MENS EN ZORG MENS EN ZORG Profieldeel Z&W Profieldeel Z&W 3/4 vmbo BB/KB/GL Naam Klas
Mixed Omslag Mens_en_zorg vmbo BB-KB-GL.indd Alle pagina's
21/02/2022 08:38
MENS EN ZORG Zorg en Welzijn
COLOFON Auteur Liesbeth Urbach
Auteur oriëntatie op het beroep RadarTalent Assessment & Ontwikkeling
Eindredactie
Over ThiemeMeulenhoff Over ThiemeMeulenhoff
ThiemeMeulenhoff zich vanmediaspecialist educatieve uitgeverij tot een learningoplossingen design company. ThiemeMeulenhoff ontwikkelt is dé educatieve en levert educatieve voor het We brengen content,Voortgezet leerontwerp en technologie samen. Met onze groeiende expertise, ervaring Primair Onderwijs, Onderwijs, Middelbaar Beroepsonderwijs en Hoger Onderwijs. Deze en leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van oplossingen worden ontwikkeld in nauwe samenwerking met de onderwijsmarkt en dragen bij onderwijs. Zo kunnen we samen beter recht doentalentontwikkeling. aan de verschillen tussen lerenden en scholen aan verbeterde leeropbrengsten en individuele en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt.
ThiemeMeulenhoff haalt het beste uit élke leerling. Samen leren vernieuwen.
Karin Jacobs, Marieke Engelberts
Meer informatie over ThiemeMeulenhoff en een overzicht van onze educatieve oplossingen: www.thiememeulenhoff.nl www.thiememeulenhoff.nl of via de Klantenservice 033 448 36 00
Bureauredactie
ISBN 978 90 06 91550 1 Eerste druk, eerste oplage, 2016 (LRN-line) Eerste druk, eerste oplage, 2022 (LRN-line)
Singeling Tekstproducties
©ThiemeMeulenhoff, ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, Amersfoort, 2022 2016 © Alle rechten rechtenvoorbehouden. voorbehouden.Niets Nietsuituitdeze dezeuitgave uitgavemag mag worden verveelvoudigd, opgeslagen Alle worden verveelvoudigd, opgeslagen in in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, elektronisch, mechanisch, mechanisch, door doorfotokopieën, fotokopieën,opnamen, opnamen,ofofenig enigandere andere manier, zonder hetzij manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover zoverhet hetmaken makenvan vankopieën kopieën deze uitgave is toegestaan op grond van artikel Voor uituit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B 16B Auteurswet Besluit vanvan 23 23 augustus 1985, Stbl.Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, Auteurswet 1912 1912j° j°hethet Besluit augustus 1985, 471 en artikel 17 Auteurswet dient de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen Stichting 1912,men dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te aan voldoen aan Stichting PublicatiePublicatie- en en Reproductierechten Reproductierechten Organisatie Organisatie (PRO), (PRO), Postbus Postbus 3060, 3060, 2130 2130KB KBHoofddorp Hoofddorp (www. (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit uitgave deze uitgave in bloemlezingen, stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze in bloemlezingen, readers readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het ononderwijs zie w ww.auteursrechtenonderwijs.nl. derwijs zie www.auteursrechtenonderwijs.nl. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalinDegenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot gen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich de uitgever wenden. alsnog tot de uitgever wenden.
Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Deze uitgave is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw voor het geDeze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. bruikte papier op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC® -keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.
Colofon.indd 1
21/02/2022 16:05
WOORD VOORAF MIXED is dé methode voor leerlingen in leerjaar 3 en 4 van het beroepsgerichte vmbo. De methode MIXED is bedoeld voor alle niveaus van het vmbo beroepsgerichte leerweg. In nauwe samenwerking met de gebruikende scholen wordt MIXED continue doorontwikkeld. Belangrijke kenmerken van MIXED: ■ Beroepspraktijk staat centraal. Door een krachtige didactiek met realistische werkplekken en werkbedrijven bereiden de leerlingen zich goed voor op hun examen. ■ Loopbaanoriëntatie en -begeleiding zijn geïntegreerd in het lesmateriaal en gekoppeld aan de werkplek en het werkbedrijf. ■ Ieder zijn eigen MIXED. Scholen kunnen kiezen uit leerwerkboeken, een volledige digitale leeromgeving of de mogelijkheid deze te combineren. ■ De lesstof is gedifferentieerd op basis van de exameneisen, zodat elke leerling de lessen kan volgen op zijn eigen niveau. ■ Werkkaarten helpen de leerling stap voor stap belangrijke vaardigheden zich eigen te maken. ■ Video’s verduidelijken de theorie in realistische settings. Leerlingen en docenten kunnen snel aan de slag dankzij de overzichtelijke opbouw: Het leerwerkboek bestaat uit acht blokken, gevolgd door de theorie en een begrippenlijst. ■ Een blok begint met een introductie en een overzicht van de inhoud en leerdoelen. ■ In een blok maakt de leerling praktijkopdrachten en theorieopdrachten. ■ Elk blok sluit af met Oriëntatie op het beroep. Deze opdrachten helpen met het kiezen van een passende vervolgopleiding. ■ Achter in het boek staat alle theorie op alfabetische volgorde. ■ Achter de theorie staat ook een uitgebreide begrippenlijst. De vetgedrukte woorden in de theorie worden hier uitgelegd. ■
Wij hebben de methode MIXED met de grootste zorg ontwikkeld. Meer informatie kunt u vinden op www.thiememeulenhoff.nl/mixed. Hebt u vragen of suggesties? Neem dan gerust contact op met onze klantenservice via 033 448 3600. Wij wensen u en uw leerlingen een fijne en leerzame tijd met MIXED!
