Skip to main content

Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1 niveau 3 werkboek

Page 1

WERKBOEK NIVEAU 3

Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1

Deze uitgave Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1 maakt deel uit van de serie Traject V&V. De theorie van deze uitgave sluit volledig aan bij onderstaande werkprocessen uit het kwalificatiedossier Verzorgende IG. P1-K1-W1 P1-K1-W2 P1-K1-W3 P1-K1-W4

Biedt ondersteuning gericht op zelf- en samenredzaamheid Werkt verbindend samen met naastbetrokkenen en andere zorgverleners Biedt zorg in de woonsituatie Begeleidt een individu of een groep zorgvragers bij dagelijkse activiteiten

De theorie bevat alle basiskennis en achtergrondinformatie bij het betreffende werkproces en bevat veel voorbeelden uit de beroepspraktijk. De verwerkingsopdrachten sluiten aan bij de leerstof in de theorieboeken. De praktijksituaties zijn realistische beschrijvingen van situaties uit de beroepspraktijk, inclusief opdrachten gekoppeld aan houdingsaspecten, vaardigheden en kenniselementen. De beroepsvaardigheden bevatten opdrachten voor het stapsgewijs aanleren van instrumenteel-technische en sociaal-agogische vaardigheden. Het complete aanbod van Traject V&V bestaat uit: - theorieboeken met een heldere en gestructureerde uitleg over de benodigde vakkennis, verduidelijkt met veel praktijkvoorbeelden; - werkboeken met verwerkingsopdrachten, toepassingsopdrachten en evaluatie of reflectieopdrachten; - digitale omgeving met ondersteunend materiaal voor zowel student als docent. Wil je weten welke materialen er nog meer beschikbaar zijn bij Traject V&V? Kijk dan op: www.thiememeulenhoff.nl/trajectvenv

Auteurs: C.M. Broeshart P.A.M. Mocking R.F.A. Schrijver S.M.T. Vogel M.M.J.F. Wijdeveld

Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1 WERKBOEK

De leermiddelen uit de serie Traject V&V zijn bestemd voor de opleiding Verzorgende IG (niveau 3) en de opleiding Mbo-Verpleegkundige (niveau 4). Door de thematische opbouw is Traject V&V geschikt voor alle onderwijsvormen en alle leerwegen, past daarnaast in verkorte trajecten en sluit aan bij elke leerstijl. De leerstof is opgebouwd uit: theorie, praktijksituaties en beroepsvaardigheden. Je kunt starten vanuit de theorie of vanuit een (gesimuleerde) praktijksituatie. Wat voor jou het beste werkt.

verzorgende ig

Onder redactie van: C.A. Abrahamse M.H.A.J. Gloudemans

9 789006 910544

WB_VVT1_N3_210x297mm.indd All Pages

24/07/17 08:08


Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1

C.M. Broeshart P.A.M. Mocking R.F.A. Schrijver S.M.T. Vogel M.M.J.F. Wijdeveld


Colofon Auteur

Redactie

Over ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ontwikkelt ThiemeMeulenhoff ontwikkeltzich zichvan vaneducatieve educatieveuitgeverij uitgeverijtot toteen eenlearning design company. We brengen en technologie learning design company. We content, brengen leerontwerp content, leerontwerp en samen. Met onze groeiende expertise, ervaring enexpertise, leeroplossingen technologie samen. Met onze groeiende ervaringzijn enwe een partner voor scholen bij een het vernieuwen verbeteren vanvernieuwen onderwijs. Zo leeroplossingen zijn we partner voorenscholen bij het en kunnen we samen beter recht doen aan verschillen lerenden verbeteren van onderwijs. Zo kunnen wede samen beter tussen recht doen aan de en scholen tussen en ervoor zorgenendat leren steeds persoonlijker, effectiever en verschillen lerenden scholen en ervoor zorgen dat leren steeds efficiënter wordt. persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt.

C.A. Abrahamse M.H.A.J. Gloudemans

Samen leren leren vernieuwen. Samen vernieuwen.

C.M. Broeshart P.A.M. Mocking R.F.A. Schrijver S.M.T. Vogel M.M.J.F. Wijdeveld

Vormgeving en omslag

www.thiememeulenhoff.nl www.thiememeulenhoff.nl

Studio Fraaj, Rotterdam

ISBN 978 978 9006 90 0691054 9105444 ISBN Eerste druk, druk, eerste Eerste eerste oplage, oplage, 2017 2017

Fotografie omslag Peter Bak, Rotterdam

© ThiemeMeulenhoff, © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, Amersfoort,2017 2017

Opmaak

Alle rechten Alle rechten voorbehouden. voorbehouden. Niets Nietsuit uitdeze dezeuitgave uitgavemag magworden worden verveelvoudigd, opgeslagen opgeslagen in in een verveelvoudigd, een geautomatiseerd geautomatiseerd gegevensbestand, gegevensbestand, of of openbaar gemaakt, enige vorm openige enigewijze, wijze,hetzij hetzijelektronisch, elektronisch, openbaar gemaakt, in in enige vorm ofofop mechanisch, door door fotokopieën, fotokopieën, opnamen, mechanisch, opnamen, of ofenig enigandere anderemanier, manier,zonder zonder voorafgaande schriftelijke schriftelijke toestemming toestemming van voorafgaande van de de uitgever. uitgever.

Imago Mediabuilders, Amersfoort

Fotografie © Yoav Levy / Phototake; Karin Ligthart Fotografie; The Linde Group; Frank Muller / Zorg in beeld/Hollandse Hoogte; Shutterstock

Voor zover grond Voor zover het het maken maken van vankopieën kopieënuit uitdeze dezeuitgave uitgaveisistoegestaan toegestaanopop van artikel Auteurswet 1912 j° 1912 het Besluit 23 augustus 1985, 1985, grond van 16B artikel 16B Auteurswet j° het van Besluit van 23 augustus Stbl. 471 Stbl. 471 en en artikel artikel 17 17 Auteurswet Auteurswet 1912, 1912, dient dient men mende dedaarvoor daarvoorwettelijk wettelijk verschuldigde vergoedingen vergoedingen te te voldoen verschuldigde voldoen aan aan Stichting Stichting PublicatiePublicatie- en en Reproductierechten Organisatie Organisatie (PRO), (PRO), Postbus Postbus 3060, 3060,2130 2130KB KBHoofddorp Hoofddorp Reproductierechten (www.stichting-pro.nl). Voor Voor het het overnemen (www.stichting-pro.nl). overnemen van van gedeelte(n) gedeelte(n) uit uit deze deze uitgave uitgave in bloemlezingen, en andere compilatiewerken 16 in bloemlezingen, readers readers en andere compilatiewerken (artikel (artikel 16 Auteurswet) dient dient men meer informatie Auteurswet) men zich zich tot totde deuitgever uitgevertetewenden. wenden.Voor Voor meer over het gebruik vangebruik muziek,van filmmuziek, en het maken in het onderwijs informatie over het film envan het kopieën maken van kopieën in zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. De uitgever De uitgever heeft heeft ernaar ernaar gestreefd gestreefdde deauteursrechten auteursrechtenteteregelen regelenvolgens volgensde wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten kunnen doen gelden, kunnen zichzich alsnog tot de wenden. te kunnen doen gelden, kunnen alsnog tot uitgever de uitgever wenden.

