Skip to main content

Examenbundel_26-27_Economie_vmbo-gt_9789006139129

Page 1


Slim leren, zeker slagen

Wil jij slim leren, zeker slagen?

Examenbundel

Oefen met echte examenopgaven per onderwerp en met complete examens. In het boek en online.

Oefenen, oefenen, oefenen

Uitleg b� de antwoorden

Oriëntatietoets geeft aan hoe je ervoor staat

Examenidioom

Speciaal voor de examens Duits, Engels en Frans.

Een grote woordenschat zorgt voor beter tekstbegrip

Duidel� ke voorbeeldzinnen

Ook voor de schoolexamens

Samengevat

De perfecte samenvatting om je voor te bereiden op je examen.

Zo leer je precies wat je moet weten.

Complete examenstof

R� tjes en defi nities

Geen lappen tekst

Zeker Slagen!

Zo leer je efficiënter leren.

J e leert hoe je moet leren

Hulp b� plannen

Je kr� gt zelfi nzicht en zelfvertrouwen

examen bundel

Economie

Colofon

Auteur

Paula M. Leideritz

Redactie

Meynen Tekstadvies, Enschede

Omslagontwerp

Studio Fabienne, Hoevelaken

Vormgeving

Studio Michelangela, Utrecht

Opmaak

Crius Group, Hulshout

Over ThiemeMeulenhoff

ThiemeMeulenhoff is een educatieve uitgeverij die zich inzet voor het voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs. De mensen van ThiemeMeulenhoff zijn er voor onderwijsprofessionals ­ met ervaring, expertise en doeltreffende leermiddelen. Ontwikkeld in doorlopende samenwerking met de mensen in het onderwijs om samen het onderwijs nog beter te maken.

We ontwikkelen lesmethodes die goed te combineren zijn met andere leermiddelen, naar eigen inzicht aan te passen en bewezen effectief zijn. En natuurlijk worden al onze lesmethodes zo duurzaam mogelijk geproduceerd.

Zo bouwen we samen met de mensen in het onderwijs aan een mooie toekomst voor de volgende generatie. Samen leren vernieuwen.

www.thiememeulenhoff.nl

Boek ISBN 978 90 06 17806 7

Pakket ISBN 978 90 06 13912 9 Editie 1, druk 1, oplage 1, 2026

© ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2026

Alle rechten voorbehouden. Tekst­ en datamining, AI­training en vergelijkbare technologieën niet toegestaan. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie­ en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting­pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl.

De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.

Deze uitgave is volledig CO2­neutraal geproduceerd.

ClimatePartner certified product climate-id.com/YI43H3

CO2 measure reduce contribute

Zo werk je met deze Examenbundel

De eerste stap om vol vertrouwen je examen voor dit vak in te gaan heb je gezet!

Deze Examenbundel is namelijk de beste voorbereiding, omdat je oefent met echte examenopgaven. Kijk hoe het werkt.

De indeling van het boek

Je Examenbundel bestaat uit verschillende delen:

• Deel 1 – Oriëntatietoets: krijg snel een eerste indruk hoe je scoort op de verschillende examenonderwerpen.

• Deel 2 – Oefenen op onderwerp: oefen gericht met examenopgaven over de onderwerpen die jij lastig vindt.

• Deel 3 – Examens met uitwerkingen: oefen met hele examens met heldere uitleg van onze ervaren examendocenten.

• Deel 4 – Examen 2026-I: doe de generale repetitie voor het echte examen. De antwoorden en uitwerkingen staan op mijnexamenbundel.nl.

Uitwerkingen

Kijk de vragen na met de uitwerkingen. Daarin staat het juiste antwoord. Maar belangrijker: je krijgt duidelijke uitleg waaróm dit het juiste antwoord is en hoe je daar komt.

Zo oefen je én leer je tegelijk!

Online oefenen met Mijn Examenbundel

Bij dit boek hoort een online omgeving: mijnexamenbundel.nl. Het boek en Mijn Examenbundel werken met elkaar samen.

Boek

Maak de balans op

• oriëntatietoets maken

• hele examens maken

Leren en oefenen

Ook handig

• examenopgaven oefenen per onderwerp

Mijn Examenbundel

• nakijken oriëntatietoets

• nakijken hele examens

Je scores worden bewaard!

• uitlegvideo’s per onderwerp

• extra examenopgaven per onderwerp

Je ziet je voortgang!

• onderwerpregister

• overzicht van de examenstof

• quickscan

• examentips

Alle belangrijke info bij elkaar!

