Weg met het nepkapitalisme, leve het humane kapitalisme
C’était un cordonnier, sans rien d’particulier. Dans un village dont le nom m’a échappé. Qui faisait des souliers si jolis, si légers. Que nos vies semblaient un peu moins lourdes à porter. Il y mettait du temps, du talent et du cœur. Ainsi passait sa vie au milieu de nos heures. Et loin des beaux discours, des grandes théories. A sa tâche chaque jour, on pouvait dire de lui. Il changeait la vie.
– Jean-Jacques Goldman
Any intelligent fool can make things bigger, more complex, and more violent. It takes a touch of genius – and a lot of courage to move in the opposite direction. Perhaps we cannot raise the winds. But each of us can put up the sail, so that when the wind comes, we can catch it.
– Ernst Friedrich Schumacher
Problems cannot be solved at the same level of consciousness that created them.
– Albert Einstein
Als je denkt dat je te klein bent om het verschil te maken, heb je wellicht nog nooit de nacht doorgebracht met een mug in je kamer.
– Afrikaans gezegde
Het is de mens die de Weg breder kan maken, niet de Weg die de mens breder kan maken.
– Confucius
INHOUD
Inleiding 10
1 2 3
De wereldeconomie en kapitalisme op drift
18
Adam Smith versus John Maynard Keynes Schaal biedt voordelen, maar de nadelen worden onvoldoende erkend De ultieme en gigantische ‘tragedy of the commons’: ons klimaat Valsspelen bij Monopoly draait uit op gigantisme
20 29 37 41
Gigantisme? 44 1 2 3 4
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13
Size matters Ongezonde concentratie in veel sectoren Hogere winsten, lagere lonen in de economie Conclusie
47 65 68 74
Groeihormonen van gigantisme
76
Vier decennia dalende rente: de grootste hefboom ter wereld Globalisering Bedrijven, vooral de grote, betalen steeds minder belastingen De regelgever, vriend van grote ondernemingen Technologie(platformen) Crony capitalism Groot voelt veilig aan Onvoldoende optreden tegen wereldwijde kartels Too big to fail Big data Escalerende demografie Reclamebudgetten Conclusie
79 88 90 95 96 98 99 101 107 108 108 110 111
1 2 3 4 5 6 7
1 2 3 4 5 6
1 2 3 4
1
Het Champions League-effect
114
Wat is het Champions League-effect? Grote bieren, minder smaken Mainstream wordt ook uw smaak Walmartisatie van de retail Big pharma: ziekten zijn big business Big tech: ieder zijn monopolie Conclusie
116 125 128 131 133 138 140
Gigantisme brengt de mens in verdrukking
142
Walmartisatie leidt tot… obesitas De middenklasse verdwijnt Welvaartsziekten Grote overheid, minder empathie Megasteden verdrukken het individu Ontsporende demografie verdringt het individu ten koste van de massa Wolven in Yellowstone
144 148 150 153 157
Van groeiobsessie naar duurzame groei
168
Groei is normaal Welke problemen met economische groei? Duurzame groei Giganten en zombies De wereldwijde ponzi-economie
171 175 179 182 186
Kleiner, trager en menselijker
190
Triggers van decentralisatie en verkleining Technologie biedt veel mogelijkheden voor kleinere organisaties Menselijke voorkeur ‘Bigness’ faalt Robuustheid Loyaliteit
197 197 198 198 202 203
163 164
2 3 4
Gigantisme is niet onomkeerbaar Deglobalisering Stadstaten en kleinere naties zijn de toekomst voor de globalisering 2.0
206 208
In tien stappen naar postgigantisme
222
De spelregels en de arbiter
224
213
Arbiter 1 2 3
Minder interventionisme van de centrale banken Not too big to fail Subsidiariteit: decentraliseer wanneer het kan
226 227 228
Spelregels 4
5 6 7
Achterpoortjes sluiten en hogere vennootschapsbelasting op internationaal vlak, en geen verschil tussen multinationale ondernemingen en kmo’s Strengere antitrustwetten Verbod op overnames door gigabedrijven Koolstoftaks op internationaal transport en idealiter ook op de uitstoot van het internationale productieproces
