Skip to main content

Calculaties en analyses werkboek

Page 1

WERKBOEK NIVEAU 3&4

Calculaties en analyses

Rendement – Methode voor de commerciële beroepen Deze uitgave Calculaties en analyses maakt deel uit van de serie Rendement. Deze methode is ontwikkeld op basis van de kwalificatiedossiers Commercie en Marketing, Communicatie & Evenementen, geldig vanaf augustus 2016.

Het werkboek Calculaties en analyses hoort bij het theorieboek Calculaties en analyses en bevat verwerkingsopdrachten, toepassingsopdrachten en evaluatie-/ reflectieopdrachten. Ondersteunend leren Rendement biedt de gelegenheid zelfstandig of klassikaal aan de slag te gaan met het aanleren van ondersteunende kennis die nodig is voor het uitvoeren van kerntaken in de commerciële beroepen. Didactisch doordacht Rendement houdt nadrukkelijk rekening met leerstijlen van studenten en onderwijsstijlen van docenten, waarbij één doel voorop staat: voorbereiden op succes in een commercieel beroep. Herkenbare structuur Deze nieuwe editie van Rendement heeft een doordachte didactische opbouw met een heldere structuur. De methode is ingedeeld in zes herkenbare leerfasen: oriëntatie, theorie, verwerking, toepassing, evaluatie en toetsing.

Calculaties en analyses WERKBOEK

Calculaties en analyses In marketing- en communicatiefuncties werk je vaak met een budget. Met een budget bepaal je hoeveel geld je gaat uitgeven aan reclame en andere marketingactiviteiten. Calculaties en analyses helpt te begrijpen wat de financiële kant van het werk inhoudt en om dit in perspectief te zien. Voor de begrippen in dit boek zijn de NIMA-definities gebruikt, wat het boek ook zeer geschikt maakt ter voorbereiding op NIMA examens.

commerciele beroepen

Rendement is geschreven voor de kwalificaties: • Commercieel medewerker • (Junior) accountmanager • Medewerker marketing- en communicatie • Medewerker evenementenorganisatie NIMA Rendement sluit volledig aan op de NIMA-A exameneisen.

HENK TIJSSEN INGE BERG EVELIEN VAN DIJK

9 789006 813593


Rondleiding door dit werkboek Het werkboek is verdeeld in hoofdstukken. Een hoofdstuk in het werkboek sluit precies aan bij een hoofdstuk in de theorie. Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

1

In de marketing en communicatie werk je vaak met een budget. Met een budget bepaal je hoeveel geld je gaat uitgeven aan reclame en andere marketingactiviteiten. Je hebt ook te maken met kosten. Er zijn allerlei soorten kosten. Je krijgt bijvoorbeeld te maken met kosten die je iedere dag opnieuw maakt. Denk daarbij aan kosten voor personeel en je kantoor. Of reiskosten. Daarnaast zijn er kosten die je maakt voor een bepaalde marketing- of communicatieactiviteit: denk aan kosten voor het maken van radiospotje. Of het drukken van een grote reclameposter. Of het opzetten van een communicatiecampagne met een communicatiebureau. Kortom, allerlei kosten. Heb jij genoeg budget? Dit hoofdstuk bevat verwerkingsvragen, toepassingsvragen en een checklist over de volgende onderwerpen: • Functies van een budget • Soorten budget • Budgetteringsmethoden • Marketing- en communicatiebudget • Kostensoorten • Afschrijvingen, slijtage en levensduur • Complementaire kosten

Hoofdstukopening Je leest waar het hoofdstuk over gaat en welke onderwerpen aan de orde komen. Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

Verwerking 1.1 Functies van een budget 1

Hoe staat het met jouw budget? a Geef in de volgende tabel aan hoeveel budget je per maand en/of per jaar hebt voor verschillende uitgaven en activiteiten.

Activiteit

Budget per maand

Budget per jaar

kleding uitgaan/ bioscoop hobby anders, nl

1 5

In dit werkboek staan verschillende soorten opdrachten.

b

2

Kom je uit met je budget? Waaraan zou je graag meer geld besteden?

