Skip to main content

9789401437493

Page 1

­­

HANDBOEK BEHANDELING van ­somatisch onvoldoende ­verklaarde ­lichamelijke ­klachten Onder redactie van: Drs. Jaap Spaans (hoofdredacteur) Prof.dr. Judith Rosmalen Dr. Yanda van Rood Prof.dr. Henriëtte van der Horst Prof.dr. Sako Visser


D/2017/45/564 – 9789401437493– nur 770/870 Vormgeving omslag: Nanja Toebak, ‘s-Hertogenbosch Vormgeving binnenwerk: Scriptura, Westbroek Redactionele werkzaamheden: Aida van Gelderen, Culemborg © Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 2017 Dit boek is een uitgave van Uitgeverij LannooCampus (Houten). LannooCampus maakt deel uit van Uitgeverij Lannoo nv. De foto’s in en op dit boek worden alleen gebruikt voor illustratieve doeleinden en hebben geen relatie met de werkelijkheid. Ieder persoon die afgebeeld wordt, is een model. Alle rechten voorbehouden. Behoudens de uitdrukkelijk bij de wet bepaalde uitzonderingen mag niets van deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, door middel van druk, fotokopie, microfilm, of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Uitgeverij LannooCampus p/a Papiermolen 14-24 3994 DK Houten (Nederland) Postbus 97 3990 DB Houten (Nederland)


Inhoud

Redacteurs en auteurs

15

Deel I Inleidend

25

1 Inleiding

27

Jaap Spaans

1.1 1.2

Historie en terminologie Over dit boek

2 Kenmerken en voorkomen

27 28 33

Lineke Tak en Stefan van Geelen

2.1 Inleiding 2.2 SOLK in de somatische setting 2.3 SOLK in de psychiatrische setting 2.4 Mogelijkheden en kritiek: SOLK in DSM-5 en ICD-11 2.5 Conclusie 2.6 Samenvatting

3 Theoretische modellen

33 36 41 47 48 49 51

Jaap Spaans en Kees Jan van der Boom

3.1 Inleiding 51 3.2 Modellen voor een gepersonaliseerde verklaring 52 3.3 Generieke psychologische mechanismen 55 3.4 Sociale aspecten 61 3.5 Conclusie 63 3.6 Samenvatting 63

Inhoud 5


4 Psychofysiologie

65

Jan Houtveen en Lorenz van Doornen

4.1 Inleiding 4.2 SOLK en perifere stressfysiologie 4.3 SOLK en centrale prikkelverwerking: sensitisatie 4.4 SOLK en het imuunsysteem: ‘sickness behavior’ 4.5 Conclusie 4.6 Samenvatting

5 Organisatie van zorg

65 66 68 71 73 74 77

Carine den Boer, Jonna van Eck van der Sluijs en Christina van der Feltz-Cornelis

5.1 Inleiding 5.2 Ontwikkelingen in de zorg voor SOLK 5.3 Bestaande knelpunten 5.4 Huisarts en POH-GGZ 5.5 Verwijzing 5.6 Bedrijfsgeneeskunde 5.7 Conclusie 5.8 Samenvatting

6 In stand houdende factoren

77 77 78 79 80 86 87 87 89

Karin Janssens en Anne van Gils

6.1 Inleiding 6.2 Klinisch onderzoek naar in stand houdende factoren 6.3 Fysieke in stand houdende factoren 6.4 Emotionele in stand houdende factoren 6.5 Cognitieve in stand houdende factoren 6.6 Gedragsmatige in stand houdende factoren 6.7 Sociale in stand houdende factoren 6.8 Overige in stand houdende factoren 6.9 Conclusie 6.10 Samenvatting