Deze uitgave is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw voor het gebruikte papier op een verantwoorde wijze heeft Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. plaatsgevonden.

Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.


Rondleiding door dit werkboek Het werkboek is verdeeld in thema’s. Een thema in het werkboek sluit precies aan bij een thema in de theorie. Thema 1 Lichamelijke verzorging

1

Themaopening Je leest waar het thema over gaat en welke hoofdstukken en onderwerpen aan de orde komen.

Lichamelijke verzorging is een belangrijk onderdeel van je werk als verzorgende. In dit thema gaat het om de verzorging van de huid, de haren, de slijmvliezen en het gebit. Daarbij is het belangrijk dat je het een en ander weet over de bouw en functies van deze lichaamsdelen. De lichamelijke of hygiënische verzorging is een belangrijk onderdeel van het takenpakket van de verzorgende. In eerste instantie wordt de hygiënische verzorging in de eerste levensjaren van een kind volledig door de mantelzorg gedaan. Naarmate een kind ouder wordt, neemt zijn zelfstandigheid toe, totdat er sprake is van volledige zelfzorg. Soms gaat het mis met de zelfzorg en de mantelzorg. Vaak moet je als verzorgende de hygiënische verzorging dan geheel of gedeeltelijk overnemen. Je hebt hierbij ook de taak om de familie van de zorgvrager in te schakelen. De wens van de zorgvrager komt hierbij altijd op de eerste plaats en daarna die van de familie. Daarnaast zijn er mensen die onvoldoende lichaamsbeweging krijgen om verschillende redenen. Door onvoldoende lichaamsbeweging kunnen allerlei complicaties ontstaan. Ook hier ligt een belangrijke taak voor jou als verzorgende om te weten hoe je bij bepaalde complicaties het beste kunt handelen. Dit thema bevat verwerkingsopdrachten, praktijksituaties, vaardigheden, themaopdrachten, studiehulp, evaluatie en reflectie over de volgende onderwerpen. Hoofdstuk 1: Bouw en functie van huid, slijmvliezen en gebit • huid • slijmvliezen • gebit Hoofdstuk 2: Hygiënische verzorging • doel van de hygiënische verzorging • hygiënische verzorging van de volwassene • de plaats voor hulp • hygiënische verzorging van de baby en het kind Hoofdstuk 3: Complicaties door onvoldoende lichaamsbeweging • decubitus • contracturen • osteoporose • trombose • longontsteking • obstipatie • smetten • blaasontsteking

Verwerking Verwerkingsopdrachten

1 Bouw en functie van huid, slijmvliezen en gebit 1

1

In de theorie staat dat de huid verschillende functies heeft. Een droge, schrale huid gaat eerder stuk, waardoor de huid niet optimaal functioneert. Welke functie van de huid is hier aangetast? a beschermen tegen schadelijke invloeden van buitenaf b lichaamstemperatuur regelen c stoffen uitscheiden d vet opslaan in het onderhuids bindweefsel

2

De huid bestaat uit drie lagen. Hieronder staan zes kenmerken. Vul in de tweede kolom in bij welke huidlaag het kenmerk hoort. Kies uit: opperhuid, lederhuid en onderhuids bindweefsel.

1 10

Het vet in deze laag zorgt voor warmte-isolatie. Er zitten geen bloedvaten in deze laag.

In dit werkboek staan verschillende soorten opdrachten. Deze helpen je om je de benodigde vakkennis en beroepsvaardigheden eigen te maken.

In deze laag zitten zweetklieren. In deze laag zitten pigmentkorrels. Deze laag is dikker op de billen, bovenbenen en bovenarmen. Deze laag bestaat uit de hoornlaag en de kiemlaag.

3

Verwerking Verwerkingsopdrachten helpen je de theorie te leren en te begrijpen. Ze zijn geordend per hoofdstuk.

De huid vertelt veel over iemand. a Beschrijf wat je aan jouw huid kunt aflezen.

1 11

Toepassing Praktijksituaties hiermee pas je de theorie toe in realistische praktijkbeschrijvingen. Vaardigheden om de benodigde beroepsvaardigheden aan te leren. Themaopdrachten grotere opdrachten waarmee je met de kennis en vaardigheden aan de slag gaat. Je werkt dan ook aan belangrijke algemene vaardigheden als samenwerken, informatie zoeken, presenteren, kritisch denken, plannen en problemen oplossen.

Toepassing Praktijksituaties Het gedrag van Jolanda maakt Chaimaa onzeker tijdens de lichamelijke verzorging Chaimaa Chaimaa is tweedejaarsstudent verzorgende IG. In het eerste leerjaar deed ze BPV in een zorgcentrum. Die BPV werd ruim voldoende beoordeeld. Chaimaa werkt nu een week bij de stichting Adamant. Mensen met een beperking hebben daar een zelfstandige woning in een normale woonwijk. Er is een dienstencentrum van waaruit hulp verleend wordt. Elke woning heeft een communicatielijn met dat centrum. Als een bewoner hulp nodig heeft, belt hij naar het dienstencentrum. In haar eerste week heeft Chaimaa kennisgemaakt met alle bewoners en geholpen bij de hygiënische verzorging. Overleg met Hanneke en Chaimaa Begeleidster Hanneke geeft uitleg over hoe de gegevens van zorgvragers vastgelegd worden in een elektronisch zorgdossier. Sommige bewoners vinden het fijn dat er een uitgebreid zorgplan van hen is. Anderen willen geen of nauwelijks informatie in het dossier. De bewoner bepaalt zelf hoe en wanneer hij verzorgd wordt. Hij is zelf actief in het vragen van hulp. ‘Als iemand besluit om een dag niet gewassen te worden, dan respecteren we dat’, vertelt Hanneke. Chaimaa leest het zorgdossier van Jolanda Dan gaat de telefoon. Hanneke neemt op: ‘Komt in orde, Jolanda. Is het goed dat Chaimaa komt? Ja, dat is dat nieuwe meisje dat vorige week begonnen is. Ik zal zeggen dat ze even moet nalezen hoe moeilijk jij bent, ha ha ha!’ Hanneke legt de telefoon neer en vraagt aan Chaimaa: ‘Durf jij het aan om Jolanda zelfstandig te wassen? Je moet wel eerst even in haar dossier kijken. Niet dat het al compleet is, hoor. Jolanda heeft zelf haar persoonsbeschrijving ingetypt, daar stond ze op. Wat er met de rest van het zorgplan moet gebeuren, daar wil ze nog over denken.’ Chaimaa loopt naar de computer en leest het zorgplan van Jolanda. Dan pakt Chaimaa haar jas en gaat.

1 19

THEMA 1 Lichamelijke verzorging

Evaluatie Studiehulp

1 Bouw en functie van huid, slijmvliezen en gebit 1

Stelling 1 De huid is een van de zintuigorganen. 2 Vitamine C wordt in de huid gevormd onder invloed van zonlicht. 3 Bij een verminderde doorbloeding is de huid rood. 4 De huid is overal even dik. 5 Pigmentkorrels bevinden zich in de opperhuid. 6 De buitenste laag van de lederhuid is de hoornlaag. 7 De talgkliertjes bevinden zich in de lederhuid. 8 Het onderhuids bindweefsel bestaat grotendeels uit vet. 9 De lengtegroei van de nagels vindt plaats vanuit het nagelbed. 10 Een volledig gebit van een volwassene bestaat uit 28 tanden en kiezen. 11 Het tandbeen wordt in zijn geheel bedekt door tandglazuur.

