BART RAYMAEKERS
Ethiek de basis
Ethiek. De basis.indd 3
10/02/16 14:25
Vierde, herziene editie: februari 2016 Derde druk: september 2015 Tweede druk: september 2014 Eerste druk: februari 2013
D/2016/45/187 – ISBN 978 94 014 2639 8 – NUR 737 Vormgeving omslag: Keppie & Keppie Vormgeving binnenwerk: theSWitch © Bart Raymaekers & Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, 2016. Uitgeverij LannooCampus maakt deel uit van Lannoo Uitgeverij, de boeken- en multimediadivisie van Uitgeverij Lannoo nv. Alle rechten voorbehouden. Niets van deze uitgave mag verveelvoudigd worden en/of openbaar gemaakt, door middel van druk, fotokopie, microfilm, of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Uitgeverij LannooCampus Erasme Ruelensvest 179 bus 101 3001 Leuven België www.lannoocampus.be
Ethiek. De basis.indd 4
10/02/16 14:25
inhoud
voorwoord 9 Hoofdstuk 1. Een inleiding 1. Een eerste oriëntatie 2. Traditie, mythe en ethiek 2.1 De natuurlijke of onmiddellijke zedelijkheid 2.2 Natuur en conventie 2.3 Het ontstaan van de ethiek – De figuur van Socrates
Hoofdstuk 2. Problemen voor een normatieve ethiek 1. Legitimeringscrisis 1.1 De paradox voor een actuele ethiek 1.2 De disjunctie feit-waarde 2. Schets van onze leefwereld als (laat)modern 2.1 Oorsprong 2.2 Reacties 3. Technocratie 4. Ethisch relativisme 4.1 De relativistische positie 4.2 De houdbaarheid van het ethisch relativisme 5. Van overtuiging naar identiteit … in het spoor van Gauchet 5.1 Consolidatie van de welvaartsstaat 5.2 Overtuigingen worden identiteiten
Hoofdstuk 3. Geluk als grondnorm 1. 2.
Ethiek. De basis.indd 5
Aristoteles: de ethiek van het goede leven 1.1 Het statuut en de methode van de ethiek 1.2 Aristoteles’ ‘eudaimonistische’ ethiek 1.3 Aristoteles’ deugdenleer 1.4 Enkele slotbeschouwingen Het epicurisme: het genot als hoogste goed 2.1 Een nieuw type van filosofie
13 13 17 17 18 19
23 23 23 25 28 28 30 31 32 32 34 37 37 39
45 46 46 48 50 52 54 55
10/02/16 14:25
2.2 Wat is genot? 2.3 De taak van de filosoof 2.4 De reikwijdte van het epicurisme
Hoofdstuk 4. De menselijke persoon als grondslag 1. De ethiek van Kant: zedenwet en autonomie 1.1 De praktische rede en het morele factum 1.2 Een analyse van het zedelijk bewustzijn 1.3 De ‘Grund’ van het zedelijk bewustzijn is de vrijheid 1.4 Kants leer over het ‘hoogste goed’ 1.5 Slotbeschouwingen 2. Levinas: de ethiek onder de wet van de Ander 2.1 De kritiek op de westerse filosofie 2.2 Absurditeit en zelfbevestiging 2.3 Het gelaat van de Ander
Hoofdstuk 5. De ‘diskurs-ethik’ van Habermas 1. Een nieuw rationaliteitsmodel 2. Een discussie-ethiek 3. Een kritische diagnose van de moderne samenleving
Hoofdstuk 6. Mensenrechten als ethiek 1. Het belang van mensenrechten 2. Mensenrechten zijn modern 2.1 De middeleeuwen 2.2 Burgerrechtenverklaringen 2.3 Mensenrechtenverklaringen 2.4 Mensenrechtenverdragen 3. Mensenrechten onder kritiek 3.1 Kritiek van indifferentisme 3.2 Kritiek van overbodigheid 3.3 Kritiek van individualisme 4. Het succes verklaard 5. Beperkingen?
