Gids voor Vlaanderen
www.lannoo.com © Uitgeverij Lannoo nv, Tielt; VAB nv, Zwijndrecht en vtbKultuur vzw, Antwerpen, 2014 d/2014/45/34 / isbn 978 94 014 1417 3 / nur 504 Hoofdredactie Omer Vandeputte Omslag en vormgeving Studio Lannoo Opma ak Banananas.net & Peter De Bock Fotogr afie Johan Demeester (Oost-Vlaanderen, Antwerpen, Vlaams-Brabant en Brussel), Daniël Leroy (West-Vlaanderen), Ivo Hendrickx (Limburg) blz. 2: ww.shutterstock.be Cartogr afie Aquaterra nv – Tele Atlas nv (stadsplannen), Elke Feusels (provinciekaarten) Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, digitale reproductie of op welke wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
WOORD VOORAF
Een bron van trots, een bijna eindeloze stroom van ontdekkingen Er is in Vlaanderen heel wat waar wij - u en ik - trots op kunnen zijn. Te veel om in één gids te zetten, eigenlijk. En toch, de redactie doet haar best, al meer dan 50 jaar lang. De Gids voor Vlaanderen is sinds haar eerste editie in 1957 een liefdevolle, respectvolle poging gebleven om een zo volledig mogelijk referentiewerk te zijn voor het culturele en natuurlijk erfgoed in Vlaanderen. Dat is geen klein bier, want Vlaanderen is vanuit zijn rijke geschiedenis uitgegroeid tot een meer dan boeiende cultuurmozaïek. Talloze invloeden en tradities vloeiden door de eeuwen heen in Vlaanderen samen, zodat de plaatselijke klei er doordrongen werd van vele culturen en een erg veelzijdige historiek. Het mag dus geen verrassing heten dat net die klei uitzonderlijk vruchtbare grond is gebleken voor artistieke schepping. De Vlaamse cultuur speelt een prominente rol op de internationale scene. Vlaanderen is immers een plek waar de geschiedenis nog zichtbaar aanwezig is, waar men de rijkdom van het erfgoed koestert, maar ook waar men leeft met zicht op een al even rijke en boeiende toekomst. Het is een voorrecht om zo’n unieke plek ‘thuis’ te kunnen noemen. Daarom is het ook een voorrecht om een gids samen te stellen die
de lezer, van de absolute leek tot de professionele feitjesverzamelaar, zo veel mogelijk thuis wil maken in Vlaanderen. Ook deze nieuwste editie wil het Vlaamse verborgene toegankelijk maken. Dat gebeurt niet alleen met een gul aanbod aan betrouwbare informatie, maar ook met meer dan 1000 foto’s van grote en kleine bezienswaardigheden. Voor elke stad en centrumgemeente werden deze bezienswaardigheden zo overzichtelijk mogelijk op een kleurenkaart gesitueerd. U kunt dit referentiewerk dus niet alleen gebruiken om feiten op te zoeken of door de mooie foto’s te bladeren, maar ook om à la carte uw persoonlijke ontdekkingstocht door Vlaanderen te plannen. Erfgoed is er om ontdekt te worden. Misschien wel door u? We wensen u alvast alle plezier: met deze gids en alle ontdekkingen waartoe hij mag leiden.
Wim Vos gedelegeerd bestuurder VAB nv Willy Lenaers voorzitter vtbKultuur
5
WEST-VLAANDEREN
Wenduine
Noordzee
De Haan Nieuwmunster Vlissegem
Oostende
Bredene
Klemskerke
Houtave
Stalhille Stene Middelkerke
Ettelgem Jabbeke Zerkegem Roksem
Oudenburg
Wilskerke
Westende Lombardsijde
Zandvoorde
Leffinge
Snaaskerke Gistel
Westkerke Snellegem Bekegem
Slijpe Zevekote Nieuwpoort Mannekensvere Oostduinkerke Moere Sint-Joris Eernegem Sint-Pieters-Kapelle Aartrijke Koksijde Zande Schore Ramskapelle Wulpen Leke Ichtegem De Panne Booitshoeke Koekelare Stuivekenskerke Veurne Keiem Adinkerke Avekapelle Torhout Steenkerke Pervijze Bovekerke Eggewaartskapelle Zoutenaaie Beerst Vladslo Bulskamp Oostkerke De Moeren Lampernisse Kortemark Werken Kaaskerke Oeren Diksmuide Vinkem Handzame Oudekapelle Houtem Alveringem Esen Wulveringem Zarren Sint-Jacobs-Kapelle Sint-Rijkers Gits Izenberge Nieuwkapelle Woumen Klerken Lo Hoogstade Leisele Lo-Reninge Hooglede Houthulst Pollinkhove Gijverinkhove Staden Beveren Noordschote Merkem Beveren Oostnieuwkerke Roeselare Reninge Stavele Westrozebeke Oostvleteren Bikschote Westvleteren Poelkapelle RoesbruggeLangemark Krombeke Vleteren Haringe Passendale LangemarkWoeste Zuidschote Poelkapelle Proven Boezinge Moorslede Elverdinge Zonnebeke Brielen Sint-Jan Watou Poperinge Ieper Vlamertinge Beselare Dadizele Zillebeke Geluveld Reningelst
Dikkebus Voormezele Hollebeke
Westouter Loker
Frankrijk
Kemmel
Heuvelland Dranouter Wulvergem Nieuwkerke
Zandvoorde
Geluwe Menen
Wijtschate Mesen
Wervik
Knokke Knokke-Heist
Heist
Westkapelle
Blankenberge
Ramskapelle
Uitkerke
Hoeke
Lissewege
Oostkerke
Dudzele Zuienkerke Koolkerke Meetkerke
Lapscheure
Moerkerke
Sint-Pietersop-de-Dijk
W
Sint-Kruis Brugge Sint-Andries Assebroek Varsenare
N
Damme
O
Sijsele
Sint-Michiels
Z
Oedelem Oostkamp
Loppem Zedelgem
Beernem Waardamme
Veldegem
Sint-Joris
Hertsberge Ruddervoorde
Oost-Vlaanderen
Wingene Ruiselede
Zwevezele
Schuiferskapelle
Egem
Lichtervelde
Kanegem
Koolskamp
Aarsele
Tielt
Pittem Ardooie
Dentergem Meulebeke
Rumbeke Kachtem Emelgem Oekene Izegem
Markegem Oeselgem Wakken
Oostrozebeke Ingelmunster
Wielsbeke
Sint-Baafs-Vijve Sint-Eloois-Vijve
Ooigem Lendelede Waregem RollegemHulste Desselgem Kapelle Bavikhove Beveren Sint-Eloois-Winkel Ledegem Kuurne Gullegem Heule Deerlijk Vichte Harelbeke Anzegem Moorsele Kortrijk Gijzelbrechtegem Ingooigem Wevelgem Bissegem Kaster Tiegem Zwevegem Marke Kerkhove Otegem Lauwe Bellegem
Rekkem Aalbeke
Heestert Avelgem Moen Sint-Denijs
Rollegem Kooigem
Waarmaarde
Outrijve Bossuit
Helkijn Spiere-Helkijn Spiere 0
10 km
OOST-VLAANDEREN
Sint-Margriete
Waterland-Oudeman
Sint-Jan-in-Eremo
Watervliet Boekhoute
Middelburg
Sint-Laureins
Bassevelde Kaprijke
Assenede
Maldegem Adegem
Lembeke
Eeklo
Oosteeklo
Zelzate
Ertvelde Oostwinkel Knesselare Ursel
Aalter
Mendonk
Ronsele
Sleidinge
Zomergem
Evergem
Vinderhoute Hansbeke
Merendree Landegem
Zaffelare Desteldonk Oostakker
Lovendegem
Bellem
Sint-Kruis-Winkel
Kluizen
Waarschoot
Wachtebeke
Wondelgem
Zeveneken Lochristi Beervelde
Mariakerke
Destelbergen Gent Sint-Amandsberg Drongen Poeke Nevele Ledeberg Kalken Vosselare Afsnee Poesele Gentbrugge Heusden Laarne Sint-Martens- Sint-Martens-Latem Leerne Sint-Denijs-Westrem Meigem Schellebelle Melle Vinkt Wetteren Bachte-Maria-Leerne Deurle Zwijnaarde Merelbeke De Pinte Zeveren Wontergem Massemen Gontrode Zevergem Lemberge Grammene Deinze Astene Westrem Gijzenzele Schelderode Petegem-aan-de-Leie Gottem Smetlede Melsen Landskouter Nazareth Oordegem Bottelare Machelen Eke Moortsele Vurste Munte Bavegem Oosterzele Semmerzake Vlekkem Olsene Baaigem Vlierzele Gavere Scheldewindeke Letterhoutem Dikkelvenne Zonnegem Zulte Asper Balegem Sint-LievensBurst Ouwegem Kruishoutem Houtem Borsbeke Beerlegem Oombergen Huise Zingem Meilegem Dikkele Paulatem Leeuwergem Hillegem Wannegem-Lede Mullem NederzwalmSint-Maria-Latem Ressegem Elene Hermelgem Nokere Heurne Zwalm Hundelgem Velzeke-Ruddershove Herzele Ooike Welden Zottegem Grotenberge Eine Munkzwalm Nederename Sint-DenijsStrijpen Woubrechtegem Moregem Oudenaarde Boekel Roborst Godveerdegem Ename Wortegem Rozebeke ErwetegemSint-Lievens-Esse Bevere Volkegem Sint-MariaSint-BlasiusSint-Antelinks Wortegem-Petegem MeldenEdelare Mater Horebeke Boekel Sint-GoriksSteenhuizeMichelbeke Oudenhove Leupegem Horebeke Petegem-aan-de-Schelde Wijnhuize Sint-Kornelis- Elst Sint-MariaMaarke-Kerkem Horebeke Elsegem Sint-Maria- Lierde Zegelsem Oudenhove Lierde Ophasselt Etikhove Brakel Sint-Martens- Hemel- SmeerebbeLierde veerdegemVloerzegem Schorisse Nederbrakel Nukerke Berchem Idegem Opbrakel Deftinge Maarkedal Kluisbergen Zulzeke Schendelbeke Parike Onkerzele Nederboelare Kwaremont Ruien Geraardsbergen Goeferdinge Everbeek Overboelare Zarlardinge Ronse Moerbeke Viane Lotenhulle
WestVlaanderen
Doel
Kieldrecht Meerdonk Kallo
Verrebroek
De Klinge
Melsele Sint-Gillis-Waas
Beveren
Vrasene
Kemzeke Stekene Sint-Pauwels
Nieuwkerken-Waas Moerbeke
Haasdonk
Sint-Niklaas
Sinaai
Kruibeke Bazel
Belsele
Eksaarde
Rupelmonde
Temse
Daknam
Steendorp
Elversele
Waasmunster
Tielrode
Lokeren
Antwerpen
Hamme Zele
Moerzeke
Overmere
Grembergen Berlare
Uitbergen Wichelen Serskamp
Appels
Baasrode Dendermonde
Opdorp
Oudegem Sint-Gillisbij-Dendermonde Schoonaarde Buggenhout Denderbelle Mespelare Lebbeke
Wanzele Lede
Impe
Gijzegem
Wieze
Herdersem Hofstade
Baardegem Erondegem Moorsel Aalst Erpe-Mere Erpe Meldert Nieuwerkerken Ottergem Mere Erembodegem Bambrugge Haaltert Welle Aaigem Kerksken Denderleeuw Heldergem Iddergem Denderhoutem
Vlaams-Brabant N
W
Okegem Nederhasselt Outer Aspelare Ninove Voorde Pollare Meerbeke Appelterre-Eichem Zandbergen Grimminge Nieuwenhove Waarbeke
O
Z
Neigem
Denderwindeke Lieferinge
0
10 km
ANTWERPEN EN VLAAMS-BRABANT
Essen
Loenhout Kalmthout
Wuustwezel
Zandvliet Brecht
Berendrecht Stabroek Lillo
Hoevenen
Kapellen Brasschaat
