Skip to main content

Pit taal - groep 8 - basis - blok 1

Page 1

Groep 8

Blok

1

Jouw wereld, mijn wereld TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 1

12/04/2022 11:15


Taal

Basis • Groep 8 • Blok 1 Hoofdstuk 1 en 2 Antwoorden

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 1

12/04/2022 11:15


Pictoʼs Deze opdracht doe je als je tijd hebt. Deze opdracht doe je alleen. Deze opdracht doe je samen. Deze opdracht doe je in een groepje. Dit is een bewegingsopdracht. Deze opdracht schrijf je op een blaadje.

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 2

12/04/2022 11:15


Anniek

Bert

Jolanda

Yourek

Sam

Ralph

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 4

12/04/2022 11:15


Hoofdstuk 1

Hoe gaat het? ?⃝ Ik moet het nog leren.

Doelenkaart

⃝↑ Ik moet het nog oefenen. ⃝✓ Ik kan het!

Spreken en luisteren • Ik kan een dialoog (tweegesprek) voeren.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan goed luisteren naar de ander.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan vragen stellen om de ander beter te begrijpen.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan luisteren naar een verhaal.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan aantekeningen maken tijdens het luisteren.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan een verhaal samenvatten.

?⃝

⃝↑

⃝✓

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan de opbouw van een interview herkennen.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan kritisch lezen.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan vragen stellen bij een tekst.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan verbanden herkennen in een informatieve tekst.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik weet dat ik door het lezen van een tekst mijn voorkennis kan uitbreiden of aanpassen.

?⃝

⃝↑

⃝✓

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan een verhaal schrijven.

?⃝

⃝↑

⃝✓

• Ik kan een VAD-schema invullen als voorbereiding op het schrijven.

?⃝

⃝↑

⃝✓

Woordenschat • Ik ken de betekenis van 45 nieuwe woorden.

Lezen

Taal verkennen • Ik kan een zin ontleden in zinsdelen.

Schrijven

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 5

12/04/2022 11:15


Hoofdstuk 1

Les 1

Spreken en luisteren • Ik leer een dialoog (tweegesprek) voeren. • Ik leer goed luisteren naar de ander. • Ik leer vragen stellen om de ander beter te begrijpen.

Woordenschat • Ik leer de betekenis van 20 nieuwe woorden.

Kijkwoorden

Leeswoorden

de gft-container

alles in het werk stellen: er alles aan doen Amerstad stelt alles in het werk om het de ouderen naar de zin te maken. de brainstorm: het verzamelen van zoveel mogelijk ideeën over iets, alleen of samen De brainstorm moet nieuwe onderwerpen opleveren.

jeu de boules

de hangjongeren: groep jonge mensen die op straat rondhangt De hangjongeren veroorzaken veel overlast in de buurt. de radiozender: radiostation dat programma's uitzendt De radiozender van Amerstad maakt een radioprogramma voor de jeugd.

de ouderen

het straatinterview: het stellen van vragen aan mensen op straat Sam en Yourek gaan straatinterviews houden, want ze willen weten wat de jongeren denken over hun leven.

Weetwoorden het percentage

gebrek hebben aan de gemeenteraad de (hoofd)redacteur de input het item

produceren de relschopper de tevredenheid vaststellen de visie

de pers

6

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 6

12/04/2022 11:16


Jouw wereld, mijn wereld

1

Bekijk de afbeelding.

7

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 7

12/04/2022 11:16


2

Beantwoord de vragen. 1 Sam en Yourek helpen bij een radioprogramma. Hoe heet de radiozender?

2 Waar denk je dat ze een radioprogramma over gaan maken?

3

Luister en kijk naar het verhaal.

4

Je gaat een tweegesprek (dialoog) houden. Doe het zo: Een dialoog is één van de gespreksvormen. Jullie dialoog gaat over de vraag: Wie wil jij interviewen? • Bedenk wie je wilt interviewen en waarom. • Spreek af wie mag beginnen met vertellen over het interview. • Degene die luistert, stelt vragen om dingen duidelijker te maken of om meer informatie te krijgen. Stel elkaar wie-, waarom-, wat-, waarover-, welk- en hoe-vragen. Maak aantekeningen. • Degene die spreekt, let op of de ander iets wil vragen. • Na afloop wissel je van vertelbeurt.

5

Gesprekstip Luister naar elkaar. Kijk elkaar aan. Zie je dat de ander iets wil vragen, wacht dan even met praten en geef hem de kans.

Vat het tweegesprek samen. Praat samen na over jullie dialoog. Doe het zo: • Vraag: 'Begrijp ik goed dat je persoon x wilt interviewen? Je wilt hem vragen of... .' • Gebruik voor je samenvatting de informatie die je op je wie-, waarom-, wat-, waarover-, welk- en hoe-vragen hebt gekregen. • Wissel van beurt.

8

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 8

12/04/2022 11:16


6

Bereid je interview voor. Vul in wie je wilt interviewen en welke vragen je wilt stellen.

9

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 9

12/04/2022 11:16


Hoofdstuk 1

Les 2

Spreken en luisteren • Ik leer luisteren naar een verhaal. • Ik leer aantekeningen maken tijdens het luisteren. • Ik leer een verhaal samenvatten.

1

Luister naar het verhaal. Maak tijdens het luisteren aantekeningen.

2

Wat doen de hoofdpersonen?

