudingen worden ingeschreven. De trucjes die uitgedacht worden om de partijen aan geld te helpen, kunnen ook worden aangewend om ambtenaren of anderen om te kopen.’6 Leo Goovaerts, die op het einde van de jaren tachtig penningmeester werd van de PVV, getuigde het volgende over de fundraisingdiners die hij organiseerde: ‘Eerst ging de lokale mandataris rond en nam zijn cheque of baar geld aan van de zakenmensen. Een uurtje later deed ik mijn ronde, voor de partij. (…) De enveloppen met baar geld bleven vaak anoniem. Die mensen vroegen geen fiscaal attest, wilden geen sporen nalaten, wellicht omdat het om geld ging uit hun zwarte kas.’7 In 1984 zetten veel politieke waarnemers grote ogen op wanneer Peter Franssen en Ludo Martens een lijst publiceren van de geldschieters van de CVP in de jaren zeventig.8 Talrijke grote banken en bedrijven blijken forse bedragen aan de partij te hebben geschonken. Koploper van de schenkers toen was de Société Générale, die alleen al in de jaren zeventig, omgerekend in euro en in actuele prijzen, bijna 2 miljoen euro overmaakte aan de CVP. Ook de KU Leuven liet zich niet onbetuigd en zou in die periode zo’n 680.000 euro naar de partij hebben doorgesluisd. Er is zelfs een geval bekend van een CVP-afdeling die aan de directies van de katholieke scholen vroeg om een bepaald bedrag per leerling in de lokale partijkas te storten. Bij de verkiezingscampagnes van 1971 en 1974 haalt de CVP respectievelijk ruim 4 miljoen euro en 2,6 miljoen op.9 Dat deze cijfers afkomstig zijn uit uiterst linkse hoek, maakt het echter des te gemakkelijker om ze weg te wuiven, en het stormpje over ‘het geld van de CVP’ gaat dan ook snel liggen. De andere partijen onthouden zich van commentaar en zijn wat blij dat het duo Franssen-Martens het onderzoek tot de CVP heeft beperkt.
De UNIOP-bom Bij de verkiezingen van 1985 en 1987 is het nog business as usual en draait de machinerie van de trucjes en de geheime rekeningen op volle toeren om de peperdure campagnes gefinancierd te krijgen. Een paar
partijpolitieke fundraising
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 17
17
12/02/19 08:51
jaar later echter staan die duistere praktijken plots volop in het licht van de gerechtelijke schijnwerpers. Aanleiding is de aanhouding, op 26 augustus 1989, van Camille Javeau, de pas ontslagen directeur van het opiniepeilinginstituut UNIOP, dat verbonden is aan de VUB-ULB. Javeau wordt ervan verdacht onrechtmatig middelen van UNIOP en privémiddelen te hebben vermengd. Maar in de loop van het gerechtelijke onderzoek doet hij een boekje open over de manier waarop UNIOP fungeerde als een vehikel van partij- en campagnefinanciering. Ministeriële kabinetten en administraties bestelden bij UNIOP studies die hetzij nooit effectief werden uitgevoerd, hetzij veel te duur werden betaald. Een deel van het overheidsgeld dat gebruikt werd om die (nep) onderzoeken te betalen, werd nadien doorgestort naar de partijkassen. Daarnaast leverde UNIOP allerlei voordelen in natura. Het instituut voerde bijvoorbeeld gratis opiniepeilingen uit in de kieskring van ministers die studies bestelden. Zo zou minister Willy Claes op een bepaald moment een onderzoek hebben laten uitvoeren over de koopjeswet, waarbij en passant ook werd gepeild naar de populariteit van de minister in zijn eigen kieskring. Javeau had zelfs een handleiding opgesteld waarin precies werd uitgelegd hoe de ministers te werk moesten gaan om via UNIOP hun campagne met overheidsgeld te kunnen financieren. Het waren vooral socialistische politici die gretig van die dienstverlening gebruik hadden gemaakt, maar ook de liberalen Herman De Croo en Hervé Hasquin werden genoemd in het dossier. In de loop van het gerechtelijke onderzoek werden onder meer Robert Willermain, de gewezen kabinetschef van minister Robert Urbain, en Merry Hermanus, gewezen kabinetschef van Philippe Moureaux, in beschuldiging gesteld. Nadien spitste het onderzoek zich vooral toe op minister Guy Coëme. Hij werd in 1994 door de Kamer van Volksvertegenwoordigers doorverwezen naar het Hof van Cassatie en in 1996, samen met onder meer Camille Javeau, veroordeeld.10 Coëme verdedigde zich door erop te wijzen dat alle politici zich minstens tot het einde van de jaren tachtig aan dit soort van praktijken schuldig hadden gemaakt. Hij noemde zichzelf een zondebok en vond het hypocriet dat de andere partijen deden alsof hun neus bloedde. En daar had hij ongetwijfeld een punt.