Noem drie redenen om met een marketingbudget te werken. 1 2 3

3

Wat is het verschil tussen een voor- en een nacalculatie?

Verwerking Helpen je de theorie te leren en te begrijpen. Ze zijn geordend per hoofdstuk.

1 6

Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

Toepassing Hiermee pas je de theorie toe in uitdagende opdrachten en realistische casussen. Je werkt dan ook aan belangrijke algemene vaardigheden als samenwerken, informatie zoeken, presenteren, kritisch denken, plannen en problemen oplossen.

Toepassing

1

1 1 1

52

Budgettips Ga naar de site van het Nibud (www.nibud.nl) en zoek de budgettips op het gebied van school en kleedgeld. Schrijf minimaal vijf tips op.

53

Marketingbudgetten Zoek samen met een andere student op internet naar de marketingbudgetten van de volgende bedrijven: Coca-Cola, Unilever, Starbucks en Apple. Kijk of je gegevens van verschillende jaren kunt vinden. Kijk ook of je verschillende budgetten kunt vinden voor wereldwijde marketing, of alleen in Europa of in Nederland. Maak een verslag van jullie bevindingen. Overleg met je docent of en hoe je het verslag kunt presenteren.

54

Marketingbudget bepalen Lees het volgende artikel en beantwoord daarna de vragen.

Marketingbudget bepalen doe je zo Ben je bereid te investeren, maar vind je het lastig te bepalen wat redelijk is? Dan heb ik dit blogartikel geschreven voor jou! Om jouw marketingbudget te bepalen is het slim om dit te doen op basis van de omzet. Uit een onderzoek van Gartner bleek dat bedrijven ongeveer 10,4% van hun omzet uitgeven aan marketing. Dit is inclusief salarissen voor marketeers, budget voor campagnes en alle benodigde marketingmaterialen. Binnen deze 10,4% vallen ook de kosten die men maakt voor online marketing. Wanneer we online marketing lostrekken van alle overige marketing, wordt voor online marketing een budget gereserveerd van 2,5% ten opzichte van de omzet. Het grootste gedeelte hiervan gaat naar online adverteren. Maar CMO’s geven aan moeilijk te kunnen achterhalen of dit daadwerkelijk effectief is.

Iconen helpen je op weg

1 1 1 1 1 1 1

1 16

geeft aan dat je een deel van de theorie (nog een keer) leest om de vraag te kunnen beantwoorden. bij deze opdracht werk je samen met anderen. bij deze opdracht zoek je informatie op internet. bij deze opdracht werk je aan je schrijfvaardigheden, bijvoorbeeld met het schrijven van een uitgebreid antwoord, verslag of rapport. bij deze opdracht laat je de uitkomsten zien in een mondelinge presentatie. geeft aan dat het gaat om een creatieve opdracht. hier moet je je eigen visie of mening geven.


Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten Verwerking 6 Toepassing 16 Checklist 32 Hoofdstuk 2 Begroten Verwerking 34 Toepassing 40 Checklist 44 Hoofdstuk 3 Balans Verwerking 46 Toepassing 53 Checklist 56

5

33

45

Hoofdstuk 4 Kostencalculatie en prijsbepaling Verwerking 58 Toepassing 73 Checklist 76 Hoofdstuk 5 Omzet, winst en marktaandeel Verwerking 78 Toepassing 83 Checklist 85

57

77

Hoofdstuk 6 Kengetallen en analyse van het beleid Verwerking 87 Toepassing 93 Checklist 98

