kevin ch.indd 1
02-09-14 11:59
Voor Ann ( Kor , -)
Ke
Tekst: Bart Debbaut (www.bartdebbaut.be) Coverillustratie: Peter van Heirseele Coverontwerp: Studio Lannoo Beeld achterplat: Steven Massart Opmaak: Asterisk*, Amsterdam © Uitgeverij Lannoo nv, Tielt, /// - www.lannoo.com Registreer u op onze website en we sturen u regelmatig een nieuwsbrief met informatie over nieuwe boeken en met interessante, exclusieve aanbiedingen. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch of op enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
kevin ch.indd 2
02-09-14 11:59
Bart Debbaut
En toen Schiep God
Kevin
kevin ch.indd 3
02-09-14 11:59
Als de kritiek u het genoegen in uw werk beneemt, troost u dan daarmede, dat men zelfs over Gods meesterwerk, de wereld, niet altijd goede recensies leest. (Ludwig Fulda, Duits theateracteur, -)
kevin ch.indd 4
02-09-14 11:59
If God had a name, what would it be And would you call it to his face If you were faced with Him in all His glory What would you ask if you had just one question What if God was one of us Just a slob like one of us Just a stranger on the bus Trying to make His way home If God had a face, what would it look like And would you want to see If seeing meant that you would have to believe In things like Heaven and in Jesus and the Saints and all the prophets and‌ What if God was one of us Just a slob like one of us Just a stranger on the bus Trying to make His way home He’s trying to make His way home Back up to heaven all alone Nobody calling on the phone Except for the Pope maybe in Rome Joan Osborne, One of us
kevin ch.indd 5
02-09-14 11:59
kevin ch.indd 6
02-09-14 11:59
kevin ch.indd 7
02-09-14 11:59
kevin ch.indd 8
02-09-14 11:59
*
1
*
Lang had Hij getwijfeld. Heel lang zelfs. Alle opties overlopen. Voor- en nadelen afgewogen. Laten bezinken. De slaap niet kunnen vatten. En in andere gevallen druipnat van het zweet wakker geworden. Uiteindelijk had Hij een beslissing genomen. Het was tijd. Het was de hoogste tijd. ‘Zoon, ik heb een plan.’ Jezus, als steeds trouw zetelend aan de rechterhand, keek z’n Vader met een bedenkelijke blik aan. ‘Met name?’ ‘Ik stuur je terug naar de aarde.’ Triomfantelijke blik, de handen in de hoogte. ‘Wablieft?’ De toon waarop Jezus het zei, maakte duidelijk dat het niet om een vraag maar om verontwaardigde verwondering ging. ‘Ik wil je terugsturen. Als vredesgezant. Je moet opnieuw de mensen begeesteren, zoals je dat zo goed kon. Mensen moeten weer doordrongen worden van jou.’ ‘Van mij alleen?’ ‘Jezus, je weet wel wat ik bedoel. Mensen vergeten me. En jou ook. Ze aanbidden hun voetbalgoden en hun rocksterren. Ze zweren hun geloof af. De kerken lopen leeg. De kerkleiders hebben geen macht meer. Die negatieve trend moeten we kunnen keren.’ ‘En daarom moet ik teruggaan? Die hele santenkraam opnieuw meemaken? Ik denk er niet aan. Deze keer wil ik de beker echt aan me voorbij laten gaan.’ ‘Dat lijkt me niet erg netjes.’ ‘En toch is het zo. Ik heb toen meer dan m’n best gedaan. Mocht daar m’n leven riskeren tussen een stelletje randdebielen dat duidelijk niet voorbereid was op m’n komst.’