Juist Onjuist

◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯

◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯ ◯

Hoeveel vragen heb je goed beantwoord?

1 Hygiënische verzorging 2

Stelling Juist Onjuist 1 De hygiënische verzorging heeft meestal alleen invloed op het lichamelijk ◯ ◯ functioneren. 2 Een zorgvrager was je met lekker warm water. ◯ ◯ 3 Smetten is een huidirritatie die kan ontstaan doordat de huidplooien niet ◯ ◯ goed droog gemaakt worden. 4 In fase 2 van smetten is de huid kapot. ◯ ◯ 5 In fase 3 van smetten breng je zinkoxide FNA op de huid aan. ◯ ◯ 6 Neten zijn eitjes van de hoofdluis. ◯ ◯ 7 Bij aanwezigheid van luizen en neten is het gebruik van een ◯ ◯ bestrijdingsmiddel altijd aan te raden. 8 Als iemand hoofdluizen heeft, is dat een teken van een slechte hygiëne. ◯ ◯ 9 Wanneer je iemand scheert met een elektrisch scheerapparaat met een ◯ ◯ scheerblad, moet je op-en-neergaande bewegingen maken. 10 Een fysiologische zoutoplossing kun je gebruiken om de ogen te reinigen. ◯ ◯ 11 Stomatitis is een ontsteking van het oogslijmvlies. ◯ ◯ 12 De teennagels worden in het algemeen recht afgeknipt. ◯ ◯ 13 De vulva was je van schaamheuvel richting anus. ◯ ◯ 14 Zeep is een goed reinigingsmiddel voor de vulva. ◯ ◯ 15 Wanneer je als verzorgende een vrouw moet wassen die menstrueert, kun je ◯ ◯ het best handschoenen dragen.

1 76

Evaluatie Studiehulp een zelftoets waarmee je controleert of je de theorie kent. Antwoorden zijn op te vragen bij je docent. Evaluatie evalueren en reflecteren zijn belangrijke vaardigheden voor jouw toekomstige beroep: zet na elk thema op een rij wat je goed beheerst en wat je actiepunten zijn.


THEMA 5 Zorg voor de bedden

Vaardigheden Een vaardigheid heeft een vaste opbouw: Oefenen Toepassen Transfer Oriënteren

Vaardigheden Bed opmaken, zonder dat de zorgvrager in bed ligt Oriënteren

1

1 2

Bestudeer de theorie over het opmaken van het bed zonder zorgvrager. Bestudeer de beschrijving van deze vaardigheid. Voorbereiding 1 Vertel de zorgvrager wat er gaat gebeuren. 2 Leg of zet de volgende benodigdheden klaar: - niet-steriele handschoenen, een overschort en een wasmand. Voor een bed in de thuissituatie: - hoeslaken; - dekbedovertrek; - kussenslopen. Voor een hoog-laagbed: - boven- en onderlaken; - steeklaken; - deken; - kussenslopen. 3 Creëer voldoende werkruimte rondom het bed. 4 Zet het bed op werkhoogte. 5 Plaats een of twee stoelen aan het voeteneinde van het bed. 6 Verwijder hand- en polssieraden en was of desinfecteer je handen.

Observatielijsten

Observatielijsten Bij de meeste vaardigheden horen observatielijsten. Die vind je direct achter in dit werkboek. De observatielijsten zijn geordend per thema. Bovenaan staat bij welke vaardigheid de observatielijst hoort. Een observatielijst kun je gemakkelijk uit je werkboek halen. Zo kun je ze in de klas of in je BPV laten invullen.

Thema 1 Lichamelijke verzorging

277

Zorgvrager wassen op bed 277 Zorgvrager wassen op bed met wasdoekjes 281 Zorgvrager wassen aan de wastafel, onder de douche of in bad 285 Haren wassen op bed 289 Zorgvrager die zich op bed bevindt, scheren met een elektrisch scheerapparaat 291 Zorgvrager die zich op bed bevindt, scheren met scheermes en scheerzeep 293 Tandenpoetsen van een zorgvrager die zich op bed bevindt 295 Gebitsprothese verzorgen van een zorgvrager die zich op bed bevindt 297 Mondholte reinigen van een zorgvrager die zich op bed bevindt 299 Therapeutische elastische kousen met een open teenstuk aantrekken 301 Therapeutische elastische kousen met een gesloten teenstuk aantrekken 303 Therapeutische elastische kousen uittrekken 305 Hygiënische verzorging van een baby 307

Thema 2 Hulp bieden bij de opname van voeding en vocht Hulp bieden aan een zorgvrager die zelf niet kan eten en drinken Flesvoeding geven 311

Thema 3 Hulp bieden bij de uitscheiding

Uitvoering 7 Trek bij kans op contact met uitscheidingsproducten en bloed handschoenen en/ of overschort aan. 8 Leg de kussens op de stoel(en). 9 Maak sprei en dekens los. 10 Let er tijdens het opmaken van het bed op dat je niet te veel met het beddengoed wappert in verband met hygiëne. 11 Zorg ervoor dat tijdens de werkzaamheden het vuile wasgoed zo min mogelijk in contact met het schone wasgoed komt in verband met hygiëne. 12 Vouw sprei en dekens afzonderlijk in drieën en leg ze over de stoel(en). Het beddengoed mag de vloer niet raken. 13 Doe het bovenlaken in drieën gevouwen in de wasmand. 14 Doe het steeklaken in de wasmand. 15 Leg een eventueel zeil ongevouwen over de stoel(en). 16 Doe het onderlaken in de wasmand. 17 Als je het molton niet verschoont, trek je het glad.

1 260

309

309

313

Hulp bij het gebruik van een po op bed 313 Hulp bij het gebruik van een urinaal op bed 317 Verwisselen van een incontinentiemat 319 Externe katheter of condoomkatheter verwisselen 321 Katheterzak verwisselen 325 Verzorgen van een blaaskatheter 327 Laxerende zetpil toedienen 329 Microklysma (microlax) of fosfaatklysma toedienen 331 Hulp bieden bij het manueel verwijderen van ontlasting 333 Hulp bieden bij het opgeven van sputum 335 Hulp bieden bij braken 337 Hulp bieden bij het inbrengen van een tampon bij menstruatie

339

Thema 4 Hygiënisch en ergonomisch verantwoord werken

341

Handen wassen met (vloeibare) zeep 341 Handen desinfecteren met handalcohol 343 Aan- en uittrekken van steriele handschoenen 345 Creëren van een schoon of steriel werkveld 347

1 275

Iconen helpen je op weg In de kantlijn staan icoontjes. Die geven aan wat je in de opdracht kunt verwachten.

