van horen zeggen
Over normaal gesproken is een serie lessen over normen, waarden en moraal, bedoeld voor gebruik in klas 4 of 5 havo/vwo. Het boek gaat in op de ontwikkeling van moreel besef bij jongeren door opvoeding en onderwijs. Het behandelt ook een aantal ethische kwesties in onze samenleving, waarin verschillende culturen en godsdiensten bronnen zijn voor moreel gedrag van mensen. In het laatste hoofdstuk komen enkele filosofisch-ethische stromingen aan de orde. Over normaal gesproken is onderdeel van de lesmethode Van horen zeggen voor het vak godsdienst / levensbeschouwing in het voortgezet onderwijs.
van horen zeggen
Over normaal gesproken
Ethiek voor bovenbouw havo/vwo 9042539365_omslag.indd 1
01-02-2010 15:18:18
vanvan horen van horen zeggen horen zeggen zeggen
Over Over Over normaal normaal normaal gesproken gesproken gesproken
Ethiek Ethiek Ethiek voor voor bovenbouw voor bovenbouw bovenbouw havo/vwo havo/vwo havo/vwo Auteurs: Auteurs: Auteurs: Cor Jongeneelen Cor Jongeneelen Cor Jongeneelen PieterPieter van Lier Pieter van Lier van Lier Henk Henk van Putten Henk van Putten van Putten GerritGerrit Sleeuwenhoek Gerrit Sleeuwenhoek Sleeuwenhoek Epko Epko Smit Epko Smit Smit Jaap Veld Jaap Veld Jaap Veld Eindredactie: Eindredactie: Eindredactie: AlbertAlbert Wubs Albert WubsWubs
OverOver normaal gesproken normaal gesproken
4
2
Verantwoording Colofon
Van horen zeggen is een lesmethode voor het vak godsdienst/levensbeschouwing in alle klassen en niveaus van het voortgezet onderwijs. Voor klas 1 en 2 van havo/vwo zijn er Van horen zeggen deel 1 en Van horen zeggen deel 2. Voor klas 3 en 4 zijn er vier delen Wereldgodsdiensten: Wegen van de tora, Wegen van navolging, Wegen van overgave en Wegen naar verlossing. Barbara Birgisdottir, p 7; Justyna Furmanczyk, p.8; Sean Locke, p. 9; Jacob Wackerhausen, p. 10; Voor de bovenbouw havo/vwo zijn er de themadelen Over normaal gesproken en Over wondere feiten. Soundsnaps, p. 11; Jelani Memory, p.13; Jacob Wackerhausen, p. 14; Leah Sisson, p. 15 rechts; Voor het vmbo is er de lessenserie Op verhaal komen.
Verantwoording
Edward Todd, p. 15 links;Charlotte Bassin, p. 16 links; Jacob Wackerhausen, p. 16 rechts; Oleksandr Zamazi, p. 17 rechts; Joop Ridder, p. 17 links; Majoros Laszlo, p. 18, nr. 1; Ryan Lane, Over normaal gesproken is een serie lessen over waarden, normen en moraal. Het boek gaat in op de ontwikkeling van moreel p. 18, nr. 2; Alexandru Kacso, p. 18 nr. 3; David Parsons, p. 18 nr. 4; Martin de Wit, p. 18, nr. 6; besef bij jongeren door opvoeding en onderwijs. Het behandelt ook een aantal ethische kwesties in onze samenleving, waarin Pimverschillende Mul, p.21, 22;culturen MichaelenKooren, p. 23; bronnen Howard zijn Oates, 24 boven; Rebecca Grabill, onder;hoofdstuk komen enkele godsdiensten voorp.moreel gedrag van mensen. In p. het24laatste Christina Richards, p. 25; ANP Photo / Evert-Jan Daniels, p. 27; Geheugen van Nederland, p. 28 en filosofisch-ethische stromingen aan de orde. 29; Macoanga, 30;van Cosmonaut Creative MediaisLLC, p.31; ANPmet Photo / Robindruk Utrecht, p. 32;grotendeels vernieuwd. Deze tweedep.druk Over normaal gesproken in vergelijking de eerste inhoudelijk Stephen Boks, p. 33; Liza McCorkle, p. 34; Getty Images, p. 35; Gasper Furman, p. 36; ANP Photo / Marcel Antonisse,p. 37; Lev Olkha, p. 38 links; Igor Zhorov,p. 38 midden; Juanmonino, p. 38 rechts; danishkhan, p. 39 links; mandygodbehear, p. 39 rechts; Steffano Cellai, p. 41 nr. E en F; Gimmi, p. 41,lay-out: nr. G; Danilo Donadoni, p. 41, C; Wojtek Buss, p.41, nr. B en D; Thoas Hooning van Ontwerp, Proforma, ontwerpers ennr. adviseurs | BNO, Rotterdam Duyvenbode, p. 42 links; Sue Colvil, p. 44 boven; Ravet007, p. 44 onder; Mark Kostich, p. 45; GregOver Christman, p. 46; Tjui Tjioe, p. 47 boven; Özgür Donmaz, p. 47 onder; ANP Photo / Robert Vos, ThiemeMeulenhoff p. 49; akva, p. 51 onder; Vaticaans Museum / Bridgeman Art Library, p. oplossingen 52; Inge Delissnyder, ThiemeMeulenhoff isontwikkelt dé educatieve mediaspecialist en levert educatieve voor het Primair Onderwijs, Voortgezet ThiemeMeulenhoff zich van educatieve uitgeverij tot een learning design company. We brengen content, p. 53; boven; free.masonry.bcy.ca, p. 53 onder; Cristal Goodman, p. 55; Irène JongeneelenOnderwijs, Beroepsonderwijs en Hoger Onderwijs. Deze oplossingen ontwikkeld in we nauwe leerontwerpMiddelbaar en technologie samen. Met onze groeiende expertise, ervaring enworden leeroplossingen zijn een samenwerking partner voor Dassen, p. onderwijsmarkt 56; Monika Lewandowsk, 57;verbeterde Paul Kooi,leeropbrengsten p. 58Zoboven; p.58 midden; met de en dragen bijp.aan en samen individuele talentontwikkeling. scholen bij het vernieuwen en verbeteren van onderwijs. kunnenFirehorse, we beter recht doen aan de verschillen tussen Lukelerenden Daniek,en p 58 onder; Alija, p. 59 boven; René Mansi, p. 59 onder; tillsonburg. p. 60 onder;wordt. scholen en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter Daniel Bendjy, p. 61; CB2/ZOB, p. 62;uitPathathai Chungyam, p. 63 links; Jane Norton, p.63 rechts; ThiemeMeulenhoff haalt het beste élke leerling. Getty Images / London Stereoscopic Company / Stringer, p. 65 boven; Christian Carroll, p. 66; EPA Samen leren vernieuwen. / Andy Rain, p. 68; Ralph 125, p.69 boven;enBracha L. Ettinger . p. 69educatieve onder; EPA / Humayoun Shiab, Meer informatie over ThiemeMeulenhoff een overzicht van onze oplossingen: p. 70; Backs, uit: After Auschwitz: to the088 Holocaust in Contemporary Art. 1995, p. 71; www.thiememeulenhoff.nl of via Responses de Klantenservice 800 20 15 www.thiememeulenhoff.nl Kevin Russ, p. 72. ISBN 978 3936 55 97890 90425 42 53936 Tweede oplage, 2014 Tweede druk, druk, elfde oplage, 2017 De uitgever heeftzesde getracht met alle rechthebbenden op illustraties en teksten contact op te nemen. Mogelijk is dit niet in alle gevallen gelukt. Diegene die meent rechten te kunnen doen © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2009 ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2009 gelden op illustratie en/of tekst, wordt verzocht contact op te nemen met de uitgever. Alle rechten opgeslagen in een geautomatiseerd ge- gerechten voorbehouden. voorbehouden.Niets Nietsuit uitdeze dezeuitgave uitgavemag magworden wordenverveelvoudigd, verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gevensbestand, mechanisch, door fotokopieën, gevensbestand,of ofopenbaar openbaargemaakt, gemaakt,ininenige enigevorm vormofofopopenige enigewijze, wijze,hetzij hetzijelektronisch, elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig toestemming van dede uitgever. enig andere anderemanier, manier,zonder zondervoorafgaande voorafgaandeschriftelijke schriftelijke toestemming van uitgever. Voor zover van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van zover het hetmaken makenvan vankopieën kopieënuit uitdeze dezeuitgave uitgaveisistoegestaan toegestaanopopgrond grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit 23 1985,1985, Stbl. 471 artikel 17 Auteurswet 1912, dient demen daarvoor wettelijkwettelijk verschuldigde vergoedingen te vanaugustus 23 augustus Stbl.en 471 en artikel 17 Auteurswet 1912,men dient de daarvoor verschuldigde vergoevoldoen Stichting en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp dingen teaan voldoen aanPublicatieStichting Publicatieen Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). inin bloemlezingen, readers en en andere compilatie(www.stichting-pro.nl).Voor Voorhet hetovernemen overnemenvan vangedeelte(n) gedeelte(n)uituitdeze dezeuitgave uitgave bloemlezingen, readers andere compiwerken (artikel 16 Auteurswet) dientdient men zich detot uitgever te wenden. Voor meer over hetover gebruik van muziek, latiewerken (artikel 16 Auteurswet) mentot zich de uitgever te wenden. Voorinformatie meer informatie het gebruik van film en het kopieën het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. muziek, filmmaken en hetvan maken van in kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. De uitgever dede wettelijke bepalingen. Degenen diedie desondanks uitgever heeft heefternaar ernaargestreefd gestreefdde deauteursrechten auteursrechtenteteregelen regelenvolgens volgens wettelijke bepalingen. Degenen desondanks menen te kunnen doen kunnen gelden, zich kunnen zichtot alsnog tot de uitgever menen zekere zekere rechtenrechten te kunnen doen gelden, alsnog de uitgever wenden. wenden.
Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd.
Deze uitgave is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. voor het gebruikte papier op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.
Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.
Over normaal gesproken
3
Inhoud
Inhoud Hoofdstuk 1 1 2 3 4
Over normaal gesproken Normaal doen in de groep Op weg naar volwassen gedrag Moraal in de samenleving
Hoofdstuk 2 1 2 3
Samen moeten leven
Motivatie door geloof Grenzen door geloof Motivatie door mensen
Hoofdstuk 4 1 2 3
Samen willen leven
Samenleving en moraal Moraal en democratie Democratie en Grondwet
Hoofdstuk 3 1 2 3
Leren hoe te leven
Keuzes in het leven
Waarom? Daarom! Doel-ethiek Plicht-ethiek
5 6 10 15 17
21 22 27 33
37 38 46 50
57 58 60 67
OverOver normaal normaal gesproken gesproken
4
4
Verantwoording Verantwoording
Verantwoording Verantwoording Barbara Barbara Birgisdottir, Birgisdottir, p 7; pJustyna 7; Justyna Furmanczyk, Furmanczyk, p.8; p.8; SeanSean Locke, Locke, p. 9;p.Jacob 9; Jacob Wackerhausen, Wackerhausen, p. 10; p. 10; Soundsnaps, Soundsnaps, p. 11; p. Jelani 11; Jelani Memory, Memory, p.13;p.13; Jacob Jacob Wackerhausen, Wackerhausen, p. 14; p.Leah 14; Leah Sisson, Sisson, p. 15p.rechts; 15 rechts; Edward Edward Todd,Todd, p. 15p.links;Charlotte 15 links;Charlotte Bassin, Bassin, p. 16p.links; 16 links; Jacob Jacob Wackerhausen, Wackerhausen, p. 16p.rechts; 16 rechts; Oleksandr Oleksandr Zamazi, Zamazi, p. 17p.rechts; 17 rechts; JoopJoop Ridder, Ridder, p. 17p.links; 17 links; Majoros Majoros Laszlo, Laszlo, p. 18, p. nr. 18,1;nr.Ryan 1; Ryan Lane, Lane, p. 18, p. nr. 18,2;nr.Alexandru 2; Alexandru Kacso, Kacso, p. 18p.nr. 183;nr.David 3; David Parsons, Parsons, p. 18p.nr. 184;nr.Martin 4; Martin de Wit, de Wit, p. 18, p. nr. 18,6;nr. 6; Pim Pim Mul,Mul, p.21,p.21, 22; Michael 22; Michael Kooren, Kooren, p. 23; p. Howard 23; Howard Oates, Oates, p. 24p.boven; 24 boven; Rebecca Rebecca Grabill, Grabill, p. 24p.onder; 24 onder; Christina Christina Richards, Richards, p. 25; p. ANP 25; ANP Photo Photo / Evert-Jan / Evert-Jan Daniels, Daniels, p. 27;p.Geheugen 27; Geheugen van van Nederland, Nederland, p. 28p.en 28 en 29; Macoanga, 29; Macoanga, p. 30; p. Cosmonaut 30; Cosmonaut Creative Creative Media Media LLC,LLC, p.31;p.31; ANPANP Photo Photo / Robin / Robin Utrecht, Utrecht, p. 32; p. 32; Stephen Stephen Boks, Boks, p. 33; p. Liza 33; Liza McCorkle, McCorkle, p. 34; p. Getty 34; Getty Images, Images, p. 35; p. Gasper 35; Gasper Furman, Furman, p. 36; p. ANP 36; ANP Photo Photo / / Marcel Marcel Antonisse,p. Antonisse,p. 37; Lev 37; Lev Olkha, Olkha, p. 38p.links; 38 links; Igor Igor Zhorov,p. Zhorov,p. 38 midden; 38 midden; Juanmonino, Juanmonino, p. 38p. 38 rechts; rechts; danishkhan, danishkhan, p. 39p.links; 39 links; mandygodbehear, mandygodbehear, p. 39p.rechts; 39 rechts; Steffano Steffano Cellai, Cellai, p. 41p.nr. 41Enr. enEF;en F; Gimmi, Gimmi, p. 41,p.nr. 41,G;nr.Danilo G; Danilo Donadoni, Donadoni, p. 41,p.nr. 41,C;nr.Wojtek C; Wojtek Buss, Buss, p.41,p.41, nr. Bnr. enBD;enThoas D; Thoas Hooning Hooning van van Duyvenbode, Duyvenbode, p. 42p.links; 42 links; Sue Sue Colvil, Colvil, p. 44p.boven; 44 boven; Ravet007, Ravet007, p. 44p.onder; 44 onder; MarkMark Kostich, Kostich, p. 45; p. 45; GregGreg Christman, Christman, p. 46; p. Tjui 46; Tjioe, Tjui Tjioe, p. 47p.boven; 47 boven; Özgür Özgür Donmaz, Donmaz, p. 47p.onder; 47 onder; ANPANP Photo Photo / Robert / Robert Vos,Vos, p. 49; p. akva, 49; akva, p. 51p.onder; 51 onder; Vaticaans Vaticaans Museum Museum / Bridgeman / Bridgeman Art Library, Art Library, p. 52; p. 52; IngeInge Delissnyder, Delissnyder, p. 53; p. boven; 53; boven; free.masonry.bcy.ca, free.masonry.bcy.ca, p. 53p.onder; 53 onder; Cristal Cristal Goodman, Goodman, p. 55; p. Irène 55; Irène JongeneelenJongeneelenDassen, Dassen, p. 56; p. Monika 56; Monika Lewandowsk, Lewandowsk, p. 57;p.Paul 57; Paul Kooi,Kooi, p. 58p.boven; 58 boven; Firehorse, Firehorse, p.58p.58 midden; midden; LukeLuke Daniek, Daniek, p 58ponder; 58 onder; Alija,Alija, p. 59p.boven; 59 boven; RenéRené Mansi, Mansi, p. 59p.onder; 59 onder; tillsonburg. tillsonburg. p. 60p.onder; 60 onder; Daniel Daniel Bendjy, Bendjy, p. 61;p. 61; CB2/ZOB, CB2/ZOB, p. 62; p. Pathathai 62; Pathathai Chungyam, Chungyam, p. 63p.links; 63 links; JaneJane Norton, Norton, p.63p.63 rechts; rechts; Getty Getty Images Images / London / London Stereoscopic Stereoscopic Company Company / Stringer, / Stringer, p. 65p.boven; 65 boven; Christian Christian Carroll, Carroll, p. 66; p. EPA 66; EPA / Andy / Andy Rain,Rain, p. 68; p. Ralph 68; Ralph 125,125, p.69p.69 boven; boven; Bracha Bracha L. Ettinger L. Ettinger . p. 69 . p.onder; 69 onder; EPA EPA / Humayoun / Humayoun Shiab, Shiab, p. 70; p. Backs, 70; Backs, uit: After uit: After Auschwitz: Auschwitz: Responses Responses to the to Holocaust the Holocaust in Contemporary in Contemporary Art. 1995, Art. 1995, p. 71;p. 71; Kevin Kevin Russ, Russ, p. 72. p. 72. De uitgever De uitgever heeftheeft getracht getracht metmet alle alle rechthebbenden rechthebbenden op illustraties op illustraties en teksten en teksten contact contact op teop te nemen. nemen. Mogelijk Mogelijk is ditisniet dit niet in alle in alle gevallen gevallen gelukt. gelukt. Diegene Diegene die meent die meent rechten rechten te kunnen te kunnen doendoen gelden gelden op illustratie op illustratie en/ofen/of tekst, tekst, wordt wordt verzocht verzocht contact contact op teopnemen te nemen metmet de uitgever. de uitgever.