Sint-Jobin-’t-Goor
SintLenaarts
Westmalle Malle
Ekeren ’s Gravenwezel Schoten Zoersel Halle Merksem Schilde Wijnegem Antwerpen Zwijndrecht Oelegem Pulderbos Zandhoven Deurne Massenhoven Pulle Burcht Borgerhout Wommelgem Viersel Ranst Berchem Borsbeek Vremde Broechem Hoboken Mortsel Wilrijk Boechout Emblem Nijlen Edegem Hove Bevel Hemiksem Kessel Aartselaar Kontich Lint Schelle Lier Gestel Hingene Waarloos Berlaar Weert Niel Boom Koningshooikt Reet Ruisbroek Bornem Duffel Terhagen Puurs Willebroek Heist-op-den-Berg Rumst Oppuurs Liezele St.-Katelijne-Waver Heindonk Beerzel Mariekerke Walem Breendonk O.-L.-Vr.-Waver Putte Lippelo Blaasveld Heffen Sint-Amands Tisselt Schriek Leest Mechelen Bonheiden Malderen Ramsdonk Hombeek Muizen Londerzeel Rijmenam Keerbergen Kapelle-opHofstade den-Bos Hever Steenhuffel Zemst Tremelo Nieuwenrode Weerde Boortmeerbeek Haacht Werchter Opwijk Humbeek Elewijt Wespelaar Merchtem Wolvertem Rotselaar Eppegem Beigem Mazenzele Kampenhout Tildonk Oppem Meise Peutie Perk Brussegem Buken Berg Grimbergen Hamme Nederokkerzeel Mollem Melsbroek Affligem Vilvoorde Kobbegem Wemmel Steenokkerzeel Veltem-Beisem Herent Asse Hekelgem Erps-Kwerps Wilsele Relegem Strombeek-Bever Machelen Essene Teralfene Kortenberg Diegem Bekkerzeel Zaventem Nossegem MeerbeekWinksele Zellik Liederkerke Ternat Sint-Ulriks-Kapelle Sint-Stevens-Woluwe Leuven Bertem Sint-Katherina-Lombeek Groot-Bijgaarden Sterrebeek Everberg Heverlee Sint-Martens-Bodegem Borchtlombeek Kraainem Leefdaal KorbeekWambeek Pamel Dijle Oud-Heverlee Itterbeek Dilbeek Wezembeek-Oppem Roosdaal Strijtem Vossem Blanden Lennik Schepdaal Duisburg Neerijse Sint-Martens-Lennik O.-L.-Vr.-Lombeek Tervuren Vaalbeek Sint-Kwintens-Lennik Vlezenbeek Loonbeek Sint-Joris-Weert Gooik Gaasbeek Sint-Laureins-Berchem Sint-Agatha-Rode Ruisbroek Drogenbos Leerbeek Oudenaken Oetingen Huldenberg Beersel Elingen Overijse Kester St. Pieters-Leeuw Linkebeek Hoeilaart Vollezele Lot Pepingen Huizingen Herfelingen Bellingen Ottenburg Galmaarden Tollembeek Buizingen Alsemberg Sint-Genesius-Rode Bogaarden Beert Halle Dworp Heikruis Herne
Oost-Vlaanderen
Bever
Sint-Pieters-Kapelle
Lembeek
Waals-Brabant
Nederland
Meerle Meer
Baarle-Hertog
Poppel
Minderhout Wortel Hoogstraten
Weelde Ravels Merksplas
Rijkevorsel Beerse Vlimmeren Oostmalle
Turnhout
OudTurnhout
Arendonk
Vosselaar Gierle
Retie
Wechelderzande
Tielen Kasterlee Lille Poederlee Lichtaart Vorselaar
Dessel
Grobbendonk Mol Herentals Balen Geel Bouwel Olen Noorderwijk Olmen Herenthout Oevel Morkhoven Meerhout Tongerlo Wiekevorst Westerlo Eindhout Itegem Zoerle-Parwijs Laakdal Hallaar Varendonk Vorst Hulshout Westmeerbeek Veerle Herselt Booischot Houtvenne Deurne Ramsel Averbode Begijnendijk ScherpenheuvelTestelt Zichem Molenstede Baal Schaffen Zichem Langdorp Messelbroek Diest Betekom Aarschot Kaggevinne Scherpenheuvel Gelrode Rillaar Webbekom Nieuwrode Assent Wezemaal Tielt-Winge Bekkevoort Sint-Pieters-Rode Tielt Kortrijk-Dutsel Houwaart MolenbeekSint-Joris-Winge Wersbeek Kortenaken Holsbeek Waanrode Geetbets Meensel-Kiezegem Linden Lubbeek Kapellen Kersbeek-Miskom Rummen Kessel-Lo Attenrode Glabbeek- Ransberg Pellenberg Zuurbembe Grazen Binkom Hoeleden Korbeek-Lo Kerkom Glabbeek Budingen Linter Bunsbeek Lovenjoel Boutersem Drieslinter Neerlinter Haasrode Vertrijk Vissenaken Melkwezer Zoutleeuw SintBierbeek Roosbeek Margriete- Oplinter Helen-Bos Neervelp Wommersom Dormaal Kumtich Houtem Opvelp TienenOverhespen Orsmaal-Gussenhoven Willebringen Bost Oorbeek Hakendover Neerhespen Halle-Booienhoven Meldert Hoegaarden Eliksem Wange Neerlanden Goetsenhoven Ezemaal Laar Rumsdorp Outgaarden Neerwinden Attenhoven Overwinden Landen Walsbets Wezeren Waasmont Walshoutem
0
10 km
N
W
O
Z
Neder-Over-Heembeek Haren Ganshoren Jette Evere Laken Sint-Agatha- Koekelberg Schaarbeek Berchem Sint-Joost-ten-Node Sint-PietersSint-Jans-Molenbeek Brussel Woluwe Etterbeek Sint-LambrechtsAnderlecht Elsene Woluwe Sint-Gillis Oudergem WatermaalVorst Ukkel Bosvoorde
LIMBURG Hamont-Achel Achel Hamont
Limburg Lommel
Neerpelt Sint-Huibrechts-Lille Overpelt Kaulille
Antwerpen
Kleine-Brogel Grote-Brogel
Eksel Hechtel-Eksel Leopoldsburg
Wijchmaal
Hechtel Ham Oostham Kwaadmechelen
Peer
Heppen
Meeuwen Meeuwen-
Beverlo Koersel
Tessenderlo
Ellikom
Helchteren
Beringen
Houthalen-Helchteren
Paal
Heusden
Houthalen
Heusden-Zolder Zolder Meldert
Zonhoven Lummen
Zelem Linkhout Halen Loksbergen
Schulen Berbroek Spalbeek Donk Herk-de-Stad
Genk
Stokrooie Kermt
Kuringen Diepenbeek
Hasselt
Stevoort
Sint-Lambrechts-Herk Wijer
Vlaams-Brabant
Alken
Kozen Nieuwerkerken Binderveld
Munsterbilzen Beverst
Wimmertingen Vliermaalroot
Bilzen Waltwilder Romershoven Hoeselt
Kortessem Wintershoven Ulbeek Wellen Vliermaal Schalkhoven Runkelen Herten Duras Guigoven Werm Rijkhoven Zepperen Gors-Opleeuw Gorsem Berlingen Kerniel Sint-Huibrechts-Hern Sint-Truiden Membruggen Hoepertingen Kuttekoven Neerrepen Wilderen Ordingen Jesseren Overrepen Borgloon ’s-Herenelderen Rijkel Halmaal Hendrieken Brustem Groot-Loon Riksingen Henis Groot-Gelmen Voort Broekom Berg Aalst Velm Engelmanshoven Mettekoven Bommershoven Piringen Tongeren Mal Gutschoven Widooie Heks Kerkom-bij-Sint-Truiden Gelinden Sluizen KleinVechmaal Veulen MielenNerem Muizen boven-Aalst Gelmen Horpmaal Koninksem Heers Gingelom MechelenVreren Buvingen Boekhout Bovelingen Opheers Rutten Diets-Heur Lauw Batsheers Niel-bij-Sint-Truiden Borlo Jeuk Montenaken Kortijs
Vorsen
RukkelingenLoon
Herstappe
Nederland
N Bocholt Molenbeersel
Beek
Reppel
Bree
Kessenich
Kinrooi
Gerdingen
W
Ophoven
Tongerlo Opitter
Wijshagen
Z
Neerglabbeek
Gruitrode Gruitrode
O
Maaseik
Neeroeteren
Opoeteren
Elen Rotem
Opglabbeek
Dilsen Dilsen-Stokkem Lanklaar
Niel-bij-As As
Eisden
Stokkem Meeswijk Leut
Vlucht Maasmechelen
Mechelen-aan-de-Maas
Opgrimbie Rekem
Zutendaal
Boorsem Uikhoven
Neerharen Lanaken Gellik Eigenbilzen Hoelbeek Mopertingen Veldwezelt Martenslinde Hees Rosmeer Kleine Spouwen Vlijtingen Grote Vroenhoven Spouwen Riemst Kanne Herderen Genoelselderen Millen
Zichen-Zussen-Bolder Val-Meer ’s-Gravenvoeren Moelingen
Teuven Voeren Sint-MartensVoeren Remersdaal Sint-PietersVoeren
0
10 km
OVER DIT BOEK
Alle Vlaamse gemeenten en deelgemeenten worden besproken, inclusief de gemeenten van het Brussels hoofdstedelijk gewest. De Franstalige fusiegemeenten met faciliteiten voor Nederlandstaligen komen niet aan bod, namelijk Enghien, Comines, Mouscron en Flobecq.
Evenementen – Gastronomie
ordening
Plattegronden
Alle 327 fusiegemeenten worden alfabetisch na elkaar besproken. De deelgemeenten worden volgens het alfabet behandeld onder hun respectieve fusiegemeenten.
We sluiten af met een lijst van de jaarlijkse evenementen en de gastronomische specialiteiten. Informatie over fiets- en wandelpaden of adressen van hotels en restaurants hebben wij niet kunnen opnemen in het kader van deze gids. Bij grote gemeenten werd een plattegrond opgenomen en kunt u aan de hand van de cijfertjes een of meerdere mooie wandelingen maken. Inleidingen
beschrijving Inleidende gegevens
Per fusiegemeente vermelden we: – het arrondissement en de provincie – de deelgemeenten – de oppervlakte en het aantal inwoners Per deelgemeente specifiëren we naast het postnummer achtereenvolgens: – de etymologie van de gemeentenaam (een vraagteken duidt aan dat de verklaring onzeker is) – de benaming van de inwoners en het bijvoeglijk naamwoord – de geografische uitvoering – de sociaal-economische karakteristieken – het aantal inwoners – de bereikbaarheid met openbaar vervoer en auto Bezienswaardigheden
Het eigenlijke corpus van de beschrijving vat aan met een bondige schets van de geschiedenis. Daarna volgt de beschrijving van alle bezienswaardigheden in een deelgemeente. Indien dat nodig is, wordt een deelgemeente – naargelang van haar uitgestrektheid – opgedeeld in kleinere geografische entiteiten, bijvoorbeeld het deel ‘ten noorden van het centrum’, het deel ‘ten zuidwesten van het centrum’ enzovoort. Bezienswaardigheden die in het blauw zijn afgedrukt zijn beschermde monumenten.
18
Vooraan in het boek geven enkele inleidingen een overzicht van de kunstgeschiedenis en het politieke verleden van Vlaanderen. Provinciekaarten
Vooraan in deze gids vindt u ook vijf administratieve provinciekaartjes met alle fusiegemeenten en deelgemeenten. Glossarium
Achteraan in het boek vindt u een uitgebreide verklarende woordenlijst lijst van interessante begrippen. Index
Achteraan in het boek vindt men een plaatsnamenregister en een register van de belangrijkste bezienswaardigheden. Digitaal zoeken
Er is ook een e-boekversie van de Gids voor Vlaanderen beschikbaar.