1 1 1 1 1 1

geeft aan dat je een deel van de theorie (nog een keer) leest om de vraag te kunnen beantwoorden. bij deze opdracht werk je samen met anderen. bij deze opdracht heb je een computer met internet nodig om informatie op te zoeken. bij deze opdracht werk je aan je schrijfvaardigheden, bijvoorbeeld met het schrijven van een uitgebreid antwoord, verslag of rapport. bij deze opdracht laat je de uitkomsten zien in een mondelinge presentatie. geeft aan dat het gaat om een creatieve opdracht.

Werken met dit werkboek Vind je het prettig om eerst de theorie te lezen en dan te kijken of je het weet en begrepen hebt? Lees dan eerst de theorie en maak daarna de verwerkingsvragen. Ben je meer iemand die het liefst de theorie doorneemt aan de hand van vragen? Start dan met de verwerkingsvragen en leg je theorieboek ernaast. Werk je het liefst vanuit de praktijk? Begin dan met een praktijksituatie of een themaopdracht en kijk of je de vragen kunt beantwoorden met de informatie uit de theorie.


Inhoudsopgave Thema 1 Oriëntatie op de branche VVT

13

Verwerking 14 Verwerkingsopdrachten 14 Hoofdstuk 1 Zorgvragers in de VVT 14 Hoofdstuk 2 De VVT-branche, geschiedenis en zorgaanbod Hoofdstuk 3 Van intake tot beëindiging hulpverlening 19 Hoofdstuk 4 Zorgproces in de VVT 21

16

Toepassing 24 Praktijksituaties 24 Mevrouw Jonas is bang dat haar man moet worden opgenomen in een woonzorgcentrum 24 Jolanda vraagt hulp via de zorgcentrale 28 Meneer Van Kasteren dwaalt ’s nachts door het huis 32 Themaopdrachten 35 Evaluatie 37 Studiehulp 37 Hoofdstuk 1 Zorgvragers in de VVT 37 Hoofdstuk 2 De VVT-branche, geschiedenis en zorgaanbod Hoofdstuk 3 Van intake tot beëindiging hulpverlening 38 Hoofdstuk 4 Zorgproces in de VVT 38 Evaluatie en reflectie 39

Thema 2 Zorg en begeleiding in de VVT

37

41

Verwerking 42 Verwerkingsopdrachten 42 Hoofdstuk 5 Zorg en begeleiding van ouderen 42 Hoofdstuk 6 Zorg en begeleiding van chronisch zieke zorgvragers Hoofdstuk 7 Samenwerken met mantelzorgers en vrijwilligers 52 Hoofdstuk 8 Zorg en begeleiding in groepen 55

47

Toepassing 59 Praktijksituaties 59 Jaap ontmoet een nieuwe zorgvrager 59 Marijke werkt samen met een mantelzorger 62 Mogelijkheden voor meneer Van Zanten 65 Vaardigheden 69 Contact- en relatievorming stimuleren 69 Een positieve samenwerkingsrelatie opbouwen met de geriatrische zorgvrager Inzicht verkrijgen in verliessituaties voor de geriatrische zorgvrager 75 Themaopdrachten 77

1 6

72


Evaluatie 80 Studiehulp 80 Hoofdstuk 5 Zorg en begeleiding van ouderen 80 Hoofdstuk 6 Zorg en begeleiding van chronisch zieke zorgvragers Hoofdstuk 7 Samenwerken met mantelzorgers en vrijwilligers 81 Hoofdstuk 8 Zorg en begeleiding in groepen 81 Evaluatie en reflectie 82

Thema 3 Zorgvragers met psychogeriatrische aandoeningen Verwerking 85 Verwerkingsopdrachten 85 Hoofdstuk 9 Zorgvragers met dementie 85 Hoofdstuk 10 Zorgvragers met dementie: zorg en begeleiding Hoofdstuk 11 Oudere zorgvragers met depressie 91 Hoofdstuk 12 Oudere zorgvragers met een delier 92

80

84

88

Toepassing 94 Praktijksituaties 94 Corrie heeft altijd veel van kinderen gehouden 94 Dit is niks voor mijn man 100 Kan meneer Ramkoesjin nog terug naar huis? 105 Meneer Alyah heeft verdriet 107 Vaardigheden 109 ROB toepassen 109 Validation toepassen 111 Invulling geven aan het begrip ‘zintuigactivering’ 113 Herkennen van de symptomen van een depressie bij een oudere zorgvrager 116 Herkennen van lichamelijke klachten bij een zorgvrager met een depressie 118 Creëren van een positieve omgeving en sociale steun voor de zorgvrager met een depressie en zijn naasten 119 Ondersteunen bij de behandeling van depressie 121 Communicatie met een zorgvrager met een depressie 123 Gebruikmaken van de DOS 125 Herkennen van de symptomen van een naderend delier 126 Omgaan met een zorgvrager met een delier 128 Omgaan met de naasten van een zorgvrager met een delier 130 Themaopdrachten 132 Evaluatie 135 Studiehulp 135 Hoofdstuk 9 Zorgvragers met dementie 135 Hoofdstuk 10 Zorgvragers met dementie: zorg en begeleiding Hoofdstuk 11 Oudere zorgvragers met depressie 136 Hoofdstuk 12 Oudere zorgvragers met een delier 137 Evaluatie en reflectie 138

1 7

135


Thema 4 Zorgvragers met oncologische aandoeningen

140

Verwerking 141 Verwerkingsopdrachten 141 Hoofdstuk 13 Tumoren 141 Hoofdstuk 14 Onderzoek en behandeling 143 Hoofdstuk 15 Verzorging van zorgvragers met kanker 147 Hoofdstuk 16 Palliatieve terminale zorg bij kanker 151 Toepassing 154 Praktijksituaties 154 Ilona heeft een tumor in de hersenen 154 Mevrouw Van Dam heeft een oncologische ulcus 158 Mevrouw Zijderveld heeft kanker en moet revalideren 162 Vaardigheden 165 Observeren en rapporteren van pijn 165 Een Fentanylpleister bevestigen en verwijderen 169 Voorlichting geven aan een zorgvrager die chemotherapie ondergaat Oncologische ulcera verzorgen 178 Subcutane medicatietoediening via Butterfly-systeem (pijnstilling via vlindernaaldje) 182 Themaopdrachten 186

173

Evaluatie 188 Studiehulp 188 Hoofdstuk 13 Tumoren 188 Hoofdstuk 14 Onderzoek en behandeling 188 Hoofdstuk 15 Verzorging van zorgvragers met kanker 189 Hoofdstuk 16 Palliatieve terminale zorg bij kanker 189 Evaluatie en reflectie 190

Thema 5 Zorgvragers met aandoeningen aan het bewegingsstelsel Verwerking 193 Verwerkingsopdrachten 193 Hoofdstuk 17 Anatomie en fysiologie van het bewegingsstelsel Hoofdstuk 18 Zorgvragers met gewrichtsaandoeningen 195 Hoofdstuk 19 Zorgvragers met botziekten en amputaties 200

193

Toepassing 203 Praktijksituaties 203 Daan ondersteunt mevrouw Van Diest na een beenamputatie 203 Joop heeft reumatoïde artritis, maar wil blijven pokeren 209 Valerie heeft artrose in haar rug. Ze wordt gek van de pijn. 213 Vaardigheden 218 Het aanbrengen van een onderbeenprothese 218 Themaopdrachten 221