Over normaal gesproken
5
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Hoofdstuk 1
Leren hoe te leven
Vijftien miljoen mensen Op dat hele kleine stukje aarde Die schrijf je niet de wetten voor Die laat je in hun waarde Vijftien miljoen mensen Op dat hele kleine stukje aarde Die moeten niet ’t keurslijf in Die laat je in hun waarde ‘15 miljoen mensen’ door Fluitsma & van Tijn
Inmiddels wonen we al met zestien en een half miljoen mensen in Nederland! Toch lukt het ons vrij goed om in de dagelijkse praktijk met elkaar te leven op dit kleine stukje aarde. Dat kunnen we, omdat we goede afspraken hebben met elkaar in de vorm van wetten en regels.
Over normaal gesproken
1
6
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Over normaal gesproken “Zeg, doe eens even normaal!” Dat is een opmerking die iedereen wel eens te horen heeft gekregen. Met de woorden normaal of abnormaal geven we aan of we het gedrag van mensen goedkeuren of afkeuren. Maar wat is ‘normaal doen’ eigenlijk? Is er een maatstaf waarmee we kunnen bepalen wat normaal en wat abnormaal (niet-normaal) is? Met dit soort vragen, over gedrag, over omgaan met elkaar, over keuzes maken, zullen we ons in dit boek bezig gaan houden. In dit eerste hoofdstuk gaat het vooral over de vraag: hoe leren mensen zich te gedragen op een manier die, wij normaal vinden?
Opvoeding begint in de wieg Het gedrag van kinderen beoordelen we meestal anders dan dat van volwassenen. Kinderen moeten immers nog leren hoe ze zich goed en normaal moeten gedragen. Dat leren begint al vanaf de geboorte, zeggen opvoedkundigen. Met het eerste contact tussen ouder en kind, zoals het voeden, verzorgen en knuffelen, begint ook de opvoeding. Op jonge leeftijd leert het kind al – zonder zich daarvan bewust te zijn – dat er een bepaald ritme is in het dagelijkse leven. Een vast ritme van slapen, wakker worden, eten, slapen enzovoort, is belangrijk voor een kind, want het zijn de eerste stappen naar het aanleren van gewoonten. Wanneer het kind ouder wordt, neemt het ook bepaalde gewoonten over van de ouders of opvoeders. Door zich die gewoonten eigen te maken, leert het kind wat het gewenste gedrag is en ontwikkelt het een besef van goed en kwaad.
Over normaal gesproken
7
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Opdracht 1 Hieronder staan veertien ‘goede gewoonten’ die aan kinderen worden geleerd. a Kruis er vijf aan, waarvan jij nog heel goed weet dat je daar vaak op werd gewezen. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 b
‘Alstublieft’ zeggen als je iets vraagt of geeft. Bedanken als je een cadeautje krijgt. De waarheid spreken. Eerlijk delen. Je schamen als je betrapt wordt. Niet een ander de schuld geven van wat jij zelf hebt gedaan. Niet praten met een volle mond. Niet schelden. Geen herrie maken waarmee je anderen stoort. Rekening houden met anderen. Tegen je verlies kunnen. Verdriet van een vriendje kunnen meevoelen. Voorzichtig zijn met spullen van anderen. ‘Sorry’ zeggen als je iets verkeerd hebt gedaan.
Staat er ook één bij, waarvan jij het vervelend vond dat je dat moest doen? Zo ja, welke en waarom was dat zo vervelend?
Opvoeding in mededogen Het aanleren van het onderscheid tussen goed en kwaad noemen we morele opvoeding. Deze opvoeding heeft het beste resultaat, wanneer de opvoeder niet alleen zegt wat er gedaan moet worden, maar ook zelf steeds weer het goede voorbeeld geeft. Een Nederlands spreekwoord zegt: ‘Zoals de ouden zongen, piepen de jongen’.
Aangeleerd of aangeboren? Zijn morele gevoelens aangeleerd? Of zijn ze aangeboren? Uit recent onderzoek blijkt dat een mens bijzondere hersencellen bezit, spiegelneuronen genoemd. Deze hersencellen stellen hem in staat zich in te leven in gevoelens en situaties van een ander. Dat inlevingsvermogen wordt empathie genoemd. Een baby van minder dan een jaar kent onbewust gevoelens van empathie. Het zoekt bijvoorbeeld troost bij de eigen moeder, wanneer een andere baby in de omgeving huilt. Het huilen van een ander kind roept gevoelens van onrust of verdriet op. Zulke gevoelens van empathie moeten met het opgroeien van het kind steeds verder ontwikkeld worden, ze moeten ‘mee-groeien’ door opvoeding en onderwijs.