Hoofdstuk 7. Consequentialisme: het effect als norm 1. Cultuurhistorische situering 2. De utilitaristische ethiek – De economie van de behoeften 2.1 Het utilitarisme als ethiek 2.2 De basisprincipes
Ethiek. De basis.indd 6
56 57 59
63 63 64 67 76 78 80 82 82 82 83
87 87 92 96
101 101 102 102 103 103 104 105 105 106 106 108 110
113 113 115 115 116
10/02/16 14:25
3. Evaluerende beschouwingen 3.1 Succes van de utilitaristische ethiek 3.2 Vragen aan het utilitarisme 4. Een hedendaagse variant – de speltheorie 5. Act- en regelutilitarisme 6. Libertarische opvatting
117 117 117 120 122 123
Hoofdstuk 8. Ethiek en samenleving
125
1. Rechtvaardigheid 2. Rawls en de legitimering van de sociale rechtsstaat 2.1 De deductie van de principes van sociale rechtvaardigheid 2.2 Kritische kanttekeningen vanuit ‘communitaristisch’ perspectief 3. Nussbaum en de blinde vlek van Rawls’ model 3.1 De kritiek op het sociaalcontractmodel 3.2 Drie onopgeloste problemen
Kleine bibliografische gids
Ethiek. De basis.indd 7
125 128 129 132 134 134 135
137
10/02/16 14:25
Ethiek. De basis.indd 8
10/02/16 14:25
Voorwoord
Een inleiding tot de moraalfilosofie of ethiek kan vele vormen aannemen. Een inzicht bieden in wat ethiek is, kan gebeuren door terug te verwijzen naar de geschiedenis van de filosofie en door een overzicht aan te reiken van wat grote denkers tot uitdrukking hebben gebracht. Het is ongetwijfeld een teken van wijsheid te beseffen dat we vandaag niet alles opnieuw hebben uit te vinden. Een dergelijk overzicht loopt echter het risico te verglijden in een doxografie: een opsomming van namen en theorieÍn. Om dit euvel te vermijden, zou men kunnen opteren voor een thematische inleiding waarin de centrale thema’s van de ethiek worden voorgesteld. Gezien het intrinsiek historisch karakter van de filosofie zal een dergelijke inleiding onvermijdelijk de historische gestalten in haar analyse moeten betrekken. Daarom heb ik er in deze inleiding voor gekozen om vanuit een schets van de ethische problematiek zoals die zich vandaag aandient, een aantal grondtypes van ethisch denken te belichten. De tekst die hier voorligt wil in de eigenlijke betekenis van het woord een handleiding zijn, dat wil zeggen dat ik de grote lijnen van de gedachtegang weergeef en de structuur en de centrale thema’s belicht. Deze handleiding kan dan ook maar betekenis krijgen in samenhang met de mondelinge uiteenzetting tijdens de colleges. Door voorbeelden en toelichtingen, door accenten en klemtonen die mondeling worden aangebracht, dient het geraamte van de geschreven tekst inhoud en vervollediging te krijgen. De huidige tekst is gebaseerd op het boek Ethiek, recht en samenleving (LannooCampus, 2013). Met deze cursus streef ik minstens een tweevoudige doelstelling na: in de eerste plaats is het de bedoeling de studenten te laten kennismaken met een aantal kernmomenten uit de ethische traditie en de ethische vraagstelling. Precies aan de hand daarvan is een verdere (en hogere) doelstelling de studenten te leren zien hoe alle problemen van onze hedendaagse samenleving (politiek, juridisch, sociaaleconomisch) een ethische dimensie bevatten. Deze dimensie te onderkennen en ze naar waarde en betekenis te schatten, dient de uiteindelijke bedoeling te zijn van deze cursus.
Ethiek. De basis.indd 9
10/02/16 14:25
10
ethiek. de basis
De redactie van deze tekst kan niet anders dan een voorlopige etappe zijn; opmerkingen en suggesties voor de toekomst zijn dus welkom. In de tekst klinken de stemmen en de inspiratie door van mijn voorgangers Urbain Dhondt, Frans De Wachter en André Van de Putte en van collega’s Toon Braeckman en Rudi Visker. Maar ook in de voortdurende dialoog met de toehoorders groeit geleidelijk de gestalte van een cursus. Naar het mooie woord van Augustinus: ‘audiendo adiuvant’ (helpen door te luisteren).
