DE STANDAARD
BUITENLAND 35
ZATERDAG 2, ZONDAG 3 JULI 2011
HET VERHAAL REGENBOOGREVOLUTIE IN HOMOFOBE LANDEN
Queer tango in Istanbul
Zenperest: ‘out and proud’ met hoofddoek
© Trui Hanoulle
Ze sprongen ‘uit de kast’, kropen over het Tahrir-plein en lieten de Arabische lentes even voor wat ze waren. Holebi’s over de regenboogrevolutie in vijandelijk gebied.
TRUI HANOULLE ANN-SOFIE DEKEYSER
In het Turkse Istanbul kwamen vorige zondag 10.000 holebi’s, transseksuelen, travestieten en queers samen voor de Gay Pride. Een unicum voor een land waar moslims de meerderheid van de bevolking uitmaken. Bij de eerste Pride, acht jaar geleden, kwamen slechts dertig moedige deelnemers opdagen. ‘En dan zeggen mensen uit het westen dat wij homofoob zijn. Wel, doe het ons maar eens na!’ ‘Ben jij een jongen of een meisje?’ Een eenvoudige vraag. Gözde antwoordt met ‘ja’. Een eenvoudig antwoord, maar niet op deze vraag. De vijfjarige vragensteller begrijpt het niet. ‘Zijn
••• Vervolg op blz. 36
DE STANDAARD
36 BUITENLAND
ZATERDAG 2, ZONDAG 3 JULI 2011
REGENBOOGREVOLUTIE IN HOMOFOBE LANDEN
‘Homoseksualiteit is een ziekte die behandeld moet worden.’ Althans volgens de Turkse minister van Familiezaken. © Trui Hanoulle
••• Vervolg van blz. 35 die echt?’ vraagt hij wanner hij naar haar borsten wijst. Opnieuw ‘ja’. ‘Is die echt?’ Hij voelt aan haar baard. ‘Ja.’ Ze pulkt even aan de haartjes om het te bewijzen. ‘Waarom laat jij een baard groeien?’ ‘Omdat ik het kan.’ Het jongetje blijft over haar baard wrijven. De twee praten verder bij een kopje thee. ‘Mag ik je vriend zijn?’ Het is niet altijd zo gemakkelijk voor Gözde. ‘Intergender’ of ‘gender queer’ noemt ze zichzelf. Ze is geboren als meisje, heeft geen geslachtsoperatie ondergaan, maar slikt mannelijke hormonen, vandaar de baardgroei. Ze is trots op de stoppels op haar kin. ‘Dit ben ik. Ik kan mezelf niet in het hokje man of vrouw stoppen. De ene dag voel ik me vrouw en speel ik met mijn vrouwelijkheid. De volgende tape ik mijn borsten in, laat ik het haar op mijn benen staan en draag ik mannenkleren.’ Hoe flexibel gender ook voor haar is, het is het zeker niet in het land waar ze woont. De Turkse maatschappij is sterk gesegregeerd. Van de restaurants tot de internetcafés, allemaal hebben ze een aparte sectie voor mannen en voor vrouwen. Aan vanzelfsprekende acties als naar het toilet gaan of kleren passen, gaan moeilijke beslissingen vooraf voor Gözde. Wie haar uit de vrouwentoiletten wil verjagen, krijgt lik op stuk. ‘Ik heb ook borsten. En ik heb leren plassen toen ik heel klein was, ik weet heus wel hoe het moet.’ Gözde staat stevig in haar schoe-
nen. Ze wordt geregeld uitgescholden en lastiggevallen op straat, maar met extreem fysiek homofoob geweld kreeg ze nog niet te maken. ‘Het zijn vooral de vrouwelijke transgenders die het hier extra moeilijk hebben’, vertelt Andrew Gardner, die met Amnesty International strijdt voor gelijke rechten voor holebi’s en queers in Turkije. ‘Ze vinden vaak geen werk en zien zich genoodzaakt om aan de slag te gaan in de illegale seksindustrie. Ze zijn ook het vaakst slachtoffer van haatdelicten, maar de overheid weigert deze problematiek te erkennen. De politie beboet hen regelmatig en zonder grondige reden. Wie die praktijken durft in twijfel te trekken, riskeert dreigementen en geweld. 89 procent van de vrouwelijke transgenders was ooit al slachtoffer van fysiek geweld door de politie.’ Eremoord