Om optimaal gebruik te maken van boek én website, verwijst het boek op handige plekken naar mijnexamenbundel.nl

Voorbeeld:

Mijn Examenbundel

Wil je weten hoe je de toets hebt gemaakt? De antwoorden staan op mijnexamenbundel.nl. Vul je punten in en bekijk je score per onderwerp. Je scores worden bewaard.

Activeer direct je code voor Mijn Examenbundel

Ga nu naar mijnexamenbundel.nl en maak meteen je account aan. Met de activatiecode die je per mail hebt ontvangen of via de ELO van je school, heb je toegang tot alle extra’s die bij je boek horen.

Gebruik ook Samengevat

Wil jij je nóg beter voorbereiden op het eindexamen? Combineer Examenbundel dan met Samengevat - alle examenstof kort en bondig in één boek.

Heel veel succes!

Namens team Examenbundel heel veel succes met je examens! #ikgazekerslagen #geenexamenstress

Heb je een vraag of opmerking over deze Examenbundel? Ga dan naar examenbundel.nl/contact.

Opmerking

De overheid stelt de regels op voor het examen. Bijvoorbeeld wat de examenonderwerpen zijn, welke hulpmiddelen je mag gebruiken en wanneer het examen is. De auteurs en uitgever hebben deze Examenbundel met grote zorg samengesteld. Soms veranderen de regels van de overheid echter of worden er nieuwe afspraken gemaakt over wat die regels betekenen. Raadpleeg daarom altijd je docent of onze website www.examenbundel.nl voor actuele informatie die voor jouw examen van belang is.

Zo werk je met deze Examenbundel 3

DEEL 1 ORIËNTATIETOETS

Oriëntatietoets 1: Domeinen

Consumptie, Arbeid en Productie en Internationale ontwikkelingen 8

Oriëntatietoets 2: Domein Overheid en Verrijkingsstof 16

DEEL 2 OEFENEN OP ONDERWERP

1 Consumptie

1.1 Consumptiegedrag, keuzes, betalen en geld

1.2 Inkomensverschillen

1.3 Inkomen, budgetteren en financieren

2 Arbeid en productie

2.1 Produceren en het bedrijfsleven

2.2 Arbeidsmarkt en werkgelegenheid

3 Internationale ontwikkelingen

4 Verrijkingsstof, inclusief Overheid en bestuur

Examen 2025-II

BIJLAGEN

Cijferbepaling

ORIËNTATIETOETS

Hoe zou je het nu al doen op een examen?

De oriëntatietoets geeft je een eerste indruk.

Orientatietoets 1

Domeinen Consumptie, Arbeid en Productie en Internationale ontwikkelingen

Opgave 1 – Snel terugverdiend?

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebronnen 1 en 2.

Snel terugverdiend?

informatiebron 1 offerte Energieservice bv

informatiebron 6 offerte Energieservice bv

ENERGIESERVICE bv

Geachte heer/mevrouw Van Binsbergen,

Naar aanleiding van ons gesprek ontvangt u hier bij de offerte voor de aanpassingen aan uw woning.

Na deze aanpassingen ontvangt uw woning het energielabel B (Uw huidige energielabel is F . )

omschrijving aantal prijs per eenheid btw prijs exclusief btw gevelisolatie25 m2

dakisolatie

totale kosten exclusief btw:€ 6.400 ***decemberactie******decemberactie******decemberactie***

Op de loonkosten is nog het lage bt w-percentage van 6% van toepassing. U ontvangt van ons 25% korting op de totaalprijs inclusief btw. ***decemberactie******decemberactie******decemberactie***

Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend,

Dhr. P. de Swart Energieservice bv

bijlage: overzicht energielabels en energiekosten van uw woningtype

1p 3p 2p

informatiebron 2 overzicht energielabels en energiekosten

energie-label energiekost per jaar comfort-behaaglijksfactor

Nieuwbouwwoningen zijn tegenwoordig goed geïsoleerd. Dat geldt vaak niet voor oudere, bestaande woningen. Bij oudere woningen kan isolatie van de woning zorgen voor een grote besparing op de energierekening.

De familie Van Binsbergen woont in een oude woning in de binnenstad van Utrecht. Er zijn nog maar weinig aanpassingen aan de woning gedaan, waardoor de energierekening hoog is. De familie Van Binsbergen heeft diverse offertes opgevraagd voor de isolatie van de woning. De offerte van Energieservice bv bleek het meestvoordelig.

1 Van welke functie van geld is sprake wanneer de familie Van Binsbergen diverse offertes opvraagt?

A rekenmiddel

B ruilmiddel

C spaarmiddel

Gebruik informatiebron 1.

2 Bereken de kosten van het isoleren van de woning, inclusief btw, als de familie Van Binsbergen de offerte in december ondertekent. Schrijf je berekening op.

Gebruik informatiebron 2.