89 89 91 92 93 95 96 97 97 98

6 Handboek behandeling van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten


Deel II Diagnostiek, monitoring en verwijzing

101

7 Diagnostiek en verwijzing in de huisartsenpraktijk

103

Nettie Blankenstein

7.1 Inleiding 7.2 Diagnostiek 7.3 Verwijzing 7.4 Conclusie 7.5 Samenvatting

8 Het opstellen van een gepersonaliseerde verklaring

103 104 112 114 115

117

Yanda van Rood en HenriĂŤtte van der Horst

8.1 Inleiding 8.2 Het biopsychosociale model 8.3 Het gevolgenmodel 8.4 Conclusie 8.5 Samenvatting

9 meten van De voortgang van behandeling bij solk: ­routine outcome monitoring

117 118 124 130 131

133

Edwin de Beurs, Yanda van Rood en Marcel Post

9.1 Inleiding 9.2 Typen meetinstrumenten 9.3 Uitkomstmaten 9.4 Interpretatie van uitkomsten 9.5 Validiteit en betrouwbaarheid 9.6 Nieuwe ontwikkelingen 9.7 Conclusie 9.8 Samenvatting

10 Grip op Klachten: een online hulpmiddel voor diagnostiek, behandeling, monitoring en verwijzing

133 133 136 140 142 142 143 143

145

Judith Rosmalen en Anne van Gils

10.1 Inleiding 10.2 Diagnostiek

145 146

Inhoud 7


10.3 Behandeling 10.4 Monitoring 10.5 Conclusie 10.6 Samenvatting 10.7 Website

149 153 153 153 154

Deel III Breed toepasbare methoden en specifieke doelgroepen

157

11 Educatie

159

Lineke Tak, Yanda van Rood en Jaap Spaans

11.1 Inleiding 11.2 Wat is educatie bij SOLK? 11.3 Veelvuldig gestelde vragen 11.4 Communicatieve aspecten 11.5 Wetenschappelijke onderbouwing 11.6 Conclusie 11.7 Samenvatting 11.8 Bijlage: aangeraden educatiemateriaal

12 Behandeling in de huisartsenpraktijk

159 159 160 168 170 171 171 172 175

Hèlen Woutersen-Koch en Tim olde Hartman

12.1 Inleiding 12.2 Korte omschrijving 12.3 Uitgangspunten 12.4 Doelgroep en doelen 12.5 Beschrijving 12.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 12.7 Wetenschappelijke onderbouwing 12.8 Conclusie 12.9 Samenvatting 12.10 Websites

175 175 176 177 177 187 188 188 188 189

13 Het consult en de arts-patiĂŤntcommunicatie

191

Anne Weiland

13.1 Inleiding 13.2 Korte omschrijving

191 192

8 Handboek behandeling van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten


13.3 Uitgangspunt 13.4 Artsgebonden factoren voor instandhouding van SOLK 13.5 De basis van effectief SOLK-consult 13.6 Scherp blijven op de somatiek! 13.7 Nieuwsgierigheid 13.8 ‘Dokter, ik wil hogerop …’: de medische zoektocht 13.9 ‘De dokter kan niets vinden’: positieve communicatie over negatieve bevindingen 13.10 Wetenschappelijke onderbouwing 13.11 Conclusie 13.12 Samenvatting 13.13 Aanbevolen literatuur 13.14 Websites

14 Motiverende Gespreksvoering

192 193 194 196 198 200 202 204 205 205 206 206 207

Maarten Merkx, Tim olde Hartman en Ellis Baron

14.1 Inleiding 14.2 Korte omschrijving 14.3 Waarom motiverende gespreksvoering bij SOLK? 14.4 Doelgroep 14.5 Beschrijving 14.6 Wetenschappelijke onderbouwing 14.7 Ten slotte 14.8 Samenvatting

15 reductie en preventie van arbeidsverzuim

207 208 208 209 209 220 221 221 223

Rob Hoedeman

15.1 Inleiding 15.2 Korte omschrijving 15.3 Uitgangspunten 15.4 (Dreigend) arbeidsverzuim 15.5 Reductie en preventie van arbeidsverzuim 15.6 Hulpbronnen en valkuilen bij re-integratie 15.7 Wetenschappelijke onderbouwing 15.8 Conclusie 15.9 Samenvatting

