Skip to main content

9789018047634

Page 1

Theorieboek rijbewijs A


zen hulpverleningsdiensten, ook al hebben ze niet de uiterlijke kenmerken hiervan (zoals auto’s van de recherche). Bij ‘spoedeisende medische hulpverlening’ moet je vooral aan ambulances denken. hfst

Voorrangsvoertuigen kunnen er ook anders uitzien. Ze voeren wel dezelfde bijzondere signalen. De voorgeschreven bijzondere signalen bestaan uit blauwe zwaai-, flits- of knipperlichten en een tweetonige hoorn om kenbaar te maken dat zij een dringende taak vervullen. Voorrangsvoertuigen mogen overdag ook knipperende koplampen voeren. Voorgeschreven is dat voorrangsvoertuigen een tweetonige hoorn voeren. Je moet bestuurders van voorrangsvoertuigen altijd voor laten gaan. Ambulance Motorvoertuig, ingericht en bestemd om te worden gebruikt voor ambulancevervoer als bedoeld in de Wet ambulancevervoer.

Dierenambulance Motorvoertuig, ingericht en bestemd om te worden gebruikt voor het vervoer van zieke en gewonde dieren.

theorieboek motorfiets

17

1


Verkeersborden HOOFDSTUK A: SNELHEID hfst

A1 Maximumsnelheid.

A2 Einde maximumsnelheid.

A3 Maximumsnelheid op een elektronisch signaleringsbord. Op een elektronisch signaleringsbord kunnen ook andere verkeersborden worden weergegeven.

A4 Adviessnelheid.

A5 Einde adviessnelheid.

HOOFDSTUK B: voorrang

B1

B2

Voorrangsweg.

Einde voorrangsweg.

B6 Verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg.

B3 Voorrangskruispunt.

B4 Voorrangskruispunt. Zijweg links.

B5 Voorrangskruispunt. Zijweg rechts.

B7 Stop; verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg.

HOOFDSTUK c: geslotenverklaring

C1 Gesloten in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee.

C2 Eenrichtingsweg, in deze richting gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee.

theorieboek motorfiets

C3 Eenrichtingsweg.

C4 Eenrichtingsweg.

C5 Inrijden toegestaan.

39

2


TOETS JE KENNIS 2 1

5

De basisregel voor de voorrang op kruispunten is:

A. Motorvoertuigen gaan voor fietsers en bromfietsers. B. Verkeer van rechts gaat voor. C. Bestuurders van rechts gaan voor.

2 Dit bord betekent: Moet je hier stoppen? A. Gesloten voor motorvoertuigen met aanhangwagen. B. Gesloten voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen met aanhangwagen. C. Gesloten voor alle aanhangwagens.

3

Ja. Nee.

6

Een dubbele asstreep met een groene vulling betekent in het algemeen een maximumsnelheid van:

A. 80 km per uur. B. 90 km per uur. C. 100 km per uur.

4 Bij reconstructiewerkzaamheden aan de weg wordt een andere kleur streep gebruikt. Welke kleur is dat? Mag je hier de spitsstrook gebruiken? A. Geel. B. Oranje. C. Rood.

72

Ja. Nee.

theorieboek motorfiets


Y -splitsingen Bij een Y -splitsing sluiten de wegen op elkaar aan onder een hoek van minder dan 75°. Nadeel is het beperkte uitzicht, vooral voor de vrachtautobestuurder.

hfst

Y -splitsing. Driehoeksaansluiting Een driehoeksaansluiting bestaat eigenlijk uit 3 Y -splitsingen. Ook hierbij geldt dus het nadeel van het beperkte uitzicht.

Driehoeksaansluiting. Op een kruispunt van wegen van gelijke orde gelden de volgende regels: - Allereerst geldt hier de hoofdregel dat bestuurders voorrang moeten verlenen aan de voor hen van rechts komende bestuurders. Als je met de motorfiets rijdt dien je dus ook aan de niet gemotoriseerde bestuurders van rechts voorrang te verlenen, dus kort gezegd aan alle weggebruikers behalve voetgangers. - Voor trams is een uitzondering gemaakt. Trams krijgen op een gewoon kruispunt voorrang van alle bestuurders. Daarbij maakt het geen verschil of de tram nu van links of rechts komt.

Ook aan een landbouwvoertuig van rechts moet je voorrang verlenen.

theorieboek motorfiets

Je rijdt hier op een voorrangsweg. In deze situatie moet de tram voorrang verlenen.

111

5


7. Stilstaan en parkeren Betaald parkeren Onze steden zijn zo overvol dat het kwijtraken van je motorfiets een probleem is geworden. Je wordt vaak gedwongen gebruik te maken van een gelegenheid voor betaald parkeren zoals een parkeergarage of bij parkeerautomaten. Het kost geld maar het verdient verre de voorkeur boven het hinderlijke (en verboden) parkeren op het trottoir. hfst

Moderne parkeergarage. Soms moet je vooraf betalen (in enkele gevallen nog met munten), maar op steeds meer plaatsen wordt er na het beëindigen van het parkeren afgerekend. Dat gebeurt dan meestal via een creditcard of smartphone. Veel parkeerders maken gebruik van parkeer-apps waarmee er automatisch (achteraf) wordt betaald. Het voordeel daarbij is dat je slechts de werkelijke parkeertijd betaalt en niet de kans loopt dat de parkeertijd is overschreden. De meeste betaald parkeersystemen vallen onder het fiscale regiem.