Over normaal gesproken
8
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Opvoedkundigen stellen dat het bij morele opvoeding heel belangrijk is dat kinderen en jongeren morele gevoelens leren ontwikkelen. Morele gevoelens zijn onmisbaar op de weg naar volwassenheid, omdat ze samenhangen met de principes en idealen die wij in onze samenleving belangrijk vinden. Zonder die principes, zoals fatsoen, rechtvaardigheid, zelfbeheersing, zou onze samenleving niet menswaardig zijn. Een voorbeeld: wanneer wij bij het zien van onrecht - bijvoorbeeld de diefstal van de handtas van een oude dame - geen verontwaardiging voelen, dan komen we niet in actie om iets te doen. Mensen zonder morele gevoelens zijn onverschillig tegenover wat anderen overkomt. Mensen die wel in actie komen bij onrecht, doen dit meestal omdat zij zich goed kunnen inleven in wat een ander meemaakt. Zij hebben geleerd om medelijden te voelen met anderen die in moeilijkheden zijn. Ze kunnen en willen zich verplaatsen in wat een ander meemaakt. Dat belangrijke gevoel van mededogen moet met het ouder worden van kinderen voortdurend geleerd en getraind worden. Over dit trainen in mededogen kun je in het volgende krantenbericht iets lezen. Kampen, 31 december 2008 | van onze plaatselijk verslaggever
Paard dood na vlucht voor vuurwerk Een jong paard is maandag afgemaakt nadat het op de vlucht voor vuurwerk drie benen had gebroken. Het dier was in paniek geraakt, omdat vier jongens vuurwerk in een weiland aan de Trekvaart in Kampen hadden gegooid. In totaal sloegen daardoor drie paarden op hol. De dieren gleden uit in de wei en het jongste paard brak daarbij drie benen. De vier jongens, tussen 12 en 15 jaar oud, hebben een dag later voor straf naar het dode paard moeten kijken. De eigenaresse van het dier vond dat de jongens met eigen ogen moesten zien wat ze hebben aangericht. De ouders van de kinderen stemden hiermee in, ze waren het er mee eens dat dit de juiste straf voor de jongens was. Toen die het paard zagen, boden ze meteen hun excuses aan. Volgens hun ouders waren ze daarna de hele dag doodstil.Volgens de politie is de zaak hiermee afgedaan.
Over normaal gesproken
9
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Weinig jongens zullen zo onverantwoord met dieren omgaan als het viertal uit het krantenbericht. Wanneer dieren lijden door toedoen van mensen, zijn juist jongeren daar vaak heel verontwaardigd over. Ook wanneer dieren lijden door natuurlijke omstandigheden, vinden sommige mensen dat zij daar iets aan moeten doen. Zij helpen bijvoorbeeld een aangereden dier in het verkeer, door een dierenambulance in te schakelen. Een ander voorbeeld kun je lezen in het verhaal hieronder.
Door de storm en de vloed waren duizenden zeesterren op het strand gespoeld. Ze zouden allemaal onherroepelijk omkomen voordat het water van de volgende vloed hen weer bereikte. Een meisje pakte zeesterren op en gooide ze terug in het water. ‘Waarom doe je dat?’ vroeg een wandelaar. ‘Het strand is kilometers lang. Er zullen duizenden doodgaan. Wat maakt het uit dat je er een paar kunt redden?’ Het meisje keek naar de bewegende zeester in haar hand en zei: ‘Je hebt gelijk, maar voor déze maakt het wel iets uit.’ En ze gooide hem terug in zee. (Bewerkt uit: Stephan de Jong, Verhalen van levenskunst.)
Opdracht 2 Hieronder lees je het begin van een verhaal. Op het punt waar het verhaal afbreekt, moet jij zelf een vervolg bedenken. Je moet het verhaal laten eindigen zoals jij dat in deze situatie het beste zou vinden.
Een jonge soldaat mocht één dag het front verlaten. Zijn stervende vader had naar hem gevraagd. Omdat hij het enige familielid was van zijn vader, maakte men voor hem een uitzondering. Toen de soldaat op de afdeling intensive care kwam, zag hij dat de half bewusteloze, oude man die aan allerlei apparaten was gekoppeld, zijn vader niet was! Iemand had een enorme vergissing begaan en de verkeerde soldaat met verlof gestuurd. Toen kwam de dokter bij hem en zei. “Je bent net op tijd. Hij heeft nog maar een paar uur te leven. Zijn krachten zijn op, hij kan niet meer praten en zijn ogen niet openen. Maar hij kan je nog wel horen en merken dat je er bent.” De soldaat was even in gedachten en toen...
Over normaal gesproken
2
10
Leren hoe te leven
Normaal doen in de groep Voor kinderen is het een grote overstap, wanneer zij de basisschool verlaten en naar de middelbare school gaan. Het betekent vaak een nieuwe omgeving, een nieuwe groep van medeleerlingen en soms ook een andere vriendengroep. In deze jaren maakt een jongere ook ingrijpende ontwikkelingsfasen door, die als de puberteit en de adolescentie worden aangeduid. Het is de leeftijdsfase tussen het tiende en het twintigste levensjaar, waarin het kind zich ontwikkelt tot een jonge volwassene. In de puberteit (tussen 10 en 15 jaar) maken kinderen grote veranderingen door. Hun lichaam ontwikkelt zich naar geslachtsrijpheid en volwassenheid, maar ook hun gevoelens, hun omgang met andere mensen en hun kijk op de wereld kunnen erg veranderen. In deze jaren gaan jongeren zich ook sterker aansluiten bij de wereld van hun leeftijdgenoten en vrienden. Daar willen ze zich thuis voelen en ze doen er soms veel voor om gewaardeerd te worden in de groep. Dit kan ook tot heftige botsingen leiden, omdat de ouders thuis soms andere verwachtingen van hen hebben dan wat hun vriendengroep van hen vraagt. De mening van leeftijdgenoten is heel belangrijk bij het maken van keuzes, ook op moreel gebied. Soms lijkt het wel alsof het niet zo belangrijk is wat iemand van zichzelf vindt, maar vooral wat anderen van hem of haar denken en wat die belangrijk vinden.
Opdracht 3 a Geef een voorbeeld van iets wat je in je opvoeding hebt meegekregen, dat je ook onder druk van een groep niet zult opgeven. Maak duidelijk waarom niet.
b Soms gedragen jongeren zich thuis anders dan wanneer ze bij hun klasgenoten of vrienden zijn. Geef minstens één voorbeeld van wat je thuis niet doet, maar in je vriendengroep of in je klas wel. Maak duidelijk waarom.
Over normaal gesproken
11
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Regels en afspraken In elke groep, of dit nu een klas leerlingen is of een vriendengroep, komen regels en afspraken voor. Soms zijn die afspraken stilzwijgend geaccepteerd, zoals meestal onder vrienden gebeurt. Op een school staan de regels vaak ook op papier, zodat iedereen weet dat ze bestaan en dat ze erop aangesproken kunnen worden. Het gaat erom dat mensen zich aan gemaakte afspraken en regels houden. Als je je niet aan afspraken houdt, loopt de boel in het honderd. Bij het maken en hanteren van afspraken in een groep, is de vraag belangrijk: hoe moeten we reageren op overtredingen? Je kunt tolerant zijn tegenover overtreders. Je kunt de afgesproken regels heel soepel hanteren. Je kunt ook straffen bedenken voor overtredingen. Hoe reageren mensen in een groep als regels soms wel en soms niet worden toegepast? Wat is het gevolg als mensen afgesproken regels ongestraft kunnen overtreden? De volgende opdracht gaat hierover.
Opdracht 4 Een klas is op excursie naar Praag. De groep leerlingen heeft een week van tevoren het excursieprogramma gekregen. Daarin staan ook de regels waaraan ze zich moeten houden. Een van de regels is: leerlingen mogen geen alcoholhoudende drank meenemen naar hun hotelkamer. Bij overtreding van deze regel wordt de leerling naar huis gezonden. Probeer je mening te vormen naar aanleiding van de volgende situatie.
Praag, 15 oktober 2008 Twee docenten, leiders van de excursie naar Praag, lopen nog eenmaal de gangen over waaraan zich de kamers van de leerlingen bevinden. De geluiden wijzen op activiteiten die niet met slapen te maken hebben. Een van de docenten klopt op de deur en doet die, terwijl het in de kamer doodstil is geworden, langzaam open. Het tafereel laat niets te raden over: vier leerlingen rond de tafel, met een fl es cola en een fl es rum binnen hand bereik. De afgesproken regel over alcohol op de kamer is duidelijk overtreden. De volgende morgen vindt er een stevig gesprek plaats tussen de leerlingen en de docenten. De sanctie op het niet naleven van de regels was vooraf aan allen duidelijk: bij overtreding word je terug naar huis gestuurd.
a b c d e
Stel jij bent één van de leerlingen die de regels heeft overtreden. Zou jij accepteren dat de straf meteen wordt toegepast? Stel jij bent één van de andere leerlingen. Wat zou jij vinden van de toepassing van de straf? Stel jij bent één van de begeleidende leraren. Zou jij de aangekondigde straf toepassen? Stel jij maakt deel uit van de schoolleiding. Wat zou jij de begeleidende leraren aanraden? Stel jij bent één van de ouders. Wat zou jij doen als je hoort dat jouw zoon of dochter op deze manier de regels heeft overtreden?