3 Energieservice bv heeft bij de offerte een handig overzicht meegestuurd met energielabels en bijbehorende energiekosten.

→ Bereken het maandelijkse voordeel op de energiekosten wanneer de familie Van Binsbergen besluit de woning aan te passen van energielabel F naar energielabel B. Schrijf je berekening op.

Opgave 2 – Krimpflatie

Liefhebbers van de Toblerone chocoladereep voelen zich bekocht.

In 2016 bleef de prijs van de reep gelijk, maar het gewicht van een grote Toblerone-reep van € 8 daalde van 400 naar 360 gram.

4 Bereken de procentuele prijsstijging per gram van de nieuwe Toblerone-reep. Schrijf je berekening op.

5 Consumenten twitterden tevergeefs over deze verkooptruc van Toblerone.

→ Noem een manier waarop consumenten zich kunnen verweren tegen een te grote macht van producenten.

6 Econoom Peter de Waard zegt: “Zo’n verkooptruc noemen economen krimpflatie.”

Wat houdt krimpflatie volgens economen in?

A De prijs per product blijft gelijk en de prijs per gram product daalt.

B De prijs per product blijft gelijk en de prijs per gram product stijgt.

C De prijs per product stijgt en de prijs per gram product blijft gelijk.

D De prijs per product stijgt en de prijs per gram product stijgt.

7 Algemeen wordt aangenomen dat producten met een hoog suikergehalte, zoals chocolade, slecht zijn voor de gezondheid.

Toblerone verdedigt zijn bedrijfsbeleid dan ook door te wijzen op een voordeel voor de samenleving.

→ Noem een voordeel van Toblerones bedrijfsbeleid voor de samenleving.

Opgave 3 – Looneisen

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 3.

informatiebron 3 schatting van een deel van de financiële gegevens van Ali & Co in 2018

omzet

inkoopwaarde omzet

nettowinst

aantal werknemers

gemiddelde loonkosten per werknemer

€ 2.700.000

€ 1.700.000

€ 175.500

10

€ 48.000 2p 1p

Ali heeft samen met zijn vader een bouwbedrijf: Ali & Co.

Ze doen verbouwingen aan bestaande woningen en bedrijfspanden.

8 Ali en zijn vader zijn beiden eigenaar van het bedrijf. Aan het eind van het jaar verdelen ze de winst. Over deze winst betalen ze beiden inkomstenbelasting in box 1. Welke ondernemingsvorm heeft Ali & Co?

A besloten vennootschap (bv)

B naamloze vennootschap (nv)

C stichting

D vennootschap onder firma (vof)

Gebruik informatiebron 3.

9 Ali heeft de verwachtingen voor 2018 op papier gezet.

→ Bereken de verwachte bedrijfskosten van Ali & Co voor 2018. Schrijf je berekening op.

Op nu.nl komt Ali dit krantenartikel tegen:

Vakbonden stellen forse looneisen

De tijd dat werknemers bescheiden looneisen bij de cao- onderhandelingen stellen, is voorbij volgens voorzitter Piet Fortuin van vakbond CNV.

De prijs van een verbouwing kan, ondanks een stijging van de loonkosten, gelijk blijven als de arbeidsproductiviteit gaat …(1)… (dalen / stijgen). Ali wil dit bereiken door …(2)… (meer / minder) kapitaalintensief te gaan produceren. Daardoor hoeven de …(3)… (afschrijvingen op machines / investeringen in kapitaal / loonkosten per eenheid product) niet te stijgen. 1p 1p 2p 2p

Fortuin: “In 2018 zullen we loonsverhogingen eisen van minstens 4 procent per jaar, vooral in de sectoren waar het goed gaat, zoals in de bouwsector.”

“Het is leuk dat het goed gaat in mijn sector, maar dit gaat ons flink geld kosten”, zegt Ali. Als de loonkosten in 2018 bij Ali & Co stijgen, zal ook de nettowinst veranderen.

Gebruik informatiebron 3.

10 Ali rekent op een stijging van de loonkosten met 4%.

→ Bereken de verwachte nettowinst van Ali & Co in 2018 na de verhoging van de loonkosten met 4%. Schrijf je berekening op.

11 Ali & Co concurreert flink met bouwbedrijven uit de omgeving. Om die reden wil Ali proberen om zijn prijzen weinig te laten stijgen, ondanks die verwachte loonstijging.

→ Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

2p

2p

naar: CBS

Opgave 4 – Koopkracht en inkomensverdeling

informatiebron 9

Procentuele verandering nominale lonen en inflatie

informatiebron 4 procentuele verandering nominale lonen en inflatie

%

3,5 3,0 2,5 2,0 1,5 1,0

0,5

0,0 nominale loneninflatie

Gebruik informatiebron 4.

