WERKBOEK NIVEAU 4
Kraam, kind en jeugd in het ziekenhuis
Deze uitgave Kraam, kind en jeugd in het ziekenhuis maakt deel uit van de serie Traject V&V. De theorie van deze uitgave sluit volledig aan bij onderstaande werkprocessen uit het kwalificatiedossier Mbo-Verpleegkundige. P1-K1-W1 Biedt zorg en begeleiding rond onderzoek en behandeling P1-K1-W2 Communiceert met een zorgvrager ter bevordering van behandeling en herstel
verpleegkundige
De leermiddelen uit de serie Traject V&V zijn bestemd voor de opleiding Verzorgende IG (niveau 3) en de opleiding Mbo-Verpleegkundige (niveau 4). Door de thematische opbouw is Traject V&V geschikt voor alle onderwijsvormen en alle leerwegen, past daarnaast in verkorte trajecten en sluit aan bij elke leerstijl. De leerstof is opgebouwd uit: theorie, praktijksituaties en beroepsvaardigheden. Je kunt starten vanuit de theorie of vanuit een (gesimuleerde) praktijksituatie. Wat voor jou het beste werkt.
De praktijksituaties zijn realistische beschrijvingen van situaties uit de beroepspraktijk, inclusief opdrachten gekoppeld aan houdingsaspecten, vaardigheden en kenniselementen. De beroepsvaardigheden bevatten opdrachten voor het stapsgewijs aanleren van instrumenteel-technische en sociaal-agogische vaardigheden. Het complete aanbod van Traject V&V bestaat uit: - theorieboeken met een heldere en gestructureerde uitleg over de benodigde vakkennis, verduidelijkt met veel praktijkvoorbeelden; - werkboeken met verwerkingsopdrachten, toepassingsopdrachten en evaluatie of reflectieopdrachten; - digitale omgeving met ondersteunend materiaal voor zowel student als docent. Wil je weten welke materialen er nog meer beschikbaar zijn bij Traject V&V? Kijk dan op: www.thiememeulenhoff.nl/trajectvenv
Auteurs: G. van den Aker C. Dirkse N. Dorenbos M.B. Haak H.P.M. van der Maat
Kraam, kind en jeugd in het ziekenhuis WERKBOEK
De theorie bevat alle basiskennis en achtergrondinformatie bij het betreffende werkproces en bevat veel voorbeelden uit de beroepspraktijk. De verwerkingsopdrachten sluiten aan bij de leerstof in de theorieboeken.
Onder redactie van: C.A. Abrahamse M.H.A.J. Gloudemans
9 789006 910681
WB_KKJZiekenhuis_N4_210x297.indd All Pages
28/08/17 16:08
Kraam, kind en jeugd in het ziekenhuis
G. van den Aker C. Dirkse N. Dorenbos M.B. Haak H.P.M. van der Maat
Colofon Auteur
Redactie
Over ThiemeMeulenhoff Over ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich educatieve uitgeverij tot learning een ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich vanvan educatieve uitgeverij tot een learning design company. Wecontent, brengen content, leerontwerp ensamen. Met design company. We brengen leerontwerp en technologie technologie samen. Met onze groeiende expertise, ervaring enpartner voor onze groeiende expertise, ervaring en leeroplossingen zijn we een leeroplossingen zijn we een voor scholen bij het vernieuwen en scholen bij het vernieuwen en partner verbeteren van onderwijs. Zo kunnen we samen verbeteren van onderwijs. Zo kunnen we lerenden samen beter recht doen aan zorde beter recht doen aan de verschillen tussen en scholen en ervoor verschillen tussen lerenden en scholen en ervoor zorgenwordt. dat leren steeds gen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt.
C.A. Abrahamse M.H.A.J. Gloudemans
Samen leren vernieuwen.
G. van den Aker C. Dirkse N. Dorenbos M.B. Haak H.P.M. van der Maat
Samen leren vernieuwen. www.thiememeulenhoff.nl
Vormgeving en omslag
www.thiememeulenhoff.nl
Studio Fraaj, Rotterdam
ISBN 9006 91068 1 2017 Eerste978 druk, eerste oplage, Eerste druk, eerste oplage, 2017
Fotografie omslag
© ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2017
Peter Bak, Rotterdam
© ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2017
Opmaak Imago Mediabuilders, Amersfoort
ISBN 978 90 06 91068 1
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, Alle rechteninvoorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden gemaakt, opgeslagen een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar verveelvoudigd, opgeslagen inhetzij een geautomatiseerd gegevensbestand, in enige vorm of op enige wijze, elektronisch, mechanisch, door foto- of openbaar gemaakt,ofinenig enige vormmanier, of op zonder enige wijze, hetzij elektronisch, kopieën, opnamen, andere voorafgaande schriftelijke mechanisch, doordefotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder toestemming van uitgever.
Fotografie
voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
© Bol.com; Joke Jansen / Nationale beeldbank; kidzpartykist.nl; Karin Ligthart Fotografie; Frank Muller / Zorg in beeld; Shutterstock; Hans Vroege
© Ad Gruter, Nieuwegein
Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van Voor het maken1912 van j° kopieën uit deze is toegestaan op en artikelzover 16B Auteurswet het Besluit van 23uitgave augustus 1985, Stbl. 471 grond vanAuteurswet artikel 16B1912, Auteurswet 1912 j° het Besluit vanverschuldigde 23 augustus 1985, artikel 17 dient men de daarvoor wettelijk verStbl. 471 ente artikel 17aan Auteurswet 1912, dientenmen de daarvoor wettelijk goedingen voldoen Stichting PublicatieReproductierechten Orgaverschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie- en Voor nisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Reproductierechten Organisatie Postbus 2130 KB Hoofddorp het overnemen van gedeelte(n) uit(PRO), deze uitgave in 3060, bloemlezingen, readers en (www.stichting-pro.nl). Voor het 16 overnemen vandient gedeelte(n) uitgave andere compilatiewerken (artikel Auteurswet) men zichuit tot deze de uitgever in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 het mate wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en Auteurswet) dient zich tot zie de www.auteursrechtenonderwijs.nl. uitgever te wenden. Voor meer ken van kopieën in men het onderwijs
Overige beelden
informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zieernaar www.auteursrechtenonderwijs.nl. De uitgever heeft gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de
© Elkerliek Ziekenhuis, ’s-Hertogenbosch; KNOV, Utrecht, Spaarne Ziekenhuis, Haarlem
De heeftkunnen ernaar zich gestreefd te regelen volgens nen uitgever doen gelden, alsnogde tot auteursrechten de uitgever wenden. de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.
Tekenwerk
wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kun-
Deze uitgave is volledig CO2-neutraal Deze uitgave is voorzien van hetgeproduceerd. FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. bosbouw voor het gebruikte papier op een verantwoorde wijze heeft Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden. plaatsgevonden.
Rondleiding door dit werkboek Het werkboek is verdeeld in thema’s. Een thema in het werkboek sluit precies aan bij een thema in de theorie. Thema 1 Lichamelijke verzorging
1
Themaopening Je leest waar het thema over gaat en welke hoofdstukken en onderwerpen aan de orde komen.