Ethiek. De basis.indd 10
10/02/16 14:25
Ethiek. De basis.indd 11
10/02/16 14:25
HOOFDSTUK 1 EEN INLEIDING 1. Een eerste oriëntatie
2. Traditie, mythe en ethiek
HOOFDSTUK 2 PROBLEMEN VOOR EEN NORMATIEVE ETHIEK
HOOFDSTUK 3 GELUK ALS GRONDNORM
HOOFDSTUK 4 DE MENSELIJKE PERSOON ALS GRONDSLAG
HOOFDSTUK 5 DE ‘DISKURS-ETHIK’ VAN HABERMAS
HOOFDSTUK 6 MENSENRECHTEN ALS ETHIEK
HOOFDSTUK 7 CONSEQUENTIALISME: HET EFFECT ALS NORM
HOOFDSTUK 8 ETHIEK EN SAMENLEVING
Ethiek. De basis.indd 12
10/02/16 14:25
Hoofdstuk 1
Een inleiding
1. EEN EERSTE ORIËNTATIE
Om over ‘het goede voor individu en gemeenschap’ te spreken, gebruikt men meestal substantieven en adjectieven die teruggaan op een drietal wortels. ‘Zeden’, ‘zedelijk’ en ‘zedelijkheid’ hebben Germaanse wortels; ‘moraal’, ‘moreel’ en ‘moraliteit’ Latijnse; ‘ethos’, ‘ethisch’ en ‘ethiek’ ten slotte zijn van Griekse oorsprong. De adjectieven (‘zedelijk’, ‘moreel’ en ‘ethisch’) zijn min of meer synoniem en worden in de praktijk meestal door elkaar gebruikt. De substantieven daarentegen zijn niet synoniem en verwijzen naar verschillende niveaus van reflectie. De verschillende betekenissen houden alle verband met drie verwante Griekse woorden: (a) ethos: woon- of verblijfplaats van dieren of mensen, onder meer stal, weide; (b) èthos: gewoonte, zede, aard, wezen, karakter, gewone handel- en/ of denkwijze; (c) ethnos: groep levende wezens, een kudde dieren of een groep mensen, en daarvan afgeleid: volk, natie. Deze drie woorden zijn verwant omdat er een verband bestaat tussen een sociale groep, haar verblijfplaats en haar levensgewoonten. Dat verband vinden we overigens in de meeste talen terug (bijvoorbeeld ‘gewoonte’ – ‘wonen’, ‘habitude’ – ‘habiter’, ‘moeurs’ – ‘demeurer’). Het onderscheid tussen de substantieven kan daarom als volgt verder verduidelijkt worden. ‘Zeden’, ‘moraal’ en ‘ethos’ hebben een neutrale, beschrijvende betekenis: de heersende zeden en gebruiken (bijvoorbeeld: ‘de losse zeden/ moraal aan het Franse hof’, ‘het ethos van de wielrenners’). ‘Zedelijkheid’ en ‘moraliteit’ hebben een normatieve, evaluatieve betekenis: ze verwijzen naar zedelijke normen of idealen die in het handelen al dan niet bereikt worden. ‘Zedelijkheid’ of ‘moraliteit’ worden door Van Dale omschreven als ‘de mate of het feit van al of niet zedelijk te zijn’ (bijvoorbeeld: ‘de moraliteit van de
Ethiek. De basis.indd 13
10/02/16 14:25
14
ethiek. de basis
massamedia is tot een bedenkelijk peil gezakt’). ‘Ethiek’ ten slotte zullen we hier in een technische betekenis gebruiken: die van een systematisch-kritische reflectie over moraal en moraliteit. Van Dale definieert ‘ethiek’ (of zedenleer) als ‘praktische wijsbegeerte die handelt over zedelijke begrippen en gedragingen, over wat goed en kwaad is’. Praktische wijsbegeerte staat tegenover theoretische wijsbegeerte. Theoretische wijsbegeerte is weten om het weten: ze wil onze kennis vermeerderen zonder zich om de directe bruikbaarheid of toepassing ervan te bekommeren. Theoretische wijsbegeerte heeft de ‘werkelijkheid zoals ze is’ (Sein – Is) als voorwerp; de werkelijkheid onder het aspect van het ‘ware’, van wat het geval is. Praktische wijsbegeerte daarentegen is een weten omwille van het handelen: ze wil onze praxis, onze omgang met de werkelijkheid en/of die werkelijkheid zelf