Skip to main content

9789042536616 inkijkexemplaar

Page 1

9042536616_omslag :Layout 2 02-08-10 12:02 Pagina 1

E | Examenidioom Engels | vwo

Examenidioom Engels vwo

drs. Antoon van Eijk

Examenidioom Engels | vwo

EE 9

789042 536616


Examenidioom Engels | vwo drs. Antoon van Eijk

E


De serie HCE examenidioom bestaat voor het vak Engels uit: HCE examenidioom Engels vmbo GT HCE examenidioom Engels havo HCE examenidioom Engels vwo HCE examenidioom Engels vmbo GT digiPack HCE examenidioom Engels havo digiPack HCE examenidioom Engels vwo digiPack De serie bevat ook boekjes en digiPacks voor de vakken Duits en Frans. Ontwerp en opmaak omslag en binnenwerk: Gé Grafische Vormgeving, Rotterdam Projectcoördinatie: María Camarasa, Lijn43

Over ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich van educatieve uitgeverij tot een learning design company. We brengen content, leerontwerp en technologie samen. Met onze groeiende Over ThiemeMeulenhoff expertise, ervaring en zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en ThiemeMeulenhoff is leeroplossingen dé educatieve mediaspecialist en levert educatieve oplossingen voor verbeteren onderwijs. Zo kunnen we samenMiddelbaar beter rechtBeroepsonderwijs doen aan de verschillen tussen het Primairvan Onderwijs, Voortgezet Onderwijs, en Hoger lerenden enDeze scholen en ervoor worden zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever Onderwijs. oplossingen ontwikkeld in nauwe samenwerking metendeefficiënter wordt. onderwijsmarkt en dragen bij aan verbeterde leeropbrengsten en individuele

talentontwikkeling. Samen leren vernieuwen.

ThiemeMeulenhoff haalt het beste uit élke leerling. www.thiememeulenhoff.nl

Meer informatie over ThiemeMeulenhoff en een overzicht van onze educatieve ISBN 978 90 42 53661 6 oplossingen: Tweede herziene druk, tiende 2016 www.thiememeulenhoff.nl ofoplage, via de Klantenservice 088 800 20 15 © ThiemeMeulenhoff, ISBN 978 90 425 3661 6Amersfoort, 2007

Tweede herziene druk, negende oplage, 2015 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in geautomatiseerdAmersfoort, gegevensbestand, © een ThiemeMeulenhoff, 2007 of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke van de uitgever. Alle rechten voorbehouden. Nietstoestemming uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen

in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige Voor maken van mechanisch, kopieën uit deze is toegestaan op grond van artikelmanier, 16B wijze,zover hetzijhet elektronisch, dooruitgave fotokopieën, opnamen, of enig andere Auteurswet 1912 j° hetschriftelijke Besluit van toestemming 23 augustus 1985, Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet zonder voorafgaande van de uitgever. 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatieen van Reproductierechten (PRO), Postbus 3060,van 2130 KB 16B Voor zover het maken kopieën uit dezeOrganisatie uitgave is toegestaan op grond artikel Hoofddorp Voor het overnemen van uitAuteurswet deze uitgave in Auteurswet(www.stichting-pro.nl). 1912 j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl. 471gedeelte(n) en artikel 17 1912, bloemlezingen, readers en andereverschuldigde compilatiewerken (artikel 16 te Auteurswet) dient men zich dient men de daarvoor wettelijk vergoedingen voldoen aan Stichting tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie(PRO), over het gebruik van2130 muziek, film en het Publicatieen Reproductierechten Organisatie Postbus 3060, KB Hoofddorp maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in

bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich De heeft gestreefd de auteursrechten regelen volgens de wettelijke tot uitgever de uitgever te ernaar wenden. Voor meer informatie overtehet gebruik van muziek, film en het bepalingen. Degenenindie menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen maken van kopieën hetdesondanks onderwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. zich alsnog tot de uitgever wenden.

De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden. Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dezebetekent uitgave isdat volledig CO2-neutraal geproduceerd. Dit de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.