86


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

1

In de marketing en communicatie werk je vaak met een budget. Met een budget bepaal je hoeveel geld je gaat uitgeven aan reclame en andere marketingactiviteiten. Je hebt ook te maken met kosten. Er zijn allerlei soorten kosten. Je krijgt bijvoorbeeld te maken met kosten die je iedere dag opnieuw maakt. Denk daarbij aan kosten voor personeel en je kantoor. Of reiskosten. Daarnaast zijn er kosten die je maakt voor een bepaalde marketing- of communicatieactiviteit: denk aan kosten voor het maken van radiospotje. Of het drukken van een grote reclameposter. Of het opzetten van een communicatiecampagne met een communicatiebureau. Kortom, allerlei kosten. Heb jij genoeg budget? Dit hoofdstuk bevat verwerkingsvragen, toepassingsvragen en een checklist over de volgende onderwerpen: • Functies van een budget • Soorten budget • Budgetteringsmethoden • Marketing- en communicatiebudget • Kostensoorten • Afschrijvingen, slijtage en levensduur • Complementaire kosten

1 5


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

Verwerking 1.1 Functies van een budget 1

Hoe staat het met jouw budget? a Geef in de volgende tabel aan hoeveel budget je per maand en/of per jaar hebt voor verschillende uitgaven en activiteiten.

Activiteit

Budget per maand

Budget per jaar

kleding uitgaan/ bioscoop hobby anders, nl

b

2

Kom je uit met je budget? Waaraan zou je graag meer geld besteden?

Noem drie redenen om met een marketingbudget te werken. 1 2 3

3

Wat is het verschil tussen een voor- en een nacalculatie?

1 6


Verwerking

4

Wat kun je leren van een budgetverschil?

1.2 Soorten budget 5

Noem vier soorten budget. 1 2 3 4

6

Wat is het verschil tussen een vast en een flexibel budget?

7

Wat is het verschil tussen een gemengd en een variabel budget?

8

De eigenaar van een lunchroom geeft aan advertentiekosten een vast bedrag per jaar uit via een wekelijkse advertentie in het regionale dagblad. In de zomervakantie plaatst hij gedurende zes weken geen advertenties. Elke week geeft hij een bedrag van € 1.000 aan advertenties uit. Reken het vaste budget per jaar uit.

9

Een energiebedrijf geeft aan advertentiekosten 6% van de omzet uit. Wat is het budget bij een omzet van € 30.000.000?

1 7


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

1.3 Budgetteringsmethoden 10

Noem zes budgetteringsmethoden en geef van elk een voorbeeld. 1 2 3 4 5 6

11

Kies het goede antwoord. a Autobedrijf Groen stelt het budget vast op basis van de uitgaven over de vier afgelopen jaren. Hier wordt de sluitpostmethode / voorgaande jaren extrapoleren budgetteringsmethode gebruikt. b De omzet van Groen daalt met 12% als gevolg van de kredietcrisis. Groen besluit het budget te verhogen met 8000 euro. Dit is de taakstellende methode / anticyclische budgetteringsmethode. c Groen geeft 3% van de omzet uit aan marketing. Dit is de omzetpercentagemethode/ sluitpostmethode. d Groen hoort dat een autobedrijf in de stad een grote reclamecampagne doet en verhoogt het budget met 5000 euro. Dit is de taakstellende methode / concurrentievergelijkingmethode.

12

Omschrijf de anticyclische methode in je eigen woorden.

1.4 Marketing- en communicatiebudget 13

Omschrijf de vier stappen die je neemt als je een budget wilt vaststellen voor marketing en communicatie. 1 2 3 4

1 8


Verwerking

1.5 Kostensoorten 14

Welke kosten zijn verbonden aan het gebruik van de grond?

15

Waarom hoeft op de grond meestal niet te worden afgeschreven?

16

Noem zes soorten huisvestingskosten. 1 2 3 4 5 6

17

Wat is een hypotheek?

18

Waarom sluiten bedrijven hypotheken af?

19

Wat ontvangt een bank als vergoeding voor het geven van een hypotheek aan een bedrijf?

20

Welke drie loonsystemen ken je? 1 2 3

21

Wat is tijdloon?

1 9


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

22

Noem twee voordelen en twee nadelen van tijdloon. 1

2

23

Noem twee situaties waarin tijdloon moet worden toegepast. 1 2

24

Noem twee voordelen en twee nadelen van stukloon. 1

2

25

Wat is een premieloonstelsel?