kevin ch.indd 9
02-09-14 11:59
‘Je leven riskeren! Hoe durf je! Je stond onder mijn bescherming. Ik was het die je leven stuurde. Alles was prima uitgekiend.’ ‘En dus mocht ik gemarteld worden, vernederd, beschimpt, geschopt, geslagen, bespuwd en gekruisigd. Mooi is dat!’ God wist niet wat Hij hoorde. Nooit eerder was Jezus in die bewoordingen tegen Hem uitgevaren. Meer nog, nooit eerder had hij zich ook maar één keer druk gemaakt over z’n leven op aarde. Altijd waren ze het grondig eens geweest over het doel, waren ze beiden oprecht trots geweest op het resultaat. Z’n reactie nu was niet alleen totaal van de pot gerukt, ze kwam ook erg ongelegen, net nu Hij een schitterend plan had uitgedokterd om z’n ster weer te doen rijzen. Kopzorgen, dat was nu al wel duidelijk. Als Jezus niet meewilde – iets waarmee Hij hoegenaamd geen rekening gehouden had – moest Hij nadenken over plan B. Een plan dat vooralsnog niet bestond. Overtuigingskracht en subtiliteit waren dan misschien eerder aangewezen. ‘Kunnen we het verleden even achter ons laten en kijken naar de toekomst?’ Hij stak z’n hand naar Jezus uit, die koppig voor zich uit zat te kijken. ‘Kunnen we?’ Het bleef stil. ‘Koppigheid brengt vaak ten val, zei Sophocles’, probeerde God. ‘Ik was nog niet geboren toen die kerel zichzelf zo belangrijk achtte.’ ‘Wat respect tonen, mag altijd.’ Ongenoegen kroop langzaam omhoog in de dialoog, langs de ruggengraten van beide heren. Dat werd nog eens benadrukt door de lang uitgesponnen zucht die Jezus produceerde. ‘Sorry, ik heb hier echt geen zin in. Zoek maar een ander slachtoffer.’ Dat het niet erg dankbaar klonk, kon hem op dat moment gestolen worden. Hij durfde niet na te denken over het waarom
kevin ch.indd 10
02-09-14 11:59
van z’n koppige gedrag. Eerlijk gezegd had hij z’n Vader niet eens de kans gegeven om te zeggen wat Hij precies van plan was. Maar z’n besluit stond vast. Hij voelde er absoluut niets voor om van vooraf aan te moeten beginnen. Stel je voor, weer die hele heisa: geboren worden in erbarmelijke omstandigheden, om dan je hele leven te wijden aan zieken, kreupelen en geboefte. Hun een spiegel voorhouden en hen laten geloven in een beter, gezonder en eerlijker leven. Liever vertoefde hij hier boven, waar die spanning die hij op aarde had ervaren zich niet manifesteerde. Dat inspanning minder saai was dan ontspanning, daar was hij het niet mee eens. Toch niet in zijn geval. Die uitspraak was vooral bedoeld voor leeglopers, domkoppen en mensen die profiteerden van het sociale systeem. Hij behoorde tot geen van die drie groepen. Sommigen hoorden daarentegen thuis in de grootste gemene deler ervan.