12 Jasmina ziet in de krant een diagram staan en heeft geleerd dat je de koopkracht van de lonen moet berekenen met een indexcijfer. Ze gaat aan de slag. Welke uitkomst is de juiste?

Afronden op 1 decimaal. Berekening laten zien!

Het indexcijfer van de koopkracht luidt:

A 100,5

B 102,5

C 103

D 99,5

E 97,1

F 97,6

GT-0233-a-15-1-b 7 / 8 lees verder ►►►

13 Tijdens een economie les wordt over de inkomensverdeling van Nederland gesproken en bekijken leerlingen van klas 4TL onderstaande Lorenzcurve van Nederland. informatiebron 5

Tijdens een economieles wordt over de inkomensverdeling van Nederland gesproken en bekijken leerlingen van klas 4TL onderstaande Lorenzcurve van Nederland.

inkomen in % van het totaal

aantal inkomensontvangers in % van het totaal Gebruik bovenstaande Lorenzcurve.

2p 5 Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden of getallen die tussen haakjes staan.

Hoe dichter de Lorenzcurve bij de diagonaal ligt, hoe …(1)… (gelijker / ongelijker) de inkomensverdeling is.

Gebruik informatiebron 5.

Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen. Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden of getallen die tussen haakjes staan.

• Hoe dichter de Lorenzcurve bij de diagonaal ligt, hoe …(1)… (gelijker / ongelijker) de inkomensverdeling is.

• De 10% personen met de laagste inkomens verdienen …(2)… (4% / 9% / 20%) van het totale inkomen.

• De 10% personen met de hoogste inkomens verdienen …(3)… (25% / 75% / 90%) van het totale inkomen.

Opgave 5 – Texels werk

14 Op Texel behoren 7.500 personen tot de actieve beroepsbevolking. Van deze beroepsbevolking werkt 75% in de toeristische sector. Vier van de tien werknemers in de toeristische sector werkt in deeltijd.

→ Bereken het aantal eilandbewoners in de toeristische sector, dat werkzaam is in deeltijd. Schrijf je berekening op.

Bart werkt bij een schapenboerderij. Schapenhouderij is de tweede grote bron van inkomsten op Texel. De verkoop van schapenkaas, schapenvachten en andere schaap-gerelateerde producten zorgt voor inkomsten uit de schapenhouderij. De schapenboerderij waar Bart werkt, heeft maatregelen genomen om de arbeidsproductiviteit te verhogen.

15 Bart verwacht dat hij door de verhoging van de arbeidsproductiviteit werkloos wordt.

→ Leg uit dat een hogere arbeidsproductiviteit kan leiden tot Barts werkloosheid.

16 Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

Er is sprake van werkloosheid als de vraag naar arbeid …(1)… (groter / kleiner) is dan het aanbod van arbeid. Werkloosheid die ontstaat ten gevolge van een wijziging van de manier van produceren, noemen we …(2)… (conjuncturele / structurele) werkloosheid.

Opgave 6 – Ontwikkelingshulp en werkgelegenheid

17 Nederland geeft een vast percentage van het nationaal inkomen als ontwikkelingshulp. Er is een discussie op gang gekomen tussen twee klasgenoten.

Halbe vindt het beter een vast bedrag per jaar te besteden aan ontwikkelingshulp.

Jesse is het daar niet mee eens. Hij zegt: “Een vast percentage van het nationaal inkomen is bij economische groei op termijn voordeliger voor de ontwikkelingslanden dan een vast bedrag aan ontwikkelingshulp.”

→ Leg de mening van Jesse uit.

18 De Wereldhandelsorganisatie probeert vrijhandel te bevorderen. Volgens de handelsorganisatie zorgt vrijhandel voor een grotere welvaart.

Blue Vision is een Nederlandse producent van televisies. De directeur van Blue Vision is niet helemaal overtuigd van de voordelen van vrijhandel. Hij zegt: “Door afschaffing van protectie zal de werkgelegenheid in Nederland misschien afnemen. Maar het is ook mogelijk dat de werkgelegenheid in Nederland zal toenemen.”

→ Leg de bewering van de directeur van Blue Vision uit.

Doe het zo:

Neem onderstaande zinnen over en vul ze aan.

Door het afschaffen van protectie: kan de werkgelegenheid in Nederland afnemen, omdat … . kan de werkgelegenheid in Nederland toenemen, omdat… .

Opgave 7 – Zwitserland en Oostenrijk

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 6.

informatiebron 6 economische gegevens van Zwitserland en Oostenrijk

Zwitserland Oostenrijk

nationaal inkomen in € miljard

nationaal inkomen in € per hoofd van de bevolking

Fidela houdt van skivakanties. Soms naar Oostenrijk en soms naar de Zwitserse Alpen. Zwitserland is geen lid van de Europese Unie (EU) en heeft toch het hoogste inkomen per hoofd van de bevolking. Oostenrijk is wel lid van de EU. Fidela vergelijkt een aantal gegevens.