Voorwoord HCE examenidioom Engels vwo bereidt leerlingen zowel voor op het centraal examen leesvaardigheid als op de schoolexamens gespreksvaardigheid en schrijfvaardigheid. Het is door zijn aard en opzet uitstekend geschikt voor zelfstudie. Om dezelfde reden is dit idioomboek ook geschikt voor volwassenen aan dag- en avondscholen. Bij de samenstelling hebben onder meer de volgende overwegingen een rol gespeeld: > Onderzoek heeft aangetoond dat er behoefte is om leerlingen zowel voor te bereiden op het CITOleesvaardigheidsexamen als op de schoolexamens gespreksvaardigheid en schrijfvaardigheid. Vandaar dat een duidelijk onderscheid is aangebracht tussen idioom dat in examens passief beheerst dient te worden om de tekst te begrijpen en idioom dat in spreek- en schrijftaal door de leerling zelf actief wordt gebruikt. De woorden worden gescheiden aangeboden, in receptieve en productieve lijsten. > Elk hoofdstuk begint met een receptieve lijst van 40 woorden, bedoeld om de receptieve woordenschat van de leerling uit te breiden. De opgenomen woorden zijn vooral woorden die in CITO-leesvaardigheidsexamens voorkomen. Vervolgens zijn in een productieve lijst 15 woorden opgenomen die de leerling in schrijf- en spreektaal actief moet kunnen toepassen. Deze lijst bereidt de leerling daarmee dus voor op de schoolexamens gespreksvaardigheid en schrijfvaardigheid. Naast deze 15 woorden zijn per hoofdstuk ook telkens twee taalhandelingen opgenomen, met elk ten minste vier varianten, zodat de gebruiker leert om zich juister, correcter en gevarieerder uit te drukken in bepaalde situaties. De taalhandelingen sluiten aan bij de ERKniveaus B1 en B2. > Het boek bevat 20 hoofdstukken. Het idioom is thematisch gerangschikt. De gekozen thema’s beslaan de meest voorkomende onderwerpen in eindexamenteksten. Daarnaast is bij de keuze ook rekening gehouden met de vier profielen Economie en maatschappij, Cultuur en maatschappij, Natuur en techniek, en Natuur en gezondheid. Bovendien wordt in een aantal hoofdstukken aandacht besteed aan idioom dat weliswaar niet expliciet onder de examenonderwerpen valt, maar wel beheerst moet worden om teksten te kunnen begrijpen, bijvoorbeeld verbindingswoorden of woorden die omvang of gradatie aangeven. Elk vijfde hoofdstuk neemt een dergelijk belangrijk woordveld onder de loep. > Elk opgenomen woord is voorzien van een reële voorbeeldzin. De voorbeeldzin heeft als functie om de betekenis van het woord in een zo duidelijk mogelijke context te zien. > Er zijn opdrachten opgenomen waarmee de leerling zichzelf kan toetsen. Per hoofdstuk zijn twee opdrachten opgenomen bij de receptieve lijst en één opdracht bij de productieve lijst. > Bij de bestudering van het idioom zouden wij de volgende werkwijze willen suggereren: In de lijst Engels-Nederlands: de vertaling van het aangeboden woord afdekken en uit de voorbeeldzin proberen op te maken wat het woord zou kunnen betekenen. Hierdoor wordt de raadvaardigheid, die bij het tekstbegrip een grote rol speelt, gestimuleerd. Vervolgens controleren of de ‘geraden’ vertaling juist was. In de lijst Nederlands-Engels: de Engelse vertaling van de voorbeeldzin afdekken en de vertaling ervan proberen te geven.

Voorwoord

3


> De toevoeging ‘(BE)’ betekent Brits-Engels, ‘(AE)’ betekent Amerikaans-Engels. > Achter in het boek zijn alfabetische woordenlijsten Engels en Nederlands opgenomen, die het mogelijk maken woorden snel op te zoeken. > Het los verkrijgbare digiPack biedt de leerling toegang tot een website waar de leerling het idioom op interactieve wijze kan trainen, zich eigen kan maken en kan toetsen. Bovendien kan ook de correcte uitspraak beluisterd worden. > Voor docent en leerling komen op de methodesite extra tips en ondersteunend materiaal beschikbaar. Op- of aanmerkingen die tot verbetering van dit boek zouden kunnen leiden, worden bijzonder op prijs gesteld. Baarn, najaar 2007 Auteur en uitgever