De auteurs, het ontwikkelteam en de uitgever
Beste leerling, Dit boek van Mixed kun je samen met de digitale leeromgeving gebruiken in de les. Dit boek is van jou persoonlijk, dus je mag er aantekeningen in maken. Na dit schooljaar mag je het boek houden. Dat is makkelijk als je volgend jaar iets wilt opzoeken, of iets moet leren voor een toets. Wij wensen je veel succes en plezier met Mixed. Team Mixed
TOELICHTING OP DE PICTOGRAMMEN Oriënteren
A Let op! Opdracht voor BB of KB of KB/GL Computeropdracht Theorie-opdracht Rollenspel Tip Werkkaart Hulpkaart
INHOUDSOPGAVE Blok 0 Mens en zorg Over dit deel
9
11
Blok 1 Het kinderdagverblijf
15
Over dit blok 17 Kinderziektes in het kinderdagverblijf Goede mondverzorging 23 De verzorging van baby’s 26 Eindopdracht 33 Oriëntatie op het beroep (LOB) 35
Blok 2 Thuiszorg
19
43
Over dit blok 45 Mantelzorg 46 De hulpbehoefte van de cliënt 48 Zelfredzaamheid stimuleren 51 Gevoelens en wensen van de cliënt EHBO-technieken toepassen 60 Toezien op medicijngebruik 62 Eindopdracht 65 Oriëntatie op het beroep (LOB) 67
55
Blok 3 Jeugdzorgvoorziening Over dit blok 73 De doelgroep leren kennen 74 Veelvoorkomende ongelukken 78 Kunnen de jongeren zichzelf redden? Eindopdracht 95 Oriëntatie op het beroep (LOB) 97
Blok 4 De basisschool
71
88
103
Over dit blok 105 De leerlingen van groep 5 106 Schone handen 112 Eerste hulp bij een bloedneus 114 Omgaan met emoties 117 Extra zorg 121 Eindopdracht 122 Oriëntatie op het beroep (LOB) 124
Blok 5 Het sportcentrum
131
Over dit blok 133 Blessures en kleine ongelukken bij het sporten 134 Gezond tussendoortje in het sportcentrum 139 BHV en EHBO in het sportcentrum 140 Eindopdracht 149 Oriëntatie op het beroep (LOB) 151
Blok 6 Het gezondheidscentrum
157
Over dit blok 159 Voorbereiding op je stage 160 Meelopen met de doktersassistente 162 Eenvoudige EHBO-technieken 169 Vaak voorkomende ziekteverschijnselen 171 Administratieve taken 175 Communiceren met patiënten 177 Eindopdracht 182 Oriëntatie op het beroep (LOB) 183
Blok 7 Verstandelijk gehandicaptenzorg
189
Over dit blok 191 Werken met meervoudig gehandicapte kinderen 192 Ondersteunen bij persoonlijke verzorging in de ochtend 194 Huishoudelijke taken 200 Tijd voor ontspanning 203 Bedtijd 207 Eindopdracht 209 Oriëntatie op het beroep (LOB) 211
Blok 8 Het woonzorgcentrum
215
Over dit blok 217 Ondersteunen bij persoonlijke verzorging Een cliënt met MS verzorgen 222 Helpen bij goede mondverzorging 225 Ondersteunen bij het uitje 228 Eindopdracht 234 Oriëntatie op het beroep (LOB) 238
Theorie
218
243
Belang van communicatie 245 Beroerte 246 Blessures bij het sporten 249 Bloeddruk 251 Communicatie 253 Diabetes Mellitus 254 Digitale informatiesystemen in de zorg 255 EHBO - Bloedneus 256 EHBO - Drukverband aanleggen: wonddrukverband en steunverband EHBO - Epileptische aanval 258 EHBO - Huidwonden 259 EHBO - Hulp zoeken of zelf helpen 261 EHBO - Kneuzing, botbreuk en ontwrichting 262 EHBO-koffer 265 EHBO - Splinter verwijderen 266 EHBO - Stabiele zijligging 267 EHBO - Tekenbeet 268 EHBO - Vinger tussen de deur 269 Gebit 270
257
Gebitsverzorging 271 Gesprekken voeren 272 Handhygiëne 274 Intakegesprek thuiszorg 275 Kinderziektes en kwalen 276 Koorts 280 Leer- en gedragsstoornissen 281 Lichamelijke ontwikkeling van de baby Mantelzorg 284 Medicijnen 285 Nagel- en voetafwijkingen 286 Omgaan met gevoelens 289 Persoonlijke gesprekken voeren 291 Persoonlijke verzorging 292 Privacy en beroepsgeheim 293 RI&E en BHV 294 Rolstoelen 295 Schriftelijk rapporteren 297 Snoezelen 299 Soorten ziekten 300 Telefoongesprek voeren 302 Verpleegtechnische handelingen 304 Voeding van de baby 306 Zelfredzaamheid 310 Zorgtechnologie 312
Begrippen
315
283
BLOK 1
