Skip to main content

Traject Welzijn Verpleging PW Theorieboek

Page 1

mb o

THEORIEBOEK NIVEAU 3 &  4

TRAJECT WELZIJN

Verzorging PW pedagogisch werk

PW Verzorging PW THEORIEBOEK Untitled-1 1

25/11/2020 07:44 4/05/20 13:38


Untitled-1 2

25/11/2020 07:44


Verzorging PW NIVEAU 3 & 4

Untitled-1 3

25/11/2020 07:44


Untitled-1 4

25/11/2020 07:44


THEORIEBOEK

NIVEAU 3 & 4

Verzorging PW pedagogisch werk

J.H.M. JACOBS-LAAGLAND Onder redactie van: M.H.A.J. GLOUDEMANS R.F.M. VAN MIDDE

Untitled-1 5

25/11/2020 07:44


Colofon Auteurs M. Baseler J. Bouman J. Muis A.C. Verhoef Met tekstbijdragen van Rubus Opleidingspartners Redactie M.H.A.J. Gloudemans R.F.M. van Midde Fotografie omslag Mathilde Karrèr Opmaak Imago Mediabuilders, Amersfoort

Over ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich van educatieve uitgeverij tot een learning design company. We brengen content, leerontwerp en technologie samen. Met onze groeiende expertise, ervaring en leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van onderwijs. Zo kunnen we samen beter recht doen aan de verschillen tussen lerenden en scholen en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt. Samen leren vernieuwen. Over ThiemeMeulenhoff

ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich van educatieve uitgeverij tot een learning design company. We brengen content, leerontwerp en technologie samen. Met onze www.thiememeulenhoff.nl

groeiende expertise, ervaring en leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van onderwijs. Zo kunnen we samen beter recht doen aan de verschillen tussen lerenden en scholen en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt.

ISBN 978 90 06 85880 8 Theorieboek Verzorging PW plus Studentlicentie 1 jaar Samen978 leren ISBN 90vernieuwen. 06 85903 4 Theorieboek Verzorging PW plus Studentvoucher 1 jaar Eerste druk, vierde oplage, 2020 www.thiememeulenhoff.nl ISBN 978 90 068 5899 0 Theorieboek Thuisbegeleider MZ plus Studentlicentie 1 jaar © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2020

ISBN 978 90 068 5922 5 Theorieboek Thuisbegeleider MZ plus Studentvoucher 1 jaar

Alle rechten voorbehouden. Eerste druk, eerste oplage, 2018 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2018 voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige

Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan grond of van artikel 16Bmanier, Auteurswet j° het Besluit van 23 augustus van 1985, vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, op opnamen, enig andere zonder 1912 voorafgaande schriftelijke toestemming de uitgever. Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl. 471 en artikel 17 uitgave in bloemlezingen, enwettelijk andereverschuldigde compilatiewerken (artikelte16 Auteurswet) dientPublicatiemen zich en totReproductierechten de uitgever te wenden. Voor meerPostbus Auteurswet 1912, dient men dereaders daarvoor vergoedingen voldoen aan Stichting Organisatie (PRO), informatie over het gebruik van muziek, film en het hetovernemen maken van in het onderwijs www.auteursrechtenonderwijs.nl. 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Voor vankopieën gedeelte(n) uit deze uitgavezie in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www. auteursrechtenonderwijs.nl.

De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden,dekunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen De uitgever heeft ernaar gestreefd auteursrechten te regelen volgens de wettelijke gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.

Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Deze uitgave dat is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Dit betekent de bosbouw voor het gebruikte papier op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.

Untitled-1 6

25/11/2020 07:44


Ten geleide

De afgelopen jaren zijn de beroepsopleidingen voor Maatschappelijke zorg, Pedagogisch werk en Sociaal werk aangepast aan de ontwikkelingen in de beroepspraktijk. De veranderde eisen aan het beroep en de beroepsuitoefening zijn uitgewerkt in nieuwe kwalificatiedossiers. Deze kwalificatiedossiers, opgebouwd uit kerntaken en werkprocessen, vormen de basis voor de inrichting van de huidige opleidingen binnen Welzijn. De leermiddelen van Traject Welzijn zijn ontwikkeld voor en sluiten aan bij deze kwalificatiedossiers. De Pedagogisch werker Pedagogisch werkers werken in de kinderopvang, het onderwijs of in een combinatievorm van beide. De student kan kiezen voor het profiel pedagogisch medewerker kinderopvang, gespecialiseerd medewerker kinderopvang of onderwijsassistent. De doelgroep van de pedagogisch werker is zeer divers, en bestaat onder andere uit: • kinderen tot twaalf jaar zonder problemen; • kinderen tot twaalf jaar met een achterstand, een leer- of gedragsprobleem; • jongeren vanaf twaalf jaar zonder problemen; • jongeren met gedrags- en opvoedingsproblemen; • kinderen en jongeren met een verstandelijke, lichamelijke of zintuigelijke beperking. Het kwalificatiedossier Pedagogisch werk vormt de basis voor de inrichting van de huidige opleidingen voor beroepen in dit domein. Het leermiddelenaanbod voor de opleiding Pedagogisch werk – die deel uitmaakt van Traject Welzijn – is gebaseerd op vier belangrijke uitgangspunten:

Untitled-1 7

• de leermiddelen zijn ontwikkeld vanuit de beroepsuitoefening. Het beroepsonderwijs binnen Traject Welzijn wordt in belangrijke mate bepaald door de aard van de ondersteuningsvragen en door de context waarin de beroepsuitoefening plaatsvindt; • sterk didactisch concept. De leermiddelen zijn ontwikkeld op basis van leerstijlen en leerervaringen van mbo-studenten. Traject Welzijn houdt rekening met de verschillende leerstijlen van mbo-studenten en verschillende onderwijsstijlen van docenten; • bij de indeling van de leermiddelen is rekening gehouden met de basisfase en de profielfase; • er is rekening gehouden met het perspectief van doorstroming tussen mbo-niveau 3 en mbo-niveau 4. Het didactisch concept van Traject Welzijn gaat nadrukkelijk uit van bovenstaande uitgangspunten, waardoor het vakbekwame leren optimaal wordt ondersteund en mogelijk wordt gemaakt. Traject Welzijn houdt bovendien rekening met de mbo-student door het taalniveau (2F voor de basisfase, 3F voor de profielfase niveau 4) af te stemmen op de doelgroep en door (praktijk) voorbeelden en (praktijk)opdrachten zo te formuleren dat de mbo-student zich aangesproken voelt. De leermiddelen zijn zo ontwikkeld dat zowel mbo-studenten met een meer theoretische, als mbo-studenten met een meer praktische inslag er gebruik van kunnen maken. Traject Welzijn is inzetbaar binnen elk didactisch model en biedt de docent de ruimte om zelf invulling te geven aan zijn rol.