Woordenschat • Ik oefen de betekenis van 20 woorden uit les 1.

1 Onderwerp van het verhaal zijn de hoofdpersonen: 2 Wat doen de hoofdpersonen?

3 Sam en Yourek zien onderweg... 4 De uitzending zal gaan over…

5 Dit onderwerp wordt gekozen, omdat...

6 Uit het interview blijkt dat...

7 Tot slot:

10

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 10

12/04/2022 11:16


3

Vul in wat de hoofdpersonen kunnen denken.

Ralph

Bert

Sam

Yourek

Ramalya

11

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 11

12/04/2022 11:16


4

Wat is het tegengestelde? Teken een lijn. de ouderen gebrek hebben aan de relschopper de input de tevredenheid

5

• • • • •

• • • • •

de vredestichter de output de jongeren de onvrede iets in overvloed hebben

Welk woord past in de zin? Kies uit: vast te stellen | visie | item | hoofdredacteur | brainstorm | radiozender | in het werk stellen De nieuwe week is alweer begonnen. De elkaar voor de wekelijkse

roept alle medewerkers bij .

'Mensen,' zegt hij, 'De hoogste tijd om het onderwerp voor vrijdag Wie heeft er een originele

.

op JWMW?'

Sam en Yourek willen alles

om weer met het beste

op de proppen te komen. Ze willen echt heel graag bepalen wat

Amerom voor jongeren te

bieden heeft.

6

Maak bij de volgende woorden een omschrijving in je eigen woorden. 1 jeu de boules

2 het straatinterview

3 gebrek hebben aan

12

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 12

12/04/2022 11:16


4 de gemeenteraad

5 de tevredenheid

6 produceren

7 het item

8 de input

7

Welk woord hoort er niet bij? Onderstreep het goede antwoord. Leg uit waarom je voor dit antwoord gekozen hebt. 1 de vuilnisemmer | de gft-container | de pedaalemmer | het afval

2 de hangjongeren | de kleuters | de bejaarden | de volwassenen

3 de journalist | de fotograaf | de burgemeester | de pers

4 de staartdeling | de procenten | het percentage | het deel van honderd

5 de voetballer | de relschopper | de schaatser | de zwemmer

8

Raad het woord. Geef de omschrijvingen van opdracht 6 aan een klasgenoot. Zorg dat de woorden niet te zien zijn. Kan je klasgenoot het goede woord raden?

13

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 13

12/04/2022 11:16


14

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 14

12/04/2022 11:16


Hoofdstuk 1

Les 3 Kijkwoorden

Woordenschat • Ik leer de betekenis van 15 nieuwe woorden.

Lezen • Ik leer de opbouw van een interview herkennen. • Ik leer kritisch lezen. • Ik leer vragen stellen bij een tekst.

Leeswoorden

de drang: behoefte; wens; wil Als kind had ik al de drang om verhalen te verzinnen.

de auteur

de drukkerij

het manuscript

de ontknoping: laatste stuk van een verhaal waarin duidelijk wordt hoe alles in elkaar zit Elk ingewikkeld verhaal moet een goede ontknoping hebben. het personage: persoon (iemand) uit een boek of film die niet echt bestaat De lezer moet met het personage in het boek kunnen meeleven. de valkuil: iets waarvoor je moet opletten omdat je er anders door in de problemen komt Mijn valkuil is dat ik het boek te snel af wil hebben. de verhalenbundel: boek met meerdere verhalen In 2006 verscheen mijn verhalenbundel voor kleuters.

Weetwoorden de typemachine

de uitgever

inspiratie opdoen de passie het perspectief het streven het voorval

Tip Een onbekend woord? Bedenk de betekenis. Stap 1 Kijk naar het woord zelf. Stap 2: Is er een plaatje dat iets over de betekenis vertelt? Stap 3: Kijk naar de context van het woord.  Wordt de betekenis gegeven?  Staat er een woord dat hetzelfde of juist het tegengestelde betekent?  Staan er andere woorden die iets over de betekenis vertellen? Stap 4: Bedenk wat er in plaats van het onbekende woord kan staan. Stap 5: Controleer of jouw betekenis in de tekst past. Stap 6: Twijfel je? Zoek de betekenis op of vraag de betekenis aan iemand.

15

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 15

12/04/2022 11:16


Schrijfster Annemarie van den Brink: ‘In mijn hoofd is het net een bioscoop’ Als kind wist Annemarie van den Brink al dat ze auteur wilde worden. Het tijdschrift Lezen! hield een interview met de kinderboekenschrijfster. ‘Al jong had ik de drang om verhalen te verzinnen en op te schrijven. Schrijven is mijn grote passie, toen en nu nog.’ Hoe kom je aan een idee voor je boek? Overal kun je inspiratie opdoen. Er is altijd wel een voorval waar je over kunt schrijven. Kinderen die opscheppen tegen elkaar. Een grot met geheimzinnige tekens. Een ezel die ontsnapt. Verloren spullen op straat of op het strand. Mijn hoofd is net een bioscoop, wat ik bedenk zie ik voor me. Hoe word je schrijver? Schrijver zijn, zit al een beetje in je. Als kind schreef ik schriften vol verhalen. Computers, laptops en tablets waren er nog niet, mijn moeder typte alles op de typemachine en mijn oma las alles na. Als je schrijver wilt worden, moet je blijven doorzetten en heel veel schrijven. Dat is dus gelukt, want in 2006 verscheen mijn eerste boek: een verhalenbundel voor kleuters. De jaren daarna is er bijna elk jaar een nieuw boek uitgekomen. Mijn streven is om altijd boeken te blijven schrijven. Waar ben je goed in en wat vind je moeilijk? Ik kan heel beeldend schrijven. De lezers zien mijn verhalen als een film voor zich. Ook krijg ik complimentjes over de taal en de humor in mijn boeken. Schrijven is ook moeilijk. Mijn valkuil is dat ik het boek té snel af wil hebben. Het is beter om het een paar keer rustig over te lezen en stukjes opnieuw te schrijven. Daar wordt het boek spannender en leuker van.