Gebruik informatiebron 6.

19 Bereken in procenten hoeveel het nationaal inkomen per hoofd van de bevolking in Zwitserland hoger is dan in Oostenrijk.

Zwitserland, een land met een hoge exportquote, heeft een open economie.

Gebruik informatiebron 6.

20 Bereken de exportquote van Zwitserland. Schrijf je berekening op.

Gebruik informatiebron 6.

21 Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

De ruilvoet bedraagt in Zwitserland 98,2. Een ruilvoet van 98,2 is een …(1)… (ruilvoetverbetering / ruilvoetverslechtering) ten opzichte van het basisjaar. Dat betekent dat een land …(2)… (meer / minder) producten moet exporteren om eenzelfde hoeveelheid goederen te kunnen importeren.

Een stijging van de wisselkoers van de Zwitserse Frank (CHF) zou kunnen leiden tot een …(3)… (ruilvoetverbetering / ruilvoetverslechtering) voor Zwitserland.

Mijn Examenbundel

Wil je weten hoe je de toets hebt gemaakt? De antwoorden staan op mijnexamenbundel.nl. Vul je punten in en bekijk je score per onderwerp. Je scores worden bewaard.

1p

Oriëntatietoets 21)

Domein Overheid en Verrijkingsstof

Opgave 1 – Tv-generatiekloof

De programma’s op de Nederlandse televisie worden uitgezonden door publieke omroepen en commerciële omroepen. Publieke omroepen worden gefinancierd door de overheid en commerciële omroepen hebben winst maken als doel. Er zijn zes landelijke, publieke omroepen, waarvan AVROTROS en BNNVARA de twee grootste zijn.

1 Van welke marktvorm is er sprake bij de publieke omroepen?

A van monopolie

B van monopolistische concurrentie

C van oligopolie

D van volkomen concurrentie

1p

2 De commerciële omroepen ontvangen inkomsten uit reclame. De publieke omroepen hebben inkomsten uit reclame en inkomsten van de Nederlandse overheid. Er ging in 2018 € 800 miljoen belastinggeld naar de publieke omroepen.

→ Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

De inkomsten die de publieke omroepen ontvangen van de Nederlandse overheid zijn …(1)… (heffingen / subsidies). De publieke omroepen zijn een onderdeel van de …(2)… (collectieve / private) sector.

noot 1 Dit deel is alleen bedoeld voor leerlingen die examen doen in vmbo economie voor de gemengde en theorietische leerweg.

B eeld & G eluid in Hilver s um

Opgave 2 – Zorgen om inflatie

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 1.

informatiebron 1 CPI november 2021

uitgave-categorie

De inflatie in Nederland is in november 2021 gestegen naar 5,6%. Dat is het hoogste niveau in 40 jaar. Economen maken zich daarover zorgen.

3 Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

Inflatie wordt ook omschreven als de algemene ...(1)… (prijsdaling / prijsstijging) van goederen en diensten in een land. Gevolg daarvan is dat de waarde van het geld …(2)… (daalt / stijgt).

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) berekent het consumentenprijsindexcijfer (CPI), dat als inflatiecijfer wordt gebruikt.

Het gezin Sitalsing maakt zich zorgen om de inflatie, omdat hun uitgaven heel anders zijn dan bij een gemiddeld gezin.

Gebruik informatiebron 1.

4 Een gemiddeld gezin had in november 2021 een CPI van 105,22.

→ Bereken het gewogen prijsindexcijfer van de familie Sitalsing. Schrijf je berekening op.

5 De familie Sitalsing heeft behoorlijk wat spaargeld. Inflatie is ongunstig voor spaarders.

→ Leg uit dat inflatie ongunstig is voor spaarders.

6 Inflatie kan ook gevolgen hebben voor de koopkracht van de familie Sitalsing.

In welke situatie zal de koopkracht van de familie Sitalsing stijgen ten opzichte van het vorige jaar?

A als de nominale loondaling in procenten hoger is dan de inflatie

B als de nominale loonstijging in procenten hoger is dan de inflatie

C als de nominale loonstijging in procenten lager is dan de inflatie

2p 1p

Opgave 3 – Rijker of armer na Prinsjesdag?

