Skip to main content

9789038225548

Page 1

Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw DE eerste helft

Martine Smets & Aurèle Looman

2012

int_geschiedenis.indb 3

24/08/12 15:52


Š Academia Press Eekhout 2 9000 Gent Tel. 09/233 80 88 Fax 09 233 14 09 info@academiapress.be www.academiapress.be De uitgaven van Academia Press worden verdeeld door: J. Story-Scientia nv Wetenschappelijke Boekhandel Sint-Kwintensberg 87 B-9000 Gent Tel. 09/225 57 57 Fax 09 233 14 09 info@story.be www.story.be Ef & Ef Postbus 404 3500 AK Utrecht Tel. 0475 561501 Fax 0475 561660 info@efenefmedia.nl www.efenefmedia.nl Vormgeving en opmaak: Press Point, tel. 09 362 52 50 Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw. De eerste helft van de twintigste eeuw. Martine Smets & Aurèle Looman Gent, Academia Press, 2012, 330 p. ISBN 978 90 382 1981 3 D/2012/4804/157 NUR 686 U1884 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of vermenigvuldigd door middel van druk, fotokopie, microfilm of op andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

int_geschiedenis.indb 4

24/08/12 15:52


I inhoud

INHOUD Deel 1 Het breukvlak van twee eeuwen en de periode van de grote dreiging

1

1 Inleiding: geschiedenis en actualiteit

1

1.1 Het nut van geschiedenis

2

1.2 Het drielandenpunt tussen geschiedenis, journalistiek en literatuur

5

1.3

5

Eigentijdse geschiedenis of journalistiek met voetnoten?

2 Een korte inleiding in de korte 20ste eeuw 2.1

Een paar klassiekers

7

2.1.1 Eric Hobsbawms triptiek 2.1.2 Mark Mazower en de politieke pathologie van de totalitaire staat 2.1.3 Niall Fergusons politieke geografie

7 7 8

3 De Eerste Wereldoorlog of de Grote Oorlog 3.1 3.2

13

De Europese vorstenhuizen als voorlopers van de Europese Unie

13

Militair stratego

15

3.2.1 Duitsland 3.2.2 Groot-Brittannië en Frankrijk 3.2.3 Oostenrijk-Hongarije, Rusland en het Ottomaanse Rijk 3.2.4 Italië

16 16 16 17

3.3 De allianties

17

3.4 Overal in Europa gaan de lichten uit…

18

3.5 Oostenrijk-Hongarije verklaart de oorlog aan Servië

21

3.6 Voor Kerstmis weer thuis

22

3.7 Het einde van de ‘Grote Oorlog’

25

3.8

Een aantal maatschappelijke gevolgen van de ‘Grote Oorlog’

26

3.8.1 De seksuele revolutie 3.8.2 Het ontstaan van ‘Big Goverment’ 3.8.3 Nieuwe oorlogswapens en -technieken 3.8.4 Oorlogsdichters en cultuurpessimisten 3.8.4.1 De oorlogsdichters 3.8.4.2 De Cultuurpessimisten

26 27 28 30 30 33

4 De grote dreiging 1919-1945 4.1 De laatste show van het monarchale Europa

34 34

4.2 Woodrow Wilson en ‘Peace without victory’

35

4.3

36

Zelfschikking: alleen voor de overwinnaars

4.4 Door staat en natie te laten samenvallen…

37

4.5 De etnische identiteitskaart van Midden- en Oost-Europa

38

4.6 De economische crisis van 1929

39

4.7 Duitsland

40

4.7.1 De Weimarrepubliek 1919-1933 4.7.2 De dolkstootlegende 4.7.3 Het Verdrag van Versailles 1919 4.7.4 De heropbouw van het Duitse leger 4.7.5 Duitsland in de jaren twintig

int_geschiedenis.indb 1

7

40 40 42 44 45

24/08/12 15:52


II Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw

4.8 De Dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije 1867-1918 4.8.1 ‘Alleen de keizer stond er nog als een vergeten zilveren halm’ 4.8.2 Wat Lenin en Stalin leerden van de Dubbelmonarchie 4.8.3 Keizerin Sisi en de Habsburgse hofetiquette 4.8.4 In niet-politieke zin gebeurde er veel in de ‘Habsburgse leegte’ 4.8.5 Het Verdrag van Saint-Germain 1919 4.8.6 Het Verdrag van Trianon 1920 4.8.7 Het Verdrag van Neuilly 1919

4.9 Het Ottomaanse Rijk 4.9.1 De Arabieren in het Ottomaanse Rijk 4.9.2 Het wahabisme 4.9.3 De zieke man van Europa 4.9.4 Het failliet van de Ottomaanse staat 4.9.5 De Oosterse kwestie 4.9.6 De ‘Jonge Turken’ en de Eerste Wereldoorlog 4.9.7 De Armeense genocide: een holocaust of een Holocaust? 4.9.8 Het ontstaan van het Midden-Oosten 4.9.8.1 De ‘sjarief’ van Mekka en de Arabische revolte 4.9.8.2 Het Sykes-Picotakkoord 1916 4.9.8.3 Het zionisme 4.9.8.4 Het Verdrag van Sèvres 1920 4.9.8.5 Het Verdrag van Lausanne 1923 4.9.8.6 Op weg naar de Arabische onafhankelijkheid? 4.9.8.7 Egypte: de ‘Wafd’ en de Moslimbroederschap 4.9.8.8 Het Britse imperium in het Midden-Oosten

47 52 53 53 54 58 60

61 61 62 63 64 66 67 68 69 70 71 72 75 76 77 78 80

4.9.8.8.1 Mesopotamië en Irak 4.9.8.8.2 Transjordanië 4.9.8.8.3 Palestina

80 83 84

4.9.8.9 Het Franse imperium: Syrië en Libanon 4.9.8.10 Het ontstaan van Saoedi-Arabië

85 87

4.10 Rusland 4.10.1 De Russische kolos en de Romanovs 4.10.2 De Russisch-Japanse oorlog 1904-1905 4.10.3 Bloedige Zondag in Sint-Petersburg 1905 4.10.4 De ‘bolsjewieken’ en de ‘mensjewieken’ 4.10.5 De tsaar leefde in een met diamanten beklede ivoren toren 4.10.6 Een leger van schoenlappers en boeren 4.10.7 De Februari- en Oktoberrevolutie van 1917 4.10.8 Lenin consolideerde de macht van de sovjets 4.10.9 Het Verdrag van Brest-Litovsk 1918 4.10.10 De Witten tegen de Roden

4.11 De Verenigde Staten 4.11.1 Amerika verschijnt op het wereldtoneel 4.11.2 De Eerste Wereldoorlog 4.11.3 Het ontstaan van de consumptiecultuur 4.11.4 Conservatisme en immigratie 4.11.5 De stad en de ‘Progressive Era’ 4.11.6 De drooglegging 4.11.7 De ‘gay’ of ‘roaring twenties’ 4.11.8 Wall Streetcrash van 1929 4.11.9 De ‘New Deal’ 4.11.10 Neutraliteit onder druk