25/11/2020 07:44


Traject Welzijn sluit volledig aan bij actuele opvattingen over flexibiliteit en zelfstandig leren. Dat betekent onder andere dat er gewerkt wordt met uitgaven die ingedeeld zijn in thema’s die bestaan uit theorie en de daarbij behorende verwerkingsopdrachten, praktijksituaties en evaluatie middels de studiehulp. Daarnaast komen de beroepsvaardigheden en de houdingsaspecten van de (beginnende) beroepsbeoefenaar expliciet aan de orde. Deze elementen vormen immers een essentieel onderdeel van de beroepsuitoefening. Theoretische onderbouwing Het onderdeel ‘theorie’ voor de basisfase Pedagogisch werk bevat alle basiskennis en achtergrondinformatie die hoort bij de betreffende werkprocessen. De leerstof bevat veel voorbeelden uit de beroepspraktijk. De theorieboeken voor de profielfase Pedagogisch werk gaan verdiepend in op de verschillende profielen die worden onderscheiden: P1: Pedagogisch medewerker kinderopvang P2: Gespecialiseerd pedagogisch medewerker P3: Onderwijsassistent

• het aanleren van beroepsvaardigheden. Het onderdeel ‘vaardigheden’ biedt opdrachten die zijn gericht op het stapsgewijs aanleren van sociaal-agogische, communicatieve, verzorgende en creatieve vaardigheden; • thema-opdrachten gericht op integrale verwerking van de afzonderlijke thema’s; • evaluatie met behulp van de studiehulp en reflectie. Deze onderdelen zijn consequent terug te vinden in het volledige aanbod van Traject Welzijn. De combinatie van deze onderdelen maakt het leren vanuit verschillende invalshoeken mogelijk en kan zowel in een onderwijssituatie als in de beroepspraktijk plaatsvinden. Wij hopen dat gebruikers, zowel mbo-studenten als docenten, op een plezierige en zinvolle manier met Traject Welzijn kunnen werken. Heeft u vragen of suggesties, dan stellen wij het bijzonder op prijs als u contact met ons opneemt.

Amersfoort, 2016 Redactie en uitgever

Werkboeken De werkboeken sluiten, dankzij hun thema- en hoofdstukindeling, naadloos aan bij de leerstof en indeling van de theorie. Dit geldt zowel voor de leermiddelen gericht op de basisfase als voor de leermiddelen gericht op de profielfase. Via de werkboeken kunnen de studenten zich de leerstof eigen maken door middel van: • verwerkingsopdrachten voor de leerstof in de theorie; • praktijksituaties met opdrachten. De praktijksituaties geven realistische beschrijvingen van de praktijk in het Pedagogisch werk. Hierin komen problemen en dilemma’s aan de orde waarmee beroepsbeoefenaren te maken krijgen in hun dagelijkse werk en waarbij van hen verwacht wordt dat ze met een oplossing en aanpak komen;

Untitled-1 8

25/11/2020 07:44


Inhoud

Thema 1 Gezond gedrag en hygiĂŤne 1 1.1 1.2 1.3

1.4

1.5

2 2.1 2.2 2.3

2.4

2.5

3 3.1 3.2

19

Gezondheid 21 Inleiding 22 Gezond en ongezond 22 Lichamelijk, geestelijk en sociaal aspect van gezondheid 23 1.3.1 Beleving 24 1.3.2 Welbevinden 25 Gezondheidsbevorderende en gezondheidsbedreigende factoren 1.4.1 Gezond gedrag 26 1.4.2 HygiĂŤne 26 Ziekte 27 1.5.1 Objectieve en subjectieve symptomen 27 1.5.2 Diagnose en behandeling 28 1.5.3 Wel of niet naar de huisarts 28

26

Zorg voor gezondheid 30 Inleiding 31 Zelfzorgtekorten 31 Verschillende vormen van zorg 32 2.3.1 Zelfzorg 32 2.3.2 Mantelzorg 32 2.3.3 Professionele zorg 33 Zelfredzaamheid 33 2.4.1 Vormen van zelfredzaamheid 35 2.4.2 Voorwaarden om tot zelfredzaamheid te komen 36 2.4.3 Zelfredzaamheidszorg 38 Zelfbepaling 40 2.5.1 Zelfbewustzijn en zelfwaardering 41 2.5.2 Omgeving 41 2.5.3 Zelfbepaling op momenten dat het leven tegenzit 41 2.5.4 Zelfbepaling van de ander 42 Gezondheidsvoorlichting en preventie 43 Inleiding 44 GVO 44 3.2.1 Informatie en vaardigheden 44 3.2.2 Intentionele GVO en faciliterende GVO 44

1 7

Untitled-1 9

25/11/2020 07:44


3.3 3.4 3.5

Jeugdgezondheidszorg en consultatiebureau 45 Consultatiebureau voor alcohol en drugs 47 Seks en gezondheid 47

Begrippen

48

Thema 2 Lichamelijke verzorging 4 4.1 4.2 4.3

4.4

4.5

4.6 5 5.1 5.2

5.3 5.4 5.5

6 6.1 6.2 6.3 6.4

Lichamelijke verzorging 54 Inleiding 55 Doel van de lichamelijke verzorging Bouw en functie van de huid 57 4.3.1 Functies van de huid 57 4.3.2 Bouw van de huid 58 Nagels en gebit 59 4.4.1 Nagels 59 4.4.2 Gebit 60 Zelfredzaamheid 61 4.5.1 Vertrouwen 62 4.5.2 Professionaliteit 63 Signaleren en rapporteren 64