verbeteren. Praktische wijsbegeerte heeft daarom de ‘werkelijkheid zoals ze zou moeten zijn’ (Sollen – Ought) als voorwerp; de werkelijkheid onder het aspect van het ‘goede’, van wat nog niet is maar behoort te zijn. In de ethiek als praktische wijsbegeerte wordt verder een onderscheid gemaakt tussen descriptieve, normatieve en meta-ethiek. Descriptieve ethiek brengt het morele veld in kaart, zowel vanuit historisch (diachronisch) als vanuit hedendaags (synchronisch) oogpunt. Een dergelijke wetenschappelijke beschrijving van een gegeven (historische of actuele) moraal zoekt wel naar een verklaring van deze moraal door haar te verbinden met of te herleiden tot andere feiten (sociologie, culturele antropologie, psychologie, mentaliteitsgeschiedenis, criminologie enzovoort). Maar in principe evalueert een dergelijke descriptieve ethiek, ook ‘moraalwetenschap’ genoemd, de beschreven morele systemen niet. Normatieve ethiek daarentegen is een filosofische reflectie op het morele die op zoek gaat naar de legitimering van de morele normen. Hier wordt een antwoord gezocht op de waarom-vraag (Waarom mag je niet liegen? Waarom hebben alle mensen gelijke rechten?). Deze discipline, ook moraalfilosofie genoemd, wil een redelijke verantwoording geven van de normen en de fundamenten van een bepaalde moraal – waarbij ‘redelijk’ breder moet worden opgevat dan het strikt wetenschappelijk-rationele. Meta-ethiek, ten slotte, wil als dusdanig geen morele normen funderen of legitimeren, maar analyseert de taal van de normatieve ethiek in haar semantische (bijvoorbeeld: wat is de betekenis van begrippen als ‘goed’, ‘deugd’, ‘moeten’?) en logische (bijvoorbeeld problemen rond de verificatie van een ethische uitspraak) aspecten. Meta-ethiek is een `tweedeordemoraalfilosofie’: een taal over een (ethische) taal. Normatieve ethiek wordt verder opgedeeld in algemene en bijzondere ethiek. Algemene ethiek bestudeert normatieve en meta-ethische problemen in hun algemeenheid, zonder ze toe
Ethiek. De basis.indd 14
10/02/16 14:25
een inleiding
15
te spitsen op concrete situaties. Er wordt gezocht naar algemene principes en fundamentele grondslagen voor ‘het’ menselijk handelen in het algemeen. Bijzondere ethiek tracht algemene principes in verband te brengen met bijzondere situaties. Soms wordt dit ook wel ‘toegepaste ethiek’ (Applied Ethics) genoemd, maar deze ietwat ongelukkig gekozen term suggereert te veel dat het om een louter casuïstische toepassing van een algemene regel op een concreet geval zou gaan. In werkelijkheid liggen de zaken veel ingewikkelder. Dat blijkt uit de concrete problemen in bijvoorbeeld de medische, economische, ecologische, seksuele, fiscale en wetenschapsethiek. Algemene ethiek valt uiteen in individuele en sociale ethiek. Het menselijk handelen, zijn legitimerende normen en zijn funderende beginselen kunnen namelijk kritisch onderzocht worden voor zover het om de mens als individu, om zijn individueel geluk en goede leven gaat. Dit is individuele ethiek (ethiek van de lichamelijkheid, seksuele ethiek, morele verantwoordelijkheid, individueel geweten, individuele vrijheid, individueel geluk), ook wel ‘micro-ethiek’ genoemd. Het menselijk handelen kan echter ook onderzocht worden voor zover het om de mens als een gemeenschapswezen gaat, de mens zoals hij