26

Geef twee voorbeelden van kosten van diensten van derden. 1

2

27

Noem vijf soorten kosten waar ondernemingen mee te maken krijgen. 1 2 3 4 5

1 10


Verwerking

28

Wat is het verschil tussen inkoopkosten en fabricagekosten?

29

Wat zijn onvoorziene kosten?

30

Geef drie voorbeelden van organisatiekosten. 1 2 3

31

Geef drie voorbeelden van administratiekosten. 1 2 3

1.6 Afschrijven, slijtage en levensduur 32

Welke nadelen brengt het aanschaffen van een duurzaam productiemiddel met zich mee?

33

Wat versta je onder de technische levensduur?

34

Wat is de economische levensduur?

35

Welke van deze twee is doorgaans het langste: technische of economische levensduur? Waarom?

1 11


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

36

Welke redenen ken je voor economische slijtage?

37

Welke andere redenen ken je nog waardoor een productiemiddel niet optimaal kan worden gebruikt?

38

Wat is afschrijven?

39

Waarvan is de afschrijving op een duurzaam productiemiddel afhankelijk?

40

Een machine wordt aangeschaft voor € 36.000. De economische levensduur wordt gesteld op 5 jaar. De restwaarde wordt geschat op € 1.000. Er wordt afgeschreven met een vast percentage van de aanschafprijs. Bereken het jaarlijks af te schrijven bedrag.

41

In supermarkt Harmans is een vrieskist aangeschaft voor € 14.200. De levensduur wordt geschat op 6 jaar. De restwaarde wordt gesteld op 20% van de aanschafprijs. Bereken het jaarlijks af te schrijven bedrag. Rond af op twee decimalen.

1 12


Verwerking

42

Een machine waarop 15% per jaar van de aanschafprijs wordt afgeschreven, heeft een boekwaarde van € 18.000, nadat er vier jaar op is afgeschreven. Bereken de aanschafprijs van deze machine.

43

In de industriële onderneming Robust bv kunnen per jaar 5.000 producten worden gemaakt met behulp van machine SW. Van deze machine is het volgende bekend: • aanschafprijs € 120.000, exclusief € 5.000 installatiekosten; • restwaarde € 7.000; • verwachte sloopkosten € 2.000; • levensduur 10 jaar. a Bereken het jaarlijks af te schrijven bedrag.

b

Bereken het jaarlijkse afschrijvingspercentage.

c

Bereken de afschrijvingskosten per eenheid product.

d

Bereken de waarde van de machine aan het einde van het negende jaar.

1 13


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

44

Wat weet je van de grootte van de afschrijvingsbedragen bij de verschillende afschrijvingsmethoden gedurende de levensduur van het duurzaam productiemiddel?

45

Een bedrijfsauto is aangeschaft voor € 25.000. Er zal op worden afgeschreven met 30% per jaar van de boekwaarde. Bereken de afschrijving in het eerste, tweede en derde gebruiksjaar.

1e jaar:

=

2e jaar:

=

3e jaar:

=

46

Op een machine wordt per jaar 20% van de boekwaarde afgeschreven. Nadat er drie jaar is afgeschreven, heeft de machine een boekwaarde van € 25.600. Bereken de aanschafprijs.

47

Een machine wordt afgeschreven met 30% van de boekwaarde per jaar. De boekwaarde na vier jaar is € 24.010. Bereken de aanschafprijs.

48

In onderneming Cantor wordt het product Tar geproduceerd en verkocht. Voor de productie van Tar is een machine aangeschaft met een aanschafprijs van € 84.000. De afschrijving bedraagt 25% per jaar van de boekwaarde. In het eerste jaar worden 10.000 artikelen geproduceerd en afgezet. Elk volgend jaar vermindert de productie en afzet met 1000 eenheden ten opzichte van het vorige jaar.

