Skip to main content

9789006491487_inkijkexemplaar

Page 1

examen bundel examenbundel.nl

VERNIE GeschiktUWD het exam voor en va 2022! n

Meer dan alleen oefenexamens

boek Nu bij je

del.nl n u b n e m mijn.eoxeafenen, video’s en meer Online

2021 2022

vwo

Geschiedenis


examenbundel.nl

examen bundel Meer dan alleen oefenexamens

2021 2022

vwo

M.M.P.C. Bolink Y. Bouw

Geschiedenis


mijn.examenbundel.nl Slagen zonder examenstress doe je met Examenbundel, Samengevat, Examenidioom en Zeker Slagen! Alles voor je schoolexamens en je centrale examens in je boeken, maar ook online.

Quickscan

Antwoorden bij de oriëntatietoets

Oefenexamens

Overzicht van al je examenvakken

Video’s en andere leerbronnen

En nog veel meer op Mijn Examenbundel!

Ga naar mijn.examenbundel.nl en log in op Mijn Examenbundel. Met deze code krijg je toegang tot heel veel (digitale) extra’s die bij je bundel horen:

Deze code is uniek en door één persoon te gebruiken. Geldig tot 15 juli 2022.

#ikgazekerslagen


Voorwoord Met deze Examenbundel bereid je je goed voor op het eindexamen en op de schoolexamens. Je oefent met echte examenopgaven. In de uitwerkingen staan de antwoorden met een duidelijke uitleg. Zo weet je precies wat je goed en fout hebt gedaan. Gebruik naast deze Examenbundel ook het boek Samengevat om te leren voor je examen. Hierin vind je een handige samenvatting van alle examenstof.

examen bundel

+

Oefenen met echte examens en duidelijke uitwerkingen

samen gevat }

Overzichtelijke samenvatting van de examenstof

Wil je weten op welke datum het centraal examen is? Ga naar examenbundel.nl/examenrooster voor het actuele examenrooster. Of scan de QR-code:

Namens team Examenbundel heel veel succes! Heb je een vraag of opmerking over deze Examenbundel? Ga dan naar examenbundel.nl/contact.

Opmerking De overheid stelt de regels op voor het examen. Bijvoorbeeld wat de examen­onderwerpen zijn, welke hulpmiddelen je mag gebruiken en wanneer het examen is. De auteurs en uitgever hebben deze Examenbundel met grote zorg samengesteld. Soms veranderen de regels van de overheid echter of worden er nieuwe afspraken gemaakt over wat die regels betekenen. Raadpleeg daarom altijd je docent of onze website www.examenbundel.nl voor actuele informatie die voor jouw examen van belang is.

© ThiemeMeulenhoff

3


Inhoud

3 Voorwoord

7 Stappenplan

11 Examenvoorbereiding 18 Examen doen 19 Begrippen geschiedenis 22 Overzicht kenmerkende aspecten en tijdvakken Oriëntatietoets

27 Opgaven

Deel 1a

Oefenen op onderwerp

Historische contexten 1 Steden en burgers in de Lage Landen 1050-1700 43 Opgaven 54 Hints 56 Uitwerkingen

Deel 2

Examen met uitwerkingen

Proefexamen 137 Opgaven 149 Uitwerkingen Bijlagen Cijferbepaling Bronnen

2 Verlichting 1650-1900 61 Opgaven 72 Hints 73 Uitwerkingen

3 China 1842-2001 77 Opgaven 88 Hints 90 Uitwerkingen 4 Duitsland in Europa 1918-1991 94 Opgaven 108 Hints 110 Uitwerkingen

Deel 1b

Oefenen met oriëntatiekennis

5 Oriëntatiekennis 117 Opgaven 129 Hints 131 Uitwerkingen

© ThiemeMeulenhoff

5


Hoe leer je met de Examenbundel en Samengevat?

Stappenplan: hoe leer je met de Examenbundel en Samengevat? Natuurlijk kun je de Examenbundel van voor naar achter doorwerken of er kriskras wat onderdelen uithalen om mee te oefenen, maar je kunt het ook systematischer aanpakken. Als je oefenen met de Examenbundel combineert met leren uit Samengevat, bereid je je optimaal voor op je examen. Op de volgende pagina’s vind je drie routes die laten zien hoe je kunt leren met de Examenbundel. Kies de route die past bij jouw manier van leren: • Route 1: Ga je graag meteen aan de slag? Start met oefenen op onderwerp. • Route 2: Wil je eerst weten waar je staat? Start met de oriëntatietoets. • Route 3: Leer je liever eerst de theorie? Start met leren per onderwerp.