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 2 en 3.

informatiebron 2 hoogte AOW-uitkering geïndexeerd, basisjaar = 2014

jaar indexcijfer

2014 100

2015 101

2016 102

2017 105

informatiebron 3 belasting in box 3 vanaf 2017

schijf belast vermogen deel van belast vermogen belastingtarief over dit deel

1 € 0 – € 75.000 67% van het belast vermogen 1,63% 33% van het belast vermogen 5,5%

2 € 75.001 – € 975.000 21% van het belast vermogen 1,63% 79% van het belast vermogen 5,5%

3 € 975.001 en hoger 100% van het belast vermogen 5,5%

Gé en Arie Temmes praten, op de dag na Prinsjesdag 2016, over de plannen van de regering.

Gé en Arie ontvangen beiden een AOW-uitkering.

7 Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

De AOW-uitkering is een …(1)… (particuliere / sociale) verzekering en behoort tot de … (2)… (volksverzekeringen / werknemersverzekeringen). De AOW wordt betaald uit …(3)… (belastingen / sociale premies).

De regeringsplannen hebben gevolgen voor diverse groepen in de samenleving. Gé en Arie zijn vooral geïnteresseerd naar de gevolgen voor hun koopkracht.

8 Welk verschijnsel of welke verschijnselen bepalen de ontwikkeling van de koopkracht?

A verandering inkomen

B verandering inkomen en verandering van de prijzen

C verandering prijzen

D verandering prijzen en wisselkoersen

9

Het bedrag van een AOW-uitkering stijgt in 2017, terwijl de verwachte inflatie voor 2017 uitkomt op 0,6%. Daardoor verandert in 2017 de koopkracht van een AOW-uitkering.

Gebruik informatiebron 2.

Bereken in één decimaal de procentuele verandering van de koopkracht van een AOWuitkering in 2017. Gebruik indexcijfers en schrijf je berekening op.

Arie wordt niet vrolijk van de regeringsplannen: “En dan krijg ik vanaf 2017 ook nog te maken met progressieve vermogensrendementsheffing (VRH) in box 3.”

Gebruik informatiebron 3.

10 Leg uit dat er vanaf 2017 sprake is van een progressief tarief in box 3.

11 Gé zegt tegen Arie: “Ik vind het goed dat de vermogens in Nederland meer genivelleerd worden. Belasting betalen over je vermogen naar draagkracht, prima.”

→ Leg het beginsel ‘belasting betalen over je vermogen naar draagkracht’ uit.

Opgave 4 – Hoogwater in Nederland

Drinkwater is in Nederland ruim voorradig, met een goede kwaliteit en voor een lage prijs. Wereldwijd, en ook in Nederland, is de vraag naar drinkwater enorm gestegen. Het wordt steeds moeilijker om aan die gestegen vraag te voldoen.

12 Leg uit dat drinkwater een economisch schaars goed is.

In 2011 is het Deltaprogramma aangenomen door het parlement. Het doel daarvan is de huidige inwoners en de toekomstige generaties van Nederland te beschermen tegen hoogwater. Verder moet het Deltaprogramma ervoor zorgen dat er voldoende zoet water beschikbaar is in de komende decennia. Het Deltaprogramma is een nationaal programma. Het Deltaprogramma gaat in totaal € 16,572 miljard kosten. Gedurende de 14-jarige looptijd wordt het programma elk jaar in de Rijksbegroting aangeboden aan het parlement.

13 Bereken in hele euro’s hoeveel euro er gemiddeld per jaar gedurende de looptijd van het programma moet worden gereserveerd op de Rijksbegroting. Schrijf je berekening op.

14 Politici hebben verschillende meningen over de financiering van het Deltaprogramma. → Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

Politicus Jack van der Zee zegt: “Het Deltaprogramma zal hoofdzakelijk gefinancierd moeten worden door de collectieve sector. Niet elke Nederlander profiteert evenveel van de ‘droge voeten’ in het Deltaprogramma. Maar toch moet iedereen hieraan in gelijke mate meebetalen. Daarom kies ik voor het …(1)… (profijtbeginsel / solidariteitsbeginsel). Het …(2)… (gelijkheidsbeginsel / profijtbeginsel) toepassen wil ik dus niet.”

15

Opgave 5 – Uitgeven, uitgeven en nog eens uitgeven

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 4 en 5.

informatiebron 4 begrotingsregels van de EU

overheidsschuld mag maximaal 60% van het nationaal inkomen zijn begrotingstekort mag maximaal 3% van het nationaal inkomen zijn

informatiebron 5 economische verwachting in 2021

nationaal inkomen

begrote overheidsuitgaven

begrote overheidsinkomsten

overheidsschuld

€ 823 miljard

€ 336 miljard

€ 293 miljard

€ 502 miljard

Op Prinsjesdag presenteert de regering elk jaar de rijksbegroting voor het komend jaar. Docent

Mark blikt met klas 4C terug op deze dag.