Lichamelijke verzorging is een belangrijk onderdeel van je werk als verzorgende. In dit thema gaat het om de verzorging van de huid, de haren, de slijmvliezen en het gebit. Daarbij is het belangrijk dat je het een en ander weet over de bouw en functies van deze lichaamsdelen. De lichamelijke of hygiënische verzorging is een belangrijk onderdeel van het takenpakket van de verzorgende. In eerste instantie wordt de hygiënische verzorging in de eerste levensjaren van een kind volledig door de mantelzorg gedaan. Naarmate een kind ouder wordt, neemt zijn zelfstandigheid toe, totdat er sprake is van volledige zelfzorg. Soms gaat het mis met de zelfzorg en de mantelzorg. Vaak moet je als verzorgende de hygiënische verzorging dan geheel of gedeeltelijk overnemen. Je hebt hierbij ook de taak om de familie van de zorgvrager in te schakelen. De wens van de zorgvrager komt hierbij altijd op de eerste plaats en daarna die van de familie. Daarnaast zijn er mensen die onvoldoende lichaamsbeweging krijgen om verschillende redenen. Door onvoldoende lichaamsbeweging kunnen allerlei complicaties ontstaan. Ook hier ligt een belangrijke taak voor jou als verzorgende om te weten hoe je bij bepaalde complicaties het beste kunt handelen. Dit thema bevat verwerkingsopdrachten, praktijksituaties, vaardigheden, themaopdrachten, studiehulp, evaluatie en reflectie over de volgende onderwerpen. Hoofdstuk 1: Bouw en functie van huid, slijmvliezen en gebit • huid • slijmvliezen • gebit Hoofdstuk 2: Hygiënische verzorging • doel van de hygiënische verzorging • hygiënische verzorging van de volwassene • de plaats voor hulp • hygiënische verzorging van de baby en het kind Hoofdstuk 3: Complicaties door onvoldoende lichaamsbeweging • decubitus • contracturen • osteoporose • trombose • longontsteking • obstipatie • smetten • blaasontsteking
Verwerking Verwerkingsopdrachten
1 Bouw en functie van huid, slijmvliezen en gebit 1
1
In de theorie staat dat de huid verschillende functies heeft. Een droge, schrale huid gaat eerder stuk, waardoor de huid niet optimaal functioneert. Welke functie van de huid is hier aangetast? a beschermen tegen schadelijke invloeden van buitenaf b lichaamstemperatuur regelen c stoffen uitscheiden d vet opslaan in het onderhuids bindweefsel
2
De huid bestaat uit drie lagen. Hieronder staan zes kenmerken. Vul in de tweede kolom in bij welke huidlaag het kenmerk hoort. Kies uit: opperhuid, lederhuid en onderhuids bindweefsel.
1 10
Het vet in deze laag zorgt voor warmte-isolatie. Er zitten geen bloedvaten in deze laag.
In dit werkboek staan verschillende soorten opdrachten. Deze helpen je om je de benodigde vakkennis en beroepsvaardigheden eigen te maken.
In deze laag zitten zweetklieren. In deze laag zitten pigmentkorrels. Deze laag is dikker op de billen, bovenbenen en bovenarmen. Deze laag bestaat uit de hoornlaag en de kiemlaag.
3
Verwerking Verwerkingsopdrachten helpen je de theorie te leren en te begrijpen. Ze zijn geordend per hoofdstuk.
De huid vertelt veel over iemand. a Beschrijf wat je aan jouw huid kunt aflezen.
1 11
Toepassing Praktijksituaties hiermee pas je de theorie toe in realistische praktijkbeschrijvingen. Vaardigheden om de benodigde beroepsvaardigheden aan te leren. Themaopdrachten grotere opdrachten waarmee je met de kennis en vaardigheden aan de slag gaat. Je werkt dan ook aan belangrijke algemene vaardigheden als samenwerken, informatie zoeken, presenteren, kritisch denken, plannen en problemen oplossen.
Toepassing Praktijksituaties Het gedrag van Jolanda maakt Chaimaa onzeker tijdens de lichamelijke verzorging Chaimaa Chaimaa is tweedejaarsstudent verzorgende IG. In het eerste leerjaar deed ze BPV in een zorgcentrum. Die BPV werd ruim voldoende beoordeeld. Chaimaa werkt nu een week bij de stichting Adamant. Mensen met een beperking hebben daar een zelfstandige woning in een normale woonwijk. Er is een dienstencentrum van waaruit hulp verleend wordt. Elke woning heeft een communicatielijn met dat centrum. Als een bewoner hulp nodig heeft, belt hij naar het dienstencentrum. In haar eerste week heeft Chaimaa kennisgemaakt met alle bewoners en geholpen bij de hygiënische verzorging. Overleg met Hanneke en Chaimaa Begeleidster Hanneke geeft uitleg over hoe de gegevens van zorgvragers vastgelegd worden in een elektronisch zorgdossier. Sommige bewoners vinden het fijn dat er een uitgebreid zorgplan van hen is. Anderen willen geen of nauwelijks informatie in het dossier. De bewoner bepaalt zelf hoe en wanneer hij verzorgd wordt. Hij is zelf actief in het vragen van hulp. ‘Als iemand besluit om een dag niet gewassen te worden, dan respecteren we dat’, vertelt Hanneke. Chaimaa leest het zorgdossier van Jolanda Dan gaat de telefoon. Hanneke neemt op: ‘Komt in orde, Jolanda. Is het goed dat Chaimaa komt? Ja, dat is dat nieuwe meisje dat vorige week begonnen is. Ik zal zeggen dat ze even moet nalezen hoe moeilijk jij bent, ha ha ha!’ Hanneke legt de telefoon neer en vraagt aan Chaimaa: ‘Durf jij het aan om Jolanda zelfstandig te wassen? Je moet wel eerst even in haar dossier kijken. Niet dat het al compleet is, hoor. Jolanda heeft zelf haar persoonsbeschrijving ingetypt, daar stond ze op. Wat er met de rest van het zorgplan moet gebeuren, daar wil ze nog over denken.’ Chaimaa loopt naar de computer en leest het zorgplan van Jolanda. Dan pakt Chaimaa haar jas en gaat.
1 19
THEMA 1 Lichamelijke verzorging
Evaluatie Studiehulp
1 Bouw en functie van huid, slijmvliezen en gebit 1
Stelling 1 De huid is een van de zintuigorganen. 2 Vitamine C wordt in de huid gevormd onder invloed van zonlicht. 3 Bij een verminderde doorbloeding is de huid rood. 4 De huid is overal even dik. 5 Pigmentkorrels bevinden zich in de opperhuid. 6 De buitenste laag van de lederhuid is de hoornlaag. 7 De talgkliertjes bevinden zich in de lederhuid. 8 Het onderhuids bindweefsel bestaat grotendeels uit vet. 9 De lengtegroei van de nagels vindt plaats vanuit het nagelbed. 10 Een volledig gebit van een volwassene bestaat uit 28 tanden en kiezen. 11 Het tandbeen wordt in zijn geheel bedekt door tandglazuur.
Juist Onjuist
◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯
◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯
Hoeveel vragen heb je goed beantwoord?
1 Hygiënische verzorging 2
Stelling Juist Onjuist 1 De hygiënische verzorging heeft meestal alleen invloed op het lichamelijk ◯ ◯ functioneren. 2 Een zorgvrager was je met lekker warm water. ◯ ◯ 3 Smetten is een huidirritatie die kan ontstaan doordat de huidplooien niet ◯ ◯ goed droog gemaakt worden. 4 In fase 2 van smetten is de huid kapot. ◯ ◯ 5 In fase 3 van smetten breng je zinkoxide FNA op de huid aan. ◯ ◯ 6 Neten zijn eitjes van de hoofdluis. ◯ ◯ 7 Bij aanwezigheid van luizen en neten is het gebruik van een ◯ ◯ bestrijdingsmiddel altijd aan te raden. 8 Als iemand hoofdluizen heeft, is dat een teken van een slechte hygiëne. ◯ ◯ 9 Wanneer je iemand scheert met een elektrisch scheerapparaat met een ◯ ◯ scheerblad, moet je op-en-neergaande bewegingen maken. 10 Een fysiologische zoutoplossing kun je gebruiken om de ogen te reinigen. ◯ ◯ 11 Stomatitis is een ontsteking van het oogslijmvlies. ◯ ◯ 12 De teennagels worden in het algemeen recht afgeknipt. ◯ ◯ 13 De vulva was je van schaamheuvel richting anus. ◯ ◯ 14 Zeep is een goed reinigingsmiddel voor de vulva. ◯ ◯ 15 Wanneer je als verzorgende een vrouw moet wassen die menstrueert, kun je ◯ ◯ het best handschoenen dragen.