4.12 China van 1911 tot 1945 4.12.1 De laatste Chinese keizerlijke dynastie 4.12.2 China vanaf 1912 4.12.3 De Chinese Communistische Partij en de ‘Guomindang’

int_geschiedenis.indb 2

47

90 90 91 92 93 94 94 96 98 100 101

103 103 105 107 108 110 111 111 111 112 113

115 115 117 119

24/08/12 15:52


III

4.13 India: Brits-Indië tot aan de splitsing van 1947 4.13.1 De Britse Oost-Indische Compagnie 4.13.2 De ‘Great Game’ tussen Britten en Russen 4.13.3 De ruggengraat van Indië brak 4.13.4 De Indische Muiterij van 1857-1858 4.13.5 Het ‘British Empire’ en het rijk van ‘de Raj’ 1857-1947 4.13.6 ‘The World Wide Web’ 4.13.7 Het ontstaan van het ‘Indian National Congres’ in 1885 4.13.8 De splitsing van Bengalen 4.13.9 De Ghadarbeweging 1913-1919 4.13.10 De Indiërs keken naar Ierland 4.13.11 De Eerste Wereldoorlog en zijn gevolgen 4.13.12 Amritsar 1919 4.13.13 Gandhi en Nehru

5 De decennia van de totalitaire samenlevingen, de militaire dictaturen en de autoritaire regimes

125 125 127 129 129 132 135 136 139 142 142 143 145 145

149

5.1 Definities als bevroren beeldhouwwerken

149

5.2 De democraten verloren de strijd om ‘de leegte’

151

5.3

Europees links was verslagen

5.4 Italië 5.4.1 Wat is fascisme? 5.4.2 De fases in het fascisme volgens Robert Paxton 5.4.3 De praktijk van het fascisme 5.4.4 Het fascisme aan de macht 5.4.5 Het economische beleid 5.4.6 De Lateraanse verdragen 1929 5.4.7 De ‘Mare Nostrumgedachte’

5.5 Duitsland 5.5.1 De overheid bleef opvallend blind aan het rechteroog 5.5.2 Hitler zong een puur Germaans lied 5.5.3 De ‘gelijkschakeling’ 5.5.4 De bewaking van de kwaliteit en kwantiteit van de mensenmassa 5.5.5 Het land van Goethe, Schiller, Beethoven, maar ook Auschwitz 5.5.6 De Conferentie van Evian 6-15 juli 1938 5.5.7 Op zoek naar ‘Lebensraum’ of de ‘Drang nach Osten’

5.6 Japan 5.6.1 Een korte voorgeschiedenis: Deshima en de Hollandwetenschap 5.6.2 De Groot Oost-Aziatische Gemeenschappelijke Welvaartssfeer 5.6.3 En de kersenbloesems vielen … 5.6.4 De asmogendheden: de drie ‘havenots’ 5.6.5 Het Mantsjoerije- of Mukdenincident 1931 5.6.6 Mantsjoekwo, een marionettenstaat 5.6.7 Japan na 1932 5.6.8 De val van Nanking in 1937 5.6.9 Was Japan fascistisch in de jaren dertig? 5.6.10 De troostmeisjes

5.7 Spanje 5.7.1 Het einde van de monarchie

int_geschiedenis.indb 3

119 120 121 121 123 124

inhoud

4.12.4 Tjiang Kai-sjek en de nationalistische periode 1928-1937 4.12.5 De strijd van de CCP en Mao Zedong 4.12.6 Japan valt Mantsjoerije aan 4.12.7 De Lange Mars van 1934-1936 4.12.8 Japan valt hartje China aan: er ontstaan twee simultane oorlogen 4.12.9 Het einde van de Tweede Wereldoorlog

152 154 154 155 157 158 158 159 160

161 161 163 165 166 167 169 170

171 171 173 174 175 176 177 177 178 178 179

180 180

24/08/12 15:52


IV Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw

5.7.2 De burgeroorlog 1936-1939 5.7.3 De burgeroorlog wordt internationaal 5.7.4 Het Francoregime 5.7.5 De dreigende wereldoorlog en de erfenis van Franco

5.8 De Sovjet-Unie 5.8.1 De Unie van de Socialistische Sovjetrepublieken vanaf 1922 5.8.2 De staatsinstellingen 5.8.3 Lenin en de opkomst van Stalin 5.8.4 De Nieuwe Economische Politiek (NEP 1921-1928) en de vijfjarenplannen 5.8.5 Stalin en de eeuw van de machine 5.8.6 De terreur 5.8.7 De personencultus van Stalin 5.8.8 Vrouwen in de Sovjetmaatschappij 5.8.9 De nieuwe samenleving en de ‘gelijkschakeling’ 5.8.10 De ‘Komintern’

184 184 185 186 187 189 191 192 193 194 195

Deel 2 De Tweede Wereldoorlog

197

6 De laatste jaren van de vrede

197

6.1 ’Appeasement’

198

6.1.1 De ‘Anschluss’ van Oostenrijk in 1938 6.1.2 De Conferentie van München en het Sudetenland 6.1.3 Het einde van de ‘appeasementpolitiek’ 6.1.4 Het Molotov-Ribbentroppact 1939 6.1.5 De ‘bloedlanden’

198 199 203 203 204

6.2 Het begin en verloop van de Tweede Wereldoorlog 1939-1941

207

6.2.1 De geschiedschrijving over de Tweede Wereldoorlog 6.2.2 Het begin van de Tweede Wereldoorlog 6.2.3 De inval in Polen in 1939

207 207 207

6.2.4 Europa onder de voet gelopen 1940-1941: de Duitse opmars

211

6.3 De omslag 1941-1942

215

6.3.1 Operatie Barbarossa 1941 6.3.2 De VS en de oorlog 6.3.3 Het Japanse offensief 1941-1942

215 215 216

6.4 De lange weg naar de overwinning 1942-1945

217

6.4.1 De geallieerden: een vriendenclub? De Conferentie van Teheran 1943 6.4.2 De Conferentie van Jalta 1945 6.4.3 De laatste fase van de oorlog 6.4.4 Moreel bombarderen 6.4.5 Het Rode Leger bezet Midden- en Oost-Europa 6.4.6 De bevrijding van Europa 6.4.7 De Conferentie van Potsdam 1945

220 222 223 225 228 229 233

Deel 3 De naweeën van de Tweede Wereldoorlog 1945-1953

235

7 De naoorlogse periode 1945-1953

235

7.1 De naweeën van de Tweede Wereldoorlog

235

7.2 De dekolonisatie of de nekslag voor het kolonialisme

236

7.2.1 Het kolonialisme en de Koude Oorlog 7.2.2 Europa overleeft 7.2.3 Brits-Indië verlaat de imperiale kudde: de deling van 1947 7.2.4 Het ‘verkeerde land’ 7.2.5 Problemen bij het herstel van de koloniale status-quo

int_geschiedenis.indb 4

180 182 183 183

236 237 237 239 242

24/08/12 15:52


V 242 244

7.3 De opkomst van de nieuwe wereldmogendheden VS en USSR

246

7.4

248

Economische hulp als politiek wapen 1945-1947

7.5 De veranderende beeldvorming: het IJzeren Gordijn

inhoud

7.2.5.1 ‘Indië verloren, rampspoed geboren’ 7.2.5.2 Frans-Indochina: de Eerste Indochinese Oorlog