53

55

Hulp en ondersteuning bij de hygiĂŤnische verzorging van doelgroepen Inleiding 67 HygiĂŤnische verzorging van de baby 67 5.2.1 Baden 67 5.2.2 Verzorging van neus, oren, nagels en luiergebruik 68 5.2.3 Bijzondere verzorgingsmaatregelen 70 Verzorging van jonge kinderen 71 Lichamelijke verzorging en jongeren in het voortgezet onderwijs 72 Persoonlijke verzorging van kinderen met een beperking 73 5.5.1 Verzorgen is ook begeleiden 74 5.5.2 Gewoonten en wensen 74 5.5.3 Rekening houden met de fysieke integriteit 74 5.5.4 Rekening houden met de leeftijd en de culturele achtergrond 75

66

Regels en procedures 76 Inleiding 77 Werkplanning 77 Toepassen van milieurichtlijnen 77 Uitgaan van beroepsnormen 78

Begrippenlijst

81

1 8

Untitled-1 10

25/11/2020 07:44


Thema 3 Ondersteuning bij eten en drinken 7 7.1 7.2 7.3

7.4 7.5 8 8.1 8.2

8.3

8.4

8.5

85

Eten en drinken als bron van energie 86 Inleiding 87 Waarom mensen eten 87 Spijsvertering 87 7.3.1 Mond 89 7.3.2 Slokdarm 89 7.3.3 Maag 90 7.3.4 Twaalfvingerige darm 91 7.3.5 Lever 91 7.3.6 Alvleesklier 92 7.3.7 Dunne darm 93 7.3.8 Dikke darm 94 Gezond eten en gezond eetgedrag 96 7.4.1 Schijf van Vijf 96 Eetproblemen en eetstoornissen 98 Voeding van baby’s, peuters, kleuters, schoolkinderen en tieners Inleiding 100 Voeding van baby’s 100 8.2.1 Moedermelk en poedermelk 100 8.2.2 Vaste voeding 103 8.2.3 Smaakontwikkeling 105 8.2.4 Bereiden en bewaren 105 8.2.5 Oefening baart kunst 106 Voeding van peuters 107 8.3.1 Voedingsrituelen 108 8.3.2 Koppigheidsfase 109 8.3.3 Bereiding en bewaren 110 8.3.4 Voedselallergieën 110 Voeding van kleuters 111 8.4.1 Uitgebalanceerd menu 112 8.4.2 Ritme en regelmaat 113 8.4.3 Zo zijn onze manieren 113 8.4.4 Signaleringsfunctie 114 Voeding van schoolkinderen 114 8.5.1 Ontbijt, een belangrijke start 116 8.5.2 Lunch en avondeten 117 8.5.3 Omgevingsinvloed op voeding 117 8.5.4 Eetgewoonten 118 8.5.5 Uit balans 119

99

1 9

Untitled-1 11

25/11/2020 07:44


8.6

9 9.1 9.2 9.3 9.4

Voeding voor jongeren 119 8.6.1 Jongeren in de groei 120 8.6.2 Voedingspatroon van jongeren 121 8.6.3 Eetgewoonten van jongens en meiden

Regels, beleid en advies 125 Inleiding 126 Gezondheidsrisico’s 126 HygiÍnecode voor kleine instellingen 126 9.3.1 Beheersing van de risico’s op besmetting Jeugdgezondheidszorg 129

Begrippen

132

Thema 4

Ondersteuning bij de uitscheiding

10 10.1 10.2

10.3 10.4 10.5 10.6

10.7 10.8 10.9

11 11.1 11.2

122

127

135

Uitscheiding van urine 137 Inleiding 138 Nieren 138 10.2.1 Bouw van de nier 139 10.2.2 Nefronen 139 10.2.3 Functies van de nieren 139 Urine 139 Urineleiders 140 Blaas 140 Urine observeren 140 10.6.1 Observatiepunten 140 10.6.2 Teststrips 141 10.6.3 Rapportage van observatiegegevens 142 10.6.4 Soortelijk gewicht 142 10.6.5 Laboratoriumonderzoek 142 Hulp bieden bij incontinentie 143 10.7.1 Aangepast toilet en hulpmiddelen 143 Niet kunnen urineren 144 Urine-incontinentie 145 10.9.1 Zorg bij urine-incontinentie 145 10.9.2 Behandeling van incontinentie 147 Uitscheiding van feces Inleiding 150 Feces 150

149

1 10

Untitled-1 12

25/11/2020 07:44


11.3

11.4

11.5 11.6

12 12.1 12.2

12.3

12.4

12.5

Feces observeren 150 11.3.1 Observatiepunten 150 11.3.2 Rapportage van observatiegegevens 151 11.3.3 Laboratoriumonderzoek van ontlasting 151 Zindelijkheid 151 11.4.1 Wanneer worden peuters zindelijk? 151 11.4.2 Potjestraining 152 11.4.3 Zindelijk worden 152 Hulp bieden bij de defecatie 153 Defecatieproblemen 154 11.6.1 Aarsmaden 154 11.6.2 Incontinentie 154 11.6.3 Diarree 155 11.6.4 Obstipatie 155 11.6.5 Aambeien 156 Uitscheiding: transpiratievocht, menstruatiebloed, sputum en braaksel Inleiding 158 Transpiratie 158 12.2.1 Warmteafvoer 158 12.2.2 Transpiratie observeren en rapporteren 159 12.2.3 Verzorging bij hevig transpireren 159 Menstruatie 159 12.3.1 Veelvoorkomende klachten 160 12.3.2 Verzorging bij menstruatie 160 12.3.3 Rapportage van observatiegegevens 161 Sputum 161 12.4.1 Sputum observeren en rapporteren 161 12.4.2 Sputum opvangen 162 Braaksel 162 12.5.1 Oorzaken van misselijkheid en braken 162 12.5.2 Braaksel observeren en rapporteren 162 12.5.3 Zorg bij braken 162

