Skip to main content

9789401435598

Page 1

30 is een schoon getal

30 is een schoon getal 1-192.indd 1

25-04-16 08:52


30 is een schoon getal 1-192.indd 2

25-04-16 08:52


Frauke Joossen

30

is een schoon getal

30 is een schoon getal 1-192.indd 3

25-04-16 08:52


www.lannoo.com Registreer u op onze website en we sturen u regelmatig een nieuwsbrief met informatie over nieuwe boeken en met interessante, exclusieve aanbiedingen. Coverontwerp: Studio Lannoo auteursfoto: Joost Joossen visagiste: Ad Van Mierlo D/2016/45/282 – NUR 301 ISBN 978 94 014 3559 8 Š Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 2016 en Frauke Joossen Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch of op enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

30 is een schoon getal 1-192.indd 4

25-04-16 08:52


Voor Benson, Noah en Lou.

30 is een schoon getal 1-192.indd 5

25-04-16 08:52


30 is een schoon getal 1-192.indd 6

25-04-16 08:52


Twee over negen. Da’s geen uur om op te staan voor iemand zonder werk. Ik draai me nog eens om. Hoewel ik vandaag eigenlijk op tijd ging opstaan. Werk zoeken en zo. Dat soort shit. Maar ik lig net zo goed. Al is dat misschien een overstatement, gezien de staat van mijn bed. Ik hád lekker kunnen liggen, ware het niet dat er een put in het midden van mijn matras is ontstaan – niet toevallig daar waar ik altijd lig – zodat je nu niet meer echt aan de zijkant kunt liggen, je rolt gewoon altijd naar het midden waar het nét iets te hard is om comfortabel te zijn. Misschien gewoon nog heel effe omdraaien. Uiteindelijk, wie zit er op mij te wachten? Als ik nu nog strak was, en fris en mooi. Niks van de Heilige Drievuldigheid heb ik. Eerder een geval van klein, rond en vale huid. Te veel gesnoept en te weinig gesport of gesmeerd. Omdraaien lukt niet meer, het begint te dagen. Ik moet maar eens opstaan en beslissen wat ik ga doen met de rest van mijn leven. Ik heb dat eens ergens gelezen. Ik weet niet meer waar. Volgens mij niet op zo’n tegeltje dat in de woonkamer hangt bij oude omaatjes, want ik heb nooit een oma gekend. Dat klinkt zieliger dan het is, het heeft bijna een weesgevoel, maar zo is het dus niet: mijn grootouders van beide kanten waren gewoon al dood voor ik werd geboren. Ik heb hen nooit ­gemist, eigenlijk. Ik ging één keer mee met een vriendinnetje naar haar oma, en ik vond het er vooral saai. En het rook er een beetje akelig. Misschien heb ik dáár wel het tegeltje ­gelezen. Zou typisch iets voor mij zijn, om zoiets één keer

7

30 is een schoon getal 1-192.indd 7

25-04-16 08:52


te zien, járen geleden, en het dan op te slaan in mijn hersenen. Maar goed. Vandaag is dus de eerste dag van de rest van mijn leven. Misschien stond het gewoon in een tijdschrift. Of op Facebook. Het is in elk geval een zinnetje dat is blijven hangen in mijn hoofd. Niet omdat ik er zo door was geïnspireerd dat ik mijn leven omgooide. Nee, zo werkt dat niet bij mij. Het was eerder zo’n zinnetje dat me irriteert. Zo eentje waar je over nadenkt. Omdat je denkt dat als je er maar lang genoeg over nadenkt, het interessant en inspirerend gaat worden. En omdat het dat niet wordt, begint het zwaar te irriteren. Zo’n zinnetje dus. Er zijn zo nog meer zinnetjes. Ik probeer er nog te bedenken, maar natuurlijk lukt dat nu niet. In elk geval, ik dwaal af, ik ging opstaan. Om dus, ja, inderdaad, te beginnen met de rest van mijn leven. Misschien wordt het wel tijd dat ik daar echt mee ga b ­ eginnen, met de rest van mijn leven. Want het eerste deel ervan was niet echt fantastisch te noemen. Eigenlijk is het zelfs ronduit mislukt. Ja, ik durf dat te zeggen. Zo ben ik. Rechtuit, altijd. Recht voor de raap. Wat weer een absoluut debiele uitdrukking is, maar goed, ik zou weer afdwalen als ik daarover begin. In elk geval: mislukt dus, dat leven van mij tot hiertoe. Paar baan­tjes gehad, paar lieven. Altijd net niet, zo zou ik het omschrijven. De streber die gaat voor de promotie maar die nét niet krijgt. Het grietje dat dan wel tof en cool en grappig is en goed kan pijpen, maar relatiemateriaal, neuh, dat toch weer niet. En nu word ik dus dertig, over drie maanden, en heb ik geen lief en eigenlijk ook geen vrienden, geen werk, geen auto en binnenkort ook geen appartement meer.

