Skip to main content

9006781397 havo economie

Page 1

examen bundel examenbundel.nl

examenbundel 2020 2021

examenbundel havo Nederlands havo Engels havo Duits havo Frans havo Economie havo Bedrijfseconomie havo Maatschappijwetenschappen havo Geschiedenis havo Aardrijkskunde havo Wiskunde A havo Wiskunde B havo Scheikunde havo Biologie havo Natuurkunde

samengevat havo Economie havo Bedrijfseconomie havo Maatschappijwetenschappen havo Geschiedenis havo Aardrijkskunde havo Wiskunde A

Meer dan alleen oefenexamens

Tips, tricks en informatie die jou helpen bij het slagen voor je eindexamen vind je op examenbundel.nl! Nog meer kans op slagen? Volg ons ook op social media. #geenexamenstress

havo Wiskunde B havo Scheikunde havo Biologie havo Natuurkunde havo/vwo Nederlands 3F/4F

2020 2021

Economie

examenidioom + examenbundel + samengevat + zeker slagen! = #geenexamenstress

havo

havo/vwo Rekenen 3F/4F

havo

Economie

examenidioom havo Engels havo Duits havo Frans

zeker slagen ! voor vmbo, havo ĂŠn vwo

EB_havo_economie_170x240.indd 1

9 789006 781397

2/06/20 14:02


9789006781397_EB_hEco.indb 10

22/04/20 16:17


examenbundel.nl

examen bundel Meer dan alleen oefenexamens

2020 2021

drs. J.P.M. Blaas

havo

Economie

9789006781397_EB_hEco.indb 1

22/04/20 16:17


Colofon Auteur drs. J.P.M. Blaas Vormgeving binnenwerk Maura van Wermeskerken, Apeldoorn Opmaak Crius Group, Hulshout Redactie Jacqueline de Kok

Over ThiemeMeulenhoff ThiemeMeulenhoff ontwikkelt zich van educatieve uitgeverij tot een learning design company. We brengen content, leerontwerp en technologie samen. Met onze groeiende expertise, ervaring en leeroplossingen zijn we een partner voor scholen bij het vernieuwen en verbeteren van onderwijs. Zo kunnen we samen beter recht doen aan de verschillen tussen lerenden en scholen en ervoor zorgen dat leren steeds persoonlijker, effectiever en efficiënter wordt. Samen leren vernieuwen.

Auteur stappenplan T.H.J. Heutmekers

www.thiememeulenhoff.nl

Vormgeving stappenplan OudZuid Ontwerp, Dieren

ISBN 978 90 06 78139 7 Eerste druk, eerste oplage, 2020 © ThiemeMeulenhoff, Amersfoort, 2020 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B Auteurswet 1912 j° het Besluit van 23 augustus 1985, Stbl. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie (PRO), Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp (www.stichting-pro.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet) dient men zich tot de uitgever te wenden. Voor meer informatie over het gebruik van muziek, film en het maken van kopieën in het onderwijs zie www.auteursrechten­onderwijs.nl. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden.

Deze uitgave is volledig CO2-neutraal geproduceerd. Het voor deze uitgave gebruikte papier is voorzien van het FSC®-keurmerk. Dit betekent dat de bosbouw op een verantwoorde wijze heeft plaatsgevonden.

EB_havo_Economie_deel1.indd 2

25/05/20 16:23


Voorwoord Met deze examenbundel kun je je goed voorbereiden op het schoolexamen en het centraal examen voor het vak economie op havo-niveau. De examenbundel bevat de volgende onderdelen: De oriëntatietoets: Deze bestaat uit vragen over alle onderwerpen die in 2021 centraal geëxamineerd worden. Zo kun je nagaan of je de basisbegrippen van de examenonderwerpen beheerst. De antwoorden vind je op www.examenbundel.nl. Na het invullen van je scores krijg je een studieadvies. Deel 1: Hier vind je per examenonderwerp een aantal (bewerkte) examenopgaven met uitwerkingen. In de uitwerkingen staan de antwoorden en de daarbij horende toelichtingen. Deel 2a: In dit deel staan vier complete examens met uitwerkingen. In de uitwerkingen vind je uitleg en toelichting bij de antwoorden. Deel 2b: Hierin vind je een stappenplan dat je kan helpen bij het werken met deze examenbundel. Bijlagen: Achter in deze bundel vind je tabellen om je ‘cijfer’ te bepalen na het maken van de oefenexamens en een onderwerpregister. Met deze examenbundel kun je oefenen voor het examen in je eigen tijd en in je eigen tempo. Oefenen houdt in dat je probeert een opgave eerst zelf te maken. Daarna controleer je jouw antwoorden met de uitwerkingen. Je kunt je vaardigheid om examenopgaven te maken vergroten door het boek samengevat te gebruiken. In dat boek wordt de examenstof per onderwerp overzichtelijk gemaakt en uitgelegd. Ook op www.examenbundel.nl kun je op verschillende manieren oefenen om te kijken of je alle examenstof al beheerst. Het centraal examen economie havo 2021 wordt afgenomen op vrijdag 28 mei tussen 13.30 en 16.30 uur. De makers van de examenbundel en samengevat wensen je daarbij alvast heel veel succes! Voor reacties, zowel van leerlingen als van docenten, houden wij ons graag aanbevolen. Mail naar vo@thiememeulenhoff.nl. Amersfoort, mei 2020

Opmerkingen De overheid stelt regels op die betrekking hebben op de specifieke examenonderwerpen, de hulpmiddelen die je tijdens je examen mag gebruiken, duur en datum van je examen, etc. Hoewel deze examenbundel met de grootst mogelijke zorgvuldigheid is samengesteld, kunnen auteur en uitgever geen aansprakelijk­heid aanvaarden voor de aanwijzingen die betrekking hebben op publicaties van de overheid. Het is altijd raadzaam je docent of onze website www.examenbundel.nl te raadplegen voor actuele informatie die voor jouw examen van belang kan zijn.