Begrippen

164

Thema 5 Zorg bij ziekten en aandoeningen 13 13.1

157

Beperkingen en stoornissen Inleiding 169

167

168

1 11

Untitled-1 13

25/11/2020 07:44


13.2

13.3

14 14.1 14.2

14.3

14.4

14.5 15 15.1 15.2

15.3

15.4

15.5 15.6 15.7

Stoornis, beperking, handicap en ziekte 169 13.2.1 Stoornis 169 13.2.2 Beperking 170 13.2.3 Handicap 171 13.2.4 Ziekte 172 13.2.5 Aandoening 172 Vormen van beperkingen 172 13.3.1 Beperkingen op lichamelijk gebied 172 13.3.2 Beperkingen op verstandelijk gebied 173 13.3.3 Aangeboren beperkingen 173 13.3.4 Niet-aangeboren beperkingen 173 Kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking 175 Inleiding 176 Kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking 176 14.2.1 Het hebben van een verstandelijke beperking 176 14.2.2 Definitie van verstandelijke beperking 176 Indelingen van kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking 14.3.1 Indeling op basis van intelligentie 177 14.3.2 Indeling naar niveaus 177 Doelgroepen die om een specifieke benadering vragen 179 14.4.1 Kinderen en jongeren met specifieke syndromen 179 14.4.2 Kinderen en jongeren met een meervoudige beperking 180 Een andere ontwikkeling 181

177

Kinderen en jongeren met een lichamelijke beperking 182 Inleiding 183 Kinderen en jongeren met een lichamelijke beperking 183 15.2.1 Het hebben van een lichamelijke beperking 183 15.2.2 Leven met een lichamelijke beperking 183 15.2.3 Functiebeperkingen op lichamelijk gebied 184 Kinderen en jongeren met een motorische beperking 185 15.3.1 Dwarslaesie 185 15.3.2 Spina bifida 186 15.3.3 Spierziekten 186 Kinderen en jongeren met een zintuiglijke beperking 186 15.4.1 Doofheid 187 15.4.2 Slechthorendheid 187 15.4.3 Aandachtspunten voor de communicatie 187 15.4.4 Blindheid 188 15.4.5 Slechtziendheid 188 15.4.6 Aandachtspunten voor communicatie 189 Kinderen en jongeren met een orgaanbeperking 189 15.5.1 Diabetes 190 Niet-aangeboren hersenletsel 191 Epilepsie 191

1 12

Untitled-1 14

25/11/2020 07:44


16 16.1 16.2

16.3

16.4

16.5

16.6

16.7

17 17.1 17.2

Ziekten en aandoeningen 192 Inleiding 193 Oorzaken van ziekten en aandoeningen 193 16.2.1 Inwendige oorzaken 193 16.2.2 Uitwendige oorzaken 193 Infectieleer 194 16.3.1 Infectieziekten en micro-organismen 194 16.3.2 Binnendringen van micro-organismen 194 16.3.3 Ontsteking 195 16.3.4 Besmetting en infectie 195 16.3.5 Incubatietijd 196 16.3.6 Weerstand en immuniteit 196 Veelvoorkomende infectieziekten 199 16.4.1 Verkoudheid, griep en RS-virus 200 16.4.2 Herpesvirus 200 16.4.3 Hepatitis 200 16.4.4 Soa’s 201 16.4.5 Voedselvergiftiging en voedselinfecties 202 16.4.6 Schimmelinfecties 202 16.4.7 Wratten 202 16.4.8 Impetigo 202 Ziekten veroorzaakt door macro-organismen 203 16.5.1 Hoofdluis 203 16.5.2 Aarsmade en spoelworm 203 Leeftijdgebonden ziekten 204 16.6.1 Wiegendood 204 16.6.2 Zuigflescariës 204 16.6.3 Buikpijn, misselijkheid en braken bij jonge kinderen 16.6.4 Kinderziekten 206 16.6.5 Ziekten bij pubers en adolescenten 209 Welvaartsziekten 210 16.7.1 Astma 210 16.7.2 Allergieën en eczeem 211 16.7.3 Kanker 211

205

Zorg bij ziekte en aandoeningen 213 Inleiding 214 Ziekte signaleren 214 17.2.1 Ouders waarschuwen 214 17.2.2 Huisarts inschakelen 215 17.2.3 Anderen waarschuwen 215

1 13

Untitled-1 15

25/11/2020 07:44


17.3

17.4

Het verzorgen bij ziekte 215 17.3.1 Koorts 215 17.3.2 Pijn en pijnstillers 216 17.3.3 Drinken en eten 217 17.3.4 Kleding 217 17.3.5 Verwennen 217 17.3.6 Uitzieken is vaak het beste 217 Verspreiding van ziekte voorkomen 219 17.4.1 De pedagogisch werker als besmettingsbron

Begrippen

220

Thema 6

EHBO en geneesmiddelen

18 18.1 18.2

219

227

18.8

Eerste hulp verlenen: de basis 229 Inleiding 230 Eerste hulp verlenen 230 18.2.1 Blijf rustig 230 18.2.2 Alleen verantwoorde hulp verlenen 231 18.2.3 EHBO en BHV 231 Basisregels eerste hulp 231 18.3.1 Let op gevaar 231 18.3.2 Ga na wat er is gebeurd en wat het slachtoffer mankeert 232 18.3.3 Stel het slachtoffer gerust en zorg voor beschutting 232 18.3.4 Zorg voor deskundige hulp 232 18.3.5 Help het slachtoffer op de plaats waar hij ligt of zit 232 Vitale functies 233 Stoornissen in het bewustzijn 234 18.5.1 Oorzaken van bewusteloosheid 234 18.5.2 Bewustzijn beoordelen 234 Stoornissen in de ademhaling 235 18.6.1 Oorzaken van ademhalingsstoornissen 235 18.6.2 Slachtoffer van buik op rug draaien 235 18.6.3 Controleren van de ademhaling 235 18.6.4 Ademweg vrijmaken en vrijhouden 236 18.6.5 Ernstige verslikking 236 Circulatiestoornissen 239 18.7.1 Eerste hulp bij zichtbaar bloedverlies 239 18.7.2 Shock 240 Stabiele zijligging 240