223 223 224 229 232 236 237 238 238

Inhoud 9


16 Diagnostiek en behandeling bij patiÍnten met een ­migrantenachtergrond

239

Maria van den Muijsenbergh en Janneke Veeze-van der Velden

16.1 Inleiding 16.2 Specifieke problemen bij migranten 16.3 Diagnostiek 16.4 Behandeling 16.5 Conclusie 16.6 Samenvatting

239 240 242 242 249 249

17 Diagnostiek en behandeling bij kinderen en adolescenten 251 Carlijn de Roos, Irma Bonvanie en Yanda van Rood

17.1 Inleiding 17.2 In stand houdende factoren 17.3 Diagnostiek (psychosociaal) 17.4 Behandeling 17.5 Conclusie 17.6 Samenvatting

18 Diagnostiek en behandeling bij ouderen

251 252 254 256 261 261 263

Dorine van Driel-de Jong en Richard Oude Voshaar

18.1 Inleiding 18.2 In stand houdende factoren 18.3 Diagnostiek 18.4 Psychotherapie 18.5 Cognitieve gedragstherapie 18.6 Conclusie 18.7 Samenvatting

263 264 267 268 270 272 272

Deel IV Specifieke behandelmethoden en interventies

275

19 Cognitieve gedragstherapie

277

Sako Visser en Michel Reinders

19.1 Inleiding 19.2 Korte omschrijving 19.3 Uitgangspunten

277 278 278

10 Handboek behandeling van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten


19.4 Doelgroepindicaties en contra-indicaties 19.5 Beschrijving 19.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 19.7 Wetenschappelijke onderbouwing 19.8 Conclusie 19.9 Samenvatting

20 Acceptance and commitment therapy

281 282 286 287 291 291 293

Jaap Spaans en Kees Jan van der Boom

20.1 Inleiding 20.2 Korte omschrijving 20.3 Uitgangspunten 20.4 Doelgroep 20.5 Beschrijving 20.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 20.7 Wetenschappelijke onderbouwing 20.8 Conclusie 20.9 Samenvatting

21 Oplossingsgerichte gespreksvoering

293 293 296 298 298 306 307 307 308 309

Fredrike Bannink

21.1 Inleiding 21.2 Korte omschrijving 21.3 Uitgangspunten 21.4 Doelgroep 21.5 Oplossingsgerichte gespreksvoering 21.6 Wetenschappelijke onderbouwing 21.7 Conclusie 21.8 Samenvatting

22 Lichaamsgerichte mentalisatiebevorderende therapie

309 309 311 313 313 319 320 320

321

Jaap Spaans

22.1 Inleiding 22.2 Korte omschrijving 22.3 Uitgangspunten 22.4 Doelgroep 22.5 Beschrijving

321 322 323 325 325

Inhoud 11


22.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 22.7 Wetenschappelijke onderbouwing 22.8 Conclusie 22.9 Samenvatting

23 Eye movement desensitisation and reprocessing

334 335 336 336 337

Carlijn de Roos en Yanda van Rood

23.1 Inleiding 23.2 Korte omschrijving 23.3 Uitgangspunten 23.4 Doelgroep en indicatiestelling 23.5 Beschrijving 23.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 23.7 Wetenschappelijke onderbouwing 23.8 Conclusie 23.9 Samenvatting

24 Hypnotherapeutische interventies bij de conversie­stoornis

337 337 339 340 342 347 348 348 349

351

Marleen Tibben en Kees Hoogduin

24.1 Inleiding 24.2 Korte omschrijving 24.3 Uitgangspunten 24.4 Doelgroep 24.5 Hypnose 24.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 24.7 Wetenschappelijke onderbouwing 24.8 Conclusie 24.9 Samenvatting