leeft in een wereld van dingen, andere mensen, grotere groepsverbanden. Dit is sociale ethiek, die dikwijls in politieke filosofie uitmondt (ethiek van de liefde, van de arbeid, van de vriendschap, tegenover de natuur, tegenover de toekomstige generaties, tegenover de derde wereld, tegenover de verschillende staatsvormen). Deze sociale ethiek wordt soms ook ‘macro-ethiek’ genoemd. We kunnen ethische theorieën catalogiseren en benoemen op basis van de aandacht die ze schenken aan het handelend subject, of op basis van de invulling van het object van de handeling. Wat het handelend subject en zijn intenties betreft, wordt een onderscheid gemaakt tussen intentie- of gezindheidsethiek enerzijds en consequentialisme anderzijds. Sommige ethische theorieën gaan ervan uit dat bij de beoordeling van het ethisch gehalte van een daad of een persoon alleen de intenties van die persoon in aanmerking genomen mogen worden en dat de daden zelf en de gevolgen hiervan – hoe moreel verwerpelijk ook – hierbij geen enkele rol spelen. Dit wordt intentie- of gezindheidsethiek genoemd. Andere ethische theorieën gaan ervan uit dat bij de beoordeling van het ethisch gehalte van een daad of een persoon alleen de gevolgen van de daden van die persoon in aanmerking genomen mogen worden en dat de intenties van de persoon – hoe moreel verwerpelijk ook – hierbij geen enkele rol spelen. Dit noemen we consequentialisme: enkel de consequenties tellen immers. De meeste ethische systemen nemen
Ethiek. De basis.indd 15
10/02/16 14:25
16
ethiek. de basis
echter een tussenpositie tussen deze twee extremen in en houden bij de ethische beoordeling van een daad of een persoon rekening met beide (intenties en gevolgen), zij het in verschillende mate. Wat de invulling van het object van de handeling betreft, zijn alle ethische theorieën het erover eens dat het object van een ethische handeling ‘het goede’ is. In de verdere omschrijving van dit ‘goede’ kunnen ze echter grondig van elkaar verschillen. Onder ‘het goede’ kunnen namelijk verschillende zaken worden verstaan: ofwel datgene wat ‘goed-voor-ons’ is, ofwel datgene wat niet zozeer ‘goed-voor-ons’ dan wel ‘goed-op-zich’ is. Datgene wat ‘goed-voor-ons’ is, kan verder worden opgesplitst in datgene wat wij subjectief als ‘goed-voor-ons’ ervaren (bijvoorbeeld het genot) en datgene wat objectief ‘goed-voor-ons’ is, met andere woorden voor ons organisme, ook als we het niet onmiddellijk als goed ervaren (bijvoorbeeld deugd, maat houden). ‘Goed-op-zich’ daarentegen is datgene wat een soort objectieve standaard van goedheid instelt die we moeten naleven, ook al voelen we er ons ongelukkig bij en al is er zelfs op lange termijn geen goedheid voor het organisme als geheel te bespeuren (bijvoorbeeld onze plichten tegenover het vaderland nakomen, de goddelijke wet naleven). ‘Het goede’ is dan niet zozeer inhoudelijk omschreven als een object (bijvoorbeeld het genot, het geluk), maar veeleer formeel bepaald als een algemene stelregel waaraan ons gedrag zich dient te conformeren. In overeenstemming met deze indeling worden de bestaande ethische systemen ondergebracht in twee soorten, die doorheen de geschiedenis in allerlei varianten voorkomen: teleologische of eudaimonistische (Gr. eudaimonia: geluk) en formele deontologische (Gr. ta deonta: de plicht).