HET KINDERDAGVERBLIJF
OVER DIT BLOK
17
THEORIE BIJ DIT BLOK
KINDERZIEKTES IN HET KINDERDAGVERBLIJF 19 Opdracht 1 Waterpokken 19 Opdracht 2 De ouders informeren Opdracht 3 Kinderziektes 22
GOEDE MONDVERZORGING
21
23
Opdracht 4 De eerste melktanden 24 Opdracht 5 Informeren over het melkgebit
DE VERZORGING VAN BABY’S
25
26
Opdracht 6 Baby met een voorkeurshouding 26 Opdracht 7 Instructiefilm maken 28 Opdracht 8 Flesvoeding en voedingsschema’s 29
EINDOPDRACHT 33 Opdracht 9 Ibrahim is niet fit Opdracht 10 Evalueren 34
33
ORIËNTATIE OP HET BEROEP (LOB) Opdracht Opdracht Opdracht Opdracht Opdracht
11 12 13 14 15
35
Afkortingen vmbo, havo en mbo Leerwegen en niveaus 35 Niveaus 36 Mbo-opleidingscentra 39 Havo 40
35
Kinderziektes 276 Gebit 270 Schriftelijk rapporteren 297 Lichamelijke ontwikkeling van de baby 283 Voeding van de baby 306
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
16
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
BLOK 1 HET KINDERDAGVERBLIJF Over dit blok Dit blok gaat over de zorgtaken in de kinderopvang. Hoe jonger de kinderen zijn, hoe meer lichamelijke verzorging zij nodig hebben. Denk hierbij aan verschonen, naar bed brengen en helpen bij het eten. Je gaat deze verzorgende vaardigheden oefenen, maar je gaat je ook verdiepen in verschillende kinderziekten. Hoe meer je weet, hoe beter je kunt zorgen!
17
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Waar werk je? Kinderdagverblijf De Regenboog Je loopt stage bij kinderdagverblijf De Regenboog. De dagopvanglocatie bestaat uit drie groepen: Rood, Geel en Blauw. De groepen Rood en Geel zijn verticale groepen van maximaal 15 kinderen in de leeftijd van 6 weken tot 25 maanden. De peutergroep Blauw bestaat uit maximaal 16 kinderen in de leeftijd van 25 maanden tot 3 jaar. Kinderdagverblijf De Regenboog heeft naast de dagopvang ook één locatie voor buitenschoolse opvang: De Vlinderboom, voor kinderen in de leeftijd van 4 tot 13 jaar. De groepen zijn opgesplitst in de leeftijdscategorieën van 4 tot 8 jaar (groep Paars) en van 8 tot 13 jaar (groep Groen). Het kinderdagverblijf is alle weken van het jaar geopend van maandag tot en met vrijdag van 07.00 tot 19.00 uur, met uitzondering van de feestdagen. Tijdens de schoolweken is De Vlinderboom geopend van 14.30 tot 19.00 uur. De kinderen worden op de vrije middagen vanaf 12.00 uur opgevangen. Tijdens de vakantieweken en studiedagen is er ook opvang mogelijk. Annemarie gaat jou deze week begeleiden. Zij is 56 jaar en heeft veel ervaring met het verzorgen van kleine kinderen. Vroeger was ze kraamverzorgster. Daarna heeft ze verschillende jaren bij een peuterspeelzaal gewerkt. Annemarie werkt in de rode groep van het kinderdagverblijf, jij gaat samen met Annemarie de zorg dragen voor de kinderen.
Wat leer je?
□ □ □ □ □ □ □
ondersteunen bij het zorgverlenen aan de ander; ondersteunen bij de persoonlijke verzorging; welke veelvoorkomende kinderziektes er zijn; inschatten van de ernst van de ziekte en het eigen handelen daarop aanpassen; informatie zoeken en geven over verschillende kinderziektes; de hulpbehoefte achterhalen van baby en kinderen die ziek zijn; helpen bij goede mondverzorging.
Hoe ga je het doen? Plannen is belangrijk voor je beroep en voor je studie. Aan het begin van elk blok maak je een planning voor de rest van de week. Bekijk wat je deze week allemaal moet doen en verdeel de opdrachten over de lesuren. ■ Open het document Planning. ■ Bekijk hoeveel tijd voor de opdrachten gepland is. ■ Vul in wanneer je welke opdracht doet. ■ Bewaar de planning in je portfolio. ■ Ga je aan Mixed werken? Bekijk dan telkens eerst je planning. ■ Ben je klaar met je werk? Open dan je planning en vul in wat je hebt gedaan.