4

HCE Examenidioom Engels > vwo


Inhoudsopgave Algemene tips voor het omgaan met examenteksten

7

1 Relationships

9

2 Education

14

3 Health and care

19

4 Feelings and attitudes

24

5 Quality, frequency and extent

29

6 Life and living things

34

7 Transport and travel

39

8 Sports and leisure

44

9 Communication and information

49

10 Personality and characteristics

54

11 Economy and money

59

12 Science and technology

64

13 Culture and art

69

14 Nature and the environment

74

15 Changes and conditions

79

16 Work

84

17 Law and order

89

18 Politics and religion

94

19 Reactions and thoughts

99

20 Linking words and time-related words

104

Woordenlijst Engels

109

Woordenlijst Nederlands

114

Inhoudsopgave

5


Algemene tips voor het omgaan met examenteksten Stel jezelf bij het lezen tijdens een leestoets de volgende vragen: a Wat voor soort tekst is het? (artikel, verhaal, oproep, reclameboodschap, gebruiksaanwijzing, enzovoort) b Hoe is de tekst ingedeeld? c Wat betekenen de (sub)titels? d Wat kan ik uit de illustratie opmaken? e Wat is de bron van de tekst? f Voor wie is de tekst geschreven? g Wat weet ik al over het onderwerp? (Vanuit andere vakken op school, van de televisie of het internet?)

Tips voor meerkeuzevragen Lees de tekst door. - Algemeen geldt dat je eerst steeds een tekst helemaal doorleest en daarbij wat kernwoorden onderstreept of markeert die de inhoud van de tekst globaal weergeven. - Markeer signaalwoorden als: ‘however’, ‘but’, ‘still’, ‘although’, ‘nevertheless’, ‘on the whole’, enzovoort. Ga daarna pas naar de vragen. - Om meerkeuzevragen met succes te beantwoorden, geldt als belangrijkste regel dat je eerst de vraag leest, niet de antwoorden. - Ga nu terug naar de tekst en bepaal waar in de tekst het antwoord staat. - Markeer de kernwoorden in de alinea waar het antwoord staat. - Probeer de vraag voor jezelf te beantwoorden. - Kijk daarna pas welk antwoord het dichtst bij jouw antwoord komt. - Als je twijfelt, geef dan voor jezelf antwoord op de volgende vragen: 1 Is er een antwoord dat heel duidelijk niet in overeenstemming is met de tekst? Streep dat antwoord weg. 2 Zijn er antwoorden die veel op elkaar lijken? Kies het antwoord dat het dichtst bij de tekst staat. Wat doe je als je een woord niet kent? - Ga na of je het woord in bijna gelijke vorm vanuit het Nederlands (of een andere taal) kent. - Heel vaak is het voldoende om ongeveer te weten wat een onbekend woord of bijzondere uitdrukking betekent. Bepaal welke lading een woord gezien de context heeft: positief, negatief, instemmend, afkeurend, enzovoort. - Bekijk of je de betekenis van het woord nodig hebt voor de beantwoording van de vraag. - Wanneer je denkt dat het belangrijk is dat je de betekenis van een woord moet weten om de tekst te begrijpen, zoek die dan op in een woordenboek. Meerkeuze-invulvragen In sommige teksten is een aantal woorden weggelaten. Jij moet het juiste alternatief kiezen dat moet worden ingevuld. Ga als volgt te werk: - Lees de tekst eerst helemaal door. - Lees eerst alleen de vraag, niet de antwoorden. Algemene tips

7


- Lees de alinea waaruit het woord is weggelaten. - Bepaal de inhoud van de zin waaruit het woord is weggelaten. Wanneer de inhoud niet duidelijk is, lees dan ook de voorafgaande zin en de volgende. - Probeer te bedenken wat het in te vullen woord in het Nederlands is. - Vergelijk je vondst met de gegeven alternatieven. - Wanneer je de betekenis van een van de antwoorden niet kent, zoek die dan op in het woordenboek.

Tips voor open vragen Dit zijn vragen waarbij jij zelf het antwoord moet formuleren. Let op de volgende dingen: - Antwoord altijd in het Nederlands, tenzij expliciet in de vraag staat dat je je antwoord uit de tekst moet halen. - Formuleer je antwoord kort en bondig. - Voorkom dat je stukken tekst letterlijk in het Nederlands vertaalt. - Geef precies zoveel antwoorden als er gevraagd worden, als je er meer geeft worden alleen de eerstgegeven antwoorden beoordeeld. - Lees je antwoord nog eens door en bepaal of het een goedlopend en logisch geheel is.

