naam:
Blok 4 9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 1
basis
werkschrift
9/07/20 12:21
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 2
9/07/20 12:21
GROEP 6 basiswerkschrift
Blok 4
© ThiemeMeulenhoff, Amersfoort
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 1
9/07/20 12:21
Blok 4 LES 1
lesdoel Ik oefen kolomsgewijs optellen en aftrekken, ook boven 1000.
1 Nu jij! 738 + 491 =
853 – 278 = 7 3 8
8 5 3
4 9 1 +
2 7 8 –
2 Reken uit. Gebruik het printblad. 765 + 539 =
843 + 467 =
975 – 697 =
654 – 162 =
574 + 327 =
769 + 331 =
724 – 548 =
956 – 627 =
659 + 394 =
695 + 436 =
746 – 277 =
783 – 546 =
458 + 334 =
914 + 348 =
823 – 627 =
873 – 481 =
3 Reken uit. Gebruik het printblad. Op een school zitten 438 meisjes en 375 jongens. Dat zijn samen leerlingen.
Eerst 625 km naar het overnachtingshotel, daarna nog 467 km naar het vakantieadres.
In het stadion zitten 565 supporters van de thuisclub en 277 supporters van de tegenstander.
Dat is totaal
Dat zijn samen
km.
supporters.
Op een parkeerplaats kunnen 845 auto’s staan. Er staan 587 auto’s geparkeerd.
Voor een lego bouwwerk zijn 573 blokjes nodig. In de doos zitten 388 blokjes.
De totale vakantiereis, inclusief een excursie, kost € 1164. De excursie kost € 176.
Er zijn nog
Er zijn nog
De reis kost €
plaatsen vrij.
blokjes nodig
.
4 Reken uit. Gebruik het printblad.
Op avontuur
De liefde
In de ruimte
Wilde dieren
Lorem ipsum
309 bladzijden
Jaap leest de boeken ‘Op avontuur’ en ‘In de ruimte’. Dat zijn bladzijden.
286 bladzijden
Rita leest de boeken ‘De liefde’ en ‘Wilde dieren’. Dat zijn bladzijden.
437 bladzijden
Cora leest de boeken ‘De liefde’ en ‘In de ruimte’. Dat zijn bladzijden
185 bladzijden
Max leest de boeken ‘Op avontuur’ en ‘Wilde dieren’. Dat zijn bladzijden.
2
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 2
9/07/20 12:21
5 Reken uit en kleur het antwoord. Gebruik het printblad. 642 + 379 =
981
1021 1011
758 – 469 =
289
311
299
426 + 794 =
1110 1120 1220
587 – 358 =
231
229
219
275 + 746 =
1021 1011
921
843 – 564 =
321
269
279
764 + 278 =
942
1042 1142
993 – 665 =
428
328
238
6 Reken uit, eerst plus dan min. Gebruik het printblad. 691 + 426 =
564 + 256 =
921 + 342 =
576 + 289 =
691 – 426 =
564 – 256 =
921 – 342 =
576 – 289 =
894 + 277 =
643 + 273 =
728 + 249 =
809 + 312 =
894 – 277 =
643 – 273 =
728 – 249 =
809 – 312 =
7 Geef som en antwoord dezelfde kleur. Gebruik het printblad. 456 + 367 =
1010
734 + 286 =
1020
934 – 375 =
823
656 – 337 =
1002
875 – 596
279
807 – 567 =
319
657 + 353 =
559
738 + 264 =
240
8 Vul de lege plekken in. 7
3 + 19
= 921
94 7
9 4 +
8 3 –
4 0 0 + 1 0 0 =
3 +
–
9 0 = 1 1 0 =
83 = 459
3
1 9
+
–
1 1 9 2 1
= 5 0 0
4 0 –
8 0 =
–
3 =
tekort
1
tekort
4 5 9
3
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 3
9/07/20 12:21
Blok 4 LES 2 1
Deze opgave maak je digitaal.
2 Meet en reken uit.
10 m
15 m
20 m
De omtrek van het weiland
De omtrek van het weiland
De omtrek van het weiland
is
is
is
m.
m.
25 m
m.