Mark: “De financiële toekomst van het land ziet er minder rooskleurig uit dan de jaren daarvoor.

Dit heeft grote gevolgen voor de inkomsten en uitgaven van de overheid.”

Mark: “In economisch mindere tijden stijgt de werkloosheid. Dit heeft gevolgen voor de uitgaven aan de sociale zekerheid.”

→ Voldoet het begrotingstekort van Nederland nog wel aan de EU-begrotingsregel? Licht je antwoord toe met een berekening. 2p

→ Maak van onderstaande zin een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan. Ontslagen werknemers kunnen, als ze voldoen aan een aantal voorwaarden, een …(1)… (WIA-uitkering / WW-uitkering) ontvangen.

Deze …(2)… (volksverzekering / werknemersverzekering) is een …(3)… (sociale verzekering / sociale voorziening).

16 Mark: “De btw-ontvangsten kunnen dalen door hogere werkloosheid.”

→ Leg in twee stappen uit dat de btw-ontvangsten kunnen dalen als de werkloosheid stijgt.

Volgens Mark kan de overheid ervoor kiezen om in financieel slechte tijden te bezuinigen of juist extra geld uit te geven. De Nederlandse regering heeft ervoor gekozen om meer geld uit te geven. Binnen de Europese Unie (EU) hebben de landen afgesproken om de EU-begrotingsregels tijdelijk te versoepelen.

Gebruik informatiebron 4 en 5.

17 De overheidsschuld van Nederland voldoet niet meer aan de EU-begrotingsregel.

2p 1p

18

Mark: “Door de extra overheidsuitgaven kan de economische crisis worden tegengegaan.

Meer overheidsuitgaven die terechtkomen bij de burgers kunnen leiden tot een minder snelle stijging van de werkloosheid.” Hieronder staan drie economische verschijnselen:

1 De productie stijgt.

2 De vraag naar goederen en diensten stijgt.

3 De werkgelegenheid stijgt.

In welke regel staan deze verschijnselen zo, dat een logische gedachtegang ontstaat?

A overheidsuitgaven stijgen → 1 → 2 → 3 → werkloosheid stijgt minder snel

B overheidsuitgaven stijgen → 1 → 3 → 2 → werkloosheid stijgt minder snel

C overheidsuitgaven stijgen → 2 → 1 → 3 → werkloosheid stijgt minder snel

D overheidsuitgaven stijgen → 2 → 3 → 1 → werkloosheid stijgt minder snel

E overheidsuitgaven stijgen → 3 → 1 → 2 → werkloosheid stijgt minder snel

F overheidsuitgaven stijgen → 3 → 2 → 1 → werkloosheid stijgt minder snel

19 Mark: “Tijdens de vorige economische crisis koos de regering ervoor om meer te bezuinigen. Logisch, zeiden ze toen. Als er minder geld binnenkomt, kun je ook minder geld uitgeven.”

→ Leg in twee stappen uit dat als de overheid gaat bezuinigen, tijdens een economische crisis, de economische crisis kan verergeren.

Opgave 6 – De staatsschuld stijgt

informatiebron 6 de staatsschuld, het nationaal inkomen en de staatsschuldquote in vijf jaren tussen 2013-2026

jaar staatsschuld in miljard euro nationaal inkomen in miljard euro de staatsschuldquote3)

noot 3 staatsschuldquote = staatsschuld nationaal inkomen × 100%

noot 4 De bedragen voor 2025 zijn verwachtingen.

Gebruik informatiebron 6.

20 Bereken het indexcijfer van de staatsschuld in 2021, met 2020 als basisjaar. Schrijf ook je berekening op.

Mijn Examenbundel

Wil je weten hoe je de toets hebt gemaakt? De antwoorden staan op mijnexamenbundel.nl. Vul je punten in en bekijk je score per onderwerp. Je scores worden bewaard.

OEFENEN OP ONDERWERP

Examenopgaven per onderwerp

Met uitleg bij de antwoorden.

Ook handig bij de voorbereiding op je schoolexamens!

1 Consumptie

1.1 Consumentengedrag, keuzes, betalen en geld

Opgave 1 – Reiskosten woon-werkverkeer

Bij de beantwoording van de vragen in deze opgave moet je soms gebruikmaken van informatiebron 1.

informatiebron 1 vergelijkend warenonderzoek speed-pedelec

merk prijs gewicht in kg actieradius in km laadtijd motor

Fast Bike Speed € 4.900 26 70 km 4 uur midden

Gezelle Spido € 4.800 28 80 km 5 uur midden

Kleaver Speed € 4.950 26

80 km 6 uur midden

Stroomer Sport € 5.100 25 100 km 4 uur achter

Racing 450 € 4.300 24

60 km 4 uur midden

Annabel is verpleegkundige en gaat met de auto naar haar werk. Ze is niet blij nu de benzineprijzen flink zijn gestegen. Ze krijgt van haar werkgever geen hogere vergoeding voor de gemaakte reiskosten.