228 229 230 231
Spelers
Sociale regels aanvaarden 9 Valsspelers uitsluiten of langdurig schorsen 10 Afstand tussen spelers, arbiters en zij die de spelregels opstellen Davos: de prijs van exclusiviteit Het kapitalisme redden van nepkapitalisten 8
Conclusies Nawoord Tabellen en afbeeldingen Trefwoorden Bibliografie Eindnoten
232 233 234 237 238 241 248 250 252 255 259
INLEIDING
eer dan een decennium na de financiële crisis, en evenveel jaren na mijn boek Econoshock is het opportuun om een nieuwe analyse te maken van de wereldeconomie. Ditmaal vanuit een ander oogpunt. In Econoshock vertrok ik van langetermijntrends. Ik zag er zes grote, die elk een belangrijke schok veroorzaakten. Aangezien zes gelijktijdige grote veranderingen, schokken, samenvielen, vormde dat een enorme en zelden geziene schok voor de wereldeconomie. Deze gebeurtenis, die alleen met de industriële revolutie vergelijkbaar is, noemde ik in 2008 ‘econoshock’. De zes grote schokken bundelden zich rond zes grote assen:
–
Demografie: onder andere de vergrijzing, maar ook megalopolis-
sen, de demografische neergang van Europa en de opkomst van Afrika of de concentratie in Azië en de groei van de totale wereldbevolking op zich. Energie: het einde van het fossiele tijdperk en de zoektocht naar duurzame energiebronnen en efficiëntie, het bouwen van een world wide energy web. Verschuiving van het economische zwaartepunt: de opkomst van vooral China, en een andere economische machtsverhouding tussen de traditionele economische blokken en de ‘ontluikende economieën’. De relatieve neergang van Europa, en de gevolgen op handel en machtsverhoudingen. Klimaat: onderbelicht in 2008, maar voor mij toen de grootste zorg: de opwarming van de aarde door de uitstoot van broeikasgassen, en de onderschatting van de gevolgen ervan door de inertie van onze blauwe planeet. Technologie: de enorme technologische disrupties, die in 2008 nog maar aan de start stonden van wat we nu ‘exponentiële veranderingen’ noemen.
– – – –
11
– Financiële systeemschok: wat in 2008 de volle aandacht kreeg,
maar uiteindelijk slechts één schok is, zij het met verstrekkende gevolgen. Het onhoudbare van big banks, maar evengoed de gevaren van een starre en uitdijende euro of de steeds groeiende schuldenproblematiek.
Deze zes schokken zou je eerder ‘macro-economisch’ kunnen noemen. Het zijn grote trends, langetermijnbewegingen, die de gehele economie en onze maatschappij bepalen. Vandaag blijven Econoshock en de zes trends zeer actueel. Er zou vandaag (gelukkig) veel meer aandacht zijn voor het klimaat. Er is wisselende bezorgdheid over het financiële systeem, maar in de volgende jaren staat ons een onvermijdbare nieuwe financiële crisis te wachten. Men heeft immers niet de oorzaken aangepakt, maar alleen de symptomen bestreden. Een update van Econoshock zou logisch zijn, maar er is meer aan de hand. Daarom moeten we ook de gebeurtenissen vanuit een andere invalshoek bekijken. Hoe zijn onze organisaties veranderd? Wat valt er op als we naar ondernemingen kijken, hoe er concurrentie wordt gevoerd, of hoe de staat de economie aanstuurt? Deze analyse start eerder micro-economisch (vanuit ondernemingen, instituties of andere organisaties), maar biedt al snel inzichten in hoe we onze economie vandaag organiseren. Het valt dan op dat schaalgrootte enorm gestimuleerd wordt, dat we steeds grotere bedrijven en organisaties zien vormen. Volgens mij hebben ze voor een groot stuk een gemeenschappelijke oorzaak: gigantisme. Ik geef toe, het is een eenvoudig begrip, maar het is een erg complex systeem dat vele facetten kent. Gigantisme is geen economisch begrip, het wordt vandaag vooral gehanteerd in de medische wereld om bijvoorbeeld te verwijzen naar een buitenmaatse groei van levende organismen. Intuïtief begrijpt u dat het gaat om groot, té groot. Net zoals in de natuur kunnen ook andere organismen te groot worden. Economische organisaties bijvoorbeeld, maar ook politieke entiteiten. Dat heeft dan weer een invloed op gebouwen, schepen of vliegtuigen, die meegroeien. Uit prestige, noodzaak of een combinatie van beide. Dat