1 76
Evaluatie Studiehulp een zelftoets waarmee je controleert of je de theorie kent. Antwoorden zijn op te vragen bij je docent. Evaluatie evalueren en reflecteren zijn belangrijke vaardigheden voor jouw toekomstige beroep: zet na elk thema op een rij wat je goed beheerst en wat je actiepunten zijn.
THEMA 5 Zorg voor de bedden
Vaardigheden Een vaardigheid heeft een vaste opbouw: Oefenen Toepassen Transfer Oriënteren
Vaardigheden Bed opmaken, zonder dat de zorgvrager in bed ligt Oriënteren
1
1 2
Bestudeer de theorie over het opmaken van het bed zonder zorgvrager. Bestudeer de beschrijving van deze vaardigheid. Voorbereiding 1 Vertel de zorgvrager wat er gaat gebeuren. 2 Leg of zet de volgende benodigdheden klaar: - niet-steriele handschoenen, een overschort en een wasmand. Voor een bed in de thuissituatie: - hoeslaken; - dekbedovertrek; - kussenslopen. Voor een hoog-laagbed: - boven- en onderlaken; - steeklaken; - deken; - kussenslopen. 3 Creëer voldoende werkruimte rondom het bed. 4 Zet het bed op werkhoogte. 5 Plaats een of twee stoelen aan het voeteneinde van het bed. 6 Verwijder hand- en polssieraden en was of desinfecteer je handen.
Observatielijsten
Observatielijsten Bij de meeste vaardigheden horen observatielijsten. Die vind je direct achter in dit werkboek. De observatielijsten zijn geordend per thema. Bovenaan staat bij welke vaardigheid de observatielijst hoort. Een observatielijst kun je gemakkelijk uit je werkboek halen. Zo kun je ze in de klas of in je BPV laten invullen.
Thema 1 Lichamelijke verzorging
277
Zorgvrager wassen op bed 277 Zorgvrager wassen op bed met wasdoekjes 281 Zorgvrager wassen aan de wastafel, onder de douche of in bad 285 Haren wassen op bed 289 Zorgvrager die zich op bed bevindt, scheren met een elektrisch scheerapparaat 291 Zorgvrager die zich op bed bevindt, scheren met scheermes en scheerzeep 293 Tandenpoetsen van een zorgvrager die zich op bed bevindt 295 Gebitsprothese verzorgen van een zorgvrager die zich op bed bevindt 297 Mondholte reinigen van een zorgvrager die zich op bed bevindt 299 Therapeutische elastische kousen met een open teenstuk aantrekken 301 Therapeutische elastische kousen met een gesloten teenstuk aantrekken 303 Therapeutische elastische kousen uittrekken 305 Hygiënische verzorging van een baby 307
Thema 2 Hulp bieden bij de opname van voeding en vocht Hulp bieden aan een zorgvrager die zelf niet kan eten en drinken Flesvoeding geven 311
Thema 3 Hulp bieden bij de uitscheiding
Uitvoering 7 Trek bij kans op contact met uitscheidingsproducten en bloed handschoenen en/ of overschort aan. 8 Leg de kussens op de stoel(en). 9 Maak sprei en dekens los. 10 Let er tijdens het opmaken van het bed op dat je niet te veel met het beddengoed wappert in verband met hygiëne. 11 Zorg ervoor dat tijdens de werkzaamheden het vuile wasgoed zo min mogelijk in contact met het schone wasgoed komt in verband met hygiëne. 12 Vouw sprei en dekens afzonderlijk in drieën en leg ze over de stoel(en). Het beddengoed mag de vloer niet raken. 13 Doe het bovenlaken in drieën gevouwen in de wasmand. 14 Doe het steeklaken in de wasmand. 15 Leg een eventueel zeil ongevouwen over de stoel(en). 16 Doe het onderlaken in de wasmand. 17 Als je het molton niet verschoont, trek je het glad.
1 260
309
309
313
Hulp bij het gebruik van een po op bed 313 Hulp bij het gebruik van een urinaal op bed 317 Verwisselen van een incontinentiemat 319 Externe katheter of condoomkatheter verwisselen 321 Katheterzak verwisselen 325 Verzorgen van een blaaskatheter 327 Laxerende zetpil toedienen 329 Microklysma (microlax) of fosfaatklysma toedienen 331 Hulp bieden bij het manueel verwijderen van ontlasting 333 Hulp bieden bij het opgeven van sputum 335 Hulp bieden bij braken 337 Hulp bieden bij het inbrengen van een tampon bij menstruatie
339
Thema 4 Hygiënisch en ergonomisch verantwoord werken
341
Handen wassen met (vloeibare) zeep 341 Handen desinfecteren met handalcohol 343 Aan- en uittrekken van steriele handschoenen 345 Creëren van een schoon of steriel werkveld 347
1 275
Iconen helpen je op weg In de kantlijn staan icoontjes. Die geven aan wat je in de opdracht kunt verwachten.
1 1 1 1 1 1
geeft aan dat je een deel van de theorie (nog een keer) leest om de vraag te kunnen beantwoorden. bij deze opdracht werk je samen met anderen. bij deze opdracht heb je een computer met internet nodig om informatie op te zoeken. bij deze opdracht werk je aan je schrijfvaardigheden, bijvoorbeeld met het schrijven van een uitgebreid antwoord, verslag of rapport. bij deze opdracht laat je de uitkomsten zien in een mondelinge presentatie. geeft aan dat het gaat om een creatieve opdracht.
Werken met dit werkboek Vind je het prettig om eerst de theorie te lezen en dan te kijken of je het weet en begrepen hebt? Lees dan eerst de theorie en maak daarna de verwerkingsvragen. Ben je meer iemand die het liefst de theorie doorneemt aan de hand van vragen? Start dan met de verwerkingsvragen en leg je theorieboek ernaast. Werk je het liefst vanuit de praktijk? Begin dan met een praktijksituatie of een themaopdracht en kijk of je de vragen kunt beantwoorden met de informatie uit de theorie.