INLEIDINGEN
1 De begrippen Vlaanderen en Vlaams Geografisch
Er is geen vaste etymologische verklaring voor de namen Vlaanderen, Vlaming, Vlaams. Sommige etymologen brengen ze in verband met Germaanse en Indo-Europese woorden die vloeien, stromen en moeras betekenen, zoals het Deense flom en het Latijnse flumen. Dan zouden Vlaanderen, Vlaming, Vlaams verwijzen naar de kuststrook tussen Guînes in de Pas de Calais en Brugge, de Vlaamse gouw of in het Latijn de pagus flandrensis. Onder de Romeinen, en opnieuw onder Karel de Grote, zijn graven tijdelijke administrators van een pagus in dienst van de monarch. Na de verdeling van het rijk van Karel de Grote in 843, en om het machtsvacuüm in de strijd tegen de invallende Noormannen op te vullen, versterken de graven hun lokale positie, gaan ze hun gebied als persoonlijk bezit beschouwen en maken ze hun functie erfelijk. De grondlegger van de Vlaamse grafelijke dynastie in de 9de eeuw is Boudewijn I met de IJzeren Arm, graaf-ambtenaar van Karel de Kale. In de 10de eeuw breiden zijn zoon en zijn kleinzoon het graafschap in zuidwaartse richting uit tot aan de Canche. Met deze territoriale uitbreiding gaat die van de naam gepaard. We vinden er de neerslag van in Frans-Vlaanderen. De expansie van het Vlaamse graafschap heeft zich tot dan toe binnen het leenrechtelijke gebied van de Franse koningskroon afgespeeld. Vandaar dat het gebied Kroon-Vlaanderen wordt genoemd. In de 11de eeuw annexeert Bodewijn IV Valenciennes in het zuiden en in het noorden Walcheren, de Zeeuwse eilanden en de Vier Ambachten: Assenede en Boekhoute, Axel en Hulst. Boudewijn V trekt naar het oosten en verovert de streek tussen de Schelde en de Dender. Het zijn allemaal gebieden die van het Duitse keizerrijk afhankelijk zijn. Daarom heten ze Rijks-Vlaanderen. In 1583-1586 neemt de Republiek der Verenigde Provinciën Axel en Hulst in. Die maken voortaan deel uit van Staats-Vlaanderen, sinds 1815 Zeeuws-Vlaanderen genoemd. De begrippen Vlaanderen, Vlaming en Vlaams voor de Vlaamse gemeenschap of het Vlaamse gewest zoals de grondwet van het federale België ze bepaalt, zijn dus tegelijkertijd verengd en verruimd. Verengd, want ze sluiten historisch Vlaamse gebieden in Frankrijk en Nederland uit. Verruimd, want ze sluiten historisch niet-Vlaamse delen van Brabant, Limburg, Loon en Luik in.
Taalkundig
In de middeleeuwen noemen onze mensen hun taal Diets of volks, tegenover Waals of vreemd. Onder de Dietse dialecten verwerft Vlaams als taal van het welvarende graafschap zoveel prestige dat bij voorbeeld de Fransen de term flamand ook toepassen op de dialecten of de taal van de gewesten par delà la Flandre. Een gebruik dat zelfs tot in de Noord-Nederlandse gewesten doordringt. In zoverre dat de Amsterdamse uitgever J. Waesberge ca. 1681 Flamend met Hollandsch gelijkstelt. Artistiek
Ook in zijn artistieke betekenis overschrijdt de term Vlaams de grens van het oude graafschap. In de schilderkunst is Vlaamse primitieven de benaming voor schilders die in de 15de eeuw in de zuidelijke Nederlanden werkzaam waren, ongeacht hun herkomst. Bouts kwam uit Haarlem, Van der Weyden uit Doornik, Memling uit Mainz. In de muziekgeschiedenis is Vlaamse polyfonisten synoniem met Nederlandse polyfonisten. Vijf generaties 15de- en 16de-eeuwse componisten die de Italianen steevast fiamminghi noemen, ook al komen sommigen uit Wallonië, zoals des Prez of Lassus. De term Vlaamse kunst of Vlaamse school ten slotte verwijst willekeurig naar de beeldende kunst in de Zuidelijke Nederlanden van ca. 1600 tot de 19de eeuw, inclusief het gebied aan de Maas, van het Waalse Dinant tot Maaseik. 2 Politiek Vlaanderen
Vlaanderen zoals de federale grondwet van België het als gewest of gemeenschap bepaalt, is nooit een zelfstandige entiteit geweest. Het maakte integendeel altijd van een ruimer staatsverband deel uit. Voor de komst van de Romeinen
Op het grondgebied dat we nu Vlaanderen noemen, wonen van west naar oost: Keltische Morinen en Nerviërs, Germaanse Menapiërs, Eburonen en Tongeren. Gallo-Romeinse tijd van 57 voor C. tot 406
Onder het Romeinse bestuur maakt het westen van het Vlaamse grondgebied van Belgica Secunda deel uit, met Reims als hoofdstad. Het oosten is een deel van Germania Secunda, met Keulen als hoofdstad.
19
INLEIDINGEN
De heerweg Boulogne-Keulen loopt via Atrecht, Kamerijk, Bavai ten zuiden van Doornik, vandaar parallel met de Samber en verder de Maas via Tongeren naar Maastricht, en sluit voor Keulen aan op de heerbaan ten westen van de Rijn. 4de eeuw / kerstening door Servatius en Maternus Frankische kolonisatie van 406 tot 843
In het begin van de 5de eeuw veroveren de Franken onze gouwen. Volgens Frankisch recht verdelen de mannelijke erfgenamen het bezit onder elkaar. Chlodovech (481-511) en Karel de Grote (768-814) slagen erin hun gebied bijeen te houden, te organiseren en uit te breiden. In de gouwen stellen ze graven als tijdelijke administrators aan, die in de rechtspraak worden bijgestaan door schepenen. 476 / einde van het West-Romeinse rijk 506 / doopsel van Chlodovech 7de eeuw / kerstening door Eligius, Amandus, Trudo, Lambertus, Hubertus, Willibrordus 814 / dood van Karel de Grote Leenstelsel van 843 tot 1384
De Noormannen dagen op. Naast de eigen bezittingen verwerven de ambtenaren goederen in leen. In hun onderlinge strijd om bezit en macht treden de graaf van Vlaanderen, de hertog van Brabant, de graaf van Loon en de prinsbisschop van Luik op de voorgrond. Naar de opkomende gemeenten stuurt de machthebber een nieuwe ambtenaar: amman, baljuw, drost, meier, provoost, schout, om hem in bestuurs- en rechtszaken bij te staan. 843 / verdrag van Verdun 862-879 / graaf van Boudewijn I van (Kroon-)Vlaanderen 879-965 / Boudewijn II, en Arnulf I uitbreiding zuidwaarts 1035-1067 / Boudewijn V: uitbreiding met Rijks-Vlaanderen 1100-1300 / kruistochten: Robrecht II, Diederik, Filips van den Elzas, Boudewijn IX, Willem, Gwijde van Dampierre 1288 / Woeringen: Brabant breidt oostwaarts uit 1302 / Guldensporenslag 1339 / verbond Jan van Brabant en Lodewijk van Male De Nederlanden van 1384 tot 1598
Het is een tijd van centraliserende macht tegenover de steden en de zeventien provincies. Vlaanderen en Nederland behoren tot hetzelfde staatsverband. Maar ten gevolge van de godsdiensttroebelen zijn ze eind 16de eeuw feitelijk weer gescheiden.
20
1384 / Bourgondië: Filips de Stoute, Jan zonder Vrees, Filips de Goede, Karel de Stoute, Maria van Bourgondië 1482 / Habsburg: Maximiliaan, Filips de Schone, Margaretha van Oostenrijk (als regentes) 1515 / Karel V 1555 / Filips II, opstand en scheiding 1585 / val van Antwerpen De zuidelijke Nederlanden van 1598 tot 1814
Na een kwarteeuw autonomie worden de Zuidelijke Nederlanden voor de rest van de 17de eeuw rechtstreeks door een Spaanse gouverneur-generaal bestuurd, en in de 18de eeuw door zijn Oostenrijkse ambtgenoot. De Fransen delen het gebied in departementen, arrondissementen, gemeenten in. De registers van de burgerlijke stand gaan op de gemeenten over. 1598 / autonomie onder Albrecht en Isabella 1621 / onder het gezag van Spaanse gouverneurs-generaal 1713 / Oostenrijks onder Karel VI, Maria-Theresia, Jozef II 1789 / Brabantse omwenteling 1794 / onder de Franse revolutionairen, onder Napoleon 1798 / boerenkrijg 1813 / val van Napoleon Het Koninkrijk der Nederlanden van 1815 tot 1830
Er zijn onder Willem I weer zeventien provinciën, zonder Frans-Vlaanderen, maar met Luik. België vanaf 1830
België evolueert van een unitaire naar een federale staat. De grondwetsherziening van 1993 onderscheidt twee soorten deelstaten. Er zijn met name drie economische gewesten: Vlaanderen, Brussel en Wallonië, en drie culturele gemeenschappen: de Nederlandstalige in Vlaanderen en Brussel, de Franstalige in Brussel en Wallonië, de Duitstalige in het oosten van Wallonië. 3 Overzicht van de belangrijkste kunststromingen architectuur Romaanse kunst
Bijna uitsluitend kerkelijke bouwkunst, gekenmerkt door sterke, dikke muren, waarin spaarzame openingen ; overheersend horizontale lijn. De verticale druk wordt opgevangen door rondboog of tongewelf, steunend op de zware muren of reusachtige pijlers. Het grondplan heeft de vorm van een Latijn kruis. Naast kerken en kloosters werden ook burchten in deze stijl opgetrokken.