1 8

192


Evaluatie 223 Studiehulp 223 Hoofdstuk 17 Anatomie en fysiologie van het bewegingsstelsel Hoofdstuk 18 Zorgvragers met gewrichtsaandoeningen 223 Hoofdstuk 19 Zorgvragers met botziekten en amputaties 224 Evaluatie en reflectie 225

Thema 6 Zorgvragers met diabetes mellitus

223

227

Verwerking 228 Verwerkingsopdrachten 228 Hoofdstuk 20 Diabetes mellitus 228 Hoofdstuk 21 Behandeling, complicaties en zorg bij diabetes mellitus

231

Toepassing 234 Praktijksituaties 234 De toestand van Harrie wordt er niet beter op 234 Diabeteszorg vraagt veel aandacht op afdeling De Distel 238 Martine ondersteunt meneer Öztürk met het reguleren van zijn diabetes 242 Vaardigheden 247 Zelfregulatie bij diabetes mellitus bevorderen door het geven van instructie bloedglucose meten 247 Zelfregulatie bij diabetes mellitus bevorderen door het geven van instructie insuline spuiten 252 Themaopdrachten 257 Evaluatie 259 Studiehulp 259 Hoofdstuk 20 Diabetes mellitus 259 Hoofdstuk 21 Behandeling, complicaties en zorg bij diabetes mellitus Evaluatie en reflectie 260

Thema 7

259

Zorgvragers met aandoeningen aan de longen en luchtwegen

Verwerking 263 Verwerkingsopdrachten 263 Hoofdstuk 22 Anatomie en fysiologie van longen en luchtwegen 263 Hoofdstuk 23 Zorgvragers met chronische aandoeningen aan de longen en luchtwegen 265 Hoofdstuk 24 Zorgvragers met een longontsteking 272 Toepassing 274 Praktijksituaties 274 COPD beheerst het leven van meneer Arnts 274 Mevrouw Pan krijgt het steeds vaker benauwd 280 De COPD wordt erger. Mevrouw Lücker verliest haar zelfredzaamheid Vaardigheden 289 Het vullen van een draagset met zuurstof uit een ambuloxvat 289 Themaopdrachten 293

1 9

284

262


Evaluatie 294 Studiehulp 294 Hoofdstuk 22 Anatomie en fysiologie van longen en luchtwegen 294 Hoofdstuk 23 Zorgvragers met chronische aandoeningen aan de longen en luchtwegen 294 Hoofdstuk 24 Zorgvragers met een longontsteking 295 Evaluatie en reectie 296

Thema 8 Zorgvragers met aandoeningen aan het urinewegstelsel en de geslachtsorganen 298 Verwerking 299 Verwerkingsopdrachten 299 Hoofdstuk 25 Zorgvragers met aandoeningen aan het urinewegstelsel Hoofdstuk 26 Vrouwelijke zorgvragers met aandoeningen aan de geslachtsorganen 304 Hoofdstuk 27 Mannelijke zorgvragers met aandoeningen aan de geslachtsorganen 306 Toepassing 310 Praktijksituaties 310 Mevrouw Gijsen heeft hulp nodig bij de verzorging van haar urinestoma Jochem is incontinent en krijgt blaastraining 314 Meneer Stolwijk heeft een verhoogde PSA-waarde 318 Vaardigheden 322 Opvangen van midstream-urine voor bacteriologisch onderzoek 322 Themaopdrachten 323 Evaluatie 326 Studiehulp 326 Hoofdstuk 25 Zorgvragers met aandoeningen aan het urinewegstelsel Hoofdstuk 26 Vrouwelijke zorgvragers met aandoeningen aan de geslachtsorganen 327 Hoofdstuk 27 Mannelijke zorgvragers met aandoeningen aan de geslachtsorganen 327 Evaluatie en reectie 329

Thema 9 Zorgvragers met ontstekingen en infecties Verwerking 332 Verwerkingsopdrachten 332 Hoofdstuk 28 Ziekteverwekkers 332 Hoofdstuk 29 Zorgvragers met ontstekingen 334 Hoofdstuk 30 Zorgvragers met infectieziekten 336 Hoofdstuk 31 Zorgvragers met aids 338

1 10

331

299

310

326


Toepassing 341 Praktijksituaties 341 De weerstand van mevrouw Dijksma is sterk afgenomen 341 Johan heeft problemen met zijn afweersysteem 345 Als een maagdarminfectie uitbreekt in het verpleeghuis 348 Vaardigheden 352 Toepassen van het protocol Uitbraak maagdarminfectie op een wooneenheid van een zorgcentrum 352 Zorg voor een MRSA-verdachte zorgvrager en een MRSA-positieve zorgvrager in de thuiszorg 357 Themaopdrachten 361 Evaluatie 363 Studiehulp 363 Hoofdstuk 28 Ziekteverwekkers 363 Hoofdstuk 29 Zorgvragers met ontstekingen 363 Hoofdstuk 30 Zorgvragers met infectieziekten 364 Hoofdstuk 31 Zorgvragers met aids 364 Evaluatie en reectie 365

Thema 10 Zorgvragers met aandoeningen aan de hersenen

367

Verwerking 368 Verwerkingsopdrachten 368 Hoofdstuk 32 Zorgvragers met een cerebrovasculair accident (CVA) Hoofdstuk 33 Zorgvragers met de ziekte van Parkinson 372

368

Toepassing 376 Praktijksituaties 376 Aaron Pauwels blijft vechten tegen de gevolgen van Parkinson 376 Ilse verzorgt meneer Velzen die gehandicapt is geraakt na een CVA 380 Meneer Verhulst kan niet meer thuis wonen na zijn CVA 384 Vaardigheden 389 Communiceren met een zorgvrager die afasie heeft 389 Revaliderend werken 393 Het ondersteunen van een zorgvrager met Parkinson met opstaan uit de stoel, lopen en gaan zitten 396 Themaopdrachten 401 Evaluatie 403 Studiehulp 403 Hoofdstuk 32 Zorgvragers met een cerebrovasculair accident (CVA) Hoofdstuk 33 Zorgvragers met de ziekte van Parkinson 403 Evaluatie en reectie 404

1 11

403


Thema 11 De oudere zorgvrager en multimorbiditeit Verwerking 407 Verwerkingsopdrachten 407 Hoofdstuk 34 Multimorbiditeit en kwetsbaarheid Hoofdstuk 35 Crisisinterventie 411 Hoofdstuk 36 Geriatrische revalidatie 415

407

Toepassing 418 Praktijksituaties 418 Er is meer aan de hand met mevrouw Swart 418 Meneer De Boer wil graag naar huis 422 Mevrouw Wouters overziet het niet meer 425 Themaopdrachten 428 Evaluatie 432 Studiehulp 432 Hoofdstuk 34 Multimorbiditeit en kwetsbaarheid Hoofdstuk 35 Crisisinterventie 432 Hoofdstuk 36 Geriatrische revalidatie 433 Evaluatie en reectie 434