18
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Kinderziektes in het kinderdagverblijf
In het kinderdagverblijf komen vaak kinderziektes voor. De meeste kinderziektes zijn onschuldig, maar zorgen wel voor vervelende klachten bij de kinderen. Kinderziektes zijn besmettelijk. In een kinderdagverblijf zitten veel kinderen dicht bij elkaar, waardoor verspreiding van een kinderziekte snel gaat. Het is daarom goed om te weten welke kinderziektes er zijn en wat de symptomen zijn, zodat je op tijd kunt handelen. Een veelvoorkomende ziekte bij kinderen is waterpokken.
Opdracht 1 Waterpokken
Deze dag ben je ingedeeld bij groep Rood. Hier komen kinderen in de leeftijd van 6 weken tot 25 maanden. Vanochtend vroeg is er gebeld door de moeder van Maartje. Maartje (6 maanden) heeft de waterpokken en komt vandaag niet naar het kinderdagverblijf. Is het nodig om alarm te slaan, of is een melding aan de ouders van de overige kinderen genoeg? Samen met Annemarie ga jij onderzoeken wat je moet doen wanneer er kinderziekten uitbreken op het kinderdagverblijf.
Opdracht 1.1 Heb jij waterpokken gehad? Weet je hoe oud je toen was? Heb je er misschien nog littekens aan over gehouden?
19
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 1.2 Waterpokken, wat zijn dat eigenlijk? Zoek op internet (bijvoorbeeld op YouTube) naar informatie over waterpokken. Beantwoord daarna onderstaande vragen. Wanneer word je in Nederland tegen waterpokken ingeënt?
Waaraan kun je de ziekte herkennen?
Waardoor worden waterpokken veroorzaakt?
Waardoor kunnen er littekens ontstaan?
Wanneer is het besmettelijk?
Kun je de waterpokken vaker krijgen?
Bij wie kan waterpokken gevaarlijk zijn?
Opdracht 1.3 - KBA De moeder van Maartje houdt haar baby thuis. Waarom is het niet zinvol om Maartje thuis te houden?
Opdracht 1.4 - KBA Wanneer is het wel zinvol om haar thuis te houden?
Wat moet je doen als een kind waterpokken heeft?
20
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 2 De ouders informeren
Maartje is de eerste baby in het kinderdagverblijf die de waterpokken heeft. Er zullen nu zeker meer kinderen volgen. Er moet een e-mailbericht worden opgesteld voor de ouders/verzorgers waarin uitgelegd wordt wat waterpokken zijn en hoe te handelen. Daarnaast is het ook handig de ouders te informeren wanneer het verstandig is om hun kind thuis te houden.
Lees de theorie over Kinderziektes. Opdracht 2.1 Welk begrip hoort bij de beschrijving? a medicatie b diagnose c symptomen d besmetting e ziektekiem f incubatietijd g immuniteit Als je eenmaal waterpokken hebt gehad, kun je ze niet nóg een keer krijgen. Er is geen medicijn tegen waterpokken. Maar het kind mag wel paracetamol tegen de koorts. Het kind krijgt jeukende, met vocht gevulde blaasjes over het hele lichaam. Daarbij heeft het kind ook koorts. De kinderziekte waterpokken wordt overgebracht door het varicella zoster-virus. Als het kind besmet is geraakt, duurt het zo’n 13 tot 18 dagen tot het kind koorts krijgt en blaasjes ontstaan. Als je kind blaasjes over zijn hele lichaam krijgt, zie je direct dat het om waterpokken gaat. Daarvoor hoef je niet naar de dokter. Op het kinderdagverblijf verspreidt een kinderziekte als waterpokken zich snel. Kleine kinderen hebben vaak lichamelijk contact, waardoor de ziektekiemen zich gemakkelijk verspreiden.
Opdracht 2.2 Annemarie vraagt jou om een e-mailbericht naar de ouders te schrijven. Ze geeft je als tip mee dat je een nette e-mail moet schrijven. Je schrijft immers namens het kinderdagverblijf.
Schrijf een e-mailbericht voor de ouders van het kinderdagverblijf. Je kunt dat doen in een e-mailprogramma op de computer. De volgende tekst moet in elk geval in het e-mailbericht worden opgenomen: ‘Een kind kan beter niet naar het kinderdagverblijf bij 38 °C koorts of meer. Het is ook verstandig om het kind thuis te houden als een kind gedurende langere tijd ongewoon hangerig of huilerig is.’ Verstuur de e-mail naar jezelf en bewaar het resultaat in je portfolio.
21
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 3 Kinderziektes
Er zijn kinderziektes die regelmatig voorkomen. Soms is het niet mogelijk om het zieke kind naar het kinderdagverblijf te brengen in verband met besmettingsgevaar. Met koorts boven 38,5 graden Celsius mogen kinderen nooit naar het kinderdagverblijf. Ouders moeten dan zelf een andere vorm van opvang regelen.