Wil je weten wat je leerstijl is?

ute Kies de rouw die bij jo an manier v t! leren pas

Lees ook de tip s! Voorkom verrassingen tijdens je examen.

#ikgazekerslagen © ThiemeMeulenhoff

7


Stappenplan

Examenbundel 2021 | 2022

Route 1 Ga je graag meteen aan de slag? Start met oefenen per onderwerp.

Maak per week opgaven van een hoofdstuk in deel 1 van de Examenbundel. Kijk de opgaven na met de bijbehorende uitwerkingen. Meer dan de helft goed.

januari & februari

De helft of minder goed. Neem het bijbehorende hoofdstuk in Samengevat door. Maak de opgaven van dat hoofdstuk uit deel 1 die je nog niet gemaakt had. Gebruik de hints.

Maak de oriëntatietoets. Bereken je score met de uitwerkingen op mijn.examenbundel.nl. Voldoende.

maart

Onvoldoende.

Bestudeer Samengevat over de onderwerpen die minder goed gingen. Oefen opgaven uit deel 1 van de Examenbundel. Gebruik de hints!

Maak het Proefexamen uit deel 2a van de Examenbundel. Kijk het examen na met de bijbehorende uitwerkingen. Tevreden met het resultaat.

Niet tevreden met het resultaat.

april Bestudeer Samengevat en maak nog een aantal opgaven over dat onderwerp uit deel 1 en 2a tot je tevreden bent met het resultaat.

Blijf oefenen zodat je met vertrouwen het examen in gaat.

#geenexamenstress

8

© ThiemeMeulenhoff


Geschiedenis vwo

Hoe leer je met de Examenbundel en Samengevat?

Route 2 Wil je eerst weten waar je staat? Start met de oriëntatietoets.

Maak de oriëntatietoets in de Examenbundel. Bereken je score met de uitwerkingen op mijn.examenbundel.nl.

januari

Voldoende.

Onvoldoende. Kijk welke onderwerpen uit deel 1 van de Examenbundel nog niet goed gingen.

februari

Bestudeer elk hoofdstuk in Samengevat. Maak opgaven per onderwerp uit deel 1 van de Examenbundel. Kijk de opgaven na met de bijbehorende uitwerkingen.

maart

Meer dan de helft goed.

De helft of minder goed. Maak de opgaven van dat hoofdstuk uit deel 1 die je nog niet gemaakt had. Gebruik de hints.

Maak het Proefexamen uit deel 2a van de Examenbundel.

april

Kijk het examen na met de bijbehorende uitwerkingen. Blijf oefenen en bestudeer Samengevat zodat je met vertrouwen het examen in gaat.

#geenexamenstress

© ThiemeMeulenhoff

9


Stappenplan

Examenbundel 2021 | 2022

Route 3 Leer je liever eerst de theorie? Start met leren per onderwerp.

januari & februari

Bestudeer per week een hoofdstuk uit Samengevat. Maak de oriëntatietoets van de Examenbundel. Bereken je score met de uitwerkingen op mijn.examenbundel.nl. Voldoende.

Onvoldoende. Kijk welke onderwerpen uit deel 1 van de Examenbundel nog niet goed gingen.

maart

Maak de opgaven uit deel 1 over die onderwerpen. Kijk die opgaven na. Meer dan de helft goed.

De helft of minder goed.

Bestudeer nogmaals Samengevat over de onderwerpen die nog niet zo goed gingen. Maak het Proefexamen uit deel 2a van de Examenbundel.

april

Kijk het examen na met de bijbehorende uitwerkingen. Blijf oefenen en bestudeer Samengevat zodat je met vertrouwen het examen in gaat.