248

7.6 Het ontstaan van de Koude Oorlog: het begin van het nucleaire tijdperk

249

7.6.1 Wanneer begon de Koude Oorlog: in 1917 of in 1947? 7.6.2 De eerste opdracht voor de VN-Veiligheidsraad: Iran 1946 7.6.3 Conflict om de Dardanellen 1946

249 250 251

7.7 Oost-Europa wordt communistisch 1945-1948 7.7.1 De sovjetisering tussen 1943-1948 7.7.2 Het geweer werd van schouder veranderd… 7.7.3 De ‘fellow travelers’

7.8 De Trumandoctrine 7.8.1 Griekenland: de geopolitieke achtertuin van de Britten 7.8.2 Een aantrekkelijk alternatief voor het anticommunisme in 1947

252 252 253

254 254 254

7.9 Het Marshallplan en de Kominform

255

7.9.1 Het Marshallplan 7.9.2 De ‘Comecon’ en ‘Kominform’ 7.9.3 De ‘American Way of Life’

256 256 256

7.10 Duitsland onder de geallieerde bezetting: 1945-1947

7.11

257

7.10.1 ‘Die Stunde Null’ 7.10.2 Denazificatie en de 3 P’s 7.10.3 De ‘Bizone’ en de ‘Trizone’

257 260 262

Zware spanningen 1948-1953

263

7.12 De ‘coup van Praag’ 1948

263

7.13 Na Praag kwam Helsinki

264

7.14

Joegoslavië was het verst gevorderd op ‘het pad van het socialisme’

264

ˇ 7.14.1 De ‘Ustašabeweging’, de ‘ Cetniks’ en de partizanen 7.14.2 Joegoslavië na de Tweede Wereldoorlog 7.14.3 Stalin en Tito 7.14.4 De ‘Kominform’ wijst Joegoslavië de deur 1948

264 266 267 268

7.15 De twee Duitslanden

7.16

268

7.15.1 De Berlijnse blokkade 1948 7.15.2 De geboorte van de Bondsrepubliek Duitsland 1949 7.15.3 De geboorte van de Duitse Democratische Republiek 1949

268 269 270

‘Nous avons peur’ of het Pact van Brussel 1948 en de NAVO 1949

271

7.16.1 De oprichting van de NAVO 1949 en het ‘gat van Fulda’ 7.16.2 Het atlanticisme 7.16.3 Het Warschaupact 1955

271 272 273

7.17 De geboorte van de staat Israël 1948 7.17.1 ‘Een volk zonder land’ en ‘een land zonder volk’ 7.17.2 De Britten legden de sleutel onder de mat in 1948 7.17.3 De ‘Nakba’ of de catastrofe

7.18 De communisten en de nationalisten in China 1945-1949 7.18.1 De samenwerking tussen Mao Zedong, Tjiang Kai-sjek en Stalin na de Japanse overgave in China 7.18.2 De Communistische Partij overwint 7.18.3 Tjiang Kai-sjek trok zich terug op Taiwan, Mao erfde de chaos 7.18.4 De ‘slag om China’ 7.18.5 Mao’s buitenlands beleid

7.19 De Koreaanse oorlog en de wapenwedloop 1949-1953 7.19.1 De 38ste breedtegraad 7.19.2 De eerste schermutselingen 1949

int_geschiedenis.indb 5

251

273 273 276 279

281 281 282 282 283 284

284 284 285

24/08/12 15:52


VI Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw int_geschiedenis.indb 6

7.19.3 Ten aanval met goedkeuring van Stalin en Mao Zedong 1950 7.19.4 Pusan en Inchon 7.19.5 Wapenstilstand maar geen vrede 1953

285 286 288

7.20 De bewapeningswedloop

289

7.21 De militaire integratie van Europa en de West-Duitse herbewapening

292

7.21.1 De Europese Defensiegemeenschap 1951-1953 7.21.2 De West-Europese Unie en het Warschaupact 1954

7.22

Een stap naar de culturele en juridische integratie van Europa: de Raad van Europa 1949

7.23 Op weg naar de economische en sociale integratie van Europa: het EGKS-Verdrag 1952

8 Bijlagen

293 294

295 295

297

8.1

Europa Orohydrografie

297

8.2

Europa 1789

298

8.3

Europa 1812 (Napoleon)

299

8.4

Europa 1815

300

8.5

Europa 1914

301

8.6

Europa 1919 - 1922

302

8.7

Europa 1945 - 1947

303

8.6

Europa 1990 - 1993

304

9 Bronnenlijst

305

10 Index

323

24/08/12 15:52


Deel 1

Het breukvlak van twee eeuwen en de periode van de grote dreiging 1 Inleiding: geschiedenis en actualiteit In 2010, bij de aanstelling van Sandra De Preter als nieuwe CEO van de VRT, tekende Katia Segers, docente communicatiewetenschappen en directeur van het Centrum voor Media- en Cultuurstudies aan de VUB, in De Standaard op dat het goed zou zijn als de VRT zou kunnen zorgen voor nieuwe uitstekend opgeleide journalisten: ‘Jonge journalisten, die vaak in zeer precaire en slecht betaalde statuten werken, krijgen niet langer de kans om te groeien in hun job, omdat de begeleiding ontbreekt van de oude rotten in het vak. Die wandelende encyclopedieën werden doorgaans aan de deur gezet’.1 Dit studieboek is geen encyclopedie, eerder een synthese die gemaakt werd aan de hand van inzichten van anderen. Misschien vinden sommige lezers dat de behandelde thema’s te vluchtig werden beschreven, maar aan de hand van de bronvermeldingen kunnen ze er meer over gaan lezen. We doen een poging om toekomstige journalisten toch op zijn minst een zekere historische kennis op het internationale vlak bij te brengen, die verder bouwt op wat ze in het secundair onderwijs en op eigen houtje hebben verworven. Deze publicatie voor aankomende journalisten pretendeert in geen geval volledig te zijn. De auteurs moesten een keuze maken. Het werd vooral een politieke beschrijving van de 20ste eeuw vanuit Europees standpunt, waarbij er gekozen werd voor een ‘zapboek’. Welke feiten en gebeurtenissen moeten in de rugzak zitten van studenten die zich later met internationale nieuws­garing moeten bezighouden? Daarover kan worden gediscussieerd. Welke feiten en gebeurtenissen bekijken we in de achteruitkijkspiegel? En vooral: wanneer begint en eindigt een eeuw? Soms wordt er al eens teruggegrepen naar de 19de eeuw of zelfs vroeger om verbanden te kunnen verduidelijken. Bij een dergelijke aanpak moeten we wel kiezen tussen ‘weinig over veel’ of ‘meer over minder’.2 Een aantal thema’s die de afgelopen jaren de actualiteit haalden, werden uitgediept. Andere niet, omdat ze weinig relevant zijn voor de doelgroep. Dat neemt echter niet 1 SEGERS KATIA, Acht uitdagingen voor Sandra De Preter. In: De Standaard, 26/7/2010, p. 16. 2 ULRICH HANS, De 20ste eeuw in een notendop. Wat iedere Nederlander moet weten van de twintigste eeuw. 5de druk. Amsterdam, 2005, p. 7.