INLEIDINGEN
11de eeuw / kerk Bertem, Boudewijntoren Oudenaarde, Sint-Jan Afsnee 12de eeuw / crypte Ronse, klooster Tongeren, Sint-Basileus Brugge, Sint-Pieter in SintTruiden, Gravensteen en stapelhuizen Gent 13de eeuw / Sint-Petrus Huis, Gerard-deDuivelsteen Gent Gotiek
Treft men aan in stedelijke gebouwen (stadhuis, belfort, hallen, herenhuizen, kerken). Het gotische gebouw wordt volledig gedragen door een geraamte van ribben en ruilen. De verticale druk wordt opgevangen door spitsbogen en kruisribbengewelf, de zijdelingse druk door luchtbogen en steunberen. De muren worden voor een deel vervangen door grote vensters, dikwijls met glasramen. 13de eeuw / Sint-Niklaas Gent, Onze-LieveVrouw van Pamele Oudenaarde, Veurne ; hallen Brugge, Damme, Ieper ; kerken Damme, Lissewege 14de eeuw / belfort Brugge, Ieper, basiliek Halle, Onze-Lieve-Vrouw-ten-Poel Tienen, Sint-Rombouts Mechelen ; stadhuis Brugge, Brussel, Leuven, hallen Mechelen 15de eeuw / stadhuis Brussel ; kathedraal Antwerpen ; huizen Brugge 16de eeuw / stadhuis Gent, Leuven Renaissance
Wil aanknopen met de klassieke oudheid, en dus de klemtoon leggen op evenwicht, zin voor maat en harmonie. In de bouwkunst overheerst de horizontale lijn. Aan het Grieks-Romeinse voorbeeld worden het fronton, de fries, de zuil, het kapiteel, de rondboog en de koepel ontleend. 16de eeuw / stadhuis en gildehuizen Antwerpen ; kasteel Alden Biesen ; griffie Brugge Barok
Staat in dienst van absolutisme en contrareformatie. Vandaar de reusachtige afmetingen, overdreven versiering, schokkende contrasten en zoeken naar verrassende effecten, die uiting moeten geven aan religieuze geestdrift en vorstelijk triomfalisme. Kenmerkend voor de barok zijn dan ook het helle, feestelijke kerkgebouw, en het grootse paleis, of zijn kleinere stedelijke tegenhanger, het stadhuis. 17de eeuw / basiliek Scherpenheuvel, Sint-Michiels Leuven, Begijnhofkerk Brussel, Carolus Borromeus Antwerpen, Rubenshuis ; abdij Averbode ; Grote Markt Brussel ; kasteel Beaulieu Machelen Rococo
Stijl die uit de barok voortvloeit, en gekenmerkt wordt door grillige vormen, vooral de schelpvorm. 18de eeuw / stadhuis Lier, Osterriethhuis Antwerpen
Classicisme
Waar renaissance en barok zich aan het antieke voorbeeld inspireren, volgt het classicisme dit voorbeeld slaafs na, zonder eigen inspiratie. Antieke bouwsystemen en bouwvormen worden zonder meer overgenomen: strenge eenvoud en rechtlijnige profielen zijn de opperste wet in de architecturale vormgeving. 18de eeuw / Sint-Salvator Harelbeke, stapelhuis, Franse Opera Antwerpen, Koningsplein en Parlementsgebouw Brussel 19de eeuw / Muntschouwburg Brussel, Aula universiteit Gent Neostijlen
Typisch voor de 19de eeuw, waarin, onder invloed van de historische oriëntering van de romantiek, nagenoeg alle vroegere stijlen worden nagebootst. Na het classicisme zijn vooral neoromaans en neogotiek aan de orde ; in de tweede helft van de eeuw worden neorenaissance en neobarok overheersend, en ten slotte worden alle stijlen naast elkaar gebruikt. In de kerkbouw worden vooral de middeleeuwse stijlen, de romaanse en de gotische, toegepast ; bij de bouw van paleizen, banken, warenhuizen, beurzen en musea bootst men de antieke (Griekse en Romeinse) stijlen na. 19de eeuw / Justitiepaleis Brussel, Sint-Mariakerk Schaarbeek Art nouveau (jugendstil)
Stijl die een nieuwe synthese wil brengen, bouwen beeldhouwkunst verenigt en de kunst tot bij het gewone volk wil brengen. Is een soort ‘milieukunst’, die men vooral herkent in de bouwstijl van de nieuwe woningen: trappen, koepels, vensters en balustrades, maar ook tot in de kleinste details van luchters, deurklinken, kandelaars en behang. 19de eeuw / Volkshuis Brussel, Hortahuis Brussel Moderne kunst
Wil in alle opzichten ‘modern’ zijn, dit wil zeggen doelmatige ruimten tot stand brengen, en rekening houden met de sociale, economische, hygiënische en andere eisen van onze eeuw, gebruik makend van de moderne materialen als ijzer, glas en beton. De schoonheid berust niet meer op de stijl, maar wordt ontleend aan zijn technische functionele waarde. 20ste eeuw / universiteitsbib Gent, Boerentoren Antwerpen, Omroepgebouw Brussel (Flageyplein Elsene) beeldhouwkunst Romaanse kunst
Het is er de kunstenaar in de eerste plaats om te doen, de geloofswaarheden aanschouwelijk voor
21
INLEIDINGEN
te stellen. Bovendien staat de beeldhouwkunst ten dienste van de bouwkunst. Figuren van mensen en dieren worden aan de eisen van het gebouw aangepast, zo nodig vervormd. Romaanse beelden komen dikwijls als primitief en onbeholpen over ; dikwijls zijn er nog resten van invloeden uit de klassieke oudheid en Byzantium. 11de eeuw / houten Christus Leuven, Vorst 12de eeuw / metalen Annunciatiebeeldjes Brugge ; timpaan Sint-Niklaas Gent ; doopvont Dendermonde, Gent, Zedelgem Gotiek
Aangezien de gotische kerk geen grote muurvlakken heeft, maken de beelden zich los van de muur. De figuur zelf krijgt dan ook meer belang: de beelden winnen aan natuurlijkheid en bevalligheid, met gewaden die met zorg gedrapeerd zijn. Het sacrale blijft toonaangevend, maar ook allegorieen, rijke edelen en vorsten worden afgebeeld. 15de eeuw / houtsculptuur doksaal Tessenderlo ; Brabantse altaarstukken Hakendover, koorgestoelten Diest 16de eeuw / Mone in Sint-Martinus Halle, Sint-Michiels Brussel, griffie Brugge Renaissance
In deze tijd wordt de mens het centrum van alles, ook in de kunst. Aandacht wordt vooral besteed aan de schoonheid van de menselijke figuur, eerst in reële, later in geïdealiseerde vormen. Lichamelijke en geestelijke harmonie vormen het ideaal, en worden ook uitgebeeld. In de vormen leidt dat tot evenwicht en synthese in houding, gebaar en drapering. 16de eeuw / tabernakel De Vriendt Zoutleeuw Barok
Tegenover het rustige, evenwichtige beeld van de renaissance, wil het barokke beeldhouwwerk beweging uitdrukken. Een beeld is telkens als een momentopname van een heftig gebeuren. Houding, gebaren, gelaat zijn erop gericht gevoelens uit te drukken, sterke emoties vooral: passie, extase, wanhoop. Het beeld maakt dikwijls deel uit van een grotere compositie, en is in schroefvorm uitgewerkt. Het barokke beeldhouwwerk staat ook vaak ten dienste van de omgeving waarin het wordt geplaatst. 17de eeuw / Duquesnoy sr en jr., Quellinus sr en jr., Fayd’herbe, Verbruggen
18de eeuw / Verhaegen, Van der Voort sr. 19de eeuw / Geefs, Vinçotte, Lambeaux, Meunier Impressionisme en expressionisme
Maken een einde aan de ‘conventionele’ beeldhouwkunst, en verlaten elk academisme. De natuur alleen is de leermeesteres van de kunstenaar. Aanvankelijk worden ‘momentopnamen’ ge maakt (een indruk, een impressie), later evolueert de beeldhouwkunst (en dikwijls de beeldhouwers) naar meer expressievolle uitdrukking, zeer spontaan en zelfs onstuimig. 20ste eeuw / Wouters, Minne, Jespers Abstracte kunst
De beelden zijn geen afbeeldingen meer van reële voorwerpen, maar zijn een niet-figuratief geheel van vormen en lijnen. Begin 20ste eeuw / Servranckx schilderkunst Vlaamse primitieven
In deze periode wordt de schilderkunst een zelfstandige kunstvorm, niet meer ondergeschikt aan het gebouw (muurschildering) of het boek (miniatuur). De Vlaamse primitieven maken voor het eerste gebruik van olieverf, en verkrijgen daarmee verrassende lichteffecten en warme kleurschakeringen. Aangezien zij blijven werken zoals de miniatuurschilders, werken zij zeer nauwkeurig: exacte weergave van de realiteit (natuur, kleding, stadsgezichten) is hun belangrijkste kenmerk. 15de eeuw / Van Eyck, Petrus Christus, Van der Weyden, Bouts, Memling, Van der Goes, David, Bosch Renaissance
In de Nederlanden blijft de vernieuwing van de renaissance grotendeels tot de techniek beperkt, zij raakt de inhoud weinig of niet. In het spoor van de primitieven bereiken de renaissanceschilders een perfecte weergave van de menselijke anatomie, van de stof en van het perspectief, in een oneindige kleurschakering. Het navolgen van het Italiaanse ideaal leidt snelt tot maniërisme. 16de eeuw / Metsys, Bruegel de Oude, Helse Bruegel
Classicisme
Opnieuw staan de beelden zelfstandig, niet meer aan de architectuur gebonden. Ze willen klassieke deugden uitdrukken, maar door het gebrek aan emotie en persoonlijke inbreng van de kunstenaars, die de klassieke modellen inspiratieloos kopiëren, missen ze de nodige bezieling, ondanks de harmonische, perfecte uitwerking.
22
Barok
Zoals de barokke beeldhouwer, wil ook de barokschilder op het gemoed werken, het gevoel aanspreken met een nieuwe vormentaal. Lijnen en omtrekken vervagen, kleurvlekken suggereren meer dan ze aftekenen. Het schilderij wordt in diagonale, golvende of spiraalvormige lijnen opge-
INLEIDINGEN
bouwd. Het gebruik van de kleuren en lichteffecten geeft het schilderij een grote diepte, en roept vaak een dramatische spanning op. 17de eeuw / Rubens, Van Dyck, Brouwer, Jordaens, Fluwelen Bruegel, Teniers jr. 18de eeuw / Verhaghen
kunnen worden gebracht door de combinatie van vormen, lijnen en kleuren. Begin 20ste eeuw / Servranckx, De Boeck literatuur Middelnederlands
Classicisme
De middeleeuwse letteren weerspiegelen niet zozeer de persoonlijke gevoelens van de dichter als wel de feodale klasse waartoe hij behoort met name de adel, de clerus en de burgerij. De overgeleverde werken staan meestal op rijm. De taal van de schrijver is sterk streek gebonden. De letterkunde bloeit overwegend in de zuidelijke provincies.