12
Gigantisme
ego’s en potentaten ook groter worden door dit fenomeen laten we even terzijde. Er zijn meerdere oorzaken van gigantisme. We moeten ze in kaart brengen om te bevatten hoe de situatie eerst geleidelijk, en vervolgens zo exponentieel uit de hand kon lopen. Net zoals in de natuur is het een combinatie van elementen die uitmondt in gigantisme. Vervolgens kunnen we pas nadenken over echte oplossingen voor de crisis en de noodsituaties waarmee we nog te maken zullen krijgen. Want de oplossing voor dit fenomeen zal het economische en financiële systeem veel duurzamer maken. Maar het zal ook andere aspecten van onze maatschappij gezonder maken. De financiële crisis was maar één dimensie van een bredere malaise. De ecologische en demografische ontsporingen zijn andere zijden van hetzelfde fenomeen. Zo komt de basisstelling van Econoshock toch weer om de hoek kijken: er zijn vandaag verscheidene gelijklopende veranderingen bezig. Door de manier waarop we impulsen geven aan de wereldeconomie hebben we daar een zeer grote impact op. Als we iets willen doen aan de financiële instabiliteit, zullen we too-big-to-fail-banken kleiner moeten maken. Een oplossing voor klimaat- en energieproblemen is erg complex, maar dwingt ons ook decentraler na te denken. Veel van onze welvaartsziekten worden met chemie, farmaceutische producten, aangepakt, terwijl het veel om de verloren chemie tussen mensen gaat. De recente covid-19-crisis heeft het gigantisme een enorme boost gegeven. Techbedrijven hebben een extra groeishot gekregen, big pharma en big government hebben ook een extra kwantumsprong gemaakt. Het heeft echter ook een tegenbeweging op gang gebracht: de zoektocht en de vraag om meer aandacht te hebben voor lokale productie bijvoorbeeld. Uit noodzaak, door een gebroken logistiek systeem, uit veiligheid en uit hernieuwde aandacht voor het menselijke aspect ervan. In 2021 liep het grootste containerschip ter wereld, de Ever Given, vast in het Suezkanaal, wat de wereldeconomie een hartinfarct opleverde. Het zette de Nederlandse econoom Mathijs Bouman ertoe aan mij in een opiniebijdrage te motiveren om een update te schrijven, met het gigaschip
13
op de cover. Alleen dat laatste sloeg ik in de wind, het staat wel op de achterflap. Maar het was geen toeval dat dit gebeurde: de wereldeconomie moest vroeg of laat vastlopen in de kwetsbaarheid van haar zoektocht naar steeds groter. Het is belangrijk om niet alleen op problemen te wijzen, maar ook om na te denken rond oplossingen. Dat is de rol van opiniemakers én beleidsmakers. We moeten zorgen dat we door de crisis geen foute keuzes maken, en onze economie en maatschappij in een diepere en langdurige crisis storten. Beleidsmakers zijn zich vandaag niet altijd bewust van hun tunnelvisie. ‘Groei is goed’, klinkt het, en tot op zekere hoogte is dat ook correct. Extra groei moet ons uit de crisis helpen, zo klinkt het. In zekere mate is dat absoluut correct. Maar vanaf een zeker niveau gaat die stelling niet langer op. Overdreven groei, of niet-duurzame groei, verergert schulden klimaatproblemen. Het centraliseren van macht en beslissingen is een andere overtuiging van beleidsmakers: grotere gehelen creëren om wereldproblemen op te lossen, ‘want alleen zijn we te klein’. Fout! Heel veel wereldproblemen kunnen we veel beter gedecentraliseerd aanpakken. De grote covid-19-reddingsfondsen zullen heel veel corruptie, inefficiëntie, en jawel, gigantisme veroorzaken. En wat dan met de