25 Graded activity en exposure in vivo

351 353 353 354 354 362 363 363 364 365

Albere KĂśke, Ivan Huijnen, Mario Geilen en Marlies den Hollander

25.1 Inleiding 25.2 Korte omschrijving 25.3 Uitgangspunten 25.4 Doelgroepindicaties en contra-indicaties 25.5 Beschrijving

365 365 366 367 367

12 Handboek behandeling van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten


25.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 25.7 Wetenschappelijke onderbouwing 25.8 Conclusie 25.9 Samenvatting

26 BEVORDEREN VAN LichaamsBEWUSTZIJN MET LICHAAMSGERICHTE therapie

373 374 375 375

377

Hanneke Kalisvaart en Lia van der Maas

26.1 Inleiding 26.2 Korte omschrijving 26.3 Uitgangspunten 26.4 Doelgroep 26.5 Psychomotorische therapie voor patiĂŤnten met SOLK in de praktijk 26.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 26.7 Wetenschappelijke onderbouwing 26.8 Conclusie 26.9 Samenvatting

27 Sensorimotorische psychotherapie

377 378 379 380 381 383 383 385 385 387

Jaap Spaans, Hanneke Kalisvaart en Kosse Jonker

27.1 Inleiding 27.2 Korte omschrijving 27.3 Uitgangspunten 27.4 Doelgroep 27.5 Beschrijving 27.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 27.7 Wetenschappelijke onderbouwing 27.8 Conclusie 27.9 Samenvatting

28 Ergotherapie

387 387 388 390 391 400 401 401 402 403

Marieke Lindenschot, Debby Rijnbeek, Ton Satink en Ria Nijhuis-van der Sanden

28.1 Inleiding 28.2 Korte omschrijving 28.3 Uitgangspunten 28.4 Doelgroep

403 404 405 409

Inhoud 13


28.5 Beschrijving 28.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 28.7 Wetenschappelijke onderbouwing 28.8 Conclusie 28.9 Samenvatting

29 Systeemtherapie

409 414 414 416 416 417

Kris Decraemer en Ellen Reijmers

29.1 Inleiding 29.2 Korte omschrijving 29.3 Uitgangspunten 29.4 Doelgroep 29.5 Beschrijving 29.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 29.7 Wetenschappelijke onderbouwing 29.8 Conclusie 29.9 Samenvatting

30 Medicamenteuze behandeling

417 417 419 422 422 428 429 430 430 431

Doeke Keizer

30.1 Inleiding 30.2 Korte omschrijving 30.3 Uitgangspunten 30.4 Doelgroep 30.5 Beschrijving 30.6 Therapeutische valkuilen en oplossingen 30.7 Wetenschappelijke onderbouwing 30.8 Conclusie 30.9 Samenvatting