Voorbeelden van veelvoorkomende vragen bij examenteksten Engels vwo: • Which of the following statements are in accordance with paragraph 6? Welke van de volgende verklaringen komen overeen met alinea 6? • What is the writer’s intention in paragraph 11? Wat is de bedoeling van de schrijver in alinea 12? • What does paragraph 1 focus on? Waar is alinea 1 op gericht? • How is Turner’s book looked upon, according to paragraph 1? Hoe wordt Turners boek gezien, volgens alinea 1? • What is the writer’s attitude towards …? Wat is de houding van de schrijver tegenover …? • Which of the following sentences best reflects the writer’s point of view on …? Welke van de volgende zinnen geeft het beste de mening van de schrijver weer over …? • What does the writer’s opinion amount to? Waar komt de mening van de schrijver op neer? • How does he account for the disappointing results? Hoe verklaart hij de teleurstellende resultaten? • What are the examples in lines 13-22 meant to illustrate? Wat moeten de voorbeelden in regel 13 t/m 22 duidelijk maken? • What was the purpose of …? Wat was het doel van …? • What is the author’s opinion according to paragraph 8? Wat is volgens paragraaf 8 de mening van de auteur? • What is the main aim of the writer in paragraph 2? Wat is het hoofddoel van de schrijver in paragraaf 2? • What does the first speaker argue? Wat stelt de eerste spreker? • What is said with regard to …? Wat wordt er gezegd met betrekking tot…? • What is implied in paragraph 3? Wat wordt in paragraaf 3 gesuggereerd?

8

HCE Examenidioom Engels > vwo


1

Relationships

English>Dutch spouse

At the annual company party I saw my colleagues and their spouses.

echtgenoot, echtgenote

offspring

Last weekend we were visited by my Aunt Margie and her offspring, Bart and Lisa.

kroost, kinderen

sibling

I have four siblings: two brothers and two sisters.

zus, broer

infant

Mothers with infants go to that part of the hospital.

klein kind (onder de 7 jaar)

youth

The fires were set by a gang of youths.

jongen, jongeman

elderly

This is a computer program especially for the elderly. My grandfather often uses it.

bejaarden

ancestor

There were portraits of his ancestors on the wall.

voorouder

posterity

We must do our best to preserve the environment for posterity. nageslacht

hereditary

When we say that depression runs in the family, we mean it is hereditary.

erfelijk

humanity

He can’t claim to speak for the whole of humanity, only for himself.

mensheid

to descend from

According to Darwin’s theory of evolution, humans descend from ape-like creatures.

afstammen van

tribe

On holiday we visited an Indian tribe.

stam

ally

The two countries are military allies.

bondgenoot

associate

He is not a friend but a business associate.

relatie

guardian

The child’s parents or guardians must give their consent before she has the operation.

voogd

to rear

Being a widower, he has reared three children all by himself.

opvoeden, grootbrengen

to shack up

She did not want to live with her parents any more and decided to shack up with her boyfriend.

samenwonen

to fancy

Joyce fancies Tim.

verliefd zijn op 1. Relationships

9


marital

They’ve decided to divorce because they’ve been having so many marital problems lately.

huwelijks-, huwelijkse

matrimony

Matrimony is a serious and very old institution.

huwelijk

alimony

Esther receives alimony from her ex-husband to help support their children.

alimentatie

womanizer

He was a gambler, a womanizer and a drunk.

rokkenjager

adultery

The reason for their divorce was adultery.

overspel

bigamy

Bigamy is considered a crime in many countries.

bigamie, gelijktijdig getrouwd zijn met 2 personen

single

After being single for 40 years, he found the woman of his dreams.

alleenstaand

gap

The generation gap between her parents and her is big.

kloof

row

Her father and mother have marital problems: they often have rows.

ruzie

to maintain

He has to maintain a large family.

onderhouden

affection

The child got little affection from his parents.

genegenheid

faithful

He has always remained faithful to her.

trouw

to age

She has aged a lot lately.

ouder worden

to resemble

Lisa really resembles her mother.

lijken op

familiar

There were only one or two familiar faces at the party.

bekend

guestroom

If you stay overnight, you can take the guestroom.

logeerkamer

coffin

The coffin was lowered into the grave.

doodskist

deceased

The deceased was last seen alive by his neighbour.

overledene

bereavement

A family bereavement meant that he could not attend the conference.

sterfgeval, verlies van een dierbare

obituary

I saw his obituary in the paper this morning.

overlijdensbericht

cemetery

His father is buried in the cemetery on a hill.

kerkhof

orphan

He’s an orphan who lost his parents in an accident.

wees

10

HCE Examenidioom Engels > vwo


Do you remember? A. Fill in the correct word. There are two words too many. alimony, guardian, matrimony, obituary, posterity, row, youth

1

His _____ was written before his death.