Observatielijsten

436

1 12

432

406


Thema 1 Oriëntatie op de branche VVT

1

In de branche verpleeg-, verzorgingshuizen en thuiszorg doen zich in het begin van de 21e eeuw veel veranderingen voor. Dit zie je terug in dit thema. De Nederlandse maatschappij verandert van een verzorgingsstaat in een participatiemaatschappij. Dat wil zeggen dat steeds meer van mensen gevraagd wordt om zelf de regie over hun leven te nemen, ook als ze ouder en meer hulpbehoevend worden. Daarnaast zijn levensomstandigheden van mensen verbeterd en neemt de kwaliteit van de zorg toe. Onder invloed van deze ontwikkelingen verandert ook de zorgvraag. Mensen blijven langer thuis wonen. Daardoor verplaatst de zorg zich van verpleeg- en verzorgingshuizen naar de thuiszorg. Dit thema besteedt in vier hoofdstukken aandacht aan de steeds ouder wordende mens met een complexere hulpvraag en de daardoor veranderende zorgvraag. Dit thema bevat verwerkingsopdrachten, praktijksituaties, themaopdrachten, studiehulp, evaluatie en reflectie over de volgende onderwerpen. Hoofdstuk 1: Zorgvragers in de VVT • de oudere zorgvrager met beperkte zelfzorg • chronisch zieke zorgvragers • de revaliderende zorgvrager • zorgvragers met psychogeriatrische en psychiatrische aandoeningen Hoofdstuk 2: De VVT-branche, geschiedenis en zorgaanbod • geschiedenis van de VVT • zorgaanbod in de VVT Hoofdstuk 3: Van intake tot beëindiging hulpverlening • indicatiestelling • zorg in natura of pgb • voorbereiding inzet zorg • de intake • beëindiging hulpverlening Hoofdstuk 4: Zorgproces in de VVT • het zorg(leef)plan

1 13


THEMA 1 OriĂŤntatie op de branche VVT

Verwerking Verwerkingsopdrachten

1 Zorgvragers in de VVT 1

1

Waarom zullen de verzorgingshuizen steeds meer gaan verdwijnen? a Het nieuwe zorgstelsel (2015) pleit ervoor dat ouderen langer thuisblijven en met hulp van thuiszorg zo lang mogelijk voor zichzelf zorgen. b Ouderen blijven langer gezond. Daarom komt het steeds minder voor dat ze in een verzorgingshuis moeten worden opgenomen. c Ouderen doen steeds meer een beroep op mantelzorgers. Daarom zijn verzorgingshuizen steeds minder nodig.

2

Lees de volgende stellingen. Welke stelling is waar? a Dubbele vergrijzing betekent dat er meer ouderen zullen zijn in de toekomst en dat deze ouderen extra zorg nodig hebben. b Dubbele vergrijzing houdt in dat er sprake is van meer ouderen en dat deze ouderen een hogere levensverwachting hebben c Met dubbele vergrijzing wordt bedoeld dat er behalve meer ouderen, ook meer ouderen zijn die verschillende ziekten tegelijk hebben.

3

a

b

In de hersenen vinden cognitieve functieprocessen plaats. Welke functies zijn cognitieve functies? a geheugen b intellectuele capaciteiten c lichamelijke conditie d mobiliteit e taal f waarneming Ouderen kunnen moeite hebben met het opslaan van nieuwe informatie. Op welke manieren kun je een oudere zorgvrager hierin ondersteunen? Noem er drie.

1 14


Verwerkingsopdrachten

4

5

a

1 Zorgvragers in de VVT

Je komt als verzorgende in de VVT verschillende typen zorgvragers tegen. Lees de omschrijvingen. Welke omschrijving past het beste bij welk type zorgvrager?

Omschrijving

Type zorgvrager

1

Probeert door middel van training zijn a zelfstandigheid te vergroten

Oudere met beperkte zelfzorgmogelijkheden

2

Lijdt aan een ziekte die permanent, progressief of wisselend kan verlopen

b

Psychiatrische zorgvrager

3

Is afhankelijk van anderen in het zorgen voor zichzelf

c

Revaliderende zorgvrager

4

Is gedesoriĂŤnteerd in zijn dag- en nachtritme

d

Zorgvrager met een chronische ziekte

5

Lijdt aan angststoornissen of een depressie

e

Psychogeriatrische zorgvrager

b

Oudere zorgvragers hebben nogal eens moeite om hulp te vragen aan anderen. Noem drie redenen waarom dit zou kunnen zijn.

a

De ICF is een begrippenkader voor professionals in de gezondheidszorg. Welke onderdelen hanteert de ICF? Vul het schema in.

Begrippen

Gebruikt in ICF

Zorgzwaarte en complexiteit Chronische ziekten Maatschappelijke participatie Activiteiten Psychische stoornissen Zorgvrager in een woonvoorziening Lichaamsfuncties

1 15


THEMA 1 OriĂŤntatie op de branche VVT

6

b

Welk voordeel heeft het werken met een classiďŹ catie zoals de ICF volgens jou?

a

Hoe noem je de afdeling van een verpleeghuis waar zorgvragers met dementie verblijven? a geriatrische afdeling b psychiatrische afdeling c psychogeriatrische afdeling Waarom wordt de zorg steeds complexer als er sprake is van multipathologie?

b

1 De VVT-branche, geschiedenis en zorgaanbod 2

1

In de geschiedenis van de zorg zijn een aantal belangrijke wetten ingevoerd. In de tabel vind je de omschrijving van drie wetten. Geef aan om welke wetten het gaat en in welk jaar deze wetten zijn ingevoerd.

Wet

Jaartal

Omschrijving De wet regelt de mogelijkheid om in een verzorgingshuis te wonen. De wet regelt de zorg voor zorgvragers met een zware zorgvraag. Zorgvrager moeten zo lang mogelijk thuis wonen. Alle zorgvragers hebben recht op bepaalde woonzorgvoorzieningen en dagbehandeling.

2

Lees de situatieschets.

Een familielid wordt de laatste tijd wat vergeetachtig en verzorgt zich slecht. Samen met je familie verzorg je hem. Dat wordt steeds moeilijker. Hij wordt achterdochtig en hij begint zijn huishouden en zichzelf te verwaarlozen. Ook vergeet hij te eten. Je wilt wat dingen regelen. Daarvoor moet je een beroep doen op een aantal voorzieningen.

1 16


Verwerkingsopdrachten

2 De VVT-branche, geschiedenis en zorgaanbod

Wat regel je bij wie, bij welke instantie of via welke wet? Vul het schema in.

Voorziening

Wat kun je regelen?

WMO CIZ Huisarts Gecoรถrdineerd ouderenwerk

3

Deeltijdzorg kan bestaan uit dagbehandeling en dagverzorging. Beide vormen van begeleiding worden gegeven vanuit een woonzorgcentrum. Wat is het doel van beide vormen? Vul de tabel in.

Vorm van begeleiding

Doel

dagbehandeling dagverzorging

4

Men besloot in Nederland om op een bepaald moment bejaardenhuizen te bouwen. Welke redenen had men daarvoor? Vul het schema in.

Redenen

Ja of nee

Zorg in bejaardenhuizen is goedkoper dan thuiszorg. Kinderen willen niet meer altijd voor hun ouders zorgen. Er bestaat een tekort aan woningen. Men wil dat mensen meer voor zichzelf gaan zorgen. Ouderen willen niet meer afhankelijk zijn van hun kinderen. Kinderen mochten door nieuwe wetgeving hun ouders niet meer in huis nemen.