1

Hoe worden jouw verhalen echte boeken? Eerst typ ik mijn verhaal op de computer. Het manuscript stuur ik op. De uitgever gaat het manuscript lezen. Als zij er enthousiast over is, geeft ze het uit. Een illustrator maakt de tekeningen en de drukkerij drukt een paar duizend boeken. Hoe zorg je ervoor dat lezers je boek willen uitlezen? De hoofdpersoon moet iets willen, maar het zit hem tegen. Dat maakt het verhaal spannend. Je moet een goed personage kiezen, iemand met wie je als lezer wilt meeleven. Ook moet je nadenken over het perspectief: schrijf je vanuit een ik-persoon of een hij/zij-persoon? En je moet natuurlijk een goed eind voor je boek hebben. Elke keer weer ben ik blij als ik een goede ontknoping heb bedacht.

Meer weten over Annemarie en haar boeken? Kijk op www.annemarievandenbrink.nl

Lees de tekst oriënterend.

16

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 16

12/04/2022 11:16


2

Beantwoord de vragen. 1 Wat voor soort tekst is dit?

2 Waar zie je dat aan?

3 Waar kun je zo'n tekst tegenkomen? Kies de goede antwoorden. ▢ in een krant ▢ in een leesboek ▢ in een tijdschrift ▢ op internet ▢ in een reclamefolder 4 Heb je zelf wel eens een interview gelezen of geschreven?

3

Kijk nog eens naar de tekst. 1 Bij het plaatje staat: ‘In mijn hoofd is het net een bioscoop.’ Wat betekent dat?

2 Je wilt heel snel weten waar de tekst over gaat. Welk stukje lees je dan? ◯ De intro bovenaan, vaak vetgedrukt. ◯ Het einde, dus de laatste regels van de tekst. ◯ Een stuk in het midden van de tekst. ◯ Hier en daar een stukje van de tekst.

17

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 17

12/04/2022 11:16


3 Elke alinea heeft een vetgedrukte zin en een stukje tekst. Waarom is dat? ◯ Het ziet er leuker uit, er is meer afwisseling in tekst. ◯ Dan kun je het beter lezen, het is overzichtelijker. ◯ Om snel te laten zien wat het meest belangrijk is. ◯ Om verschil te tonen tussen de vragen en de antwoorden. 4 Lees het stukje bij de eerste vraag nog eens. Vind je dat er een goede zin boven het interview is gezet? Waarom wel of niet?

4

Kijk nog eens naar de vragen in de tekst. Welke dingen wil je nog meer weten van Annemarie van den Brink? Schrijf de vragen op. Je kunt deze vraagwoorden gebruiken: waar, waarom en wanneer.

5

Zelf vragen maken. 1 Vul de naam van je lievelingsschrijver in. 2 Bedenk drie of meer vragen aan hem of haar. Gebruik de vraagwoorden. Je lievelingsschrijver is: Je vragen aan hem of haar: • Waarom

?

• Wie

?

• Waar

?

• Welk

?

• Hoe

?

• Wat

?

18

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 18

12/04/2022 11:16


6

Bedenk het slot. Het interview is nog niet af. Schrijf de laatste alinea. Dat kan een samenvatting zijn of een aansporing om haar boeken te lezen. Of een combinatie daarvan.

19

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 19

12/04/2022 11:16


Hoofdstuk 1

Les 4

Woordenschat • Ik oefen de betekenis van 10 nieuwe woorden en van de woorden uit les 3.

Lezen • Ik leer verbanden herkennen in een informatieve tekst. • Ik leer dat ik door het lezen van een tekst mijn voorkennis kan uitbreiden of aanpassen.

Zo schrijf je een spannend verhaal Spanning is een belangrijk element in een verhaal. Een schrijver heeft schrijftechnieken om die spanning op te bouwen. Ten eerste: zonder conflict heb je geen verhaal. De hoofdpersoon moet in de problemen raken. Hij wil iets, maar iemand werkt hem tegen. Als lezer vraag je je af: gaat het hem (op tijd) lukken? Ten tweede: stel informatie uit. Als ik had geweten dat dit de ergste dag uit mijn leven zou worden ... Ook werkt het goed om een tegenstelling te gebruiken. Onderweg naar de bankoverval dronk K. eerst koffie bij zijn bejaarde moeder. Verder kun je iets suggereren. De oude man keek wantrouwend om zich heen ... Hierdoor verdenk je de man meteen. Wissel spannende, snelle stukjes af met een beschrijving. Tot slot: breek het verhaal op een superspannend moment af. Hierdoor wil je verder lezen!

onderdeel steeds een beetje groter of sterker maken.

het tegengestelde iemand een bepaald idee geven, zonder het precies te zeggen om de beurt doen

Bron: Spanning in verhalen, over het schrijven van spannende boeken. René Appel, uitgeverij Augustus, 2007.