Ethiek. De basis.indd 16
10/02/16 14:25
een inleiding
17
2. TRADITIE, MYTHE EN ETHIEK
2.1. De natuurlijke of onmiddellijke zedelijkheid Het eigen karakter van de ethiek is geen op zichzelf staand gegeven. De ethiek vertrekt vanuit een reflectie op het geldend ethos. Dit kunnen we op een excellente manier vaststellen bij het ontstaan van de ethiek in Griekenland in de vijfde eeuw voor Christus. De verwijzing naar het feitelijk ontstaan van de ethiek als discipline betekent evenwel niet dat het hier om een louter historisch verhaal zou gaan, wel om een ideaaltypische beschrijving. Onze samenleving wordt gekenmerkt door een permanente discussie over allerlei vraagstukken die verband houden met het ‘samen-leven’. Er heerst een besef van veranderlijkheid (bijvoorbeeld op het vlak van man-vrouwrelaties, uitholling van het begrip nationale soevereiniteit). In een aantal gevallen wordt verandering zelfs een waarde op zichzelf (bijvoorbeeld in de mode). Dit is echter niet noodzakelijk zo. Zogenaamd ‘primitieve’ samenlevingen worden precies gekenmerkt door vastheid en bestendigheid. In dergelijke samenlevingen zijn mensen als het ware vraag-loos geborgen in hun gemeenschap. Zedelijk leven betekent daar dat men leeft volgens de overgeleverde zeden (ethoi) en de geldende wetten (nomoi). (Sporen daarvan zijn ook aan te treffen in agrarische samenlevingen, zoals bij ons vijftig jaar geleden; denk aan de romans van Streuvels, Timmermans en Claes.) Dergelijke samenlevingen worden ook aangeduid als mythische samenlevingen. Hun wereld- en mensopvatting wordt uitgedrukt in mythen. ‘Mythe’ kan dan omschreven worden als: een verhaal van een collectief (volk, groep) dat poogt te ‘verklaren’ (kosmo-gonie, theo-gonie en anthropo-gonie, bijvoorbeeld de mythe van Prometheus). Mythen verklaren de orde in de natuur en de samenleving. Dankzij de mythe krijgt de wereld een gemeenschappelijke zin voor een hele groep; de mythe constitueert een groep (vergelijk de rol van de Guldensporenslag voor het zelfbeeld van de Vlamingen). De mythe geeft aan een groep een zelfinterpretatie; de mens is immers geen wezen dat probleemloos samenvalt met zichzelf. Mythen verklaren niet alleen door te verhalen en de zin van het bestaan uit te spreken. Tegelijk stichten zij ook normen, veelal verbonden met een rituele praxis (bijvoorbeeld de mythe van Demeter en Persephone). Ze regelen de
Ethiek. De basis.indd 17
10/02/16 14:25
18
ethiek. de basis
rollen, plichten en rechten die te maken hebben met iemands status in de maatschappij (vader, echtgenoot, jager, ouderling, koning, krijger). De mythe geeft dus een verklaring en rechtvaardiging aan de samenleving door een morele norm aan te brengen, door haar voor te stellen als een systeem dat terecht gefundeerd is omdat het wortelt in een stichtende oorsprong. Het ritueel heeft dan ook als functie het in het nu herhalen van een oergebeurtenis. De morele orde wordt in deze samenlevingen dan ook begrepen als de onmiddellijke uitdrukking van de natuurlijke orde. Voor de eigen groep verschijnen de eigen normen als natuurlijk, namelijk verbonden met de orde van de kosmos, en meestal ook religieus gefundeerd. Elke overtreding van de norm is dan ook een bedreiging van de orde zelf. Zo zijn in traditionele samenlevingen gemeenschap, zingeving, ethos en rituele vormgeving van het samenleven onlosmakelijk met elkaar verbonden en in elkaar verstrengeld. In onze moderne samenleving wordt de zinsvraag echter verwezen naar de privĂŠwereld. Het religieuze en filosofische pluralisme maakte een eind aan ĂŠĂŠn omvattend zingevingssysteem, zodat de vraag naar zingeving van het publieke forum verdween. In een traditionele samenleving kun je perfect gelukkig zijn, zonder vragen te stellen. De wereld wordt als vanzelfsprekend beschouwd. In deze wereld is de mens thuis, hij woont er als in zijn eigen huis, het is een leven in overeenstemming met de zin zelf van het bestaan. (Dit laatste kan natuurlijk maar gezegd worden door diegenen die zich bewust zijn van de diversiteit: wij weten namelijk dat het ook anders kan.)
2.2. Natuur en conventie Wanneer we begrepen hebben hoe mensen een collectief zingevingssysteem hebben, een gemeenschappelijk ethos, begrijpen we ook wat het betekent dat deze vanzelfsprekende natuurlijkheid wordt doorbroken. Concreet deed dit zich voor in de Griekse cultuur van de zesde en vijfde eeuw voor Christus. De natuurlijke evidentie van het ethos wordt op dat ogenblik problematisch. Dit heeft te maken met de ontwikkeling van de polis (grondige vernieuwing en rationalisering van de sociale relaties) en wordt nog versterkt door contacten met andere volkeren (handel), wat leidt tot de ontdekking van de grote diversiteit in zeden (cfr. Herodotos).