1 14


Verwerking

a

Bereken de afschrijvingskosten voor het vierde jaar. Rond af op twee decimalen.

aanschafwaarde

afschrijving boekwaarde begin 2e jaar

afschrijving boekwaarde begin 3e jaar

afschrijving boekwaarde begin 4e jaar

afschrijving

49

b

Bereken de productie in het vierde jaar.

c

Bereken de afschrijvingskosten per eenheid product in het vierde jaar. Rond af op twee decimalen.

Met welke drie kosten moet rekening worden gehouden bij het bepalen van de economische levensduur van een duurzaam productiemiddel? 1 2 3

1.7 Complementaire kosten 50

Hoe komt het dat de complementaire kosten meestal ieder jaar toenemen?

51

Hoe komt het dat de productie in veel gevallen ieder jaar minder is dan het voorgaande jaar?

1 15


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

Toepassing

1

1 1 1

52

Budgettips Ga naar de site van het Nibud (www.nibud.nl) en zoek de budgettips op het gebied van school en kleedgeld. Schrijf minimaal vijf tips op.

53

Marketingbudgetten Zoek samen met een andere student op internet naar de marketingbudgetten van de volgende bedrijven: Coca-Cola, Unilever, Starbucks en Apple. Kijk of je gegevens van verschillende jaren kunt vinden. Kijk ook of je verschillende budgetten kunt vinden voor wereldwijde marketing, of alleen in Europa of in Nederland. Maak een verslag van jullie bevindingen. Overleg met je docent of en hoe je het verslag kunt presenteren.

54

Marketingbudget bepalen Lees het volgende artikel en beantwoord daarna de vragen.

Marketingbudget bepalen doe je zo Ben je bereid te investeren, maar vind je het lastig te bepalen wat redelijk is? Dan heb ik dit blogartikel geschreven voor jou! Om jouw marketingbudget te bepalen is het slim om dit te doen op basis van de omzet. Uit een onderzoek van Gartner bleek dat bedrijven ongeveer 10,4% van hun omzet uitgeven aan marketing. Dit is inclusief salarissen voor marketeers, budget voor campagnes en alle benodigde marketingmaterialen. Binnen deze 10,4% vallen ook de kosten die men maakt voor online marketing. Wanneer we online marketing lostrekken van alle overige marketing, wordt voor online marketing een budget gereserveerd van 2,5% ten opzichte van de omzet. Het grootste gedeelte hiervan gaat naar online adverteren. Maar CMO’s geven aan moeilijk te kunnen achterhalen of dit daadwerkelijk effectief is.

1 16


Toepassing

Leuk om te zien is het gegeven dat na online advertising, het meeste budget voor online marketing gaat naar content marketing. Belangrijk! Uit onderzoek blijkt namelijk dat de leads die met content en inbound marketing gegenereerd worden, goedkoper zijn dan leads die door advertising (oftewel outbound marketing) gegenereerd worden. Gemiddeld besteden organisaties dus in z’n totaliteit ongeveer 10,4% van hun omzet aan marketing. Bron: www.one4marketing.nl

a

Welke kosten zijn volgens dit artikel meestal verwerkt in het marketingbudget?

b

Hoeveel budget is er gemiddeld voor online marketing?

c

Aan welke vorm van marketing wordt het grootste deel van het online marketingbudget besteed?

d

Wat is goedkoper: content marketing of adverteren? Leg je antwoord uit.

e

Het bedrijf van Samir heeft een verwachte jaaromzet van € 900.000. Samir heeft het bovenstaande artikel ook gelezen en besluit zich aan het gemiddelde marketingbudget te houden. Reken uit: • het marketingbudget van Samir;

•

het online marketingbudget van Samir.

1 17


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

55

Kopen of pachten Handelsonderneming Sluiter heeft haar gebouw gebouwd op een stuk grond dat in eigendom is verkregen voor € 820.000. Als interestkosten wordt 8% per jaar berekend. De grond had ook gepacht kunnen worden voor € 6000 per maand. Bereken het jaarlijkse voordeel van het kopen van de grond ten opzichte van het pachten.