Inhoudsopgave Thema 1 Oriëntatie op kraam, kind, jeugd in het ziekenhuis
13
Verwerking 14 Verwerkingsopdrachten 14 Hoofdstuk 1 Zorgvragers op de afdeling Verloskunde, Kraamafdeling en Kinderafdeling 14 Hoofdstuk 2 Geschiedenis van de obstetrie-, kraam- en kinderverpleegkunde en voorzieningen 15 Hoofdstuk 3 Proces van intake tot beëindiging zorgverlening 19 Hoofdstuk 4 Het verpleegkundig proces 21 Toepassing 25 Praktijksituaties 25 Daniel valt uit zijn hoogslaper 25 Een bezoek aan het museum 30 Eva en Maarten kiezen voor het Moeder en Kindcentrum met de bevalsuites Themaopdrachten 35
32
Evaluatie 37 Studiehulp 37 Hoofdstuk 1 Zorgvragers op de afdeling Verloskunde, Kraamafdeling en Kinderafdeling 37 Hoofdstuk 2 Geschiedenis van de obstetrie-, kraam- en kinderverpleegkunde en voorzieningen 37 Hoofdstuk 3 Proces van intake tot beëindiging zorgverlening 38 Hoofdstuk 4 Het verpleegkundig proces 38 Evaluatie en reflectie 40
Thema 2 De normale zwangerschap
42
Verwerking 43 Verwerkingsopdrachten 43 Hoofdstuk 5 Ontstaan en ontwikkeling van de zwangerschap 43 Hoofdstuk 6 Lichamelijke en geestelijke veranderingen tijdens de zwangerschap Hoofdstuk 7 Prenatale zorg 49 Hoofdstuk 8 Lichamelijke verzorging en levenswijze van de zwangere 52 Toepassing 56 Praktijksituaties 56 Larissa is op jonge leeftijd zwanger 56 Controle tijdens de zwangerschap van Sigrid en Eva 59 Hanna en Leo krijgen hun eerste kind 62 Vaardigheden 65 Doptone gebruiken 65 CTG-apparaat aansluiten 68 Uteruscontracties controleren door uitwendige palpatie 73 Themaopdrachten 76
1 6
46
Evaluatie 77 Studiehulp 77 Hoofdstuk 5 Ontstaan en ontwikkeling van de zwangerschap 77 Hoofdstuk 6 Lichamelijke en geestelijke veranderingen tijdens de zwangerschap Hoofdstuk 7 Prenatale zorg 78 Hoofdstuk 8 Lichamelijke verzorging en levenswijze van de zwangere 78 Evaluatie en reectie 79
Thema 3 De normale bevalling
81
Verwerking 82 Verwerkingsopdrachten 82 Hoofdstuk 9 Bevallingslocaties 82 Hoofdstuk 10 Anatomie en fysiologie van de normale bevalling Hoofdstuk 11 Verpleegkundige zorg tijdens de bevalling 88 Hoofdstuk 12 Verpleegkundige zorg direct na de bevalling 91
84
Toepassing 95 Praktijksituaties 95 De bevalling van Sascha 95 Een drukke dienst voor Caroline 98 Sascha bevalt op de baarkruk 102 Vaardigheden 105 Hulp bieden bij ontspannen tijdens het baringsproces 105 Verlosbed (dwarsbed) opmaken 108 Assisteren bij een vaginaal toucher 110 Vruchtwater opvangen voor onderzoek 114 Assisteren van de arts of verloskundige tijdens de partus 117 Materialen klaarzetten voor het hechten van een perineumwond 121 Wegen van de pasgeborene 124 Vitaminedruppels geven aan de baby 126 Begeleiden van de zorgvrager bij het douchen 128 Wassen van de zorgvrager op bed 131 Uitvoeren van PKU/CHT/AGS-screening bij de baby (hielprik) 135 Themaopdrachten 136 Evaluatie 137 Studiehulp 137 Hoofdstuk 9 Bevallingslocaties 137 Hoofdstuk 10 Anatomie en fysiologie van de normale bevalling 137 Hoofdstuk 11 Verpleegkundige zorg tijdens de bevalling 138 Hoofdstuk 12 Verpleegkundige zorg direct na de bevalling 138 Evaluatie en reectie 139
1 7
77
Thema 4 Het normale kraambed
141
Verwerking 142 Verwerkingsopdrachten 142 Hoofdstuk 13 Verpleegkundige zorg tijdens de kraamperiode Hoofdstuk 14 Voeding van de pasgeborene 146 Hoofdstuk 15 Verzorging van de pasgeborene 150
142
Toepassing 153 Praktijksituaties 153 Baby Jesse kan nog niet naar huis 153 Lieke heeft stuwing 155 Vera wordt onwel na de bevalling 157 Vaardigheden 159 De baarmoederstand controleren 159 De baby aanleggen aan de borst 162 De baby aanleggen bij gestuwde borsten 165 Flesvoeding geven 168 Kolven met de handkolf/elektrische kolf 171 Cupfeeden of voeden met een lepeltje 174 De ademhaling van de pasgeborene tellen 177 De pasgeborene temperaturen 180 Een pasgeborene warm houden met kruiken 183 Een luier verschonen 186 De baby baden 189 Opmaken van het bedje voor de pasgeborene 193 Themaopdrachten 196 Evaluatie 197 Studiehulp 197 Hoofdstuk 13 Verpleegkundige zorg tijdens de kraamperiode Hoofdstuk 14 Voeding van de pasgeborene 197 Hoofdstuk 15 Verzorging van de pasgeborene 198 Evaluatie en reectie 199
Thema 5 Normale groei, ontwikkeling en verzorging Verwerking 202 Verwerkingsopdrachten Hoofdstuk 16 Groei, Hoofdstuk 17 Groei, Hoofdstuk 18 Groei, Hoofdstuk 19 Groei, Hoofdstuk 20 Groei,
202 ontwikkeling ontwikkeling ontwikkeling ontwikkeling ontwikkeling
en en en en en
verzorging verzorging verzorging verzorging verzorging
1 8
van van van van van
197
201
de zuigeling 202 de peuter 205 de kleuter 209 het schoolkind 211 de puber 214
Toepassing 217 Praktijksituaties 217 Inge heeft nachtdienst op de Kinderafdeling Peuter- en kleuterbureau met Karlijn 220 Puber Sander heeft brandwonden 223 Vaardigheden 225 Meten van de lengte van een kind 225 Meten van de schedelomtrek 228 Themaopdrachten 231 Evaluatie 232 Studiehulp 232 Hoofdstuk 16 Groei, ontwikkeling Hoofdstuk 17 Groei, ontwikkeling Hoofdstuk 18 Groei, ontwikkeling Hoofdstuk 19 Groei, ontwikkeling Hoofdstuk 20 Groei, ontwikkeling Evaluatie en reectie 235
Thema 6 Het zieke kind
en en en en en
217
verzorging verzorging verzorging verzorging verzorging
van van van van van
de zuigeling 232 de peuter 232 de kleuter 233 het schoolkind 233 de tiener 234
237
Verwerking 238 Verwerkingsopdrachten 238 Hoofdstuk 21 Het zieke kind in het ziekenhuis 238 Hoofdstuk 22 Preoperatieve en postoperatieve zorg Hoofdstuk 23 Zorg bij kindermishandeling 245
243
Toepassing 248 Praktijksituaties 248 Student Mayda observeert kinderen met pijn 248 Student Monique begeleidt Janniek en haar ouders bij een operatie 252 Verpleegkundige Anisha begeleidt mishandelde baby Ryan en zijn ouders 255 Themaopdrachten 258 Evaluatie 259 Studiehulp 259 Hoofdstuk 21 Het zieke kind in het ziekenhuis 259 Hoofdstuk 22 Preoperatieve en postoperatieve zorg Hoofdstuk 23 Zorg bij kindermishandeling 260 Evaluatie en reectie 261
Thema 7
Aandoeningen aan de luchtwegen
259
263
Verwerking 264 Verwerkingsopdrachten 264 Hoofdstuk 24 Keel-, neus- en oorproblemen bij kinderen 264 Hoofdstuk 25 Kinderen met aandoeningen aan de luchtwegen 267 Hoofdstuk 26 Chronische luchtwegaandoeningen bij kinderen 270
1 9
Toepassing 274 Praktijksituaties 274 Arno heeft een hazenlip 274 Sanne heeft astma 276 Mees heeft taaislijmziekte en een pneumonie 279 Vaardigheden 281 Kweek afnemen bij een zuigeling/kind voor onderzoek op RSV Themaopdrachten 285
281
Evaluatie 287 Studiehulp 287 Hoofdstuk 24 Keel-, neus- en oorproblemen bij kinderen 287 Hoofdstuk 25 Kinderen met aandoeningen aan de luchtwegen 287 Hoofdstuk 26 Chronische luchtwegaandoeningen bij kinderen 288 Evaluatie en reectie 289
Thema 8 Aandoeningen aan het maag-darmkanaal