5

a

Na de Tweede Wereldoorlog ontstond er meer aandacht voor revalidatie als onderdeel van de zorg. Wat was daar de reden van?

1 17


THEMA 1 OriĂŤntatie op de branche VVT

b

6

Zorgvragers kunnen tijdelijk worden opgenomen in een revalidatiecentrum. Noem drie voorbeelden van zorgvragers uit de praktijk. Geef ook aan om welke reden deze zorgvragers daar verblijven?

Een zorgvrager die een CVA heeft ondergaan, wordt opgenomen in een woonzorgcentrum. Bij de zorg en begeleiding van deze zorgvrager zijn verschillende disciplines betrokken. Wie doet wat? Maak goede combinaties.

Discipline

7

Omschrijving

1

ergotherapeut

a

Zoekt naar oplossingen bij overplaatsing of huisvesting.

2

maatschappelijk werk

b

Helpt bij het opnieuw leren lopen en bewegen.

3

logopedist

c

Geeft behandeling en begeleiding bij psychische problemen.

4

(huis)arts

d

Geeft ondersteuning bij leren spreken.

5

fysiotherapeut

e

Helpt bij het opnieuw aanleren van praktische handelingen.

6

psycholoog

f

Is medisch eindverantwoordelijk voor het behandelplan.

a

Welke zinnen zijn waar over een revalidatiecentrum? a Als een zorgvrager in een revalidatiecentrum wordt opgenomen, spreek je van klinisch revalideren. b Een revalidatiecentrum biedt psychogeriatrische zorg en begeleiding. c Het doel van revalidatie is de zorgvrager zo effectief mogelijk te leren omgaan met zijn resterende mogelijkheden. d Iemand die na een hartinfarct moet revalideren in een revalidatiecentrum wordt altijd intern opgenomen. e In een revalidatiecentrum wordt zorg geboden die op de persoon is afgestemd.

1 18


Verwerkingsopdrachten

b

8

3 Van intake tot beëindiging hulpverlening

Waarom is de overgang van een revalidatiecentrum naar een andere omgeving voor bepaalde zorgvragers groot? Gebruik in je antwoord de volgende woorden en begrippen: bedreiging – confrontatie – leven in een niet-zelfgekozen omgeving – privacy – teleurstelling

Sommige verzorgenden geven de voorkeur aan het werken in de thuiszorg, omdat ze hier met andere typen zorgvragers te maken krijgen. Noem drie verschillen tussen zorgvragers die thuis wonen en zorgvragers in een woonzorgcentrum.

1 Van intake tot beëindiging hulpverlening 3

1

a

b

Welke van onderstaande beweringen over de Wet maatschappelijke ondersteuning is waar? a De wet Wmo beschrijft aan welke eisen verzorgenden moeten voldoen om maatschappelijke ondersteuning te mogen bieden. b De wet Wmo stimuleert mensen zo lang mogelijk de regie over hun leven in eigen hand te houden. c De wet Wmo verplicht iedere Nederlander om een zorgverzekering af te sluiten om op elk noodzakelijk moment hulp te kunnen krijgen. Hoe wordt de Wet langdurige zorg gefinancierd?

1 19


THEMA 1 OriĂŤntatie op de branche VVT

c

Wmo of Wlz? Vul in de tabel in onder welke wet verschillende vormen van zorg vallen.

Vorm van zorg

Wmo of Wlz

Wonen in een zorgcentrum Traplift in huis Huishoudelijke hulp Tafeltje-dek-je Thuiszorg door een verzorgende Taxi om naar de dagopvang te rijden Aanvragen van een scootmobiel

2

a

Verschillende instanties zijn betrokken bij een indicatie voor zorg. Wie doet wat? Maak de juiste combinaties.

Instantie

3

Taak

1

Zorgkantoor

a

Beoordeelt of je als zorgvrager recht hebt op langdurige zorg.

2

CIZ

b

Beheert het geld dat beschikbaar is voor zorg en ondersteuning aan de zorgvrager.

3

VWS

c

Heeft richtlijnen opgesteld voor wanneer je als zorgvrager recht hebt op zorg.

4

SVB

d

Regelt voor een zorgvrager dat hij zorg gaat ontvangen van de zorgaanbieder van zijn voorkeur.

b

Op welke informatie baseert de adviseur van de instantie die het recht op zorg beoordeelt zijn of haar oordeel? Noem vijf informatiebronnen.

a

Wat is het belangrijkste verschil tussen ZIN en pgb? ZIN betekent

1 20


Verwerkingsopdrachten

4 Zorgproces in de VVT

Pgb betekent

b

Kun je aangeven waarom sommige zorgvragers kiezen voor een pgb?

4

Als een zorgvrager verhuist naar een woonzorgvoorziening kan dat een grote impact hebben. Noem vier mogelijke gevolgen van een verhuizing voor een zorgvrager.

5

Beëindiging van de zorgverlening kan om verschillende redenen plaatsvinden? Noem er drie.

1 Zorgproces in de VVT 4

1

In de tabel worden een aantal begrippen omschreven waar je als verzorgende mee te maken krijgt. Vul de begrippen in op de juiste plaats. Kies uit: zorgleefplan – zorgplan – zorgprogramma – zorgstandaard Begrip

Omschrijving Dit omschrijft de totale zorg die wordt gegeven aan een zorgvrager en varieert van basiszorg tot woonkenmerken. Een multidisciplinaire beschrijving van het zorgaanbod voor een groep zorgvragers met een vergelijkbare zorgvraag. Hierin staan de zorgproblemen van een zorgvrager centraal. Hierin staat welke zorg een zorgvrager kan krijgen en wat de rol van de zorgvrager in het zorgproces kan zijn.

1 21


THEMA 1 OriĂŤntatie op de branche VVT

2

3

a

Als een zorgvrager zorg ontvangt van een VVT-organisatie, stelt de verzorgende een zorg(leef)plan op. Waarom wordt een zorg(leef)plan opgesteld? Noem drie redenen.

b

Sommige organisaties gebruiken standaard zorg(leef)plannen. Waar moet je als verzorgende op letten wanneer er gewerkt wordt met standaard zorg(leef) plannen?

a

Als een zorgvrager in een woonzorgvoorziening wordt opgenomen, is alles nieuw en onwennig. De zorgvrager heeft behoefte aan uitleg over het zorg(leef)plan. Noem de vijf stappen van methodisch werken met een zorg(leef)plan.

b

In een zorg(leef)plan staan vier domeinen centraal. Welke domeinen zijn dat? Vul het schema in. Geef bij elk domein twee voorbeelden van afspraken die kunnen worden vastgelegd.

Domein

Afspraken

1 22


Verwerkingsopdrachten

4 Zorgproces in de VVT

Domein

Afspraken

4

Landelijk worden zorgstandaarden ontwikkeld voor bepaalde aandoeningen. Kun je verklaren waarom dit de kwaliteit van de zorg ten goede komt?

5

Steeds meer zorgorganisaties werken met een elektronisch zorgdossier. Benoem twee voordelen en twee nadelen van een digitaal zorgdossier. Voordelen

Nadelen

6

Waarom is het volgens jou belangrijk om een zorg(leef)plan regelmatig te evalueren met de zorgvrager.