int_geschiedenis.indb 1

24/08/12 15:52


2 Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw

weg dat in een volgende uitgave nieuwe thema’s aan bod kunnen komen, afhankelijk van de actualiteit. Ook realiseren we ons dat deze nuttig-voor-het-heden aanpak niet iedereen even blij stemt. Historische interesse alleen moet toch al voldoende verantwoording zijn? Het probleem is dat als men naar de actualiteit kijkt, de geschiedenis nooit rust wordt gegund. Feiten en gebeurtenissen blijven ononderbroken een confrontatie opleveren met het verleden bij mensen met een historische voorliefde. Als de Britse prins Harry, eind 2007-begin 2008, tien weken doorbrengt in het Britse leger in Afghanistan en daar beschermd wordt door de Gurkha’s, dan is het onvermijdelijk dat er een uitleg volgt over deze Nepalese brigade. 3

1.1 Het nut van geschiedenis De Nederlandse historicus Maarten Van Rossem stelt zich de vraag of geschiedenis wel nut heeft. Zijn uitgangspunt is dat er geen nut is, maar dat het wel een vak is dat veel genoegen verschaft. Net zoals het schrijven van poëzie, paardrijden of het verzamelen van postzegels. De betawetenschappers, echter, hoeven zich nooit te verantwoorden of ze nut hebben, de geschiedschrijvers en de alfawetenschappers moeten zich veel meer legitimeren.4 Sommige historici geloven volgens Van Rossem al lang niet meer dat er belangrijke lessen uit het verleden kunnen worden getrokken. Ze weten dat het verleden zich nooit exact herhaalt. De geschiedenis en het weer vertonen veel overeenkomsten: men kan met zekerheid voorspellen dat het winter wordt, maar zelfs de beste weerkundigen kunnen niet voorspellen of het een zachte of strenge winter wordt.5 Nochtans gebruiken journalisten en politici graag historische voorbeelden om bepaalde politieke beslissingen toe te lichten.6 Dat neemt volgens sommigen niet weg dat er altijd wat te bewijzen valt met het verleden. De Belgische historicus Marc Reynebeau stelt het zo: ‘Geschiedenis is overal. De geschiedenis trekt de decors op en wij wandelen erdoorheen’.7 Reynebeau vergelijkt het verleden inderdaad met een decorstuk: ‘Het verleden is zoals een vaas waar alleen maar wat scherven van overblijven. Dat is waar historici het mee moeten doen, met die scherven. Als het een beetje meevalt, kunnen ze vermoeden dat ze van een vaas afkomstig zijn. Maar misschien ging het om een heel ander soort vaas dan ze eerst in gedachten hadden. De enige zekerheid die ze kunnen hebben, is dat niets zeker is. Hun resultaat kan nooit meer zijn dan een aaneengelijmd zootje. Het zal nooit meer de “echte” vaas zijn die ze ooit was. Het kan alleen maar “een” vaas zijn, een benadering, een beeld daarvan. Of er nog bloemen in kunnen staan, valt te betwijfelen. En nadat iemand het heeft geprobeerd, komt iemand anders langs die wat handiger is in het kleven. Of die wat meer scherven heeft teruggevonden. Of iemand die met een nieuw type lijm komt aanzetten. Uit al dat plakwerk komt altijd een andere vaas tevoorschijn’.8

3 Who are the Gurkha’s? In: BBC Online, 18/3/2008. Geraadpleegd op 19/7/2010 via http://news.bbc.co.uk/2/hi/uk_news/2786991.stm. 4 VAN ROSSEM MAARTEN, Heeft geschiedenis nut? Utrecht, 2003, p. 7. 5 VAN ROSSEM MAARTEN, Heeft geschiedenis nut? Op.cit., p. 9. 6 VAN ROSSEM MAARTEN, Heeft geschiedenis nut? Op.cit., p. 9. 7 REYNEBEAU MARC, Het nut van het verleden. Tielt, 2006, p. 38. 8 REYNEBEAU MARC, op.cit., p. 11.

int_geschiedenis.indb 2

24/08/12 15:52


3

‘Het is met de geschiedenis zoals met sporttakken zoals het turnen of het kunstschaatsen. Daar worden de prestaties niet beoordeeld in objectieve meter, seconden of kilo’s, maar in subjectieve punten die door een jury worden uitgedeeld’, aldus Reynebeau.12 ‘Kijken naar het verleden is een heel “actuele” bezigheid, die al begint met de vragen die aan het verleden worden gesteld. En kijken naar de nieuwste geschiedenis kan toch niet méér voorstellen dan een nauwelijks veredelde vorm van journalistiek? De nieuwste geschiedenis beslaat immers een terrein waarop vele bronnen nog niet beschikbaar zijn, waarin de academische distantie onmogelijk is en bovendien kan het er al eens gaan over delicate, maatschappelijk nog niet verteerde onderwerpen die nog altijd het voorwerp zijn van controverse, polemiek en hartstocht. Het kan, kortom, geen wetenschap zijn en het kan vooral geen veilige wetenschap zijn. Veilig, voor de historicus dan. Dat gevoel van onveiligheid is relatief nieuw’ volgens Reynebeau.13

Deel 1 Het breukvlak van twee eeuwen en de periode van de grote dreiging

De historische waarheden gaan maar mee tot wanneer iemand over hetzelfde onderwerp met andere of betere argumenten iets anders komt vertellen. 9 En dan ‘worden de data en de context van het verleden afgeweekt zoals lege jampotten van hun etiketten worden ontdaan wanneer ze voor iets anders worden benut’, aldus Reynebeau.10 Hij leent daartoe graag een uitspraak van de Nederlandse historicus Pieter Geyl, die stelde dat geschiedenis een discussie zonder einde is. Er kunnen andere vragen worden gesteld en de vaas kan telkens weer op een andere manier worden gelijmd om antwoorden op die vragen te geven.11

Volgens de Iraanse politicoloog Jafara Peyman is elke geschiedenis een geschiedenis van het heden: ‘Wie naar het verleden kijkt, doet dat met de ogen van vandaag. De grote thema’s, conflicten en dominante machten kleuren onze kijk op het verleden.’14 De Schotse historicus Archie Brown ziet het zo: ‘Mensen maken hun eigen geschiedenis, maar ze doen dit niet zomaar naar eigen goeddunken; ze doen het niet onder omstandigheden die ze zelf gekozen hebben, maar onder omstandigheden die direct ontmoet, gegeven en doorgegeven worden vanuit het verleden. De traditie van alle dode generaties weegt als een nachtmerrie op het brein van de levenden’.15 Veel historici en intellectuelen geloven dat men pas van ‘recente geschiedenis’ kan spreken als een gebeurtenis een zekere tijd achter ons ligt. Pas dan zijn bronnen en archieven beschikbaar en kan men dus iets zinvols zeggen over de gebeurtenis in kwestie.16 Prof. Rik Coolsaet van de Universiteit Gent neemt de aanslagen van 11 september 2001 als voorbeeld: ‘Een te kort tijdsperspectief is een slechte raadsheer bij het beoordelen van het al dan niet historische karakter van een gebeurtenis, hoe dramatisch tijdgenoten die op het moment zelf ook mogen ervaren hebben’.17 De Chinese ex-premier Zhou Enlai

9 10 11 12 13 14 15 16 17

int_geschiedenis.indb 3

REYNEBEAU MARC, op.cit., p. 12. REYNEBEAU MARC, op.cit., p. 41. REYNEBEAU MARC, op.cit., p. 12. REYNEBEAU MARC, op.cit., p. 13. REYNEBEAU MARC, op.cit., p. 82. PEYMAN JAFARA, Het andere Iran. Van de revolutie tot vandaag. Amsterdam, 2009, p. 10. BROWN ARCHIE, De opkomst en ondergang van het communisme. Houten, 2009, p. 43. GARTON ASH TIMOTHY, Geschiedenis van het heden. Amsterdam-Antwerpen, 1999, p. 8. COOLSAET RIK, De wereld na 11 september. Gent, 2002, p. 7.