291
Verwerking 292 Verwerkingsopdrachten 292 Hoofdstuk 27 Aangeboren afwijkingen van het maag-darmstelsel bij kinderen Hoofdstuk 28 Maag-darmaandoeningen bij kinderen 294
292
Toepassing 299 Praktijksituaties 299 Lisa klaagt al weken over buikpijn 299 Baby Maartje heeft alsmaar krampen 302 Baby Wouter spuugt veel 304 Themaopdrachten 307 Evaluatie 308 Studiehulp 308 Hoofdstuk 27 Aangeboren afwijkingen van het maag-darmstelsel bij kinderen Hoofdstuk 28 Maag-darmaandoeningen bij kinderen 308 Evaluatie en reectie 310
Thema 9 Huidaandoeningen en infecties
312
Verwerking 313 Verwerkingsopdrachten 313 Hoofdstuk 29 Huidaandoeningen bij kinderen 313 Hoofdstuk 30 Infecties bij kinderen 317 Hoofdstuk 31 Besmettelijke kinderziekten 320 Toepassing 324 Praktijksituaties 324 Jurgen heeft een hersenvliesontsteking Mirjam heeft kinkhoest 328 Simone en haar eczeem 331 Themaopdrachten 333
1 10
324
308
Evaluatie 334 Studiehulp 334 Hoofdstuk 29 Huidaandoeningen bij kinderen 334 Hoofdstuk 30 Infecties bij kinderen 334 Hoofdstuk 31 Besmettelijke kinderziekten 335 Evaluatie en reflectie 336
Thema 10 Ongelukken en chirurgie
338
Verwerking 339 Verwerkingsopdrachten 339 Hoofdstuk 32 Ongelukken met kinderen 339 Hoofdstuk 33 Chirurgische en orthopedische aandoeningen bij kinderen Toepassing 348 Praktijksituaties 348 Kleuter Niels breekt zijn been 348 Joris loopt brandwonden op 351 Wilma loopt mee op de dagbehandeling Themaopdrachten 357
343
354
Evaluatie 358 Studiehulp 358 Hoofdstuk 32 Ongelukken met kinderen 358 Hoofdstuk 33 Chirurgische en orthopedische aandoeningen bij kinderen Evaluatie en reflectie 360
358
Thema 11 Klinisch redeneren, coördinatie, kwaliteitszorg, voorlichting Verwerking 363 Verwerkingsopdrachten 363 Hoofdstuk 34 Klinisch redeneren 363 Hoofdstuk 35 Coördinatie en afstemmen van zorg 367 Hoofdstuk 36 Kwaliteitszorg 371 Hoofdstuk 37 Voorlichting, advies en instructie 374 Toepassing 379 Praktijksituaties 379 Een fluxus in het kraambed 379 De zwangerschap, de bevalling en het kraambed van Myra 383 Marjan als zorgcoördinator 386 Themaopdrachten 389 Evaluatie 390 Studiehulp 390 Hoofdstuk 34 Klinisch redeneren 390 Hoofdstuk 35 Coördinatie en afstemmen van zorg 390 Hoofdstuk 36 Kwaliteitszorg 391 Hoofdstuk 37 Voorlichting, advies en instructie 391 Evaluatie en reflectie 392
1 11
362
Thema 12 KKJ en samenleving
394
Verwerking 395 Verwerkingsopdrachten 395 Hoofdstuk 38 Maatschappelijke ontwikkelingen Hoofdstuk 39 Ethische vraagstukken 397 Hoofdstuk 40 Wetgeving en financiering 398 Toepassing 402 Praktijksituaties 402 Een kraamsuite vol culturele gewoonten 402 Verpleegkundige Esther heeft gewetensbezwaren Liesbeths verlof zit er bijna op 409 Themaopdrachten 412 Evaluatie 414 Studiehulp 414 Hoofdstuk 38 Maatschappelijke ontwikkelingen Hoofdstuk 39 Ethische vraagstukken 414 Hoofdstuk 40 Wettelijke financiering 415 Evaluatie en reflectie 416
Observatielijsten
418
1 12
395
406
414
Thema 1 Oriëntatie op kraam, kind, jeugd in het ziekenhuis
1
Het krijgen van een kind is een belangrijke gebeurtenis in het leven en kan door allerlei omstandigheden, zoals leeftijd van (aanstaande) ouders, wel of niet aanwezig zijn van de partner en plaats van de bevalling heel divers zijn. De bevalling kan in Nederland nog thuis plaatsvinden. Ouders kunnen ook voor een ziekenhuisbevalling kiezen en in sommige gevallen is een ziekenhuisbevalling medisch gezien noodzakelijk. Het krijgen van een kind kan ook ziekten met zich meebrengen. Tijdens het opgroeien en ontwikkelen van het kind kunnen zich situaties voordoen, waarvoor medische hulp nodig is en een acute of geplande opname op een Kinderafdeling noodzakelijk is. Op de afdeling Verloskunde en de Kraam- en Kinderafdeling hebben in de loop der jaren veel ontwikkelingen plaatsgevonden, zoals veranderingen in procedures, andere naamgeving van disciplines, nieuwe voorzieningen en materialen. Daarnaast is de rol van het gezin steeds belangrijker geworden. Ouders en hun (ongeboren) kind krijgen tijdens het verblijf in het ziekenhuis te maken met een diversiteit aan zorgverleners, die hun zorg afstemmen op de behoeften van het gezin. Hierin is een grote rol weggelegd voor de verpleegkundige. Een belangrijke taak om de zorg goed af te stemmen is het verzamelen van gegevens. Dit blijft continu doorgaan in het verpleegkundige proces waarin de rol van (aanstaande) ouders erg belangrijk is. Bij een ziek kind bijvoorbeeld kunnen ouders helpen bij de informatieverstrekking, omdat het kind ziek is, het spannend vindt of nog te klein is om te antwoorden. Ouders spelen in het hele verpleegkundig proces een belangrijke rol en zullen op de hoogte moeten zijn van de zorgdoelen en interventies. Het voortdurend rapporteren en evalueren van de zorg draagt bij aan de coördinatie en continuïteit van het verpleegkundig proces. Dit thema bevat verwerkingsopdrachten, praktijksituaties, themaopdrachten, studiehulp, evaluatie en reflectie over de volgende onderwerpen. Hoofdstuk 1: Zorgvragers op de • het moederschap • de verschillende zorgvragers • de verschillende zorgvragers • de verschillende zorgvragers
afdeling Verloskunde, Kraamafdeling en Kinderafdeling op de afdeling Verloskunde en de Kraamafdeling op de Kinderafdeling op een Moeder en Kindcentrum
Hoofdstuk 2: Geschiedenis van de obstetrie-, kraam- en kinderverpleegkunde en voorzieningen • verloskunde en kraamzorg • kinderverpleegkunde • het Moeder en Kindcentrum Hoofdstuk 3: Proces van intake tot beëindiging zorgverlening • proces van opname tot en met ontslag van de zwangere • proces van opname tot en met ontslag van het kind Hoofdstuk 4: Het verpleegkundig proces • het verpleegkundig proces bij de fysiologische bevalling • het verpleegkundig proces bij het kind
1 13
THEMA 1 Oriëntatie op kraam, kind, jeugd in het ziekenhuis
Verwerking Verwerkingsopdrachten op de afdeling Verloskunde, 1 Zorgvragers Kraamafdeling en Kinderafdeling 1
1
Vanaf 1970 werden vrouwen steeds later moeder. Kies de twee juiste redenen. a Het moederschap leek een minder aantrekkelijke levensinvulling. b Mannen wilden steeds later vader worden, waardoor vrouwen het moederschap ook gingen uitstellen. c Meisjes en vrouwen gingen langer naar school en gingen daarna werken. d Vanaf 1971 kwam de anticonceptiepil beschikbaar voor veel vrouwen, waardoor zij aan gezinsplanning konden doen.
2
Uit onderzoek blijkt dat zwangerschappen van vrouwen met een migratieachtergrond vaker met problemen gepaard gaan dan die van autochtone vrouwen. Wat is een goede verklaring hiervoor?
3
Met welke zorgvragers heb je te maken op de afdeling Verloskunde en op de Kraamafdeling? Noem er drie.
4
Lees de situatieschets en beantwoord de vragen.
