Skip to main content

9789059409491

Page 1

Inhoud 1: Compositie en standpunt Inleiding compositie Vlakverdeling Kijkgeleiding Voorgrond, achtergrond en evenwicht Dynamiek en diepte Minder is meer OriĂŤntatie van de camera Panorama Samenvatting Inleiding standpunt Beperking camerastandpunt Relatie onderwerp en achtergrond Perspectivische vervorming Samenvatting Inleiding lenskeuze Lenstypen, brandpunt en beeldhoek Lensspecificaties en -kwaliteit Lensaccessoires Samenvatting Voorbeelden compositie en standpunt

2: Licht en kleur Inleiding licht Lichtsoorten Lichtmeting Hoog contrast Correctiemiddelen Samenvatting Inleiding kleur Witbalans Kalibratie monitor en printer Kleurtoon, verzadiging en contrast AdobeRGB en sRGB Zwart-wit Kleurcompositie Samenvatting Inleiding weer, locatie en tijd

1 2 2 3 8 8 10 10 12 15 17 17 18 20 21 23 23 28 30 31 32

45 46 46 49 58 60 64 66 66 68 69 70 70 73 73 75

vii


Focus op Fotografie: Compositie & licht Geheugensteuntje Weersverwachting en zonnestand Evenementenkalender en openingstijden Routebeschrijving en lokale omstandigheden Samenvatting Voorbeelden licht en kleur

3: Scherpte en beweging

99

Inleiding scherpstellen Scherpstellen Scherpstelpunt Scherpstelvlak Onscherpte Samenvatting Inleiding scherptediepte Diafragma, voorwerpsafstand en brandpunt Lensafwijkingen Bokeh Focus stacking Samenvatting Inleiding sluitertijd Bevroren beweging Beeldstabilisatie Bewuste beweging Het beslissende moment Samenvatting Voorbeelden scherpte en beweging

100 100 102 103 104 106 108 108 109 110 112 113 115 115 117 117 119 120 121

4: Publicatie Inleiding publicatie Resolutie en beeldverhouding Foto’s verscherpen Bestandstype en kleurruimte Samenvatting

5: Inspiratie Inleiding Nawoord

Index

viii

75 76 80 81 82 83

133 134 134 142 147 149

151 152 194

195


Compositie en standpunt

ISO 100 • f/9 • 1/320s • 15mm fisheye.

Essentiële vaardigheden: • • • • •

Bewustzijn van compositie-‘regels’. Versterken van dynamiek en diepte. Keuze van de juiste lens. Keuze brandpunt-standpunt. Relatie voorgrond-achtergrond.


Focus op Fotografie: Compositie & licht

Inleiding compositie U staat op het juiste moment met uw camera met de juiste lens en instellingen op de juiste plaats. Op dat moment denkt u na hoe u alle beeldelementen kunt ‘rangschikken’ om tot de perfecte foto te komen. Hoe kadert u het onderwerp en wat zijn de belangrijkste elementen in het zoekerbeeld? Wat wilt u laten zien en waar moet het oog van uw publiek op vallen? Oftewel, hoe moet de compositie van de foto zijn om een onderscheidende opname te kunnen maken? De compositie is bij elk onderwerp belangrijk. Bij een alledaags onderwerp zijn we vaak erg kritisch op hoe het kader van een foto is opgebouwd, maar ook op exotische locaties moeten we alle aandacht geven aan de compositie en niet vervallen in een registrerend kiekje van een leeuw of besneeuwde bergtop. Er zijn verschillende aspecten die een rol spelen bij de opbouw van een foto, waarvan we in dit hoofdstuk de belangrijkste behandelen.

Vlakverdeling Het is duidelijk dat het karakter van een onderwerp sterk wordt bepaald door hoe de onderlinge elementen in het kader worden geplaatst. Plaatsen we het hoofdonderwerp in het midden of aan de linker-, rechter-, boven- of onderzijde van de foto? De Hollandse meesters beheersten dit als geen ander en zijn er beroemd mee geworden. De indeling van hun schilderijen was gebaseerd op de zogeheten gulden snede. Hoewel het geen wetmatigheid is, is de hiervan afgeleide ‘regel van 1/3-2/3’ een nuttig hulpmiddel voor een vlakverdeling gebaseerd op de gulden snede. Zet het hoofdonderwerp niet onbewust centraal in het kader. Kijk of de foto aan kracht wint door bijvoorbeeld de horizon op 1/3 van de boven- of onderzijde te positioneren in plaats van exact in het midden.

Voorbeeld van de regel van 1/3.

2


Hoofdstuk 1: Compositie en standpunt fig02_12c

Ook een portret ziet er beter uit als het model uit het midden op 1/3 van de linker- of rechterkant wordt geplaatst. De perfecte vlakverdeling is niet voor elk onderwerp van groot belang, maar bij landschappen en natuurfotografie is het een zwaarwegend aspect van de kwaliteit van de foto. Naast de regel van 1/3 kan hier de vlakverdeling ook plaatsvinden op basis van de aanwezige water-, land- en luchtelementen. Maar ook vorm-, kleur- en contrastverschillen kunnen als uitgangspunt dienen voor de indeling van het kader. Belangrijk bij de juiste vlakverdeling is het evenwicht tussen alle beeldelementen en tussen de voor- en achtergrond. Soms kan een bewuste onbalans pakkend zijn en de toeschouwer verrassen.