19 19.1

Verbandmiddelen en EHBO Inleiding 243

18.3

18.4 18.5

18.6

18.7

242

1 14

Untitled-1 16

25/11/2020 07:44


19.2

19.3

19.4

19.5 19.6

20 20.1 20.2

20.3

20.4

Eigenschappen van verbandmiddelen 243 19.2.1 Steriele en hydroďŹ ele verbandmiddelen 243 19.2.2 Zwachtels 243 19.2.3 Watten 244 19.2.4 Snelverbanden 244 19.2.5 Klevende verbandmiddelen 244 Functie van verbandmiddelen 245 19.3.1 Dekverband 245 19.3.2 Wonddrukverband 245 19.3.3 Drukverband 247 19.3.4 Rust- en steungevend verband 247 Andere hulpmiddelen 247 19.4.1 Ontsmettingsmiddelen 247 19.4.2 Verbandklemmetjes, netverband en veiligheidsspelden 19.4.3 Verbandschaar 248 19.4.4 Isoleerdeken 249 19.4.5 Blusdeken 249 Verbandtechnieken 249 Verbandtrommel 250 19.6.1 Goed gebruik van de verbandtrommel 251 19.6.2 Inhoud verbandtrommel 251

248

Uitwendige en inwendige verwondingen 253 Inleiding 254 Uitwendige verwonding 254 20.2.1 Reinigen en ontsmetten van wonden 254 20.2.2 Bepalen welke eerste hulp nodig is 255 20.2.3 Naar een arts of niet? 255 Verschillende uitwendige verwondingen 255 20.3.1 Schaafwond 255 20.3.2 Snijwond 256 20.3.3 Bijtwonden en krabwonden 256 20.3.4 Splinterverwonding 257 20.3.5 Blaar 258 20.3.6 Brandwond 258 Inwendige verwonding 260 20.4.1 Bepalen welke eerste hulp nodig is 260

1 15

Untitled-1 17

25/11/2020 07:44


20.5

Verschillende inwendige verwondingen 261 20.5.1 Blauwe plek 261 20.5.2 Beknelde vinger 262 20.5.3 Verstuiking en kneuzing 262 20.5.4 Ontwrichting 262 20.5.5 Botbreuk 263 20.5.6 Hersenletsel 263 20.5.7 Hartstilstand 264 20.5.8 Ongeval met elektriciteit 264 20.6 Overige letsels en verwondingen 265 20.6.1 Oogletsel 265 20.6.2 Insectensteek 265 20.6.3 Neusbloeding 266 20.6.4 Tand door de lip en uitgeslagen tand 266 20.6.5 Flauwte 267 20.6.6 Hyperventilatie 268 20.6.7 Oververhitting en zonnesteek 268 20.6.8 Onderkoeling 269 20.7 Vreemde stoffen in het lichaam 270 20.7.1 Stoffen in het oog 270 20.7.2 Stoffen in het oor 270 20.7.3 Stoffen in de neus 270 20.7.4 Stoffen in het spijsverteringskanaal 270 20.8 Vergiftiging 270 20.8.1 Vergiftiging voorkomen 271 20.8.2 Eerste hulp bij vergiftigingen 272 20.9 Preventie van ongevallen 272 20.9.1 Voorkomen van ernstige ongevallen 275 20.9.2 Voorkomen van brand 275 20.9.3 Contact met bloed vermijden 276 20.10 Nazorg en verwerking 276 21 21.1 21.2

21.3

21.4 21.5

Zorg bij geneesmiddelen 277 Inleiding 278 Geneesmiddelen 278 21.2.1 Benaming van geneesmiddelen 278 21.2.2 Rol van de arts en apotheek 279 21.2.3 Etiketten van medicijnen 279 21.2.4 Bijsluiter 279 Werking en bijwerkingen van medicijnen 280 21.3.1 Werking van medicijnen 280 21.3.2 Bijwerkingen van medicijnen 280 Bewaren van geneesmiddelen 281 Toedieningswijzen van geneesmiddelen 281

1 16

Untitled-1 18

25/11/2020 07:44


21.6

Zorg voor geneesmiddelen 282 21.6.1 Geneesmiddelen bij baby’s en peuters 282 21.6.2 Zelfmedicatie 282 21.6.2 Richtlijnen zelfmedicatie 283

Begrippen

284

Register

289

1 17

Untitled-1 19

25/11/2020 07:44


1 1

Untitled-1 20

25/11/2020 07:44


1 THEMA

Gezond gedrag en hygiëne Kern

mate zelfredzaam. De verschillende vormen van zorg verlenen komen aan bod, zoals zelfzorg, mantelzorg en professionele zorg. Er is in dit hoofdstuk veel aandacht voor het begrip ‘zelfredzaamheid’, met een onderscheid in verschillende vormen en niveaus. Besproken worden de voorwaarden om tot zelfredzaamheid te komen, en de taak en verantwoordelijkheid van de pedagogisch werker daarbij. Daarnaast is er aandacht voor zelfbepaling, de mogelijkheid om zelf richting te geven aan je eigen ontwikkeling. Belangrijk daarbij is zelfbewustzijn en zelfwaardering en een omgeving die stimuleert en steunt. Zelfbepaling speelt ook een belangrijke rol als het even tegenzit in het leven. Hoe effectief ga je om met je gevoelens van verdriet en tegenslag. Tot slot gaat het om zelfbepaling van de ander. Respect voor de eigenheid van de ander en je kunnen inleven in de gevoelens van de ander.

Als pedagogisch werker begeleid je kinderen en jongeren om zelfredzaam te worden. Je stimuleert hen om zo zelfstandig mogelijk voor zichzelf te zorgen. Je informeert en adviseert hen en leert vaardigheden aan om te komen tot gezond gedrag. Je signaleert ook bijzonderheden. Deze leereenheid gaat over gezondheid, welbevinden, gezondheidszorg en preventie.

Gezondheid Het is niet eenvoudig om een sluitende definitie te geven van het begrip gezondheid. In dit boek wordt de definitie van de Wereldgezondheidsorganisatie gebruikt, met daarbij wat kanttekeningen. Gezondheid wordt gedefinieerd als ‘een toestand van totaal lichamelijk, geestelijk en sociaal welbevinden en niet alleen de afwezigheid van ziekte’, maar bestaat dat wel, ‘totaal welbevinden’? In dit hoofdstuk komen de drie aspecten van gezondheid, het lichamelijke, geestelijke en sociale aspect, aan bod. Er is ook aandacht voor de persoonlijke beleving van gezondheid. Daarnaast wordt de invloed besproken die je zelf kunt uitoefenen op je gezondheid; de gezondheidsbevorderende en gezondheidsbedreigende factoren.