24/08/12 15:52


4 Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw

(1898-1976) ging nog een stapje verder: hij beweerde zelfs geen vragen te kunnen beantwoorden over de Franse Revolutie omdat het nog te vroeg was om daar ‘iets zinnigs’ over te zeggen. Hoe zou hij aangekeken hebben tegen de politieke crises die zich in real time op CNN, Al Jazeera of BBC World ontvouwen? Bovendien vindt men op het internet een kakofonie van nieuwsberichten. De hoofdredacteur van The Guardian sprak in de lente van 2010 zelfs over The ten principles of mutualisation (de technologische vooruitgang die een historische mogelijkheid biedt om tot nieuwe vormen van samenwerking en participatie te komen).18 De snelle maatschappij van vandaag maakt dat alles nog boeiender: enerzijds bieden technologische hulpmiddelen journalisten ongekende mogelijkheden, anderzijds lagen de media nooit eerder zo sterk onder vuur omdat ze te commercieel en oppervlakkig zouden zijn. De Britse historicus en journalist Timothy Garton Ash schreef de afgelopen decennia over de politieke gebeurtenissen in West-Europa; hij geldt als een van de best geïnformeerde en meest kritische verslaggevers. In zijn De geschiedenis van het heden ging hij op zoek naar een verklaring voor de paradox: geschiedenis én actualiteit. Het begrip ‘geschiedenis van het heden’ werd voor het eerst gebruikt door de Amerikaanse diplomaat en historicus Georges Kennan.19 Volgens Timothy Garton Ash is het een ernstig bezwaar dat niemand weet wat de consequenties zijn van actuele ontwikkelingen. Opvattingen zullen daarom steeds moeten worden bijgesteld. Elke leerling in het secundair onderwijs die zich in de geschiedenis van de oudheid verdiept, weet dat het Romeinse Rijk in verval geraakte en ten slotte verdween. Toen de Berlijnse Muur in 1989 viel, wist niemand wat er komen zou.20 Wie over eigentijdse geschiedenis schrijft, weet dat de lezer zich vaak al een opinie gevormd heeft. De lezer is ook een kritische burger met eigen politieke en ideologische voorkeuren. Hoe verder we teruggaan in de tijd, hoe minder dat probleem optreedt. Historici die de 18de eeuw beschrijven, krijgen meer vertrouwen van hun lezers, want het is hun gids. Maar de historicus is ook een burger en hoe recenter gebeurtenissen hebben plaatsgevonden, hoe meer uitgesproken iemands opvattingen daarover neigen te zijn.21 De Russische maarschalk Zjoekov zei destijds al dat niets eenvoudiger was dan met een nieuwe interpretatie van de feiten te komen wanneer het verleden en zijn consequenties inmiddels al gekend waren.22 Op het eerste gezicht lijkt het vreemd dat iemand die er niet bij was, het beter zou weten dan een ooggetuige. Johan Depoortere, ex-VRT-correspondent in Washington, vindt dat je er live bij moet zijn als geschiedenis wordt geschreven. Niet een of andere deskundige dicht bij huis gaan interviewen, maar er zelf op afstappen.23

18 Tien principles voor internetjournalistiek volgens de Guardian, 13/7/2010. Geraadpleegd op 19/7/2010 via http://www.mediakritiek.be/blog/2010/07/tien_principes_voor_de_internetjournalistiek_volgens_the_guardian.html. 19 GARTON ASH TIMOTHY, op.cit., p. 8. 20 GARTON ASH TIMOTHY, op.cit., p. 11. 21 RAMACHANDRA GUHA, India. De geschiedenis van de grootste democratie ter wereld. Amsterdam, 2007, p. 29. 22 REES LAURENCE, Achter gesloten deuren. De geheime afspraken tussen Stalin, de nazi’s en het Westen. Antwerpen, 2008, p. 91. 23 RASPOET ERIK, Als er geschiedenis geschreven wordt, moet je er live bij zijn. In: De Morgen, 5/4/2008, p. 68.

int_geschiedenis.indb 4

24/08/12 15:52


5

George Kennan merkte op dat de geschiedenis van het heden te vinden is ‘in dat kleine en zelden bezochte terrein van literaire inspanning waar journalistiek, geschiedenis en literatuur samenkomen’.24 Het hoekje in Europa waar Duitsland, Frankrijk en Zwitserland aan elkaar grenzen heet in het Duits Dreiländereck. De ‘geschiedenis van het heden’ bevindt zich op een drielandenpunt tussen journalistiek, geschiedenis en literatuur. Timothy Garton Ash vindt deze grensgebieden altijd interessant.25 Volgens Timothy Garton Ash hebben goede journalistiek en goede geschiedschrijving een paar kwaliteiten van goede fictie: ‘Fantasierijk medeleven met de personen in kwestie, een literaire manier van selectie, beschrijving en sfeertekening. Een reportage of historische beschrijving is altijd het verhaal van een individuele auteur, gevormd door zijn of haar unieke inzicht en de manier waarop de woorden op de pagina gerangschikt zijn. Daarvoor is inspanning nodig, niet alleen om op onderzoek uit te gaan, maar ook om de verbeeldingskracht op te brengen om door te dringen tot de ervaring van de mensen over wie men schrijft. Alle materiaal moet opnieuw gerangschikt worden en bepaalde onderdelen moeten opnieuw worden belicht.’26

Deel 1 Het breukvlak van twee eeuwen en de periode van de grote dreiging

1.2 Het drielandenpunt tussen geschiedenis, journalistiek en literatuur

Antony Beevor is een van de meest succesvolle Britse geschiedschrijvers over WO II. In een interview zei hij dat hij Stalingrad had geschreven, niet vanuit het standpunt van de generaals, maar vanuit ‘kleine mensen’ middenin het gewoel.27 Beevor was ooit op een congres in Zweden, waar hij de stelling verdedigde dat geschiedenis nooit wetenschap kan zijn, maar enkel een tak van de literatuur. Hij kreeg de hele zaal over zich heen. Vooral Europese academische historici hebben het daar moeilijk mee, maar de Britten hebben nu eenmaal een traditie van meer literaire, verhalende geschiedschrijving. Naar aanleiding van de verschijning van het boek van Eugène Rogan over De Arabieren merkte Jorn De Cock (journalist bij De Standaard) op dat de auteur in een vloeiende stijl schrijft die eigen is aan de Angelsaksische geschiedschrijving, waarbij opmerkelijke anekdotes en persoonlijke getuigenissen meanderen door de grote geschiedenis heen. Hij noteert dat Rogan daarbij gebruikmaakt van Arabische commentaren en getuigenissen over gebeurtenissen, die voor een keer de overheersende westerse kijk op de geschiedenis relativeren.28

1.3

Eigentijdse geschiedenis of journalistiek met voetnoten?