8

30 is een schoon getal 1-192.indd 8

25-04-16 08:52


Dat van dat appartement, da’s nog een verhaal op zich. Of nee, dat is het niet, ik heb gewoon vier maanden de huur niet betaald en nu moet ik vertrekken. Zie je, het leven is eigenlijk simpel, als je het eerlijk en recht voor de raap durft te zeggen. Ik ben ook nog eens te dik. Niet eens écht dik, eerder wannabe-dik. Vijftien kilo te veel. Te veel om slank te zijn, te weinig om dik te zijn. Weer tussen twee werelden. Net niet. Ja, dat is het zo wel, mijn leven. Geen leven, dus. Ik heb lang genoeg gelummeld. Tijd voor actie. Ik sta op. Waarom niet, het is intussen drie over tien. Ik zou eigenlijk een kat moeten hebben. Zo eentje die mij ’s morgens wakker komt maken met gespin. Maar mij kennende krijg ik een kat die mij negeert en alleen mijn planten kapotpist. Gelukkig heb ik geen planten. Die overleven het niet bij mij. Het feit dat ik ze geen water geef, heeft daarmee te maken, ik geef het eerlijk toe. Ik trek de koelkast open. Leeg. En dan niet leeg zoals bij perfecte huisvrouwen die oeien en aien dat hun koelkast ‘leeg’ is wanneer er onverwacht bezoek komt, om dan twintig minuten later een heerlijk voorafje, soep, hoofdgerecht én dessert op tafel te zetten. Niet zoals de fashionista die haar kleerkast opentrekt en zich met een lang, jammerend ‘léééééééé-ééééééég’ op het bed laat vallen. Nee, écht leeg. Als in: niks erin. Het irriteert me. Het irriteert me evenzeer als de opgedroogde melkvlek in het midden van de koelkast. Ik probeer me te herinneren hoelang die er al zit. Het was die keer dat ik te veel had gedronken en bedacht dat een glas melk me deugd

9

30 is een schoon getal 1-192.indd 9

25-04-16 08:52


zou doen. Gek, dat je dorst krijgt van te veel drinken. En nog gekker dat melk op zo’n moment niet helpt. Integendeel. Ik drink niet meer. Of toch geen alcohol. Nu ja, soms wel een beetje, maar dat telt dan niet. Da’s niet écht drinken. Écht drinken doe je met mensen op café, met vrienden. En dan drink je te veel en dan lach je en omhels je elkaar en zeg je dat je zo van elkaar houdt en dat dit de mooiste tijd van je leven is. Dat doe ik dus niet. Ik drink in m’n eentje. Maar ik praat niet tegen mezelf, ik ben namelijk niet gek. Ik hydrateer mezelf gewoon. Over hydrateren gesproken, misschien moet ik koffiezetten. Ik lust het liefst koffie met melk, maar dat zal er vandaag niet in zitten. Ik trek de kast open, zie koffie – hoera, die heb ik nog. Oh, en suiker ook. Ik moet dringend boodschappen doen, bedenk ik terwijl ik naar het pak koffie tuur. De koffie is over datum. Hm. Van koffie die over datum is, zal je wel niet doodgaan, toch? Ik neem een filter en gooi er op goed geluk een kwak koffiepoeder in. Laat ik vandaag als actieplan maar nemen dat ik boodschappen moet gaan doen. Als ik mezelf zo bezig zie, lijkt het wel of ik zo’n akelig kattenvrouwtje ben dat niemand kent en alleen maar kattenvoer in huis heeft. Ik wil niet zeggen dat ik een heel intens, boeiend leven heb, maar een kattenvrouwtje ben ik niet. Ik heb niet eens één kat. Een week geleden is het me duidelijk geworden dat ik geen leven heb. Toen kreeg ik mijn ontslag. Of ja, eigenlijk hebben