#geenexamenstress

10

© ThiemeMeulenhoff


Examenvoorbereiding

Examenvoorbereiding Om goed voorbereid te zijn op het centraal examen is een drietal zaken belangrijk: 1 het oefenen met historisch denken en redeneren (domein A); 2 het oefenen met de historische contexten (de kenmerkende aspecten die wel zijn uitgewerkt); 3 het oefenen met oriëntatiekennis (tijdvak 1 t/m 10). Voor het centraal examen is het van belang dat je op een historische manier kunt denken en redeneren. Dit wordt hieronder beschreven in domein A. In domein B wordt beschreven wat je moet weten van de kenmerkende aspecten. Verder is er aandacht voor de manier waarop je bronnen beoordeelt, welke soorten vragen er op het examen worden gesteld en welke formuleringen daarbij worden gebruikt, en hoe je antwoorden worden beoordeeld. In dit hoofdstuk zie je belangrijke begrippen rood gedrukt. Bij elke eindterm wordt ten minste een voorbeeldvraag uit de bundel genoemd. Aan het eind van dit hoofdstuk vind je een woordenlijst waarin alle roodgedrukte begrippen nog eens worden toegelicht. Domein A: Historisch denken en redeneren Het complexe karakter van geschiedenis vereist dat de kandidaat de verschillende onderdelen van domein A en domein B tegelijk en in relatie tot elkaar beheerst. Bijvoorbeeld: bij het bepalen van de bruikbaarheid van informatie uit een bron over China kan de kandidaat rekening houden met de betrouwbaarheid ervan door te kijken naar de motieven van de maker (domein A) en gebruik te maken van kennis over de tijd waarin de bron is ontstaan (domein B, oriëntatiekennis en historische contexten) Domein A is geordend volgens drie hoofdonderdelen van historisch denken en redeneren: 1 Tijd 2 Interpretatie 3 Betekenis voor nu Hierna een toelichting op de onderdelen van domein A, opgedeeld in de drie hoofdonderdelen, met verwijzingen naar opdrachten in deze Examenbundel.

© ThiemeMeulenhoff

11


Examenvoorbereiding

Examenbundel 2021 | 2022

Toelichting bij de hoofdonderdelen van domein A

Opdrachten in deze Examenbundel

1 Tijd Tijd en chronologie De kandidaat kan: 1 de tijdvakken gebruiken als referentiekader om gebeurtenissen chronologisch te ordenen; 2 de tijdvakken plaatsen in de perioden Prehistorie, Oudheid, Middeleeuwen, Vroegmoderne Tijd en Moderne Tijd en deze perioden gebruiken als referentiekader om gebeurtenissen chronologisch te ordenen; 3 uitleggen dat elke ordening van tijd een interpretatie is.

Oriëntatietoets: 16

Causaliteit De kandidaat kan rekening houden met: 4 het niet-lineaire en multicausale karakter van historische verschijnselen en gebeurtenissen; 5 verschillende soorten oorzaken en gevolgen; Bijvoorbeeld: • directe en indirecte oorzaken, aanleiding (meest directe oorzaak), direct optredende gevolgen en gevolgen op de langere termijn, gewilde en ongewilde, bedoelde en onbedoelde gevolgen, gevolgen van meer en minder belang op grond van bijvoorbeeld schaal, intensiteit, duur; • oorzaken en gevolgen op politiek-bestuurlijk, sociaaleconomisch en cultureel-mentaal (waaronder religieus) terrein. 6 het gegeven dat elke ordening van causaliteit een interpretatie is.

HC Steden en burgers: 7, 15

Continuïteit en verandering De kandidaat kan: 7 in historische processen continuïteit en verandering onderscheiden; 8 verschillende soorten verandering herkennen; Bijvoorbeeld: • in tempo (tamelijk snel en plotseling of langzaam en geleidelijk), duur, schaal, intensiteit, omvang etc. • op politiek-bestuurlijk, sociaaleconomisch en cultureelmentaal terrein. 9 herkennen dat elke tijd materiële en immateriële sporen van het verleden in zich draagt; 10 omgaan met het verschil tussen unieke en generieke betekenissen van historische concepten; Bijvoorbeeld: begrippen als feodaal, imperialisme, centralisatie, democratie, burgerschap, oorlog en dergelijke hebben in de ene tijd en plaats een (deels) andere betekenis dan in een andere. 11 uitleggen dat elke ordening van continuïteit en verandering een interpretatie is.

Orientatie kennis oefenen: 18

12

Oriëntatiekennis oefenen: 2

HC Verlichting: 11

HC Steden en burgers: 12 HC Verlichting: 3 HC China: 2 HC Duitsland in Europa: 18

© ThiemeMeulenhoff


Geschiedenis vwo

Examenvoorbereiding

2 Interpretatie Standplaatsgebondenheid De kandidaat kan: 12 menselijk gedrag (denken en doen) in het verleden verklaren vanuit de toen en daar bekende en geaccepteerde kennis en waarden en vanuit de identiteit van individuen en groepen die in die tijd en/of op die plaats leefden en hierbij rekening houden met verschillende factoren die de standplaatsgebondenheid van mensen of een groep bepalen. (Bijvoorbeeld: waardesystemen, politieke, sociaaleconomische en culturele oriëntatie, kennis, gender, karakter, toevallige factoren.)