© ThiemeMeulenhoff

EB_havo_Economie_deel1.indd 3

3

25/05/20 16:23


Begin met het stappenplan! Wil je weten hoe je het best leert en oefent met deze examenbundel? Bekijk dan eerst het stappenplan in deel 2b.

EB_havo_Economie_deel1.indd 4

25/05/20 16:23


Inhoud 3 Voorwoord 6 Tips

riëntatietoets O

Deel 2a

Examens met uitwerkingen

11 Opgaven

Deel 1

Oefenen op onderwerp

1  Domein A Vaardigheden 19 Oefenvragen 37 Uitwerkingen

2  Domein D Concept markt 42 Oefenvragen 85 Uitwerkingen

3  Domein E Concept ruilen over de tijd 101 Oefenvragen 114 Uitwerkingen 4  Domein F Concept samenwerken en onderhandelen 119 Oefenvragen 128 Uitwerkingen 5  Domein G Concept risico en informatie 132 Oefenvragen 147 Uitwerkingen

Examen 2018-I 257 Opgaven 269 Uitwerkingen Examen 2018-II 274 Opgaven 284 Uitwerkingen Examen 2019-I 288 Opgaven 300 Uitwerkingen Examen 2019-II 305 Opgaven 312 Uitwerkingen

Deel 2b 317

Stappenplan Bijlagen

Cijferbepaling Onderwerpregister

6  Domein H Concept welvaart en groei 154 Oefenvragen 187 Uitwerkingen 7  Domein I Concept goede tijden, slechte tijden 199 Oefenvragen 237 Uitwerkingen

© ThiemeMeulenhoff

EB_havo_Economie_deel1.indd 5

5

25/05/20 16:23


Tips bij het maken van (examen)opgaven economie Bij het oplossen van problemen zoals een examenopgave doorloop je drie fasen: voorbereiding, uitvoering en controle. Vaak krijgt de uitvoering de meeste aandacht en wordt ten onrechte weinig tijd besteed aan voorbereiding en controle. In onderstaand overzicht tref je een aantal tips aan die je bij het maken van opgaven kunnen helpen. Een aantal ervan lijkt heel vanzelfsprekend en waarschijnlijk maak je er bewust of onbewust al gebruik van. Andere tips zijn misschien minder bekend. Geef ze eens extra aandacht en kijk of dat je resultaten verbetert. Voorbereiding • Kijk eerst vluchtig alle opgaven door en begin met de opgaven die je vertrouwd voorkomen. • Je krijgt op het eindexamen een boekje met opgaven. Elke opgave vereist in principe dezelfde hoeveelheid tijd. Globale tijdsplanning: Opgave 1

25

Opgave 2

25

Opgave 3

25

Opgave 4

25

Opgave 5

25

Opgave 6

25

Over

30 180 minuten

De tijd die je over hebt, kun je gebruiken om opengelaten vragen of vragen waarbij je twijfelde over het antwoord, nog eens te proberen. Lees de tekst van de gekozen opgave en de informatiebronnen die daarbij horen rustig en nauwkeurig. Onderstreep of markeer hierbij aanwijzingen, begrippen, getallen en tekstregels, die van belang kunnen zijn. Deze informatie is dan bij het beantwoorden van de vragen snel terug te vinden. • Wees er op bedacht dat een en dezelfde informatiebron voor de beantwoording van meerdere vragen van de opgave nodig is. • Lees goed de toelichtingen en de getallen bij het gebruik van figuren, grafieken en tabellen. Gaat het bijvoorbeeld om procenten, procentuele veranderingen ten opzichte van het voorafgaande jaar, absolute bedragen, miljoenen of miljarden, jaren of kwartalen, indexcijfers, euro’s of vreemde valuta’s? • Bedenk dat veel foute antwoorden het gevolg zijn van het niet goed lezen van de vraag en de gegeven informatie. Let vooral op bij een vraag waar je iets moet verklaren of een verband moet leggen, wat de oorzaak is en wat het gevolg is. • Slechts in een beperkt aantal gevallen zul je uitsluitend met parate kennis het antwoord moeten geven. • Kijk welke tussenstappen je moet maken om de vraag te beantwoorden. Soms moet je informatie opzoeken en selecteren, dan weer moet je informatie met elkaar vergelijken. Vaak kun je pas een antwoord geven door eerst een berekening te maken. • Het kan handig zijn je antwoord in steekwoorden op kladpapier te noteren, zeker bij antwoorden met meer onderdelen. • Begin met de uitvoering, het schrijfwerk, wanneer je de aanpak van de (hele) opgave overziet.