10

30 is een schoon getal 1-192.indd 10

25-04-16 08:52


ze me gewoon geen vast contract gegeven. Ik had een proefcontract, en dat werd niet omgezet in een vast contract. ‘We hebben slecht nieuws voor je’, zei mijn baas. Ik keek hem niet eens aan. Ik wist wat er zou komen. Ik moet eerlijk zijn: ik deed ook niet echt mijn best. ‘We kunnen je geen vast contract aanbieden’, ging hij verder. ‘Je hebt niet de juiste motivatie, vrees ik, om bij onze familie te horen.’ Ja, zo zei hij het. ‘Bij onze familie’. Ik beet op mijn lip om niet te lachen. The Office, dat was het. Niet dat ik ooit een af­ levering van The Office heb gezien, maar naar wat ik ervan hoor, is het wel zo’n sfeertje. Een familie, haha. Laten we stellen dat ik niet echt een familiemens ben. Niet in het echte leven en zeker niet in het bedrijfsleven. Ik had willen roepen dat ik ammenooitniet deel zou willen uitmaken van die rot­ familie, maar dan vooral omdat ik ammenooitniet een mooi woord vind. Ik heb niet geroepen. Ik heb gewoon mijn spullen gepakt en ik ben vertrokken. Alleen toen écht niemand me een hand kwam geven en zeggen dat ze me zouden missen, voelde ik me even rot. Maar ’s avonds at ik pizza – met extra dikke bodem – en toen ging het beter. Bon, de eerste dag van de rest van mijn leven. Misschien moet ik daar toch iets mee doen. Ik kan best werk vinden, als ik dat wil. Het probleem is dat alleen al de namen van die vacatures zo moeilijk zijn dat ik er moe van word. Daar zou weleens iets aan mogen worden gedaan, vind ik. Ik bedoel, hoezeer kan je mensen ontmoedigen om te gaan solliciteren als je niet eens een normale omschrijving van het werk kan geven? Technical Service Specialist MDF.

11

30 is een schoon getal 1-192.indd 11

25-04-16 08:52


Ana­log Design Engineer. Business Development Manager. Wat betekent dat allemaal in godsnaam? Het spijt me, maar met zulke belachelijke titels zit solliciteren er niet in. Bovendien is solliciteren ook gewoon weinig ambitieus. Misschien is het tijd voor een drastischer stap in mijn leven. Een actieplan, dat heb ik nodig! Da’s van die stimulerende shit die life­ coaches dan scanderen. ‘Visualiseer je successen’ en zo. Dat is iets wat ik wel zou kunnen, nietszeggende zinnetjes be­ denken waar mensen dan opeens succesvol door worden. Ja, misschien moet ik lifecoach worden… Nee, laat ik dat maar niet doen. Maar ik ga wel een lijstje maken. Ik moet eerlijk zeggen dat ik een beetje tintel van opwinding terwijl ik mijn appartement koortsachtig doorzoek naar papier. Niet dat dat zo’n opgave is, ik heb twee kasten, that’s it. Maar toch, opwinding! Ik ga aan de keukentafel zitten, neem een potlood dat er al weken ligt, herinner me dat het geen punt heeft, probeer te bedenken waar ik een slijper zou hebben, geef het op en zoek een balpen. Eindelijk kan ik mijn lijstje maken. De successen van Charlie in zes stappen: 1. Ik ga afvallen. 2. Ik ga werk vinden. 3. Ik ga een ander appartement zoeken. 4. Ik ga promotie maken op mijn nieuwe werk. 5. Oké, ik raak niet tot zes. Zelfs niet tot vijf. Wat maakt het uit. Als ik die vier dingen al voor elkaar krijg, doe ik een vreugde­ dansje.