Anna meldt zich als barende bij de verloskamers. Haar partner Jet ondersteunt haar. Vlak voordat het kindje geboren wordt, komt Joost binnen. De verloskundige geeft aan dat Joost een vriend is van Anna en Jet en dat hij de donor is. Karen, een van de verpleegkundigen, duwt Jet aan de kant, zodat Joost dicht bij het bed staat. ‘Papa moet de kleine dadelijk natuurlijk het eerste kunnen zien!’ zegt ze. Anna wordt onrustig en reikt naar Jet.
1 14
Verwerkingsopdrachten
5
2 Geschiedenis van de obstetrie-, kraam- en kinderverpleegkunde en voorzieningen
a
Wat vind je van het optreden van Karen?
b
Wat zou jij doen als je verpleegkundige was in bovenstaande situatie?
Vul de juiste woorden in. Kies uit: Kinderafdeling – neonatologieverpleegkundige – pasgeborene – pylorus hypertrofie – zuigeling . Max heeft een
Max is negen dagen oud, hij is dus een infectie opgelopen en heeft daarom zorg nodig van een . Ayse van vier maanden ligt op de
. De kleine
lijdt aan een spasme van de kringspier van de maag naar de darm: een 6
.
Kies de juiste woorden. Bij een Moeder en Kindcentrum werkt de afdeling Neonatologie / Verloskunde samen met de Kinderafdeling / Kraamafdeling. In een Moeder en Kindcentrum ligt de nadruk op gezinsgerichte / kindgerichte zorg. Ouders en kind worden niet gescheiden en de partner mag meestal / altijd blijven.
van de obstetrie-, kraam- en 1 Geschiedenis kinderverpleegkunde en voorzieningen 2
1
Tegenwoordig zijn er veel zorgverleners die een vrouw bijstaan bij de bevalling en daarna. Dat was vroeger ook al zo. In de loop der tijd zijn de namen van de beroepen wel veranderd. Combineer de beroepen uit heden en verleden met de juiste omschrijving.
1 15
THEMA 1 OriĂŤntatie op kraam, kind, jeugd in het ziekenhuis
Beroep
Omschrijving
1
vroedvrouw
a
vrouw die in dienst is bij een rijke vrouw en die de baby borstvoeding geeft
2
baker
b
tot 1978 de titel voor een vrouw die de barende bijstaat bij de bevalling
3
kraamverzorgende
c
verpleegkundige die zonder aanvullende opleiding werkt op de Kraamafdeling
4
min
d
een ervaren moeder die (vroeger) na de bevalling zorgde voor moeder, kind en huishouden
5
vroedmeester
e
professional die na de bevalling zorg verleent aan moeder, kind en gezin
6
kraamverpleegkundige
f
arts die zich in de verloskunde heeft gespecialiseerd, vanaf de zeventiende eeuw
2
We vinden het tegenwoordig heel logisch dat artsen en verpleegkundigen hygiĂŤnisch werken bij bevallingen en bij het verzorgen van de barende en van de moeder. Beschrijf in drie zinnen hoe dit vroeger was en wat er vanaf ongeveer 1850 veranderde.
3
Lees de situatieschets en beantwoord de vraag.
Susan komt samen met haar verloskundige aan in het ziekenhuis. Zij was thuis aan het bevallen, maar de bevalling duurt lang en de verloskundige merkt dat de hartactiviteit van het kindje afneemt. De verloskundige heeft besloten om met Susan naar het ziekenhuis te gaan.
Gaat Susan naar een verloskamer of naar een triagekamer? Beargumenteer je keuze.
1 16
Verwerkingsopdrachten
4
2 Geschiedenis van de obstetrie-, kraam- en kinderverpleegkunde en voorzieningen
Op de afdeling Verloskunde en op de Kraamafdeling werken veel verschillende professionals. In de tabel staan omschrijvingen van functies. Vul de juiste functie in.
Omschrijving
Functie
Deze professional heeft de leiding over de bevalling en bezoekt de Kraamafdeling dagelijks. Deze professional assisteert bij een poliklinische partus. Verpleegkundige die zich heeft gespecialiseerd voor verpleging op de verloskamers of Kraamafdeling.
5
Vul de juiste woorden in. Kies uit: antibiotica – de middeleeuwen – de twintigste eeuw – het zieke kind – infectieziekten – kinderarbeid Het kind is een volwassene in het klein, vonden mensen in . Pas in 1874, toen
bij wet werd beperkt,
kwam er aandacht voor de opvoeding en gezondheid van het kind. De rechten van zijn vastgelegd in het Handvest Kind en Ziekenhuis. Tot het begin van
waren
de belangrijkste doodsoorzaak bij jonge kinderen. Vanaf de invoering van is de sterftekans van kinderen dramatisch afgenomen. 6
Bij het consultatiebureau krijgen ouders van baby’s en jonge kinderen voorlichting en advies. Welke taken heeft het consultatiebureau? a spel- en gedragstherapie aanbieden b vaccineren tegen onder andere difterie, kinkhoest, tetanus en pokken c verlenen van eerste hulp d voorlichting en advies geven over opvoeding e vroegtijdig signaleren van stoornissen in groei en ontwikkeling
7
Sinds de negentiende eeuw is het uitgangspunt van de kinderverpleegkunde dat het kind een uniek individu is en geen kleine volwassene. Lees de situatieschets en beantwoord de vraag.
Ahmed van zes jaar ondergaat vandaag een kijkoperatie in zijn buik. Hij is zwakbegaafd en spreekt slecht Nederlands. Hij is bang in de voor hem onbekende omgeving van het ziekenhuis. Gelukkig is zijn nicht Fatma (19 jaar) bij hem. Zij houdt zijn hand vast en legt hem uit wat er gaat gebeuren. Als verpleegkundige Anne komt vertellen wat er allemaal gaat gebeuren, wordt Ahmed bang. Hij kijkt hulpzoekend naar Fatma. Fatma praat Arabisch met Ahmed. De toon is sussend en troostend. Anne begrijpt niet wat de twee tegen elkaar zeggen.
1 17
THEMA 1 OriĂŤntatie op kraam, kind, jeugd in het ziekenhuis
Welke dingen kan Anne doen in deze situatie? Denk daarbij aan de uitgangspunten van de V&VN Kinderverpleegkunde. a Achmed heeft Fatma blijkbaar hard nodig in deze situatie. Anne moet daar alle ruimte aan geven. b Anne eist dat er alleen Nederlands gesproken wordt, zodat zij weet wat Fatma tegen Achmed zegt. c Anne informeert bij Fatma waar Achmeds ouders zijn. d Anne vraagt Fatma om de informatie die zij geeft, voor Achmed te vertalen. e Anne weigert verdere informatie te geven totdat de ouders van Achmed er zijn. 8
De Kinderafdeling heeft allerlei voorzieningen die zijn afgestemd op de behoeften van het kind en de ouders. De afdeling heeft verschillende ruimten. Beschrijf de visie achter elk van de onderstaande ruimten.
Ruimte
Visie
onderzoek- en behandelkamer
ouderkamer
speelkamer
9
Op de Kinderafdeling kom je veel verschillende hulpverleners tegen. Combineer de functie met de bijbehorende omschrijving.
Functie
Omschrijving
1
neonatologieverpleegkundige
a
Behandelt kinderen op orthopedisch of neurologisch gebied.
2
fysiotherapeut
b
Observeert het gedrag van zieke kinderen en begeleidt en activeert hen.
3
ergotherapeut
c
Levert een bijdrage aan de behandeling van kinderen met functiestoornissen, zoals verminderde kracht en coĂśrdinatie.
4
pedagogisch medewerker
d
Wordt ingeschakeld bij kinderen met ernstige emotionele stoornissen.
5
kinderpsycholoog
e
Is gespecialiseerd in de leer van de pasgeborene.