6

9789006781397_EB_hEco.indb 6

© ThiemeMeulenhoff

22/04/20 16:17


Economie havo

Uitvoering • Reserveer op je papier voor elke opgave voldoende ruimte. Je werk wordt daardoor overzichtelijker en je kunt je antwoorden gemakkelijker aanvullen. • Wanneer je de opgaven niet in de aangegeven volgorde maakt, noteer ze dan toch op je antwoordvel in de aangegeven volgorde. Reserveer dus ruimte voor de opgaven die je nog even overslaat. • Als om een berekening wordt gevraagd, laat dan zien hoe je aan het eindgetal gekomen bent. Als de methode van berekening goed is, maar je hebt een rekenfout gemaakt wordt dit meestal niet als een fout gerekend. • Als om een verklaring, een uitleg, argumenten of een standpunt wordt gevraagd, moet je die geven anders is je antwoord nul (0) punten waard. Formuleer altijd in korte, zakelijke en hele zinnen. • Wanneer je onder het schrijven begint te twijfelen en je het (voorbereide) antwoord wilt wijzigen, lees dan de vraag nog eens nauwkeurig. • Schrijf altijd iets op, ook als je twijfelt. In een onvolledig antwoord kan toch iets staan waarmee je punten kunt scoren. Controle • Ga na of je alle opgaven, ook de laatste, hebt gemaakt. • Lees de vraag nog eens over. Is hij volledig beantwoord? • Vind je het gegeven antwoord zinnig? Klopt de orde van grootte van een cijfer, bijvoorbeeld een premie opstalverzekering van 100.000 euro in plaats van 100 euro? • Is de juiste eenheid vermeld, bijvoorbeeld 100 dollar in plaats van 100 euro? • Soms wordt om een afronding gevraagd in hele bedragen of in decimalen. Let dan op het juiste aantal cijfers achter de komma. • Wees voorzichtig met verbeteren. Vaak is de eerste gedachte de beste. Wanneer je toch gaat verbeteren, doe dit dan duidelijk. Soms is het beter een hele vraag geheel door te strepen en opnieuw te beginnen. Ga na of een verbetering geen gevolgen heeft voor een ander deel van je antwoord(en).

© ThiemeMeulenhoff

9789006781397_EB_hEco.indb 7

7

22/04/20 16:17


9789006781397_EB_hEco.indb 8

22/04/20 16:17


De antwoorden vind je op www.examenbundel.nl.

OriĂŤntatietoets

9

9789006781397_EB_hEco.indb 9

22/04/20 16:17


9789006781397_EB_hEco.indb 10

22/04/20 16:17


Oriëntatietoets Opgave 1

Een vermogensbezitter kijkt naar het rendement op zijn vermogen. Zo kan hij kiezen om zijn geld uit te lenen aan een bedrijf of hij kan het op de bank zetten. Hij vraagt een bedrijf een hogere rente dan hij van de bank krijgt. 1 Waarom zal in het algemeen een bedrijf meer rente aan een vermogensverschaffer moeten betalen dan de vermogensverschaffer van een bank krijgt? Licht je antwoord toe. Sommige bedrijven kunnen hun vermogensbehoefte zowel dekken door te lenen als door aandelen uit te geven. 2 Welke juridische vorm(-en) moet een bedrijf hebben om aandelen te kunnen uitgeven? 3 Geef twee redenen voor een bedrijf om de voorkeur te geven aan het lenen van geld boven het uitgeven van nieuwe aandelen. Licht je antwoord toe.

Opgave 2 In een land bedraagt in een bepaald jaar het nationale inkomen 180 miljard euro. Dat inkomen is verdiend door 4,8 miljoen personen. Grafiek 1 geeft de Lorenzcurve van de primaire personele inkomensverdeling in dat land weer, waarbij het aantal personen is verdeeld in drie even grote groepen. inkomen in % (cumulatief) 100

36 10 0

33¹³

66²100 ³ personen in % (cumulatief)

4 Neem de letters a tot en met d over en schrijf achter elke letter welk getal op de stippellijn moet worden ingevuld. aantal personen in % van het totaal

inkomen in % van het totaal

groep 1

33¹⁄ ³

10

groep 2

..a..

..b..

groep 3

..c..

..d..

5 Bereken het gemiddelde inkomen per persoon in groep 1.

© ThiemeMeulenhoff

9789006781397_EB_hEco.indb 11

11

22/04/20 16:17


Examenbundel 2020 | 2021

Oriëntatietoets

De secundaire personele inkomensverdeling in het hier bedoelde land is minder scheef dan de primaire. Dat komt onder andere door de progressie in de inkomstenbelasting. 6 Wat wordt bedoeld met de ‘progressie in de inkomstenbelasting’? Behalve belasting betalen de mensen ook sociale premies over hun inkomen. In Nederland wordt bij de sociale premies een premiegrens gehanteerd, dat wil zeggen dat over het inkomen boven een bepaald bedrag (de premiegrens) geen sociale premies meer worden geheven.

Stel dat voor iedereen het tarief van de sociale premies 20% bedraagt en dat de premie­ grens 35.000 euro bedraagt. 7 Bereken hoeveel procent iemand gemiddeld aan sociale premies moet betalen over een inkomen van 40.000 euro (in 1 decimaal nauwkeurig).