12

30 is een schoon getal 1-192.indd 12

25-04-16 08:52


Ik wil er meteen aan beginnen! Maar eerst douchen. Want douchen is het begin van alles. Ik mag dan wel een mislukkeling zijn, ik stink niet. Da’s een van mijn principes. Ik kom er niet ver mee, maar daar gaat het even niet om. Voor ik de douche inga, verdien ik een beloning, vind ik zelf en ik ga terug naar de keuken voor mijn koffie. Eigenlijk hoort hier chocolade bij. Als je zo’n lijst kan opstellen, verdien je chocolade. Chocolade is een surrogaat voor liefde, zeggen ze. Klopt niks van, volgens mij. Oh, nummer vijf! Ik heb een nummer vijf! 5. Ik ga verliefd worden op de coolste man op aarde, die dan ook verliefd wordt op mij. Kijk, vijf vind ik een goed cijfer. In vijf stappen naar het ­succes, dat kan niet misgaan. Ik kijk uit het raam en zie een man passeren. Misschien is hij mijn grote liefde wel. Ik zou achter hem aan moeten gaan. Want je succes, dat maak je zelf. Ja, da’s ook weer zo’n goeroe-­ uitspraak. Je gelooft amper dat ze er zelf in trappen, maar toch is het zo. Anyway, ik zou dus achter die man aan moeten. Als ik hem zo bekijk, zouden we wel bij elkaar kunnen passen. Of nee, niet echt bij elkaar passen, dat is een tikkeltje over­ moedig van mezelf. Maar hij zou wel mijn type kunnen zijn. Hij is groot, heeft brede schouders, krullen. Beetje grote neus wel. Zijn handen zie ik niet, die zitten in zijn jaszakken. Terwijl handen heel belangrijk zijn. Zeg maar allesbepalend. Of toch wel veel bepalend – ik moet stoppen met dat zwart-wit-

13

30 is een schoon getal 1-192.indd 13

25-04-16 08:52


denken van mij. Misschien kan ik boeken gaan schrijven over ­handen. Word ik zo’n bestsellerauteur en geef ik lezingen door het hele land. In het hele land. Ja, aan mijn grammaticale kennis zal ik nog wel moeten werken als ik bestsellerauteur wil worden. Maar toch. Handen en zo. Volgens mij zit daar een boek in. Een boek over handen. Ik zou kunnen uitzoeken wat voor handen Hitler had bijvoorbeeld. Misschien ontdek ik wel iets wereldschokkends. Blijkt opeens dat wereldleiders allemaal rare handen hebben of zo. En seriemoordenaars. Dan zou ik misschien zelfs internationaal lezingen moeten gaan geven. Gelukkig dat ik geen kat heb, wat zou ik met het beest ­moeten doen tijdens al die buitenlandse lezingen? Het is zo dat de ‘familie’ waar ik werkte een uitgeverij was. Ik had er gesolliciteerd in de hoop dat ik ontdekt zou worden als bestsellerauteur. Ik zag het helemaal voor me toen ik mijn cv opstuurde: ik zou er beginnen als administratief bediende (Wat doet een administratief bediende eigenlijk? Ik heb het negen maanden gedaan en ik weet het nog altijd niet. Dát bedoel ik dus, wees toch eens een beetje duidelijk, werknamen­ bedenkers.), maar ik zou er ontdekt worden als topschrijfster. Ze zouden me een monstercontract aanbieden. Zo’n beetje zoals die ene alleenstaande moeder die ging schrijven over dat kleine mannetje dat kon toveren. Potter, ja, die. Rowling heet ze. Zo zou ik worden. Nu ja, ik heb geen kinderen en ik zou geen avonturenboeken schrijven, maar toch. Maar ik moet realistisch zijn, in België word je niet ontdekt. Dat gebeurt alleen in Engeland. En mijn Engels is niet goed g­ enoeg