20

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 20

12/04/2022 11:16


1

Lees de tekst Zo schrijf je een spannend verhaal.

2

Beantwoord de vragen. 1 Wat voor soort tekst is het? ◯ een spannend verhaal ◯ een informatieve tekst ◯ een instructie ◯ een artikel 2 De schrijver noemt schrijftechnieken om een verhaal spannend te maken. Hij gebruikt woorden om die technieken aan te kondigen. Kleur de woorden die hij daarvoor gebruikt. Ten slotte | Ten eerste | Ten tweede | Bovendien | Ook werkt het goed | Verder | Tot slot | Allereerst

3

Waar horen de woorden bij? Zet de woorden in het goede rijtje. Kies uit: personages bedenken | het conflict | de valkuil | de uitgever | het manuscript | de passie | de drang | spanning opbouwen | verhaalelementen afwisselen | inspiratie opdoen | de auteur | afbreken | de verhalenbundel | de drukkerij | de tegenstelling

Woorden die horen bij boeken maken

Woorden die horen bij schrijver willen worden

Woorden die horen bij een spannend verhaal schrijven

21

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 21

12/04/2022 11:16


4

Vul een omschrijving in van het blauwe woord. 1 Dat de zon schijnt suggereert dat het warm is.

geeft ons het idee

2 Vanuit mijn perspectief ziet de kwestie er heel anders uit. 3 Dat spannende voorval is een mooi uitganspunt voor een verhaal. 4 Mijn streven is de typmachine zo weinig mogelijk te gebruiken. 5 Wat flauw: al op de eerste bladzijde staat de ontknoping.

5

In de tekst staan voorbeelden van informatie uitstellen, een tegenstelling gebruiken en iets suggereren. 1 Bedenk een hoofdpersoon die iets slechts van plan is, maar dan iets aardigs doet.

2 Bedenk iets waardoor je lezer meteen denkt dat die persoon de dader is.

Ben jij al in beweging geweest? Wat heb je geoefend?

22

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 22

12/04/2022 11:16


Hoofdstuk 1

Les 5

Woordenschat Dit kan ik nog • Ik herhaal woorden uit blok 5 (groep 7).

Dit kan ik nu • Ik herhaal woorden uit les 1, 3 en 4.

Dit kan ik nog 1

Welk woord past in de zin? Let op: je houdt twee antwoorden over. Kies uit: sterren | stofwolk | balustrade | noordelijk halfrond | sterrenkijker | zonnestelsel | encyclopedie Lieve Lotte, Ik schrijf je deze e-mail, omdat ik iets heel spannends wil vertellen. Ik ben lid geworden van een Sterrenwachtclub. Ik wilde meer te weten komen over ons 's Avonds sta ik nu regelmatig achter de

. , door een

naar alle

te kijken. De namen van de

sterrenbeelden zoek ik daarna op in mijn

. Je snapt wel dat ik dit

allemaal erg leuk vind. Ik hoop je gauw weer te zien. De hartelijke groeten van Marlijn

2

Wat betekent hetzelfde? Kijk naar de vetgedrukte woorden. Teken een lijn. Let op: je houdt twee antwoorden over. Alle tekeningen zijn mooi, maar de tekening van Tjardo spant de kroon.

•

Mascha verdiept zich in ons zonnestelsel.

•

De sloper heeft het gebouw met de grond gelijk gemaakt.

•

Youssef is erg opgewonden door het schoolreisje.

•

Je moet er niet te lang bij stilstaan.

•

• • • • • • •

wil meer te weten komen over overtreft alles wil iets meer doen met heeft zin om te beginnen helemaal afgebroken over nadenken is druk en zenuwachtig

23

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 23

12/04/2022 11:16


3

Wat betekent hetzelfde? Teken een lijn. Let op: je houdt twee antwoorden over. veroveren

•

na enige tijd

•

de afbeelding

•

als dat zo is

•

groter worden

•

• • • • • • •

de kwaliteit in dat geval uitzetten op zijn minst op den duur de illustratie innemen

Dit kan ik nu 1

Welk woord past in de zin? Let op: je houdt twee antwoorden over. Kies uit: jeu de boules | gft-container | pers | uitgever | percentage | typemachine | drukkerij 1 Vandaag is er geen krant. Er was brand in de

.

2 Op vakantie in Frankrijk spelen we altijd

.

3 De resten van de maaltijd gooi je maar in de 4 Mijn opa schrijft brieven nog op een 5 Gelukkig daalt het

. . ongelukken met fietsers.

24

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 24

12/04/2022 11:16


2

Wat hoort bij elkaar? Teken een lijn. Let op: je houdt twee antwoorden over. Tijdens een brainstorm kun je ...

3

•

Een radiozender voor muziek zendt ...

•

Sam en Yourek willen met straatinterviews ...

•

Voor een valkuil moet je uitkijken, omdat ...

•

Zonder een ontknoping weet je niet ...

•

• • •

heel spannend. informatie krijgen over hun onderwerp. muziekprogramma's uit.

•

zoveel mogelijk ideeën over iets verzamelen, alleen of samen

•

informatie krijgen over de hoofdpersoon.

• •

hoe het verhaal afloopt. je problemen kunt krijgen.