Opgave 3

Uit gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat het prijsindex­ cijfer van de gezinsconsumptie in augustus 2002 103,9 bedroeg (augustus 2001 = 100). 8 Geef met een letter aan welk onderstaand antwoord van toepassing is. Het indexcijfer 103,9 geeft de volgende informatie: I De prijzen in augustus 2001 zijn gemiddeld 3,9% lager dan in augustus 2002. II In augustus 2002 heb je 3,9% meer budget nodig om hetzelfde te kunnen kopen als in augustus 2001. A Uitspraak I is juist, uitspraak II is niet juist. B Uitspraak II is juist, uitspraak I is niet juist. C Zowel uitspraak I als II is juist. D Zowel uitspraak I als II is niet juist. Stel dat de lonen tussen augustus 2002 en augustus 2001 met 10% zijn gestegen. 9 Bereken met hoeveel procent de koopkracht van de lonen in de genoemde periode is gestegen (in 2 decimalen nauwkeurig).

Opgave 4

Steeds meer verzekeringsmaatschappijen verhogen de premie voor hun reisverzekering. Ook het eigen risico wordt regelmatig verhoogd. 10 Geef aan dat bovenstaande het gevolg kan zijn van nalatigheid van de verzekerde. Licht je antwoord met een voorbeeld toe. 11 Geef aan dat bovenstaande ook het gevolg kan zijn van moral hazard. Licht je antwoord met een voorbeeld toe. 12 Door bovenstaande tendens zal er averechtse selectie optreden. Hierdoor kan een vicieuze cirkel ontstaan. Leg dit uit.

12

9789006781397_EB_hEco.indb 12

© ThiemeMeulenhoff

22/04/20 16:17


Economie havo

Oriëntatietoets

Opgave 5 Friso en Els zijn beiden personen die het liefst alleen werken. Ze mogen elkaar niet zo. Ze krijgen van de docent een gezamenlijke opdracht, die duidelijk uit twee delen bestaat. Ze staan voor de keuze wel of niet samen te werken, dat wil zeggen er moet gemeen­ schappelijk te delen statische en niet-statische informatie verzameld worden, bij deze opdracht. Ze kunnen niet van te voren met elkaar overleggen. In de tabel staan het aantal uren dat ze nodig hebben voor die opdracht. Els

Friso

13 14 15 16

samenwerken

niet samenwerken

samenwerken

3, 3

5, 2

niet samenwerken

2, 5

4, 4

Friso kan een meelifter zijn. Welke getallencombinatie geeft dit aan? Motiveer. Welke strategie zou je verwachten is voor Els dominant? Motiveer. Is hier sprake van een gevangenendilemma? Motiveer. Zou het vaker voorkomen van dit dilemma invloed hebben op een toekomstige keuze? Motiveer.

Opgave 6

Gepensioneerden ontvangen meestal een AOW-uitkering en een uitkering uit een pensi­ oenfonds zoals bijvoorbeeld het ABP (ambtenarenpensioenfonds). De financiering van deze oudedagsvoorzieningen kan via het omslagstelsel en via het kapitaaldekkingsstelsel geschieden. 17 Wat is het kenmerkende verschil tussen beide financieringsstelsels? 18 Wordt het ABP gefinancierd via het omslagstelsel en/of via het kapitaaldekkingsstelsel?

Opgave 7

Deflatie kan mensen voordeel maar ook nadeel opleveren. Stel de deflatie in jaar X bedraagt 4%. De heer Pietersen heeft op 1 januari van jaar X een hypotheek afgesloten van € 350.000 tegen 5% rente bij een bank. De heer Pietersen lost deze hypotheek in gelijke delen in 20 jaar af. 19 Bereken het reële rentepercentage in jaar X op de hypothecaire schuld. 20 Bereken de reële omvang van de hypothecaire schuld op 31 december van jaar X.

Opgave 8

In een land vinden in 2011 de volgende veranderingen plaats ten opzichte van 2010. – bevolking (15-65 jaar) + 0,5% – beroepsbevolking + 2,0% – werkgelegenheid + 1,0% – werkloosheid + 3,2% 21 Bereken de procentuele verandering van de (bruto) participatiegraad in dat land in 2011 ten opzichte van 2010 (in twee decimalen).

© ThiemeMeulenhoff

9789006781397_EB_hEco.indb 13

13

22/04/20 16:17


Examenbundel 2020 | 2021

OriĂŤntatietoets

Opgave 9

Het minimumloon is in Nederland vaak hoger dan in de andere landen van de Europese Unie. De regering is dan uiterst terughoudend met het verhogen van het minimumloon. 22 Welk gevolg(en) heeft een verhoging van het minimumloon? Kies een of meer van de volgende antwoorden en licht je keuze toe. A. de vraag naar arbeid afnemen. B. de vraag naar arbeid toenemen. C. het aanbod van arbeid afnemen. D. het aanbod van arbeid toenemen. Als het goed gaat met de economie en er veel werk is, zullen veel mensen die zichzelf vroeger kansloos achtten op een baan een poging wagen en werk gaan zoeken. We spreken dan over een aanzuigingseffect. 23 Welk gevolg(en) heeft dit aanzuigingseffect? Kies een of meer van de onderstaande antwoorden en licht je keuze toe. A. de vraag naar arbeid toe en wordt de arbeidsmarkt ruimer. B. de vraag naar arbeid toe en wordt de arbeidsmarkt krapper. C. het aanbod van arbeid toe en wordt de arbeidsmarkt ruimer. D. het aanbod van arbeid toe en wordt de arbeidsmarkt krapper.