De grens tussen journalistiek en geschiedenis is slecht gemarkeerd. In de journalistiek zal een stuk dat beschreven wordt als ‘nogal academisch’ – wat wil zeggen: saai, vol vaktaal en

24 25 26 27

GARTON ASH TIMOTHY, op.cit., p. 12. GARTON ASH TIMOTHY, op.cit., p. 12. GARTON ASH TIMOTHY, op.cit., p. 12. STEVENS JAN, Zowel de Duitsers als de Amerikanen maakten hun gevangenen af. In: Knack, 13-19 mei 2009, pp. 100-103. 28 DE COCK JORN, Arabische geschiedenis door de ogen van Arabieren. Bezette gebieden. In: De Standaard, 23/7/2010, pp. L8-L9. ROGAN EUGENE, De Arabieren. Een geschiedenis. Amsterdam, 2010, 712 p.

int_geschiedenis.indb 5

24/08/12 15:52


6 Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw

onleesbaar – vrijwel zeker niet geplaatst worden. In de academische wereld komt het op een kleinering neer als je zegt dat iemands werk ‘journalistiek’ is, wat wil zeggen: oppervlakkig, pikant en over de hele lijn onserieus. ‘Eigentijdse geschiedenis?’ zei een oudere docent toen Timothy Garton Ash aan het eind van de jaren tachtig van de 20ste eeuw terugkwam in Oxford om een journalistiek college te geven, ‘Bedoel je soms journalistiek met voetnoten?’29 De redenen waarom er zoveel verschil is tussen journalistiek en academische of professionele geschiedschrijving, hebben volgens Timothy Garton Ash evenveel te maken met praktische vereisten, zelfbeelden en neurosen van beide beroepen als met de werkelijke intellectuele inhoud van beide vakken: ‘De kwaliteiten van slechte journalistiek en slechte geschiedschrijving zijn heel verschillend. Sensationele, opdringerige, populistische kletskoek met miljoenen lezers aan de ene kant; overgespecialiseerde, slecht beredeneerde, slecht geschreven dissertaties zonder lezers aan de andere kant. Maar de goede kwaliteiten van goede journalistiek en goede geschiedschrijving hebben heel veel van elkaar weg: alomvattend zorgvuldig onderzoek, een kritische benadering van de bronnen, een krachtig gevoel voor tijd en plaats, fantasievolle sympathie voor alle partijen, logische redeneringen en helder en levendig proza’. 30 De Nederlandse journalist, historicus en schrijver Geert Mak is hier een mooi voorbeeld van. In 1999 trok hij een jaar lang door Europa om een balans op te maken van de 20ste eeuw. Hij zocht naar plaatsen, sporen en mensen die konden getuigen van de voorbije eeuw en ging tegelijk op zoek naar een antwoord op de vraag hoe Europa er aan het begin van een nieuw millennium voorstond. Het resultaat was een fascinerend en meeslepend boek: In Europa31, een werk dat meerdere prijzen in de wacht sleepte. Het duurde niet lang voor academici Mak verweten dat hij talloze onjuistheden had opgetekend. 32 Timothy Garton Ash merkt op dat dergelijke academici vaak lang de tijd hebben om één enkel artikel te voltooien: ‘Ze kunnen eindeloos veel moeite nemen (en doen dat soms ook) om feiten, namen, citaten, teksten en contexten te controleren en na te denken en nog eens na te denken over een interpretatie. Maar ze kunnen ook een heel leven doorbrengen met de beschrijving van een oorlog zonder ooit gezien te hebben hoe in een oorlog wordt geschoten. Van hen wordt niet verwacht dat ze getuigen zijn van het werkelijke leven. Voetnoten, methodologie en partij kiezen in een of andere academische discussie zijn dingen die even belangrijk kunnen lijken als nagaan wat er in werkelijkheid gebeurde en waarom’. 33

29 30 31 32

GARTON ASH TIMOTHY, op.cit., p.17. GARTON ASH TIMOTHY, op.cit., p.17. MAK GEERT, In Europa. Reizen door de twintigste eeuw. 19de druk. Amsterdam-Antwerpen, 2008, 852 p. MELCHING WILLEM, Stoeien met feiten. Felle kritiek op Geert Maks spraakmakende tv-serie ‘In Europa’. In: De Morgen, 12/12/2007, p. 27. 33 GARTON ASH TIMOTHY, op. cit., p. 18.

int_geschiedenis.indb 6

24/08/12 15:52


7

Een korte inleiding in de korte 20ste eeuw

2.1

Een paar klassiekers

Wanneer begint een eeuw? Mark Heirman, Belgisch filosoof en publicist internationale politiek, gaat ervan uit dat het geen tijdgenoot ontgaat dat de 20ste eeuw begon en eindigde in Sarajevo: ‘Er werd in de 20ste eeuw altijd wel ergens oorlog gevoerd en de wereld liet zich zelfs tot twee keer toe verleiden tot de collectieve waanzin van een wereldoorlog’. De twee wereldoorlogen werden gevolgd door een Koude Oorlog en veel ‘warme oorlogen’ die in de schaduw van de ‘Koude’ wel degelijk werden uitgevochten. Met boegbeelden als Hitler en Stalin die een hele eeuw met hun waanzinnige agressiviteit zouden achtervolgen en met een kernwapenwedloop die tientallen jaren de hele planeet zou bedreigen.34 Een aantal historici houdt vast aan eigen inzichten over hoe de 20ste eeuw het best getypeerd kan worden en wanneer die eigenlijk ‘begint en eindigt’. In dit studieboek vermelden we een aantal vooraanstaande werken over de 20ste eeuw en we blijven stilstaan bij een paar klassiekers. In de bronnenlijst zijn alle geraadpleegde werken terug te vinden.

2.1.1

Eric Hobsbawms triptiek

Deel 1 Het breukvlak van twee eeuwen en de periode van de grote dreiging

2

De 20ste eeuw bestaat volgens de Britse historicus Eric Hobsbawm uit drie periodes, die beginnen met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog en eindigen met de ineenstorting van de Sovjet-Unie in de periode 1989–1991. Deze afgesloten periode noemt Eric Hobsbawm de ‘korte twintigste eeuw’ (van 1914 tot 1991). 35 Volgens hem wordt de 20ste eeuw beheerst door het antagonisme tussen het liberale kapitalisme en het communisme. Hij negeert het fascisme: voor hem telt enkel de strijd tussen het kapitalisme en het communisme. Eerst kwam het Tijdperk van de Rampspoed, van 1914 tot de nadagen van de Tweede Wereldoorlog. Deze periode wordt gevolgd door de ‘Golden Sixties’ (1945–1973), een vijfentwintig- tot dertigjarige periode van buitengewone economische groei en sociale omwenteling. Kenmerkend waren het begin van de Koude Oorlog en het dekolonisatieproces. Het laatste deel van de eeuw is een Tijdperk van ontwrichting, onzekerheid en crises (tot het ‘wonderjaar’ 1989). Voor grote delen van de wereld zoals Afrika, de voormalige SovjetUnie en de Oostbloklanden was deze periode een ware catastrofe. 36