Wat betekent hetzelfde? Teken een lijn. Let op: je houdt twee antwoorden over. het tegengestelde van iets

•

steeds iets anders doen, zeggen of schrijven

•

het gevoel dat er iets gaat gebeuren

•

steeds een beetje groter of sterker maken

•

later doen dan afgesproken

•

• • • • • • •

de tegenstelling opbouwen afbreken uitstellen afwisselen de spanning het conflict

25

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 25

12/04/2022 11:16


Hoofdstuk 1

Les 6

Taal verkennen • Ik herhaal het ontleden van een zin in zinsdelen.

Herhaling: zinnen ontleden Ontleden is: een zin verdelen in zinsdelen en elk zinsdeel benoemen. Ontleden doe je zo: 1 Zoek de persoonsvorm (pv). De persoonsvorm vind je met de proeven. Vraagproef: maak er een vraag van. Tijdproef: verander de tijd. Getalproef: verander het onderwerp van enkelvoud in meervoud of andersom. 2 Vind het gezegde (gez). Kijk wat er bij de persoonsvorm hoort: één of meer andere werkwoorden. Samen met de persoonsvorm is dat het gezegde. 3 Bepaal het onderwerp (ond). Gebruik de vraag: Wie/Wat + persoonsvorm (+ wat er bij de persoonsvorm hoort)? Controleer met de getalproef! 4 Check of de zin een lijdend voorwerp (lijd vw) heeft. Het lijdend voorwerp vind je met de vraag: Wie/Wat + gezegde + onderwerp? 5 Blijven er zinsdelen over? Noem die ‘andere zinsdelen’ (az). Joris en Joop / gaan / vandaag / veel vissen / vangen / in het meer.

Meewerkend voorwerp Een meewerkend voorwerp (meew vw) is een zinsdeel, net als het gezegde, het onderwerp en het lijdend voorwerp. Het meewerkend voorwerp is meestal iemand die iets van het onderwerp ontvangt. Je kunt het meewerkend voorwerp vinden met de vraag: Aan wie + gezegde + onderwerp (+ lijdend voorwerp)? Kim geeft een bosje bloemen aan haar moeder. → Aan wie geeft Kim een bosje bloemen? → aan haar moeder (meew vw) Vaak begint het meewerkend voorwerp met het voorzetsel aan. Als het meewerkend voorwerp niet met aan begint, kun je er aan bij denken. Ik zei (aan) haar gedag. Papa vroeg (aan) mijn vriendin een glas water.

1

Bekijk het uitlegblokje.

26

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 26

12/04/2022 11:16


2

Lees de zinnen. 1 Verdeel de zinnen in zinsdelen. Zet strepen tussen de zinsdelen. a

Sam en Yourek willen hun interview grondig voorbereiden.

b

Ze gaan eerst een paar proefvragen bedenken.

c

Ralph heeft daarna die opzet met ze doorgenomen.

d

Ze hebben na die bespreking een nieuwe lijst gemaakt.

2 Maak van de eerste zin een vraag. Wat is de persoonsvorm? 3 Verander in de tweede zin de tijd. Wat is de persoonsvorm? 4 Verander in de derde en vierde zin het onderwerp, dus naar meervoud of enkelvoud. Wat is de persoonsvorm?

3

Lees de zinnen a t/m d van de vorige opdracht nog een keer. Kleur in elke zin het onderwerp groen, het gezegde blauw en het lijdend voorwerp paars.

4

Welke zinsdeel ontbreekt? Vul het in. Vul ook in of het een onderwerp, gezegde, lijdend voorwerp of meewerkend voorwerp is. 1 Ik ben schrijver en wil soms

2

3 Mijn kinderen

4 Ze vroegen

te snel afhebben.

heb toen elke avond een heel hoofdstuk geschreven.

op een avond de werkkamer

minder te gaan werken.

5 Nu besteed ik meer tijd

6

.

.

waren daar erg blij mee.

27

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 27

12/04/2022 11:16


5

Lees de tekst. Beantwoord de vragen. 1 Onderstreep met blauw de persoonsvorm van elke zin. Gebruik de drie proeven. 2 Welke werkwoorden staan er nog meer in de zinnen? Onderstreep ze met groen. 3 In welke zinnen staat een meewerkend voorwerp? Kleur het meewerkend voorwerp in beide zinnen oranje. a Ik typ mijn verhaal eerst op een computer. b Ik wil dan eerst alles nog eens rustig overlezen. c 'Aarzel niet langer', zeg ik dan tegen mezelf. d Ik stuur meteen mijn manuscript aan mijn uitgever. e Mijn uitgever antwoordt mij gelukkig altijd heel snel. f

Maar tot die tijd wil ik mij het liefst verstoppen.

g Dan komt het telefoontje waar ik zo lang op heb gewacht. h Mijn uitgever is dolenthousiast.

6

Lees de zinnen. 1 Zet een schuine streep tussen de zinsdelen. 2 Onderstreep de zinsdelen met de juiste kleur. persoonsvorm = rood gezegde = blauw onderwerp = groen lijdend voorwerp = paars meewerkend voorwerp = oranje andere zinsdelen = zwart a Maarten schrijft een spannend verhaal. b Hij zorgt voor een conflict. c Zijn hoofdpersoon vindt in het gymlokaal een horloge. d Hij geeft het niet terug aan de eigenaar. e Juf vraagt alle leerlingen of iemand het horloge heeft gevonden. f

Maartens hoofdpersoon zegt niets.