*
2
*
Het was Hem slecht bevallen, dat gesprek met Zijn zoon. Omdat Hij geen rekening gehouden had met het scenario waarbij Jezus hem zou boycotten, moest Hij nu noodgedwongen op zoek naar een andere uitweg. Veel mogelijkheden waren er niet. Terwijl Hij achteroverleunde in Zijn New Skyline Executive-stoel, volledig met zwart leder bekleed en voorzien van een gouden goddelijk opschrift ‘Deo volente’, als God het wil, dacht Hij na over hoe Hij het zou aanpakken. Tweeduizend jaar later een sequel lanceren, was niet zo eenvoudig. Mensen zouden mogelijkerwijs nog argwanender zijn dan toen, helden leken alleen nog te bestaan in sportwedstrijden of ontsproten aan het brein van filmscenaristen. Niet meteen
kevin ch.indd 11
02-09-14 11:59
wat God zelf voor ogen had. Jezus was een verlosser, een verzoener geweest. Iemand voor wie veel mensen ontzag koesterden, voor wie ze door het vuur gingen. Helemaal van een leien dakje was dat niet gelopen, integendeel zelfs. Al snel had een aantal machthebbers zich bedreigd gevoeld en waren de poppen aan het dansen gegaan. De rest was geschiedenis. Dat huzarenstukje nog eens overdoen was allesbehalve vanzelfsprekend. Hij hoestte zich wat tijd bij elkaar, bladerde nonchalant door de lijst van gestorvenen die in de wachtkamer geduldig maar nagelbijtend het Godsoordeel afwachtten, vond er niet meteen een tot de verbeelding sprekende naam in, tuurde wat door het raam van de Ovale Kamer naar buiten, waar zich – zoals steeds – lieflijke taferelen afspeelden tussen mensen die zich als engelen gedroegen, en zuchtte. Jezus keek even verveeld zijn richting uit, opende zijn mond, alsof hij wat wilde zeggen, maar trok meteen nadien een scheef gezicht waarin God afkeuring las. Het liefst van al zou Hij hem een oorveeg hebben verkocht, maar Hij wist nu al dat Jezus dan automatisch zijn andere wang zou aanbieden, en in een opbod van oorvegen had Hij helemaal geen zin. Misschien moest Hij maar eens bij anderen te rade gaan. Al rees dan natuurlijk de vraag bij wie. Wie van de gestelde hemellichamen was in staat mee na te denken over deze bijzonder moeilijke vraag? Allemaal wilden ze de hemel in, de mensen die van zichzelf vonden dat ze hun hemel hadden verdiend vanwege die enkele stuivers die ze hadden weggegeven, en ze waren zich om hun eigen bestwil niet meer bewust van het aantal keren dat ze hadden gelogen en bedrogen. Meestal had God ze gedelibereerd, ook al omdat vanuit het vagevuur was opgeroepen om de criteria die toegang gaven tot de hemel wat te versoepelen, wegens overbevolking daar. Eenmaal in de hemel waren de meesten onder hen begonnen aan een luilekkerleven. Asielzoekers waren het, die na hun aankomst in het beloofde land
kevin ch.indd 12
02-09-14 11:59
meteen heil zochten in alle voordelen die dat land bood, zich totaal niet bekommerend over de manier waarop die voordelen tot stand kwamen. Akkoord, er werd wel gewerkt. Iedereen – of toch bijna iedereen – deed zijn duit in het zakje. Maar het tempo waarin gewerkt werd, was in niets te vergelijken met de ratrace die de meesten van hen op aarde hadden gelopen. Nee, van hen moest het niet komen. Dit moest Hij zelf beslissen. Daarom was Hij God. Hij had immers een scheiding gemaakt tussen licht en donker, tussen water en land. Hij had het uitspansel boven de wateren hemel genoemd. Hij had zijn eniggeborene bijna van honger laten omkomen in een kouwelijke voederbak. Hij had van Jezus een held en antiheld gemaakt, een man met wie velen hadden gedweept en die door anderen was uitgespuwd. Het succes van de schepping en van het christendom lag bij Hem, en bij niemand anders. Als Jezus niet wilde meewerken, dan was dat maar zo. Hij was God. En God was almachtig. Hij sloeg met zijn vlakke hand op zijn bureautafel. Jezus verslikte zich haast in een van de rozijntjes die hij krenterig uit een doosje haalde en tergend langzaam kauwend tot zich nam. ‘Een vlieg?’ vroeg hij even later, achteloos. ‘Een bromvlieg’, antwoordde God, al even achteloos. Het zat er bovenarms op tussen die twee. ‘U bent boos.’ ‘Je zou voor minder.’ ‘Zolang U boos blijft, laat U de ander winnen.’ Jezus gooide een rozijntje in de lucht en poogde het met zijn mond op te vangen, zonder succes overigens. Het belandde in het hoogpolige tapijt. God keek zijn zoon onbewogen aan, of Hij deed in ieder geval zijn uiterste best. Jezus had het nog altijd, had Hij juist vastgesteld. De gave om met enkele woorden iedereen uit het lood te slaan, zelfs zijn eigen Vader. Elke gewone vader zou zijn tra-
kevin ch.indd 13
02-09-14 11:59
nen moeten bedwingen om zo veel wijsheid, maar dat kon Hij zich eenvoudigweg niet permitteren. Al moest Hij wel zijn uiterste best doen om de trots die hem overviel te verbergen. Het leek wel twee minuten later toen Hij reageerde, al was het in de praktijk hooguit een tiental seconden: ‘Misschien moeten we maar lekker samen iets eten. Na een goed diner kan men iedereen vergeven.’ ‘Kebab?’ stelde Jezus voor. ‘Met groene pepertjes. En cocktailsaus.’ ‘Doe mij maar tzatziki.’ God grinnikte. De vergeving was al ingezet.