Gezondheidsvoorlichting en preventie De gezondheidszorg in Nederland is op een bepaalde manier ingericht. In dit hoofdstuk is er vooral aandacht voor de jeugdgezondheidszorg en het consultatiebureau. Kleine kinderen en baby’s worden gevolgd, ontwikkelachterstanden worden tijdig opgemerkt, ouders worden geïnformeerd en geadviseerd. Het consultatiebureau en de jeugdgezondheidszorg spelen daarin een belangrijke rol. Grotere kinderen en jongeren

Zorg voor gezondheid Kleine kinderen en baby’s zijn nog afhankelijk van de zorg van ouders, verzorgers en pedagogisch werkers. Kinderen worden in toenemende

1 19

Untitled-1 21

25/11/2020 07:44


Gezond gedrag en hygiĂŤne

worden ook gevolgd. Hun digitaal dossier wordt bijgehouden tot de leeftijd van achttien jaar. Als pedagogisch werker ondersteun je de adviezen die ouders krijgen van het consultatiebureau en de Jeugdgezondheidszorg. Je levert een bijdrage bij het signaleren van mogelijke ontwikkelingsachterstanden of problemen rondom de ontwikkeling van het kind. Je functioneert in de driehoek met ouders en de Jeugdgezondheidszorg.

Beroepshouding Als pedagogisch werker stimuleer je kinderen en jongeren tot zelfredzaamheid. Je hebt een signalerende rol en handelt adequaat. Je richt je op de behoeften en verwachtingen van het kind of de jongere en toont respect voor eigenheid van de ander. Je neemt eventuele adviezen van het consultatiebureau of Jeugdgezondheidszorg serieus. Je staat open voor feedback en reecteert kritisch op eigen functioneren. Daarmee groeit je beroepshouding op dit punt.

1 20

Untitled-1 22

25/11/2020 07:44


1 Gezondheid Het is vakantie en op de bso is het een drukte van belang. Vanmiddag gaan ze met alle kinderen naar het park dat naast de opvang ligt. Daar is een speeltuin en een grote zandbak. Brit is pedagogisch medewerker en helpt Jochem bij het vastmaken van zijn schoenveters. Het valt haar op dat Jochem wat stil is en, bij nader inzien, ook wat warm aanvoelt. Vervelend nou. Brit weet niet goed wat ze zal doen. Net leek Jochem nog gezond en wel. Moet ze nu een van de ouders bellen en vragen of ze Jochem komen ophalen? Ze besluit te overleggen met haar collega. Deze hakt de knoop door. Jochem is pas ziek geweest en nu eigenlijk weer ďŹ t. Ze denkt dat hij nog wat snel vermoeid is en tijdelijk een beetje verhoging heeft. Ze stelt voor hem in de bolderkar te zetten, zodat hij niet hoeft te lopen. Waarschijnlijk knapt hij straks weer op. Brit en haar collega houden hem goed in de gaten. Het zijn lastige afwegingen, gezond of ziek.

1 21

Untitled-1 23

25/11/2020 07:44


Gezond gedrag en hygiëne

1.1

Inleiding

• Boksen is een gezonde sport om je agressie kwijt te raken. • Zoals dat meisje van uitgaan houdt ... dat vind ik niet gezond meer. • Gebruik je gezonde verstand, die jongen is niets voor jou. • Die man heeft een gezonde ambitie, hij werkt zeventig uur per week om zijn bedrijf te vergroten. • Voor een gezonde economische ontwikkeling zijn nu eenmaal kerncentrales nodig.

Als pedagogisch werker heb je naast vele andere taken ook verzorgende taken. Om verzorgende taken uit te voeren is het nodig kennis te hebben van gezondheid, gezond gedrag en hygiëne. In dit hoofdstuk staat het begrip ‘gezondheid’ centraal. Dit hoofdstuk behandelt de volgende onderwerpen: • gezond en ongezond; • lichamelijk, geestelijk en sociaal aspect van gezondheid; • gezondheidsbevorderende en gezondheidsbedreigende factoren; • ziekte.

1.2

Als je aan mensen vraagt het begrip ‘gezond’ te omschrijven, dan zul je vaak een negatieve omschrijving horen. Bijvoorbeeld: gezondheid is het ontbreken van ziekte. Is niet ziek zijn dan automatisch gezond zijn? Nee, iemand die niet ziek is, is nog niet per definitie gezond. Een bekende definitie die aangeeft wat gezondheid nu precies is, is de definitie van de World Health Organization (WHO) ofwel de Wereldgezondheidsorganisatie.

Gezond en ongezond

In het dagelijks leven gebruik je vaak de woorden gezondheid, gezond gedrag en ongezond gedrag. De meeste mensen weten wel zo ongeveer wat ermee bedoeld wordt. Tegelijkertijd hangt er veel meer mee samen dan je op het eerste gezicht denkt. Wie het heeft over gezond zijn en ongezond zijn, denkt al snel aan wel of niet ziek zijn of aan ziekmakend gedrag. Ziekte kan het gevolg zijn van ongezond gedrag, maar het kan ook wijzen op een (tijdelijk) lichamelijk mankement. Bij ziekte kun je denken aan ongemak, je niet oké voelen. Bij gezond zijn kun je denken aan je oké voelen of aan welbevinden. Als dat welbevinden het criterium is voor gezondheid, dan kunnen kinderen met een bepaalde chronische ziekte, bijvoorbeeld suikerziekte, zich gezond voelen zolang ze hun ziekte onder controle hebben. Het begrip ‘gezond’ is eigenlijk een vaag begrip. Het is onduidelijk wat je er precies onder moet verstaan. Lees de volgende uitdrukkingen maar eens:

Gezondheid is een toestand van totaal lichamelijk, geestelijk en sociaal welbevinden en niet alleen de afwezigheid van ziekte.