18
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 18
12/02/19 08:51
Het UNIOP-systeem was slechts één van de vele creatieve technieken die door zowat alle partijen werden gebruikt om hun campagnes te financieren. Daarbij werden vaak ook de eigen partijstudiediensten ingeschakeld. Die konden zelf studies uitvoeren voor een prijs die niet noodzakelijk in verhouding stond tot de geleverde prestaties. Volgens een verslag van de Inspectie van Financiën in 1989 spendeerden de ministers van de nationale regering in de periode 1979-1985 omgerekend ongeveer 250 miljoen euro aan dit soort studies.11 Daarnaast was het gebruikelijk dat bedrijven zich abonneerden op de publicaties van de studiediensten. De prijs van deze abonnementen was vaak niet vastgelegd, maar afhankelijk van de bijdrage die een bedrijf wou doen aan de partij. Bovendien maakten de partijen in de jaren zeventig en tachtig gebruik van een systeem van valse facturen.12 In verkiezingsperiodes betaalden bedrijven de rekeningen van partijen en kandidaten. Die bedragen werden in de boekhouding ingeschreven als eigen uitgaven van het bedrijf voor drukwerk of reclame. Nadien konden de bedrijven de btw terugvorderen en zo een deel van hun bijdrage terugverdienen. Soms werd dit gerecupereerde bedrag ook nog eens aan de partij overgemaakt. Tot slot was er niets dat de bedrijfsleiders op dat moment verhinderde om rechtstreeks een bedrag aan de partij te bezorgen. Desnoods, zoals Frank Pepermans deed, door discreet een omslag te overhandigen. Er waren doorgaans maar heel weinig mensen in de partij die wisten hoe de financiële vork precies in de steel zat. De zaakjes werden geregeld door een financiële vertrouwenspersoon, zoals Etienne Mangé in de SP of Leo Delcroix in de CVP. De meeste politici waren al blij dat ze op tijd geld toegestopt kregen en stelden zich niet al te veel vragen over de herkomst daarvan. Het feit dat die ‘financiële loodgieters’ weinig verantwoording hoefden af te leggen, liet de partijleiding toe om nadien, bij het uitbreken van de grote schandalen, de handen in onschuld te wassen.
partijpolitieke fundraising
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 19
19
12/02/19 08:51
Naar een strengere regulering Dit systeem van partijfinanciering via giften functioneerde tot halfweg de jaren tachtig grotendeels in een juridisch vacuĂźm. Als feitelijke verenigingen dienden de partijen ook geen boekhouding neer te leggen. De enige vorm van regulering bestond erin dat de studiediensten van partijen werden erkend als wetenschappelijke instellingen, en dat de giften aan die studiediensten bijgevolg fiscaal aftrekbaar waren. Vanaf 1985 kwam hier echter verandering in.13 In januari van dat jaar werd, op voorstel van CVP-senator Bob Gijs, de fiscale bevoordeling van giften aan partijen veralgemeend. Voortaan was een gift van meer dan 1000 Belgische frank (25 euro) aan een partij fiscaal aftrekbaar, op voorwaarde dat het ging om een partij met ten minste vijf parlementsleden. Enkel die partijen waren immers gemachtigd om een fiscale vzw op te richten. Bovendien kon jaarlijks slechts 2.000.000 Belgische frank (49.579 euro) per partij fiscaal worden ingebracht. Daarnaast moesten de partijen jaarlijks het totale bedrag aan fiscaal aftrekbare giften dat ze ontvingen, meedelen aan de rechtbanken van eerste aanleg. In 1989 werd de wet-Dhoore goedgekeurd. Toch voorzag die niet onmiddellijk in een drastische regulering van de giften. De enige wijziging was dat het jaarlijks maximaal aftrekbare bedrag werd verminderd van 2.000.000 tot 350.000 Belgische frank (8676 euro). Voor het overige konden bedrijven de partijen naar hartenlust blijven financieren. Het is wel zo dat het totale bedrag aan giften nu publiek werd gemaakt, aangezien de partijen hun boekhouding dienden te publiceren. Die boekhouding werd gecontroleerd door de parlementaire Controlecommissie. Maar aangezien die verplichting nog niet gold voor de verschillende componenten van de partij (zoals studiediensten, vormingsinstellingen en regionale afdelingen), waren er nog mogelijkheden te over om minstens een deel van de geldstroom verborgen te houden. Het was pas in 1993 dat de geldkraan van de bedrijven even plots als radicaal werd dichtgedraaid. Vanaf augustus 1993 werden alle giften van rechtspersonen en feitelijke verenigingen aan partijen, kandidaten en mandatarissen verboden. Daarenboven werd expliciet gesteld dat