Lees de theorie Kinderziektes. Opdracht 3.1 Bij welke ziekte is het kind wel of juist niet welkom op het kinderdagverblijf? Zoek de juiste maatregel bij de kinderziekte of kwaal. a ontstoken ogen b hoofdluis c loopoor d de zesde ziekte e griep (influenza) f krentenbaard g rode hond h buikgriep i waterpokken Kinderziekte of kwaal
Beleid van het kinderdagverblijf Drie diarreeluiers, kind verplicht ophalen. Na 48 uur antibioticabehandeling en ingedroogde blaasjes is het kind welkom op het kinderdagverblijf. Oor niet afdekken. Kind mag naar het kinderdagverblijf. Melden bij de leidster wanneer het kind ’s ochtends een zetpil (paracetamol) heeft gehad. Komt de koorts boven 38 graden, dan moet het kind worden opgehaald. Krabben proberen te voorkomen. Het kind mag naar het kinderdagverblijf. De klieren zijn vaak opgezet. Wanneer de koorts gezakt is, mag het kind naar het kinderdagverblijf. Melden bij de leidster in verband met zwangere vrouwen. Het kind mag naar het kinderdagverblijf.
22
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Kinderziekte of kwaal
Beleid van het kinderdagverblijf Snel behandelen zodat verspreiding voorkomen kan worden. Waarschuw de andere ouders, zodat ze kunnen controleren of hun kind besmet is. Het kind mag naar het kinderdagverblijf. Ogen schoonmaken met gekookt water. Zalf laten voorschrijven door huisarts. Het kind mag naar het kinderdagverblijf.
Opdracht 3.2 Het is soms lastig om de ziekteverschijnselen te herkennen bij een kindje. Hoe herken je de waterpokken of is het misschien toch rode hond? ■ Maak het voorbeeldschema na in een tekstverwerkingsprogramma op de computer (bijvoorbeeld in Word). ■ Zoek van iedere ziekte een afbeelding en zet deze in de tweede kolom. ■ Schrijf onder de afbeelding wat je ziet (symptomen). ■ Bewaar het resultaat in je portfolio. Voorbeeldschema Ziekte
Afbeelding en symptomen
Buikgriep Krentenbaard Loopoor Griep (influenza) Waterpokken De zesde ziekte Rode hond Hoofdluis Ontstoken ogen
Goede mondverzorging Baby Lotte krijgt haar eerste melktandjes. Ze heeft er een beetje last van. Jij gaat haar ouders hierover informeren. Je zorgt ook dat ze wat extra informatie krijgen over het melkgebit van baby’s.
23
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 4 De eerste melktanden
Vandaag is Lotte, een meisje van vijf maanden oud, erg huilerig. Annemarie vertelt dat dit komt omdat ze melktandjes krijgt.
Lees de theorie Gebit. Opdracht 4.1 Zoek op internet informatie over het doorkomen van melktandjes. Waaraan zou je kunnen zien dat Lotte melktandjes krijgt?
Opdracht 4.2 Aan het eind van de dag wordt er van ieder kind in een schriftje een korte rapportage geschreven voor de ouders. Annemarie vraagt of jij de rapportage over Lotte schrijft. Hierin beschrijf je wat je opgevallen is vandaag bij Lotte en geef je ook een aantal tips. Wat kunnen de ouders doen om ervoor te zorgen dat Lotte minder last heeft van doorkomende melktandjes?
Lees de theorie Schriftelijk rapporteren.
24
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Schrijf een objectief verslag over wat je vandaag aan Lotte hebt gemerkt/gezien.
Opdracht 4.3 Baby Lotte krijgt tandjes. Moeten de ouders van Lotte dan al direct gaan poetsen? Waarom wel of niet? Zoek het antwoord op deze vraag op internet. Zoek met de woorden: tandverzorging baby.
Opdracht 5 Informeren over het melkgebit
Annemarie vraagt jou om voor de ouders van Lotte wat informatie op te zoeken over het doorkomen van de tandjes. Die informatie kunnen jullie in het schriftje van baby Lotte zetten, zodat haar ouders jouw tips thuis rustig nog eens kunnen doorlezen.
Opdracht 5.1 Zoek informatie op internet over de ontwikkeling van het melkgebit en het doorbreken van de tanden. ■ Verwerk deze informatie voor de ouders van Lotte op één A4’tje. ■ Gebruik ook de informatie die je hebt opgezocht over tandenpoetsen bij baby’s. ■ Geef tips voor de ouders over hoe ze ervoor kunnen zorgen dat Lotte minder last heeft van het doorkomen van de melktandjes. ■ Vermeld de website(s) waar je de informatie vandaan hebt gehaald. ■ Bewaar het resultaat in je portfolio. 25
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
De verzorging van baby’s Kinderen zijn vaak meerdere dagdelen bij het kinderdagverblijf. Bij de jongste kinderen bestaat jouw werk vooral uit verzorgende taken. Juist dan is het belangrijk dat je goed de instructies opvolgt die de ouders van de arts of fysiotherapeut meekrijgen. Door je bij de verzorging van de baby’s aan vaste regels te houden, kun je een afgeplat hoofdje bij een baby helpen voorkomen. Alle kinderen op de groep hebben hun eigen ritme met eten en slapen. De hoeveelheid en het aantal flesvoedingen is afhankelijk van het gewicht en de leeftijd van het kind. Wanneer de kinderen gebracht worden, is het belangrijk om te weten wanneer zij hun laatste voeding hebben gekregen. Op basis van deze gegevens maak je dan een voedingsschema.