Opgave 10

P

Gegeven is onderstaande grafiek van een vraaglijn en een aanbodlijn op een markt voor een product. Er zijn twee vakken gekleurd aangegeven: een blauw vak en een grijs vak. 100 90 Qv 80 70 60 Qa 50 40 30 20 10 0 0

14

9789006781397_EB_hEco.indb 14

10

20

30

40

80 50 60 70 (in miljoenen stuks)

Š ThiemeMeulenhoff

22/04/20 16:17


Economie havo

OriĂŤntatietoets

24 Kies uit onderstaande letters wat het blauwe oppervlak weergeeft en licht je antwoord toe. A. De winst voor de producent B. Het verlies voor de producent C. Het producentensurplus D. Het consumentensurplus

25 Kies uit onderstaande letters wat het grijze oppervlak weergeeft en licht je antwoord toe. A. De winst voor de producent B. Het verlies voor de producent C. Het producentensurplus D. Het consumentensurplus

Š ThiemeMeulenhoff

9789006781397_EB_hEco.indb 15

15

22/04/20 16:17


9789006781397_EB_hEco.indb 16

22/04/20 16:17


Deel 1

Oefenen op onderwerp

17

9789006781397_EB_hEco.indb 17

22/04/20 16:17


9789006781397_EB_hEco.indb 18

22/04/20 16:17


1 Domein A Vaardigheden

1 Informatievaardigheden. De kandidaat kan in contexten: • de benodigde informatie selecteren uit digitale en niet-digitale bronnen zoals tabellen, grafieken, cartoons en/of film- en televisiebeelden; • de betrouwbaarheid van de gehanteerde databronnen toelichten; • feiten van meningen onderscheiden; • gegeven bronnen beoordelen en in combinatie met hun economische kennis komen tot een oplossing van economische vraagstukken.

2 Rekenkundig en/of grafisch onderbouwen. De kandidaat kan in contexten, mede met gebruikmaking van ICT / (grafische) reken­ machine: • economische relaties toelichten met basisrekenvaardigheden; • economische relaties rekenkundig, statistisch en grafisch toelichten; • economische relaties toelichten met lineaire vergelijkingen; • berekende resultaten concretiseren naar hun economische betekenis; • informatie uit grafieken verklaren.

3 Standpuntbepaling. De kandidaat kan in contexten: • de rol van de verschillende actoren beschrijven; • een eventuele botsing van belangen beschrijven; • oplossingen voor mogelijk ongewenste gedrag bepalen; • een standpunt bepalen; • economische kennis verhelderen met behulp van een betoog. INFORMATIEVAARDIGHEDEN EN REKENKUNDIG EN/OF GRAFISCH ONDERBOUWEN Algemeen: Stap Stap Stap Stap

1: 2: 3: 4:

Wat wordt verstaan onder het gevraagde economische begrip? Is er eventueel een formule voor? In welke statistieken / bronnen vind ik de gegevens? Uitrekenen.

© ThiemeMeulenhoff

9789006781397_EB_hEco.indb 19

19

22/04/20 16:17


Examenbundel 2020 | 2021

Oefenen op onderwerp

Informatieboekje bij opgave 6

Voorbeelden van informatie-, rekenkundigeen 6 grafische vaardigheden. Informatieboekje bij opgave

statistiek 1

Opgaveaandeel 1 statistiek in1de wereldproductie in 2004 rest vanin de wereldproductie in 2004 aandeel

bron 1  Aandeel de wereldproductie in 2004 de in wereld

26% rest van de wereld 26%

EU 31% EU 31%

China 4% China Japan 4% 11% VS 28%

Japan 11%

VS

28% omvang van de productie in 2004 eenheid productie omvang van de productie in 2004 12.958 EU miljarden dollars eenheid dollars productie VS miljarden 11.704 EU miljarden dollars 12.958 Japan miljarden dollars 4.598 VS miljarden dollars dollars 11.704 China miljarden 1.672 Japan miljarden dollars 4.598 China miljarden dollars 1.672 statistiek 2

statistiek 2 van ruwe wereldmarktprijs vanolie ruwe bron 2  Wereldmarktprijs

olie

60 wereldmarktprijs van ruwe olie prijs

per vat

prijs per vat

52,0

60 50 52,0 50 40 28,8 28,8

40 30

26,4

30 20

25,0 26,4

25,5 28,8 28,8

25,0

25,5

20 10 10 0

2002 2003 Legenda: 0 prijs in euro2003 s 2002 prijs in dollars Legenda:

3 38,2 8,2

42,0

38,2 38,2 30,7

42,0

30,7

2004

2005

2004

2005

jaar jaar

prijs in euro s prijs in dollars

HA-1022-a-10-1-b

2

HA-1022-a-10-1-b

2

20

9789006781397_EB_hEco.indb 20

© ThiemeMeulenhoff

lees verder ►►► lees verder ►►►

22/04/20 16:17


statistiek 3 Economie havo

Domein A Vaardigheden

waarde onderlinge handel in goederen in 2004 (miljarden dollars) import van: bron 3  Waarde onderlinge handel in goederen in 2004 (miljarden dollars) EU VS Japan EU − 290,9 53,7 import van: export van: VS 196,3 − 54,4 EU VS Japan Japan 91,9 129,6 − EU – 290,9 53,7 China 158,0 196,7 93,8 export van:

VS

statistiek 4

China 59,8 34,7 China 79,9 59,8 −

196,3

–

54,4

34,7

Japan

91,9

129,6

–

79,9

China

158,0

196,7

93,8

–

dienstenverkeer tussen de EU en China (indexcijfers) bron 4  Dienstenverkeer tussen de EU en China (indexcijfers)

31

5,

8

350 indexcijfers (1999 = 100)

2,

25

1

2,

6

300

20

0,

0

24

250

2 16

3,

16

2003

7,

4

2002

14

15

7,

9

8,

4

200

100

,8

11 5

11 5

0 0,

10

10

0,

0

,8

150

50

0

1999 Legenda:

2000

2001

2004 jaar

index exportwaarde van EU index importwaarde van EU

bron 5  Saldo statistiek 5 dienstenrekening tussen de EU en China (euro’s)

eenheid 2003 2004 saldo dienstenrekening tussen de EU en China (euro’s) saldo dienstenrekening EU inclusief toerisme* miljarden euro's 2003 1,8 1,5 eenheid 2004 salod dienstenrekening EU exclusief toerisme miljarden euro's 2,0 2,2 saldo dienstenrekening EU inclusief toerisme* miljarden euro’s 1,8 1,5 *Een saldo geeft aan er eentoerisme* overschot is. miljarden euro’s 2,0 saldopositief dienstenrekening EU dat exclusief 2,2 *Een positief saldo geeft aan dat er een overschot is.

HA-1022-a-10-1-b HA-1022-a-10-1-b*

© ThiemeMeulenhoff

9789006781397_EB_hEco.indb 21

3

lees verdereinde ►►►

21

22/04/20 16:17


Examenbundel 2020 | 2021

Oefenen op onderwerp

De Europese Unie en de wereldhandel. In economische publicaties wordt veel gebruikgemaakt van tabellen en grafieken. ­Hierboven staan vijf statistieken over de vier belangrijkste economieën in de wereld: de Europese Unie (EU), de Verenigde Staten van Amerika (VS), Japan en China. In de statistieken bestaat de lopende rekening van de betalingsbalans uit de goederen– rekening, de dienstenrekening en de inkomensrekening. Naar aanleiding van deze ­statistieken worden in deze opgave vijf vragen gesteld.

1 Bereken voor 2004 de omvang van de wereldproductie in miljarden dollars.

2 Toon aan de hand van bron 2 met een berekening aan dat de euro in 2004 vergeleken met 2003 ten opzichte van de dollar is geapprecieerd.

3 Bereken voor 2004 het saldo van export en import van goederen in miljarden dollars van de EU met China.

Uit bron 4 kan worden afgelezen dat het dienstenverkeer tussen de EU en China in de periode 1999–2004 sterk is gestegen. Jaap beweert dat uit bron 4 af te lezen is dat in 2000 de dienstenrekening tussen de EU en China in evenwicht is. Tineke beweert dat dit niet uit bron 4 kan worden afgelezen. 4 Wie heeft gelijk, Jaap of Tineke? Licht het antwoord toe. De toeristenrekening is een belangrijk onderdeel van de dienstenrekening. Uit bron 5 kan worden afgeleid dat het saldo van de toeristenrekening van de EU met China in 2003 en in 2004 negatief is. 5 Leg uit dat uit bron 5 niet de conclusie mag worden getrokken dat een groter aantal toeristen uit de EU naar China op vakantie gaat dan omgekeerd.

Opgave 2 bron 6  Basisgegevens 2003

eenheid

China

Nederland

oppervlakte

duizenden vierkante kilometers

9.600

bevolkingsomvang

miljoen personen

1.288

16

aantal telefoons

per duizend inwoners

499

1.393

aantal internetgebruikers

per duizend inwoners

73

614

energieverbruik

per inwoner, omgerekend in liters olie

1.094

4.982

22

9789006781397_EB_hEco.indb 22

40

© ThiemeMeulenhoff

22/04/20 16:17


Economie havo

Domein A Vaardigheden

bron 7  Bruto binnenlands product (bbp)

China

eenheid

bbp China

miljarden dollars

bbp China

miljarden renminbi's

2003

2004

2005

1.641,0

1.931,6

2.234,1

13.582,3

15.987,8

18.308,5

2004

2005

waarvan: – landbouw

in % van bbp

13,1

– industrie

in % van bbp

46,2

– diensten

in % van bbp

40,7

Nederland

eenheid

bbp Nederland

miljarden dollars

539,3

609,0

629,9

bbp Nederland

miljarden euro's

476,9

489,9

505,6

– landbouw

in % van bbp

2,4

– industrie

in % van bbp

25,6

– diensten

in % van bbp

72,0

2003

waarvan:

bron 8  Wisselkoersen

2003

2004

2005

waarde 1 dollar in renminbi's

8,277

8,277

8,195

waarde 1 dollar in euro's

0,884

0,804

0,803

statistiek 4: consumentenprijsindex bron 9  Consumentenprijsindex index (2000 = 100)

120 115

114,9

113,2

111,6

110

107,0

105,1

105

101,1

100 95 0

2003

2004

2005

jaar

Legenda: Nederland China

statistiek 5: saldo lopende rekening van de betalingsbalans in 250 miljarden dollars 200

......