28

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 28

12/04/2022 11:16


Hoofdstuk 1

Les 7

Taal verkennen • Ik oefen het ontleden van een zin in zinsdelen.

Herhaling: Zinnen ontleden Ontleden doe je zo: 1 Zoek de persoonsvorm (pv). De persoonsvorm vind je met de vraag-, tijd- en/of getalproef. 2 Vind het gezegde (gez): de persoonsvorm + één of meer andere werkwoorden. 3 Bepaal het onderwerp (ond). Gebruik de vraag: Wie/Wat + persoonsvorm (+ wat er bij de persoonsvorm hoort)? Controleer met de getalproef! 4 Check of de zin een lijdend voorwerp (lijd vw) heeft. Het lijdend voorwerp vind je met de vraag: Wie/Wat + gezegde + onderwerp? 5 Check of de zin een meewerkend voorwerp (meew vw) heeft. Het meewerkend voorwerp vind je met de vraag: Aan wie + gezegde + onderwerp (+ lijdend voorwerp)? Vaak begint het meewerkend voorwerp met het voorzetsel aan. Als het meewerkend voorwerp niet met aan begint, kun je er aan bij denken. 6 Blijven er zinsdelen over? Noem die ander zinsdeel (az). Joris en Joop / zullen / mijn zusje / morgen / een mooi cadeau / geven.

1

Bekijk het uitlegblokje.

2

Verdeel de zinnen in zinsdelen. Zet strepen tussen de zinsdelen. 1 Veel kinderen houden van verhalen van vroeger. 2 Schrijvers hebben ook geschiedenisverhalen geschreven. 3 Het meisje van Yde heeft veel spannende verhalen opgeleverd. 4 Haar lichaam is in het veen van de plaats Yde in Drenthe gevonden. 5 Ze is lang geleden met een band om haar hals gewurgd en daarna is ze ongeveer 2000 jaar geleden in het moeras terechtgekomen. 6 Je kunt daar een spannend verhaal bij bedenken.

29

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 29

12/04/2022 11:16


3

Zoek de persoonsvorm en het onderwerp. 1 Onderstreep de persoonsvorm in elke zin met rood. Gebruik de drie proeven om de persoonsvorm te vinden. 2 Onderstreep het onderwerp met blauw. Gebruik de vraag om het onderwerp te vinden en de getalproef om te controleren. a De Romeinen kwamen zo'n tweeduizend jaar geleden ons land binnen. b De inbrekers verstopten hun buit op een onvindbare plek. c Heeft de politie de schilderijen toch gevonden? d Ik kom vanavond eten, want mijn broer komt dan ook langs. e Blijven jullie dan ook tv-kijken? Want er is vanavond voetbal. f

4

5

Wij gaan dan wel sporten, omdat voetbal niets voor ons is.

Wat is het gekleurde woord? Kies persoonsvorm, voltooid deelwoord of heel werkwoord. persoonsvorm

voltooid deelwoord

heel werkwoord

1 Een stoommachine loopt op water en steenkool.

◯

◯

◯

2 Het water wordt met de steenkool verhit.

◯

◯

◯

3 Daardoor gaan de zuigerstangen draaien.

◯

◯

◯

4 En zo werd de locomotief aangedreven.

◯

◯

◯

5 Onze eerste stoommachine heette ‘De Snelheid’.

◯

◯

◯

onderwerp

lijdend voorwerp

meewerkend voorwerp

1 Vandaag geeft mijn oudste broer een feest voor een goed doel.

◯

◯

◯

2 Mijn ouders hebben hem daarvoor toestemming gegeven.

◯

◯

◯

3 Mijn broer heeft al zijn vrienden een officiële uitnodiging gestuurd.

◯

◯

◯

Wat is het gekleurde woord? Kies het goede zinsdeel.

30

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 30

12/04/2022 11:17


6

onderwerp

lijdend voorwerp

meewerkend voorwerp

4 Hij vroeg aan de buurjongens of zij ook op zijn feest wilden komen.

◯

◯

◯

5 De buren gaven het goede doel maar liefst 100 euro.

◯

◯

◯

Maak zinnen. 1 Maak een zin met alleen een persoonsvorm. 2 Verander die zin zodat er een gezegde met een voltooid deelwoord komt. 3 Verander de zin nog een keer zodat er een gezegde met een heel werkwoord in komt. Voorbeeld: Hij slaat de bal heel hard. Hij heeft de bal heel hard geslagen. Hij wil de bal heel hard slaan.

Ben jij al in beweging geweest? Wat heb je geoefend?

31

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 31

12/04/2022 11:17


Hoofdstuk 1

Les 8 Inleiding

Kern

Slot

1

Schrijven • Ik leer hoe ik een verhaal schrijf. • Ik leer een VAD-schema invullen als voorbereiding op het schrijven.

vraag

antwoord

detail

Wie komen er in het verhaal voor?

Sam en Yourek, Ramalya, nog een paar van de hangjongeren en twee oudere mannen.

Ramalya heeft commentaar op de kleding van Sam en Yourek, want ... .

Waar speelt het verhaal?

Bij de jeu-de-boulesbaan.

De baan is ... . De hangjongeren kunnen ... .

Wanneer speelt het verhaal?

Op een woensdagmiddag.