Over normaal gesproken
12
Hoofdstuk 1
Leren hoe te leven
De groep bepaalt de regels Wanneer je in je eentje zou moeten overleven op een onbewoond eiland, denk je echt niet na over regels of plichten. Je hebt wel wat anders aan je hoofd! Maar wanneer je met een groep op een onbewoond eiland zit, zal het anders zijn. Dan moet je rekening houden met elkaar en zullen er afspraken gemaakt moeten worden. De vraag is natuurlijk: welke afspraken maak je met elkaar? Een dergelijke situatie is het thema van The lord of the flies, een roman van William Golding. Er is ook een Nederlandse vertaling van: Heer der vliegen. William Goldings boek Lord of the Flies werd bekroond met de Nobelprijs voor de literatuur en is verschillende keren verfi lmd.
Lord of the flies Het verhaal van The lord of the flies begint met een vliegtuigongeluk. Een groep Amerikaanse jongens van een military school, in de leeftijd van 7 tot 14 jaar, gaat per vliegtuig terug naar huis. Door een technische storing moet er een noodlanding op een subtropisch eiland worden gemaakt. Die noodlanding verloopt niet goed en de bemanning komt om het leven. Wanneer de jongens hun omgeving onderzoeken, ontdekken ze dat het eiland onbewoond is. Voedsel lijkt er voldoende, want er groeien verschillende eetbare vruchten. Van levensbelang is ook de ontdekking van een beek met drinkwater. De jongens hebben echter één grote vraag: zullen ze ooit gevonden en gered worden? Zolang dat niet het geval is, moeten zij zichzelf zien te redden.
Opdracht 5 Stel dat jij een van de ouderen in zo’n groep bent. Jij denkt met enkele anderen na over wat er gedaan moet worden. Je weet een aantal dingen: • de groep bestaat uit 20 personen, • er is geen volwassene die de leiding neemt, • er is geen onderdak of slaapplaats, • er is wel voedsel, maar je weet niet voor hoe lang, • er moet er iets gedaan worden om gevonden te kunnen worden. Probeer, in groepjes van vier leerlingen, vijf afspraken of regels te bedenken, waaraan iedereen zich moet houden, wil je als groep een tijd kunnen overleven.
Over normaal gesproken
13
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Waarden, normen en moraal In een kleine groep kan het al lastig zijn om afspraken te maken waar ieder zich aan houdt. In een grote, ingewikkelde samenleving is dat nog veel moeilijker. Om te zorgen dat we zo goed mogelijk met elkaar omgaan, hebben we wetten waaraan iedereen zich moet houden. De wetten in ons land zijn niet zomaar door iemand bedacht. Achter al onze wetten zitten ideeën over wat er nodig is voor een goede en rechtvaardige samenleving. Bijvoorbeeld het recht op een menswaardig leven, of het recht op onderwijs of de vrijheid van meningsuiting. Deze ideeën of idealen achter onze wetten en rechten worden aangeduid met het begrip waarden. Onze gedragsregels, in de vorm van wetten en afspraken, hebben als doel om onze gemeenschappelijke waarden in stand te houden of te bereiken. Ze worden de normen voor ons gedrag genoemd. Normen zijn dus leefregels die nodig zijn voor de realisering van bepaalde waarden, zodat we met elkaar kunnen leven in een goede en rechtvaardige samenleving.
Waarden Het begrip waarden heeft verschillende betekenissen. Je kunt bijvoorbeeld waarde toekennen aan een mobieltje, een i-pod, een snelle scooter of een mooi sieraad. Zulke waarden noemen we materiële waarden. Maar je kunt ook waarde toekennen aan immateriële zaken zoals een leuke vakantie, een relatie, een vriendschap of een gezond leven. In dit boek gaat het vooral over morele waarden. Dat zijn immateriële waarden die het goede samenleven van mensen op het oog hebben.
Opdracht 6 In deze opdracht ga je oefenen met de begrippen ‘waarden’ en ‘normen’. In de linkerkolom staan enkele waarden, in de rechter zie je een aantal normen. Probeer nu een norm te formuleren wanneer de waarde is gegeven, en omgekeerd: bedenk een waarde wanneer er een norm is gegeven. De eerste is als voorbeeld afgedrukt. Waarden
Normen
Gelijkwaardigheid van mensen
Het is verboden te discrimineren
Het menselijk leven Je mag geen onwaarheid spreken Rechtvaardigheid Vrijheid Je moet iemand helpen die in nood is Soms moet je je medeleven tonen Gezondheid Zorg voor het milieu
Over normaal gesproken
14
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Het geheel van normen en waarden noemen we vaak kortweg de moraal. Het is in gesprekken of discussies over moraal gebruikelijk om onderscheid te maken tussen individuele moraal en groepsmoraal. Omdat elk mens uniek is, kan hij of zij in bepaalde situaties keuzes maken, die afwijken van wat een ander in zo’n geval zou doen. Zulke individuele, persoonlijke waarden en normen noemen we iemands individuele moraal. Iemand die deel uitmaakt van een groep kan in een bepaalde situatie anders besluiten dan hij of zij voor zichzelf zou doen. De waarden en normen die voor een groep (vrienden, klasgenoten, familie enzovoort) van belang zijn, noemen we een groepsmoraal. Het bestuderen van moraal, van normen en waarden, van menselijk gedrag dat .we met goed of fout kunnen beoordelen, wordt in de wetenschap ethiek genoemd.
Hieronder staat een lijst met wat mensen waardevol kunnen vinden in hun leven. 1 Eerbied hebben voor alles wat leeft. 2 Respect hebben voor andere mensen. 3 In vrede met elkaar samenleven. 4 Een goede gezondheid hebben. 5 Veilig kunnen leven. 6 Vriendschap hebben met anderen. 7 Jezelf en anderen kunnen liefhebben. 8 Sociaal met anderen kunnen omgaan. 9 Je aan bepaalde beleefdheidsvormen houden. 10 Verdraagzaam zijn tegenover anderen.
11 Gelukkig kunnen zijn. 12 Eerlijk zijn in relaties met anderen. 13 Trouw zijn. 14 De waarheid spreken. 15 Jezelf kunnen ontwikkelen. 16 Jezelf kunnen zijn. 17 Anderen willen helpen. 18 Opkomen voor mensen in nood. 19 Zelf verantwoordelijk zijn voor je daden. 20 Jezelf openstellen voor anderen.
Wat vind jij waardevol in situaties waarin je met anderen omgaat? Noem hieronder bij elke situatie drie waarden uit bovenstaande lijst. a
Thuis in het gezin:
b
Bij je vrienden:
c
Samen met je klasgenoten:
d
Met collega’s op je werk:
Over normaal gesproken
3
15
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Op weg naar volwassen gedrag In onze moderne samenleving heb je veel regels en wetten waaraan je je moet houden. Gelukkig hoef je niet over al die wetten na te denken. Met de meeste heb je niet veel te maken, omdat je niet in de situatie bent waarvoor ze gelden. Toch gaat de overheid er vanuit dat iedere burger de wet kent. Niemand kan zich bij een over treding verontschuldigen met “dat wist ik niet”. Iedere Nederlander behoort te weten wat zijn rechten en plichten zijn volgens de wet. Daarom kan het geen kwaad om eens na te gaan welke wettelijke bepalingen er zijn voor jongeren. In teksten hieronder staan voorbeelden van wettelijke bepalingen voor jongeren. Je ziet dat je tussen 12 en 18 jaar ook voor de wet een ontwikkeling doormaakt. Je wordt van een onmondig kind een mondige jonge volwassene. Je krijgt steeds meer verantwoordelijkheden, je wordt steeds zelfstandiger en gaat je leven meer en meer zelf bepalen.