Deze definitie maakt duidelijk dat gezondheid meer is dan niet ziek zijn. De mens wordt gezien als een eenheid die zowel lichamelijk, geestelijk als sociaal functioneert. Toch is er veel kritiek op deze visie, omdat deze wat vaag is. Wat wordt bedoeld met welbevinden? Je kunt je bovendien afvragen of er ooit sprake is van totaal welbevinden.

1 22

Untitled-1 24

25/11/2020 07:44


1

Gezondheid

Mijn goed onderbouwde studie laat zien hoe je meer kunt bereiken door patiënten zelf de regie te geven. GGD Nederland heeft dit model al geadopteerd. Ik hoop nu dat Nederland een soort proeftuin kan worden voor deze nieuwe opvatting van gezondheid. Andere landen kunnen daar straks wat van leren.’

Welbevinden Volgens Machteld Huber (1951), arts en onderzoeker, moeten we in de definitie van gezondheid niet uitgaan van ‘welbevinden’. Gezondheid definiëren als ‘volledig lichamelijk, geestelijk en sociaal welzijn’, zoals de WHO dat doet, is achterhaald, volgens Huber. ‘Als je het namelijk zo star stelt, is nooit iemand gezond. Iedereen mankeert wel wat, dus die zou je daarvoor moeten behandelen. Dat leidt tot een onnodige en kostbare medicalisering van de zorg.’ Huber noemt het voorbeeld van een oude vrouw die zij sprak, met staar, een versleten heup en een hartaandoening. ‘Artsen wilden haar een nieuwe heup geven, een kunsthartklep implanteren en haar ogen opereren. Zelf vond ze alleen dat laatste nodig; als zij gewoon haar krantje kon lezen, en haar kleinkinderen kon zien zou ze heel gelukkig zijn.’ Via honderden interviews met patiënten, zorgverleners, verzekeraars en beleidsmakers kwam Huber tot een lijst met 32 aspecten waaraan mensen gezondheid aflezen. Het gaat niet alleen om biomedische zaken als diagnose en klachten, maar bijvoorbeeld ook om gelukkig zijn, geloof in de toekomst, acceptatie en zelfvertrouwen. Gezondheid is dynamisch, volgens Huber. ‘Vanaf het begin hoorde ik van mensen uit de zorg dat ze het probleem waar ik tegenaan liep herkenden. Als je een ziekenhuis binnenloopt zie je het letterlijk voor je uitgebeeld op de bordjes: hart, long, nieren... Je ziet alleen de organen, maar waar is de mens zelf gebleven? Het nieuwe denken over gezondheid komt precies op het moment dat Den Haag alles op zijn kop zet in de zorg. Het blijkt goed aan te sluiten bij de plannen van minister Schippers om de zorg verder te decentraliseren.

Naar: NRC, interview met Machteld Huber door Sander Voormolen, 22 december 2014

Positieve gezondheid is volgens Machteld Huber het vermogen van mensen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven.

In deze definitie ligt de focus niet op welbevinden, maar op veerkracht van de mensen. Het is daarmee een meer dynamisch gezondheidsbegrip. De Gezondheidsraad, een onafhankelijk wetenschappelijk adviesorgaan voor regering en parlement, ondersteunt de nieuwe definitie.

1.3

Lichamelijk, geestelijk en sociaal aspect van gezondheid

Het lichamelijke aspect van gezondheid zegt iets over het functioneren van het lichaam. Lichamelijke gezondheid wil zeggen dat je lichaam zo goed functioneert, dat je geen last hebt van lichamelijke ongemakken. Als je griep hebt, is er lichamelijk iets mis. De geestelijke of psychische gezondheid heeft betrekking op hoe je je voelt. Geestelijk gezondheid wil zeggen dat je je lekker voelt, tevreden bent over jezelf en plezier hebt in de dingen die je doet. Als je veel problemen hebt, je minderwaardig voelt, of als gevoelens van verlegenheid of angst overheersen,

1 23

Untitled-1 25

25/11/2020 07:44


Gezond gedrag en hygiëne

Maar dit betekent niet dat een roker als totaal persoon ongezond is. Er kan bij iemand tegelijkertijd sprake zijn van gezondheid en ongezondheid.

is je geestelijke gezondheid niet in orde. De sociale gezondheid heeft betrekking op de relatie die je met mensen in je omgeving hebt. Sociale gezondheid wil zeggen dat je je prettig voelt in je woonomgeving en in de omgang met andere mensen. Gevoelens van eenzaamheid hebben betrekking op de sociale gezondheid. De lichamelijke, geestelijke en sociale gezondheid van iemand staan niet los van elkaar. Er kan sprake zijn van een negatieve wisselwerking, maar ook van een positieve.

1.3.1

Beleving

Of je jezelf gezond noemt, is niet alleen gebaseerd op feiten, maar is ook afhankelijk van je beleving. Je beleving hangt weer samen met je persoonlijke instelling en je gedachten en gevoelens. Iemand die graag de regie houdt over zijn gezondheid en positief ingesteld is, zal een eventuele ziekte accepteren en er het beste van maken. Iemand die de dingen over zich heen laat komen en blijft hangen in een soort teleurstelling en machteloosheid, zal een ziekte moeilijker accepteren. Hij kan zich afhankelijker opstellen dan nodig. Het helpt niet als je opmerkt: ‘joh, het valt toch allemaal wel mee!’ Er is meer voor nodig om iemand te overtuigen dat je misschien niets kunt veranderen aan een bepaalde ziekte, maar dat je wel zelf bepaalt hoe je ermee omgaat. In hoeverre een bepaalde ziekte je leven beheerst, hangt dus ook sterk af van de manier waarop je er zelf mee omgaat.

1 Voorbeelden Negatieve wisselwerking Bij Maria is sprake van een negatieve wisselwerking tussen geestelijke, lichamelijke en sociale gezondheid. Maria werkt sinds kort als onderwijsassistent in het voortgezet onderwijs. Eerder was ze op deze school stagiaire, maar dat was echt heel anders. De omgang met, en de verantwoordelijkheid voor, zoveel tieners valt haar nu zwaar. Door deze belasting is ze gespannen en nerveus (geestelijk). Dit heeft tot gevolg dat ze vaak hoofdpijn heeft en constant moe is (lichamelijk). Daardoor verlopen de contacten met haar huisgenoten ook niet prettig. Ze kan het niet opbrengen naar hen te luisteren en ze is onredelijk tegen hen (sociaal).