Dan zijn de jongeren ... en de twee oudere mannen ... .

Wat is er aan de hand?

De hangjongeren willen de jeu-de-boulesbaan veroveren.

Ze zijn van plan om ... .

Welk conflict heeft de hoofdpersoon?

Sam en Yourek zijn het eens met de hangjongeren dat de gemeente niets voor ze doet, maar ze willen ook niet dat de ouderen van hun baan verjaagd worden.

Sam en Yourek bespreken met Ramalya ... .

Wat gebeurt er?

Er komt een vechtpartij en de politie pakt alle jongeren, ook Sam en Yourek, op.

Als de jongeren aan komen lopen door het park, reageren de oudere mannen ... .

Hoe loopt het verhaal af?

De gemeente doet iets voor de jongeren.

Bekijk en lees het VAD-schema. Beantwoord de vragen op het digibord.

32

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 32

12/04/2022 11:17


2

Lees de teksten in het VAD-schema bij inleiding. Werk de inleiding uit met meer details. 1 Wat gebeurt er met het commentaar van Ramalya?

2 Waar wil je de baan een plek geven? Bedenk ook waar de jongeren altijd rondhangen. 3 Wat is een goed tijdstip voor je verhaal? 4 Hoe gaan de jongeren de baan veroveren? 5 Maak deze zin af en gebruik de verhaaltechniek: informatie uitstellen. Als Sam en Yourek toen geweten hadden dat

33

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 33

12/04/2022 11:17


3

Lees de teksten bij kern. Werk de kern uit met meer details. 1 Hoe bespreken Sam en Yourek hun conflict met Ramalya?

2 Ze doen Ramalya een voorstel. Wat kan dat zijn?

3 Hoe ga je de ontmoeting tussen jongeren en ouderen uit de hand laten lopen?

4 Ramalya heeft heel andere plannen dan Sam en Yourek. Je kunt de verhaaltechniek tegenstelling gebruiken. Maak deze zin af: ‘Prima plan,’ antwoordde Ramalya, ‘maar

.’ 5 Bedenk wat er op het politiebureau gebeurt.

6 Wat doen de ouders? 7 Wat gebeurt er met de twee oudere mannen?

34

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 34

12/04/2022 11:17


4

Lees de tekst bij slot. Werk het slot uit met meer details. 1 Wat gaat de gemeente voor de jongeren doen?

2 Voor het slot bouw je een cliffhanger in, je breekt af op een superspannend moment. Maak deze zin af: Voor Sam het wist .

5

Lees de details die je hebt opgeschreven. Gebruik de vier denkstappen.

6

Bedenk een paar eerste zinnen waarmee je je verhaal wilt beginnen. Schrijvers denken vaak lang na over hun eerste zin. Ze proberen je met die zin meteen het verhaal in te trekken. Voorbeeld: 1 Niemand kende de man die doodstil voor het raam stond. 2 Woensdagmiddag om twee uur liepen we het water in. 3 Iedereen stond stokstijf stil, alsof het nooit meer licht zou worden.

35

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 35

12/04/2022 11:17


Hoofdstuk 1

Les 9

Schrijven • Ik oefen het schrijven van een verhaal. • Ik oefen het invullen van een VAD-schema als voorbereiding op het schrijven.

vraag Inleiding

antwoord

detail

Wie komen er in het verhaal voor?

Waar speelt het verhaal?

Wanneer speelt het verhaal?

Wat is er aan de hand?

Kern

Welk conflict heeft de hoofdpersoon?

Wat gebeurt er?

Slot

1

Hoe loopt het verhaal af?

Bekijk het VAD-schema en lees de vragen.

36

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 36

12/04/2022 11:17


2

Een spannend verhaal voorbereiden. Je gaat zelf met het VAD-schema een spannend verhaal voorbereiden. 1 Bedenk zelf de titel voor het spannende verhaal en zet dat boven het VAD-schema. 2 Bekijk het VAD-schema en lees de vragen. 3 Welke vraagwoorden zie je bij de inleiding? 4 Waarom moet je hoofdpersoon een conflict hebben?

5 Wat moet je voor het slot bedenken?

3

Bereid je inleiding voor. 1 Beantwoord eerst kort de vier vragen in het VAD-schema. Gebruik kernwoorden. 2 Geef bij een van de vragen een detail. 3 Vul hieronder een openingszin in. Dit moet een complete zin zijn. Zorg dat het een mooie, grammaticaal correcte zin is.

4

Bereid je kern voor. 1 Beantwoord eerst de twee vragen. Gebruik kernwoorden. 2 Geef bij elk van de vragen één of twee details. 3 Bedenk hoe je je verhaal spannend gaat maken. Vul hieronder één zin in. Gebruik een suggestie of een tegenstelling. Gebruik voegwoorden zoals want, als, omdat, maar.

5

Bereid je slot voor. Meestal loopt een verhaal goed af, maar eerder in het verhaal heb je de indruk gewekt dat alles mis zal gaan. Hoe ga je dat oplossen? 1 Beschrijf in een paar korte zinnen hoe je verhaal afloopt. 2 Geef een paar details. 3 Schrijf hieronder één zin op, waarmee je je verhaal op een spannend moment afbreekt.