HC Verlichting: 9 HC Duitsland in Europa: 15 Proefexamen: 28

Bron en vraagstelling De kandidaat kan: 13 vraagstellingen gericht op (historisch) onderzoek formuleren aan de hand van voorgelegde bronnen; 14 informatie uit bronnen verzamelen, uitgaande van een bepaalde vraagstelling en deze als bewijs gebruiken bij het beantwoorden van die vraagstelling; 15 de bruikbaarheid van informatie uit een of meer bronnen voor een bepaalde vraagstelling afwegen en daarbij rekening houden met: • de betrouwbaarheid van de informatie (mede bepaald door bijvoorbeeld de aard van de bron, de context waarin deze is ontstaan, de mate van geïnformeerdheid van de maker, de standplaatsgebondenheid van de maker, de bedoeling van de maker of opdrachtgever, het publiek waarvoor deze bedoeld is, etc.) • de representativiteit van de informatie uit de bron; (bijvoorbeeld: in hoeverre geldt dit voor meer mensen en meer situaties?); 16 vaststellen wanneer men iets als een feit kan aanvaarden; zulke feiten onderscheiden van meningen en van vooroordelen en/of stereotypen; 17 uitleggen aan de hand van concrete voorbeelden of broninterpretaties dat geschiedverhalen een constructie zijn van het verleden. 3 Betekenis voor nu Betekenis geven aan en oordelen over het verleden De kandidaat kan: 18 uitleggen dat de wijze waarop mensen betekenis geven aan en oordelen over het verleden door de tijd heen verandert en per groep en individu kan verschillen en daarbij benoemen vanuit welke motieven/interesses/waardesystemen/verwachtingen mensen tot een waardering komen van wat belangrijk is uit het verleden (vergelijk met 12); 19 bij moreel oordelen over het verleden (door een ander) anachronistisch toepassen van het kader van waarden en normen (van die ander) op het verleden herkennen.

© ThiemeMeulenhoff

HC Verlichting: 4

13


Examenvoorbereiding

Examenbundel 2021 | 2022

Aandachtspunten bij het beoordelen van bronnen (zie domein A, eindterm 5) Door het bestuderen van bronnen kan een gebeurtenis uit het verleden zo betrouwbaar mogelijk worden weergegeven. Voor verschillende typen bronnen staan hierna enkele aandachtspunten op een rij. Dit helpt bij het beoordelen van de bruikbaarheid en de betrouwbaarheid en representativiteit van een bron. I Wat voor soort bron is het? – Geschreven of ongeschreven. – Bijvoorbeeld: is het een prent, kaart, foto, cartoon, affiche, grafiek of tabel? II Uit welke tijd is de bron afkomstig? – Is de bron gemaakt in de tijd waarover de bron gaat? – Is de bron later gemaakt? Zo ja, wanneer? III Waarvandaan is de bron afkomstig? – Bijvoorbeeld: komt de bron uit een boek, tijdschrift of een krant? – Bijvoorbeeld: is het een overheidsbron of geen overheidsbron? IV

Wat is er bekend over de maker van de bron? – Wie? Wat voor iemand? Welke functie? Verhouding tot de gebeurtenis? – Was de maker aanwezig bij de gebeurtenis die in de bron wordt weergegeven? – Met welke bedoeling (reden) heeft de maker de bron gemaakt (motief)? Wil de maker informeren, propaganda maken, voorlichten of misschien misleiden? – Was de maker zelf betrokken bij de gebeurtenis? – Wat weet je van de plaatsgebondenheid van de maker?