Ethiek. De basis.indd 18
10/02/16 14:25
een inleiding
19
Op dat ogenblik gaat de morele zekerheid verloren, men verliest houvast en gaat vragen stellen. Er ontstaan discussie en onenigheid binnen mens en gemeenschap. Het oorspronkelijke geluk is verdwenen, namelijk het geluk dat men niet als geluk kende omdat men het ongeluk niet kende (cfr. de kindertijd als gelukkige tijd). In plaats van het rituele spreken komt de logos (het argumenteren in het debat, verbonden met het ontstaan van de democratie in Athene). De geldende zeden en wetten verliezen hun kracht, ze worden uitdrukking van tijdelijke of toevallige machtsposities (bijvoorbeeld van de aristocratie), ze worden niet langer beschouwd als natuurlijk (phusis), maar als het resultaat van conventie. De eigen levenswijze wordt nu gezien als product van de mens zelf. Zo ontstaat een ethisch vacuüm, dat men zal pogen op te vullen.
2.3. Het ontstaan van de ethiek – De figuur van Socrates Een dergelijk ethisch vacuüm kan niet door religie of traditie worden opgevuld. Op dat ogenblik kan de mens gaan nadenken. De mens gaat op zoek naar een wijsheid (logos, ratio) die uit zichzelf richtlijnen voor een ‘gelukt’ leven kan formuleren. Hij kan proberen een moraal te gaan funderen op grond van de redelijkheid. Om aan het dreigend moreel relativisme of nihilisme te ontsnappen, wordt een verantwoordend filosofisch spreken mogelijk en noodzakelijk. Filosofische vragen ontstaan dus als de gemeenschappelijke interpretatie van het goede niet langer vanzelfsprekend is. De crisis die gepaard ging met het ethisch vacuüm, vormde de voedingsbodem voor het ontstaan van een wijsgerige ethiek in de eigenlijke zin van het woord. Ethiek wordt dan het wijsgerig zoeken naar een verantwoord ethos. De situatie in Griekenland in de zesde en vijfde eeuw voor Christus werd gekenmerkt door een groot dispuut over de gemeenschap. In de discussie ging het om de vraag of gewoonten en politieke instituties van nature bestonden dan wel door de mens waren gemaakt en dus conventioneel waren. Is een gemeenschap een natuurlijke realiteit of een artificiële? Noodzaak of contingentie? Maakbaarheid en veranderbaarheid van instellingen?
Ethiek. De basis.indd 19
10/02/16 14:25
20
ethiek. de basis
De sofisten traden hier op als verlichte geesten. Zij speelden perfect in op de ervaring dat wetten en gewoonten conventioneel zijn. Meer algemeen meenden zij dat alle oordelen en kennisuitspraken niets anders waren dan de opinies van individuen. Zij huldigden een sceptisch en relativistisch standpunt tegenover de traditionele zekerheid (cfr. Protagoras: ‘de mens is de maat van alle dingen’). Het samenleven werd gevormd door de opinies van individuen en groepen en niet langer op grond van universele en objectieve zekerheden. Dit impliceert dat het belangrijk wordt anderen te overtuigen en regels te doen aanvaarden, bijvoorbeeld in de volksvergadering. (Dit is een fundamenteel probleem voor elke democratie.) Om een dergelijke macht te verwerven. is het noodzakelijk te beschikken over: (1) kennis van mensen, hun motieven en hun zwakheden; (2) retoriek en de kunst van het overtuigende woord (gelijk hebben versus gelijk krijgen). Socrates (469-399 v.Chr.) wordt vrij algemeen beschouwd als de eerste ethicus, met een zeldzame symbiose tussen leer en leven. ‘Hij bracht de filosofie van de hemel naar de aarde.’ Zijn betekenis moet onder meer gezien worden tegen de achtergrond van de beweging die door de sofisten was begonnen. Voor Socrates is de kennis van de sofisten niet echt belangrijk. Socrates gaat expliciet op zoek naar ethische wijsheid, met andere woorden naar een ethisch inzicht dat te verantwoorden is via redelijke argumenten. Hij wil weten wat rechtvaardigheid is op zichzelf, hij zoekt een wetenschap van het rechtvaardige en het goede. De traditionele overtuigingen moeten vervangen worden door een ethische ‘wetenschap’ (epistèmè ethikè). Het antwoord op de morele vraag kan geen louter subjectief of willekeurig antwoord zijn. Het gaat om het ontdekken van een orde die het individu overstijgt: in een onderwerping aan de rede wordt een nieuwe orde ontdekt. Socrates zet een kritisch onderzoek op van de conventionele morele opvattingen. Via de methode van de dialoog (onder meer met de sofisten) en de ironie (schijnbaar niet-weten) haalt hij voortdurend zekerheden onderuit. Daarmee oogst hij vooral bij de jongeren succes, en tegenstand bij de gevestigde politieke opinie (zie zijn Apologie). De dialoog is een gesprek waarin de deelnemers bereid zijn hun positie te rechtvaardigen. Deze bereidheid om zichzelf te rechtvaardigen (het geven van redenen) is het zich onderwerpen aan de rede. In dit proces ontstaat een inzicht in wat het goede leven is. Meer precies: een goed leven is een leven dat gerechtvaardigd kan worden, dat consequentie met zichzelf inhoudt. Kenmerkend voor Socrates is dat de deugd gelegen is in inzicht, kennis, redelijkheid. Deze positie wordt aangeduid als ethisch intellectualisme (deugd is inzicht
Ethiek. De basis.indd 20
10/02/16 14:25
een inleiding
21
– of het leven van de filosoof als model). Wie het redelijke inzicht bereikt, zal er ook naar leven. Het is via dialoog (en niet via retoriek) dat waarheid en inzicht moeten worden gezocht. Redelijkheid is dan niet een middel tot iets anders, maar wordt een doel in zichzelf, de zin van het leven zelf. Redelijkheid als een mogelijkheid van de mens krijgt een morele betekenis. Een goed leven is een leven in overeenstemming met de rede. Kwaad is dat leven waarin de mens wordt beheerst door passies, begeerte en belangen, door geweld. Een dergelijk leven is onvrij, terwijl het goede leven juist de vrijheid incarneert. (Wanneer de traditie spreekt over de mens als redelijk wezen, is de vraag precies of de rede als doel verschijnt dan wel als middel in functie van iets anders.) De inzichten die Socrates op die manier bereikt, zijn niet zozeer nieuw omwille van hun inhoud. Socrates komt evenzeer op voor klassieke waarden en deugden – met andere woorden: het goede (agathon) en het schone (kalon) – en voor het respect voor de wet. Nieuw is zijn inzicht dat de traditie niet gevolgd moet worden omwille van de traditie, maar omwille van de waarde die erin aanwezig is en tot uitdrukking gebracht wordt. Dit inzicht biedt een zekerheid. In die zin neemt Socrates een tussenpositie in tussen het traditionele Griekse morele denken en de sofisten. Het gaat om een erkenning van de waarde van traditionele deugden, maar nu op grond van redelijke argumenten. Dit is een nieuw begin: de start van een filosofische ethiek die een gerechtvaardigd ethos formuleert.
Ethiek. De basis.indd 21
10/02/16 14:25
HOOFDSTUK 1 EEN INLEIDING
HOOFDSTUK 2 PROBLEMEN VOOR EEN NORMATIEVE ETHIEK 1. Legitimeringscrisis 2. Schets van onze leefwereld als (laat)modern 3. Technocratie 4. Ethisch relativisme
5. Van overtuiging naar identiteit
HOOFDSTUK 3 GELUK ALS GRONDNORM
HOOFDSTUK 4 DE MENSELIJKE PERSOON ALS GRONDSLAG
HOOFDSTUK 5 DE ‘DISKURS-ETHIK’ VAN HABERMAS
HOOFDSTUK 6 MENSENRECHTEN ALS ETHIEK
HOOFDSTUK 7 CONSEQUENTIALISME: HET EFFECT ALS NORM
HOOFDSTUK 8 ETHIEK EN SAMENLEVING
Ethiek. De basis.indd 22
10/02/16 14:25