*
3
*
Eerst was er geen vuiltje aan de lucht. God en Jezus waren aangeschoven aan de lange tafel van restaurant Hemels Oosters, waar nogal wat gasten zich tegoed deden aan Indische, Indonesische, Japanse en Turkse gerechten. God had er een gewoonte van gemaakt zich tussen het gewone volk te mengen. Bij het begin van zijn heerschappij had Hij al weleens gebeld om een tafeltje apart te reserveren. Maar toen Hij had opgemerkt dat het nogal wat meewarige en verontwaardigde blikken had opgeleverd, had Hij dat privilege aan de kant geschoven, en zocht Hij zoals iedereen een vrij plaatsje. Vandaag was dat net aan de open haard, en dat beschouwde God als een hele opoffering, want als Hij ergens een hekel aan had, was het wel een open haard, toch als Hij er te dicht bij moest zitten. Veel te warm, en bovendien was Hij behoorlijk bang voor het gevaar van opspattende gensters op zijn gewaad of – erger nog – in zijn goddelijke baard.
kevin ch.indd 14
02-09-14 11:59
‘Warm is het hier’, pufte Hij al na enkele minuten, net op het moment dat de ober van dienst hem de menukaart kwam overhandigen. ‘Wil ik vragen om het vuur te doven?’ De vraag werd vergezeld van overdreven kleine gebaartjes en een te opzichtig bezorgde blik van de ober, die gekleed was in een zwart maatpak en een smetteloos wit hemd met manchetknopen in de vorm van een anker, het symbool van de hoop. Het was een ongeschreven wet dat juwelen – voor mannen zowel als voor vrouwen – gedragen mochten worden, zolang ze een van de drie goddelijke deugden uitbeeldden. Hangertjes, oorringen, manchetknopen, dasspelden of ringen die geen hartje, kruisje of anker voorstelden, waren uit den boze. Piercings waren verboden, op een uitzondering na: de kruis-navelpiercing. Tattoos werden gedoogd, voor zover ze ante mortem waren aangebracht. In de hemel zelf waren geen tatoeëerders aan het werk. Als ze al binnen mochten (de meesten van hen hadden voldoende op hun kerfstok om minstens enkele maanden vagevuur te trotseren), werden ze systematisch omgeschoold tot specialisten in de kalligrafie, en mochten ze zich bezighouden met de productie van beduimelde, maar nog net leesbare of ontcijferbare perkamentteksten. Die werden mondjesmaat op aarde verstopt, meestal in oeroude graven die niet veel later zouden worden ontdekt door archeologen, die op dat moment de hele gemeenschap van historici uitzinnig van vreugde zouden maken met hun unieke vondst van onschatbare waarde. Vanuit de hemel werd er altijd uitgekeken naar zo’n moment. Er werd dagen aan een stuk mee gelachen. Tot God het welletjes vond en iedereen tot de orde riep. Dan keerde de rust terug en was het wachten tot een volgend moment van uitgelatenheid. ‘Het vuur zal brandend gehouden worden, het mag niet uitgaan’, riep God de ober toe met vlammende ogen. Die beefde van onzekerheid en ontzag.