V De inhoud van de bron? a Geschreven bron. – Waarover gaat de informatie? – Voor wie is de informatie in de bron bestemd? – Wat is het doel van de informatie: voorlichting, propaganda? – Wat voor feiten, meningen, (voor)oordelen, opvattingen worden gegeven in de bron? – Gelden deze feiten, meningen, (voor)oordelen, opvattingen voor een groep, een volk of een persoon? b Beeldbron. – Wat staat er centraal in de afbeelding (bijvoorbeeld een cartoon, foto, tekening, prent, schilderij)? – Hoe heeft de maker van de afbeelding ervoor gezorgd dat bepaalde personen meer opvallen dan anderen? – Zijn bepaalde zaken overdreven weergegeven? – Wat doen de personen op de afbeelding? – Waar kijken de personen naar? – Welke voorwerpen zie je op de afbeelding en waarvoor dienen ze? – Welke symbolen zie je en waar verwijzen ze naar? – Welke woorden, namen en begrippen staan in de afbeelding? – Welk onderschrift staat er bij de afbeelding? – Op welke manier maakt het onderschrift deel uit van de afbeelding? – Waarom is de afbeelding gemaakt? Cartoons/spotprenten drijven vooral de spot, niet zozeer met een gebeurtenis alswel met een persoon (of personen). Affiches zijn vaak bedoeld om een partij, een organisatie of een bepaald standpunt onder de aandacht te brengen. Propagandaposters zijn bedoeld om mensen van een bepaalde mening te overtuigen. Om dit te bereiken wordt bij propaganda geen middel geschuwd om de publieke opinie te beïnvloeden.

14

© ThiemeMeulenhoff


Geschiedenis vwo

Examenvoorbereiding

V.l.n.r. foto (bron 15, Oriëntatietoets), propagandaposter (bron 10, HC China) en spotprent (bron 6, HC Duitsland). VI Hoe betrouwbaar is de bron? De betrouwbaarheid van een bron heeft betrekking op de vraag of de bron gegevens oplevert die als feitelijk juist kunnen worden beschouwd. Vragen die je dan moet stellen zijn: – is de bron geschreven of gemaakt in de tijd waarover hij gaat of in een (veel) latere tijd? – is de schrijver/maker van de bron goed geïnformeerd? – met welke bedoelingen heeft de schrijver/maker zijn bron gemaakt? – wordt de bron door andere bronnen bevestigd of tegengesproken? – staan er bij de mening in de bron argumenten die controleerbaar zijn? VII Is de maker van de bron representatief voor de groep waarvan hij/zij deel uitmaakt? VIII Hoe bruikbaar is de bron? De bruikbaarheid van een bron hangt af van wat je wilt onderzoeken (de hoofdvraag of de onderzoeksvraag). Welke soorten vragen kun je op het centraal examen verwachten? De meest voorkomende soorten vragen uit de centrale examens van de afgelopen jaren zijn: 1 vragen bij een tekstbron. 2 vragen zonder bron over de examenstof. 3 vragen bij een beeldbron: bijvoorbeeld een prent, foto, schilderij, affiche, cartoon of propagandaposter. 4 vragen waarbij je een aantal gebeurtenissen in de juiste tijdvolgorde moet plaatsen, van vroeger naar later. 5 vragen naar aanleiding van een bewering. Je moet zo’n bewering toelichten, ondersteunen met argumenten of juist weerleggen. 6 vragen die duidelijk maken dat je een verband kunt leggen tussen verschillende gebeurtenissen of beweringen. 7 vragen waarbij je moet laten zien dat je weet wat een historisch onderzoek inhoudt. Je bent dan bezig met het beoordelen van bronnen op bruikbaarheid, betrouwbaarheid en/of representativiteit. 8 vragen bij een cijfermatige bron, zoals een tabel of grafiek.

© ThiemeMeulenhoff

15


examenbundel vwo Nederlands vwo Engels vwo Duits vwo Frans vwo Economie vwo Bedrijfseconomie vwo Maatschappijwetenschappen vwo Geschiedenis vwo Aardrijkskunde vwo Wiskunde A vwo Wiskunde B vwo Wiskunde C vwo Scheikunde vwo Biologie vwo Natuurkunde

samengevat vwo Economie vwo Bedrijfseconomie vwo Maatschappijwetenschappen vwo Geschiedenis vwo Aardrijkskunde vwo Wiskunde A

Tips, tricks en informatie die jou helpen bij het slagen voor je eindexamen vind je op examenbundel.nl! Nog meer kans op slagen? Volg ons ook op social media. #geenexamenstress

vwo Wiskunde B vwo Wiskunde C vwo Scheikunde vwo Biologie vwo Natuurkunde havo/vwo Nederlands 3F/4F havo/vwo Rekenen 3F

examenidioom + examenbundel + samengevat + zeker slagen! = #geenexamenstress

examenidioom vwo Engels vwo Duits vwo Frans

zeker slagen ! voor vmbo, havo én vwo

9 789006 491487


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
9789006491487_inkijkexemplaar by ThiemeMeulenhoff - Issuu