1 18
Verwerkingsopdrachten
10
3 Proces van intake tot beëindiging zorgverlening
In het Moeder en Kindcentrum zijn verschillende afdelingen gecombineerd om optimale zorg te bieden aan het hele gezin. Dit wordt gezinsgerichte zorg genoemd. a Welke afdelingen werken samen binnen het Moeder en Kindcentrum?
b
Wat is het doel van gezinsgerichte zorg?
c
Binnen het Moeder en Kindcentrum zijn eenpersoonskamers waar het gezin kan verblijven. Welke drie soorten ‘suites’ zijn er te vinden in het Moeder en Kindcentrum?
1 Proces van intake tot beëindiging zorgverlening 3
1
Het merendeel van de vrouwen in Nederland bevalt in het ziekenhuis. Zo’n bevalling kan klinisch of poliklinisch zijn. Geef in de tabel aan of het gaat om een klinische of een poliklinische bevalling.
Situatie
Klinische bevalling
Poliklinische bevalling
De gynaecoloog begeleidt de bevalling. De zwangere kiest er zelf voor om in het ziekenhuis te bevallen. De eigen verloskundige begeleidt de bevalling. Er is een medische indicatie voor een ziekenhuisbevalling. De barende gaat van een meerling bevallen.
2
Als de barende zich in het ziekenhuis meldt, wordt ze naar een verloskamer gebracht. Soms wordt ze in de triagekamer opgevangen. Lees de situatieschets en beantwoord de vraag.
Sanne bevalt van haar eerste kindje. Ze wil graag thuis, in haar eigen omgeving, bevallen. De bevalling duurt nu al een dag en de ontsluiting vordert niet. Als haar verloskundige de bloeddruk van Sanne opneemt, ziet ze dat deze wel erg hoog is. De verloskundige besluit contact op te nemen met de dienstdoende gynaecoloog in het ziekenhuis, zodat Sanne in het ziekenhuis kan bevallen.
1 19
THEMA 1 OriĂŤntatie op kraam, kind, jeugd in het ziekenhuis
Hoe wordt Sanne in het ziekenhuis opgevangen? a Sanne wordt meteen naar een verloskamer gebracht. b Sanne wordt opgevangen in de triagekamer waar de obstetrieverpleegkundige een anamnese afneemt. c Sannes verloskundige gaat in overleg met de gynaecoloog en dan wordt besloten waar Sanne gaat bevallen. 3
De kraamperiode is de tijd vanaf de bevalling tot acht dagen daarna. Kraamvrouwen krijgen tijdens die periode kraamzorg. Lees de situatieschets en beantwoord de vraag.
Sanne is op 18 maart bevallen van een gezonde zoon. Omdat Sanne een hoge bloeddruk had, moet ze nog 24 uur in het ziekenhuis blijven ter observatie. Op 19 maart mag ze naar huis.
Tot welke datum krijgt Sanne thuiszorg?
4
De opname van een kind in het ziekenhuis is een proces waarbij verschillende zorgverleners verschillende taken hebben. Lees de situatieschets.
De vierjarige Max is schreeuwend van pijn wakker geworden. Zijn ouders hebben geen idee wat er aan de hand is en hebben Max in paniek naar de spoedeisende hulp gebracht. Daar blijkt dat Max waarschijnlijk een acute blindedarmontsteking heeft.
Zet de stappen bij de opname van Max in de juiste volgorde. Zet een 1 voor de eerste stap, een 2 voor de tweede, en zo verder. De arts neemt de medische anamnese af. De triageverpleegkundige bepaalt hoe snel Max moet worden gezien door een arts. Max wordt overgedragen aan de Kinderafdeling. De medisch specialist stelt een voorlopige diagnose. 5
De piramide van Maslow laat zien welke belangrijke behoeften mensen hebben om gezond en gelukkig te kunnen leven en zich te kunnen ontwikkelen. Als een kind in het ziekenhuis wordt opgenomen, vormt dit een bedreiging van een aantal behoeften. a Geef aan welke behoeften worden bedreigd bij een baby van zes maanden die in het ziekenhuis wordt opgenomen.
1 20
Verwerkingsopdrachten
b
6
4 Het verpleegkundig proces
Wat kun je als verpleegkundige doen om in de basisbehoeften van de baby van zes maanden te voorzien?
Het ontslag van een kind uit het ziekenhuis wordt al vroeg voorbereid. Afhankelijk van de situatie gaat het kind naar huis of wordt het overgeplaatst naar een andere afdeling of een andere instelling. Lees de situatieschets en beantwoord de vraag.
Mees heeft twee weken in het ziekenhuis gelegen met ernstige brandwonden. De wonden zijn nu goed genoeg genezen en Mees zou weer naar huis kunnen. Mees en zijn ouders zien daar erg tegenop. Zij hebben zelf het gevoel dat hij langer moet revalideren. Mees’ ouders voelen zich bovendien niet goed opgewassen tegen de situatie: ze moeten de brandwonden verzorgen en ze voelen zich erg onzeker of ze dat wel kunnen.
Wat is het meest waarschijnlijke scenario in deze situatie? a Mees blijft in het ziekenhuis, tot het moment dat hij en zijn ouders er klaar voor zijn dat hij thuiskomt. b Mees gaat naar een revalidatiecentrum. c Mees gaat wel naar huis. Zijn ouders worden begeleid door zorgverleners van de thuiszorg. d Mees wordt overgeplaatst naar het brandwondencentrum in Beverwijk.
1 Het verpleegkundig proces 4
1
Lees de situatieschets.
Anja denkt dat de bevalling begonnen is. Omdat ze eerder een keizersnede heeft gehad, zal ze ook deze keer in het ziekenhuis bevallen. Haar verloskundige belt naar het ziekenhuis om bij de dienstdoende gynaecoloog te melden dat Anja eraan komt.
1 21
THEMA 1 Oriëntatie op kraam, kind, jeugd in het ziekenhuis
Wat gebeurt er allemaal voordat Anja op de Kraamafdeling ligt? Zet de stappen in de juiste volgorde. Zet een 1 voor de eerste stap, een 2 voor de volgende stap, en zo verder. Anja komt in het ziekenhuis aan en wordt geïdentificeerd. De obstetrieverpleegkundige van de verloskamers stelt een aantal vragen. De obstetrieverpleegkundige geeft de komst en gegevens van Anja door aan de tweedelijnsverloskundige. De verpleegkundige anamnese wordt afgenomen. 2
Verpleegkundigen op de verloskamers werken met standaardprotocollen en standaardwerkinstructies. Bij een zich aankondigende bevalling stellen zorgverleners geen diagnoses en ze formuleren geen doelen en interventies. Waarom gebeurt dit niet bij bevallingen?
3
In een werkinstructie voor de obstetrieverpleegkundige staat stap voor stap beschreven wat er nodig is om een fysiologische bevalling te begeleiden en welke interventies in welke volgorde moeten worden uitgevoerd. Welke punten staan er in een werkinstructie voor de obstetrieverpleegkundige? a bij wie de verpleegkundige terecht kan bij complicaties b de geboortedatum van de zwangere c een stapsgewijze beschrijving van de interventies d het materiaal dat nodig is bij een fysiologische bevalling e waar op te letten tijdens de handelingen
4
Naast werkinstructies maken verpleegkundigen gebruik van protocollen. Wat is het verschil tussen een werkinstructie en een protocol?
5
Bij het ontslaggesprek ontvangt de kraamvrouw het bevallingsverslag. Welke gegevens staan hierin? a de beschrijving van het CTG b de gegevens uit de verpleegkundige anamnese c het geboortetijdstip d het verloop van het proces voorafgaand aan de bevalling e wie wanneer op de verloskamers is geweest
6
Tijdens het ontslaggesprek krijgen de kraamvrouw en haar partner verschillende documenten en verslagen mee naar huis. Geef een korte beschrijving van het bevallingsverslag, de kraamoverdracht, de borstvoedingsoverdracht en de leefregels.