431 431 432 433 433 444 445 445 445

Literatuur

447

Register

477

14 Handboek behandeling van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten


Deel I INLEIDEND

Redacteurs en auteurs 25


1 inleiding Jaap Spaans

1.1 HISTORIE EN TERMINOLOGIE Het afgelopen decennium nam belangstelling voor somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten (SOLK) sterk toe. Tijdig onderkennen en gericht behandelen van SOLK bleek noodzakelijk ter voorkoming van onnodige medische onderzoeken en behandelingen, verergering van klachten en achteruitgang in functioneren van patiënten. Een stijgend aantal instellingen en professionals specialiseerde zich in SOLK. Zowel in Nederland als in België ontwikkelden behandelingen zich inhoudelijk sterk en er is een veelzijdig aanbod ontstaan. Academische en klinische interesse voor lichamelijke klachten waarvoor artsen onvoldoende somatische verklaring vinden dateert in Nederland en België uit de vorige eeuw. In de Nederlandse multidisciplinaire richtlijn voor de diagnostiek en behandeling van SOLK en somatoforme stoornissen werd in 2010 door partijen overeengekomen de benaming SOLK te gebruiken voor wat voorheen werd aangeduid met uiteenlopende termen als psychosomatische ziektebeelden, lichamelijk onverklaarbare klachten, onbegrepen klachten of medisch onverklaarde somatische symptomen (Landelijke Stuurgroep Multidisciplinaire Richtlijnontwikkeling in de GGZ, 2010). De term ‘psychosomatiek’ kent van alle benamingen in Nederland en België een van de langste tradities. Voor velen is het verbonden met de opkomst van de belangstelling voor de interactie tussen psyche en soma in Nederland en België in de vorige eeuw. Psychosomatiek werd in het Nederlandstalig vakgebied, na de Tweede Wereldoorlog, onder de aandacht gebracht door de internist prof. Juda Groen. Hij richtte in 1947 met steun van de Rockefeller Foundation de Amsterdamse Werkgroep voor Psychosomatisch Onderzoek op, een interdisciplinaire onderzoeksgroep in het academische Wilhelmina Gasthuis te Amsterdam. Geïnspireerd door de Amerikaanse psychoanalyticus Franz Alexander bestudeerde Groen ‘psychosomatische ziektebeelden’, ziektebeelden die volgens hem sterk onder invloed leken te staan van psychische factoren zoals: maagzweer, colitis ulcerosa, astma, hoge bloeddruk en reuma. Menigeen vereenzelvigt Juda Groen nog steeds met ‘de klassieke psychosomatiek’. De academische belangstelling voor psychosomatiek kreeg in 1952 in Leiden zijn vervolg met de oprichting van het Leids psychosomatisch centrum, onder leiding van de psychiater Berthold Stokvis.

1 Inleiding

27


Het psychosomatisch gedachtengoed bleef in België niet onopgemerkt met als een van de pioniers en voortrekkers de Vlaamse psychiater en hoogleraar Boudewijn van Houdenhove. Vanuit de context van de Liaisonpsychiatrie werden in Vlaanderen academische psychosomatische centra opgericht zoals in 1988 het psychosomatisch centrum van het universitair ziekenhuis te Gent en enkele jaren later de psychosomatische revalidatieafdeling van het universitair ziekenhuis Pellenberg (KU Leuven). De term psychosomatiek was in de begindagen van Juda Groen sterk verbonden met lichamelijke klachten zonder somatisch substraat veroorzaakt door psychische factoren zoals persoonlijkheidskenmerken. Hoewel het eenzijdige etiologische belang van psychische factoren wetenschappelijk niet hard kon worden gemaakt, vormde de ‘klassieke psychosomatiek’ wel de basis voor de huidige biopsychosociale inzichten zoals beschreven in het historische artikel van Engel (1977). De term psychosomatiek bleef weliswaar in de Nederlandse en Belgische literatuur en gezondheidszorg in gebruik, maar steeds meer tegen de achtergrond van het brede biopsychosociale denkkader en met ruimte voor zowel psychodynamische als cognitief gedragstherapeutische en andere therapeutische uitgangspunten. Ook in dit boek gaan wij ervan uit dat SOLK multifactorieel bepaald zijn. Per patiënt zijn verschillende unieke biologische, psychische en sociale factoren te onderscheiden die lichamelijke klachten teweegbrengen en in stand houden. Diverse puzzelstukken, op de juiste manier gelegd, maken het beeld compleet en vormen het uitgangspunt voor behandeling.

1.2 OVER DIT BOEK Toen uitgeverij LannooCampus in het voorjaar van 2016 de belangstelling onderzocht voor een multidisciplinair handboek over SOLK bleek er grote behoefte aan te bestaan. In kringen van het Landelijke Netwerk Onvoldoende verklaarde Lichamelijke Klachten (NOLK), het Nederlandse samenwerkingsverband van professionals, grote zorginstellingen en universiteiten gespecialiseerd in SOLK, was men direct enthousiast. Steeds meer hulpverleners, zowel in de somatische als de psychische gezondheidszorg krijgen tegenwoordig immers te maken met mensen met SOLK. Velen van hen beschouwen de behandeling als ingewikkeld of lastig. Zij hebben behoefte aan heldere aanwijzingen voor de behandelpraktijk. Dit boek biedt daarom concrete adviezen ondersteund door de laatste wetenschappelijke bevindingen, aangevuld met voorbeelden uit de praktijk. Het is bedoeld voor professionals van uiteenlopende disciplines zowel in Nederland als in België, zo-