1 23


THEMA 1 OriĂŤntatie op de branche VVT

Toepassing Praktijksituaties Mevrouw Jonas is bang dat haar man moet worden opgenomen in een woonzorgcentrum Meneer en mevrouw Jonas waren altijd twee actieve mensen die volop deelnamen aan het maatschappelijk leven in hun dorp. Totdat meneer Jonas elf jaar geleden een CVA doormaakte. Hun leven veranderde compleet. Meneer Jonas werd hulpbehoevend. Hij raakte halfzijdig verlamd en hij kreeg afasie. Sinds die tijd zorgt mevrouw Jonas voor hem met hulp van hun zes kinderen die veel bij hen thuiskomen. Mevrouw heeft slechts een enkel woord nodig om te begrijpen wat haar man wil. Dankzij haar vastberadenheid en doorzettingsvermogen wonen ze nog steeds in hun eigen huis. Meneer Jonas gaat lichamelijk achteruit De laatste tijd gaat meneer Jonas lichamelijk achteruit. Mevrouw maakt zich daarover grote zorgen, want ze is bang dat haar man misschien naar een woonzorgcentrum moet verhuizen. Meneer probeert gedurende de dag nog wel zelf te lopen met een stok om zijn spieren te trainen. Zijn vrouw vindt dat hij dat alleen mag doen als de kinderen erbij zijn. Meneer brengt daardoor veel tijd door in zijn stoel en gaat ’s middags even slapen. De kinderen helpen hem in en uit bed te komen. Mevrouw Jonas is gevallen en wordt geopereerd Twee weken geleden is mevrouw Jonas lelijk gevallen in haar kamer. Ze heeft daarbij haar rechterheup gebroken en een pees in haar bovenarm afgescheurd. Mevrouw heeft een operatie ondergaan en is sindsdien een beetje in de war. Haar kinderen zijn erg bezorgd; ze zijn bang dat hun moeder dement aan het worden is. Hun moeder vergist zich namelijk in hun namen en ze vraagt steeds opnieuw waar ze is. In het ziekenhuis heeft men aangegeven dat ze mevrouw zo snel mogelijk naar een revalidatieafdeling van een verpleeghuis over willen plaatsen om verdere problemen te voorkomen. De kinderen van mevrouw begrijpen dat niet. Dan wordt de verwardheid toch alleen maar erger? En hoe zal hun vader daarop reageren? Huidige situatie Meneer Jonas krijgt sinds de opname van zijn vrouw hulp van de thuiszorg. De kinderen helpen mee zoveel als ze kunnen. Hun moeder verblijft inmiddels op een revalidatieafdeling

1 24


Praktijksituaties

Mevrouw Jonas is bang dat haar man moet worden opgenomen in een woonzorgcentrum

en is nog niet mobiel. Ze heeft haar rechterarm in een sling en mag haar arm niet belasten of omhoog bewegen. Ze is nog steeds nogal in de war en daardoor erg onrustig. De kinderen hebben meneer Jonas meegenomen naar het bezoekuur om hun moeder wat gerust te stellen. Ze was daar zichtbaar blij mee. Toen haar man weer vertrok, kon mevrouw echter niet begrijpen dat zij niet mee mocht. Toen is een van de dochters van mevrouw nog een poos bij haar gebleven. Verzorgende Jasper en zijn stagiaire Amina Vandaag komen Jasper en Amina mevrouw op de revalidatieafdeling verzorgen. Mevrouw is inmiddels minder verward maar ze komt nog wel somber en angstig over. Amina is stagiaire van de opleiding tot verzorgende en heeft als opdracht om een zorgplan te schrijven. Ze heeft mevrouw Jonas daarvoor uitgekozen. Mevrouw blijkt momenteel niet de actieve, evenwichtige vrouw waarover Jasper en Amina hebben gelezen. Ze beseffen dat mevrouw veel moeite heeft met de gebeurtenissen van de afgelopen weken. Ze nemen zich voor om dit in het MDO te bespreken. 1

Mevrouw Jonas maakt zich grote zorgen over de lichamelijke achteruitgang van haar man. Is deze zorg terecht? Motiveer je antwoord.

2

Waarom wil mevrouw Jonas dat haar man alleen oefent met lopen als de kinderen erbij zijn? Licht je antwoord toe.

3

Mevrouw wordt opgenomen op een revalidatieafdeling. Wat kan een revalidatieafdeling voor mevrouw betekenen in vergelijking met het ziekenhuis?

1 25


WERKBOEK NIVEAU 3

Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1

Deze uitgave Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1 maakt deel uit van de serie Traject V&V. De theorie van deze uitgave sluit volledig aan bij onderstaande werkprocessen uit het kwalificatiedossier Verzorgende IG. P1-K1-W1 P1-K1-W2 P1-K1-W3 P1-K1-W4

Biedt ondersteuning gericht op zelf- en samenredzaamheid Werkt verbindend samen met naastbetrokkenen en andere zorgverleners Biedt zorg in de woonsituatie Begeleidt een individu of een groep zorgvragers bij dagelijkse activiteiten

De theorie bevat alle basiskennis en achtergrondinformatie bij het betreffende werkproces en bevat veel voorbeelden uit de beroepspraktijk. De verwerkingsopdrachten sluiten aan bij de leerstof in de theorieboeken. De praktijksituaties zijn realistische beschrijvingen van situaties uit de beroepspraktijk, inclusief opdrachten gekoppeld aan houdingsaspecten, vaardigheden en kenniselementen. De beroepsvaardigheden bevatten opdrachten voor het stapsgewijs aanleren van instrumenteel-technische en sociaal-agogische vaardigheden. Het complete aanbod van Traject V&V bestaat uit: - theorieboeken met een heldere en gestructureerde uitleg over de benodigde vakkennis, verduidelijkt met veel praktijkvoorbeelden; - werkboeken met verwerkingsopdrachten, toepassingsopdrachten en evaluatie of reflectieopdrachten; - digitale omgeving met ondersteunend materiaal voor zowel student als docent. Wil je weten welke materialen er nog meer beschikbaar zijn bij Traject V&V? Kijk dan op: www.thiememeulenhoff.nl/trajectvenv

Auteurs: C.M. Broeshart P.A.M. Mocking R.F.A. Schrijver S.M.T. Vogel M.M.J.F. Wijdeveld

Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1 WERKBOEK

De leermiddelen uit de serie Traject V&V zijn bestemd voor de opleiding Verzorgende IG (niveau 3) en de opleiding Mbo-Verpleegkundige (niveau 4). Door de thematische opbouw is Traject V&V geschikt voor alle onderwijsvormen en alle leerwegen, past daarnaast in verkorte trajecten en sluit aan bij elke leerstijl. De leerstof is opgebouwd uit: theorie, praktijksituaties en beroepsvaardigheden. Je kunt starten vanuit de theorie of vanuit een (gesimuleerde) praktijksituatie. Wat voor jou het beste werkt.

verzorgende ig

Onder redactie van: C.A. Abrahamse M.H.A.J. Gloudemans

9 789006 910544

WB_VVT1_N3_210x297mm.indd All Pages

24/07/17 08:08


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg 1 niveau 3 werkboek by ThiemeMeulenhoff - Issuu