Romantiek
12de eeuw / Hendrik van Veldeke 13de eeuw / Karel ende Elegast, Floris ende Blancefloer, Walewein, Vanden Vos Reynaerde ; Hadewych, Jacob van Maerlant, Jan van Brabant 14de eeuw / Beatrijs, Abele spelen ; Jan van Ruusbroec
Betekent in de schilderkunst een periode van producten zonder ziel. Enkel in de portretkunst – waar de schilder noodgedwongen van de natuur moet uitgaan – wordt werk van waarde voortgebracht. Het classicisme trekt zich dan ook terug in de academies, waar het kunstonderwijs domineert. Betekent een breuk met het classicisme, in de hand gewerkt door de drang naar vrijheid en de cultus van de persoonlijkheid. In plaats van hun onderwerpen in de werkelijkheid te zoeken, vinden de romantische schilders vooral inspiratie in de nationale geschiedenis en de eigentijdse romantische literatuur. Realisme
Kunststijl die zich volledig aan de ‘realiteit’ wil houden, en dus aandacht heeft voor de natuur, voor de mens en zijn omgeving, het stemmige interieur… Vaak treft men in de realistische schilderkunst een sociale ondertoon aan. 19de eeuw / De Braekeleer, Laermans, Verwee Impressionisme, symbolisme
Schilderstijl die het eenmalige moment wil vastleggen. Het werk in het atelier wordt secundair. De schilder zoekt zijn onderwerpen in de vrije natuur, en verwerpt bewust de ‘verstandelijke’ elementen in de schilderkunst. Lijnen, contouren, perspectief ontstaan door het gebruik van lichtere en donkere kleuren, het spel van kleurvlekken. Het symbolisme, dat logisch uit het impressionisme volgt, wil het schilderij opnieuw een diepere inhoud meegeven. 19de eeuw / Claus, Ensor Expressionisme
Is de reactie op het extreme realisme van de 19de eeuw, en wil de schilderkunst opnieuw tot een schepping maken. De werkelijkheid wordt enkel nog gebruikt als symbool, of als uitgangspunt voor de uitdrukking (expressie) van de eigen emoties. Lijn, vorm en kleur worden echter in ere hersteld. 20ste eeuw / Van den Abeele, De Saedeleer, Servaes, Van de Woestijne, Permeke, De Smet, Van Den Berghe, Wouters Abstracte kunst
Deze schilders die non-figuratief willen schilderen, zijn van oordeel dat hun impressies beter tot uiting
De rederijkerstijd
De vormvaardige dichters geven uitdrukking aan de beginnende geestelijke ontreddering en aan de Bourgondische praalzucht van het herfsttij der middeleeuwen. De vroegere verhalen worden in proza naverteld en door de boekdrukkunst als volksboeken verspreid. 15de eeuw / De Roovere ; Elckerlijc, Mariken van Nieumeghen 16de eeuw / Everaert, Bijns ; Antwerps Liedboek Renaissance
De 16de-eeuwse letterkunde in het zuiden bevat de neerslag van persoonlijke gevoelens en van de tragische godsdienststrijd. De vormgeving is verscheiden: middeleeuws, klassiek of nieuw. Tijdens de gouden 17de eeuw in het noorden dragen zuidelijke emigranten belangrijk bij tot de vorming van het algemeen Nederlands. De taal van het zuiden verschraalt en levert in de 18de eeuw geen literaire vruchten op. 16de eeuw / Marnix van Sint-Aldegonde, Van der Noot, Van Mander 17de eeuw / Harduyn, Poirters, Ogier, De Swaen Romantiek, realisme
In de 19de eeuw herkennen romantische taalminnaren het Nederlandse taalverleden van Vlaanderen. Ze volgen hun eigen koers binnen de Europese ‘vaart der volkeren’. Naast sociaal-kritisch realisme ontwikkelt zich omstreeks 1900 een vergoelijkende heimatliteratuur. 19de eeuw / Willems, Ledeganck, Van Duysse, Conscience, Gezelle ; Van nu en Straks ; Streuvels, Timmermans, Claes
23
INLEIDINGEN
Expressionisme, experiment en traditie
Over heel Europa reageren de schrijvers erg verschillend op de rampzalige wereldoorlogen en de dreiging van een universele catastroof. Ze proclameren een nieuw geloof in de mensheid, vluchten in vitalisme, nihilisme of vormexperiment, of grijpen terug naar de vertrouwde waarden van het verleden. 20ste eeuw / Moens, Van Ostayen, Gijsen, Elsschot, Walschap, Daisne, Boon Snoeck, Demedts, en zovele na hen
Terwijl de meesten van hen, niet lang allemaal Vlamingen overigens, over heel Europa uitzwermden, bleven Pullois, Barbireau, Bauldewijn, Cornet, Pevernage, Waelrant, Verdonck en anderen in onze streken werkzaam. Clemens non Papa bewerkte de calvinistische Souterliedekens, Bull en Philips schreven klaviermuziek en Adriaenssen luitmuziek, Susatro en Phalesius waren belangrijke muziekdrukkers. Volkse liederen werden verzameld in het Antwerps Liedboek en geuzenliederen verspreidden zich alom. Barok en klassiek
muziek Middeleeuwen
De geschriften van de theoreticus Rudolphus van Sint-Truiden (+1138) en het Officium Stellae (Driekoningenspel) uit Munsterbilzen zijn de vroegste getuigenissen van muzikale activiteit in Vlaanderen. De Limburger Hendrik van Veldeke had slechts zijdelings met de muziek te maken, terwijl Hendrik III, hertog van Brabant, de minnezangers uit onze streken vertegenwoordigt. Oude volkse liederen bleven bewaard in het Gruuthusehandschrift, en vroege danswijzen in het Manuscrit des basses danses van Margaretha van Oostenrijk. Renaissance
In de loop van de 15de eeuw werden zangscholen opgericht aan de hoofdkerken van Kortrijk, Brugge, Mechelen, Antwerpen en elders. Ze liggen aan de basis van de bloeiende muziekcultuur die met de Nederlandse polyfonisten de volstrekte hegemonie van de Lage Landen bij de zee in nagenoeg heel Europa vestigde. voor 1450 / Dufay, de Limburgia, Liebert, a Brugis 1450-1480 / Ockegem, van Ghijzeghem, Busnois, Joye, Regis 1480-1520 / Desprez, Obrecht, de la Rue, Isaac, Tinctoris 1520-1550 / Willaert, Gombert, de Rore, Arcadelt, Canis na 1550 / Lassus, de Monte, Vaet, de Kerle, de Wert, de la Bèle
24
Een hoogtepunt in de klavecimbelbouw met Ruckers, Dulcken en Couchet leidt een klaviertraditie in die bijna twee eeuwen duurt. Cornet, Van den Kerkchove, Loeillet, Boutmy, Raick, Robson, van den Gheyn Andere componisten volgen op afstand de grote ontwikkelingen van de andere muziekgenres in Europa. Hacquaert, BrĂŠhy, Fiocco, de Croes, van Helmont, Kennis, Van Maldere Romantiek
Over het algemeen zocht de Vlaamse muziek een eigen profiel dat nauw aansloot bij het eigen volk. Sommige componisten neigen meer naar het religieuze en het mystieke, leunen aan bij vernieuwingen in het buitenland of laten zich opmerken als virtuoos. Van Duyse brengt de studie van het Vlaamse volkslied op gang en Denijn vestigt de aandacht op de beiaard. Benoit, Lemmens, Wambach, Tinel, De greef, De Boeck, Ryelandt, Gilson Twintigste eeuw
Traditie, vernieuwing en experiment lopen naast elkaar als zoveel stijlen, strekkingen en tendensen. Alpaerts, Meulemans, Van Hoof, Poot, De Meester, Maes, Legley, Goeyvaerts en de jongere generaties na hen.
DE VLAAMSE EN BRUSSELSE GEMEENTEN VAN A TOT Z
AALST AALST
Borse van Amsterdam, Aalst
AALST
arrondissement Aalst ; provincie Oost-Vlaanderen deelgemeenten: Aalst, Baardegem, Erembodegem, Gijzegem, Herdersem, Hofstade, Meldert, Moorsel, Nieuwerkerken 7811 ha ; 82.507 inwoners (1/1/2013)
AALST
9300
° in 868 Alost, 1162 Aalst ; Alost < waarschijnlijk uit Oudgermaans alhusta = heiligdom ° Aalstenaar ; Aalsters ° zandleem ; aan de Dender, aan de autosnelweg E40 Brussel-Oostende ° agglomeratie ; snijbloementeelt, industrie ; verzorgend centrum ° 1896 ha ° treinstation Aalst ; lijnbussen ; E40
Geschiedenis
De betekenis van de naam Aalst is lange tijd het onderwerp van discussies geweest onder taalkundigen. Vrij algemeen werd aangenomen dat het toponiem een plek aanduidde waar elzen groeiden (Aalst = Elst). Nieuw onderzoek heeft evenwel uitgewezen dat dit taalkundig volstrekt onmogelijk is. Heel waarschijnlijk zit in de plaatsnaam het Oudgermaanse woord alhusta verborgen, dat verwijst naar een prehistorisch heiligdom. Heel wat minder speculatief is een document uit 868, waarin er voor het eerst – zwart op wit – sprake is van Aalst. Hierin wordt melding gemaakt van een domein, villa Alost genaamd, dat eigendom was van de abdij van Lobbes in Henegouwen. Het hoofdgebouw van dat Karolingische landgoed – het zoge-
26
heten Zelhof – bevond zich op de plaats waar nu het Stedelijk Museum gelegen is. De oorsprong van de stad moet men dus niet op de Grote Markt zoeken, maar wel bij het Karolingische domeincentrum in de huidige Burchtstraat, die de oorspronkelijke loop van de Oude Dender – in 1964 gedempt – volgt. Vanaf de 11de eeuw ontwikkelde zich rond die oudste kern een woonagglomeratie, die – zoals archeologisch onderzoek van het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed aantoonde – verdedigd werd door een halve kringvormige omwalling die op de Dender uitgaf en uit een 18 tot 20 m brede gracht met aarden wal bestond. Die eerste stedelijke ontwikkeling gebeurde onder het waakzame oog van een adellijke familie, waarvan de eerste heer Boudewijn I van Aalst (1046-1082) was. De burcht van de heren van Aalst werd ingeplant aan de overkant van de rivier op een kunstmatig eiland, dat in de volksmond nog altijd ‘het eiland Chipka’ wordt genoemd en waar nu het ontzaglijke fabriekscomplex Tate & Lyle (voorheen Amylum) staat. De heren van Aalst zouden in de wordingsgeschiedenis van Vlaanderen een vooraanstaande rol spelen. De graaf van Vlaanderen wist omstreeks 1050 met de verovering van Ename de oostgrens van zijn graafschap te verschuiven van de Schelde naar de
AALST AALST
Dender. Aalst groeide uit tot het politieke en militaire centrum van het nieuw veroverde gebied. Tot in het begin van de 19de eeuw zou dit territorium het ‘Land van Aalst’ worden genoemd, een bestuurlijke entiteit die behalve de steden Aalst en Geraardsbergen nog een 150-tal dorpen omvatte. Dit gebied had van oudsher feodale banden met het Duitse keizerrijk en behoorde daarom tot Rijks-Vlaanderen. Zo onderscheidde het zich van de rest van Vlaanderen op de linkeroever van de Schelde, dat een leen was van de Franse koning en daarom Kroon-Vlaanderen werd genoemd. Die dualiteit is nog altijd te merken in de wapenschilden van Aalst en Geraardsbergen, die zowel de Vlaamse leeuw als de tweekoppige Duitse adelaar in hun blazoen voeren. In de strijd tussen Diederik van de Elzas en Willem Clito om de grafelijke troon koos Iwein, heer van Aalst, de zijde van Diederik. Tijdens de belegering in 1128 sneuvelde Willem Clito. Iwein trouwde daarop met Lauretta, de zus van Diederik. Nog altijd zijn ze tijdens de jaarlijkse carnavalsstoet als reuzenpaar te zien. Omstreeks 1160 verleende graaf Diederik van de Elzas de Aalstenaars voor bewezen diensten hun eerste vrijheden en werd de plaats tot stad verheven. De gunstige ligging – aan de kruising van de Dender met de belangrijke weg van Brugge naar Keulen, die de zee met de Rijn verbindt – maakte dat het middeleeuwse Aalst zich ontwikkelde tot een bloeiend handelscentrum met een haven (de Werf) en een leenbank, met muntslag en tolrecht. De bevolking nam zienderogen toe en de woonagglomeratie doorbrak de eerste 11de-eeuwse versterkingsgordel. De 12de-eeuwse omwalling is vandaag nog duidelijk in het stratenpatroon te zien: de stadsomheining volgde de huidige Molenstraat, liep langs het tracé van de Lange Zoutstraat en de Louis D’Haeseleerstraat naar het zuiden en sloot via het Onze-Lieve-Vrouwestraatje en de Sterherenstraat op de Dender aan. Wellicht tegen het einde van de 12de eeuw breidde de stad zich nogmaals uit. De economische bedrijvigheid verplaatste zich van de Vismarkt naar het nieuwe plein (de Grote Markt) dat ontstaan was op de plaats waar de handelsweg van Brugge naar Keulen de eerste stadsvesten dwarste. Omstreeks 1225 werd hier het schepenhuis opgetrokken en sedertdien is de Grote Markt het bestuurlijke, economische en sociale centrum van de stad. Op dat ogenblik moet de derde omwalling, waarnaar nu met de benaming ‘Wallenring’ wordt verwezen, een feit zijn geweest. Die stadswal met zes poorten volgde het traject van de huidige Vaartstraat, Esplanadestraat, Vrijheidsstraat, het Vredeplein, het Keizersplein (dat trouwens nog tot 1808 ‘Vesten’ is blijven heten), de Zonnestraat, de Houtmarkt en de Alfred Nichelsstraat. Ook op de rechteroever werd een gebied van ongeveer tien hectare in de stadsuitbreiding opgenomen en omwald, zodat de haven veilig binnen de stadsvesten lag. De straatnaam ‘Hoge vesten’ herinnert daaraan. Afhankelijk van politieke en militaire wisselvalligheden werden de versterkingen in de loop van de volgende eeuwen meermaals vernieuwd, aangepast en uitgebreid. Verscheidene oorlogen tegen de stedelijke concurrent Gent en
pestepidemieën waren er de oorzaak van dat Aalst rond 1400 een dieptepunt bereikte. De stad herstelde zich evenwel en kende een culturele en economische bloei in de 15de eeuw. De belforttoren en het gebiedshuisje, de Heilige Geestkapel en de Sint-Jobkapel, het wilhelmieten- en het karmelietenklooster werden opgetrokken. Omstreeks 1480 begon de bouw van de Sint-Martinuskerk. In de tweede helft van de 16de eeuw had de stad zwaar te lijden tijdens de Spaanse furie en de geuzenstrijd. Henri de Turenne, een Franse maarschalk in dienst van de zonnekoning Lodewijk XIV, beval in 1667 om de Aalsterse ringmuur te slopen. Ondanks die drastische ingreep bleven gedeelten van de vesten tot een stuk in de 19de eeuw overeind. Pas in het midden van de 19de eeuw brak de stad definitief uit haar middeleeuwse beslotenheid, met de aanleg van de spoorlijn Brussel-Aalst-Gent, de bouw van het station (1856), de rechttrekking van de Dender (1863-1868) en de oprichting van een tweede parochiekerk, de Sint-Jozefskerk (1868). De grote industriële bloei dateert uit de 19de eeuw met de vestiging van de gemechaniseerde textielindustrie. Aalst werd niet alleen een van de belangrijkste industriesteden in Vlaanderen, maar schreef ook een bladzijde politieke geschiedenis. Aan het eind van de 19de eeuw bestreden de broers Daens de katholieke partij van Charles Woeste en ijverden ze voor de ontvoogding van de arbeider, wat het ontstaan zou geven aan de christendemocratische partij. In de 20ste eeuw blijft Aalst een sociale en Vlaamse stad, maar ze ziet haar rijkdom aan textiel- en voedingsbedrijven stelselmatig verloren gaan. In 1977 werd de stad door de fusie van gemeenten samengevoegd met Baardegem, Erembodegem, Gijzegem, Herdersem, Hofstade, Meldert, Moorsel en Nieuwerkerken. Vier van de acht deelgemeenten vinden hun oorsprong in de Merovingische tijd (5de tot 8ste eeuw). Ze dragen de namen van de lokale Frankische clanhoofden die er verbleven: Bardo in Baardegem, Arinbald in Erembodegem, Giso in Gijzegem en Harding in Herdersem. Ook Moorsel is een Germaans toponiem (*mortisk = modderig + sali = zaal) en verwijst naar een gebouw dat midden in een drassige omgeving stond. De naam Meldert is veel ouder, prehistorisch zelfs, en betekent ‘nederzetting bij een troebele beek’. Hofstade en Nieuwerkerken zijn dan weer van betrekkelijk recente datum. Je hoeft geen plaatsnaamkundige te zijn om te zien dat ze respectievelijk rond een hofstede en uit een nieuwe parochie ontstaan zijn. Tegenwoordig is Aalst een belangrijk centrum voor de Denderstreek, met heel wat onderwijsinstellingen, twee gereputeerde ziekenhuizen, een rechtbank van koophandel, een belangrijk cultureel centrum en een ruim recreatief aanbod. Wie eerder de natuur zoekt, vindt zijn gading in het stadspark en het aanpalende natuurgebied van het Osbroek, of komt ruimschoots aan zijn trekken in de landelijke rust van de Faluintjesgemeenten (Baardegem, Herdersem, Meldert en Moorsel), de Gerstjens (Erembodegem) of het Kravaalbos (Meldert).