Opdracht 6 Baby met een voorkeurshouding
Kevin is zes maanden oud. Hij heeft een afgevlakt hoofdje. Dat is ontstaan doordat hij een voorkeurshouding heeft. Wanneer Kevin op zijn linker- of rechterzijde in zijn bedje werd gelegd, rolde hij zichzelf weer op zijn rug. Hierdoor heeft hij een plat achterhoofd gekregen. De ouders van Kevin maken zich grote zorgen. Hoe krijgt hij een mooi rond hoofdje? Er zijn verschillende kinderen op het kinderdagverblijf geweest die een helmpje moesten dragen. Zou dit de oplossing zijn?
Lees de theorie Lichamelijke ontwikkeling van de baby.
26
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 6.1 Zoek op internet informatie over een voorkeurshouding of afgeplat hoofd bij baby’s. Je kunt ook interessante informatiefilmpjes vinden op internet. Beantwoord daarna de vragen. Welke behandelmethoden zijn er om het afgevlakte hoofdje weer meer symmetrisch (rond) te krijgen?
Opdracht 6.2 Er is onderzoek gedaan naar het dragen van een helmpje en naar hulpmiddelen voor het afleren van een voorkeurshouding. Heeft het dragen van een helm meer effect dan het aanleren van een juiste houding?
Opdracht 6.3 Waar moet jij op letten bij de verzorging van Kevin?
Opdracht 6.4 Iedere maand wordt er een digitale nieuwsbrief verstuurd naar alle ouders en verzorgers van de kinderen van het kinderdagverblijf. In deze nieuwsbrief wordt ook aandacht besteed aan een actueel onderwerp of aan medische/verzorgende onderwerpen.
Annemarie vraagt jou om een artikel te schrijven voor de nieuwsbrief over het voorkomen van een afgeplat hoofdje en het afleren van een voorkeurshouding. Je hebt al informatie gezocht over voorkeurshouding bij baby’s of afgeplat hoofd bij baby’s. Zoek eventueel aanvullende informatie. ■ Schrijf een artikel met interessante informatie voor ouders. ■ Leg kort uit wat een voorkeurshouding is. ■ Geef in je artikel tips om een voorkeurshouding te verhelpen. Denk aan slapen, verzorgen en spelen met het kind. ■ Je kunt de informatie ook op een creatieve manier verwerken door bijvoorbeeld een soort stripverhaal te maken. De informatie/instructie wordt aan de lezer gegeven door middel van de afbeeldingen. Wanneer je voor een verhaal kiest, probeer dat dan op te bouwen met afbeeldingen. Maak gebruik van de oefenbabypop om de juiste houding te fotograferen. Gebruik deze foto’s voor je artikel.
27
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 7 Instructiefilm maken
Annemarie is gevraagd om voor de website een instructiefilm te maken over wat je kunt doen als een baby een voorkeurshouding heeft. Ouders kunnen dit filmpje dan bekijken als hun baby een voorkeurshouding heeft. Annemarie wil niet gefilmd worden, ze vindt zichzelf veel te oud! Daarom vraagt ze of ze jou mag filmen voor de instructiefilm.
Opdracht 7.1 Je hebt voor de nieuwsbrief een artikel geschreven over het voorkomen van een voorkeurshouding. Oefen de drie vaardigheden uit je artikel met de babypop in de klas. Ken je iemand in jouw omgeving die een baby heeft? Vraag of je deze opdracht bij hen thuis mag doen. Ken je niemand, dan voer je de opdracht op school uit met een pop. Deze opdracht voer je uit in een groepje van drie. ■ Maak een script of stappenplan waarin je beschrijft wat en hoe je gaat filmen. (take 1; opname baby in de wieg op rug, take 2; opname baby in de wieg op zij, enzovoort). ■ Verdeel de taken. ■ Spreek met het gezin met de baby af wanneer jullie mogen komen filmen. Bespreek ook wat je wilt gaan doen en of je dingen nodig hebt. ■ Maak de opnames. ■ Zorg ervoor dat je respectvol en professioneel bent tijdens de opnames. ■ Monteer jullie opnames tot een filmpje. ■ Vraag je docent waar je het filmfragment kunt opslaan of uploaden. ■ Presenteer je filmfragment aan de groep. Overleg met je docent hoe en wanneer je dit gaat doen. Opdracht 7.2 Na de opnames kijk je de film terug met Annemarie en evalueer je hoe het is gegaan.
Bespreek met je groepsgenoten hoe het filmen ging en wat jullie van het resultaat vonden. Wat ging goed? Leg uit waarom.
Wat ging minder goed? Leg uit waarom.
28
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 8 Flesvoeding en voedingsschema’s
Vandaag is het druk bij groep Rood. Er komen zeven baby’s in de leeftijd tot 1,5 jaar en acht kinderen van 1,5 jaar en ouder. De ouders van de baby’s geven aan wanneer de laatste en de eerste voeding is geweest, zodat de leiding op de groep een gepast voedingsschema kan maken voor iedere baby. Sommige baby’s krijgen borstvoeding mee van thuis die jullie op de juiste tijden geven uit een fles. Andere baby’s krijgen flesvoeding. De hoeveelheid en het aantal flesvoedingen zijn afhankelijk van het gewicht en de leeftijd van het kind. Annemarie vraagt jou om een voedingsschema te maken voor drie baby’s in groep Rood die flesvoeding krijgen.