klimaatproblemen, of de plasticsoep? Daarvoor hebben we toch een grote, wereldwijde aanpak nodig? Die problemen zijn uit de hand gelopen omdat we groot denken en het gigantisme in de spelregels van onze economie hebben laten sluipen. Als we de problemen verkeerd begrijpen, zullen we vanzelfsprekend ook de verkeerde oplossingen voorstellen. Veel problemen zouden minder groot zijn als we niet altijd groot denken. Die vaardigheid moeten we opnieuw verwerven. Sommige van de grote wereldproblemen kunnen we ook het best decentraal en klein aanpakken: recycleren, afval scheiden, lokaal produceren of als consument bewuster kopen. Het klimaat zal niet alleen gered worden door grote akkoorden, maar vooral door bewuste mensen én vernuftige wetenschappers. Een andere risico is natuurlijk het afzweren van groei. covid-19 en opnieuw klimaatzorgen voeden een stroming om groei af te zweren. Ook dat is niet verstandig. Groei is alleen maar de vertaling van de inherente
14
Gigantisme
menselijke ambitie om vooruit te gaan, oplossingen te zoeken, creatief en vindingrijk te zijn. De oplossingen voor klimaat of energie zijn de groei van morgen. We hebben ook groei nodig om schulden terug te betalen, gezondheid betaalbaar te houden, en armoede verder de wereld uit te helpen. Degrowth is geen steekhoudende filosofie, het is een uitspraak die bewijst dat men niet begrijpt wat duurzame groei echt betekent, en wat mensen altijd drijft: dingen verbeteren. De zoektocht naar een goede balans tussen groei, grootte van organisaties, een evenwicht tussen centralisatie en decentralisatie, globalisering en lokalisme, het zijn allemaal onderwerpen die hier aan bod komen. Hoe meer de mens betrokken is, hoe gelukkiger hij wordt, maar ook hoe verantwoordelijker hij omgaat met grondstoffen en middelen.
Het cruciale vraagstuk dat me bezighoudt, is hoe we de economie opnieuw gezond kunnen maken: voor de mens, de overheid, de gemeenschap en de planeet. Het is niet alleen een vraag voor economen; we mogen niet eendimensionaal denken. Inderdaad, het is niet uitsluitend een economisch vraagstuk, het raakt aan alle aspecten van onze maatschappij en zelfs ons mens-zijn. Daarom wil ik als econoom ook leren van andere vakgebieden: sociologie, natuurwetenschappen, sport, politiek… De natuur leert ons hoe dingen die ontsporen uiteindelijk een nieuw evenwicht bereiken. De sport leert ons veel over de dynamiek van hoe mensen samen een doel kunnen bereiken. Sport blijft een spiegel van de economie en de maatschappij. Hetzelfde geldt voor spelletjes, zoals Monopoly, Uno of schaken. Het zegt iets over vrijheid binnen bepaalde regels, en hoe we ons gedrag daarop moeten aanpassen, risico nemen of samenwerken. De politiek zal moeten leren zichzelf opnieuw uit te vinden, macht af te staan aan lagere entiteiten, minder in te grijpen en meer vertrouwen te geven aan burgers en ondernemers die een goed gestuurd eigenbelang nastreven, en daardoor beter het algemeen belang dienen. Als je gelooft dat de overdrijvingen niet alleen economisch van aard zijn, moet je je blik enorm verbreden. Voor mij is het overduidelijk dat de groeiobsessie zich heeft vertaald in ecologische en maatschappelijke onevenwichten. We krijgen geen greep op die onevenwichten, omdat de voorgestelde oplossingen ons alleen maar verder van het evenwicht
15