1 Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1), (2) en (3) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

Een auto is een …(1)… (gebruiksgoed / verbruiksgoed). De noodzakelijke benzine voor de auto is een …(2)… (schaars / zeldzaam) goed. Op weg naar haar werk maakt zij …(3)… (geen / wel) gebruik van collectieve voorzieningen.

2 Annabel heeft een zuinige benzineauto die 1 liter benzine verbruikt voor 20 kilometer. Om de benzinekosten overzichtelijk te houden, tankt zij elke keer voor € 60. De literprijs van benzine is gestegen van € 1,60 naar € 2,40.

Bij de prijs van € 1,60 kon zij 750 kilometer rijden als ze voor € 60 getankt had.

→ Bereken hoeveel kilometer ze kan rijden voor € 60 nu de prijs van benzine is gestegen naar € 2,40. Schrijf je berekening op.

3 Annabel werkt 5 dagen per week en rijdt hiervoor 30 kilometer per dag.

Van haar werkgever krijgt zij een vergoeding voor de gemaakte reiskosten van € 0,19 per kilometer. De werkelijke autokosten per kilometer bedragen € 0,49 per gereden kilometer.

→ Bereken hoeveel euro ze wekelijks niet vergoed krijgt. Schrijf je berekening op.

Annabel vraagt zich af of er alternatieven zijn voor haar woon- werkverkeer.

Een goed alternatief zou een snelle e-bike kunnen zijn: de zogenaamde speed-pedelec. Deze fiets moet dan aan een aantal eisen voldoen.

Annabels eisen aan de speed-pedelec:

maximumprijs € 5.000

gewicht maximaal 27 kg

actieradius meer dan 75 km

laadtijd maximaal 7 uur

motor midden

Gebruik informatiebron 1.

4 Welke speed-pedelec voldoet het best aan haar eisen?

A Fast Bike Speed

B Gezelle Spido

C Kleaver Speed

D Stroomer Sport

E Racing 450

5 Annabel berekent de afschrijving per kilometer van de speed-pedelec.

Op welke manier wordt de afschrijving per kilometer berekend?

A (aanschafwaarde – restwaarde) / totaal gereden kilometers

B (aanschafwaarde – restwaarde) / levensduur in jaren

C (aanschafwaarde + restwaarde) / totaal gereden kilometers

D (aanschafwaarde + restwaarde) / levensduur in jaren

6 Bij de fietsenwinkel kan ze de fiets ook kopen op basis van koop op afbetaling of huurkoop.

In welke regel staat een juist verschil tussen koop op afbetaling en huurkoop?

A Bij koop op afbetaling ben je direct eigenaar en bij huurkoop na twee maanden.

B Bij koop op afbetaling ben je direct eigenaar en bij huurkoop niet.

C Bij koop op afbetaling ben je na volledige afbetaling eigenaar en bij huurkoop direct.

D Bij koop op afbetaling ben je nooit eigenaar en bij huurkoop wel.

7 Annabel koopt de speed-pedelec om dagelijks naar haar werk te gaan. De auto houdt ze voor langere afstanden.

→ Maak van onderstaande zinnen een economisch juiste tekst door de juiste woorden te kiezen.

Doe het zo: Noteer de nummers (1) en (2) op je antwoordblad. Vul bij de nummers de juiste woorden in. Kies uit de woorden die tussen haakjes staan.

De dagelijkse uitgaven aan de auto zullen …(1)… (dalen / gelijk blijven / stijgen) en de vaste lasten voor de auto zullen …(2)… (dalen / gelijk blijven / stijgen).

Slim leren, zeker slagen

Extra oefenen, uitlegvideo’s en podcasts

Voortgang bijhouden

Altijd je digiboek bij de hand

Slim leren met Mijn Examenbundel

B� deze Examenbundel hoort een online omgeving: m�nexamenbundel.nl

Je vindt hier alles wat je nodig hebt om heel gericht te leren en oefenen voor je examen. Zoals de score van je oriëntatietoets, video’s, het digiboek, examentips en nog veel meer.

#ikgazekerslagen

Activeer direct je code voor Mijn Examenbundel

Ga nu naar m�nexamenbundel.nl en maak meteen je account aan. Met de activatiecode die je per mail hebt ontvangen of via de ELO van je school, heb je toegang tot alle extra’s die b� je boek horen.

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Examenbundel_26-27_Economie_vmbo-gt_9789006139129 by ThiemeMeulenhoff - Issuu