Vanaf je twaalfde jaar mag je: • lid worden van de medezeggenschapsraad op school, • de rechter vertellen bij wie je wilt wonen, als jouw ouders gaan scheiden, • zelf een paspoort aanvragen, als je ouders daarvoor toestemming geven, • zelf meepraten over verdere behandeling als je ziek bent.
Vanaf je vijftiende jaar mag je: • een bijbaantje hebben, zoals een krantenwijk, • het wettelijke minimumloon verdienen, • als je asielzoeker bent, zelf een verblijfsvergunning aanvragen, • zelf bepalen of je wel of niet geadopteerd wilt worden.
Vanaf je zestiende jaar mag je: • een eigen zaak beginnen of voortzetten, • een testament laten maken, • een rijbewijs halen voor een brommer of een tractor, • oefenen voor een vliegbrevet.
Vanaf je achttiende jaar mag je: • trouwen, • stemmen en je verkiesbaar stellen, • je auto- of motorrijbewijs halen, • zelfstandig alle rechtshandelingen verrichten.
Over normaal gesproken
16
Hoofdstuk 1
Leren hoe te leven
Opdracht 8 In de ontwikkeling naar volwassenheid zijn er niet alleen wettelijke bepalingen die iets vastleggen. Ook op andere terreinen zijn er dingen die ouders of opvoeders op een gegeven moment aan jezelf overlaten. Kruis in het onderstaande schema bij de genoemde onderwerpen aan op welke leeftijd je dit voor het eerst mocht of waarschijnlijk zal mogen doen. 11
12
13
14
15
16
17
18
19
20 20+
een middelbare school kiezen een (vakantie)baantje nemen je eigen kleren kopen je vakkenprofi el kiezen je vervolgopleiding bepalen op kamers gaan wonen samenwonen met je vriend(in) zelf weten hoe laat je naar bed gaat zelf weten hoe laat je thuiskomt zelfstandig op vakantie gaan
Volwassen en zelfstandig Rond je achttiende jaar wordt er van je verwacht dat je zelf verantwoordelijk bent voor je gedrag, je standpunten en je keuzes. Je kunt je niet meer achter je ouders verschuilen en de meeste jongeren willen dat ook liever niet meer. Volwassen gedragen is echter niet afhankelijk van een bepaalde leeftijd. Sommige jongeren gedragen zich op hun 17e al volwassen en anderen op hun 30e nog steeds niet. Een volwassen en zelfstandig persoon weet zich in elk geval voor zijn of haar eigen daden verantwoordelijk. In het volgende verhaal kun je hiervan een voorbeeld lezen.
Over normaal gesproken
17
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
Boos komt Wouter thuis. Hij smijt zijn tas in een hoek en gaat zitten. Als zijn moeder vraagt wat er aan de hand is, vertelt hij wat er gebeurd is. Hij reed met zijn scooter over het fi etspad toen er plotseling een kat overstak. Direct week hij uit, maar daarbij schuurde hij met zijn spiegel langs de buitenkant van een auto. Toen hij gestopt was, zag hij dat er een enorme kras op de auto zat. Balen! “Wat heb je toen gedaan?” vroeg zijn moeder. “Ik heb een briefje met mijn naam en telefoonnummer achter de ruitenwisser gedaan.”
Gespreksvragen
• • •
Zou jij hetzelfde hebben gedaan als Wouter? Heeft het achterlaten van dat briefje met volwassenheid te maken? Wat kan er nog meer hebben meegespeeld, dat Wouter dat briefje achterliet?
Van volwassen burgers mag je het volgende verwachten: • Respecteren dat er in een land wetten en regels zijn. Die wetten en regels zijn immers in het belang van de hele samenleving, want anders zou het een chaos worden. • Respecteren dat elk mens rechten heeft. Elk mens in de samenleving heeft een aantal basisrechten. Een volwassene accepteert dat de overheid die rechten van allen beschermt, ook al gaat het soms tegen het eigen belang in. • Inzien dat er naast rechten ook plichten zijn, en die plichten ook nakomen.
4
Moraal in de samenleving In dit hoofdstuk ging het tot nu toe over de morele ontwikkeling van een kind, via puberteit en adolescentie naar volwassenheid. De opvoeding en training in moreel handelen, in een gewetensvol omgaan met elkaar, is een noodzakelijke voorwaarde voor een goede en rechtvaardige samenleving. Morele ontwikkeling houdt echter niet op als je volwassen bent. In een samenleving die steeds verandert en ingewikkelder wordt, raakt iedereen vroeg of laat betrokken bij maatschappelijke discussies. Dit zijn altijd discussies waarin ook morele (ethische) problemen aan de orde komen.
Over normaal gesproken
18
Hoofdstuk 1
Leren hoe te leven
Ethiek, daar heb je eigenlijk elke dag mee te maken. Wij worden op het gebied van normen en waarden dagelijks beïnvloed door de massamedia. Kranten, tijdschriften, radio en televisie laten ons dingen zien en horen die onze mening beïnvloeden en vormen. Politieke of commerciële beelden en teksten doen vaak een beroep op onze morele gevoelens en waarden. Een voorbeeld hiervan is de volgende opdracht.
Opdracht 9 Hieronder zie je verschillende foto's. Bespreek in tweetallen de volgende vraag: Welke morele waarden of gevoelens komen in de foto's naar voren?
1
2
3
4
5
6
Over normaal gesproken
19
Hoofdstuk 1 Leren hoe te leven
De invloed van de informatie- en communicatiemedia op ons morele kiezen en handelen is moeilijk te meten. Op de stroom van informatie die op ons afkomt, hebben we zelf nauwelijks invloed. Wat er in het nieuws komt, wordt bepaald door redacteuren en programmamakers. In die overvloed van informatie, nieuwsfeiten, fi lmbeelden en 'entertainment' worden ons ook normen en waarden voorgeschoteld. We zien bijvoorbeeld in bepaalde populaire programma's hoe mensen dagelijks met elkaar omgaan, hoe ze daarbij tegen elkaar liegen en elkaar bedriegen, soms ook hoe gewelddadig mensen tegen elkaar zijn. Allerlei andere shows willen ons juist laten geloven dat de droom- en glitterwereld van de beeldbuis echt bestaat en je heel gelukkig kan maken. Die morele beïnvloeding kan zich ook op andere manieren voordoen. Bepaalde computerspelletjes maken allerlei soorten 'virtueel' geweld, inclusief moord en doodslag, tot tijdverdrijf en ontspanning. Welke invloed dit heeft op (jonge) mensen en wat de gevolgen zijn voor hun morele handelen en keuzes, is niet precies bekend. Maar dat deze stroom van beelden en informatie effect heeft op ons handelen, is echter wel zeker. 4 augustus 2008 | van onze plaatselijk verslaggever
Thaise student pleegt moord door GTA IV
Thaise winkeliers hebben de distributie van Grand Theft Auto IV stopgezet nadat bekend werd dat een 18-jarige student een taxichauffeur had neergestoken naar aanleiding van deze game. De jongen bekende maandag schuldig te zijn aan de moord en wist zelfs te vertellen dat hij dit deed om een bepaalde scène uit de game na te spelen. De jonge student werd opgepakt toen hij de taxi achteruit een straat in Bangkok probeerde te rijden met de bloedende chauffeur op de achterbank. Volgens de politie heeft de jongen zelf aangegeven de moord te hebben gepleegd door de game GTA IV. “Hij wou er naar eigen zeggen achter komen of het in werkelijkheid net zo makkelijk was om een taxi te beroven als in de game”, aldus hoofdinspecteur Veeravit Pipattanasak. Volgens het Thaise Ministerie van Cultuur is dit voorval een moment om wakker te worden en gewelddadige games in zijn geheel te verbieden. “Het is een tijdbom die is gebarsten en de situatie kan nog erger worden”, zegt Ladda Thangsupachai van het Ministerie. “Vandaag is het een taxichauffeur, morgen kan het de eigenaar van een gameshop zijn.”