1 Voorbeeld Twee kinderen hebben suikerziekte in een vergelijkbare mate. Ze hebben een aangepast voedingsadvies en spuiten regelmatig insuline. Beide kinderen beleven hun suikerziekte anders. De een gaat gebukt onder de ziekte en wordt door zijn omgeving als patiënt behandeld. Dit kind spuit de insuline niet zelf. Zijn moeder doet dat nog steeds, terwijl hij het best zelf kan. Zij houdt ook bij wanneer hij gespoten moet worden. Het andere kind is heel positief ingesteld en accepteert het gemakkelijker. Zijn omgeving merkt er amper wat van. Hij spuit zelf de insuline en weet hoe hij moet omgaan met de bloedwaarde. Hij wil precies weten hoe het zit en laat zich daarover goed informeren. Hij neemt zelf de regie.

Positieve wisselwerking Bij Wilco is sprake van een positieve wisselwerking. Wilco zit sinds kort op een school voor speciaal onderwijs vanwege zijn leerproblemen. Deze problemen komen voor een deel door zijn ernstige astma. Op zijn nieuwe school (sociaal) gaat het met hem de goede kant op. Zijn zelfvertrouwen groeit met de dag (geestelijk). In het contact met andere kinderen is hij daardoor positiever en rustiger (sociaal). Hij heeft ook minder astma-aanvallen dan voorheen (lichamelijk). Bij gezondheid en ongezondheid zijn verschillende aspecten van een individu betrokken. Roken is een ongezonde gewoonte.

1 24

Untitled-1 26

25/11/2020 07:44


1

1.3.2

Welbevinden

Gezondheid

regelmatig, ook als ze niet bij haar vrienden is. Zelfs op haar stageadres probeert ze af en toe een sigaret op te steken. Haar stagebegeleidster sprak haar onlangs aan. Ze legde uit dat roken niet bijdraagt aan een gezond leven. Ze legde ook uit dat zij als onderwijsassistent eigenlijk het goede voorbeeld moet geven. Brechje merkt dat stoppen met roken niet eenvoudig is. Ze kan er niet zomaar mee stoppen. Steeds denkt ze: morgen ga ik stoppen, of: na het weekend ga ik stoppen, maar dan begint ze weer. Gelukkig is ze inmiddels wĂŠl goed gemotiveerd om te stoppen. Ze zoekt naar de voor haar meest geschikte methode. Nu gaat ze er echt voor!

Welbevinden betekent letterlijk: je wel bevinden, je prettig en okĂŠ voelen. Welbevinden is volledig subjectief. Iemand kan objectief gezien kerngezond lijken, of alles hebben wat hij maar wil, dan nog is het mogelijk dat zijn welbevinden niet optimaal is.

Brechje rookt. Het begon een tijdje geleden. Samen met haar vriendinnen en een stel jongens hingen ze regelmatig rond bij de school en rookten stiekem sigaretten. Haar ouders hadden het niet meteen in de gaten. Op een bepaald moment konden ze het ruiken aan haar kleren, maar toen was het eigenlijk al te laat. Brechje heeft helemaal geen zin om er met haar ouders over te praten. Ze zegt dat ze binnenkort wel zal stoppen. Toch rookt ze nu wel heel

Figuur 1.1 Morgen ga ik stoppen...

1 25

Untitled-1 27

25/11/2020 07:44


mb o

B1-K1-W6

TRAJECT WELZIJN

Deze uitgave Verzorging PW maakt deel uit van de serie Traject Welzijn. De theorie van deze uitgave sluit volledig aan bij het onderstaande werkproces uit het kwalificatiedossier Pedagogisch werk. Ondersteunt bij verzorgende taken

De leermiddelen uit de serie Traject Welzijn zijn bestemd voor de opleidingen Pedagogisch werk, Maatschappelijke zorg en Sociaal werk. Door de thematische opbouw is Traject Welzijn geschikt voor alle onderwijsvormen en alle leerwegen, past daarnaast in verkorte trajecten en sluit aan bij elke leerstijl. De leerstof is opgebouwd uit: theorie, praktijksituaties en beroepsvaardigheden. Je kunt starten vanuit de theorie of vanuit een (gesimuleerde) praktijksituatie. Wat voor jou het beste werkt.

PW Verzorging PW THEORIEBOEK

De theorie bevat alle basiskennis en achtergrondinformatie bij het betreffende werkproces en bevat veel voorbeelden uit de beroepspraktijk. De verwerkingsopdrachten sluiten aan bij de leerstof in de theorie. De praktijksituaties zijn realistische beschrijvingen van situaties uit de beroepspraktijk, inclusief opdrachten gekoppeld aan houdingsaspecten, vaardigheden en kenniselementen. De beroepsvaardigheden bevatten opdrachten voor het stapsgewijs aanleren van sociaalagogische, communicatieve, verzorgende en creatieve vaardigheden. Het complete aanbod van Traject Welzijn bestaat uit: - theorieboeken met een heldere en gestructureerde uitleg over de benodigde vakkennis, verduidelijkt met veel praktijkvoorbeelden; - werkboeken met verwerkingsopdrachten, toepassingsopdrachten en evaluatie- / reflectieopdrachten; - digitale omgeving met ondersteunend materiaal voor zowel student als docent.

Wil je weten welke materialen er nog meer beschikbaar zijn bij Traject Welzijn? Kijk dan op www.thiememeulenhoff.nl/trajectwelzijn.

Auteur: J.H.M. Jacobs-Laagland A.C. Verhoef Onder redactie van: M.H.A.J. Gloudemans R.F.M. van Midde

9 789006 858808

Untitled-1 28 MBO_Theorie_190x270mm_VerzorgingPW.indd All Pages

25/11/2020 07:44


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Traject Welzijn Verpleging PW Theorieboek by ThiemeMeulenhoff - Issuu