150 © ThiemeMeulenhoff 100 50

29,4

9789006781397_EB_hEco.indb 23 0

45,9

54,3

68,7

10 in % van het bbp 8 6

8,9 7,2 5,4

236,3

4 39,7

2 0

2,8

3,6 22/04/20 16:17


jaar

Legenda: China Nederland China

Examenbundel 2020 | 2021

Oefenen op onderwerp

statistiek 5: saldo lopende rekening van de betalingsbalans statistiek 5: saldo lopende rekening van de betalingsbalans

bron 10  Saldo lopende rekening van de betalingsbalans in 250 10 miljarden in % van in 10 250 dollars het 200 miljarden in %bbp van 8 ...... dollars 200 het bbp 8 6 150 ......

100 50 0

6

150 100

29,4

50

54,3

45,9

29,4

45,9

4

68,7

54,3

4

68,7 39,7 39,7

2004 0 2003 2004 Legenda:2003 Legenda: Nederland

2

2

0

2005

8,9 8,9

5,4

6,3

5,4

6,3

3,6

2,8

3,6

2,8

2003 2004 2003 2004 Legenda: Legenda: Nederland

0

2005 jaar jaar

Nederland

7,2 7,2

2005

2005

jaar

jaar

Nederland

China

China

China

China

statistiek 6: export van goederen naar China in 2003

statistiek export vannaar goederen bron 11  Export6: van goederen China innaar 2003China in 2003 (% (% vanvan de van totale export van goederen van het desbetreffende land) totale export van goederen vanhet hetdesbetreffende desbetreffende land) (% de de totale export van goederen van land) 3,0% 3,0%

Finland Finland 2,7% 2,7%

Duitsland Duitsland Frankrijk Frankrijk

1,7% 1,7%

Europa Europa

1,7% 1,7%

Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk Belgie

Belgie

Nederland

Nederland

1,4% 1,4% 1,0%

1,0% 0,9%

0,9%

China − Nederland In economische publicaties wordt veel gebruikgemaakt van tabellen en grafieken. Hierboven staan zes statistieken die vooral3 betrekking hebben op China en ­Nederland. HA-1022-a-10-2-b lees verdereinde ►►► HA-1022-a-10-2-b* De in de statistieken genoemde renminbi 3is de nationale munt van China. HA-1022-a-10-2-b lees verdereinde ►►► HA-1022-a-10-2-b* Naar aanleiding van deze statistieken worden in deze opgave vijf vragen gesteld.

De landbouwproductie in Nederland bedroeg in 2003 ruim $ 800 per inwoner. 6 Bereken de landbouwproductie in China in 2003 in dollars per inwoner.

In bron 10 ontbreekt voor 2005 het bedrag van het saldo van de lopende rekening van de betalingsbalans van China. Dit saldo kan in deze opgave worden berekend met behulp van twee gegevens. 7 Noem deze twee gegevens en vermeld bij elk gegeven de bron waarin dat gegeven staat.

8 Is de wisselkoers van de euro uitgedrukt in renminbi’s in 2004 ten opzichte van 2003 gedaald of gestegen? Licht het antwoord toe. In China bedroeg de inflatie in 2005 ten opzichte van 2004 (afgerond) 1,8%. 9 Bereken, in één decimaal nauwkeurig, de inflatie in Nederland in 2005 ten opzichte van 2004.

24

9789006781397_EB_hEco.indb 24

© ThiemeMeulenhoff

22/04/20 16:17


Economie havo

Domein A Vaardigheden

Informatieboekje bij opgave 6 van goederen van Nederland naar China In 2003 bedroeg de waarde van de export

€ 2,86 miljard. Informatieboekje opgave 10 Bereken voor 2003 debij waarde van de6totale export van goederen van Nederland.

statistiek 1

Informatieboekje bij opgave 6

statistiek 1 Opgave 3 bevolking eenheid

1997

1998

1999

2000

2001

2002

2003

2004

2005

eenheid × 1.000

10.170 1997

10.192 1998

10.214 1999

10.239 2000

10.263 2001

10.310 2002

10.356 2003

10.396 2004

10.446 2005

eenheid × 1.000 × 1.000 personen personen × 1.000 1.000 ×

10.170 1997 15.567

10.192 1998 15.654

10.214 1999 15.760

10.239 2000 15.864

10.263 2001 15.987

10.310 2002 16.105

10.356 2003 16.193

10.396 2004 16.258

10.446 2005 16.306

10.170 15.567

10.192 15.654

10.214 15.760

10.239 15.864

10.263 15.987

10.310 16.105

10.356 16.193

10.396 16.258

10.446 16.306

15.567

15.654

15.760

15.864

15.987

16.105

16.193

16.258

16.306

1999

2000

2001

2002

2003

2004

2005

statistiek 1 bevolking België

bronpersonen 12

bevolking personen personen België Nederland België Nederland

statistiek Nederland 2

personen × 1.000

statistiek 2 bruto binnenlands product (bbp) bron 13

eenheid

1997

1998

statistiek 2 bruto binnenlands product (bbp)