28 Handboek behandeling van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten


als psychologen, psychotherapeuten, artsen (zoals psychiaters, (huis)artsen, revalidatieartsen en andere medisch specialisten), praktijkondersteuners huisartsenzorg GGZ (POH-GGZ), verpleegkundigen, (psychosomatisch) fysiotherapeuten, (psychosomatisch) oefentherapeuten, en ergotherapeuten en andere paramedici.

Opbouw Dit boek bestaat uit vier delen. De nadruk ligt op behandeling (deel III en IV). Daaraan verbonden is het diagnosticeren, meten en verwijzen (deel II). Deel I is hierop een inleiding, die ondermeer een schets geeft van wat SOLK is: de klachten, ziektebeelden, het voorkomen en de comorbiditeit. In deel I komt ook de theoretische kennis aan bod die de basis vormt voor de verdere hoofdstukken, evenals de organisatie van zorg met de huidige organisatorische knelpunten en de ‘stepped care’-aanpak. Deel I gaat ook nader in op ‘in stand houdende factoren’ van SOLK, de factoren die herstel belemmeren en die als een rode draad door het boek heen terug komen. Een effectieve aanpak van SOLK begint met gedegen diagnosticeren en een gepersonaliseerde probleemanalyse. Deze komen aan bod in deel II. Eerst wordt de belangrijke eerste stap toegelicht: het komen tot de werkhypothese SOLK en een brede klachtenexploratie bij de huisarts. Het daarop volgende hoofdstuk beschrijft twee veelgebruikte probleemanalyse-methoden: het bio­psychosociale model met de SCEGS-methode van consultvoering en het gevolgenmodel. Dan volgt het hoofdstuk over het meten van uitkomsten van therapie met Routine Outcome Monitoring. Dit is een belangrijk aspect van de behandeling en heeft tot doel na te gaan of de behandeling op koers ligt en het gewenste effect heeft of dat een koerswijziging is geïndiceerd. Tot slot komt in deel II een online hulpmiddel aan bod om de diagnostiek, behandeling, verwijzing en monitoring van SOLK te verbeteren. In deel III worden breed toepasbare methoden en interventies beschreven: van educatie tot gesprekstechnieken en van behandeling bij de huisarts tot arbeidsre-integratie. Tevens komen in dit deel de verschillende doelgroepen aan bod zoals patiënten met een migrantenachtergrond, kinderen en adolescenten, en ouderen. Deel IV schetst specifieke evidence-based en innovatieve behandelmethoden die ingaan op tal van herstelbelemmerende factoren. In de hoofdstukken in deel III en IV worden behandelmethodieken geïllustreerd met één of meer casussen met specifieke SOLK-klachten om de lezer een goed inzicht te geven in de toepassing in de praktijk. Daarbij is ook aandacht voor de therapeutische relatie.

1 Inleiding

29


In dit boek komt het gehele scala van mogelijke SOLK-klachten in beeld, zoals pijnklachten, chronische vermoeidheid, buik-, maag- en darmklachten, uitvalsverschijnselen, et cetera. In termen van de DSM-IV (APA,1994) kan SOLK omschreven worden als een somatoforme stoornis en in de DSM-5 (APA, 2013) valt SOLK onder de categorie somatisch-symptoomstoornis en verwante stoornissen. Het is auteurs in dit boek toegestaan zowel DSM-IV als DSM-5-termen te gebruiken. Onder de somatoforme stoornis (DSM-IV) en de somatisch-symptoomstoornis en verwante stoornissen (DSM-5) vallen ook hypochondrie, ziekteangststoornis, stoornis in de lichaamsbeleving en nagebootste stoornis. De redactie heeft ervoor gekozen deze stoornissen in dit boek buiten beschouwing te laten. Alleen in hoofdstuk 2, over kenmerken, komen ze kort aan bod. De reden voor het niet ingaan op deze stoornissen is dat wij er bij SOLK vanuit gaan dat er duidelijke lichamelijke klachten aanwezig zijn. Bij hypochondrie, ziekteangststoornis, stoornis in de lichaamsbeleving en nagebootste stoornis ligt de nadruk echter op angst, obsessie of nabootsing zonder lichamelijke symptomen (of met milde lichamelijke symptomen).