2.1.2

Mark Mazower en de politieke pathologie van de totalitaire staat

Een andere Britse historicus, Mark Mazower, vindt dat het conflict tussen het liberaaldemocratisch kapitalisme en de totalitaire ideologieën zoals het fascisme en het communisme centraal staan in de 20ste eeuw. 37 Mark Mazower wijst erop dat de zege van de democratie op het communisme in 1989 een overwinning was die niet tot stand zou zijn gekomen als het communisme geen allesverpletterende nederlaag had toegebracht aan het nationaalsocialisme tijdens de Tweede

34 HEIRMAN MARK, De waanzinnige twintigste eeuw. Oorlog en vrede van 1914 tot 1994. Antwerpen-Baarn, 1995, p. 7. 35 HOBSBAWM ERIC, Een eeuw van uitersten. De twintigste eeuw 1914-1991. Utrecht, 2000, p. 18. 36 HOBSBAWM ERIC, op.cit., p. 18. 37 MAZOWER MARK, Duister continent. Europa in de twintigste eeuw. Antwerpen-Amsterdam, 2002, p. 12.

int_geschiedenis.indb 7

24/08/12 15:52


8 Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw

Wereldoorlog. Volgens de Schotse historicus Archie Brown was het communisme een veel krachtigere en duurzamere beweging dan het fascisme dat in 1945 was ineengestort. Tot op vandaag bestaan er overigens nog communistische regimes. 38 Maar volgens Mark Mazower was de opbouw van een raciaal-socialistisch systeem dat in de hoofdstroom van de Europese geschiedenis paste, veel belangrijker. Het ontwikkelde zich met relatief weinig oppositie en het kon standhouden in de technologisch goed ontwikkelde economie van Europa. Mark Mazower vindt dat het Derde Rijk daarom de grootste bedreiging is geweest voor de liberale democratie. 39 Na 1945 werd het fascisme weggeredeneerd als een politieke pathologie waarmee krankzinnige dictators hele volkeren betoverd en gehypnotiseerd hadden om hen naar de ondergang te leiden. Maar hoe onaangenaam we het nu mogen vinden, het fascisme en het communisme waren tevens oprechte politieke pogingen om de problemen van de massapolitiek, industrialisatie en sociale orde aan te pakken. De Franse historicus François Furet noemde het communisme en het fascisme niet voor niets ‘de kinderen van de Eerste Wereldoorlog’.40 De Joods-Amerikaans-Duitse filosofe en politiek denkster Hannah Arendt vond dat ook: ‘We kunnen ons niet meer veroorloven alles uit het verleden te halen wat goed was, om dat eenvoudigweg ons erfdeel te noemen en het slechte weg te werpen en dat slechts te zien als dood gewicht dat de tijd op de duur in de vergetelheid zal begraven’.41 De Franse geopoliticus Dominique Moïsi noemt de 20ste eeuw zelfs ‘de eeuw van de ideologie’.42 Ook voor hem werd het ideologische klimaat van de 20ste eeuw gekenmerkt door drie botsende politieke modellen: het socialisme, het fascisme en het kapitalisme.

2.1.3

Niall Fergusons politieke geografie

Voor de golden boy onder de Britse historici, Niall Ferguson43, zijn de honderd jaar na 1900 zonder twijfel de bloedigste jaren uit de moderne geschiedenis. Ze zijn veel gewelddadiger geweest dan welk tijdperk ook, zowel in relatieve als in absolute cijfers.44

38 39 40 41 42

BROWN ARCHIE, De opkomst van ondergang van het communisme. Utrecht, Het Spectrum, 2009, p. 25. MAZOWER MARK, op.cit., p. 13. SHEENAN JAMES J., Where have all the soldiers gone? The transformation of Europa. Boston, 2008, p. 99. MAZOWER MARK, op.cit., p. 12. MOISI DOMINIQUE, De geopolitiek van emotie. Hoe culturen van angst, vernedering en hoop de wereld veranderen. Amsterdam, 2009, p. 34. 43 Voor het Amerikaanse weekblad Time behoort Niall Ferguson tot een van de meest invloedrijke 100 mensen van de wereld. 44 FERGUSON NIALL, De grote oorlogen. De honderdjarige oorlog en de ondergang van het Westen. AmsterdamAntwerpen, 2007, p. 32.

int_geschiedenis.indb 8

24/08/12 15:52


9

 Mexicaanse Revolutie, 1910 - 1920  de Russische Revolutie, 1917 - 1921  de burgeroorlogen in China, 1926 - 1937  de Spaanse burgeroorlog, 1936 – 1939  de Koreaanse oorlog, 1950-1953  de oplaaiende burgeroorlogen in Burundi en Rwanda (1963-1995)  de postkoloniale oorlogen in Indochina (1945-1975)  de burgeroorlog in Nigeria (1966-1970)  de onafhankelijkheidsoorlogen van India en Pakistan (1947 en 1971)  de burgeroorlog in Mozambique (1975-1993)  de oorlog in Afghanistan (1979-2001)  de aanhoudende burgeroorlogen in Soedan (sinds 1983) en Congo (sinds 1998) In al deze conflicten vielen er per gewelduitbarsting waarschijnlijk meer dan een miljoen doden. Verder waren er nog de genocidale oorlogen van de ‘Jonge Turken’ (zie 4.9.6) tegen burgerbevolkingen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Ook de slachtoffers van het nationaalsocialistisch regime in Duitsland tussen 1933 en 1945 mogen niet worden vergeten. De wreedheden van Kim Il-song in Noord-Korea en Pol Pot in Cambodja moeten ook worden vermeld in dit lijstje.

Deel 1 Het breukvlak van twee eeuwen en de periode van de grote dreiging

Belangrijke conflicten in de 20ste eeuw volgens Ferguson:  45

Het Britse Imperial War Museum in Londen bespreekt in een permanente tentoonstelling de volgende genocides in de 20ste eeuw:  De Herero, 1904-1905 (Duits-Zuidwest-Afrika)  De Armeniërs, 1915  Het conflict tussen China en Tibet, 1950  De Koerden  De slachtoffers van de nazi’s, 1933-1945  De slachtoffers van de etnische zuivering in Midden-en Oost-Europa, 1945-1949  De slachtoffers van Stalin, 1928-1953  De deling van Brits-Indië, 1947  Cambodja, 1975-1979  Het conflict tussen Indonesië en Oost-Timor, 1975  Biafra, 1967-1970 (Nigeria)  Bangladesh, 1971  Ex-Joegoslavië, 1991-1999  Rwanda, 1994  Vernietiging van inheemse volkeren  Darfur, 1993 – heden (Soedan) 45

Deze bewering van Niall Ferguson blijft niet bepaald onbesproken omdat er een probleem is met de schatting van het aantal doden. Telt men alleen de ‘gewelddadige doden’ (oorlog, genocide en daden van geweld) of moeten ook de miljoenen slachtoffers die omkwamen als gevolg van hongersnood en epidemieën (o.a. de Spaanse griep aan het eind van de Eerste Wereldoorlog) meegerekend worden?