20
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 20
12/02/19 08:51
prestaties die kosteloos of onder de werkelijke kostprijs of marktprijs werden geleverd, gelijkgesteld werden aan het doen van een gift. Enkel natuurlijke personen konden vanaf dan dus nog giften doen. Die giften werden evenwel niet meer aangemoedigd, want ze waren niet langer fiscaal aftrekbaar.14
De moeder van alle schandalen Paradoxaal genoeg was het kort na de introductie van die strenge regels in 1993 dat de corruptieschandalen pas echt zijn losgebarsten. Vanaf einde 1993 deed het Agusta-schandaal de politieke wereld op zijn grondvesten schudden. De Luikse onderzoeksrechter Véronique Ancia had tijdens het onderzoek naar de moord op André Cools in 1991 aanwijzingen gevonden dat het Italiaanse bedrijf Agusta eind jaren tachtig smeergeld had betaald aan de PS om een bestelling van 46 helikopters in de wacht te kunnen slepen. Daarbij werden de namen genoemd van Guy Coëme, Guy Spitaels en Guy Mathot, die kort daarna ontslag namen als (federaal of Waals) minister. Wat later lekte uit dat de helikopterbouwer, via minister Willy Claes, ook omgerekend 700.000 euro zou hebben aangeboden aan de SP. In februari 1995 bekende Etienne Mangé, de penningmeester van de SP, dat hij voor ruim 2,3 miljoen euro Agusta-smeergeld had gekregen. Kort nadien raakte bekend dat ook de Franse vliegtuigbouwer Dassault de SP geld had toegestopt in ruil voor het bekomen van militaire bestellingen. De affaire dwong Frank Vandenbroucke tot ontslag als Minister van Buitenlandse Zaken en leidde uiteindelijk eveneens tot het ontslag van NAVO-secretaris-generaal Willy Claes.15 In 1998 werden Claes, Coëme en Spitaels, naast nog negen niet-politici, vrij zwaar gestraft door het Hof van Cassatie. De betrokkenen werden er onder meer toe veroordeeld om het Dassault- en Agusta-geld terug te betalen. De SP engageerde zich ertoe om dit bedrag zelf terug te betalen voor de veroordeelden, die zich, in de ogen van de partij, niet schuldig hadden gemaakt aan persoonlijke verrijking. Concreet kwam dit erop neer dat de partij voor Willy Claes,
partijpolitieke fundraising
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 21
21
12/02/19 08:51
Etienne Mangé en Johan Delanghe, de gewezen kabinetschef van Claes, telkens ruim 1 miljoen euro diende te betalen, dus ongeveer 3,1 miljoen euro in totaal.16 Dit was voor de partij een bijzonder zware aderlating en verklaart mee waarom de SP nadien heeft aangestuurd op een verdere verhoging van de overheidsfinanciering, zoals uitgelegd in het volgende hoofdstuk. In 1997 dook er weer een nieuwe zaak van illegale partijfinanciering op, dit keer met betrekking tot de CVP. Op 27 mei van dat jaar deed het Hoog Comité van Toezicht een huiszoeking op het CVP-hoofdkwartier. Het Comité was meer bepaald geïnteresseerd in de boekhouding van de vzw Kridemo, die de radio- en tv-uitzendingen van de CVP verzorgde. Deze vzw werkte samen met de nv Hermes Communications, waarvan de broers Bleyen, die werden genoemd in de milieuboxenaffaire, stille vennoten waren. Blijkbaar vermoedden de speurders dat de broers Bleyen de nv Hermes hadden gebruikt als een vehikel om smeergeld naar de partij te sluizen. De meest relevante stukken uit de CVP-boekhouding bleken echter verdwenen.17 De kwestie voedde de speculatie over de fameuze Atomaschriftjes, waarin CVP-partijsecretaris Leo Delcroix jarenlang de giften aan de partij bijgehouden zou hebben. De broers Bleyen en Delcroix werden in 2003 veroordeeld en gestraft in deze zaak, maar een klein jaar later oordeelde de rechter in beroep dat de kwestie verjaard was.
Een non-agressiepact Het radicale verbod op giften door bedrijven of rechtspersonen kan moeilijk worden beschouwd als een gevolg van deze ophefmakende cascade van schandalen in de jaren negentig. Op het moment dat de ‘scandalitis’ ongekende toppen scheerde, was het verbod op giften door bedrijven immers al een feit. Het lijkt er veeleer op dat de partijen als het ware anticipeerden op die schandalen. Of liever, ze vreesden dat ze vroeg of laat een stortvloed van schandalen over zich zouden krijgen indien ze niet snel hun leven beterden. Tijdens de bespreking van de wet-Dhoore
22
de prijs van politiek
LC - De prijs van politiek - Drukklaar.indd 22
12/02/19 08:51