50 m
100 m
De omtrek van het weiland
De omtrek van het weiland
De omtrek van het weiland
is
is
is
m.
m.
m.
3 Reken uit. 6 × 45 =
+
=
5 × 328 =
+
+
=
3 × 54 =
+
=
6 × 452 =
+
+
=
7 × 63 =
+
=
3 × 723 =
+
+
=
5 × 82 =
+
=
7 × 455 =
+
+
=
4 Schrijf de som en reken uit.
490 kralen
Ik koop 7 dozen. De som is: Ik heb
Ik koop 3 dozen. ×
kralen.
De som is: Ik heb
Ik koop 6 zakken. ×
kralen.
De som is: Ik heb
× kralen.
4
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 4
9/07/20 12:21
lesdoel Ik oefen kolomsgewijs optellen en aftrekken, ook boven 1000.
5 Reken uit. Gebruik het printblad. 456 + 448 =
824 – 685 =
623 + 429 =
645 – 356 =
624 + 527 =
932 – 434 =
453 + 277 =
922 – 421 =
354 + 293 =
486 – 293 =
426 + 237 =
456 – 267 =
858 + 324 =
946 – 657 =
582 + 246 =
852 – 453 =
6 Reken uit. Gebruik het printblad.
365 kg
837 kg
146 kg
De giraffe en de tijger wegen samen
kg.
De panda en de leeuw wegen samen De tijger en de leeuw wegen samen
kg. kg.
278 kg
De giraffe is
kg zwaarder dan de panda.
De panda is
kg lichter dan de leeuw.
De tijger is
kg zwaarder dan de panda.
7 Omcirkel waar of niet waar. Gebruik het printblad. dierentuin
zaterdag zondag
maandag dinsdag
woensdag donderdag vrijdag
aantal bezoekers
978
541
438
984
367
Op zaterdag zijn er 426 bezoekers meer dan op maandag. In het weekend zijn er 1962 bezoekers. Op donderdag zijn er 365 bezoekers minder dan op vrijdag. Op maandag en dinsdag zijn er 809 bezoekers. Op vrijdag zijn er 216 bezoekers meer dan op woensdag. Op vrijdag zijn er 320 bezoekers minder dan op zondag.
waar waar waar waar waar waar
289
654
niet waar niet waar niet waar niet waar niet waar niet waar
8 Maak een rekenverhaal. 658 + 523 =
956 – 768 =
5
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 5
9/07/20 12:21
Blok 4 LES 3
lesdoel Ik leer rekenen met schaal.
1 Nu jij! Gebruik je liniaal.
Mirthe loopt
m.
Mirthe
Joris loopt
m. 200 m
Joris
2 Meet en reken uit. Gotenborg Het Horntje
Frederikshaven
0
20 km
Van Den Helder naar Het Horntje op Texel
Van Frederikshaven naar Gotenburg is
Den Helder
0
km varen.
is
2 km
km varen.
Moskou
Denemarken A
0
B Zweden
3 km
De brug van Denemarken naar Zweden is
Amsterdam
0
600 km
Van Amsterdam naar Moskou is
km.
km vliegen.
3 Reken uit. 0
200 m
0
500 m
De afstand op de kaart tussen 2 plaatsen is
De afstand tussen 2 plaatsen is in werkelijkheid
12 cm. In werkelijkheid is dit
3000 m. Op de kaart is dit
0
m.
250 m
0
cm.
250 m
De afstand op de kaart tussen 2 plaatsen is
De afstand tussen 2 plaatsen is in werkelijkheid
9 cm. In werkelijkheid is dit
1500 m. Op de kaart is dit
0
m.
m
0
In echt 2500 meter is op de kaart 5 cm.
cm.
m
In het echt 7500 meter is op de kaart 3 cm.
6
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 6
9/07/20 12:22
4 Vul in en teken. 0
2m
0
Een boom is in werkelijkheid 10 m hoog. In mijn schrift is dat
3m
Een huis is in werkelijkheid 12 m hoog. In mijn schrift is dat
cm.
cm.
Teken de boom in je schrift.
Teken het huis in je schrift.