kevin ch.indd 15
02-09-14 11:59
‘Mijn God, vergeef het me’, stamelde hij, vooraleer hij zich uit de voeten maakte, niet echter voordat hij placemats voor God en zijn zoon had klaargelegd. Vandaag stond er een reproductie op van De intrede van Christus in Brussel in , het beroemde schilderij van James Ensor. God had onlangs nog met Ensor gepraat over dat schilderij. Ze hadden hartelijk gelachen om de manier waarop Ensor de maatschappij in haar blootje had gezet. Vooral de pompeuze bisschop die vooraan had gelopen als een volleerd tamboer-majoor vond God een geniale vondst. Jezus zelf was altijd minder onder de indruk geweest van het schilderij. Hij had z’n aureool nogal over the top gevonden en het hele schilderij had wat hem betrof een iets te hoog kermisgehalte. De subtiliteit van de boodschap ontgaat je helemaal, had God hem gezegd, maar hij had z’n schouders opgehaald. Daar was het bij gebleven. ‘Ook dat nog’, zei Jezus toen hij zag wat er op de placemat stond. Meteen draaide hij hem om en begon zelf een tekening te maken met een potlood dat hij uit de binnenzak van z’n kleed haalde. God grinnikte. Zijn zoon kon snel op z’n paard zitten. Nog steeds. ‘Kebab dus, zoals gezegd?’ Jezus knikte. God riep de ober bij zich en bestelde twee kebabs, met de juiste saus voor elk van hen. ‘Doe maar twee cola’s’, antwoordde God toen de ober hem vroeg wat ze wensten te drinken. ‘Voor mij geen cola. Liever water.’ Jezus keek niet op, geconcentreerd als hij zich wilde voordoen bij wat alvast nooit een kunstwerk die naam waardig zou worden. ‘Kunnen we het er nog eens over hebben?’ vroeg God even later, tussen twee happen door. De tzatziki was van uitstekende kwaliteit. De komkommer was flinterdun geraspt, niet zoals in sommige restaurants, waar je de brokken nog in de Griekse yoghurt zag liggen.
kevin ch.indd 16
02-09-14 11:59
‘Nee.’ Het klonk wat als een geluid van een vinylplaat die bleef haperen, doordat Jezus zijn mond net had volgepropt met enkele hete groene pepers, die steevast bij de kebab werden opgediend. Hoe onduidelijk het echter ook klonk, inhoudelijk kon hij niet duidelijker zijn. ‘Waarom niet?’ ‘Daarom.’ ‘Komaan, zoon, zo kunnen we toch geen discussie voeren?’ antwoordde God, terwijl Hij tersluiks naar een jonge dame keek die enkele stoelen verder plaats had genomen. Ze zag er begeerlijk uit, met wimpers die langer waren dan Hij ze in z’n schepping had bedacht en rondingen die zo uitgesproken waren dat Hij zichzelf prees om wat Hij destijds uit die ene rib had weten te boetseren. Ze zag hoe Hij naar haar keek en dat was voor haar het sein om haar beste troeven (in haar geval: twee) uit te spelen. Met overdreven opzichtige bewegingen schudde ze zich een pose bij elkaar die God maar weinig kon smaken. Z’n afwijzende blik was in dat opzicht zo duidelijk dat het schaamrood haar naar de wangen steeg. Ze had beter moeten weten, het arme wicht. ‘Ik ben zo overtuigd van mijn gelijk dat ik er nooit maar in de verste verte aan gedacht heb een discussie uit te lokken.’ Jezus zei het staalhard, zonder de minste emotie. Het bracht God niet meteen van z’n stuk. ‘Je citeert Sören Kierkegaard. Flauw. Alsof die filosoof jou woorden in de mond moet leggen, omdat je er zelf geen vindt.’ Hij raakte daarmee een gevoelige snaar. Kierkegaard was in de hemel een controversiële figuur, zoals hij dat ook tijdens zijn leven was geweest. Hij was een groot aanhanger van het christelijk geloof geweest, maar tegelijk een vurig tegenstander van de Kerk. Op z’n sterfbed had hij iedereen uitgedaagd: ‘Of jullie mij kerkelijk begraven of niet, van beide beslissingen zullen jullie spijt krijgen’. Z’n uitvaart – toch kerkelijk, op aandringen