27
AALST AALST
Sint-Martinuskerk, Aalst
CC De Werf, Aalst
Bezienswaardigheden Het schepenhuis 1 in Scheldegotiek met laatro-
Het stadhuis 3 vormt een gesloten complex rond een rechthoekig geplaveid plein. De Antwerpse architect H. de Doncker ontwierp de rococogevel van het landhuis dat dateert van 1643-1645. Aan de marktzijde staat een laatclassicistische vleugel van 1828-1830, ontworpen door architect L. Roelandt. De monumentale laatclassicistische doorgang is van Toscaanse zuilen voorzien. In de feestzaal hangt het schilderij Jacob van Artevelde spreekt tot de Wevers, van Gentenaar L. Lebrun (1844-1900). Hij was directeur van de Tekenacademie van Aalst. Er hangt ook een folkloristisch tafereel door de Aalstenaar Maurits Schelck (1906-1978), leraar aan de Academie van Aalst. In het landhuis met rococo-interieur vergaderde vroeger het hoofdcollege van het Land van Aalst. De trouwzaal met het sierlijke plafond bevindt zich hier, evenals de Pieter Coeckekamer, het kabi net van de burgemeester. Op het binnenplein is de standaard van de oude Aalsterse roede (5,54 m) ingemetseld. Op het Marktplein staat het standbeeld 4 van Dirk Martens (Aalst 1450-1534). Het werd opgericht door Jozef Geefs in 1856. Mar tens, de eerste Vlaamse drukker, werkte in 1473-1474 in Aalst met Jan van Westfalen, met wie hij vermoedelijk de boekdruk kunst in de Zuidelijke Nederlanden invoerde. Later werkte hij alleen, afwisselend in Aalst, Antwerpen (1493-1512) en Leuven (1512-1529). Hij heeft zijn praalgraf in de Sint-Martinuskerk. Het stadsarchief bezit enkele van zijn drukwerken. De Sint-Martinuskerk 5 , het prototype van de Brabantse hooggotiek in Oost-Vlaanderen, beheerst het stadsbeeld. De kerk, die sinds 1946 beschermd is, kwam in verscheidene bouwcampagnes tot stand. Het koor en de kranskapellen werden in 1479-1500 gebouwd. De bouw stond eerst onder leiding van architect Jan van der Wouwe. Vanaf 1489 nam Herman de Waghemakere het werk over en vermoedelijk voltooide Domien de Waghemakere het koor. Laureins Keldermans leidde vanaf 1527 de bouw van de transept. De zuidelijke transeptarm werd in 1554 voltooid. De Gentenaar
maanse 13de-eeuwse onderbouw is vermoedelijk het oudst bewaarde schepenhuis van de Nederlanden. Van het ledestenen gebouw met ronde traptorens en een steil dak bleef het volume nagenoeg bewaard. Na een brand in 1360 werd het tussen 1407 en 1440 heropgebouwd onder leiding van de architecten Jan de Hase en Jan van Goeteghem. De deels aangebouwde gotische belforttoren 1 van 1407-1460 werd begonnen door Jan van Goeteghem en voltooid door architect Jan d’Otter. Na een brand in 1879 werd hij tussen 1891 en 1896 gerestau reerd onder leiding van architect August Van Assche. Boven de leuze van Filips II ‘nec spe, nec metu’, noch door hoop noch door vrees, staan een krijger en een poorter in laatgotische nissen van 1555. Ze symboliseren de macht en de vrijheid van Aalst. Het belfort heeft een beiaard van 52 klokken en biedt een mooi uitzicht op de Denderstad. Het uitspringende laatgotische gebiedshuisje 1 of bretesque van 1474 werd in 1543-1544 herbouwd. Bovenaan staan vijf eind-19de-eeuwse beelden: keizer Ka rel V, Dirk van Aalst of ‘het kind van Aalst’, Pieter Coecke, Cornelius de Schrijver en, in de gevel, de Gerechtigheid. De hallenkelder is overkluisd met kruisribgewelven. Het gebiedshuisje heeft fraaie stergewelven. Zowel het schepenhuis als het belfort en het gebiedshuisje zijn sinds 1943 beschermd als monument. In het laatste kwart van de 20ste eeuw werd het gebouw grondig gerestaureerd. Tegenwoordig is het in gebruik als tentoonstellingsruimte en vergaderzaal. De maandelijkse gemeenteraad vindt hier nog altijd plaats. Op de plaats van het 14de-eeuwse vleeshuis dat in 1629 afgebroken werd, bouwde men in 1630-1634 de laatrenaissancistische rederijkerskamer SintBarba ra. Na de brand van 1743 werd het gebouw hersteld in 1783. Het staat nu bekend als de Borse van Amsterdam 2 . De sierlijke lantaarntoren is van 1908. Het gebouw is sinds 1945 als monument beschermd en kreeg een grondige restauratie in 1949-1951. Het huisvest nu een restaurant.
28
AALST AALST
Daensmonument, Aalst
Jan Moerman bouwde het portaal van de noordelijke transeptarm in 1552. De zuidelijke zijbeuk en de kapellen werden tussen 1550 en 1570 afgewerkt. Omstreeks 1570 vielen de werken wegens de godsdiensttroebelen stil. Het schip, de noordelijke zijbeuk en -kapellen, de noordelijke transeptarm en het vieringtorentje werden in 1650-1660 gerealiseerd, evenals de overkluizing van het schip, de dwarsbeuk, de viering en het koor. Het westelijke rococoportaal dateert van 1733 en is een ontwerp van architect J.B. van der Gucht. De binnenrestauratie van 1900-1903 gebeurde onder leiding van architect J. Goethals. Men ontdekte toen muur- en gewelfschilderingen. De restauratie van 1947-1958 volgde op de brandschade van 1947. De plattegrond vertoont een driebeukig schip met zijkapellen, een uitspringend transept, een koor met omgang en kapel len. De onaf gewerkte kerk, die 70 m is in plaats van de geplande 105 m, is niettemin een van de grootste van Vlaanderen. Ze bezit zestien zijkapellen en 23 altaren die dateren uit de 17de en 18de eeuw. De meeste zijn voorzien van schilderijen en antependia. In het zuidelijke transept staat een mooi portiekaltaar van Sint-Rochus, met het schilderij Christus Zaligmaker duidt Sint-Rochus aan als Beschermheilige tegen de Pest. Het is een werk van Rubens van 1623. Cornelis van Mildert bouwde in 16491650 het portiekaltaar van het Heilig Kruis. Gaspar de Crayer schilderde omstreeks 1650 Onze-Lieve-Vrouw schenkt het schapulier. Het Mariabeeld is van albast. Jeroom Duquesnoy de Oudere creëerde de marmeren en stenen sacramentstoren van 1604 in laatrenaissance. De tien biechtstoelen dateren van omstreeks 1750. De beschotten en tochtportalen werden tussen 1735 en 1740 opgetrokken. De 16de-eeuwse doopvont kreeg in 1698 een koperen deksel. J.B. de Coene installeerde in 1781-1785 de kerkmeester- en confrériebanken in het transept. Het portaal, het doksaal en de orgelkast dateren van 1758-1763. De ontwerper van de orgelkast was de augustijnenbroeder Alipius van Brussel. Ze werd gebouwd door J.B. Kieckens en M. Mattelet
van Namen deed het snijwerk. Pieter Van Peteghem bouwde het orgel. De monumentale preekstoel van 1806-1810 komt uit het atelier van Willem Eg. van Buscum, een Aalstenaar afkomstig van Mechelen. Onder de beelden valt het 16de-eeuwse Onze-Lieve-Vrouw van de Rozenkrans op, alsook een calvariegroep van 1616 en een stenen 17de-eeuwse Sint-Jan de Doper. De kerk bevat verder talrijke schilderijen uit de 16de tot 19de eeuw, waaronder het paneel Aanbidding der Herders (omstreeks 1600) toegeschreven aan Otto Van Veen ; Wonderen van Sint-Maarten van Tours (1687) door Antwerpenaar Godfried Maes ; twee taferelen uit de legende van Sint-Barbara, (1640) en Marteldood van Sint-Catharina (1667) door Pieter Thys. De kerkschat bevat liturgisch zilverwerk uit de 17de tot 19de eeuw en 18de-eeuwse liturgische gewaden van zijde en goudbrokaat die versierd zijn met vruchten en bloemen. Ze komen uit de abdij van Drongen. Negentien 17de- en 18de-eeuwse antependia vervolledigen de collectie. Het grafmonument van Dirk Martens (†1534) werd in 1774 omlijst. De kerk bevat verscheidene andere epitafen en grafstenen uit de 16de tot 19de eeuw. De muurschilderingen met rankwerk en de engelen met banderollen zijn van 1497. De distelbloemen, spreukbanden en engelen met passiewerktuigen dateren uit het eind van de 15de eeuw. De sacristie tot slot bevat een Laatste Oordeel van het begin van de 16de eeuw. In de Pontstraat springen de verschillende bouwstijlen van het Sint-Jozefscollege (huisnummers 7 tot 15) in het oog. De barokke jezuïetenkerk 6 werd voltooid in 1730. Vooraan valt het gemarmerde houten hoogaltaar op, dat een getrouwe weergave is van het altaar uit de Gesùkerk in Rome. De wanden zijn bekleed met een eiken beschot. De jezuïetenkerk telt zes biechtstoelen uit 1732. Sinds 1956 staat op het Vredeplein in het stadscentrum een monument voor de slachtoffers van de Eerste en de Tweede Wereldoorlog. Architect Stany Deneef ontwierp het. De beeldhouwer is Mark De Bruyn. Aalst bezit nog typische beluiken zoals Ingang Levionois en Ingang Van Bemten. De bevolkingsaan groei, vooral aan de periferie van de stad, had onder meer de oprichting van enkele moderne kerken tot gevolg. Voorbeelden zijn de Sint-Annakerk (1970) van architect P. Felix aan de Boudewijnlaan, de Sint-Janskerk aan de Immerzeeldreef en de Sint-Pauluskerk in de Botermelkstraat. Het voormalige Onze-Lieve-Vrouwehospitaal 7 aan de Oude Vismarkt, ten noordoosten van het stadscentrum, werd gesticht in 1242. Een aantal gebouwen staat gegroepeerd rond een geplaveid binnenplein. De 15de-16de-eeuwse gotische eenbeukige kapel heeft een renaissancedoksaal en een tongewelf dat versierd is met stucwerk van 1733. Onder het altaar ligt een grafkelder van 1734-1780. Het klooster van 1600-1650 is gebouwd rond een binnentuin met een kloostergang. De noordelijke vrouwenzaal van het hospitaal dateert van 1616, de oostelijke mannenzaal van 1622. De 19de-eeuw-
29
AALST
30
AALST
LEGENDA 1 2 3 4 5 6 7 8 9
Schepenhuis & belforttoren & gebiedshuisje Borse van Amsterdam Stadhuis Standbeeld Dirk Martens Sint-Martinuskerk JezuĂŻetenkerk Onze-Lieve-Vrouwehospitaal Begijnhof Stadspark & Osbroek
31
AALST AALST BAARDEGEM