Maar holebi’s in Turkije vrezen niet alleen politie-uniformen, en terecht. Het Istanbul Policy Centre lanceerde enkele maanden geleden de vraag ‘naast wie wil u niet wonen’. Armeniërs moesten 15 procent van de stemmen slikken, Koerden 12 en Roma 18 procent. Maar liefst 50 procent stelde niet naast homo’s te willen wonen. De cijfers verwonderen Gardner niet. ‘De huidige regering heeft niets gedaan om de mensenrechten van holebi’s te beschermen, in tegendeel zelfs. De huidige minister van Familiezaken stelt officieel dat homoseksualiteit een ziekte is die behandeld moet worden. Dergelijke uitspraken verhogen de discriminatie te-
‘Die dagen op het Tahrir-plein waren magisch. Ik sliep naast mensen die mij anders dood willen. Ze gaven me water en eten. “We hebben je nodig”’ genover holebi’s alleen maar. Gardner denkt terug aan Ahmet Yýldýz, een 26-jarige homo uit Istanbul. Hij werd voor zijn huis doodgeschoten, een eremoord. ‘In de maanden voor de schietpartij werd Ahmet met geweld bedreigd door zijn familie. Hij diende een klacht in en vroeg om bescherming. Na de moord bleek dat de klacht niet was onderzocht. Volgens Ahmets partner is ook het strafrechtelijk onderzoek niet grondig uitgevoerd. Aanwijzingen werden niet opgevolgd en de vader, de hoofdverdachte, werd niet ondervraagd.’ Vorig jaar werden minstens zestien mensen in Turkije vermoord wegens hun geaardheid. Turkije discussieert momenteel over een wetswijziging, een cruciaal moment om een expliciet verbod op discriminatie op basis van seksuele geaardheid of genderidentiteit op te nemen in de grondwet. Tijd ook om de bepa-
ling te laten vallen dat homoseksualiteit een psychoseksuele stoornis is, lijkt het, maar daar is Gardner het niet helemaal mee eens. ‘We zitten tussen twee vuren. Dat homo’s geestesziek zouden zijn, is natuurlijk onaanvaardbaar. Maar als we die discriminerende bepaling aanvechten, stellen we homo’s bloot aan andere gevaren. In Turkije hebben alle mannen verplichte militaire dienst. Ze kunnen geen gewetensbezwaren inroepen en er is ook niet zoiets als burgerdienst als alternatief. Als homo in het leger terechtkomen, staat gelijk aan vernedering en foltering. Het is de hel. Voor homo’s is ziekte – en dus hun zogenoemde psychoseksuele stoornis – de enige manier om aan de legerdienst te ontsnappen. Ook al betekent zo’n vrijstelling aanvragen dat je een tijdje kunt worden opgesloten en dat je onder meer foto’s moet tonen van je seksuele handelingen om je ge-
aardheid te bewijzen. Een onmenselijk systeem.’ Gay girl in Damascus
Vanuit westers perspectief is het niet eenvoudig een zicht te krijgen op de tactieken en mechanismen die nuttig zijn in de strijd tegen discriminatie. Dat ondervond ook Tom MacMaster, een Amerikaan die in Schotland studeert. Op zijn blog ‘Gay Girl in Damascus’ pretendeerde hij lange tijd het Syrische lesbische meisje Amina te zijn. Onlangs raakte bekend dat die Amina nooit heeft bestaan. Sacha is wel een echte ‘gay girl in Damascus’. Ze is een van de weinige openlijk lesbische vrouwen in Syrië. Hoewel, echt ‘out’ is ze niet. ‘Op mijn weblog schrijf ik wel dat ik queer ben en dat doe ik onder mijn echte naam. Maar mijn blog is voornamelijk in het Engels en Syriërs lezen bijna uitsluitend Arabische blogs.’ Haar vrienden en familie in haar thuisland zijn, op een beste vriend na, niet op de hoogte van haar geaardheid. ‘Ik hou zo veel van mijn familie dat ik ze niet wil kwijtraken door mij te outen.’ Deze keer wil Sacha alleen getuigen onder een schuilnaam, uit veiligheidsoverwegingen. ‘Er is de laatste tijd iets vreemds aan de hand. Syrië is lang een van de minst homofobe landen uit de regio geweest. Homoseksualiteit staat niet als zodanig in de wet. Oké, er is een wet tegen immoraliteit die op verschillende manieren geïnterpreteerd kan worden en kan worden misbruikt tegen queers. En ja, homo’s worden soms wel gearresteerd, opgeslo-
DE STANDAARD
BUITENLAND 37
ZATERDAG 2, ZONDAG 3 JULI 2011
Ook Turkije heeft zijn gay-scene. © Trui Hanoulle
Milen en Gözde
© Trui Hanoulle
In Turkije werden vorig jaar zestien mensen vermoord wegens hun geaardheid. © Trui Hanoulle
ten en onderdrukt. Maar het regime viseert niet systematisch homoseksuelen. Ze viseren mensen die er “raar” uitzien, zich “opvallend” gedragen, zeker zij die er zeer “gay” uitzien. Ik zie eruit als een gewoon heteromeisje, ik gedraag me niet butch, dus ik heb nog nooit problemen gehad.’ ‘Sinds kort wordt er echter wel hardhandig opgetreden tegen homoseksuelen. Voor het eerst. Je moet dat zien vanuit de politieke context. De regerende Baath-partij is bang voor onrust in Syrië. De overheid bestaat uit leden van de Alawite-sekte, een minderheid in het land. Ze maken maar 10 procent uit van de bevolking. Ze vrezen de revolutie van het volk en proberen te overleven door de spanningen tussen verschillende groepen bewoners te manipuleren. De meerderheid is tegen holebi’s, dus offert het regime ons op om zelf te kunnen overleven. Een zorgwekkende evolutie.’ Wat ging er in haar om toen ze ontdekte dat de blog van Amina vals was? ‘Verraden, zo voelde ik me. Ik heb de blog jarenlang heel serieus genomen. Ik mailde geregeld met Amina, we werden vrienden. Helaas enkel virtuele vrienden, in alle betekenissen van het woord, zo bleek later. Net als ik haatte ze het Syrische regime. Samen schreven we een statement ‘Syrische queers werpen het regime omver’. Drie dagen voor we het statement zouden lanceren, las ik een bericht van haar neef dat ze geslagen en ontvoerd was door gewapende agenten van de geheime dienst. Zulke dingen gebeuren natuurlijk echt, dus ik was doodongerust. Ik probeerde
haar te zoeken. Ik heb mezelf extra blootgesteld, heb risico’s genomen omdat ik vreesde voor het leven van een meisje dat nooit bestaan heeft. Holebi’s en kritische bloggers uit Syrië werden geviseerd door de overheid en dat allemaal om een domme stunt van een Amerikaan. Hij heeft ons leven in gevaar gebracht.’ Typisch neokolonialisme, noemt Sacha het. ‘Een blanke heteroman die denkt dat hij de stem is van een volk in revolutie. De “eerste wereld” geeft zichzelf altijd het recht om in de naam van anderen te spreken. Laat ons zelf spreken. We hebben niemand nodig die ons helpt.’ Betekent dat dat ze haar stem zal laten horen als queer activiste? ‘Neen, ik heb me nooit echt onderdrukt gevoeld als queer. Maar ik ben zeker onderdrukt op andere manieren. Ik mag niet demonstreren, ik mag niet om democratie vragen…Wel, het is nu het moment om het regime te doen vallen. Het zal ons lukken, maar de prijs zal hoog zijn. Duizenden mensen zijn al opgesloten, 600 mensen lieten al het leven, velen