5 Meet en reken uit. Nieuwstraat
Van Abel naar Bob via de Lindenstraat en Molenstraat is
Bob
m. Van Abel via Kastanjelaan m.
eg
sw
en
er kk
meter en gaat via
Ba
De kortste route voor Abel naar school is
Molenstraat
Kastanjelaan
en Nieuwstraat naar Bob is
De kortste weg van Abel naar de supermarkt is m en gaat via
Lindenstraat Abel
Supermarkt Het ein
d
, Het hofje
en Eikenlaan
Bob haalt Abel op. Samen gaan ze naar de Super. Beschrijf de route.
De afstand is
School
20 m
Abel maakt een wandeling van 360 m. Welke route kan dat zijn geweest? Beschrijf de route.
m.
6 Teken de schaallijn en vul de schaal in. Ik heb 50 km gereden. De routeplanner geeft deze route aan. Schaallijn: De schaal is: Ik heb 64 km gereden. De routeplanner geeft deze route aan. Schaallijn: De schaal is:
7
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 7
9/07/20 12:22
Blok 4 LES 4 1
Deze opgave maak je digitaal.
2 Geef de som de kleur van het antwoord. 1,2
1,4
1,8
1,9
1,3
1,7
1,6
1,1
0,4 + 0,8
0,9 + 0,5
1,5 + 0,4
1,1 +0,3
2,3 – 0,6 1,9 – 0,6 1,7 – 0,4 2,1 – 0,4
0,9 + 0,9
0,7 + 0,5
0,2 + 1,2
1,2 + 0,7
2,0 – 0,9 1,9 – 0,3 2,0 – 0,4 2,2 – 1,1
0,8 + 1,1
1,2 + 0,6
1,1 + 0,1
0,8 + 0,6
1,7 – 0,6 2,2 – 0,6 1,7 – 0,1 1,5 – 0,4
1,4 + 0,4
1,3 + 0,6
0,7 + 1,1
0,3 + 0,9
2,0 – 0,3 1,8 – 0,5 2,0 – 0,7 1,9 – 0,2
3 Reken uit. 0,3 + 0,4 =
0,6 + 0,8 =
1 – 0,4 =
1,5 – 0,8 =
0,2 + 0,7 =
0,8 + 0,4 =
0,9 – 0,5 =
1,2 – 0,4 =
0,5 + 0,3 =
0,9 + 0,7 =
0,7 – 0,5 =
1,7 – 0,9 =
0,7 + 0,3 =
0,8 + 0,8 =
0,8 – 0,3 =
1,3 – 0,7 =
4 Vul in en reken uit. 3514 : 7 =
=
+
=
2416 : 8 =
=
+
=
8127 : 9 =
=
+
=
5656 : 7 =
=
+
=
3654 : 6 =
=
+
=
4563 : 9 =
=
+
=
6363 : 7 =
=
+
=
2816 : 4 =
=
+
=
4824 : 6 =
=
+
=
4540 : 5 =
=
+
=
3212 : 4 =
=
+
=
7264 : 8 =
=
+
=
8
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 8
9/07/20 12:22
lesdoel Ik leer rekenen met schaal.
5 Reken uit.
0 0
100 km
20 km km rijden van Zwolle naar Groningen.
km hemelsbreed van Hoek van Holland naar Londen.
6 Teken de schaallijn en vul de schaal in.
De giraf is in werkelijkheid 6 m hoog. Schaallijn:
De palmboom is in werkelijkheid 12 m hoog. Schaallijn:
De Euromast is in werkelijkheid 185 m hoog. Schaallijn:
De schaal is:
De schaal is:
De schaal is:
8 Vul in. schaal
getekend
echt
trap
0
50 cm
5 cm
cm
schuur
0
80 cm
4 cm
cm
boom
0
500 cm
3 cm
cm
toren
0
3000 cm 6 cm
cm
schaal
getekend
echt
auto
0
60 cm
cm
300 cm
trein
0
400 cm
cm
160 cm
schip
0
750 cm
cm
2250 cm
3500 cm
cm
21.000 cm
wolkenkrabber 0
9
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 9
9/07/20 12:22
Blok 4 LES 5 1 Reken handig. 64
:
=
want
×
=
56 : 8 = ×
want =
28
28 : 7 = ×
want
36 : 6 =
=
×
want =
30
20 : 6 = ×
want
42 : 7 =
=
×
want =
2 Nu even anders. Teken het raam van de klas in je schrift. Kijk naar de schaalafmeting.
0
100 cm
Vergroot de afbeelding op het schoolplein of op een apart blad.