Morele keuzes maken Nadenken over morele vraagstukken en keuzes, is van belang als je met anderen in gesprek gaat over moreel gedrag. Zeker als het gaat over het verantwoorden van je daden of van je plannen. Als je bijvoorbeeld tegen de bio-industrie bent of voor het vrijgeven van softdrugs, moet je duidelijk kunnen maken waarom je er voor of er tegen bent. Als je in een discussie niet verder komt dan: “dat vind ik nu eenmaal zo” of “dat doe je toch gewoon niet”, of “dat mag niet van mijn geloof of levensbeschouwing”, dan houdt het gesprek op. In ieder geval komt een dergelijk gesprek niet verder als anderen jouw opvattingen of overtuigingen niet delen.
Over normaal gesproken
20
Hoofdstuk 1
Leren hoe te leven
In een ethische discussie moet je bereid zijn je standpunt met heldere argumenten te verdedigen. In zo’n gesprek is goed luisteren naar elkaar en het stellen van de juiste vragen erg belangrijk. In de volgende opdracht kun je dit ‘morele argumenteren’ oefenen.
Opdracht 10 Lees het volgende verhaal. Probeer daarna met behulp van het argumentatiemodel te komen tot een antwoord op de morele vraag die de hoofdpersoon zich stelt.
Geld stinkt niet... De zestienjarige Peter zit met een probleem. Sinds zijn vijftiende spaart hij voor een scooter, maar het lukt hem maar niet het benodigde bedrag bij elkaar te krijgen. Je weet wel hoe dat gaat: een beetje stappen in het weekend kost al gauw tussen de vijftig en honderd euro. En dan is duizend euro veel geld, als je dat bij elkaar moet sparen van een krantenwijk en een zaterdag werken in de Super. Maar nu krijgt hij de kans van zijn leven! Hij kreeg een tip van een klasgenoot. Die heeft een kennis die een schitterende scooter te koop heeft voor niet zo veel geld. Hij is er meteen op afgegaan en het is een prachtige scooter, precies wat hij zoekt, maar die jongen wil niet zeggen wie de vorige eigenaar is. Toen hij vroeg naar de verzekeringspapieren, naar het onderhoud en hoe oud de scooter was, kreeg hij wat vage antwoorden. Peter krijgt het gevoel dat deze jongen er niet op een eerlijke manier aan is gekomen. De vraag is of hij die scooter wel moet kopen...
Argumentatiemodel Analyseer de situatie door een aantal vragen te beantwoorden.
1
2
3 4 5 6
Wat zijn de feiten? a Welke personen zijn erbij betrokken? b Welke belangen hebben de personen? c Welke omstandigheden kunnen een rol spelen? Wat is het morele probleem? a Welke opvattingen hebben de betrokken personen? b Welke waarden en normen spelen een rol? Welke keuzes kunnen er gemaakt worden? Welke argumenten zijn er voor en tegen deze keuzes? Welke argumenten, en de achterliggende waarden, wegen in deze situatie voor het zwaarst? Wat zou jij doen als je de hoofdpersoon was?
Over normaal gesproken
21
Hoofdstuk 2 Samen willen leven
Hoofdstuk 2
Samen willen leven
De Babbelbank in Gouda: een symbool van ontmoeting en gesprek rondom waarden en normen. De Babbelbank is gemaakt door de kunstenaars Pieter Verkaik en Mirjam Bruijn in april 2003. Aanleiding was de campagne van de Gouden Stadsregels: ‘schoon en opgeruimd’. Om deze reden is de bank grotendeels gemaakt uit afval.
Over normaal gesproken
1
22
Hoofdstuk 2 Samen willen leven
Samenleving en moraal In het vorige hoofdstuk werd duidelijk hoe belangrijk het opvoeden en trainen in moreel handelen is. ‘Jong geleerd oud gedaan’ geldt in sterke mate bij het aanleren van waarden en normen. Bij opvoeden in moreel handelen hoort ook dat er eisen en grenzen aan het gedrag worden gesteld. Een kleine samenleving als een gezin of school is niet leefbaar als iedereen kan doen wat hij of zij zelf wil. Maar hoe werkt dat in de grote samenleving? Worden er ook eisen en grenzen gesteld aan de burgers van een land? Zo ja, wie stelt die dan? Hoe wordt bepaald waar de grenzen liggen? En wat gebeurt er als die worden overschreden? In dit hoofdstuk zullen we zien hoe we in een democratische samenleving als Nederland omgaan met waarden, normen en moraal. Bij dit onderwerp is het van belang dat we het verschil inzien tussen persoonlijke moraal (van de burgers) en gemeenschappelijke moraal (van de hele samenleving).
Persoonlijke moraal Met persoonlijke moraal worden de normen en waarden van een persoon of een groep personen bedoeld. Wanneer het gaat om de normen en waarden van één persoon, dan spreken we ook wel over iemands individuele moraal. Ook in een groep kan een bepaalde moraal heersen, bijvoorbeeld in een klas, in een scoutinggroep, bij een geloofsgroepering of bij een sportclub. We spreken in zo'n geval van een groepsmoraal. Zowel de individuele moraal als de groepsmoraal worden beide tot de persoonlijke moraal gerekend. Het kenmerkende van elke persoonlijke moraal is, dat die voor een beperkt aantal mensen geldt en niet algemeen aan anderen mag worden voorgeschreven. Iemand kan bijvoorbeeld uit persoonlijke overtuiging vegetariër zijn, of kosjer voedsel willen eten, of een hoofddoek willen dragen. Dat mag. Niemand kan hem of haar dat verbieden. Iemand is vrij om zijn houding, zijn gedrag en de keuzes die hij in het leven maakt te baseren op geloof of levensovertuiging. Ouders kunnen in de opvoeding van hun kinderen een persoonlijke moraal overdragen op hun kinderen. Maar deze zelfgekozen of door de groep bepaalde regels mogen niet aan 'buitenstaanders' worden opgelegd.
Welke subculturen kun je hier ontdekken?
Over normaal gesproken
23
Hoofdstuk 2
Samen willen leven
Gemeenschappelijke moraal Met gemeenschappelijke moraal worden de normen en waarden bedoeld, die de burgers van een land er gezamenlijk op nahouden. Tot de gemeenschappelijke moraal in Nederland behoren bijvoorbeeld waarden die Nederlanders belangrijk vinden, zoals vrijheid, tolerantie, solidariteit en rechtvaardigheid. Onze gemeenschappelijke ideeën en waarden vormen de basis voor onze Grondwet en voor de wetten en regels die daarvan zijn afgeleid. Het doel van deze wetgeving is, een goede en rechtvaardige samenleving op te bouwen en in stand te houden. Om dat doel te bereiken hebben alle burgers in de Nederlandse samenleving de plicht zich te houden aan de vastgelegde regels en wetten. Er zijn ook morele regels die niet in wetten zijn vastgelegd. Bijvoorbeeld dat je niet moet pesten of liegen en dat je respect behoort te hebben voor oudere mensen. Deze normen liggen niet vast in wetten en op overtreding staat geen boete. Toch horen ze bij onze gemeenschappelijke moraal, omdat de meeste Nederlandse burgers deze omgangsnormen met elkaar delen.