56

Loon berekenen Clara Burgers vult in een verffabriek blikken met verf. Zij wordt geacht 100 blikken per uur te vullen. Ze verdient een salaris van € 312 per week. Per week wordt 40 uur gewerkt. Wanneer zij meer blikken vult, ontvangt zij een premie van 50% van het uitgespaarde loon. In week 49 heeft Clara 4380 blikken gevuld. Bereken het loon van Clara in week 49.

57

Loon berekenen Hans Baars werkt in een rijwielfabriek. Hij draait daar velgen. De normale prestatie is gesteld op 15 velgen per uur. Het basisloon is € 300 bij een 40-urige werkweek. Wanneer hij sneller werkt dan normaal, ontvangt hij een premie van 30% van de uitgespaarde tijd. a Bereken het weekloon wanneer Hans in een week 500 velgen maakt.

1 18


Toepassing

58

b

Bereken het weekloon wanneer Hans in een week 600 velgen maakt.

c

Bereken het weekloon wanneer Hans in een week 700 velgen maakt.

Kosten van diensten van derden Onderneming Bleistra laat haar administratie verzorgen door belastingkantoor Joustra. Voor de administratie over 2020 brengt Joustra onderneming Bleistra het volgende in rekening: • administratieve werkzaamheden 46 uur à € 30; • samenstelling loonstaten personeel 6 stuks à € 65; • samenstellen en bespreken balans 5 uur à € 100; • verzorging belastingaangifte € 250; • advisering betreffende investeringen € 800; • btw 21%. Bereken voor onderneming Bleistra de kosten van diensten van derden.

59

Fabricagekosten Een bedrijf produceert zakagenda's. De totale kosten om één agenda te maken bedragen € 3. Het bedrijf maakt 20.000 agenda's per jaar. Bereken de fabricagekosten.

1 19


Hoofdstuk 1 Budget en kostensoorten

60

Onvoorziene kosten Bereken het bedrag dat men normaal gesproken voor de onvoorziene kosten zal reserveren als de totale kosten € 675.000 zijn.

61

62

Jouw school a

Beschikt de school over duurzame productiemiddelen? Zo ja, welke weet je?

b

Op welke manier schrijft de school op haar duurzame productiemiddelen af? Tip: dit staat in de jaarrekening van de school.

Jouw omgeving Welke afschrijvingsmethoden zijn er? Informeer bij ondernemingen in de omgeving welke methode daar wordt gebruikt en waarom.

63

Product Misa In een onderneming is voor de vervaardiging van het product Misa een machine aangeschaft. Met betrekking tot deze machine worden de volgende gegevens verstrekt: • aanschafprijs € 63.000; • restwaarde € 3.000;

1 20


Toepassing

• economische levensduur 6 jaar; • technische levensduur 9 jaar. Per jaar worden 4000 producten gemaakt. Er wordt afgeschreven met een vast percentage van de aanschafprijs. a Bereken het jaarlijks af te schrijven bedrag.

64

b

Bereken het afschrijvingspercentage in twee decimalen nauwkeurig.

c

Bereken de afschrijvingskosten per product. Rond af op twee decimalen.

d

Bereken de boekwaarde van de machine aan het einde van het vierde gebruiksjaar.

Onderneming Zandstra In onderneming Zandstra is een machine aangeschaft waarmee jaarlijks 12.000 paar schaatsen kunnen worden gemaakt. Op de factuur staan de volgende gegevens.

machine UT 12

€

28.400

btw 21%

€

5.964

totaal

€

34.364

De economische levensduur van de machine wordt op 8 jaar gesteld, waarna de restwaarde € 1400 zal zijn. Er wordt afgeschreven met een vast percentage van de aanschafprijs. a Bereken het jaarlijks af te schrijven bedrag.

b

Bereken het afschrijvingspercentage in één decimaal nauwkeurig.

1 21


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Calculaties en analyses werkboek by ThiemeMeulenhoff - Issuu