Lees de theorie Voeding van de baby. Opdracht 8.1 De baby’s zijn van 9 uur tot 18 uur bij het kinderdagverblijf vandaag. ■ Anne is 2,5 maand oud en weegt 4850 gram. Haar eerste voeding vanmorgen was om 7.00 uur en haar laatste voeding was om 23.00 uur gisteren. ■ Suus is 4 maanden oud en weegt 7100 gram. Haar laatste voeding was om 8.30 uur. Suus slaapt na haar laatste voeding om 22.00 uur de nacht door. ■ Ibrahim is 11 maanden oud en weegt 9400 gram. Zijn laatste voeding was om 6.30 uur. Ibrahim krijgt ’s nachts rond 3.00 uur een voeding. Bekijk het schema dat op de achterkant van de voedingspakken staat. Gewicht
Aantal voedingen
Afgestreken schepjes
Water
Totaal voeding
in kilo’s
per 24 uur
poedermelk
(ml)
(ml)
Minder dan 3
7
2
60
65
3 - 3,5
6
3
90
100
3,5 - 4
5
4
120
135
4-5
5
5
150
165
5-6
5
6
180
200
Meer dan 6
4
6
180
200
29
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Maak op basis van deze gegevens het voedingsschema voor Anne, Suus en Ibrahim. Suus en Ibrahim mogen al wat andere voeding naast de flesvoeding. Als voorbeeld is het voedingsschema van Bas alvast ingevuld. Naam kind
Leeftijd kind
Gewicht kind
Aantal flesvoedin- Tijden fles voeden gen per 24 uur
Bas
5 maanden
7500 gram
4
7.00 uur fles 11.00 uur fles 15.00 uur fles 19.00 uur fles
Anne
Suus
Ibrahim
30
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 8.2 Suus heeft koemelkallergie. Zij krijgt daarom speciale flesvoeding.
Er zijn verschillende soorten voeding voor kinderen die de gewone flesvoeding niet verdragen. Zoek op internet op welke soorten flesvoeding er zijn. Zoek met de woorden: soorten flesvoeding. Vul het schema verder in. Geef uitleg bij de soorten flesvoeding in de kolom ‘Omschrijving’. Voeding
Omschrijving
Voeding speciaal voor prematuren en dysmaturen
Voeding bij spugen
Voeding bij krampjes en spijsverteringsproblemen
Voeding voor hongerige baby’s
Hypoallergene voeding
31
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Voeding
Omschrijving
Voeding bij koemelkallergie
Voeding bij lactose-intolerantie
Opdracht 8.3 Annemarie wil voor de begroting van het kinderdagverblijf weten wat de kosten zijn van de flesvoedingen. Ze vraagt jou om dit voor haar uit te zoeken.
Opdracht 8.4 Baby Bas krijgt normale babyvoeding. De inhoud van dit pak is 850 gram en kost 13,99 euro. Per fles heb je 6 schepjes poeder nodig. ■ Vraag je docent naar een pak flesvoeding. ■ Zorg dat je een weegschaal hebt. Hoeveel wegen 6 schepjes poeder?
Hoeveel flesvoedingen kun je uit 1 pak babymelkpoeder halen?
Hoeveel kost 1 flesvoeding?
Hoe lang doet baby Bas ongeveer met 1 pak flesvoeding?
32
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Eindopdracht Opdracht 9 Ibrahim is niet fit
Ibrahim komt na zijn middagslaapje uit bed en is niet fit. Hij huilt en voelt warm aan.
Opdracht 9.1 Wat doe je als je Ibrahim uit bed haalt? Noem vier zaken die je gaat onderzoeken.
Opdracht 9.2 Annemarie heeft de temperatuur van Ibrahim opgenomen. Zijn temperatuur is 39,1 graden. Hij heeft koorts. Annemarie vraagt wat de volgende stap is om te doen.
Wat is de regel bij het kinderdagverblijf als een kind koorts heeft?
33
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Opdracht 9.3 Annemarie vraagt aan jou om de ouders van Ibrahim te bellen, dan kan Annemarie hem ondertussen troosten.
Speel dit rollenspel met een klasgenoot, die de vader of moeder van Ibrahim speelt. ■ Maak eerst aantekeningen van wat je de ouders gaat vertellen. ■ Voer het telefoongesprek met de vader of moeder van Ibrahim (je klasgenoot). ■ Geef objectieve informatie door aan de ouders van ibrahim. ■ De vader of moeder van Ibrahim reageert bezorgd en een beetje emotioneel. Zorg ervoor dat je de vader of moeder een beetje geruststelt en vraag of hij of zij het kind wil komen ophalen. ■ Maak een opname van het gesprek. Bewaar de opname in je portfolio. Opdracht 10 Evalueren
Annemarie wil de dag met je evalueren, want er is veel gebeurd!
Opdracht 10.1 Wat heb je geleerd deze week bij het kinderdagverblijf?
Wat vond je het leukst deze week?
Wat vond je minder leuk? Leg uit waarom.