Innovatieve ontwikkelingen Omdat het SOLK-vakgebied in Nederland en België mede door de toegenomen (wetenschappelijke) belangstelling sterk aan veranderingen onderhevig is, is er naast evidence-based behandelmethoden ook ruime aandacht voor innovatieve ontwikkelingen. We gaan bijvoorbeeld in op vernieuwingen in de wijze waarop behandeling aangeboden wordt (zoals e-health) en op nieuwe principes in de zorg zoals positieve gezondheid en veerkracht. Gezien de ingrijpende gevolgen voor het leven van patiënten en de medische en maatschappelijke kosten van SOLK, heeft het verbeteren van behandeleffecten hoge prioriteit. In dit boek gaan wij ervan uit dat inspelen op persoonsgebonden factoren zoals individuele in stand houdende factoren hier een belangrijke bijdrage aan kan leveren. Ervaringen vanuit de praktijk laten zien dat er winst te behalen is door naast protocollaire standaardbehandelingen op grond van een generieke verklaring, vaker en bewuster te behandelen op grond van een gepersonaliseerde verklaring. In verband hiermee wordt in hoofdstuk 6 op grond van wetenschappelijk onderzoek een overzicht gegeven van veelvoorkomende in stand houdende factoren zoals ‘niet accepteren’, ‘moeite met ervaren en interpreteren van lichamelijke processen en emoties’, ‘verstoorde relaties met naasten’, ‘vermijding’. In de behandelhoofdstukken in deel III en deel IV lichten de auteurs zoveel als mogelijk toe op welke in stand houdende factoren de beschreven aanpak inspeelt.

30 Handboek behandeling van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten


Doelstelling Dit boek beoogt een compacte bundeling te bieden van zowel medischsomatische als psychologische en sociale kennis over SOLK. In totaal 50 experts in geneeskunde, psychologie, fysiotherapie en andere disciplines beschrijven de nieuwste inzichten in diagnostiek, verwijzing, behandeling en begeleiding van patiënten met SOLK. Wij willen voor uiteenlopende vakdisciplines een overzicht bieden van wat nodig is voor een kwalitatief goede behandeling van SOLK. Ons streven is dat het boek handig in gebruik is, zowel voor ervaren SOLK-behandelaren als voor hen die in opleiding zijn. De multidisciplinaire kwaliteit van dit boek kwam tot stand dankzij een redactie met prominente experts uit verschillende vakgebieden. Naast de redacteuren hebben ook twee experts in de revalidatiegeneeskunde een belangrijke bijdrage geleverd aan de totstandkoming van dit handboek: prof. dr. Paul van Wilgen en prof. dr. Jeanine Verbunt. We hopen u met dit boek te inspireren tot verdere ontwikkeling van onderzoek en behandeling van patiënten met SOLK. Bovendien wensen wij dat het bijdraagt aan uw plezier in het werken met patiënten met deze boeiende problematiek. Mede namens prof.dr. Judith Rosmalen, dr. Yanda van Rood, prof.dr. ­Henriëtte van der Horst en prof. dr. Sako Visser, drs. Jaap Spaans, hoofdredacteur.