37

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 37

12/04/2022 11:17


6

Lees je VAD-schema, je voorbeeldzinnen en verbeter. 1 Kijk of je tevreden bent over al je antwoorden en details in het VAD-schema. 2 Kijk je zinnen na die je bij opdracht 3, 4 en 5 hebt opgeschreven. Kloppen je zinnen grammaticaal? Zijn je leestekens goed? Kijk bijvoorbeeld naar je gebruik van hoofdletters, komma's en punten. 3 Laat een klasgenoot je VAD-schema lezen en vraag om zijn mening. 4 Verbeter als dat nodig is.

7

Bedenk een alinea van je verhaal. Kies welk deel van je verhaal je wilt gebruiken: de inleiding, kern of het slot. • Kies je voor de inleiding, dan kun je bedenken hoe je je hoofdpersonen introduceert, dus aan de lezer voorstelt. Of hoe je duidelijk maakt, waar en wanneer het verhaal zich afspeelt. • Kies je voor de kern, dan kun je schrijven hoe je het conflict van de hoofdpersoon duidelijk maakt. Of hoe de gebeurtenis uit de hand loopt. • Kies je voor het slot, dan kun je het verhaal afronden of je kunt met een cliffhanger eindigen.

38

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 38

12/04/2022 11:17


Hoofdstuk 1

Taal verkennen

Les 10

Dit kan ik nog • Ik herhaal werkwoorden met een vast voorzetsel uit blok 5 (groep 7).

Dit kan ik nu • Ik herhaal het ontleden van een zin in zinsdelen.

Dit kan ik nog 1

Lees de zinnen. Welk voorzetsel past in de zin? Let op: je houdt twee antwoorden over. Kies uit: voor | om | op | tot | van | naar | over 1 We dringen aan 2 Tess huilde

een reactie. het verlies van haar poes.

3 Je moet die kinderen niet aanzetten

gevaarlijk spel.

4 Je hoeft je niet te schamen 5 Jordy ontfermde zich

2

Lees de zinnen. Welk vast voorzetsel hoort erbij?

die beugel, hoor. het jonge hondje.

op

voor

aan

naar

in

1 Ik wil slagen ... het verkeersexamen.

◯

◯

◯

◯

◯

2 De voetbal is neergekomen ... het dak van de school.

◯

◯

◯

◯

◯

3 Mijn ouders zorgen goed ... mij.

◯

◯

◯

◯

◯

4 Die planten ruiken ... citroen.

◯

◯

◯

◯

◯

5 Zij vergissen zich ... de uitspraak van het woord Facebook.

◯

◯

◯

◯

◯

39

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 39

12/04/2022 11:17


3

In elke zin staat een werkwoord met één of meer vaste voorzetstels. Onderstreep om welke woorden het gaat. 1 Alle kinderen doen dit jaar mee aan het afscheidsstuk. 2 Ik zwicht niet voor flauwe argumenten. 3 Maar de meeste leerlingen kijken uit naar dit geweldige feest. 4 De oudercommissie trakteert op een lekker etentje. 5 Twijfel jij ook niet aan de gezelligheid van zo'n afscheidsfeest?

Dit kan ik nu 1

Tel de zinsdelen in de zin. 1 Spanning is een belangrijk element in een verhaal. zinsdelen 2 Een schrijver bouwt met verschillende technieken die spanning op. zinsdelen 3 Hij kan bijvoorbeeld spannende stukken afwisselen met minder spannende stukken. zinsdelen 4 Informatie uitstellen kan soms ook goed werken. zinsdelen 5 Tot slot moet je je verhaal een goede ontknoping geven. zinsdelen

2

Gezegde, onderwerp, lijdend voorwerp of meewerkend voorwerp? a b c d e f g

Zij speelt graag cello, maar hij houdt meer van de viool. De man en de vrouw willen samen in het orkest spelen. Hij speelt geweldig viool. Haar cello klinkt ook fantastisch. Gelukkig zijn ze allebei toegelaten. Het concert bezorgt het publiek een fantastische avond. Spelen in een orkest schenkt het stel veel voldoening.

40

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 40

12/04/2022 11:17


In welke zinnen is het lijdend voorwerp een instrument? Welke zin heeft een gezegde dat bestaat uit de persoonsvorm en het hele werkwoord? Welke zin heeft een gezegde met een voltooid deelwoord? Welke zin heeft een instrument als onderwerp? Welke zin heeft twee onderwerpen en twee gezegden? Welke zinnen hebben een meewerkend voorwerp?

3

Welk zinsdeel ontbreekt?

ond

gez

lijd vw

meew vw

1 Mijn moeder gaf ... vandaag brood met pindakaas mee.

◯

◯

◯

◯

2 Ik ... geen pindakaas op mijn brood.

◯

◯

◯

◯

3 Ik heb ... stiekem weggegooid.

◯

◯

◯

◯

4 Mijn vader ... toen erg boos ... .

◯

◯

◯

◯

5 ... maakte de volgende dag weer brood met pindakaas voor mij.

◯

◯

◯

◯

6 Die boterham ... ik toen eigenlijk best lekker.

◯

◯

◯

◯

7 Ik vertel ... dat ik vaker brood met pindakaas mee naar school wil.

◯

◯

◯

◯

41

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 41

12/04/2022 11:17


Taal

Groep 8  Blok 1

9 789006 468410

TV_Taal_BASIS_G8_Blok1.indb 90

12/04/2022 11:19


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Pit taal - groep 8 - basis - blok 1 by ThiemeMeulenhoff - Issuu