se zuidoostelijke zaal is van de vaartkapoenen. In de gebouwen is nu ’t Gasthuys Stedelijk Museum Aalst ondergebracht. Het begijnhof 8 ten zuidoosten van de oudste stadskern werd in 1261 gesticht. Het behoorde tot het pleintype met traditionele aaneengesloten huizen in baksteen- en zandsteenarchitectuur. In 1952 werden de huizen gesloopt en in 1956 werden ze vervangen door sociale woningen. Het neogotische poortgebouw van 1874 moest in 1958-1959 plaatsmaken voor een flatgebouw van architect Blanckaert. Van het vroegere begijnhof rest nog de classicistische Sint-Catharinakerk van 1787-1794, ontworpen door architect Jan de Staercke van Nederbrakel. Ze is sinds 1973 als monument beschermd. Andere restanten van het oude begijnhof zijn een stuk begijnhofmuur, de neobarokke Antonius van Paduakapel (1872), een huis van 1878 in neotraditionele stijl, de voormalige pastorie in de Pontstraat in traditionele baksteen- en zandsteenstijl van 1676 en het rechthoekige plein. In de Sint-Jobstraat staat de Sint-Jobkapel uit de 15de-17de eeuw. Zowel de kerk als haar omgeving zijn sinds 1975 beschermd. De houten en marmeren afsluiting is 16de-eeuws. De rocococommuniebank is van 1761, de calvarie van omstreeks 1700. Achter het schepenhuis vertrekt de nauwe Kattestraat, een winkelstraat. De meeste 19de- en 20ste-eeuwse brede huizen hebben een oudere kern. Van het voormalige godshuis is de 15de-eeuwse eenbeukige gotische Heilige Geestkapel bewaard. Er is nu een handelszaak in ondergebracht. Het Esplanadeplein met zijn heterogene bebouwing van 1850-1900 sluit bij de stationswijk aan. Hier staat ook een mooi art-nouveauhuis. De driebeukige neogotische Sint-Jozefskerk van 1877 domineert de omge ving. De architect was M. De Noyette. Het koor van de kerk dateert van 1888-1890, de doopkapel van 1901 en de toren van 1908. Het neogotische meubilair is onder andere van Matthias Zens en Remi Rooms. De broers Vereecken van Gijzegem bouwden het orgel van 1900 dat sinds 1974 beschermd is. De orgel kast is van de hand van Remi Rooms. Het beeld Jezus aan het Kruis is 15de-16de-eeuws. De kerkschat omvat liturgisch zilverwerk en devotionalia uit de 18de tot 20ste eeuw. In de omgeving van de Esplanade en van het Stationsplein staan talrijke voorbeelden van fin-de-sièclearchitectuur. Architect J.P. Cluysenaar legde de radiale stationswijk aan in 1852-1856. Hij ontwierp ook het station, dat beschermd is als monument en sinds 1978 ook als stadsgezicht. De in 1752 gedempte Karmelietenvest, sinds 1808 ter ere van keizer Napoleon Bonaparte Place Impériale (nu Keizersplein) genoemd, is vrij homogeen laatclassicistisch. De statige herenhuizen van het Keizersplein werden in de tweede helft van de 18de eeuw op de geslechte stadswallen gebouwd. Hier vestigden zich onder meer de nieuwe rijken, zoals de nijveraars De Wolf-Cosyns, Cumont en Van Langenhove, die de industriële ontwikkeling van de stad inluidden.
32
In het randgebied van Aalst staan verschillende kastelen en landhuizen in kasteelstijl, onder andere de neoclassicistisch getinte De Rozerie (1865), met een neogotische kapel van architect Jan Baptist Bethune en een ruime tuin. Andere voorbeelden zijn het laat-19de-eeuwse eclectische kasteel van Ronsevaal aan de Brusselbaan ; het kasteel Regelsbrugge met een park en een vijver nabij de Sint-Jobkapel ; het kasteel Ten Berge met een park en een vijver en het omwalde kasteel Terlinden (1775) in de Terlindenstraat met een hoofdgebouw in neotraditionele stijl van 1913, een park en een oranjerie. Het kasteel van Muylem van 1897 aan de Gentsesteenweg toont een invloed van art nouveau en Vlaamse neorenaissance. Het is met tuin, bijgebouwen en omgeving beschermd als monument en sinds 1981 als stadsgezicht. Architect J. Goethals ontwierp de driebeukige kerk Onze-Lieve-Vrouw van Bijstand van 19021903. Ten noordwesten, aan de Heilig Hartlaan, staat de neoromaanse Heilig Hartkerk van 1928-1929, een ontwerp van architect E. Van Overstraeten. De preekstoel en het schilderij Jezus aan de Geselkolom dateren uit de 18de eeuw. Van de cisterciënzerinnenabdij Ter Rosen (1240-1797) in de Botermelkstraat ten noordwesten van het centrum, blijft niets over. Het herenhuis op die plaats huisvest een school voor buitengewoon onderwijs. Ten zuidoosten van het centrum, aan het Burgemeestersplein en de Erembodegemstraat, ligt het 15 ha grote stadspark 9 . Aalst kocht het terrein in 1911. J. Breydel leidde de aanleg van het park in 1915-1916. Het park staat bekend om zijn diversiteit van bomen. Het is als landschap beschermd sinds 1977. Aanpalend en deels in Erembodegem ligt het Osbroek 9 , een beboomd domein met vijvers, dat ook sinds 1977 als landschap beschermd is. Evenementenkalender
» zondag, maandag en dinsdag voor Aswoensdag: carnaval » zondag dicht bij 14 juni: Daensdag » zondag na Sint-Pieter en Sint-Paulus (29 juni): Aalst-kermis » maandag na de laatste rit in de Ronde van Frankrijk: natourcriterium » elke maandag in juli en augustus: parkconcerten in het stadspark » tweede zondag van september: kunst- en ambachtenmarkt » 11 november: jaarmarkt » laatste week van december, eerste week van januari: ijspiste met kerstdorp
BAARDEGEM
9310
° in 1189 Bardengien ; persoonsnaam, en inga, en hem = woning van de lieden van Bardo ° Baardegemnaar ; Baardegems ° zandlemig ; de Helderenberg 47 m ° woondorp ; landbouw, weinig industrie ° 620 ha ° treinstation Aalst ; lijnbussen ; E40
BAARDEGEM EREMBODEGEM AALST
Geschiedenis
De eerste vermelding van een heer, Iwein van Baerdegem, dateert van 1304. In de late middeleeuwen kwam de familie de Croy in het bezit van de heerlijkheid. De nabije abdij van Affligem bezat de meeste gronden. Naast een laathof was de abdij eigenaar van de pachthoven van Cleigate en van Houthem, vermeld in de 12de eeuw. Ook de abdijen van Zwijveke van Dendermonde en Ter Rozen van Aalst bezaten hier gronden. Aparte heerlijkheden binnen de grenzen van de gemeente waren Eerdegem, vermeld in 1739, het 17de-eeuwse cijnshof van Seghbroeck, het 15de-eeuwse cijnshof van Beveren en de 15de-eeuwse heerlijk heid van de heren van Wieze. Baardegem deelde dikwijls de lotgevallen van de twee naburige gemeenten Aalst en Asse. In de 16de eeuw werd het gebrandschat door geuzen en Spanjaarden en in 1689 legden de Franse troepen het dorp in de as. In 1743 werd Jan Frans Vonck hier geboren (Rijsel 1792). Hij was met Hendrik Van der Noot de bezieler van de Brabantse Omwenteling. Kerkelijk vormde Baardegem met Meldert een parochie tot 1259. Baardegem is nog altijd een landbouwgemeente. Buiten wat bouwmaterialen is hier geen noemenswaardige industrie. Het grootste deel van de beroepsbevolking is op pendelarbeid aangewezen. Bezienswaardigheden
In de dorps kom staat de 13de-eeuwse laatromaanse Margarethakerk , volledig opgetrokken in Balegemse steen en sinds 1942 beschermd als monument. In de 14de eeuw werden het koor en de vierkante westelijke toren herbouwd en werd een ronde traptoren toegevoegd. De noordelijke transeptarm en de middenbeuk zijn van de 15de eeuw. In 1592 teisterde een brand de kerk. Bij de herstellings werken in de 17de eeuw werd het gebouw verstevigd en het interieur hersteld. In 1750 vonden classicistisch getinte verbouwingen plaats, onder meer van de vensters van de zijbeu ken. Het complex werd ook uitgebreid met sacristieën. Omstreeks 1800 onderging de kerk een restauratie en een laatclassicistische aanpassing van het interieur. De kruisbasiliek omvat nu een ingebouwde laatromaanse wester toren van 1250-1275 met een traptoren van 1300-1325, een 13de-eeuws schip en twee zijbeuken, een 16de-eeuwse zuidelijke zijkapel met portaal, een noordelijke transeptarm van 1425-1450, een barokke zuidelijke transeptarm van 1666 en twee 18de-eeuwse sacristieën. De kerk werd volledig gerestaureerd in 1968-1973, onder leiding van architect Van Malleghem. Het interieur werd ontmanteld en de 17de- en 18de-eeuwse altaren verdwenen. De biechtstoel is 17de-eeuws, de muurbeschotten dateren van 1750-1800 en de gotische doopvont is vroeg-16de-eeuws. Het beeld OnzeLieve-Vrouw met Kind stamt uit dezelfde eeuw. De calvariegroep, het Doopsel van Jezus in de Jordaan, de Engel en Sint-Margaretha dateren uit de 17de eeuw. De Sint-Jozef met Jezuskind door J.B. De Vree, is van
1685. Sint-Margaretha is 18de-eeuws. Het schilderij Kruisdraging dateert van 1653 en werd geschilderd door Gaspar de Crayer (1584-1669). In 1970-1972 werd het gerestaureerd. Het is het altaarstuk van het voormalige hoofdaltaar. De kerkschat omvat liturgisch zilver werk uit de 17de-19de eeuw, liturgische gewaden uit de 17de-18de eeuw en reliekhouders uit de 16de-19de eeuw, waaronder een geelkoperen beenvormig reliekschrijn van Sint-Margaretha (omstreeks 1566). De collectie bestaat verder uit 17de-18de-eeuwse messingen altaarkandelaars en 17de-eeuwse smeedijzeren kandelaars. Verscheidene grafmonumenten stammen uit de 17de-18de eeuw. De bakstenen kapellen van de Sint-Margarethaommegang dateren uit de 19de eeuw. Op het kerkhof achter het koor staat het grafmonument van advocaat Jan Frans Vonck. De grafplaat voor de familie Vonck zit in de koormuur. Een klein bronzen beeld van J.F. Vonck als schooljongen siert het kerkplein. Het is een creatie van Gilbert De Groeve van 1989. Jozef Blindeman, grond legger van de snijbloementeelt in de streek, heeft hier zijn gedenkplaat. De pastorie werd opgetrokken in 1767. Baardegem heeft bezienswaardige 18de-19deeeuwse boerderijen zoals Hof ter Linden (1803), een vroeger jezuïetenhof en gesloten hoeve in de Dorpsstraat, de Zwanennesthoeve(1769), een halfgesloten, voorheen omwalde hoeve in de gelijknamige straat en een voormalige gesloten hoeve van 1781 in de Opwijkstraat. Het Stoktbos en het Mutsereelbos mogen niet onvermeld blijven. Evenementenkalender