14

30 is een schoon getal 1-192.indd 14

25-04-16 08:52


om een boek te schrijven. Verder dan fuck, shit en fish & chips kom ik eigenlijk niet. Oké, een boek over handen wordt het dus niet. Maar dat geeft niet. Ik zit niet te wachten op een boek. Ik moet gewoon het boek ‘uitvinden’. Ik bedoel: ooit bestonden er toch geen boeken? En toen kwam iemand op het idee om dat te gaan doen, blaadjes aan elkaar plakken en er een kaft omheen doen. Dát moet ik doen. Daar gaat het eigenlijk om, hè. Je moet gewoon iets vinden waar niemand anders eerder opkwam. Het is toch te zot voor woorden als je erover nadenkt? Al die ideeën waar iemand ooit opkwam? Warm water en zo? En draadloze telefoons? Waarom kan ik niet gewoon een subliem idee krijgen en daar beroemd mee worden? Da’s eigenlijk het enige dat ik nodig heb. Ik ga aan tafel zitten en neem een blad papier. Ik ga freewheelen met mezelf. Een minibrainstormpje zeg maar. Pick my brains. Ongelofelijk hoe weinig ideeën een mens heeft als hij onder druk staat. Ik zou beter wat aan pick my nose doen als je het mij vraagt, daar is meer te vinden dan in mijn hersenen. Ik sta op – de benen strekken is belangrijk tijdens intense d ­ enkoefeningen – en zet de drie stappen naar de andere kant van de woonkamer. En weer terug. Terwijl ik mijn hoofd leeg probeer te maken zodat er allemaal schitterende ideeën uit kunnen borrelen, ga ik op zoek naar een tweede stuk chocolade en neem nog wat koffie. Bweik, lauwe koffie. Ik vind lauwe koffie echt niet lekker, dat weet ik. Misschien kan ik koffie uitvinden die zichzelf warm houdt. En misschien kan ik stoppen met uitvinder op het niveau van een driejarige ­spelen? Koffie

15

30 is een schoon getal 1-192.indd 15

25-04-16 08:52


die zichzelf warm houdt, tss. Dat noemen ze een thermos, Charlie. Ik schuif het blad weg en neem nog een stukje chocolade. Dat heb ik altijd in huis. Mijn koelkast mag dan wel leeg zijn, chocolade heb ik altijd. En altijd genoeg. En nooit over datum. Ik zou het persoonlijk doodzonde vinden om chocolade te lang te laten liggen. Verdomme, chocolade, dát had ik willen uitvinden. Niks zo lekker als chocolade. Toch ongelofelijk geniaal dat iemand ooit een cacaoboon heeft gepakt en toen zei: ‘Ik maak hier chocolade van.’ En dat die dan… euhm, nu ja, iets deed en er werkelijk chocolade van maakte. Ik word een beetje moedeloos. Als ik zelfs niet weet hoe chocolade wordt gemaakt, hoe ga ik dan zelf ooit zoiets geniaals bedenken? Als ik nu internet had, zou ik opzoeken hoe chocolade wordt gemaakt. Dan zou ik heel veel dingen opzoeken en heel slim en belezen worden en dan dingen gaan uitvinden. Maar ik heb geen internet, mijn abonnement is afgesloten. Niet betaald. Flauw, ik weet het. Maar sinds mijn ontslag heb ik toch geen laptop meer, die was van het werk. Stom begin van een succesverhaal eigenlijk. ‘Ze zou een top­ uitvindster worden, ware het niet dat ze haar i­ nternetrekening niet had betaald en dus eigenlijk helemaal niks kon uitvinden.’ Anderzijds, misschien is het net goed dat ik geen internet heb. Zo laat ik me niet beïnvloeden door alle informatie die ik op het net zou vinden. Zo laat ik me er ook niet door ontmoedigen. Want laten we eerlijk zijn, waarschijnlijk stop ik met denken over een geniale uitvinding als ik lees hoe hard uitvinders daarvoor moeten werken.