verwijderen. Helaas zijn veel van de oplossingen te sterk ideologisch gekleurd. Te extreemlinks bijvoorbeeld, zoals in: ‘Economie is slecht, kapitaal is slecht, bedrijven zijn de bron van alle kwaad.’ Of te rechts, zoals in: ‘Er is meer leiderschap nodig.’ Of ook: ‘Er is geen klimaatprobleem, kapitalisme zal alles redden, ondernemers kunnen alle wereldproblemen oplossen.’ Ook in het ideologische veld is er meer evenwicht nodig. Er bestaat geen groot gelijk van één kant, we moeten leren dat er waardevolle punten opborrelen aan beide kanten van het ideologische spectrum. Om gedragingen van mensen aan te passen moet je ze overtuigen en subtiele impulsen geven om ze in de goede richting te sturen. Maar de spelregels van de wereldeconomie mogen die positieve impulsen niet overstemmen. Daar wringt vandaag de schoen. Als de wereldeconomie een groot computersimulatiespel zou zijn, dan liep het besturingssysteem nu ongeveer vast. We beginnen dus aan een gewaagde denkoefening. De huidige oplossingen worden vrij breed gesteund door de gevestigde machten: politiek, institutioneel en de grote bedrijven. Veranderen roept weerstand op. De mens zelf houdt evenmin van verandering. Maar deze ommekeer zal niet van bovenaf worden gestuurd: om succesvol te zijn zal hij – integendeel – van onderuit ingang vinden. Bottom-up dus, en stap voor stap. Dat is nu al het geval op andere vlakken: de keuze voor schone technologie of menswaardige werkomstandigheden, en de strijd tegen armoede of voor een beter milieu komen niet vanuit de gevestigde structuren. Ze worden elke dag beetje bij beetje gerealiseerd, door het gedrag van alle mensen die erin geloven, van onderuit. Als we dat proces een klein zetje kunnen geven, een versnelling, dan zijn we allen activisten voor een economie op mensenmaat. Dat is de economie waarvoor ik me graag inzet door ze frisse ideeën aan te bieden. Dat is de drijfveer geweest om Gigantisme te schrijven. In een periode waarin de roep klinkt om het kapitalisme af te schaffen, groei af te zweren en meer overheid in te zetten als oplossingen voor de uitdagingen en crisissen, is mijn pleidooi om het nepkapitalisme af te zweren en terug te gaan naar het humane kapitalisme dat ook Adam Smith voor ogen had. Emblem, april 2022 Gigantisme
17
HOOFDSTUK 1
18
Gigantisme
DE WERELD ECONOMIE EN KAPITA LISME OP DRIFT
ADAM SMITH VERSUS JOHN MAYNARD KEYNES
Het vertrouwen in het kapitalistisme was al sterk beschadigd. Het is ook logisch dat heel veel mensen gaan twijfelen aan het kapitalistische systeem, als het tijdens een financiële crisis gered moet worden door de belastingbetaler zelf. En zeker als dat gebeurt op een moment dat bankiers miljoenenbonussen verdienen, en grote banken zo groot zijn geworden dat men vindt dat ze niet meer mogen of kunnen omvallen. De huidige klimaatcrisis doet dat vertrouwen echter nog meer wankelen. De enorme uitstoot van broeikasgassen kan gelinkt worden aan een honderdtal grote, kapitalistische bedrijven. Het is dus logisch dat men een systeem ter discussie stelt dat dergelijke spelers de kans heeft gegeven het klimaat te verstoren waar elke aardbewoner de gevolgen van ondervindt, maar misschien wel vooral de zwakkeren, die van dat kapitalisme onvoldoende de vruchten kon plukken. Hoewel de invoering van het staatskapitalisme in China heel veel mensen uit de armoede heeft getild, wordt het huidige kapitalisme terecht – maar ook vaak onterecht – gelinkt aan armoede, ongelijkheid en andere onrechtvaardigheden. Een aantal economen met een groeiende aanhang bij de media en het brede publiek stelt het kapitalisme daarom ernstig aan de orde, of verwerpt het. Er is een groeiende groep economen die een bepaalde vorm van doorgedreven socialisme voorstaat dat neigt naar communisme, met een dominante rol voor de overheid. Het werk van de Franse econoom Thomas Piketty (Le Capital au xxie siècle) neemt het kapitalisme onder vuur als inherente bron van onrechtvaardigheid. Hij claimt dat kapitalisme de rijken rijker maakt, omdat het rendement op kapitaal doorgaans hoger is dan de economische groei.A Niet alleen zijn de tijdreeksen waarop Piketty zich baseert niet eenduidig te interpreteren maar bovendien is A
20
r > g, waarbij r = rendement kapitaal, g = economische groei.
Gigantisme