45 FERGUSON NIALL, De grote oorlogen. Op.cit, p. 44.

int_geschiedenis.indb 9

24/08/12 15:52


10 EEn intErnationalE gEschiEdEnis van dE twintigstE EEuw

Niall Ferguson zoekt een antwoord in de politieke geografie. Midden- en Oost-Europa zijn volgens hem het breukvlak waar tektonische aardplaten ongemakkelijk tegen elkaar begonnen te schuiven. Die van het Ottomaanse Rijk begon te wankelen, die van de Oostenrijkers-Hongaren (Habsburgers) en de Russen (Romanovs) drongen vooruit. Ook die van de Duitse Hohenzollern kwam in beweging. 0

leden van de Triple Alliantie

1000 km

ZWEDEN

NOORWEGEN Noordzee IERLAND

VERENIGD KONINKRIJK Londen ATLANTISCHE OCEAAN

Parijs

DENEMARKEN RUSLAND Berlijn

OOSTENRIJK-HONGARIJE Belgrado

Ad r

ITALIË

SPANJE

ia

Rome

tis

1 ch

SERVIË

eZ ee

MONTENEGRO 2

Algeciras Gibraltar

SULTANAAT MAROKKO

ALGERIJE

3

ROEMENIË BULGARIJE 4

5

GRIEKENLAND TUNESIË

MALTA

Middellandse Zee

Ottomaans Rijk, met: Sandzjak van Novi Pazar opnieuw onder Ottomaanse administratie

Invloedssfeer van Frankrijk na de Conferentie van Algeciras (1906)

Wenen

ZWITSERLAND

aangehecht door Oostenrijk-Hongarije

gebieden die zich in 1908 afscheurden

POLEN

DUITSLAND LUXEMBURG

ELZASLOTHARINGEN

FRANKRIJK PORTUGAL

Sint-Petersburg

NEDERLAND

BELGIË

leden van de Triple Entente

FINLAND

6

Zwarte Zee Constantinopel

OTTOMAANS RIJK

1 Bosnië-Herzegovina 2 Albanië 3 Macedonië 4 Thracië 5 Oost-Roemelië

CYPRUS

6 Kreta

Kaart van Europa in 1908.46

De meeste onderdanen van deze multinationale rijken hadden vooral plaatselijke banden, maar waren tegelijkertijd trouw verschuldigd aan een ‘verre vorst’. Toen deze multi-etnische keizerrijken werden omgevormd tot natiestaten, ontstonden er tussen de etnische groeperingen spanningen en ongemakken. In het Verre Oosten namen Mantsjoerije en Korea op politiek-geografi sch vlak een soortgelijke positie in, doordat Japan hen belangstellend bekeek.

46 La situation de l’Europe en 1908. In: Atlas historique. Geraadpleegd op 19/7/2010 via http://www.atlas-historique.net/1815-1914/cartes/Europe1908.html.

int_geschiedenis.indb 10

24/08/12 15:52


11

GROENLAND

CANADA NEWFOUNDLAND

VERENIGDE STATEN HAWAÏ GROTE OCEAAN

ATLANTISCHE OCEAAN

MEXICO PANAMA

SIBERIË

IJSLAND

RUSLAND AFGHANISTAN PERZIË

FRANS WEST-AFRIKA FRANS EQUATORIAAL AFRIKA

KOREA JAPAN TIBET

BRITS INDIA

CHILI ARGENTINIË

CHINA

INDOCHINA

CAROLINEN

NEDERLANDS-INDIË

BRAZILIË POLYNESIË

GROTE OCEAAN

MONGOLIË

ZUIDAFRIKAANSE UNIE

INDISCHE OCEAAN

AUSTRALIË

NIEUWZEELAND

Amerikaanse bezittingen en invloedssfeer

Deense bezittingen

Nederlandse bezittingen

Britse bezittingen en invloedssfeer

Spaanse bezittingen

Portugese bezittingen

Britse dominions

Franse bezittingen

Russische bezittingen

Duitse bezittingen

Italiaanse bezittingen

Ottomaanse bezittingen

Belgische bezittingen

Japanse bezittingen

onafhankelijke landen

dEEl 1 het breukvlak van twee eeuwen en de periode van de grote dreiging

ALASKA

Wereldkaart 1914.47

Het ontgaat Niall Ferguson niet dat in de 20ste eeuw de leiders van sommige beschaafde samenlevingen er niet in slaagden de meest primitieve moordzuchtige instincten van hun burgers te onderdrukken. Elias Canetti probeerde hiervoor een alternatief te bedenken door zich een wereld voor te stellen waarin ‘alle wapens’ werden verboden en waarin het in een volgende oorlog alleen nog was toegestaan te bijten.48 Ontstond dat gruwelijke geweld door economische crises? Of was de oorzaak de opkomst van de moderne natiestaat, waarin er eigenlijk geen plaats was voor minderheden? Kwam het misschien door de steeds grotere bevolkingsdichtheid en de moderne vernietigingswapens die in de 20ste eeuw ontstonden? Waarschijnlijk niet, aangezien sommige van de ergste gruweldaden werden gepleegd met bijlen, machetes en andere primitieve wapens. Hoewel men de oorlogen in de 20ste eeuw vaak bekijkt als confl icten tussen staten, valt het volgens Ferguson op hoe belangrijk georganiseerd geweld wel was binnen staten. De nazi’s roeiden niet alleen Joden uit, maar ook geesteszieken, homoseksuelen, communisten, Sinti- en Romavolkeren en de maatschappelijke elite van Polen. Ook Stalin was kampioen in georganiseerd geweld tegen zijn eigen volk.49 Natiestaten konden tot deze praktijken overgaan omdat de staat na de Eerste Wereldoorlog steeds meer ‘sociale controle’ kreeg over zijn onderdanen. De staat beschikte over een

47 Le monde en 1914, l’apogée de l’Europe. In: Atlas historique. Geraadpleegd op 19/7/2010 via http://www.atlas-historique.net/1815-1914/cartes/Monde1914.html. 48 FERGUSON NIALL, De grote oorlogen. Op.cit., p. 35. 49 FERGUSON NIALL, De grote oorlogen. Op.cit., p. 38.

int_geschiedenis.indb 11

24/08/12 15:52


12 Een internationale geschiedenis van de twintigste eeuw

massa ambtenaren, belastingontvangers en politieagenten, verschafte onderwijs en pensioenen en subsidieerde in een aantal gevallen de verzekeringen tegen ziekte en werkloosheid. In geval van nood kon hij alle weerbare mannen onder de wapens roepen. Niall Ferguson verklaart het extreme geweld van de 20ste eeuw aan de hand van drie factoren in bepaalde regio’s (Midden- en Oost-Europa, Mantsjoerije en Korea).  Etnische

conflicten: er ontstonden ingrijpende wijzigingen in de sociale betrekkingen tussen bepaalde etnische groepen. In de 20ste eeuw werden deze extra in de verf gezet door theorieën over rassenverschillen en door de politieke fragmentatie van ‘grenslanden’ die te maken hadden met een etnisch gemengde bevolking.  Economische volatiliteit: de frequentie en omvang van de schommelingen in de economische groei, de prijzen, de rentepercentages en de werkgelegenheid, die sociale stress en spanningen met zich meebrachten.  Wereldrijken in verval: alle belangrijke deelnemers aan de wereldoorlogen hadden gemeen dat ze een wereldrijk waren of er een wilden worden of dat ze zich moesten omvormen om te kunnen blijven bestaan.50

50 FERGUSON NIALL, De grote oorlogen. Op.cit., p. 58.

int_geschiedenis.indb 12

24/08/12 15:52


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789038225548 by Uitgeverij Lannoo - Issuu