miljarden België 216,1 223,7 235,7 247,9 254,2 261,1 269,5 283,8 eenheid 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 euro’s bruto binnenlands product (bbp) miljarden miljarden België 216,1 223,7 235,7 247,9 254,2 261,1 269,5 283,8 eenheid 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 Nederland 348,0 369,4 390,1 419,5 447,7 465,2 476,3 488,6 euro’s euro’s miljarden miljarden België 216,1 223,7 235,7 247,9 254,2 261,1 269,5 283,8 Nederland 348,0 369,4 390,1 419,5 447,7 465,2 476,3 488,6 euro’s euro’s Belgie Nederland 8 miljarden 8 groei in % 7,5 Nederland 348,0 369,4 390,1 groei 419,5 447,7 465,2 476,3 488,6 in % t.o.v. 7 euro’s Belgie Nederland t.o.v. 7 6,7 8 voorafgaand 8 6,1 voorafgaand groei in % 7,5 groei in % 6 jaar 6 jaar t.o.v. 5,4 Belgie 7 5,3 t.o.v. 5,2 Nederland 7 6,7 voorafgaand 85 voorafgaand 85 6,1 5,6 7,5 groei in % 6 groei in % 6 4,3 jaar jaar 5,4 3,95,2 5,3 t.o.v. 74 t.o.v. 74 3,9 4,1 3,5 6,7 voorafgaand 5 3,2 5 6,1 5,6 voorafgaand 4 2,9 3,5 6 4,3 3 2,7 jaar 63 jaar 2,6 5,43,2 5,3 3,9 5,2 4 3,9 4 4,1 3,5 2,5 5,6 52 3,2 4 52 1,7 1,9 2,4 2,2 2,9 3,5 3 2,0 2,7 1,3 3 4,3 3,2 2,6 3,9 41 3,9 41 4,1 3,51,4 2 0,72,5 0,9 3,2 2,4 1,7 1,9 2 4 1 2,2 2,9 2,0 1,3 -0,1 30 3,5 2,7 0,1 30 3,2 2,6 1 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 1 1998 1999 20001,4 2001 2002 2003 2004 2005 0,72,5 0,9 2 1 -1 2,4 1,7 1,9 2 2,2 -1 -0,1 0,1 0 2,0 1,3 0 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 1 legenda: 1998 1999 20001,4 2001 2002 2003 2004 2005 1 legenda: 0,7 -1 0,9 1 -1 nominale groei bbp 0,1 bbp-0,1 0 nominale groei 0 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 legenda: reele groei bbp 1998 1999 2001 legenda: reele2000 groei bbp2002 2003 2004 2005 -1 -1 nominale groei bbp nominale groei bbp reele groei bbp legenda: reele groei bbp legenda: nominale groei bbp nominale groei bbp statistiek 3 reele groei bbp reele groei bbp bron 14

295,3 2005 295,3 2005 497,9 295,3 497,9 497,9

statistiek 3 sociale zekerheid eenheid

1997

1998

1999

2000

2001

2002

België

euro’s eenheid

5.927 1997

6.053 1998

6.299 1999

6.492 2000

6.794 2001

7.003 2002

België Nederland

euro’s eenheid euro’s

5.927 1997 6.262

6.053 1998 6.369

6.299 1999 6.614

6.492 2000 6.923

6.794 2001 7.371

7.003 2002 7.852

België Nederland

euro’s euro’s

5.927 6.262

6.053 6.369

6.299 6.614

6.492 6.923

6.794 7.371

7.003 7.852

© ThiemeMeulenhoff Nederland

euro’s

6.262 2

6.369

6.614

6.923

statistiek 3 sociale zekerheid

uitgaven per hoofd van de bevolking

sociale uitgavenzekerheid per hoofd van

uitgaven per hoofd van de bevolking de bevolking uitgaven per per hoofd hoofd van van uitgaven de bevolking bevolking de uitgaven per hoofd van

de bevolking 923-1022-a-HA-1-b 923-1022-a-HA-1-b

9789006781397_EB_hEco.indb 25 923-1022-a-HA-1-b

7.371 25 7.852 lees verder ►►►

2

lees verder ►►►

2

lees verder ►►►

22/04/20 16:17


examen bundel examenbundel.nl

examenbundel 2020 2021

examenbundel havo Nederlands havo Engels havo Duits havo Frans havo Economie havo Bedrijfseconomie havo Maatschappijwetenschappen havo Geschiedenis havo Aardrijkskunde havo Wiskunde A havo Wiskunde B havo Scheikunde havo Biologie havo Natuurkunde

samengevat havo Economie havo Bedrijfseconomie havo Maatschappijwetenschappen havo Geschiedenis havo Aardrijkskunde havo Wiskunde A

Meer dan alleen oefenexamens

Tips, tricks en informatie die jou helpen bij het slagen voor je eindexamen vind je op examenbundel.nl! Nog meer kans op slagen? Volg ons ook op social media. #geenexamenstress

havo Wiskunde B havo Scheikunde havo Biologie havo Natuurkunde havo/vwo Nederlands 3F/4F

2020 2021

Economie

examenidioom + examenbundel + samengevat + zeker slagen! = #geenexamenstress

havo

havo/vwo Rekenen 3F/4F

havo

Economie

examenidioom havo Engels havo Duits havo Frans

zeker slagen ! voor vmbo, havo ĂŠn vwo

EB_havo_economie_170x240.indd 1

9 789006 781397

2/06/20 14:02


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9006781397 havo economie by ThiemeMeulenhoff - Issuu