onder hen zijn mijn vrienden. Ik focus nu op de revolutie, niet op rechten voor homo’s. Er zijn nu belangrijkere en dringendere dingen te doen.’ Queer@Tahrir
Kholoud, een activiste uit Egypte, denkt er helemaal anders over. ‘Ik ken die redenering maar al te goed: “Ja, homorechten zijn nodig, maar we hebben nu andere katten te geselen en moeten ijveren voor mensenrechten”. Wel, homorechten zijn mensenrechten. Zonder keert iedereen ons de rug toe: feministen, intellectuelen, ngo’s.’ Met andere woorden, de holebi’s staan er alleen voor. Geen evidentie in het oerconservatieve Egypte. ‘Sinds de jaren vijftig werd het veel moeilijker voor al wie afweek van de norm. Dat is de invloed van het conservatisme uit de Golfstaten. Ik zie het ook in mijn eigen familie en op straat. Ineens word ik er continu op aangesproken dat ik geen hijab draag, of kort haar heb. De makkelijkste oplossing is een kruis dragen, dan denken ze dat je christen bent en pro-
‘Ik hou zo veel van mijn familie dat ik ze niet wil kwijtraken door mij te outen’
beren ze je hooguit te bekeren.’ Ook de overheidsrepressie nam steeds meer toe. Zo pakte de politie op 11 mei 2001 52 mannen op de Queen Boat op, een soort feestboot op de Nijl waar homo’s en queers samenkwamen om iets te drinken. Plots was de overheid heel creatief met de wet; die mannen zijn opgepakt op beschuldiging van ‘losbandigheid’ en ‘onzedig gedrag’ of op ‘minachting van de godsdienst’.’ Ze zijn geslagen en onderworpen aan forensische onderzoeken ‘om hun homoseksualiteit te bewijzen’ en een tijd gevangen gezet. Kholoud wordt nog kwaad als ze eraan denkt. ‘Het ergste was dat de kranten de namen en adressen van de betrokken afdrukten, waardoor hun leven bedreigd werd.’ ‘Na de Queen Boat kroop iedereen terug “in de kast”, de hele subcultuur ging ondergronds. Wie het land uit kon, verdween. Een heleboel anderen trouwden, om minder verdacht te lijken. Iedereen was doodsbang. Vrienden deden plots alsof ze elkaar niet kenden. Even leek het internet uitkomst te bieden voor wie toch nog durfde te daten, maar algauw sloeg ook daar de repressie toe. ‘In 2004 heeft de geheime politie heel wat mensen opgepakt na valse afspraakjes; agenten deden zich op het net voor als homo, en sloegen tijdens het eerste afspraakje hun dates in de boeien. De politie dreigde hen er zelfs van te beschuldigen dat ze Israëlische spionnen waren; daar krijg je de doodstraf voor.’ De kloof tussen de traditionele maatschappij en de homogemeenschap werd alsmaar breder. Egypte maakte ook een zwaai naar rechts, de mensen werden religieuzer. Tot de bom barstte op het Tahrir-plein. De politie ging stevig tekeer, maar de mensen lieten zich niet zomaar wegjagen. In de volkswoede vonden de uitersten elkaar. ‘Een vrouw zag dat de politie op ons schoot en wenkte mij van op de vijfde verdieping; een oudere, traditionele huisvrouw met hoofddoek. “Hé jij”, riep ze, “meisje dat op een jongen lijkt!”. Eenmaal boven gaf ze me een doos vol lege flessen “om molotovcocktails mee te maken”.’ ‘Kholoud werd een tijdje aangehouden, maar kwam gelukkig goed weg. ‘Het waren afschuwelijke ondervragingen, maar ik hield me van de domme. Gay? Niets mee te maken. Na tientallen uren ondervragingen lieten ze me gaan.. In tegenstelling tot veel anderen bleef het bij verbaal geweld.’ Tahrir heeft misschien een kortstondige alliantie gesmeed tussen de religieuzen en de linkse activisten, maar is dat effect ook duurzaam? En hebben de holebi’s echt iets gewonnen bij de revolutie? ‘Dat denk ik wel. Maar de weg is nog lang. Op straat word ik geregeld uitgescholden, aangerand of aangevallen. Ik moest al vaker rennen voor mijn leven. Er is geen
sprake van dat we op dit moment op straat komen voor homorechten. Maar we moeten blijven vechten.’ ‘Out and proud’ met hoofddoek
Zenperest – een schuilnaam die ‘houdt van vrouwen’ betekent in het Osmaans – is met haar hoofddoek een opvallende verschijning tussen de soms extravagante holebi’s, transseksuelen, travestieten en queers. ‘Ja, ik ben een moslima en ja ik ben lesbisch. Ik ben met allebei zeer tevreden, van een dilemma heb ik geen last. Ik probeer zoveel mogelijk te volgen wat de Koran opdraagt. In mijn geloof en volgens wat ik weet, verbiedt de islam homoseksualiteit niet, alleen maar homoseksuele handelingen. In de islam moet je je gevoelens op die manier wat onderdrukken. Ik ben ‘out and proud’ met mijn hoofddoek.’ Tenminste hier, in Istanbul, de ‘grote stad’, is ze ‘out’. Haar ouders weten van niets. ‘Ik woon niet bij hen in, dus voel ik ook niet de noodzaak om het hen te vertellen. Hoewel, af en toe knaagt het dat ik het diepste van mezelf niet kan delen. Ik denk niet dat ze me zouden verstoten, mocht ik vertellen dat ik op vrouwen val, maar ze zouden niet blij zijn, dat zeker.’ Aan haar vrienden vertelde Zenperest wel over haar geaardheid. Ze ontdekte het dan ook vrij vroeg. ‘Ik was twaalf. Behoorlijk beangstigend, want ik voelde dat ik niet was zoals mijn vriendjes. Ik was anders. Zo anders dat ik het niet kon bevatten. Ik moest wel een jongen zijn, dacht ik, want ik werd verliefd op meisjes. Een andere optie kon ik niet bedenken. Het is pas sinds enkele jaren dat ik vrede heb met het feit dat ik wel een vrouw ben, en dat ik geen man moet zijn om van andere vrouwen te houden.’ Verleiden
Rechte rug, kin omhoog, vuur in de ogen. Milen, de vriendin van Gözde, volgt tangolessen bij Seyhan, ook een lesbienne. ‘Queer tango. Los van alle heteronormatieve codes’, verbetert Seyhan. Hier zie je soms frêle meisjes beren van mannen leiden. Verleiden, ja, daar gaat het wel nog steeds om. Milen weet er alles van sinds ze op haar zeventiende haar ‘lesbische mentor’ ontmoette. ‘Ze was mijn lerares op school, maar leerde me ook flirten met vrouwen. Uit een boekje, dating voor lesbiennes, in het Engels natuurlijk. Ik neukte in die tijd alles wat rondliep, enfin mannen dan. Maar vrouwen, nee, die durfde ik niet te benaderen. Op een chic feestje zag ik een superbabe. Ze maakte oogcontact. De regeltjes, dacht ik, de regeltjes. Dus ik keek terug. Ik lachte. Zij lachte. Ik bood haar een sigaret aan. Alles volgens het boekje. Bleek zij miss Turkije te zijn. Die avond zelf belde ik nog extatisch naar mijn lerares: “het werkt! Ik heb miss Turkije geneukt!’