0
50 cm
10
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 10
9/07/20 12:22
extra oefenen 1 Reken uit. Gebruik het printblad. 679 + 256 =
747 + 464 =
875 – 687 =
546 – 363 =
474 + 328 =
569 + 432 =
943 – 567 =
952 – 625 =
529 + 384 =
645 + 496 =
846 – 437 =
837 – 549 =
256 + 725 =
573 + 548 =
743 – 537 =
773 – 284 =
2 Reken uit. Gebruik het printblad. Op de hockeyclub spelen 278 meisjes en 446 jongens. op de hockeyclub.
Op ‘De Klinker’ zitten 567 leerlingen. Op ‘Het Kompas’ 348 leerlingen.
kinderen zitten
Dat zijn samen
Op een parkeerplaats kunnen 925 auto’s staan. Er staan 673 auto’s geparkeerd. Er zijn nog
plaatsen vrij.
leerlingen.
976 deelnemers aan een meerdaagse wandeltocht. 288 deelnemers vallen uit. deelnemers halen de eindstreep.
3 Meet en reken uit. auto fiets boot
Met de auto van Volendam naar Marken is
km.
Met de boot van Volendam naar Marken is
km.
Met de fiets van Monnickendam naar Marken is
km.
2 km
4 Teken de schaallijn en vul in.
De Eiffeltoren is in werkelijkheid 300 m hoog. Schaallijn:
De Domtoren is in werkelijkheid 112 m hoog. Schaallijn:
De Blaaktoren is in werkelijkheid 60 m hoog. Schaallijn:
De schaal is:
De schaal is:
De schaal is:
11
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 11
9/07/20 12:22
Blok 4 LES 6
lesdoel Ik leer over kommagetallen als 0,01.
1 Nu jij!
0
1
0,32 + 0,04 =
0,32 + 0,08 =
0,87 – 0,05 =
0,87 – 0,08 =
0,32 + 0,4 =
0,32 + 0,48 =
0,87 – 0,07 =
0,87 – 0,18 =
2 Vul in en maak vast. 0
0,55 0,5
1
0,35
0,75 0,5
1
0,43
0,37
0,56
0,71
0,62
0,65
0,52
0,8
0,91
0,76
3 Reken uit. Je mag de getallenlijn gebruiken.
0
1
0,18 + 0,16 =
0,57 + 0,12 =
0,83 – 0,06 =
0,73 – 0,35 =
0,65 + 0,26 =
0,49 + 0,13 =
0,96 – 0,17 =
0,94 – 0,88 =
0,44 + 0,34 =
0,64 + 0,21 =
0,48 – 0,33 =
0,67 – 0,23 =
0,29 + 0,56 =
0,77 + 0,17 =
0,59 – 0,25 =
0,43 – 0,18 =
4 Maak 2 getallen vast die samen 0,75 zijn.
0,71
0,46 0,49
0,42
0,04
0,56
0,54
0,43
0,19 0,28
0,11
0,26
0,16
0,18
0,32
0,21 0,64 0,47
0,59
0,29
0,58
0,06
0,61
0,37
0,33 0,17
0,38 0,14
0,52
0,57 0,23
0,69
12
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 12
9/07/20 12:22
5 Reken uit en kleur. Antwoorden tussen: 0 – 0,5
0,51 – 1
1,01 – 1,5
1,5 – 2
2,01 – 2,5
1,48 – 0,23
2,2 + 0,25
1,3 + 0,5
0,8 – 0,4
1,73 – 0,22
1,11 + 0,33
0,2 + 0,25
0,45 + 0,14
1,6 – 0,42
0,99 – 0,25
2,75 – 0,3
0,78 – 0,15
0,9 – 0,6
1,65 + 0,15
2,9 – 0,65
1,25 + 0,2
2,05 + 0,35
1,2 + 0,75
0,4 + 0,43
1,99 – 0,16
6 Zet van klein naar groot. 2,02
0,02
2,22
0,22
2,2
4,4
0,4
0,44
4,04
0,04
0,1
1,11
0,11
1,01
0,01
0,3
0,33
3,33
3,03
3,3
0,05
0,55
4,05
4,5
0,5
1,2
0,75
2,02
0,5
3,5
7 Reken uit. 2,15 + 0,03 =
3,1 + 0,25 =
3,78 – 0,21 =
4,73 – 0,2 =
3,36 + 0,45 =
2,65 + 0,23 =
5,42 – 0,34 =
6,65 – 0,45 =
1,17 + 0,81 =
5,15 + 0,77 =
6,99 – 0,78 =
3,45 – 0,37 =
6,35 + 0,56 =
6,26 + 0,44 =
4,35 – 0,23 =
8,74 – 0,53 =
8 Vul in. , ,
, ,
+ +
– –
= 4,52
,
= 4,52
,
= 1,34
,
= 1,34
,
13
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 13
9/07/20 12:22
Blok 4 LES 7 1
Deze opgave maak je digitaal.