kevin ch.indd 17
02-09-14 11:59
van z’n broer – was chaotisch geëindigd, met boegeroep naar de kerkelijke leiders. ‘Sören is een vriend van mij’, riep Jezus verontwaardigd uit. ‘U moet hem niet door het slijk halen.’ Kierkegaard had zelf de tekst gekozen voor op z’n grafsteen: Nog een korte tijd, dan heb ik gewonnen, dan is de hele strijd in één keer verzwonden. Dan kan ik rusten gaan in rozenzalen en achter elkaar met mijn Jezus praten. ‘Hij heeft je beïnvloed. Ontegensprekelijk.’ Het had God niet altijd aangestaan dat Kierkegaard om de haverklap z’n zoon had opgezocht om met hem ellenlange gesprekken te voeren. Vooral niet omdat hij maar al te vaak onderwerpen uitkoos die de macht van God zelf ter discussie stelden en Jezus opstandig maakten in de dagen die volgden op zo’n gesprek. ‘Dat heeft er niks mee te maken! Ik wil gewoon niet terug.’ ‘Je bent egoïstisch.’ ‘Dat bent U zelf!’ Bij elke zin nam niet alleen de boosheid, maar ook het volume toe, zoals zo vaak in dialogen over onderwerpen waarbij op voorhand vaststond dat de gesprekspartners elkaar geen duimbreed zouden toegeven. Vooral de toename in volume wekte de verbazing van de andere restaurantgangers, niet het minst van Diana Spencer, die sinds haar tragische auto-ongeluk twee jaar geleden met haar minzame glimlach harten deed smelten in de hemel. ‘Ruzie, heren?’ vroeg ze, goedlachs, als wilde ze haar kwaliteiten als verzoener ten volle benadrukken.
kevin ch.indd 18
02-09-14 11:59
‘Ruzie is een vorm van liefde. Je kunt immers geen ruzie maken met iemand die je onverschillig laat.’ God op z’n best. Dat ook hij nu stiekem plagiaat had gepleegd, vertelde hij er niet bij. ‘Kan ik helpen?’ ‘Niet echt. Dank je wel.’ God keek Lady Di vriendelijk aan. Ze was mooi. En aardig, dat zeker, maar haar hulp had Hij echt niet nodig. ‘Zeker weten?’ ‘Was mijn vader niet duidelijk?’ Jezus nu, al schrok hij van zichzelf en putte hij zich meteen uit in excuses om z’n botte reactie. ‘Niet erg’, zei Lady Di. ‘Ik snap dat wel. Stress kan rare dingen doen met een mens. Enfin, met een zoon van God. Een godenkind. Een Messias.’ ‘Dank je wel, Diana, dank je wel. We appreciëren ten zeerste je tussenkomst. Al zouden we nu graag verder praten. Liefst zonder jou erbij, als je ons begrijpt.’ ‘Natuurlijk, mijn God.’ Lady Di nam een zuinig slokje van het glas wijn dat ze al die tijd in haar rechterhand had gehouden, glimlachte ontwapenend en schreed langzaam achteruit, waarbij ze op een forse man botste die haar verontwaardigd een uitbrander wilde geven, maar net op tijd in het aanschijn van de Heer zijn handen samenvouwde en spontaan een gebed uitsprak dat zelfs de grootste atheïsten even had doen twijfelen. En God zag dat het goed was. Nu z’n zoon nog overhalen. Al begon Hij daar steeds meer aan te twijfelen. Plan B was stilaan uit z’n embryonale fase aan het raken. Een foetus zoog in de gedachten van God op z’n duim.
kevin ch.indd 19
02-09-14 11:59