Botsende normen Stel nu dat je vanuit je persoonlijke overtuiging het niet eens bent met bepaalde wetten of regels? Je bent bijvoorbeeld pacifi st en je wilt niet dat het door jou betaalde belastinggeld aan het kopen van nieuwe gevechtsvliegtuigen wordt besteed. Mag je dan een beetje minder belastinggeld betalen en het bedrag dat je achterhoudt bijvoorbeeld schenken aan een goed doel? Een ander voorbeeld: je bent ambtenaar van de burgerlijke stand en op grond van je geloofsovertuiging ben je tegen het sluiten van een homohuwelijk. Moet je je in die functie toch houden aan de regels van onze gemeenschappelijke moraal? Of kun je een beroep doen op 'gewetensbezwaren' en als ambtenaar vrijgesteld worden van het sluiten van homohuwelijken?
Ambtenaren weigeren huwelijk homo’s en lesbo’s In sommige gemeenten zijn er nog steeds ambtenaren die weigeren om een huwelijk tussen twee mannen of twee vrouwen te sluiten. Dat blijkt uit een onderzoek van het COC Zwolle, dat de belangen behartigt van homo’s en lesbiennes. De reden van de weigering is van godsdienstige aard. De oplossing die er voor dit probleem gekozen wordt, is vrij eenvoudig: als een ambtenaar weigert, dan zoekt men een andere ambtenaar die geen gewetensbezwaren heeft om het huwelijk te voltrekken.
Gespreksvraag
Wat vind je van de oplossing waar, volgens dit artikel, sommige gemeenten voor hebben gekozen?
Over normaal gesproken
24
Hoofdstuk 2 Samen willen leven
Opdracht 1 Hieronder staan twintig uitspraken. Ze behoren tot de persoonlijke moraal (P) of tot de gemeenschappelijke moraal (G). Schrijf een P of een G voor de zinnen.
1 Abortus is moord en moet wettelijk verboden zijn.
2 Iedere burger heeft de plicht om belasting te betalen.
3 Ik ben pacifist en heb daarom geen cent over voor defensie.
4 Vóór het huwelijk behoor je niet met elkaar naar bed te gaan.
5 Het is goed dat we jaarlijks op 4 mei de nationale dodenherdenking houden.
6 Homoseksuelen mogen voor de wet met elkaar trouwen.
7 Vrouwen horen niet buitenshuis te werken zolang er thuis voor de kinderen gezorgd moet worden.
8 Aan kinderen onder de zestien jaar mogen geen alcoholische dranken worden verkocht.
9 Voor een zieke buurvrouw behoor je boodschappen te doen.
10 Het luiden van een kerkklok op zondagmorgen zou verboden moeten worden.
11 De koningin moet zich, net als iedere Nederlandse staatsburger, aan de wet houden.
12 Godsdienstvrijheid zou in Nederland ingeperkt moeten worden.
13 Leden van het Dierenbevrijdingsfront die pelsdieren uit hun hokken loslaten, moeten veroordeeld worden.
14 Dak- en thuislozen horen in Nederland opgevangen te worden.
15 Zondags horen de winkels gesloten te blijven.
16 Gevallen van kindermishandeling behoor je te melden.
17 Belasting ontduiken mag, want heel veel mensen doen het.
18 Ouders mogen hun kinderen slaan als het nodig is.
19 Vanaf veertien jaar ben je verplicht buitenshuis een identificatiebewijs bij je te hebben.
20 Niemand in Nederland mag gemarteld worden.
Over normaal gesproken
25
Hoofdstuk 2
Samen willen leven
Overheid en moraal In de Grondwet staan alle grondrechten en vrijheden van de burgers beschreven. De overheid beschermt onze gemeenschappelijke moraal door het handhaven van regels en wetten en door overtredingen te bestraffen. Maar de overheid kan dat niet alleen. Overheid en burgers zijn samen verantwoordelijk voor de naleving van die moraal. Het gaat immers om een belangrijk gemeenschappelijk doel: een goede en rechtvaardige samenleving. Daarom hebben de burgers van Nederland niet alleen rechten, maar ook plichten. Allereerst natuurlijk de plicht om je aan de wetten en regels te houden, waarin die gemeenschappelijke moraal tot uitdrukking komt. Maar de burgers hebben ook plichten die rechtstreeks te maken hebben met die goede en rechtvaardige samenleving. Zo is er bijvoorbeeld een meldplicht voor mensen die getuige zijn van vernieling van andermans spullen of van mishandeling van een medeburger. Elke Nederlandse burger is persoonlijk medeverantwoordelijk voor de handhaving van de gemeenschappelijke moraal.
De maatschappij dat ben jij "Je kunt tegenwoordig zonder enige reden in elkaar geslagen worden op straat", zegt de buurman, en hij roert nog eens in z'n koffi e. "Van mijn zoon zijn al vier fi etsen gejat. Ik moet hem tegenhouden om z'n volgende fi ets niet zelf te gaan stelen." De buurvrouw valt hem bij: "Ik word elke dag weer somber als ik de krant lees. Weet je wat het is? De mensen zijn alleen nog maar met zichzelf en hun carrière bezig. We leven in een maatschappij waarin we niks meer voor elkaar over hebben." Gelukkig gaat ze toch nog een keer met de koekjes rond. "We leven in een maatschappij waarin we niks meer voor elkaar over hebben!" Is dat waar? Zo'n 400.000 mensen geven een paar keer per jaar bloed, waarmee duizenden zieken geholpen en honderden mensenlevens gered worden. In 7.000 Nederlandse gezinnen vinden jaarlijks 20.000 pleegkinderen de warmte van een nieuw, ouderlijk huis. Vorig jaar gaven we ruim 1 miljard euro aan goede doelen. Het geld kwam voor een deel uit het bedrijfsleven en voor het grootste deel uit de portemonnee van de gewone Nederlandse burger. Honderdduizenden mannen en vrouwen werken als vrijwilliger in onze verzorgings- en verpleeghuizen. Ze gaan wandelen met gehandicapten, organiseren bingoavonden of nemen de bewoners mee naar de kerk. In heel Nederland zijn miljoenen vrijwilligers actief. Ze repareren de schommel van de speeltuinvereniging, trainen zesjarige voetballertjes of zijn leesouder op de basisschool. Eén ding doen we bijna allemaal. In 2008 betaalden we met elkaar 182 miljard euro aan belasting. We doen dat misschien niet voor ons plezier, wél omdat we ooit met elkaar hebben afgesproken in een beschaafd land te willen wonen. Een land waarin kinderen onderwezen, zieken verpleegd en bejaarden verzorgd worden. "Onze maatschappij verhardt, verkilt en verloedert", zei de buurvrouw die avond en niemand sprak haar tegen.
van horen zeggen
Over normaal gesproken is een serie lessen over normen, waarden en moraal, bedoeld voor gebruik in klas 4 of 5 havo/vwo. Het boek gaat in op de ontwikkeling van moreel besef bij jongeren door opvoeding en onderwijs. Het behandelt ook een aantal ethische kwesties in onze samenleving, waarin verschillende culturen en godsdiensten bronnen zijn voor moreel gedrag van mensen. In het laatste hoofdstuk komen enkele filosofisch-ethische stromingen aan de orde. Over normaal gesproken is onderdeel van de lesmethode Van horen zeggen voor het vak godsdienst / levensbeschouwing in het voortgezet onderwijs.
van horen zeggen
Over normaal gesproken
Ethiek voor bovenbouw havo/vwo 9042539365_omslag.indd 1
01-02-2010 15:18:18