Compositietip Compositieregels zijn geen wetten, maar slechts een hulpmiddel bij het kiezen van een aansprekende compositie. Als u bijvoorbeeld symmetrie wilt benadrukken, zoals bij een kaarsrecht bospad met aan beide zijden bomen of bij spiegeling in een watervlakte, zou het onverstandig zijn het bospad of de horizon niet in het midden te zetten. Van belang is dat u bewust kiest hoe de vlakverdeling moet zijn en niet gedachteloos een kiekje maakt.

Bijna volledig symmetrisch, maar toch heel mooi.

Kijkgeleiding Hebt u weleens nagedacht over hoe u een foto bekijkt? Waar valt uw oog als eerste op en waar leidt die eerste blik ons oog naartoe bij een verdere zoektocht over het onderwerp? Het traject dat het oog volgt als het wordt geconfronteerd met een fotografisch beeld, wordt ‘kijkgeleiding’ genoemd. En als u die term even op u laat inwerken, zult u elke foto voortaan bewust of onbewust aan dit criterium toetsen. Het helpt u tevens om de compositie van uw foto’s meer fundament en structuur te geven.

3


Focus op Fotografie: Compositie & licht

Ingang linksonder volgt de weg naar huisjes aan rechterzijde (uitgang).

Ingang en uitgang In het bijzonder een landschapsfoto heeft een goede ‘ingang’ en ‘uitgang’ nodig. Dat wil zeggen een plek waar uw blik de foto inkomt en weer verlaat. Een ingang kan worden gevormd door een duidelijk aanwezig element (paaltje, steen), maar ook door een onscherp laagje waardoor diepte wordt gecreëerd. Een uitgang is bijvoorbeeld een opening in een bomenrij.

Eyecatcher Het punt waar het oog naartoe wordt getrokken, is de eyecatcher van de foto. Dit kan het scherpste punt zijn of het deel van de foto dat er door belichting uitspringt. Ook kleuren pakken de aandacht, zeker als ze in een monochrome omgeving zijn geplaatst. Rood speelt hierin een vooraanstaande rol als typische signaalkleur. Ook een bijzondere of herkenbare, geïsoleerde vorm kan de blik vangen. Afhankelijk van hoe de eyecatcher in het kader is gepositioneerd en de richting waarin deze wijst, zal het oog de volgende stap in de foto maken. Als dit onderwerp in beweging is of een bepaalde kant op kijkt, is het gebruikelijk dat die beweging of kijkrichting naar het centrum van het kader is.

4


Hoofdstuk 1: Compositie en standpunt

Een eyecatcher.

fig02_04

Leesrichting Als westerlingen met een Romeinse tekenset zijn we gewend om van links naar rechts te lezen. En zo zullen we in eerste instantie ook een foto benaderen. Zo kan, met de nadruk op kan, het plaatsen van het hoofdonderwerp aan de linkerzijde van de foto aanleiding zijn om de kijkgeleiding te starten.

Lijnen Deze natuurlijke, westerse lees- en kijkrichting van links naar rechts kan worden versterkt met het verloop van lijnen binnen het onderwerp, zeker als deze evenwijdig aan de diagonaal zijn. Hebt u de keuze om een pad centraal in het midden of vanuit de linkeronderhoek omhoog te laten lopen, dan zorgt die laatste optie voor een betere kijkgeleiding. In veel onderwerpen zijn er lijnen in overvloed: fysiek in de vorm van een pad, beek, muur, takken, bomenrij of andere repeterende voorwerpen, maar ook visueel, zoals een contrast- of kleurscheiding en schaduwen. In het verloop van lijnen speelt ook de perspectivische vervorming een grote rol. Een spoorlijn of brede rechte weg met convergerende lijnen wijzen letterlijk naar een bepaald punt. Alles wat zich in de foto aan het eind hiervan bevindt, krijgt extra aandacht van de kijker. Dit geldt zowel voor horizontaal als verticaal perspectief.

5


Focus op Fotografie: Compositie & licht

Komt de trein al? Let op de convergerende lijnen.

fig02_05

Herhaling In de beschrijving van het fenomeen lijnen in de kijkgeleiding, is de herhaling van voorwerpen al genoemd. Dit hoeft strikt genomen geen regelmatige herhaling te zijn in een rechte lijn, maar ze mag elke willekeurige vorm hebben, zolang het oog bij het zien van het eerste voorwerp maar naar het tweede springt en zo verder. Voorbeelden zijn paaltjes, bomen en huizen die in een zekere rangorde zijn geplaatst.

Doorkijkje Een heel concrete vorm van kijkgeleiding is het doorkijkje: alsof je door een sleutelgat naar het hoofdonderwerp kijkt. Een vensterraam, een poort, een dunne plek in de vegetatie of een gat in een muur zijn allemaal voorbeelden van doorkijkjes. Meestal vervult het voorwerp wat ons het doorkijkje verschaft zelf geen hoofdrol in de compositie en volstaan slechts de contouren van een silhouet.

6


Hoofdstuk 1: Compositie en standpunt

Herhaling van de stenen van linksonder naar het midden.

Doorkijkje van gebladerte en struiken. Het hoeft niet altijd een poort te zijn.

7


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789059409491 by Uitgeverij Lannoo - Issuu