1 Inleiding

31


2 Kenmerken en voorkomen Lineke Tak en Stefan van Geelen

2.1 INLEIDING Lichamelijke klachten zijn altijd de belangrijkste reden geweest om hulp te zoeken in de gezondheidszorg. Veelal worden zulke somatische (soma = het lichaam) symptomen en de ermee gepaard gaande functionele beperkingen in het dagelijks leven, gezien als de subjectieve beleving van de patiënt van onderliggende fysiologische veranderingen. Het is dan ook één van de voornaamste taken van artsen om objectief vaststelbare pathologie te diagnosticeren (Sharpe et al., 2006).

Somatische pathologie

Lichamelijke klachten

Figuur 2.1. Een somatische verklaring van lichamelijke klachten.

Met de ongekende vooruitgang en ontdekkingen binnen de moderne geneeskunde is er steeds meer zicht gekomen op de pathologische mechanismen die aan ziekte ten grondslag liggen. Als gevolg hiervan besteden hedendaagse artsen een groot deel van hun tijd aan het streven om tot identificatie van pathologie te komen door middel van laboratoriumonderzoek en verschillende beeldvormingsmethoden. Op basis van een hiermee bereikte diagnose kan immers vervolgens een evidence-based therapie voorgeschreven worden. Problemen ontstaan echter op het moment dat er voor de lichamelijke klachten van de patiënt geen duidelijk aanwijsbare, of onvoldoende verklarende, somatische pathologie gevonden kan worden. Er kan in dat geval gesproken worden van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten (SOLK), gedefinieerd als lichamelijke klachten die langer dan enkele weken duren en waar bij adequaat medisch onderzoek geen somatische aandoening gevonden wordt die de klacht voldoende verklaart (Sharpe, 2013; Price, 2012). Andere voor SOLK gehanteerde termen zijn onder meer medisch onverklaarde somatische symptomen, psychogene klachten, psychosomatische aandoeningen, functionele symptomen, somatoforme stoornissen en vage klachten. Binnen het klassieke biomedische model is dan vaak verondersteld dat SOLK dus een psychogene oor-

2  kenmerken en voorkomen

33


zaak hebben (Sharpe, 2006): dat wil zeggen dat de klachten bijvoorbeeld een uitdrukking zouden zijn van stress, depressieve stemmingen, een onderliggende angststoornis, persoonlijkheidsproblematiek, ofwel dat ze het gevolg zijn van ‘somatisatie’, waarmee patiënten een fysieke uitdrukking geven aan hun psychisch lijden.

Psychopathologie

Lichamelijke klachten

Figuur 2.2. Een psychogene verklaring van lichamelijke klachten.

Met deze tweedeling in verklaringsmodellen steekt een reeds lang sluimerend lichaam-geestdualisme in de geneeskunde de kop op, waarbij het lichaam in een somatische setting en de geest in een psychiatrische setting behandeld zou moeten worden. In de praktijk blijkt echter voortdurend weer dat deze tweedeling op het terrein van SOLK nauwelijks werkbaar is. Ten eerste blijkt namelijk dat hoewel SOLK vaak gerelateerd zijn aan bijvoorbeeld angst en depressie, er geen direct consistent causaal verband tussen te vinden is (Janssens et al., 2015; Henningsen et al., 2003). Ten tweede zijn er ook veel patiënten met aantoonbare (chronische) somatische aandoeningen die meer functionele beperkingen ondervinden van hun lichamelijke klachten dan op basis van hun somatische afwijkingen verwacht zou mogen worden (Dimsdale et al., 2013). Ten derde wordt het diagnostisch proces sterk gehinderd door – vaak tegengestelde – dualistische etiologische veronderstellingen bij de behandelaar en de patiënt (Murray et al., 2016). Op basis van dit soort overwegingen, alsmede de wens om niet langer te hoeven veronderstellen dat lichamelijke klachten ofwel een somatische oorzaak, ofwel een psychopathologische oorzaak zouden hebben, wordt op dit moment het biopsychosociale model van SOLK het meest wijdverspreid gehanteerd.

34 Handboek behandeling van somatisch onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789401437493 by Uitgeverij Lannoo - Issuu