» laatste weekend van augustus: Faubourgmarkt
EREMBODEGEM
9320
° in 1119 Erenboldigem ; persoonsnaam, en inga, en hem = woonplaats van de lieden van Arinbald ° Erembodegemnaar ; Erembodegems ° zandlemig ; aan de Dender ° verstedelijkt dorp, landelijke wijken ; industrie ° 1081 ha ° treinstation Aalst ; lijnbussen ; e40
Geschiedenis
Erembodegem was een van ’s graven propre dorpen, wel licht sinds 1227. Toen stond Michel van Boulaere, konstabel van Vlaanderen en de eerste bekende heer van Erembodegem, het domein van Erembodegem aan graaf Ferrante af. Vermoedelijk ook van dat jaar dateert de samenvoeging van Teralfene, Welle en Iddergem tot een heerlijk heid met Erembodegem als kern. In 1626 verkocht Filips IV van Spanje de vier dorpen in leenpand aan graaf Albert de Boussu. Hij verkocht ze op zijn beurt in 1649 door aan de familie du Bosch, heren van Overham en Maasdam en baronnen van Mere. Nadien erfden andere families het gebied. Sinds 1698 waren Iddergem en Welle afgesplitst en eigendom van de familie du Vilain. De heerlijkheid telde
33
AALST EREMBODEGEM GIJZEGEM
een reeks kleinere lenen waaronder de meierij van Erembodegem, het Hof ter Hagen, het Hof ter Joden, het Hof ter Wilgen, de heerlijkheid van de Spiegele en Ysse, het goed van Ginderomme, het goed te Hale, het goed ter Kapelle, het goed ten Watermolen, en het Hof te Lokeren. Binnen de muren van Aalst en aan de Denderbrug beleefde Erembodegem een woelige geschiedenis. Bij elke belegering van de stad kreeg Erembodegem zijn deel en moest het voor de kosten van de belegeraars opdraaien. De brug werd herhaaldelijk vernield. Bezienswaardigheden
De Gentse architect A. Bressers ontwierp de moderne bakstenen kerk Onze-Lieve-Vrouw Tenhemelopneming van 1951-1953. Ze vervangt een kerk die tijdens de be schieting in mei 1940 volledig uitbrandde. De kruisweg van omstreeks 1959 is een creatie van Gentenaar L. Bressers. Het voormalige gemeentehuis (1874), een ontwerp van architect E. de Perre-Montigny van Gent, is zakelijk-classicistisch. In de gevel zit een gedenksteen van de Nederlandse ‘ontruimden’ van 1945. Naast de kerk staat de 18de-eeuwse gerestaureerde en beschermde pastorie die een prachtige tuin heeft en uitgerust is met rococoschouwen en dito stucwerk. De kapel Onze-Lieve-Vrouw ter Muren van 1763 aan de Termurenlaan is waarschijnlijk een 15de-eeuwse stichting die van het Hof ter Hale deel uitmaakte. De kapel bezit een barok altaar en een geschilderd paneel met OnzeLieve-Vrouw. In de Sint-Amandsstraat, in de bosrijke omgeving van de Kapellemeersen, staat de Sint-Amandskapel (1636) met bron. Het is sinds de 14de eeuw een bekend bedevaartsoord. Het interieur toont een Sint-Amandsbeeld en er is een grafsteen van 1632 ingemetseld. De afgelegen gehuchten Kluis, Ressebeke en Ten Bos zijn zeer landelijk. De Onze-Lieve-Vrouwekapel van 1758 in het Kluisbos wordt ook de Kluiskapel genoemd. Het bevat een volks Onze-LieveVrouwebeeld uit de 16de eeuw. Verspreid in het dorp liggen burgerhuizen en boerenwonin gen, onder andere in de Heuvel. Op Vogelenzang woonde romanschrijver Louis Paul Boon (Aalst 1912-Erembodegem 1979). Architect A. Bontridder bouwde het huis in 1952. In het dorpscentrum kreeg in 1961 dom Modest Van Assche, abt van Steenbrugge (Erembodegem 1891-Brugge 1945) een monument . Frans Tinel ontwierp het gedenkteken en Aalstenaar Mark De Bruyn voerde het uit. Het monument staat nu aan de kerk van Ten Bos aan de Dom Modest Van Asschelaan. Het huis waar werkman en dichter Fons Van de Maele (1874-1938) woonde en stierf, staat in de straat die naar hem genoemd is. De Kapellemeersen aan de Dender lopen door in de Wellemeersen en vormen een belangrijk natuurgebied. De Boekhoutberg biedt vergezichten op de grens met Brabant. Het Osbroek ligt deels op grondgebied Aalst. Het is sinds 1980 beschermd.
34
Evenementenkalender
» 4-15 augustus: bedevaart Onze-Lieve-Vrouw ter Muren
GIJZEGEM
9308
° in 1167 Gisengem ; persoonsnaam en inga, en hem = woonplaats van de lieden van Gijs(brecht) ° Gijzegemnaar ; Gijzegems ° zandlemig ; zacht golvend, 2 m tot 10 m ; aan de Dender ° woondorp ; landbouw, textiel ° 466 ha ° treinstation Aalst ; lijnbussen ; E40
Geschiedenis
Gijzegem vormde een van de horigheden in het Land van Aalst waarvan de voogdij in de 13de eeuw aan de heren van Oudenaarde toebehoorde. Rond 1400 werd de heerlijkheid eigendom van de heren van Leeuwergem. In 1421 ging ze over naar de Aalsterse familie Godevaerts. Rond 1450 werd de heerlijkheid in tweeën gesplitst. De graaf van Vlaanderen verkocht de hoogheidsrechten van de twee, de overheerlijkheid Gijzegem, in 1664 als derde leen aan Jan Goubau, schepen van Antwerpen. Zijn familieleden bleven tot het eind van de 18de eeuw heren van Gijzegem. De laatste heren droegen de naam Le Candèle. De beide heerlijkheden binnen de grenzen van Gijzegem hingen af van het grafelijk leenhof van Aalst. Ze hadden hun eigen baljuw en meier, en een gemeenschappelijke vierschaar. Van de beide heerlijkheden werden niet minder dan 151 achterlenen verheven. De belangrijkste waren de heerlijkheid Sandroisen, het goed te Pelkem, het goed te Putte, het hof te Surseele en ter Eeke en het Kamphof. Bezienswaardigheden
Op het rechthoekige Kerkplein met het recent gemeentehuis en de in 1960 ontdekte oude schandpaal, staat de classicistische Sint-Martinuskerk. Ze staat hoog in een ommuurde tuin op de plaats
O.L.V. ter Muren Kapellekensbaan, Erembodegem
GIJZEGEM HERDERSEM AALST
van het oorspronkelijke kerkhof. De vrijheidsboom dateert van 1919. De kerk werd in 1771-1772 opgetrokken naar een ontwerp van broeder en architect Filips Gobert, een augustijn van Gent. De sacristie werd in 1774 aangebouwd. De Gentse architect Henri Valcke ontwierp de doopkapel van 1933. Drie altaren en een koorbekleding van zwart en wit marmer zijn afkomstig uit de voormalige jezuïetenkerk van Gent. Het hoofdaltaar is 17de-eeuws. De zijaltaren van 1773 zijn versierd met de 18de-eeuwse schilderijen Sint-Rochus en de Pestlijders en Tenhemelopneming van Maria door Daniël Herreyns van Mechelen. De biechtstoelen, de communiebank, de preekstoel en het doksaal met ingewerkte kerkmeesterbanken zijn laat-18de-eeuws. Het orgel uit het Gentse atelier P. en L.B. Van Peteghem is sinds 1980 beschermd. De beelden zijn hoofdzakelijk 19de-eeuws, behalve Liefdadigheid van Sint-Maarten en Sint-Rochus die uit de 18de eeuw dateren. In de sacristie staat een eiken kast van eind 18de eeuw en een 18de-eeuws marmeren bekken, waarvan de achtergrond met Delftse tegels bezet is. De kerkschat omvat liturgisch zilver en devotionalia uit de 17de-19de eeuw. De rouwblazoenen en grafstenen dateren uit de 18de-19de eeuw. De dreef tegenover de kerk leidt naar het kasteel. Het 17de-eeuwse slot, in 1809 herbouwd, werd in 1954 gesloopt en vervangen door een gebouw dat op het vorige lijkt. Het herengoed behoorde oorspronkelijk aan de familie Goubau, heren van Gijzegem en Mespelare. De rechthoekige omwalling, het mooie park, de twee 17de-eeuwse paviljoenen en de toegangspoort van 1780 zijn bewaard. De schilderachtige hoeve het Neerhof met een boerenhuis van 1688 en 19de-eeuwse dienstgebouwen maakte deel uit van het kasteeldomein. In het centrum van de gemeente, onder meer in de Kerkstraat, staan mooie 19de-eeuwse dubbelhuizen. In de Kerkstraat ligt ook het gewezen hoofdklooster van de oblaten van Maria. Het moederhuis van de Zusters van Sint-Vincentius à Paolo, in 1818 gesticht door Elisabeth de Robiano, barones Le Candèle, staat in de Stationsstraat.
Hof van Gijzegem, Gijzegem
HERDERSEM
9310
° in 868 Hardigisheim ; herdigis-hem = woonplaats van Hardigis ° Herdersemnaar ; Herdersems ° zandlemig ; beemden aan de Dender ° landbouwgemeente ; industrie, textielmachines, bouwmateriaal ° 533 ha ° treinstation Aalst ; lijnbussen ; E40
Geschiedenis
Vermoedelijk was Herdersem in de 7de eeuw bewoond. Het werd beschermd door een versterking op de plaats Ham aan de Dender. Dit zou de geboorteplaats zijn van Sint-Gudula, patrones van Brussel. In 868 duikt de naam Hardigisheim op in de bezittingenlijst van de abdij van Lobbes. Het gebied ressorteerde onder het graafschap Vlaanderen en was in de 11de eeuw in handen van de familie van Herdersem. Na de 13de eeuw behoorde Herdersem aan verscheidene families toe. In 1619 kwam de heerlijkheid in handen van de familie de Valdez, heren van Rotselaar. Door hun toedoen verkreeg Herdersem in 1620 de status van baronie. De laatste eigenaar van de heerlijkheid was de familie du Bois, verwant aan de la Tour Taxis. De heren van Herdersem bewoonden het kasteel Ter Bruggen dat de Fransen in 1667 verwoestten. Dankzij de vrijgevigheid van de heren van Herdersem werd de naburige abdij van Affligem een van de grootste grondbezitters in de gemeente. Het Monnikenhof, in 1623 110 ha groot, vormde de kern van haar bezittingen. De Aart aan de Dender in Herdersem werd door de abdij ook gebruikt als laadplaats voor de zandsteen uit Meldert. Herdersem is een landbouwgemeente waarvan de gronden tot de beste van de streek gerekend worden. De grondopbrengst werd aangevuld met het weven als huisnijverheid. In 1769 waren er twintig getouwen. De industrie bleef tot de 20ste eeuw beperkt. Vanaf het begin van de 20ste eeuw loopt de landbouwactiviteit terug. In 1978 werd slechts de helft van de landbouwopper vlakte gebruikt. Enkele
Sashuis, Herdersem
35