34
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Oriëntatie op het beroep (LOB) Niemand kent jou beter dan jijzelf. Jij kunt dan ook het beste keuzes maken voor je eigen toekomst. Om deze keuzes goed te kunnen maken, moet je bijvoorbeeld weten waar je interesses liggen en wat je goed kunt. Maar je moet ook weten welke opleidingen je kunt volgen na het vmbo. In deze opdracht ga je je verdiepen in die opleidingsmogelijkheden. Je doet dit samen met een klasgenoot en je gebruikt hierbij internet. Opdracht 11 Afkortingen vmbo, havo en mbo Na het vmbo ben je nog niet klaar om te gaan werken. De meeste leerlingen die het vmbo hebben afgerond, gaan naar het mbo om een vak te leren. Een klein groepje leerlingen kiest ervoor om na het vmbo door te stromen naar de havo. Opdracht 11.1 Wat betekent de afkorting vmbo?
Wat betekent de afkorting mbo?
Hoe zie je aan de namen van deze opleidingsniveaus dat je eerst het vmbo doet en dan naar het mbo gaat?
Wat betekent de afkorting havo?
Opdracht 12 Leerwegen en niveaus Op het vmbo kun je kiezen uit vier verschillende leerwegen. Ook op het mbo zijn er leerwegen, maar deze zijn niet dezelfde als op het vmbo. Opdracht 12.1 Welke leerwegen zijn er op het vmbo?
Welke leerweg volg jij?
Op het mbo zijn er twee verschillende leerwegen. Zoek uit wat deze leerwegen betekenen.
35
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Beroepsopleidende leerweg (BOL):
Beroepsbegeleidende leerweg (BBL):
Welke leerweg op het mbo zou jij het liefst willen doen? Leg uit waarom.
Opdracht 13 Niveaus Het mbo heeft vier niveaus. Opdracht 13.1 Zoek op internet informatie over deze niveaus en beantwoord de volgende vragen in het schema hieronder. ■ Welk diploma heb je nodig om te worden toegelaten? ■ Hoe lang duurt deze opleiding? ■ Is er een minimumleeftijd? ■ Noem een vervolgopleiding die op deze opleiding aansluit. ■ Noem drie beroepen die op deze opleiding aansluiten. mbo Niveau 1: Entreeopleiding Toelating:
Duur:
Minimumleeftijd:
Vervolgopleiding:
36
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Beroepen:
mbo Niveau 2: Basisberoepsopleiding Toelating:
Duur:
Minimumleeftijd:
Vervolgopleiding:
Beroepen:
mbo Niveau 3: Vakopleiding Toelating:
Duur:
Minimumleeftijd:
Vervolgopleiding:
37
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Beroepen:
mbo Niveau 4: Middenkaderopleiding Toelating:
Duur:
Minimumleeftijd:
Vervolgopleiding:
Beroepen:
mbo Niveau 4: Specialistenopleiding Toelating:
Duur:
Minimumleeftijd:
Vervolgopleiding:
38
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
Beroepen:
Opdracht 13.2 Maak een groepje van vier klasgenoten: jouw tweetal samen met een ander tweetal. Vergelijk de schema’s die jullie hebben ingevuld. Vul je schema aan als dat nodig is. Komen jullie onduidelijkheden tegen?
Vraag je docent dan om aan jullie uit te leggen hoe het zit. Opdracht 13.3 Kijk nu nog eens naar de informatie die je hebt opgezocht over de mbo-niveaus. Stel je voor dat jij de opleiding die je nu doet, hebt afgerond. Welk(e) niveau(s) op het mbo zou jij dan kunnen gaan doen?
Opdracht 14 Mbo-opleidingscentra De meeste opleidingen in het mbo worden aangeboden door ROC’s, AOC’s en Vakscholen. Zoek op internet een omschrijving van deze soorten opleidingscentra. ROC (Regionaal Opleidingscentrum):
AOC (Agrarisch Opleidingscentrum):
Vakschool:
Opdracht 14.1 Zoek een ROC, een AOC en een Vakschool bij jou in de buurt. ROC:
39
Mens en zorg Blok 1 Het kinderdagverblijf
AOC:
Vakschool:
Opdracht 14.2 Er zijn ook particuliere instellingen die mbo-opleidingen aanbieden. Deze instellingen krijgen geen geld van de overheid. Studenten aan deze opleidingen moeten soms dan ook meer zelf betalen. Zoek op internet een particuliere mbo-instelling bij jou in de buurt.
Opdracht 15 Havo Sommige leerlingen stromen na het vmbo door naar de havo. Opdracht 15.1 Zoek op internet welke leerwegen van het vmbo toegang geven tot de havo.
Welke andere voorwaarden zijn er om toegelaten te kunnen worden tot de havo?
Zou jij na het vmbo kunnen en willen doorstromen naar de havo? Leg uit waarom wel of niet.
40
MENS EN ZORG MENS EN ZORG Profieldeel Z&W Profieldeel Z&W 3/4 vmbo BB/KB/GL Naam Klas
Mixed Omslag Mens_en_zorg vmbo BB-KB-GL.indd Alle pagina's
21/02/2022 08:38