2 Lees af en vul in. De meeste bezoekers komen op:
1000 900
De minste bezoekers komen op:
aantal bezoekers
800
Er komen 500 bezoekers op:
700 600
Op donderdag komen er 400 minder dan op:
500 400 300
Op maandag komen er
200
bezoekers.
Op dinsdag komen er
100
bezoekers.
0 ma
di
wo
do
vr
za
zo
3 Reken uit. 3,4 + 5,3 =
3,9 + 5,8 =
9,8 – 3,6 =
9,8 – 6,6 =
4,3 + 2,4 =
5,4 + 2,2 =
6,3 – 4,5 =
8,2 – 7,4 =
2,7 + 4,5 =
3,5 + 6,1 =
5,6 – 4,9 =
8,4 – 6,1 =
3,5 + 4,2 =
5,1 + 3,7 =
9,9 – 1,8 =
4,8 – 4,1 =
4 Maak 3 getallen vast die samen 4 zijn. 1,6 1,3
2,1
1,7
0,2 2,5
2,3 1,1
2,1 2,0 0,6
2,8 0,5
0,3
1,4
0,1 1,3
1,5
1,6
0,2 1,1
1,4 1,2
2,1
14
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 14
9/07/20 12:22
lesdoel Ik leer over kommagetallen als 0,01.
5 Maak vast. 0,4
0,8 0,15
0,42
0,68
0,51
0,44
0,59
0,45
0,55
0,28
0,16
0,42
0,35
0,39
0,85 0,25
0,76
0,51
0,46
0,82
0,65
0,69
0,4
0,61
0,29
0,54
0,63
0,7 0,55
0,3
0,36
0,68
0,51
0,44
0,59
0,95
0,64
0,56
0,91
0,77
0,84
6 Vul in. Kies uit: +, –, =. 7,63
2,41
5,22
7,35
2,54
9,89
4,54
1,37
5,91
9,22
3,53
12,75
9,97
2,26
7,71
8,12
0,27
8,39
1,44
3,35
4,79
8,38
1,37
9,75
8,89
7,64
1,25
7,19
6,56
13,75
6,95
4,43
2,52
3,82
2,11
1,71
7 Kleur de route. Steeds 0,05 erbij. start 3, 15
3,2
3,3
3,4
3,6
3,7
3,65
4,1
4,15
4,15
3,25
3,25
3,5
3,6
3,7
3,75
3,8
4,05
4,20
4,45
3,4
3,3
3,35
3,3
3,65
3,4
3,85
4
4,25
4,30
3,2
3,55
3,4
3,35
3,6
3,55
3,9
3,95
4,35
4,35
3,3
3,4
3,45
3,5
3,55
3,7
3,8
4,1
4,2
4,40 einde
8 Reken uit. 3,2 1,18
2,16
1,5 2,23
5,07
2,24
3,62
4,25
4,34
3,11
6,34
9 Vul in.
heel goed
goed
een beetje
bijna
Kommagetallen als 0,01 begrijp ik:
15
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 15
9/07/20 12:22
Blok 4 basiswerkschrift
9 789006 908190
9789006908190_gr6_bws_blok4.indd 54
9/07/20 12:24