16

30 is een schoon getal 1-192.indd 16

25-04-16 08:52


Da’s eigenlijk ook zo met een boek. Ik zou wel een boek willen schrijven, maar als ik dan lees dat schrijvers daar opzoekwerk voor doen en zich maanden inwerken in de materie, dan hoeft het voor mij eigenlijk al niet meer. Zo’n boek over handen bijvoorbeeld. Da’s allemaal goed en wel, en volgens mij heeft het bestsellerpotentie. Maar hoe ­begin je daaraan? Hoe kom ik in godsnaam te weten wat voor handen Hitler had? En J.F. Kennedy? Verdomme, eigenlijk heb ik wél internet nodig. Want dan kon ik dat opzoeken. Ofwel moet ik het doen zoals de schrijvers van den ouden stempel: in bibliotheken. Zou op zich niet slecht zijn. Aangezien ik binnenkort geen appartement meer heb, zou dat wel een plek kunnen zijn om me te warmen overdag. Dan doe ik daar het nodige opzoekwerk én heb ik een verhaal wanneer mijn boek uitkomt. Ah ja, dat heb je nodig. Zoals die Harry Potter-vrouw. Als dat geen alleenstaande moeder was geweest, had haar boek nooit zo geboomd, daar ben ik zeker van. Ik loop naar het raam en duw mijn voorhoofd ertegen. Het koele glas doet deugd tegen mijn gepijnigde hersenen. Ik adem uit door mijn neus, zie het dampwolkje dat zich vormt. Ik staar door het wolkje naar buiten, de wereld mistig voor me. Intussen is de man die voorbijliep en misschien wel de man van mijn leven kan zijn natuurlijk al lang weg. Dat krijg je met dat kutgemijmer, da’s nergens goed voor. Ik ga maar douchen. Niemand om het te ruiken, maar ik stink niet. Behalve misschien uit mijn mond. Ik weet niet wat het is, maar tanden poetsen, ik doe dat niet graag. En dus

17

30 is een schoon getal 1-192.indd 17

25-04-16 08:52


sla ik het vaak over. Een beetje te vaak misschien. Maar aangezien er niemand is die dicht genoeg in de buurt van mijn mond komt om dat te ruiken, is dat irrelevant. Zie je, ik zou schrijver kunnen zijn. Ik gebruik woorden als irrelevant. En kutgemijmer. Da’s dichterlijke vrijheid. Ik heb het allemaal, het moet alleen nog ontdekt worden, da’s alles. Ik heb een ongelofelijk verlicht moment. Ik ben bijna dertig. Om heel precies te zijn: over achtennegentig dagen ben ik dertig. Ik geef mezelf achtennegentig dagen de tijd om ontdekt te worden. Of beroemd, dat mag ook. Of om op z’n minst mijn lijstje af te werken. Vijf dingen, achtennegentig dagen. Da’s tijd zat. En eigenlijk kan ik mijn lijstje al aanpassen. Want werk zoeken en promotie maken, da’s binnenkort, als ik ontdekt ben, niet eens meer nodig. Anderzijds: vijf was een goed getal. Ik hou het lijstje. En nog beter: ik geef mezelf honderd dagen. Als je rondkijkt in de chaos van mijn appartement, zou je het niet zeggen, maar ik heb eigenlijk iets heel autistisch. Zoals van die cijfers, die vijf en die honderd en zo. Vind ik cool. Ik zou een goede autist zijn als ik niet zo chaotisch was. Zoals altijd: nét niet. Een wannabe-autist. Een woutist. Misschien is een boek met allerlei grappige woorden erin mét een verklaring wel een gat in de markt. Zo’n boek dat iedereen dan heeft en op zijn salontafel heeft liggen voor als er een feestje is, om dan zo’n grappig woord in een gesprek te kunnen gooien. ‘Oh, ben jij ook een woutist?’ ‘Haha, ik zou wel willen.’ Misschien ook niet. Ik heb weer een verlicht moment. Het is een verlichte dag aan het worden.

18

30 is een schoon getal 1-192.indd 18

25-04-16 08:52


Omdat een mens consequent moet zijn, spreek ik het volgende met mezelf af. Als ik over honderd dagen geen succes­ verhaal ben geworden, stap ik eruit. Zo. Ik heb het gezegd. Ik zet mijn daad wat kracht bij. Zelfmoord en zo, je moet daar niet bang voor zijn. Het is een keuze. Een keuze als een andere. En ik beslis nu, op dag één van mijn honderd dagen, dat ik eruit stap als ik over honderd dagen niet geslaagd ben. Ha, de laatste honderd dagen, als het ware. Ja, dat heeft wel iets, daar kan ik wel mee leven.

19

30 is een schoon getal 1-192.indd 19

25-04-16 08:52


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789401435598 by Uitgeverij Lannoo - Issuu