1 22
Verwerkingsopdrachten
Document
4 Het verpleegkundig proces
Beschrijving
bevallingsverslag
kraamoverdracht
borstvoedingsoverdracht
leefregels voor de kraamvrouw
7
Lees de situatieschets en vul de tabel in.
Bram van zes jaar heeft een acute blindedarmontsteking. Hij moet zo snel mogelijk worden geopereerd. Hij gaat direct via de spoedeisende hulp naar de operatiekamer.
De verpleegkundige moet een aantal gegevens verzamelen. Op welke momenten zal zij dit doen?
Benodigde gegevens
Verzamelen voor de operatie
lengte en gewicht de ‘knuffel’ de ontwikkeling van het kind temperatuur, pols, ademhaling slaapgewoonten de zindelijkheid eerdere ziekenhuisopnamen (mate van) pijn
1 23
Verzamelen tijdens de operatie, bij de ouders
Verzamelen na de operatie
THEMA 1 OriĂŤntatie op kraam, kind, jeugd in het ziekenhuis
8
De verpleegkundige heeft een groot aantal taken bij de geplande opname van een kind. a Zet de verschillende taken van de verpleegkundige in de juiste volgorde. Zet een 1 voor de eerste stap, een 2 voor de tweede, en zo verder. De verpleegkundige vraagt naar eerdere opnamen, doorgemaakte ziekten, gezinssamenstelling en speciďŹ eke gewoonten van het kind. De verpleegkundige interpreteert en clustert de gegevens van de anamnese. De verpleegkundige meet en weegt het kind en neemt de temperatuur op. De verpleegkundige formuleert zorgdoelen en interventies. De verpleegkundige verzamelt gegevens voor de verpleegkundige diagnose. De verpleegkundige stelt een verpleegplan op. b
Terwijl de verpleegkundige objectieve gegevens van het kind verzamelt (lengte, gewicht, temperatuur), observeert zij het kind ook. Noem drie verpleegkundige observatiepunten.
c
Als verpleegkundige formuleer je, in samenspraak met de ouders, verpleegkundige doelen. Om een doel te behalen, zet je interventies in. Beschrijf wat je doet, nadat je een interventie hebt ingezet.
d
De verpleegkundige rapporteert de gegevens die betrekking hebben op het verpleegkundig proces van het kind. In welk document zijn deze gegevens te vinden? a verpleegkundig dossier b verpleegkundige rapportage c verpleegplan d zorgplan
1 24
Toepassing Praktijksituaties Daniel valt uit zijn hoogslaper Een harde bons, midden in de nacht Jelle en Saskia slapen, het is 4.15 uur ’s nachts. Opeens zit Jelle rechtop en stoot Saskia aan: ‘Sas, wakker worden, ik hoorde iets in de kamer van Daniel, een harde bons.’ Voor Saskia goed en wel haar ogen open heeft, is Jelle al uit bed gesprongen en naar de kamer van Daniel gesneld. Daniel heeft kortgeleden een hoogslaper gekregen. Ze twijfelden beiden of hij met zijn vijf jaar niet te klein was, maar hij wilde zo graag een ‘grote-jongens-bed’. Met de komst van een tweede kind, drie maanden geleden, voelde Daniel zich ook echt ineens groot. Inmiddels is ook Saskia in Daniels kamer. Daniel ligt op de grond en kijkt met grote verwarde ogen naar zijn papa. Hij is uit zijn bed gevallen. Zijn arm ligt in een rare hoek naast zijn lijf en er zit een enorme bult op zijn hoofd. Jelle zegt: ‘Sas, blijf hier en praat tegen hem. Ik kleed me aan en ga naar de eerste hulp. Blijf jij hier bij Elise?’ Daniel huilt zachtjes en klaagt over pijn. ‘Stil maar liefje, papa gaat even met je naar de dokter. Alles komt goed, stil maar.’ De spoedeisende hulp Gelukkig is het ziekenhuis vlakbij en is het niet druk op de spoedeisende hulp. De verpleegkundige neemt Daniel en Jelle direct mee naar een onderzoekskamer. Ze vraagt Jelle wat er gebeurd is en of Daniel het bewustzijn heeft verloren. Kort daarna komt de dienstdoende arts Daniel onderzoeken. Hij wil in elk geval een röntgenfoto van de pols laten maken, want hij denkt aan een polsfractuur. Bovendien verdenkt hij Daniel van een forse hersenschudding. Hij geeft aan dat hiervoor een opname ter observatie noodzakelijk is. De verpleegkundige brengt een mitella aan om de pols en arm van Daniel te ontlasten en geeft hem paracetamoldrank tegen de pijn. ‘We gaan eerst naar de röntgen en daarna door naar de afdeling.’ Daniel begint heel hard te huilen en te snikken. ‘Papa, nee. Niet weggaan, ik wil mee naar huis. Papa, nee. Laat me hier niet alleen, papa, papa.’ Jelle schrikt van de reactie van zijn zoon. Alleen laten? Geen sprake van! Hij blijft bij hem, hij vond het zo vanzelfsprekend dat hij dat niet eens hardop uitgesproken heeft. ‘Schat, papa blijft bij jou. Geen zorgen. Ik blijf bij jou, ik laat je echt niet alleen.’
1 25
WERKBOEK NIVEAU 4
Kraam, kind en jeugd in het ziekenhuis
Deze uitgave Kraam, kind en jeugd in het ziekenhuis maakt deel uit van de serie Traject V&V. De theorie van deze uitgave sluit volledig aan bij onderstaande werkprocessen uit het kwalificatiedossier Mbo-Verpleegkundige. P1-K1-W1 Biedt zorg en begeleiding rond onderzoek en behandeling P1-K1-W2 Communiceert met een zorgvrager ter bevordering van behandeling en herstel
verpleegkundige
De leermiddelen uit de serie Traject V&V zijn bestemd voor de opleiding Verzorgende IG (niveau 3) en de opleiding Mbo-Verpleegkundige (niveau 4). Door de thematische opbouw is Traject V&V geschikt voor alle onderwijsvormen en alle leerwegen, past daarnaast in verkorte trajecten en sluit aan bij elke leerstijl. De leerstof is opgebouwd uit: theorie, praktijksituaties en beroepsvaardigheden. Je kunt starten vanuit de theorie of vanuit een (gesimuleerde) praktijksituatie. Wat voor jou het beste werkt.
De praktijksituaties zijn realistische beschrijvingen van situaties uit de beroepspraktijk, inclusief opdrachten gekoppeld aan houdingsaspecten, vaardigheden en kenniselementen. De beroepsvaardigheden bevatten opdrachten voor het stapsgewijs aanleren van instrumenteel-technische en sociaal-agogische vaardigheden. Het complete aanbod van Traject V&V bestaat uit: - theorieboeken met een heldere en gestructureerde uitleg over de benodigde vakkennis, verduidelijkt met veel praktijkvoorbeelden; - werkboeken met verwerkingsopdrachten, toepassingsopdrachten en evaluatie of reflectieopdrachten; - digitale omgeving met ondersteunend materiaal voor zowel student als docent. Wil je weten welke materialen er nog meer beschikbaar zijn bij Traject V&V? Kijk dan op: www.thiememeulenhoff.nl/trajectvenv
Auteurs: G. van den Aker C. Dirkse N. Dorenbos M.B. Haak H.P.M. van der Maat
Kraam, kind en jeugd in het ziekenhuis WERKBOEK
De theorie bevat alle basiskennis en achtergrondinformatie bij het betreffende werkproces en bevat veel voorbeelden uit de beroepspraktijk. De verwerkingsopdrachten sluiten aan bij de leerstof in de theorieboeken.
Onder redactie van: C.A. Abrahamse M.H.A.J. Gloudemans
9 789006 910681
WB_KKJZiekenhuis_N4_210x297.indd All Pages
28/08/17 16:08