Bij een parkeermeter moet je voor het parkeren vooraf betalen voor de parkeertijd.

Betalen middels een parkeer-app.

Parkeerschijfzone Een parkeerschijfzone wordt aangeduid door bord E10. Het is verboden in een parkeerschijfzone te parkeren, behalve op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid (bijvoorbeeld door een P op het wegdek) of aangegeven (door een bord) of plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep.

theorieboek motorfiets

137

7


Bord G1 Autosnelweg.

Snelheid

hfst

9

Maximumsnelheid autoweg De maximumsnelheid op autowegen is 100 km per uur. Rijden met een snelheid die de 100 km te boven gaat kan bijzonder riskant zijn. Je wordt immers geconfronteerd met tegemoetkomend en kruisend verkeer. Bovendien zouden er bestuurders kunnen rijden met een snelheid van rond de 50 km per uur, waardoor het snelheidsverschil alleen nog maar groter wordt. Maximumsnelheid autosnelweg Op de autosnelweg geldt een maximumsnelheid van 130 km per uur. Maar dat geldt niet overal. Dus kan de vraag opkomen: Hoe snel mag er nu eigenlijk gereden worden op de autosnelweg? Dat lijkt ingewikkeld, daarom zetten we het even voor je op een rijtje. De norm is dus 130 km per uur. In verband met bijvoorbeeld het milieu kunnen lagere snelheden gelden. Dat wordt dan altijd door borden aangegeven. Als je een oprit van de snelweg oprijdt weet je direct welke snelheid er geldt. Als er geen bord staat is dat 130 km per uur. Als er wel een beperking is wordt dat door de vertrouwde ronde borden aangegeven. Als je eenmaal op de autosnelweg rijdt en de maximumsnelheid verandert, dan wordt dat aangegeven door een vierkant bord met daarin het bord wat de nieuwe snelheid wordt. Borden einde maximumsnelheid worden daar dus niet geplaatst. Deze borden staan op de oprit.

Borden die de snelheidsovergang aangeven op de autosnelweg.

Maximumsnelheid geldig op bepaalde tijden Als er op een wegvak op verschillende tijden een maximumsnelheid geldt dan wordt dat op de gewone borden middels een tijdvenster aangegeven. Dat betekent (zie borden hierna) dat je in dit geval tussen 06.00 uur ’s ochtends en 19.00 uur ’s avonds de snelheid mag rijden die op het bord staat, dus 100 km per uur. Tussen 19.00 uur ’s avonds en 06.00 uur de volgende ochtend is de maximumsnelheid dan 130 km per uur. Want dat is de norm. Als er gedurende de nacht ook een lagere snelheid geldt, bijvoorbeeld 120 km per uur, dan wordt dat ook door borden aangegeven. De aangegeven maximumsnelheid geldt voor het aangegeven tijdvak.

162

theorieboek motorfiets


10. Verlichting en signalen Verlichting aan om te zien en gezien te worden Licht steek je aan om te kunnen zien, een duidelijke zaak. Je zult het niet in je hoofd halen om bij duisternis zonder verlichting te rijden. Eén van de grootste problemen voor motorrijders is dat ze niet goed worden gezien in het verkeer. Rijd daarom altijd met je dimlicht aan. De communicatie met andere verkeersdeelnemers staat of valt met het zichtbaar zijn voor elkaar. Om die reden gaat het in dit hoofdstuk niet alleen om het zien, maar vooral ook om het gezien worden. Overigens mag je zelf niet zomaar lichten of reflectiemateriaal op je motorfiets aanbrengen. Verwarrende verlichting of reflectie is verboden.

Soorten lichten hfst

Je hebt op je motorfiets drie soorten licht: - Stadslicht. Zwakke verlichting, uitsluitend te gebruiken bij parkeren in het donker. - Dimlicht. Is, mits goed afgesteld, niet verblindend. - Groot licht. Groot licht is ver stralend, je verblindt er een tegenligger mee.

Een bord op de Veluwe voordat je het bos inrijdt.

theorieboek motorfiets

Overdag (dus ook bij schemer) is rijden met groot licht niet toegestaan. Rijd dus met dimlicht.

179

10


Cluster 2 Langzame slalom (verplicht). Dit is de verplichte oefening in de tweede cluster. Je mag de snelheid zelf bepalen. De geringe afstand tussen de pionnen dwingt je tot een stapvoets tempo. Het gebruik van een slippende koppeling is bij deze oefening verplicht. Je regelt de snelheid met gas en voetrem.

Langzame slalom.

11

hfst

Wegrijden uit parkeervak. Bij deze eerste keuzeoefening rijd je vanuit stilstand uit een parkeervak weg. Je maakt een haakse bocht en rijdt daarna enkele meters rechtuit. De rijbaanbreedte is 3 m. Je regelt je snelheid hier met gas, slippende koppeling en door gebruik van de voetrem.

Wegrijden uit parkeervak. Denkbeeldige acht. Bij deze oefening rijd je met iets hogere snelheid dan stapvoets. Je houdt het gas ‘trekkend’ en gebruikt de voetrem. Als je dat prettiger vindt mag je de koppeling slippend houden.

Denkbeeldige acht. 246

theorieboek motorfiets


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789018047634 by Uitgeverij Lannoo - Issuu