2 Because there was a big _____, I had to ask them to leave. 3

The priest united the couple in holy _____.

4 This _____ claims to have nothing to do with yesterday’s riot in the city centre. 5 He has to pay _____ to all three ex-wives.

B. Fill in the correct word. There are two words too many. age, descend from, fancy, maintain, rear, resemble, shack up

1

Does she _____ him or is she using him to make this other bloke jealous?

2 Tony and Maria are first going to _____ for a few years before they get married. 3

Do they earn enough to _____ themselves and their four children?

4 Many people want their bodies to _____ as slowly as possible. They believe that sports and working out can do the trick. 5 He really _____s my uncle, you know. They could be twins.

1. Relationships

11


Dutch>English kennis

Ik kwam enkele vrienden en kennissen tegen op het feestje. I met some friends and acquaintances at the party.

kennismaken met

Ik zou graag met haar kennis willen maken. I should like to make her acquaintance.

verkering hebben

to raise

Ik moet soms op mijn broertje passen. I sometimes have to look after my little brother.

to look after

Ik deel een flat met een andere student.

delen

I share a flat with another student. worden (+ leeftijd)

puber

adolescent

Het is verboden om alcohol aan minderjarigen te verkopen. It is forbidden to sell alcohol to minors.

mensheid

to turn

Zij begrijpt de emotionele problemen van pubers. She understands the emotional problems of adolescents.

minderjarige

to share

Hij wordt morgen 15. He’ll turn 15 tomorrow.

minor

De mensheid heeft zich altijd afgevraagd of we alleen zijn in het heelal. Mankind has always wondered whether we are alone in the universe.

12

colleague

Zij werd opgevoed door haar grootouders. She was raised by her grandparents.

passen op

widow

Mijn collega belt u morgen terug. My colleague will call you tomorrow.

opvoeden

bachelor

Ze werd weduwe op 42-jarige leeftijd. She became a widow at the age of 42.

collega

to split up

Mijn oom Raymond is nog steeds vrijgezel. My Uncle Raymond is still a bachelor.

weduwe

engaged

Ze heeft het vorig jaar uitgemaakt met haar vriend. She split up with her boyfriend last year.

vrijgezel

to date

Jim en ik zijn verloofd en van plan volgend jaar te trouwen. Jim and I are engaged and intend to marry next year.

uitmaken

to make acquaintance

John and Sally hebben al zes maanden verkering. John and Sally have been dating for six months now.

verloofd

acquaintance

HCE Examenidioom Engels > vwo

mankind


Language functions Zo kun je een gesprek beginnen: > Kunt u me vertellen hoe laat het is, alstublieft?

Could you tell me what time it is, please?

> Mooi weer, nietwaar?

Nice weather, isn’t it?

> Neem me niet kwalijk, maar hebben wij elkaar niet eerder ontmoet?

Excuse me, but haven’t we met before?

> Neem me niet kwalijk, zit hier iemand?

Excuse me, is anyone sitting here?

> Niet veel mensen vandaag, hè?

Not many people today, are there?

Zo kun je een afspraak maken: > Heb jij vanavond iets te doen?

Are you doing anything tonight?

> Komt vrijdag uit?

Would Friday be convenient?

> Ik ga uit met een paar vrienden. Zou je het I’m going out with some friends. Would you like leuk vinden met ons mee te gaan? to join us? > Heb je zin om vanavond met mij naar de bioscoop te gaan?

Do you feel like coming to the cinema with me tonight?

Do you remember? C. Fill in the correct English words for the Dutch words in brackets (tussen haakjes). 1

If you are a (minderjarige), you can’t enter this disco.

2 How do you get on with your (collega’s)? 3

So, you’re a (vrijgezel) again. Join the club.

4 A traditional Indian custom used to involve (weduwen) burning themselves alive. 5 It’s clear that Nick wants to (verkering hebben) Mandy.

1. Relationships

13


9042536616_omslag :Layout 2 02-08-10 12:02 Pagina 1

E | Examenidioom Engels | vwo

Examenidioom Engels vwo

drs. Antoon van Eijk

Examenidioom Engels | vwo

EE 9

789042 536616


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789042536616 inkijkexemplaar by ThiemeMeulenhoff - Issuu